Raadsvoorstel met advies en toelichting
Tekst van het document
Raadsvoorstel Jaar
Zaaknummer
2023
80708-2023
Onderwerp: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan ‘Buitengebied, Buffer zuid’
Portefeuillehouder: R. van der Weide
Team: Ruimtelijke ontwikkeling B. Suk, telefoonnummer 140591
Aan de gemeenteraad Voorgesteld besluit 1. De Nota van beantwoording zienswijzen vast te stellen; 2. Het bestemmingsplan ‘Buitengebied, Buffer zuid’ met planidentificatienummer 'NL.IMRO.0114.2021021-B701' gewijzigd vast te stellen; 3. De ‘MER Buffer zuid’ gewijzigd vast te stellen; 4. Het ‘beeldkwaliteitsplan Buffer Zuid’ gewijzigd vast te stellen en als wijziging onderdeel uit te laten maken van de Welstandsnota 2016; 5. Bij het bestemmingsplan ‘Buitengebied, Buffer zuid’ met planidentificatienummer 'NL.IMRO.0114.2021021-B701' geen exploitatieplan vast te stellen.
Bijlage(n) 1. Nota van beantwoording zienswijzen; 2. Bestemmingsplan ‘Buitengebied, Buffer zuid’, ‘MER Buffer zuid’ en ‘beeldkwaliteitsplan Buffer Zuid’ (toelichting, regels, 23 bijlagen).
Stuk(ken) ter inzage Collegebesluit 14 maart 2023 en de daarbij behorende stukken.
Gemeente Emmen, blad 2-6
jaar
Zaaknummer
2023
80708-2023
1. Inleiding Voor het behoud en de ontwikkeling van de natuurlijke kenmerken van het Natura 2000-gebied Bargerveen worden diverse herstelmaatregelen uitgevoerd, nodig om de kernopgaven en instandhoudingsdoelen voor het Bargerveen te realiseren. Eén van de herstelmaatregelen is een 500 meter brede bufferzone aan de zuidzijde van het Natura 2000-gebied Bargerveen: Buffer zuid. Voor de inrichting vindt een functiewijziging plaats van ongeveer 220 hectare landbouwgrond. Verder zal het waterschap Vechtstromen de waterhuishouding in het herinrichtingsgebied NieuwSchoonebeek aanpassen. Dit wordt in een separaat bestemmingsplan geregeld (Bestemmingsplan Buitengebied, Nieuw-Schoonebeek, waterschap Vechtstromen). Gedeputeerde Staten van Drenthe hebben de Bestuurscommissie Bargerveen-Schoonebeek (BC) ingesteld die als taak heeft om opzet, voortgang en resultaten van het project aan te sturen, te bewaken en te controleren. De BC is een samenwerking met meerdere partijen waaronder de gemeente, de provincie en Waterschap Vechtstromen. Prolander (voorheen DLG) voert de projectleiding uit. De planvorming is tot stand gekomen is samenwerking met stakeholders en omwonenden. Hierdoor is draagvlak geborgd. In hoofdstuk 7.2 van de toelichting bij het bestemmingsplan wordt de maatschappelijke uitvoerbaarheid beschreven. Het plangebied is gelegen ten zuiden van het Bargerveen.
Het betreft een brede zone van ongeveer 500 meter breed (noord-zuid) die grenst aan het Bargerveen. De zone loopt vanaf de Kerkenweg in het westen tot aan de Duitse grens in het oosten. De begrenzing van het plangebied ligt aan de zuidzijde van de nieuw aan te leggen Doctor Ingenieur H.A. Stheemanstraat.
Afbeelding plangebied (rood omlijnd); Natura 2000-gebied Bargerveen (groen gemarkeerd) en locatie bufferzone (blauw gemarkeerd)
Het plangebied valt in het bestemmingsplan ‘Buitengebied 2011’. De betrokken gronden hebben overwegend een agrarische bestemming. Om de buffer te realiseren krijgen de gronden de bestemming ‘Natuur - Veengebieden en Beekdalen’ en de dubbelbestemming ‘Waterstaat – Waterbergingsgebied’. Een klein gedeelte in de zuidwesthoek van het plangebied krijgt de bestemming ‘Recreatie’ met gedeeltelijk de aanduiding ‘horeca’.
Gemeente Emmen, blad 3-6
MER Buffer zuid Gezien de omvang van het gebied dat een natuurbestemming krijgt is een milieueffectrapportage verplicht (MER, bijlage 3.7 bij het bestemmingsplan). De Commissie MER is advies gevraagd. Op 6 december 2022 is het “Toetsingsadvies over het milieueffectrapport en de aanvulling daarop” uitgebracht. De Commissie is positief over de wijzigingen in de MER sinds de concept-versie. Beeldkwaliteitsplan Buffer Zuid De inrichting van Buffer Zuid zal grotendeels uitgevoerd worden door Prolander. Leidend voor het ontwerp is de Handreiking Ruimtelijke Kwaliteit (HRK) dat een bijlage bij het bestemmingplan is (bijlage 3.4 bij de toelichting). Voor een gedeelte zijn de eindgebruikers van Buffer Zuid nog niet bekend. In de initiatiefpaspoorten worden activiteiten beschreven die passend worden geacht (bijlage 3.5 bij de toelichting). Een aantal initiatiefpaspoorten wordt zo belangrijk gevonden dat deze nu al mogelijk worden gemaakt in het bestemmingsplan. Dit betreffen recreatie en horeca in de zuidwesthoek van het plangebied en maximaal 10 ecolodges in de twee oostelijke vakken. Om de kwaliteit te borgen die in de HRK en initiatiefpaspoorten wordt beschreven is een beeldkwaliteitsplan (BKP) opgesteld. In dit BKP staan welstandseisen opgenomen. Welstandseisen mogen uitsluitend worden opgenomen in een door de Raad vastgestelde Welstandsnota.
De Welstandscommissie mag ook uitsluitend toetsen aan de eisen opgenomen in de Welstandsnota. Daarom wordt u voorgesteld dit BKP vast te stellen als onderdeel van de Welstandsnota uit 2016. 2. Beoogd effect Een bestemmingsplan, MER en BKP om de agrarische bestemming van de betrokken gronden te wijzigen in een natuur- en recreatiebestemming en de realisatie van een bufferzone met recreatieve nevenactiviteiten mogelijk te maken, waarbij tevens de milieubelangen gewogen zijn en de gewenste beeldkwaliteit geborgd is. 3. Argumenten 1.1 Er zijn drie zienswijzen ontvangen. De stukken hebben vanaf 12 oktober tot en met 22 november 2022 ter inzage gelegen. Tijdens deze periode zijn drie zienswijzen ten aanzien van het bestemmingsplan ontvangen. De zienswijzen hebben betrekking op stikstof en effecten op het grondwater- en oppervlaktewaterpeil in Duitsland. LTO Noord had een uitgebreide zienswijze ingediend. Hierop heeft een gesprek plaatsgevonden tussen LTO Noord en Prolander om een toelichting te geven. LTO Noord heeft daarna de zienswijze ingetrokken op twee punten na. De zienswijzen worden beantwoord in de nota van beantwoording zienswijzen (bijlage 1 bij het collegevoorstel). De zienswijzen geven geen aanleiding tot een gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan.
2.1 Een bufferzone met recreatieve nevenactiviteiten is nu niet mogelijk Het plangebied valt in het bestemmingsplan ‘Buitengebied 2011’. De betrokken gronden hebben overwegend een agrarische bestemming. Binnen deze bestemming zijn een bufferzone met recreatieve nevenactiviteiten niet toegestaan. Om de buffer te realiseren krijgen de gronden de bestemming ‘Natuur Veengebieden en Beekdalen’ en de dubbelbestemming ‘Waterstaat – Waterbergingsgebied’. Een klein gedeelte in de zuidwesthoek van het plangebied krijgt de bestemming ‘Recreatie’ met gedeeltelijk de aanduiding ‘horeca’. 2.2 Ambtshalve wijzigingen De toelichting is ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan op een aantal punten aangevuld. Buffer zuid is een complexe “watermachine” waar middels innovatieve methoden natuurdoelen worden nagestreefd. Er is sprake van een voortschrijdend inzicht. Wijzigingen naar aanleiding van aanpassingen in het ontwerp van de buffer; - BP Buffer Zuid toelichting (bijlage 3.1 bij collegevoorstel); paragraaf 5.2.3.3,
Gemeente Emmen, blad 4-6
“Aanvoer buffer: … Er is uitgerekend dat in een droge zomer tot maximaal 360.000 m3 aanvoerwater nodig is in de zomer. In een gemiddelde zomer is de aanvoerbehoefte 61.000 m3.” Was in het ontwerpplan respectievelijk 330.000 m3 en 60.000m3; - BP Buffer Zuid toelichting (bijlage 3.1 bij collegevoorstel); aanpassen paragraaf 5.2.3.3; vak 2 en 3 worden gekoppeld en krijgen beide een ecologische minimumpeil van 16.61/ 16.62 +NAP; Was in het ontwerpplan respectievelijk 16,65 en 16,50 meter +NAP; - BP Buffer Zuid regels (bijlage 3.2 bij collegevoorstel); onder artikel 3.2.3 twee nieuwe regels toe te voegen: “- vlonders en voetgangersbruggen ten behoeve van een voetpad mogen worden gerealiseerd met een bouwhoogte van maximaal 2,5 meter. - de bouwhoogte van bouwwerken ten behoeve van het behoud en herstel van de landschappelijke en natuurlijke waarden mag maximaal 3 meter bedragen en mag maximaal 150 m2 vloeroppervlak bedragen.” Wijzigingen naar aanleiding van gewijzigde regelgeving: Stikstof; Voor het bestemmingsplan en de MER is stikstof grondig onderzocht waarbij is gekeken naar de ‘worst case’ situatie. De conclusie is dat dit voldoet aan alle wettelijke regels. Voor de gebruiksfase geldt dat er sprake is van een afname van de stikstofdepositie in het Natura 2000-gebied Bargerveen.
Dit komt doordat landbouwgronden een andere functie krijgen wat leidt tot afname van de ammoniakemissies door het wegvallen van de bemesting. Met het vervallen van de bouwvrijstelling is rekening gehouden. De aanlegfase is ook onderzocht. Voor de aanlegfase geldt dat er een tijdelijke toename is van de stikstofdepositie door de inzet van materieel. Dat dit acceptabel is wordt onderbouwd in de natuurtoets (ecologische onderbouwing) die bijlage bij het bestemmingsplan is (bijlage 3.9). Ook de Commissie MER heeft ingestemd met de onderbouwing. Om de stikstofdepositie te bepalen is er een wettelijk verplicht instrument: de AERIUS calculator. Voor deze plannen is stikstofdepositie berekend met de AERIUS calculator versie 2021. Op 26 januari 2023 is de nieuwe AERIUS calculator versie 2022 uitgekomen. Bij bestemmingsplannen bepaald het moment van vaststelling welke AERIUS calculator je moet gebruiken. Daarom is alsnog een berekening met de laatste AERIUS calculator gemaakt. Deze berekening gaf voor de gebruiksfase voor 1 punt een kleine verhoging. Geconcludeerd kan worden dat deze geringe stikstoftoename op dit punt geen ecologische effect heeft en daarmee acceptabel is zoals ook onderbouwd is in een oplegnotitie voor bij de natuurtoets (bijlage 3.9a).
U wordt voorgesteld om deze oplegnotitie bij de natuurtoets als ambtshalve wijziging aan de bijlagen bij de toelichting van het bestemmingsplan te voegen. 3.1 De ‘MER Buffer zuid’ gewijzigd vast te stellen Zoals hierboven in de inleiding beschreven, is een milieueffectrapportage verplicht gezien de omvang van het gebied dat een natuurbestemming krijgt. Hiermee wordt geborgd dat het milieubelang volwaardig wordt meegewogen bij de besluitvorming over het bestemmingsplan. De Commissie MER is vroegtijdig betrokken bij het opstellen van de MER. Ten aanzien van de concept-MER is in de zomer van 2021 het “Voorlopig toetsingsadvies over het milieueffectrapport” ontvangen. Dit heeft geleid tot veel wijzigingen in de MER en het ontwerp van de buffer. De MER heeft vanaf 12 oktober tot en met 22 november 2022 ter inzage gelegen. Tijdens deze periode zijn geen zienswijzen ten aanzien van de MER ontvangen. In dezelfde periode is de MER aan de Commissie MER gezonden die op MER 6 december 2022 het “Toetsingsadvies over het milieueffectrapport en de aanvulling daarop” heeft uitgebracht. De Commissie is positief over de wijzigingen in de MER sinds de concept-versie. Op één punt vindt ze dat informatie ontbreekt, die zij essentieel acht voor het volwaardig meewegen van het milieubelang bij de besluitvorming over het bestemmingsplan.
Het gaat om de onzekerheid over de benodigde externe wateraanvoer bij langdurige (extreme) droogtes, welke sterk afhangt van de mate van wegzijging van water uit de bufferzone. Door RHDHV is een oplegnotitie wateraanvoer opgesteld die hier op ingaat (bijlage 3.8 bij de toelichting). U wordt voorgesteld om deze notitie bij de MER (bijlage bij de toelichting) als ambtshalve wijziging toe te voegen.
Gemeente Emmen, blad 5-6
4.1 Het ‘beeldkwaliteitsplan Buffer Zuid’ gewijzigd vast te stellen Zoals hierboven in de inleiding beschreven, is een beeldkwaliteitsplan opgesteld om de kwaliteit te borgen die in de Handreiking Ruimtelijke Kwaliteit en initiatiefpaspoorten wordt beschreven. Het BKP heeft vanaf 12 oktober tot en met 22 november 2022 ter inzage gelegen. Tijdens deze periode zijn geen zienswijzen ten aanzien van het BKP ontvangen. In dezelfde periode is het concept-BKP aan de Welstandscommissie voorgelegd. Op 21 november 2022 is het BKP in de Kleine commissie besproken. De Welstandscommissie heeft een advies uitgebracht met een aantal verbeterpunten om het BKP concreter en beter toetsbaar te maken. De opmerkingen zijn verwerkt in het BKP (ambtshalve aanpassing). 5.1 Geen exploitatieplan noodzakelijk. Voor de realisatie van de buffer is een projectbudget beschikbaar gesteld door de provincie Drenthe. Realiseringskosten en planschade ten gevolge van het realiseren van de buffer komen voor rekening van dit projectbudget. Hiermee is de financiële uitvoerbaarheid van het project zeker gesteld. Daarmee is het kostenverhaal anderszins verzekerd. 4. Kanttekeningen Geen 5. Financiën Voor de realisatie van de buffer is een projectbudget beschikbaar gesteld door de provincie Drenthe. Realiseringskosten en planschade ten gevolge van het realiseren van de buffer komen voor rekening van dit projectbudget.
Zie 5.1. 6. Uitvoering Gedurende zes weken, na vaststelling door uw raad en bekendmaking, kan beroep worden ingesteld bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Als geen beroep wordt ingesteld wordt het plan daarna van kracht en onherroepelijk. Als beroep wordt ingesteld, is het bestemmingsplan nog niet onherroepelijk. Het kan dan al wel van kracht worden maar dat is afhankelijk van een eventuele schorsingsprocedure. Als het wel van kracht wordt maar nog niet onherroepelijk, kunnen omgevingsvergunningen op basis van het bestemmingsplan wel worden verleend. De vaststelling wordt gepubliceerd in de Emmer Courant en in het Gemeenteblad. Het bestemmingsplan is digitaal raadpleegbaar via www.ruimtelijkeplannen.nl. Daarnaast kan het plan op afspraak worden ingezien bij het Klant Contact Centrum van de gemeente. Een concept-besluit is bijgevoegd.
Emmen,14 maart 2023. Burgemeester en wethouders van Emmen, de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
M. Plantinga-Leenders
H.F. van Oosterhout
Gemeente Emmen, blad 6-6
Jaar
Zaaknummer
2023
80708-2023
Raadsbesluit De raad van de gemeente Emmen; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 14 maart 2023; gelet op het bepaalde in de Wet ruimtelijke ordening; overwegende dat: • de procedure conform het bepaalde in de Wet ruimtelijke ordening heeft plaatsgevonden; • het ontwerp-bestemmingsplan, -MER, en -beeldkwaliteitsplan vanaf 12 oktober 2022 voor zes weken ter inzage hebben gelegen; • dat gedurende deze periode drie zienswijzen ten aanzien van het bestemmingsplan zijn ingediend; • de ingekomen zienswijzen zijn ontvangen binnen de wettelijke termijn; • dat naar aanleiding van de zienswijzen en ambtshalve wijzigingen de plantoelichting en de regels (artikel 3.2.3) zijn gewijzigd;
•
dat de wijzigingen leiden tot een gewijzigde vaststelling ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan, -MER, en -beeldkwaliteitsplan.
besluit: 1. De Nota van beantwoording zienswijzen vast te stellen; 2. Het bestemmingsplan ‘Buitengebied, Buffer zuid’ met planidentificatienummer 'NL.IMRO.0114.2021021-B701' gewijzigd vast te stellen; 3. De ‘MER Buffer zuid’ gewijzigd vast te stellen; 4. Het ‘beeldkwaliteitsplan Buffer Zuid’ gewijzigd vast te stellen en als wijziging onderdeel uit te laten maken van de Welstandsnota 2016; 5. Bij het bestemmingsplan ‘Buitengebied, Buffer zuid’ met planidentificatienummer 'NL.IMRO.0114.2021021-B701' geen exploitatieplan vast te stellen.
Vastgesteld in de openbare vergadering van 25 april 2023. de wnd. griffier,
de voorzitter,
S. Engelen
H.F. van Oosterhout