1 IV4 Samenwerkingsafspraken risicobeheersing
Tekst van het document
Vergadering Datum Onderwerp Agendapunt Bijlage nr Voorstel
Algemeen Bestuur 8 juli 2022 Samenwerkingsafspraken risicobeheersing
Het algemeen bestuur wordt gevraagd om: - het besluit te nemen om de dienstverlening vanaf 2023 op het gebied van advisering bij ruimtelijke ontwikkelingen, vergunningverlening en toezicht te organiseren conform dit voorstel; - het besluit te nemen om daarvoor de verdeelsleutel voor adviesuren te hanteren, die is gebaseerd op de risico’s van de betreffende gemeente en ontwikkelingen daarin; - kennis te nemen van de financiële bijdrage per gemeente; - kennis te nemen van de besluiten die de individuele gemeenten gemaakt hebben betreft het instemmen met de voorgestelde financiën en uren voor het dienstverleningspakket risicobeheersing.
Kern Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de kaders inzake een veilige en gezonde leefomgeving. Met de komst van de Omgevingswet wordt versterkt dat veiligheid en gezondheid een volwaardige plek krijgen in de belangenafweging rondom de inrichting en het beheer van de fysieke leefomgeving. De Veiligheidsregio NHN ondersteunt de gemeenten in deze belangenafweging met deskundig advies op het gebied van brandweerzorg en crisisbeheersing. Dat betekent dat zij advies geeft bij ruimtelijke ontwikkelingen, bij de vergunningverlening en gemeenten ondersteunt in het toezicht op de fysieke leefomgeving. Het Dagelijks Bestuur heeft eind 2021 aan de directeur veiligheidsregio en de gemeentesecretarissen van Hoorn, Den Helder en Alkmaar de opdracht gegeven om te komen met een voorstel en passende verdeelsystematiek voor de dienstverlening in jaren 2023 en verder. Dit voorstel voldoet aan die vraag. Dienstverlening Risicobeheersing: risicogericht In een zorgvuldige dialoog met de gemeenten zijn in 2021 de volgende activiteiten benoemd in de dienstverlening aan de gemeenten: 1.
Monitoring en analyse van risico's in de omgeving
2.
Risicobeïnvloeding
3.
Advies omgevingsveiligheid bij Omgevingsvisie
4.
Advies omgevingsveiligheid bij Omgevingsplan
5.
Advies omgevingsveiligheid bij objecten (Omgevingsvergunningen, -meldingen)
6.
Advies omgevingsveiligheid bij evenementen
7.
Toezicht op de veiligheid.
De veiligheidsregio heeft eerder de ambitie uitgesproken om haar activiteiten meer risicogericht uit te voeren. ‘Met scherp inzicht in de risico’s kunnen we nog beter worden in het voorkomen van incidenten’ (zie ook beleidsplan veiligheidsregio Noord-Holland Noord 2020-2023). Risicogericht betekent ook dat de veiligheidsregio vooral betrokken wil zijn bij complexe vraagstukken en objecten met een hoger risico. Juist daar kan veiligheidswinst gerealiseerd worden door deze vraagstukken integraal te benaderen. De veiligheidsregio levert integraal advies (brandweerzorg, crisisbeheersing, GHOR) aan ondernemers,
Pagina 1 van 4
gemeenten en betrokken ketenpartners (waaronder Omgevingsdienst en GGD). Door de veiligheidsregio zo vroeg mogelijk bij de besluitvorming te betrekken kunnen risico’s tijdig gesignaleerd worden en gezamenlijk oplossingen worden bedacht. Daarom is betrokkenheid bij de planfase rond de fysieke leefomgeving van groot belang. Bovendien kan de veiligheidsregio de hulpverlening en crisisbeheersing adequaat organiseren als zij goed op de hoogte is van nieuwe ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving. Dat betekent dat de veiligheidsregio minimaal betrokken wil zijn bij de complexe ruimtelijke vraagstukken (omgevingsplan, risicovolle evenementen) en risicovolle objecten (omgevingstafels en omgevingsvergunningen milieu en bouw in de gevaarklassen 2 en 3). Om invulling te kunnen geven aan deze activiteiten is geraamd dat jaarlijks ongeveer evenveel uur nodig is als in de afgelopen jaren (circa 15.600 uur). Dat betreft capaciteit voor de activiteiten drie tot en met zeven. De eerste twee activiteiten worden op een andere wijze gefinancierd. 1 Deze capaciteit zal de komende jaren wel anders worden ingezet. Door steeds minder tijd te investeren in adviezen bij minder complexe vraagstukken, ontstaat er meer ruimte om invulling te geven aan de risicogerichte benadering, zoals hiervoor is toegelicht.
Verdeelsleutel op basis van risico’s Deze ureninzet wordt verdeeld over de verschillende gemeenten op basis van het verzorgingsgebied en de (verwachte) risico’s in de ruimtelijke omgeving2. Daarbij zijn vijf risicoklassen te onderscheiden (zie tabel hiernaast). Deze indeling komt tot stand op basis van diverse parameters van de gemeente; • Aantal en soort bijzondere objecten (industriegebieden, historische binnenstad, vitale infrastructuur, ziekenhuizen etc.) • Aantal en soort incidenten (scenario’s) • Verwachte (ruimtelijke) ontwikkelingen in de gemeente • Fysieke kenmerken (bos- en duingebied, polderlandschap) • Demografische kenmerken (vergrijzing, toerisme). Op basis van deze verdeling komen we tot een vaste ureninzet per gemeente. Deze ureninzet bepaalt de minimale ondergrens, maar er moet ook een maatwerk-mogelijkheid zijn per gemeente. Daarvoor worden meerjarige afspraken (3 jaar) gemaakt of er worden tussentijds projectafspraken (hoger tarief) gemaakt. De precieze dienstverlening rond deze activiteiten zal jaarlijks per gemeente verder ingevuld moeten worden (accounthouders maken afspraken over de programmering).
Risicoklasse punten
Gemeenten Alkmaar Bergen Castricum Heiloo Dijk en Waard Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec Den Helder Hollands Kroon Schagen Texel Totaal extra
% Risicodienstverklasse lening 5 3 3 3 4 3 4 5 3 4 2 3 4 4 2 3 55
9,09% 5,45% 5,45% 5,45% 7,27% 5,45% 7,27% 9,09% 5,45% 7,27% 3,64% 5,45% 7,27% 7,27% 3,64% 5,45% 100%
1 Risicomonitoring wordt vanuit de algemene bijdrage gefinancierd (deels Rijksbijdrage) en risicobeïnvloeding, waaronder (brand-)
veilig leven, wordt gefinancierd vanuit een separate projectfinanciering. 2 Deze methodiek is eerder gebruikt in het ontwikkeltraject Brandweer360 en is extern als juist beoordeeld door de TU Delft.
Pagina 2 van 4
Consequenties van dit voorstel Gevolg van deze nieuwe verdeling is dat er een meer evenredige verdeling van de dienstverlening komt over de gemeenten ten opzichte van de huidige situatie. De dienstverlening is daarbij gebaseerd op de risico’s en ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving. Sommige gemeenten zullen ten opzichte van de huidige situatie meer adviezen gaan ontvangen van de veiligheidsregio en de veiligheidsregio is daarmee ook beter betrokken bij risicovolle activiteiten in de fysieke leefomgeving. Sommige gemeenten zullen minder adviezen krijgen, dan in de huidige situatie. Zij zullen het advies en toezicht op minder risicovolle activiteiten deels zelf (of samen) gaan organiseren als zij dat in stand willen houden. Deels komen deze inspanningen voor de gemeenten ook vanzelf te vervallen met de komst van de Omgevingswet (minder vergunningsplichtige activiteiten) en de Wet kwaliteitsborging bouwen (privatisering).
Transitie van verdeelsleutel in uren op basis van dienstverlening met risicoklasse punten Gemeenten Alkmaar Bergen Castricum Heiloo Dijk en Waard Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec Den Helder Hollands Kroon Schagen Texel Totaal extra
2022 1102 660 695 730 917 1036 1089 2590 1069 1371 583 935 69 1308 139 853 15146
2023 1183 709 735 761 973 991 1102 2299 1015 1313 580 915 337 1266 247 853 15276
2024 1263 757 775 792 1028 945 1114 2007 962 1255 576 895 604 1224 354 854 15406
2025 1344 806 815 823 1084 900 1127 1716 908 1197 573 875 872 1181 462 854 15535
2026 1424 854 854 854 1139 854 1139 1424 854 1139 570 854 1139 1139 570 854 15665
Transitie in de komende jaren Uiteraard zijn er nu al samenwerkingsafspraken gemaakt met gemeenten voor 2022; gemeenten en veiligheidsregio kunnen deze afspraken niet zomaar wijzigen; dat vraagt tijd. Dit voorstel gaat daarom uit van een transitieperiode van vier jaar om toe te groeien naar deze nieuwe dienstverlening. In deze tabel wordt zichtbaar hoe deze groei of afname in uren er per gemeente uitziet.
Pagina 3 van 4
Transitie van verdeelsleutel in uren op basis van dienstverlening met risicoklasse punten Gemeenten
2022
2023
2024
2025
2026
Alkmaar Bergen Castricum Heiloo Dijk en Waard Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec Den Helder Hollands Kroon Schagen Texel Totaal extra
€ 67.222 € 40.260 € 42.395 € 44.530 € 55.937 € 63.196 € 66.429 € 157.990 € 65.209 € 83.631 € 35.563 € 57.035 € 4.209 € 79.788 € 8.479 € 52.033 € 923.906
€ 72.134 € 43.225 € 44.827 € 46.428 € 59.327 € 60.427 € 67.196 € 140.210 € 61.937 € 80.097 € 35.359 € 55.807 € 20.531 € 77.215 € 15.046 € 52.055 € 931.821
€ 77.046 € 46.191 € 47.258 € 48.326 € 62.716 € 57.659 € 67.962 € 122.430 € 58.665 € 76.563 € 35.155 € 54.578 € 36.852 € 74.642 € 21.613 € 52.077 € 939.736
€ 81.958 € 49.156 € 49.690 € 50.224 € 66.106 € 54.890 € 68.729 € 104.650 € 55.394 € 73.029 € 34.952 € 53.350 € 53.174 € 72.069 € 28.181 € 52.100 € 947.650
€ 86.870 € 52.122 € 52.122 € 52.122 € 69.496 € 52.122 € 69.496 € 86.870 € 52.122 € 69.496 € 34.748 € 52.122 € 69.496 € 69.496 € 34.748 € 52.122 € 955.565
Financiële consequenties De afspraken hebben consequenties voor de financiële bijdrage van gemeenten voor de activiteiten risicobeheersing (naast de bijdrage vanuit de gemeenschappelijke regeling voor advisering milieu, risicoanalyse en crisisbeheersing). Deze consequenties zijn per gemeente weergegeven in deze tabel.
Deze samenwerkingsafspraken betreffen meerdere jaren, maar omdat de ontwikkelingen rond de implementatie van de Omgevingswet nog gaande zijn en de behoeften van de gemeenten mogelijk nog kunnen veranderen is tussentijds evalueren (jaarlijks) van groot belang. In dergelijke evaluaties kunnen dan ook de dan beschikbare inzichten rond de Omgevingswet, de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen en de opvolging van de evaluatie Wet veiligheidsregio’s worden betrokken. Uitkomsten van deze jaarlijkse evaluaties worden meegenomen in het begrotingsproces. Vervolg In de komende periode wordt van iedere individuele gemeente gevraagd om in te stemmen met het dienstverleningspakket. De verschillende besluiten (collegebesluit, dan wel besluit gemeenteraad) kunnen dan worden gebundeld en besproken tijdens de vergadering van het Algemeen Bestuur op 8 juli.
Pagina 4 van 4