CConstaterende datEnkhuizen
Koppel je AI →
Document · PDF

1 C. Begroting VRNHN 2023-2026

commissie Grondgebied 8 juni 2022, gemeente EnkhuizenBij agendapunt: Veiligheidsregio NHN18.999 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Klasse / Financiële Weerstands% impact capaciteit 3 / 50% € 1.200.000 € 600.000

3 / 50%

€

875.000

€

437.500

4 / 75%

€

200.000

€

150.000

3 / 50%

€

200.000

€

100.000

Niet kunnen Hoger dan geraamde aantrekken van inhuur derden verpleegkundigen ambulancezorg 6. Materiële en personele Materiële en personele Ongedekte uitgaven (niet schade bij omvangrijke schade bij omvangrijke begroot) incidenten incidenten

2 / 25%

€

200.000

€

50.000

2 / 25%

€

200.000

€

50.000

7. Aanbestedingsclaim

1 / 10%

€

200.000

€

20.000

5. Tekort ambulanceverpleegkundigen

Niet rechtmatig uitvoeren van een aanbesteding

Totaal

Toewijzen van een aanbestedingsclaim

€ 1.407.500

Risico 1. Brandweervrijwilligers van rechtswege overgaan in een arbeidsovereenkomst Eind 2018 concludeert Pels Rijcken (kantoor landsadvocaat) dat er een reëel risico bestaat dat elementen in de rechtspositie van de brandweervrijwilligers in strijd zijn met de normen uit de Europese en internationale wet- en regelgeving. Onderzoek wijst uit dat er geen mogelijkheid is om binnen de bestaande juridische kaders de huidige vrijwilligheid bij de brandweer te behouden. Op 14 juni 2019 hebben het Veiligheidsberaad en de minister van J&V besloten tot de oprichting van een denktank. De denktank heeft een denkrichting uitgewerkt en voorgelegd aan het Veiligheidsberaad en minister van J&V op 9 december 2019. Het uitgangspunt van de denkrichting is een werkbaar en fundamenteel onderscheid (differentiatie van verplichte beschikbaarheid, werkinhoud/volume en opleiding) tussen vrijwilligers en DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 29

beroepsmedewerkers, dat tegelijkertijd geen afbreuk doet aan het niveau en kwaliteit van de brandweerzorg. In februari 2021 is het definitieve rapport ‘Inzicht in consequenties denkrichting’ taakdifferentiatie in het Veiligheidsberaad behandeld en besproken met de minister van JenV. Burgemeesters Kolff en Depla hebben hun rapport over taakdifferentiatie opgeleverd, waartoe zij in 2018 de opdracht kregen van het Veiligheidsberaad. In het rapport wordt een oplossing geboden om de rechtspositie van brandweervrijwilligers in lijn met Europese wetgeving te brengen, die stelt dat bij gelijk werk gelijke arbeidsvoorwaarden en gelijke betaling geldt, maar ook om het vrijwilligersstelsel te behouden. In het rapport wordt voorgesteld om aan de hand van vier bouwstenen een fundamenteel onderscheid te maken tussen brandweervrijwilligers en beroepsmedewerkers. Deze bouwstenen zijn verplichte beschikbaarheid (kazerneren/consigneren), aantal repressieve taken, type taken en vakbekwaam worden en blijven. Het Veiligheidsberaad heeft kennis genomen van het rapport en heeft uitgesproken de komende jaren aan de slag te willen gaan met de implementatie van bouwsteen 1, mits de benodigde financiële middelen vanuit het rijk komen en een aantal knelpunten opgelost wordt.

Bouwsteen 1 betreft het opheffen van kazernering en consignatie en stelt dat wanneer er bij een inzet geen sprake is van vrije instroom, maar een medewerker móet opkomen, er gelijke arbeidsvoorwaarden en betaling zou moeten zijn. Dit zal betekenen dat vrijwillige brandweermensen straks niet meer geconsigneerd zijn, maar aangesteld kunnen worden met een deeltijd beroepsaanstelling. Het Veiligheidsberaad is niet akkoord met alle bouwstenen, maar er is draagvlak om te starten met de implementatie van bouwsteen 1. Het veiligheidsberaad en minister JenV hebben op 21 juni 2021 de nieuwe stuurgroep ‘toekomst bestendig brandweerstelsel’ de opdracht gegeven voor de implementatie van de eerste bouwsteen en onderzoek te doen naar andere wenselijke thema’s om toe te werken naar een toekomstbestendig brandweerstelsel.

Risico 2. BTW-plicht over activiteiten van de Meldkamer Noord-Holland aan VRNHN Uit recent onderzoek is gebleken dat er sprake kan zijn van BTW-plicht over de activiteiten die de Meldkamer Noord-Holland verricht voor de veiligheidsregio’s. De wijze waarop de samenwerking en de verdeling van de kosten is ingericht, voldoet in ieder geval niet aan de constructie “Kosten voor Gemene Rekening” (KGR) waardoor BTW-druk kan worden voorkomen. Op dit moment wordt onderzocht hoe de onderlinge verrekening alsnog passend kan worden gemaakt onder het regime KGR en hoe we het gesprek kunnen aangaan met de belastingdienst over dit item. Daarnaast worden andere mogelijkheden onderzocht indien de constructie KGR door de belastingdienst wordt afgewezen. Het risico wat de VRNHN in deze loopt is circa € 350.000 extra BTW-druk op jaarbasis. De meldkamer bestaat in de huidige vorm vanaf mei 2019. Indien er een BTW-plicht is, zal de veiligheidsregio in gesprek gaan met het ministerie van J&V voor de compensatie van de BTW last.

2.9.4 Benodigde weerstandscapaciteit Op basis van de risico-inventarisatie bedraagt de benodigde weerstandscapaciteit € 1.407.500. De ratio weerstandsvermogen versus weerstandscapaciteit bedraagt op basis van de aanwezige buffer € 2.804.000 / € 1.407.500 * 100% = 199%. Dit houdt in dat de Veiligheidsregio in staat is om de onderkende risico’s financieel te dragen.

2.9.5 Verzekeringen en voorzieningen Het verzekeringspakket voorziet in het afdekken van de meest gangbare risico’s op personeel en materieel gebied. Daarnaast heeft de veiligheidsregio nog een aantal voorzieningen getroffen voor toekomstige verplichtingen (onderhoud gebouwen).

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 30

2.9.6 Kengetallen financiële positie Overzicht kengetallen Verloop van de kengetallen

Begroting jaar Kengetallen: Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

2021

2022 0,33

0,53

2023 0,52

2024 0,58

2025 0,55

2026 0,57

0,33

0,53

0,52

0,58

0,55

0,57

0,10

0,10

0,10

0,09

0,10

0,09

3,63%

0,03%

0,00%

0,00%

0,00%

0,00%

Toelichting kengetallen •

• •

Netto schuldquote: netto schuld gedeeld door de inkomsten exploitatie (excl. mutaties reserves) Onder netto schuld wordt verstaan de langlopende en kortlopende schulden minus de langlopende en kortlopende vorderingen en uitzettingen. Solvabiliteitsratio: verhouding eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen (eigen vermogen en vreemd vermogen). Structurele exploitatieruimte: saldo van de structurele baten en lasten en saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten (excl. mutaties reserves), uitgedrukt als percentage.

Uitgangspunten Bij het weergeven van de kengetallen voor de financiële positie zijn een aantal uitgangspunten gehanteerd: • De gebruikte balansstanden zijn gebaseerd op ramingen per 1 januari 2023. • De kortlopende schulden worden gelijk gesteld aan de kortlopende vorderingen en uitzettingen, omdat hierover geen gegevens per 1 januari 2023 beschikbaar zijn.

Duiding kengetallen • •

•

Netto schuldquote: algemeen wordt ratio van 1 of lager gekwantificeerd als voldoende. Meerjarig voldoet VR NHN aan deze norm. Solvabiliteit: algemeen wordt een ratio van 1 of hoger gekwantificeerd als voldoende. Bij VR NHN is de ratio beduidend lager wat wordt veroorzaakt door: o een relatief laag eigen vermogen; als gevolg van een restrictie van maximaal 2,5% van de totale lasten; o een omvangrijke leningenportefeuille als gevolg van de overname van roerende en onroerende goederen van gemeenten in het kader van de regionalisering in 2014. Structurele exploitatieruimte: deze begroting is gebaseerd op structurele baten en lasten. De structurele exploitatieruimte is nihil, waardoor de ratio laag (nihil) is.

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 31

2.10 Onderhoud kapitaalgoederen 2.10.1 Wat willen we bereiken 2.10.2 Wat willen we realiseren 2.10.3 Wat gaat het kosten

2.10.1 Wat willen we bereiken Doel Veiligheidsregio Noord-Holland Noord is een organisatie die sterk afhankelijk is van de inzet van haar materieel. Uitval kan niet worden gepermitteerd. Het is daarom noodzakelijk om het risico van deze uitval zoveel mogelijk te beperken door garanties en zekerheden te stellen. Eén van de zekerheden wordt ontleend aan het meerjarig in beeld brengen van de onderhoudskosten die gepaard gaan met het operationeel houden van de onderhoudsobjecten. Er mag geen sprake zijn van achterstallig onderhoud. Een andere zekerheid is het weten wanneer het materieel vervangen moet worden. Hiervoor beschikt de Veiligheidsregio over een actueel MJIP (Meerjareninvesteringsplan) waarin alle nu bekende toekomstige investeringen zijn opgenomen. De veiligheidsregio beschikt over diverse soorten kapitaalgoederen die jaarlijks moeten worden onderhouden om het voorzieningenniveau op peil te houden. Dit betreffen o.a. panden, voertuigen en kantoorautomatisering. VR NHN heeft in 2022 diverse panden in eigendom. Naast de panden die worden gebruikt ten behoeve van ambulancezorg, heeft de veiligheidsregio ook nog diverse brandweerkazernes. Deze kazernes zijn gekocht van de gemeenten in 2013 om btw heffing bij de gemeenten te voorkomen. Het pand voor de centrale huisvesting in Alkmaar (Hoofdkantoor) en het pand voor de ambulancedienst op Texel worden gehuurd.

De brandweerkazernes die niet in eigendom zijn, worden om niet gehuurd van de gemeenten.

2.10.2 Wat willen we realiseren Gebouwen ambulancedienst In 2019 heeft op basis van de in 2018 uitgevoerde (interne) analyse op de staat van de gebouwen een extern onderzoek plaatsgevonden. Daaruit is naar voren gekomen dat de ambulancevoorzieningen in Hoogkarspel en Den Helder niet langer geschikt zijn voor hun functie. Uit onderzoek naar meerdere oplossingsvarianten is de conclusie getrokken dat nieuwbouw voor beide locaties de voorkeur geniet boven een grootschalige renovatie. Het rapport is vertaald in een notitie voor het Lokaal Overleg van maart 2020 waarin de probleemstelling vertaald is naar een advies het beschikbare budget huisvesting te verhogen. De financiële middelen om dit te kunnen realiseren is door de zorgverzekeraars binnen het wettelijk budget Nza ter beschikking gesteld. De oplevering van de diverse locaties kent momenteel de volgende planning: - Nieuwbouw 2e locatie Texel 2022 - Uitbreiding stallingsruimte Wognum 2022 - Nieuwbouw Hoogkarspel 2023 - Nieuwbouw Den Helder 2024

Brandweerkazernes Voor de kazernes zijn in 2013 de volgende uitgangpunten afgesproken met de gemeenten en zijn/worden als zodanig uitgevoerd: DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 32

1. Vastgoedbeleid is een gemeentelijke verantwoordelijkheid; 2. Kazernes < 10 jaar zijn in eigendom overgedragen aan VR NHN (per 31-12-2013) in het kader van de btw problematiek. Gemeenten hebben recht van 1e koop na afloop van de btw compensatie termijn van 10 jaar; 3. De jaarlijkse exploitatielasten komen voor rekening van de gemeenten die zijn betrokken bij de overdracht; 4. Overige kazernes worden door de gemeenten om niet in bruikleen gegeven aan VR; 5. Huisvestingslasten maken geen onderdeel uit van de begroting van de VR; 6. Het beheer en onderhoud is een gemeentelijke taak en wordt geborgd in de overeenkomsten voor beheer en onderhoud tussen gemeenten en VR; 7. Gemeenten berekenen hun facilitaire kosten (schoonmaak, alarmopvolging, e.d.) door aan VR; 8. Roerende goederen zijn om niet of tegen de geldende boekwaarde door VR overgenomen. Onderhoud, reparatie en vervanging is voor rekening van VR. Het onderzoek, in meerdere jaren uitgevoerd in 2017-2018 naar de toekomstbestendigheid van de bestuurlijke afspraken omtrent de huisvesting van de brandweer heeft niet geleid tot aanpassing van de in 2013 gemaakte afspraken. Het onderzoek heeft geleid tot een verbeterde attentie bij gemeenten dat de huisvesting van de brandweer een verantwoordelijkheid is van gemeenten en Veiligheidsregio samen.

Binnen de bestuurlijke uitgangspunten kunnen de knelpunten worden opgelost hetgeen in de praktijk ook daadwerkelijk gebeurt. In meerdere kazernes zijn verbeteringen aangebracht met betrekking tot arbeidshygiëne en er vindt een betere afstemming plaats op de uitvoering van het meerjarenonderhoudsplan. Een aantal gemeenten zijn daadwerkelijk gestart met of er zijn de plannen in voorbereiding voor het vervangen van veelal verouderde brandweerkazernes. Zo vond in 2020 de oplevering plaats van de nieuwe kazerne Wieringerwerf en zijn plannen in voorbereiding voor de vervanging van nog eens vier sterk verouderde kazernes.

Centrale huisvesting de Hertog Het gebouw aan de Hertog Aalbrechtweg 22 te Alkmaar wordt samen met de GGD Hollands Noorden als hoofdlocatie gebruikt. VR NHN is huurder. Voor het medegebruik door de GGD HN is een overeenkomst voor gemene rekening opgesteld die is goedgekeurd door de Belastingdienst. Op basis hiervan worden de huisvestingskosten op basis van een verdeelsleutel verdeeld tussen de GGD HN en VR NHN zonder dat dit tot extra btw-druk leidt. Met de verhuurder van het pand is een SLA afgesproken waarin het beheer en onderhoud van het pand geregeld is.

Ambulancematerieel In de komende jaren worden de reguliere investeringen gedaan op basis van het MJIP, waaronder vervanging en uitbreiding van ambulances en inbouw van elektrische brancards.

Brandweermaterieel De brandweer beschikt over up-to-date materieel en materiaal. Voertuigen en inventaris worden op basis van het MJIP vervangen. Bij iedere vervanging wordt gekeken of er een technische noodzaak is om te gaan vervangen. Voor reguliere brandweermaterialen zijn er inkoopovereenkomsten beschikbaar en waar nodig worden deze inkoopovereenkomsten rechtmatig verlengd. Op die manier wordt zo efficiënt mogelijk met de beschikbare middelen om gegaan.

Persoonlijke beschermingsmiddelen Brandweer Ook op het gebied van kleding, ademlucht en persoonlijke beschermingsmiddelen is de brandweer volledig up-to-date. Er zijn raamovereenkomsten gesloten voor bluslaarzen en blushandschoenen, waarbij vervangen wordt indien noodzakelijk. Hiermee wordt verspilling voorkomen. De landelijke uitstraling voor bluskleding, die inmiddels is vastgesteld, gaat ons in de toekomst hierbij nog meer helpen.

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 33

Het nieuwe operationele uniform, dat de huidige uniformen moet vervangen, is eerder landelijk vertraagd door de coronacrisis en ondervind nu vertraging in de productie door het conflict in Oekraïne, waar (een deel van) het uniform zou worden geproduceerd. Zodra er duidelijkheid is over de productie van het nieuwe uniform kan het scenario voor vervanging definitief worden uitgewerkt. Omdat tot op heden het principe wordt gehanteerd dat we slechts vervangen als iets versleten is, is er alleen financiële dekking in de exploitatiebegroting en zijn er geen investeringen die hiervoor kunnen worden ingezet. Bij een omvangrijke vervanging zal incidentele ruimte moeten worden gezocht binnen de begroting als de jaarbudgetten niet toereikend zijn.

Kantoorautomatisering De VR beschikt over een visie op informatie-gestuurd werken die op hoofdlijnen de richting voor de toekomst weergeeft. Met de acties in het jaarplan wordt verder invulling gegeven aan deze visie. Voor de VR is een architectuur opgesteld die gericht is op de huidige ontwikkelingen binnen de regio en op landelijk niveau. Het risicobewustzijn van werken bij de veiligheidsregio is toegenomen. Dit vertaalt zich in het veilige gebruik van ICT-voorzieningen, geen datalekken en grip op persoonsgegevens. Om toegang te krijgen tot de werkomgeving is de toegangscontrole uitgebreid met een authenticator-procedure. In 2022 wordt ook een start gemaakt met de uitwerking en implementatie van het BIO: Baseline Informatiebeveiliging Overheid. De benodigde investeringen zijn opgenomen in het MJIP en de kosten hiervan in de (meerjaren)begroting.

2.10.3 Wat gaat het kosten Alle noodzakelijke kosten met betrekking tot het in standhouden van de gebouwen, vervoersmiddelen, materialen en ICT-middelen zijn opgenomen in de begroting en meerjarenraming.

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 34

2.11 Financiering 2.11.1 2.11.2 2.11.3 2.11.4

Inleiding Beleidskaders treasury activiteiten Toerekening (voorgenomen) rentelasten naar taakvelden EMU saldo

2.11.1 Inleiding De financieringsfunctie ondersteunt de uitvoering van de programma's en omvat de financiering van beleid en het uitzetten van geldmiddelen die niet direct nodig zijn. Op 27 november 2015 is door het algemeen bestuur het treasurystatuut 2015 vastgesteld. In dit statuut zijn de uitgangspunten, doelstellingen, richtlijnen en limieten van de treasuryfunctie vastgelegd. Het statuut is gebaseerd op de voorschriften zoals vastgelegd in de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet fido) inclusief de daarmee samenhangende wet- en regelgeving. De belangrijkste punten uit dit statuut zijn: • Aantrekken van langlopende geldleningen geschiedt door een offerte aan te vragen bij tenminste twee financiële instellingen; • Uitzetten van tijdelijke overtollige financiële middelen vindt uitsluitend plaats bij het Agentschap van het Ministerie van Financiën (schatkistbankieren). Uitgezonderd hierop zijn uitzettingen tot € 250.000. Deze middelen mogen worden uitgezet bij financiële ondernemingen die ten minste over een A-rating beschikken en gevestigd zijn in Nederland, of een andere EU lidstaat die beschikt over tenminste een AA rating; • De organisatie maakt geen gebruik van derivaten. In het treasurystatuut is opgenomen dat de beleidskaders van de belangrijkste treasury activiteiten worden opgenomen in de paragraaf ‘Financiering’.

2.11.2 Beleidskaders treasury activiteiten Kasgeldlimiet (kortlopende geldleningen) Ter beperking van het renterisico heeft de wetgever de hoogte van de netto vlottende schuld voor gemeenschappelijke regelingen op een maximum gezet van 8,2% van de begrote lasten, de kasgeldlimiet. Voor 2023 is deze berekend op € 6,1 miljoen1. Overschrijding kan leiden tot het aantrekken van geld met een looptijd langer dan één jaar. Voor 2023 is de verwachting dat de kasgeldlimiet niet wordt overschreden.

Schatkistlimiet Vanaf december 2013 is het schatkistbankieren van toepassing. Dit betekent dat overtollige geldmiddelen boven schatkistlimiet verplicht moeten worden aangehouden in de schatkist. Dit voorkomt dat decentrale overheden hun middelen kunnen uitzetten bij derden (zoals buitenlandse banken) en draagt bij aan het verlagen van het EMU saldo van de totale Nederlandse overheid. Voor 2023 is de schatkistlimiet2 berekend op € 555.000. Gelden boven deze limiet moeten worden aangehouden in de schatkist.

1 Op basis van begrotingstotaal lasten (primair) 2 De limiet wordt berekend als 0,75% van het begrotingstotaal lasten (primair) met een ondergrens van € 250.000.

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 35

Renterisiconorm Ter beperking van het renterisico heeft de wetgever de renterisiconorm gemaximaliseerd op 20% van het begrotingstotaal. Dit betekent dat het totaal van herfinancieringen en renteherzieningen op de vaste schuld in enig jaar beperkt is tot 20% van het begrotingstotaal. Voor 2023 is de renterisiconorm berekend op € 14,8 mln. In het begrotingsjaar vinden geen renteherzieningen plaats. De renterisiconorm wordt naar verwachting niet overschreden.

Financieringsbehoefte (kort-/langlopende geldleningen) In basis is de leningenportefeuille van Veiligheidsregio Noord-Holland Noord afgestemd op het kunnen uitvoeren van de haar gestelde taken. In het verleden zijn kortlopende geldleningen aangetrokken die zijn gebruik om tijdelijke tekorten in de liquide middelen op te vangen. Deze tekorten doen zich met name voor aan het einde van een kwartaal en worden geneutraliseerd door ontvangen kwartaalbijdragen vanuit de deelnemende gemeenten. Naar verwachting zal ook hiervoor in 2023 kortlopende geldleningen moeten worden aangetrokken. Op basis van de geplande investeringen 2023-2026 wordt meerjarig een financieringstekort verwacht. Om te kunnen investeren, zullen in de periode 2023-2026 (langlopende) geldleningen moeten worden aangetrokken. Het daadwerkelijke afsluitmoment van deze leningen wordt afgestemd op het leverings/betaalmoment van de betreffende investeringen. Voorzichtigheidshalve is in deze begroting reeds rekening gehouden met de toekomstige rentelasten die uit deze (voorgenomen) geldleningen voortvloeien. Deze lasten worden hoger geraamd dan de afgelopen jaren. Door de huidige inflatie en onrust in Europa zien we de rente momenteel stijgen.

Ontwikkelingen leningenportefeuille In 2014 is de omvang van leningenportefeuille fors toegenomen. Er zijn leningen aangetrokken ter financiering van aangekocht materieel / kazernes van de gemeenten (aangekocht eind 2013) en de projectkosten regionalisering. In de periode 2019-2023 worden overgenomen kazernes weer (terug)verkocht aan de betreffende gemeente. De daarvoor aangetrokken geldleningen worden in deze periode afgebouwd. Daarnaast zal de portefeuilleomvang door het aantrekken van langlopende geldleningen ter financiering van voorgenomen investeringen weer toenemen.

2.11.3 Toerekening (voorgenomen) rentelasten naar taakvelden In onderstaand overzicht wordt inzicht gegeven in de verwachte rentelasten, het renteresultaat en de wijze waarop de rente wordt toegerekend aan investeringen en projecten. De rente van geldleningen die zijn aangetrokken voor de aankoop van materieel / kazernes wordt bij VR NHN gezien als projectfinanciering. Voor de volledigheid zijn ook de rentelasten van voorgenomen geldleningen (zie financieringsbehoefte) in het overzicht verwerkt.

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 36

2023 Bedragen x €1

Omschrijving Externe financiering kort en lang Rentelasten (incl. voorgenomen)

317.842

Rentebaten

-/-

Saldo rentelasten en rentebaten

0 317.842

Doorberekening rente aan grondexploitatie

-/-

Toerekening rente van projectfinanciering aan het betreffende taakveld

-/-

Toerekening rentebaten van specifieke projectfinanciering aan het betreffende taakveld

+/+

Aan taakveld toe te rekenen externe rente

4.775 313.067

Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen

+/+

0

+/+

Totaal aan taakveld toe te rekenen rente

0 313.067

7.1 Volksgezondheid

-/-

67.751

1.1 Crisisbeheersing en Brandweer

-/-

233.070

0.4 Overhead

-/-

12.246

De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

-/-

313.067

Renteresultaat op het taakveld Treasury

0

2.11.4 EMU saldo Onderstaand het berekende EMU saldo op basis van deze begroting en meerjarenraming (op basis van artikel 71 lid 3 BBV).

EMU-SALDO EMU-SALDO referentiewaarde Verschil EMU-saldo & referentiewaarde Kapitaalverstrekkingen en leningen Uitzettingen Activa Mutaties Uitzettingen (1 januari Vlottende activa Liquide middelen Overlopende activa tot 31 december) Vaste schuld Vaste Passiva Passiva Vlottende schuld Vlottende passiva Overlopende passiva Eventuele boekwinst bij verkoop effecten en (im)materiële vaste activa Financiële vaste activa

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

T-1 2022 -9.346

T 2023 -431

T+1 2024 -4.746

T+2 2025 1.672

T+3 2026 -2.604

-9.346

-431

-4.746

1.672

-2.604

0 0 0 0 0 2.734 6.612 0

0 0 0 0 0 287 144 0

0 0 0 0 0 7.428 -2.682 0

0 0 0 0 0 923 -2.595 0

0 0 0 0 0 4.022 -1.418 0

Pagina 37

2.12 Verbonden partijen 2.12.1 2.12.2 2.12.3 2.12.4 2.12.5 2.12.6 2.12.7

Inleiding Relevante ontwikkelingen Opbrengsten en kosten deelnemingen in relatie tot de begroting Invulling aandeelhouders- en commissarisrol Visie op verbonden partijen Beleidsvoornemens deelnemingen Eigen vermogen en resultaat RAV

2.12.1 Inleiding Een verbonden partij is een privaat- dan wel publiekrechtelijke organisatie waarin VR NHN een bestuurlijk én een financieel belang heeft. Een financieel belang is aanwezig wanneer een ter beschikking gesteld bedrag niet verhaalbaar is bij faillissement dan wel als financiële aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt (artikel 1 BBV). Bestuurlijk belang is aanwezig indien er zeggenschap bestaat uit hoofde van stemrecht dan wel vertegenwoordiging in het bestuur van de organisatie. In deze paragraaf wordt ingegaan op de visie op verbonden partijen in relatie tot de realisatie van de doelstellingen van de veiligheidsregio. Ook wordt de realisatie van de beleidsvoornemens met betrekking tot de verbonden partijen beschreven. Tevens is opgenomen of en zo ja welke risico’s en problemen ten aanzien van de verbonden partijen zijn te onderkennen.

2.12.2 Relevante ontwikkelingen Vereniging Ambulancezorg Regio Noord-Holland Noord in coöperatief verband U.A. (RAV NHN) (vestigingsplaats Alkmaar) De RAV NHN is per 10 februari 2010 opgericht met als doel het hebben en exploiteren van een vergunning tot het uitvoeren van ambulancevervoer. Per 1 januari 2013 beschikt de RAV NHN over deze vergunning. RAV NHN kent twee leden: Ambulancezorg Noord-Holland Noord (= VR NHN) en Witte Kruis Ambulancezorg. De centrale administratie wordt uitgevoerd door VR NHN en de controlfunctie door WK. Het secretariaat van de RAV wordt door VR NHN gevoerd. Verder gebruiken beide partners één automatiseringspakket waarin de ambulanceritten worden geregistreerd. De ambulanceritten worden door VR NHN gefactureerd. De partners behouden afzonderlijk de verantwoordelijkheden over het debiteurenbeheer. Beide partners staan bij de zorgverzekeraars bekend als één wettelijk gemachtigde uitvoerende en verantwoordelijke zelfstandige organisatie (coöperatie) die beschikt over één gezamenlijke bankrekening en spaarrekening. De Meldkamer is via een SLA verbonden aan de RAV. Op 1 januari 2021 is de Wet ambulancevoorzieningen (Wav) in werking getreden. De nieuwe wet ambulancezorg geeft zekerheid aan de RAV over haar positie. Om de continuïteit te kunnen waarborgen wil de minister de huidige positie van de RAV’s intact houden.

In de nieuwe wet is opgenomen dat: “Er per veiligheidsregio een monopolist is, die niet alleen het alleenrecht heeft om spoedeisende ambulancezorg te leveren, maar ook de plicht heeft om deze zorg te leveren.” De Nederlandse Zorgautoriteit, de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) gaan gezamenlijk toezicht houden op de naleving van de Wav. De zorgverzekeraars maken met de RAV jaarlijks afspraken over het budget en de daarvoor te leveren kwaliteit en prestaties.

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 38

Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (vestigingsplaats Arnhem) Het NIPV (voorheen IFV) is een bij wet opgerichte zelfstandig bestuursorgaan (ZBO). De positie van het NIPV is vastgelegd in de Wet veiligheidsregio’s. Het NIPV ondersteunt de veiligheidsregio’s bij het versterken van de brandweerzorg en de aanpak op het terrein van de rampenbestrijding en crisisbeheersing. Coöperatie Brandweerschool Noord-Holland U.A. De regio’s Kennemerland, Noord-Holland Noord en Zaanstreek-Waterland hebben hun krachten op het gebied van vakbekwaam worden gebundeld. Sinds het formele ondertekeningmoment op 11 juli 2019 is er één gezamenlijk opleidingsinstituut: de Brandweerschool Noord-Holland (BWS NH). BWS NH zet in op kwalitatief goed onderwijs, het innoveren van brandweeronderwijs, het voldoen aan landelijk gestelde kwaliteitscriteria en het onderhouden en ontwikkelen van les- en leerstof. Voorlopig richt BWS NH zich in hoofdzaak op de opleidingen basisbrandweerzorg, aangevuld met de opleidingen brandweerchauffeur en instructeur. De landelijke (en verplichte) audit Kwaliteit Aanbieders Brandweeronderwijs (KAB) is uitgevoerd op 21 november 2019. De Brandweerschool heeft deze exercitie met goed gevolg doorlopen. Daarmee mag zij voor de komende drie jaar brandweeronderwijs verzorgen conform de landelijke standaarden.

In januari 2020 heeft met goed gevolg een audit plaats gevonden ten behoeve van een accreditatie voor het CrKBO (Centraal Register Kort Beroepsonderwijs). Inschrijving heeft in februari 2020 plaats gevonden.

2.12.3 Opbrengsten en kosten deelnemingen in relatie tot de begroting Vereniging Ambulancezorg Regio Noord-Holland Noord in coöperatief verband U.A. (RAV NHN) Het aandeel VR NHN in de kosten van de RAV NHN maakt onderdeel uit van het programma Ambulancezorg. Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (vestigingsplaats Arnhem) Alle veiligheidsregio’s dragen financieel bij aan het NIPV. Deze bijdrage wordt rechtstreeks in mindering gebracht op de BDUR-gelden. Coöperatie Brandweerschool Noord-Holland U.A. De kosten van opleiden, en dus ook van de BWS NH, zijn opgenomen binnen het programma Brandweer.

2.12.4 Invulling aandeelhouders- en commissarisrol Vereniging Ambulancezorg Regio Noord-Holland Noord in coöperatief verband U.A. (RAV NHN) De bestuurdersrol is statutair vastgelegd. Twee bestuurders vormen het bestuur. Het voorzitterschap rouleert jaarlijks volgens een vast schema tussen beide bestuurders. Voor 2022 is de directeur WK de bestuursvoorzitter, voor 2023 wordt dit de directeur ambulancezorg VRNHN. De algemene directeuren van de beide zelfstandige organisaties en de twee bestuurders vormen samen de Algemene Ledenvergadering (ALV). Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (vestigingsplaats Arnhem) De voorzitters van de veiligheidsregio’s, verenigd in het Veiligheidsberaad, vormen het algemeen bestuur van het NIPV. De bestuursvoorzitter van VR NHN is lid van het algemeen bestuur. Het algemeen bestuur

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 39

benoemt uit zijn midden een voorzitter en een dagelijks bestuur. De voorzitter van het NIPV is tevens voorzitter van het dagelijks bestuur. Het bestuur beslist bij meerderheid van stemmen. Coöperatie Brandweerschool Noord-Holland U.A. Het bestuur wordt gevormd door de directeuren van de veiligheidsregio’s. Daarnaast kent de coöperatie een algemene ledenvergadering.

2.12.5 Visie op verbonden partijen Een verbonden partij is voor de veiligheidsregio een instrument om de overgenomen maatschappelijke doelstellingen voor de aangesloten gemeenten te behalen. Bij het aansturen van een verbonden partij is het in ieder geval van belang dat: • Afspraken over taken, bevoegdheden, verantwoordelijkheden, financieel en juridisch beleid worden vastgelegd (bijvoorbeeld in overeenkomsten, statuten); • Afspraken worden gemaakt over de frequentie en inhoud van de verantwoordingsinformatie; • De veiligheidsregio zich realiseert dat andere partijen die betrokken zijn bij de verbonden partij andere belangen kunnen hebben naast het gezamenlijk belang.

2.12.6 Beleidsvoornemens deelnemingen Vereniging Ambulancezorg Regio Noord-Holland Noord in coöperatief verband U.A. (RAV NHN) Er zijn bij de RAV NHN geen grote beleidsvoornemens te onderkennen; het bestaande beleid wordt voortgezet. Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (vestigingsplaats Arnhem) De beleidsvoornemens voor de veiligheidsregio’s liggen op het terrein van: - beleids- en bestuursondersteuning van de ambtelijke en bestuurlijke top - kennis ontwikkelen, makelen en borgen voor de professional in het veld - opleidingen, trainingen en oefeningen voor vakbekwaam worden en blijven faciliteren en verzorgen - talent- en leiderschapsontwikkeling bevorderen - materieel voor de veiligheidsregio's verwerven, beheren en organisatorisch inbedden - projectmanagement en (organisatie)advies Coöperatie Brandweerschool Noord-Holland U.A. De coöperatie zet in de eerste jaren van haar bestaan in op het verder uitrollen van haar activiteiten en het verzorgen van kwalitatief goed onderwijs. Daarnaast wordt getracht schaalvoordelen te behalen door het bundelen van de opleidingsactiviteiten. In 2022 wordt het functioneren van de coöperatie geëvalueerd en worden voorstellen gedaan voor de doorontwikkeling.

2.12.7 Eigen vermogen en resultaat RAV Uit de concept jaarstukken 2021 RAV blijkt dat het eigen vermogen per 31 december 2021 € 0 is. Het exploitatiesaldo 2021 is ook € 0. Dit wordt ook voor 2022 en 2023 voorzien.

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 40

2.13 Vennootschapsbelasting 2.13.1 Inleiding 2.13.2 Wat gaan we doen

2.13.1 Inleiding Door landelijke wetgeving zijn overheidsondernemingen vanaf 1 januari 2016 in principe belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting (VpB). Hiermee is voor de Veiligheidsregio Noord-Holland Noord (VRNHN) de noodzaak ontstaan om voor al haar activiteiten te beoordelen of zij daarbij een onderneming drijft.

2.13.2 Wat gaan we doen Door de gewijzigde feiten en omstandigheden met betrekking tot de activiteit Ambulancezorg over de aangiftejaren 2020 en 2021 is contact gelegd met de Belastingdienst. De uiteindelijke kwalificatie van de Belastingdienst heeft mogelijk invloed op de wijze waarop het dossier voor die activiteit opgebouwd moet worden. Wanneer VRNHN in de zin van de Vennootschapsbelasting voor de activiteit Ambulancezorg een onderneming drijft, zal een fiscale administratie opgebouwd en gevoerd moeten gaan worden. De overige activiteiten laten een consistent beeld zien en daarvoor zal de gehanteerde systematiek met betrekking tot dossiervorming gehandhaafd blijven. Dus ook voor de komende verslagjaren wordt jaarlijks een quickscan uitgevoerd. Daarnaast wordt per aangiftejaar een Vpb-dossier per activiteit opgebouwd. Voor de activiteit Ambulancezorg wordt in de begroting 2023 en de meerjarenraming in ieder geval uitgegaan dat er jaarlijks een nihil aangifte zal worden gedaan.

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 41

2.14 Covid-19, de coronapandemie 2.14.1 Inleiding 2.14.2 Ontwikkelingen op de langere termijn

2.14.1 Inleiding Per 23 maart 2022 zijn de laatste maatregelen ten aanzien van de coronapandemie beëindigd. De activiteiten die de Veiligheidsregio de afgelopen jaren heeft ondersteund worden in de periode maart verder afgebouwd. Naar alle waarschijnlijkheid houden ook de financiële steunmaatregelen vanuit de overheid op te bestaan per 31 maart.

2.14.2 Ontwikkelingen op de langere termijn De vraag die zich aandient, hoe gaan we verder nu we de pandemie achter ons hebben gelaten? Inmiddels is beleid ontwikkeld op het voortzetten van een zekere mate van thuiswerken (hybride). Daarnaast staat ook het gezond en fit houden van de medewerkers in relatie tot het thuiswerken hoog op de lijst. Inmiddels zijn hier al diverse activiteiten voor ontplooid en deze worden bestendigd naar de toekomst.

2.15 Vluchtelingencrisis Oekraïne 2.15.1 Inleiding 2.15.2 Financiële kaders

2.15.1 Inleiding Op 24 februari 2022 viel Rusland het buurland Oekraïne binnen. Sinds dat moment woedt er een bloedige strijd. Hierdoor is er een enorme vluchtelingenstroom op gang gekomen van miljoenen Oekraïners. Deze vluchtelingen worden door vele landen binnen Europa opgevangen, zo ook in Nederland. De Veiligheidsregio’s en de gemeenten hebben hierin een belangrijke rol: het opvangen van vluchtelingen op diverse doorstroomlocaties en het doorverwijzen naar meer permanente opvanglocaties. Hoelang dit gaat duren en hoeveel vluchtelingen moeten worden opgevangen, is onbekend.

2.15.2 Financiële kaders Op het moment van samenstellen van deze begroting (maart 2022) werden de financiële kaders nog door de overheid uitgewerkt. Hierin zal worden vastgelegd waar en hoe de gemaakte kosten kunnen worden gedeclareerd. We gaan er van uit dat de extra kosten die door deze inzet worden veroorzaakt, volledig worden vergoedt.

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 42

3. Financiële begroting 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5

Overzicht van baten en lasten Uiteenzetting financiële positie en toelichting Meerjarenraming exploitatie Meerjarenraming balans Meerjarenraming investeringen

3.1

Overzicht van baten en lasten

Begroting 2023 Programma's / Overhead c.a. Programma Ambulancezorg Programma Brandweer Programma GHOR Programma Meldkamer Programma Risico- en crisisbeheersing Programma Veiligheidshuis Programma Dekkingsmiddelen taakvelden VR Saldi programma's Algemene dekkingsmiddelen Overhead Heffing VPB Onvoorzien Saldo van baten en lasten, resultaat voor bestemming Toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves per programma: Programma Ambulancezorg Programma Brandweer Programma Meldkamer Programma Risico- en crisisbeheersing Overhead Resultaat na bestemming

3.2

Bedragen x €1.000 Baten Lasten 17.610 15.833 1.861 33.903 12 1.436 1.747 2.898 2.720 696 1.281 51.817 73.743 58.071 203

15.865

73.946

73.936

86

103 4

11 74.043

74.043

Saldo 1.777 -32.042 -1.424 -1.151 -2.720 -585 51.817 15.672 -15.662 10 -103 86 -4 11 -

Uiteenzetting financiële positie en de toelichting

Uitgangspunten begroting De begroting 2023 is geïndexeerd met 2,3% (2,3% loonindexatie en 2,3% prijsindexatie). De loonprijsindexatie 2023 is conform de door gemeenten vastgestelde regeling Financiële Uitgangspunten Gemeenschappelijke Regelingen (FUGR) en geldend voor alle gemeenschappelijke regelingen. De verdeelsleutel 2023 per gemeente is medio februari 2022 bekend geworden. Verdeling vindt plaats naar de draagkracht per gemeente. Deze verdeling is gebaseerd op het aandeel van het ‘Oov-subcluster Brandweer en rampenbestrijding3 per gemeente en de belastingcapaciteit per gemeente. De bijdrage voor 2023 komt uit op een bedrag van € 45.745.723. De bijdrage per gemeente is opgenomen in bijlage 4.2.

3 subcluster binnen de algemene uitkering van het gemeentefonds

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 43

Financiering Bij VRNHN is sprake van een totaalfinanciering. Rentelasten worden omgeslagen naar programma’s op basis van de boekwaarde (op 1 januari) van aangeschafte activa in deze programma’s. Begin 2022 is het (bestaande) meerjarig investeringsplan geactualiseerd voor de periode 2023-2026 (zie paragraaf 3.5). Gezien de investeringsvolumes wordt in de toekomst een financieringstekort verwacht. Om te kunnen investeren zullen in de periode 2023-2026 aanvullende geldleningen moeten worden aangetrokken. De toekomstige rentelasten die uit deze geldleningen voortvloeien, zijn reeds meegenomen in deze begroting en meerjarenraming. Voor meer informatie wordt verwezen naar de paragraaf Financiering.

Onvoorzien Met ingang van 2020 werd een post onvoorzien opgenomen ter grootte van 0,5% van de totale lasten. Met behulp van deze post kunnen onvoorziene (incidentele) uitgaven worden opgevangen. Voor de jaren 2023 en verder is deze post voorlopig op nihil gesteld om mede de stijgingen van salariskosten (nieuwe cao in 2022 die 2,6% boven index uitkomt) en verwachte (hogere) rentepercentages op nieuwe leningen op te kunnen vangen.

3.3

Meerjarenraming exploitatie

Een meerjarenraming is van belang om de consequenties van het beleid in beeld te brengen vanuit het verleden naar de onderhavige begroting en toekomstige planvorming. De meerjarenraming speelt een belangrijke rol bij de kader stellende functie van het algemeen bestuur, omdat de meerjarenraming de financiële richting aan geeft voor het opstellen van de begroting.

Meerjarenraming cijfermatig Hierna volgt een totaaloverzicht over de jaren 2023 tot en met 2026. In de meerjarenraming zijn de rubrieken met een variërend verloop afzonderlijk opgenomen. De cijfers vanaf 2024 zijn geïndexeerd. De overzichten per programma zijn opgenomen in de bijlage 4.4.

TOTAAL Baten

Totaal baten Lasten

Totaal lasten Saldo van baten en lasten Mutatie reserves

Wettelijk budget Nza Bijdrage gemeenten BDUR/Rijk/ministerie Overige baten Salarissen Afschrijvingen en rente Overige lasten

Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves

Resultaat

Begroting 2023 18.359.641 45.745.723 6.070.822 3.770.833 73.947.019 48.549.321 6.861.763 18.526.132 73.937.216 9.803 102.820 93.017 -

Bedragen x € 1 MJR MJR 2024 2025 18.667.757 19.019.068 46.523.401 47.453.868 6.070.822 6.070.822 3.587.384 3.603.312 74.849.364 76.147.070 48.685.627 49.627.243 7.483.635 7.540.520 18.657.825 18.950.256 74.827.087 76.118.019 22.277 29.051 104.671 106.869 82.394 77.818 -

MJR 2026 19.386.413 48.402.946 6.070.822 3.625.074 77.485.255 50.886.796 7.274.398 19.299.232 77.460.426 24.829 109.113 84.284 -

Aansluiting op Kadernota Door het tijdsverloop tussen opstellen van de kadernota (december 2021) en de voorliggende begroting (maart 2022), zijn een aantal posten substantieel veranderd. • Het wettelijk budget Nza is bijgesteld naar de laatste onderhandelingsresultaten met de zorgverzekeraars. De verhoging wordt veroorzaakt door compensatie (achteraf) van caoverhogingen, huisvestingslasten en uitbreiding van diensten. • De post salarissen is aangepast aan de nieuwe cao’s die begin 2022 zijn overeengekomen. Dit betreft een substantiële stijging ten opzichte van de indexering die in kadernota 2022 is toegepast. DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 44

•

De afschrijvingen en rente zijn aangepast naar de laatste inzichten die bij het opstellen van de jaarrekening 2021 en de daarop volgende aanpassingen van het MJIP en het doorrekenen daarvan zich hebben gemanifesteerd. Door uitstel/late levering vanwege productieproblemen bij leveranciers dan wel extra aanschaf (ambulances), alsmede de zich aandienende stijging van rentelasten, zien we de kapitaallasten groeien.

Resultaten De resultaten laten, met inbegrip van de reservemutaties, over alle jaren een nihil resultaat zien op basis van going concern. De lasten en baten zijn geraamd op basis van de in de kadernota vastgestelde indexaties, waarbij in de basis de salarislasten op het peil van de laatst vastgestelde cao’s zijn gebracht (2022), het meerjarenbeeld van de investeringen is bijgewerkt, de financieringsrente is aangepast en de post onvoorzien op nihil is gesteld. Dit heeft niet geleid tot een sluitend meerjarenperspectief, zodat stelposten zijn opgenomen om dit te bewerkstelligen. De verwachting is dat deze stelposten ingevuld kunnen worden op basis van incidentele onderbestedingen.

Gemeentelijke bijdrage De gemeentelijke bijdrage 2023 is op basis van de door het algemeen bestuur vastgestelde kadernota geïndexeerd met 2,3%. De loonindexatie en de prijsindexatie bedragen beiden 2,30%, welke in de verhouding 70%-30% meewegen. De indexatie van de gemeentelijke bijdrage voor de jaren 2024-2026 is gebaseerd op de CPB Middellange Termijn Verkenning en zijn respectievelijk 1,7%, 2,0% en 2,0% De recente vaststelling van de verschillende cao’s laten een scherpere stijging zien dan waarmee vanaf 2022 is geïndexeerd, terwijl de huidige inflatie ook de nodige druk gaat genereren. Hierdoor kunnen de nu geraamde exploitatieuitkomsten onder druk komen te staan.

Salarissen Door het afsluiten van een nieuwe cao CAR-UWO en de doorwerking van de bestaande cao ambulancezorg is de basis voor het begrotingsjaar 2022 onderhevig aan een grote verandering (stijging). Hiervoor is een indexatie toegepast van 1,3% bij de begrotingsberekeningen 2022. De nieuwe cao CARUWO laat echter een stijging van totaal 3,95% zien, een verschil van 2,65%. Dit krijgt zijn doorwerking in de basis van de geraamde loonkosten in 2022 (Burap 2022-1), waarmee de basis voor 2023 substantieel hoger uitvalt. Vanuit de aangepaste basis wordt gerekend met de in de kadernota 2023 vastgestelde percentages. Voor 2023 betreft dat een percentage van 2,3%. Voor de jaren 2024-2026 zijn de gehanteerde indexaties respectievelijk 1,8%, 2,1% en 2,0%.

Afschrijvingen en rente In de begroting zijn de gevolgen van het MJIP (meerjareninvesteringsplan) opgenomen en de bijbehorende financiering. Hiermee is inzichtelijk wat het verloop van de afschrijvings- en rentelasten is. Alle opgenomen nieuwe investeringen zijn vooral vervangingsinvesteringen. Bij het programma Ambulancezorg is ook sprake van uitbreiding van het aantal ambulances (meer diensten en een extra post) terwijl voor dit programma ook nieuwbouw van een aantal posten wordt gerealiseerd. Met name bij de brandweer neemt de afschrijvingslast toe. De groei in de afschrijvingslasten vindt zijn oorzaak vooral in een veranderd prijsniveau ten opzichte van de zero based begroting die in 2014 is opgesteld bij de regionalisering. Dit laat zich vooral gelden in hogere prijzen voor bijvoorbeeld de tankautospuiten, waar met name de technische uitrusting van een hoger (prijs)niveau is dan de voorgangers. Als gevolg van hogere aanschafprijzen neemt normaliter ook de financieringsrente toe als lastenpost. Groei in rente is in de afgelopen jaren achterwege gebleven door de zéér lage en zelfs in enkele gevallen DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 45

“negatieve” rente. Op dit moment is echter een omslag zichtbaar in de renteontwikkeling, mede onder druk van een forse inflatie. In deze begroting is al enigszins rekening gehouden met de effecten hiervan.

Overige lasten Voor de indexaties is voor 2023 de kadernota gehanteerd en voor de jaren 2024 tot en met 2026 de indexaties van de CPB raming Centraal Economisch Plan. Daarnaast wordt nog steeds specifiek ingezet op doelmatig en efficiënt gebruik van de budgetten. Te denken valt aan verscherpt inkopen en doelmatiger gebruik van materieel en materiaal.

3.4

Meerjarenraming balans

Activa (im) Materiële vaste activa

31-12-2021

31-12-2022

31-12-2023

31-12-2024

31-12-2025

31-12-2026

36.838

43.670

44.111

48.877

47.230

49.853

Financiële vaste activa: Kapitaalverstrekkingen

0

0

0

0

0

0

Financiële vaste activa: Leningen

0

0

0

0

0

0

Financiële vaste activa: Uitzettingen > 1 jaar

0

0

0

0

0

0

36.838

43.670

44.111

48.877

47.230

49.853

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0 2.951

Totaal Vaste Activa Voorraden: Onderhanden werk & Overige grond- en hulpstoffen Voorraden: Gereed product en handelsgoederen & vooruitbetalingen Uitzettingen <1 jaar

2.951

2.951

2.951

2.951

2.951

Liquide middelen

203

203

203

203

203

203

Overlopende activa

6.242

6.242

6.242

6.242

6.242

6.242

Totaal Vlottende Activa

9.396

9.396

9.396

9.396

9.396

9.396

Totaal Activa

46.234

53.066

53.507

58.273

56.626

59.249

Passiva

31-12-2021

31-12-2022

31-12-2023

31-12-2024

31-12-2025

31-12-2026

Eigen vermogen

4.843

5.451

5.484

5.504

5.529

Exploitatiesaldo

3.145

23

0

0

0

0

Voorzieningen

416

416

416

416

416

416

5.548

Vaste schuld

27.959

30.693

30.980

38.408

39.331

43.353

Totaal Vaste Passiva

36.363

36.583

36.880

44.328

45.276

49.317

Vlottende schuld

5.450

12.062

12.206

9.524

6.929

5.511

Overlopende passiva

4.421

4.421

4.421

4.421

4.421

4.421

Totaal Vlottende Passiva

9.871

16.483

16.627

13.945

11.350

9.932

Totaal Passiva

46.234

53.066

53.507

58.273

56.626

59.249

Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit een algemene reserve en de bestemmingsreserves. Ultimo 2023 bedraagt de verwachte omvang van de reserves € 5.484.000 wat als volgt verdeeld is over de: - algemene reserve veiligheidsregio € 1.631.000 - algemene reserve ambulancezorg € 1.196.000 - bestemmingsreserves € 2.657.000

Ontwikkeling algemene reserve Exploitatieoverschotten of -tekorten worden in eerste instantie verrekend met de algemene reserve binnen het eigen vermogen. Per 31 december 2022 bedraagt de algemene reserve veiligheidsregio € 1.631.000 en de algemene reserve ambulancezorg € 1.173.000 indien het Alegemeen Bestuur positief besluit over het voorstel resultaatbestemming van het verslagjaar 2021. De omvang van de algemene reserves is vooralsnog toereikend.

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 46

Ontwikkeling bestemmingsreserves Het volgende overzicht laat de verwachte mutaties (voor zover nu in te schatten en onderbouwd) en eindstanden van de verschillende bestemmingsreserves zien. Bestemmingsreserves Kwaliteitsverb. brandweerscholing Verslagleggingsverschillen BBV-RJZ Pers.frictiekn./mobiliteitsbeleid Staat van de rampenbestrijding Automatisering&Informatiebeveiliging

3.5

31-12-21 mut.2022 57 -57 1.620 105 1.055 -133 145 -145 55 -55 2.932 -285

31-12-22 mut.2023 1.725 107 922 -97 2.647 10

31-12-23 mut.2024 1.832 107 825 -87 2.657 20

31-12-24 mut.2025 1.939 107 738 -82 2.677 25

31-12-25 mut.2026 2.046 108 656 -89 2.702 19

31-12-26 2.154 567 2.721

Meerjarenraming investeringen

Begin 2022 zijn alle investeringen geïnventariseerd voor de jaren 2023-2026. Dit leidt meerjarig tot het volgende beeld: bedragen x € 1.000

Investeringen 2023 - 2026 Programma / PDC-groep

2023

2024

2025

2026

Ambulancezorg 1 - Huisvesting

815

2 - Diensten en middelen

143

1.140

40

200

3 - ICT

147

114

53

66

6 - Wagenpark

615

625

740

647

7 - HRM

152 1.879

833

913

1.665

1.243

362

1.210

751

167

324

543

6 - Wagenpark

2.505

7.822

3.111

6.320

Totaal Brandweer

4.961

9.232

3.797

8.073

76

77

76

77

Totaal Ambulancezorg

1.872

Brandweer 1 - Huisvesting 2 - Diensten en middelen 3 - ICT

40

GHOR 3 - ICT

26

6 - Wagenpark Totaal GHOR

26

-

-

-

Meldkamer Noord-Holland 3 - ICT Totaal Meldkamer Noord-Holland

35 35

-

R&CB 3 - ICT

16

6 - Wagenpark Totaal R&CB

98 16

98

94 -

94

Bedrijfsvoering 1 - Huisvesting

118

2 - Diensten en middelen

88

3 - ICT

40

6 - Wagenpark

22

10 - Communicatie

46

Totaal Bedrijfsvoering Totaal investeringen

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

585

451

153

108

585

657

153

6.983

11.794

5.398

9.310

Pagina 47

4. Bijlagen 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5

Kerngegevens Bijdrage per gemeente Financiële overzicht naar taakvelden Meerjarenraming exploitatie per programma Overzicht van incidentele baten en lasten

4.1

Kerngegevens Veiligheidsregio Noord-Holland Noord

Gemeenschappelijke regeling De volgende 16 gemeenten nemen deel aan de regeling: Alkmaar, Bergen, Castricum, Den Helder, Dijk en Waard, Drechterland, Enkhuizen, Heiloo, Hollands Kroon, Hoorn, Koggenland, Medemblik, Opmeer, Schagen, Stede Broec, Texel.

Doelstelling Het doel van de gemeenschappelijke regeling is het gezamenlijk behartigen van de belangen die de schaal van de individuele gemeenten te boven gaan, ten behoeve van de veiligheid van de bevolking in het samenwerkingsgebied. Tot de taken behoren het uitvoeren van werkzaamheden als bedoeld in de Wet Veiligheidsregio’s, en het instellen, in stand houden en beheren van de centrale post ambulancevervoer (gezamenlijk met Witte Kruis in de RAV Noord-Holland Noord). Tevens maakt het Veiligheidshuis onderdeel uit van de Veiligheidsregio.

Samenstelling bestuur VR NHN Het algemeen bestuur bestaat uit de burgemeesters van de deelnemende gemeenten. Het dagelijks bestuur bestaat per 1 januari 2022 uit de volgende functionarissen: Naam A.M.C.G. Schouten

Functie Voorzitter

Organisatie Alkmaar

J. Nieuwenburg

Plv. voorzitter

Hoorn

M.J.P. Van Kampen J.P. Rehwinkel

Geen DB-lid Lid

Schagen Dijk en Waard

M. Pijl J.A. de Boer K. Taneja

Lid Lid Secretaris/Adviseur

F. Regnalda S. Cremers

Adviseur Adviseur

Drechterland Den Helder Veiligheidsregio Openbaar Ministerie Politie

Samenstelling Burgemeester Alkmaar Burgemeester Hoorn / Voorzitter commissie Zorg & Veiligheid Burgemeester Schagen / Portefeuillehouder Bedrijfsvoering Burgemeester Dijk en Waard Burgermeester Drechterland Voorzitter commissie Basisvoorzieningen Fysieke Veiligheid Burgemeester Den Helder Directeur veiligheidsregio Plv. Hoofdofficier van Justitie Districtschef

De directie van de Veiligheidsregio bestaat per 1 januari 2022 uit: Naam Portefeuille De heer K. Taneja Directeur Veiligheidsregio

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 48

4.2

Bijdrage per gemeente

Gemeentelijke bijdrage 2023 Op basis van de regeling Financiële uitgangspunten Gemeenschappelijke regelingen wordt de gemeentelijke bijdrage voor 2023 geïndexeerd met 2,3%. Zowel de loonindexatie als de prijsindexatie bedraagt 2,30%, welke in de verhouding 70%-30% meewegen. Ten opzichte van 2022 nam de gemeentelijke bijdrage voor 2023 door deze indexatie toe met € 1.024.224. Daarnaast wordt de bijdrage nog verhoogd met € 190.000 inzake capaciteitsuitbreiding nieuwe crisistypen. Bedragen x €1

Gem eente

Verdeelsleutel

Bijdrage naar taakvelden 1.1 1.2 Openbare OOV B&R en Crisisbeheersing orde eigen inkom sten en Brandw eer en veiligheid

Bijdrage 2023

Opmeer

693.294

1,5%

686.101

7.193

Texel

1.895.994

4,1%

1.876.323

19.671

Enkhuizen

1.234.103

2,7%

1.221.300

12.804

Drechterland

1.204.107

2,6%

1.191.615

12.492

Stede Broec

1.126.859

2,5%

1.115.168

11.691

Koggenland

1.625.687

3,6%

1.608.821

16.866

Heiloo

1.402.080

3,1%

1.387.534

14.546

Dijk en Waard

4.886.102

10,7%

4.835.409

50.692

Bergen NH

2.434.993

5,3%

2.409.730

25.263

Castricum

2.177.889

4,8%

2.155.293

22.595

Medemblik

2.935.192

6,4%

2.904.740

30.452

Schagen

3.573.354

7,8%

3.536.281

37.073

Hollands Kroon

3.877.838

8,5%

3.837.607

40.232

Den Helder

4.010.293

8,8%

3.968.687

41.606

Hoorn

4.510.774

9,9%

4.463.976

46.798

Alkmaar

8.157.164

17,8%

8.072.535

84.629

BIJDRAGE 2023

45.745.723

100,0%

45.271.120

474.603

Meerjarige ontwikkeling gemeentelijke bijdrage Bedragen x € 1.000

2022 44.529

2023 44.532

2024 45.746

2025 46.523

2026 47.454

Indexatie (loon-prijs) conform primaire begroting

580

1.024

777

931

949

Versterking informatieveiligheid 2e tranche

100

46.523

47.454

48.403

Beginstand

Capaciteitsuitbreiding nieuw e crisistypen

190

Taakstelling

-677

Gem eentelijke bijdrage

44.532

45.746

Indexatie gemeentelijke bijdrage voor 2023 e.v. Prijs bruto binnenlands product

2022 1,40%

2023 2,30%

2024 1,60%

2025 1,60%

2026 2,00%

Prijs overheidsconsumptie, beloning w erknemers

1,30%

2,30%

1,80%

2,10%

2,00%

Gemeentelijke indexatie

1,3%

2,3%

1,7%

2,0%

2,0%

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 49

FLO Bijdrage Ambulancezorg De FLO bijdrage Ambulancezorg wordt conform afspraak niet geïndexeerd. In de onderstaande tabel is de uitsplitsing naar gemeente opgenomen. Bedragen x €1

FLO Bijdrage 2023 Am bu-zorg

Verdeelsleutel (Inw oners*)

Gemeente

Taakveld 7.1 Volksgezondheid

Opmeer

2.833

11.336

2.833

Enkhuizen

4.612

18.455

4.612

Drechterland

4.848

19.400

4.848

Stede Broec

5.372

21.493

5.372

Koggenland

5.616

22.471

5.616

Medemblik

10.928

43.725

10.928

Schagen**

2.896

11.589

2.896

Hollands Kroon***

8.793

35.184

8.793

Den Helder

14.064

56.275

14.064

Hoorn

18.037

72.172

18.037

FLO BIJDRAGE 2023

78.000

312.100

78.000

BIJDRAGE 2022

78.000

INDEX 2023

0,00%

Bijdrage per inw oner*

€ 0,25

*

gebaseerd op inw onersaantal per 1-1-2016

** van de inw oners Schagen telt het aantal inw oners van de oude gemeente Zijpe mee voor de bijdrage ambulancezorg *** van de inw oners Hollands Kroon telt 74% mee voor de bijdrage ambulancezorg

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 50

4.3

Financiële overzicht naar taakvelden

Begroting 2023 Taakvelden

Baten

Bedragen x €1.000 Lasten

Saldo

1.1 Crisisbeheersing en Brandweer Programma Brandweer Programma GHOR Programma Meldkamer Programma Risico- en crisisbeheersing Programma Dekkingsmiddelen taakvelden VR

54.962 1.861 12 1.747 51.342

40.957 33.903 1.436 2.898 2.720 -

14.005 -32.042 -1.424 -1.151 -2.720 51.342

1.2 Openbare orde en veiligheid Programma Veiligheidshuis Programma Dekkingsmiddelen taakvelden VR

1.171 696 475

1.281 1.281 -

-110 -585 475

7.1 Volksgezondheid Programma Ambulancezorg

17.610 17.610

15.833 15.833

1.777 1.777

Saldi programma's

73.743

58.071

15.672

203 -

15.865 -

-15.662 -

73.946

73.936

10

97 86 11 -

107 103 4 -

-10 -103 86 -4 11 -

74.043

74.043

-

0.4 Overhead 0.5 Treasury 0.8 Overige baten en lasten 0.9 Vennootschapsbelasting (Vpb) Saldo van baten en lasten, resultaat voor bestemming 0.10 Mutaties reserves Programma Ambulancezorg Programma Brandweer Programma Meldkamer Programma Risico- en crisisbeheersing Overhead Resultaat na bestemming

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 51

4.4

Meerjarenraming exploitatie per programma

Ambulancezorg Baten

Wettelijk budget Nza Overige baten

Totaal baten Lasten

Salarissen Afschrijvingen en rente Overige lasten

Totaal lasten Saldo van baten en lasten Mutatie reserves

Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves

Resultaat Aandeel in overhead Resultaat inclusief overhead

1.674.185 1.674.185 -

Resultaten programma's VR Programma Brandweer Programma GHOR Programma Meldkamer Programma Risico- en crisisbeheersing Programma Veiligheidshuis Programma Dekkingsmiddelen taakvelden VR Overhead Algemene dekkingsmiddelen/onvoorzien Resultaat programma's VR Mutatie reserves VR Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat programma's VR inclusief mutaties reserves

Brandweer Baten Totaal baten Lasten

Overige baten Salarissen Afschrijvingen en rente Overige lasten

Totaal lasten Resultaat programma

GHOR Baten Totaal baten Lasten

Begroting 2023 16.612.006 998.474 17.610.480 12.571.344 1.062.081 2.200.050 15.833.475 1.777.005 102.820

Overige baten Salarissen Afschrijvingen en rente Overige lasten

Totaal lasten Resultaat programma

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Begroting 2023 -32.042.268 -1.424.027 -1.150.491 -2.720.180 -584.524 51.816.545 -13.988.072 -93.017 93.017 -

Bedragen x € 1 MJR MJR 2024 2025 16.890.238 17.207.476 1.014.073 1.032.600 17.904.311 18.240.076 12.717.016 12.860.196 1.288.421 1.437.910 2.037.950 2.021.669 16.043.387 16.319.775 1.860.924 1.920.301 104.671 106.869

MJR 2026 17.539.193 1.050.615 18.589.808 13.096.628 1.497.798 2.004.314 16.598.740 1.991.068 109.113

1.756.253 1.756.253 -

1.813.432 1.813.432 -

1.881.955 1.881.955 -

Bedragen x € 1 MJR MJR 2024 2025 -32.737.144 -33.303.468 -1.451.883 -1.474.358 -1.167.918 -1.175.522 -2.765.855 -2.820.747 -604.865 -625.532 52.594.223 53.524.690 -13.948.952 -14.202.881 -82.394 -77.818

MJR 2026 -33.819.452 -1.494.623 -1.190.961 -2.871.922 -649.429 54.473.768 -14.531.665 -84.284

82.394 -

77.818 -

84.284 -

Begroting 2023 1.861.353 1.861.353 19.921.784 5.001.570 8.980.267 33.903.621 -32.042.268

Bedragen x € 1 MJR MJR 2024 2025 1.705.977 1.702.029 1.705.977 1.702.029 19.890.219 20.359.581 5.439.906 5.428.013 9.112.996 9.217.903 34.443.121 35.005.497 -32.737.144 -33.303.468

MJR 2026 1.713.926 1.713.926 20.923.931 5.179.810 9.429.637 35.533.378 -33.819.452

Begroting 2023 12.000 12.000 994.845 37.282 403.900 1.436.027 -1.424.027

Bedragen x € 1 MJR MJR 2024 2025 12.000 12.000 12.000 12.000 1.011.070 1.028.030 42.921 42.349 409.892 415.979 1.463.883 1.486.358 -1.451.883 -1.474.358

MJR 2026 12.040 12.040 1.048.590 34.366 423.707 1.506.663 -1.494.623

Pagina 52

Meldkamer Baten Totaal baten Lasten

Wettelijk budget Nza Salarissen Afschrijvingen en rente Overige lasten

Totaal lasten Resultaat programma

Risico- en crisisbeheersing Baten Totaal baten Lasten

Overige baten Salarissen Afschrijvingen en rente Overige lasten

Totaal lasten Resultaat programma

Zorg- en Veiligheidshuis Baten Totaal baten Lasten

Overige baten Salarissen Afschrijvingen en rente Overige lasten

Totaal lasten Resultaat programma

Dekkingsmiddelen taakvelden VR Baten Totaal baten Lasten

Bijdrage gemeenten BDUR/Rijk/ministerie

Bedragen x € 1 MJR MJR 2024 2025 1.777.519 1.811.592 1.777.519 1.811.592 2.674.603 2.717.397 9.596 9.548 261.238 260.169 2.945.437 2.987.114 -1.167.918 -1.175.522

MJR 2026 1.847.220 1.847.220 2.771.745 3.598 262.838 3.038.181 -1.190.961

1.730.868 74.236 915.076 2.720.180 -2.720.180

Bedragen x € 1 MJR MJR 2024 2025 1.760.248 1.786.898 74.562 84.322 931.045 949.527 2.765.855 2.820.747 -2.765.855 -2.820.747

1.816.844 83.911 971.167 2.871.922 -2.871.922

Begroting 2023 696.323 696.323 1.126.464 154.383 1.280.847 -584.524

Bedragen x € 1 MJR MJR 2024 2025 696.323 696.323 696.323 696.323 1.144.487 1.162.799 156.701 159.056 1.301.188 1.321.855 -604.865 -625.532

MJR 2026 698.673 698.673 1.186.055 162.047 1.348.102 -649.429

Begroting 2023 45.745.723 6.070.822 51.816.545

Bedragen x € 1 MJR MJR 2024 2025 46.523.401 47.453.868 6.070.822 6.070.822 52.594.223 53.524.690

MJR 2026 48.402.946 6.070.822 54.473.768

51.816.545

52.594.223

53.524.690

54.473.768

Begroting 2023 202.683 202.683 9.571.532 676.952 5.616.456 15.864.940 -15.662.257 1.674.185 -13.988.072

Bedragen x € 1 MJR MJR 2024 2025 159.011 160.360 159.011 160.360 9.487.984 9.712.342 628.229 538.378 5.748.003 5.925.953 15.864.216 16.176.673 -15.705.205 -16.016.313 1.756.253 1.813.432 -13.948.952 -14.202.881

MJR 2026 149.820 149.820 10.043.003 474.915 6.045.522 16.563.440 -16.413.620 1.881.955 -14.531.665

Begroting 2023

MJR 2026

Salarissen Afschrijvingen en rente Overige lasten

Totaal lasten Resultaat programma

Overhead Baten Totaal baten Lasten

Begroting 2023 1.747.635 1.747.635 2.632.484 9.642 256.000 2.898.126 -1.150.491

Overige baten Salarissen Afschrijvingen en rente Overige lasten

Totaal lasten Resultaat programma Overhead t.l.v. ambulancezorg Resultaat inclusief overhead

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

Pagina 53

Algemene dekkingsmiddelen/Onvoorzien Baten Totaal baten Lasten

MJR 2026

Overige baten Salarissen Afschrijvingen en rente Overige lasten

Totaal lasten Resultaat algemene dekkingsmiddelen/onvoorzien

4.5

Bedragen x € 1 MJR MJR 2024 2025

Begroting 2023 -

-

-

-

-

-

-

-

Overzicht van incidentele baten en lasten Bedragen x € 1.000

Programma /paragraaf Ambulancezorg Storting in reserve Sub

2023 2024 2025 2026 Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten

-

Brandweer Loonkosten boven structurele sterkte Onttrekking uit reserve Sub Meldkamer Storting in reserve Sub

103 103

-

86 86 86

12 12

Totaal

98

107 107

-

75 75 75

86

4 4

-

Risico- & crisisbeheersing Loonkosten boven structurele sterkte Onttrekking uit reserve Sub

DOC P&C: Begroting 2023 / MJR 2024-2026

105 105

12 12 205

86

89 89 89

74

4 4

-

11 11 11

-

74 74 74

75

4 4

-

109 109

89

4 4

-

8

11

8 8

8

195

82

193

-

89

202

Pagina 54

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11546306/1