CConstaterende datEmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

Perspectiefbrief 2021 (21.000490)

Commissie Bestuur, Middelen en Economie 15 april 2021, gemeente EmmenBij agendapunt: Brief college inzake Perspectiefbrief 20214.176 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadhuisplein 1 7811 AP Emmen

t. 140591 f. 0591 685599

Postbus 30001 7800 RA Emmen e. gemeente@emmen.nl i. gemeente.emmen.nl

Gemeente Emmen

Aan de raad van de gemeente Emmen

team

Concern Strategie en Advies

ons kenmerk

zaaknummer

21.000490

66092-2021

datum

telefoon

24 maart 2021

140591

bijlage

behandeld door

BSN

A.M. Bosma fax

e-mail

gemeente@emmen.nl

onderwerp

Perspectiefbrief 2021

Geachte leden van de raad, Ter voorbereiding op de Kadernota 2022 en de Berap 2021-1 informeren wij u in een vroeg stadium op hoofdlijnen over het financieel meerjarenperspectief van onze gemeente. Dat doen wij met de perspectiefbrief. Hierin wordt uw raad geïnformeerd over de majeure ontwikkelingen die het begrotingsresultaat (gaan) beïnvloeden. Nog steeds onzekerheid

Bij het opstellen van de begroting 2021 hadden wij te maken met grote onzekerheden, zoals de ontwikkeling van de rijksmiddelen (gemeentefonds, BUIG), de effecten van corona, de uitgaven in het sociaal domein, extra middelen van het Rijk (bijv. voor tekorten in het sociaal domein) en de herziening van het gemeentefonds. In opmaat naar de kadernota 2022 kampen we nog steeds met grote onzekerheid over de rijksmiddelen. Zoals bekend is er al jaren landelijk sprake van grote financiële problemen bij gemeenten als gevolg van naar onze mening onbehoorlijk rijksbeleid. Als oorzaken zijn onder andere te noemen de eenzijdig door het rijk doorgevoerde opschalingskorting en het niet compenseren van de tekorten in het sociaal domein. Bij elkaar gaat het dan om vele miljoenen. Ten tijde van het schrijven van deze perspectiefbrief heeft het huidige kabinet niet laten blijken de signalen vanuit de gemeenten serieus te nemen. Op het dossier jeugdhulp is er bijvoorbeeld nog steeds geen compensatie toegezegd, terwijl er een onafhankelijk rapport is verschenen met daarin een berekend structureel tekort van tussen de C 1,6 en {; 1,8 miljard. De indruk bestaat dat het oplossen van de financiële problemen van gemeenten wordt doorgeschoven en aan een nieuw kabinet wordt over gelaten. De grens is echter wat gemeenten betreft nu al bereikt en langer wachten is daarbij geen oplossing.

De VNG zet daarom op dit moment ook stevig in door middel van arbitrage op het dossier jeugdhulp. De uitkomst hiervan is op 1 mei bekend. Ook brengt de VNG de boodschap van gemeenten duidelijk over dat nieuwe taken/wetten gepaard moeten gaan met voldoende middelen.

Gemeente Emmen, 66092-2021 :495335 blad 2-7

De uitkomst van de arbitrage is nog onzeker en ook is nog onduidelijk of een huidig kabinet de mogelijk positieve uitkomst van de arbitrage ook echt over gaat nemen. Er zijn ook geluiden (bijvoorbeeld vanuit De Nederlandse Bank) dat het huidige kabinet geen structurele toezeggingen zou moeten doen. Tevens bereiken ons signalen dat de toereikende rijksmiddelen voor nieuwe taken/wetten (Omgevingswet, Klimaatakkoord) geen zekerheid is. Dat zou kunnen betekenen dat bij invoering van deze nieuwe taken/wetten de middelen voor onze huidige taken en onze eigen ambities wederom (net als bij de decentralisaties sociaal domein) fors onder druk komen te staan en dat wellicht nieuwe bezuinigingen nodig zijn. Dat vinden wij onacceptabel. Al met al moeten we er serieus rekening mee gaan houden dat bij de kadernota 2022 er nog steeds sprake is van grote onzekerheid en dat pas bij de begroting 2022 er meer duidelijkheid is. Deze onzekerheid maakt het lastig om in de komende kadernota 2022 keuzes te maken. Wij zullen ons hierover de komende tijd beraden. Hieronder beschrijven wij een aantalontwikkelingen op hoofdlijnen. Het gaat om majeure ontwikkelingen, gebaseerd op bestaand beleid danwel onontkoombaar (bijvoorbeeld op basis van landelijke wetgeving). De genoemde geldbedragen bij de majeure ontwikkelingen zijn een eerste indicatie en op dit moment nog onzeker.

In de kadernota 2022 worden de majeure ontwikkelingen op basis van nadere afwegingen gewogen en definitief op geld gezet. De genoemde ontwikkelingen zijn niet limitatief, in de kadernota 2022 zullen ook andere (veelal kleinere) ontwikkelingen worden genoemd. Met deze brief worden geen budgetten beschikbaar gesteld, vindt geen aanpassing van de begroting plaats, worden geen beleidskeuzes gemaakt en worden er ook geen dekkingsvoorstellen gedaan. Begrotingsresultaat

2021-2025

Als basis wordt het begrotingsresultaat genomen volgens de begroting 2021 voor de jaarschijven 2021 tot en met 2025, inclusief de effecten van de septembercirculaire 2020 en genomen raadsbesluiten. Dit ziet er als volgt uit:

Begrotingsresultaat begroting raadsbrief sentembercirculaire

2021 Incl. 2020 ea.

AmendementEOP's Amendementfietsenkelder Vastgesteld begrotingsresultaat begroting 2021 Raadsbesluitaansprakelijkheidsverzekering Actuele stand bearotinzsresultaat

2021

2022

202:l

2024

2025*

2.216

2·918

2.099

1.583

n.v.t,

-75 -50

-75

-75

-75

-75

2.091

2.843

2.024

1·508

n.v.t.

199 2.290

199 3.042

199 2.223

199 1.707

199 1.q25

* begrotingsresultaat 2025 is nieuwe jaarschijf

Ontwikkelingen 1. Gemeentefonds 1.1. Herziening

gemeentefonds

Wij hebben u onlangs geïnformeerd over de voorlopige uitkomsten van de herziening gemeentefonds. Er zijn in deze raadsbrief drie uitkomsten voor de gemeente Emmen genoemd: de herziening van de verdeling gemeentefonds geeft voor de gemeente Emmen een effect van - /C 10 per inwoner, een bedrag van ruim {; 1 miljoen nadelig vanaf 2023 (structureel). de aanpassing van het woonplaatsbeginsel Jeugdzorg geeft voor de gemeente Emmen een effect van + / + C 32 per inwoner, een bedrag van ruim {; 3 miljoen voordelig vanaf 2022 (structureel); hier staan echter ook extra kosten tegenover, we weten alleen nog niet hoeveel. Vooralsnog gaan we uit van een budgettair neutraal effect. de uitkomst nieuw verdeelmodel Beschermd Wonen geeft voor de regio Emmen (BOCE)een effect van -/- {; 23 per inwoner met een ingroeipad van 10 jaar. Een behoedzame inschatting is dat dit voor de gemeente Emmen vanaf 2023 een effect van - / - C 240.000 per jaar geeft (cumulerend effect). Ofhier ook kostendalingen tegenover staan is nu nog niet exact te zeggen. De verwachting met de kennis van nu is dat vanaf 2021 een voordelig effect op de kosten kan

Gemeente Emmen, 66092-2021 :495335 blad 3-7

worden gemeld van afgerond € 0,5 miljoen. Ook kunnen er effecten zijn als gevolg van het toepassen van het woonplaatsbeginsel. Zoals benoemd is de gepubliceerde nieuwe verdeling voorlopig. In de kadernota keuze maken hoe hiermee om te gaan.

2022

zullen wij een

Het voorstel voor de herziening ligt nu ter consultatie bij de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB). In de raadsbrief hebben wij u medegedeeld dat wij in VDG-verband een brief naar de ROB hebben gestuurd. Dit in navolging van de gemeenten uit Friesland en Groningen. Naar onze mening worden de sociaal zwakkere gemeenten dubbel gekort met dit voorstel van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Wij blijven onze belangen kenbaar maken en zullen daarin optrekken met gemeenten in dezelfde positie. Voor de details en nadere toelichting verwijzen wij u naar de raadsbrief en de brief aan de ROB. 1.2.

Extra rijksmiddelen gemeenten

Er is nog geen duidelijkheid over extra rijksmiddelen voor gemeenten. De VNG zet zich hier nog steeds voor in en er is recent in een ledenvergadering ook een resolutie daartoe aangenomen. De huidige verwachting is dat een nieuw kabinet een besluit gaat nemen over eventuele extra middelen voor gemeenten. Het gaat daarbij vooralom compensatie voor extra kosten sociaal domein (jeugdzorg en WMO-abonnementstarief) en het schrappen van de opschalingskorting. In de raadsbrief over de decembercirculaire 2020 is aangegeven dat de extra kosten voor jeugdzorg door een extern bureau zijn ingeschat op C 1,6 tot € 1,8 miljard. Voor de details en nadere toelichting verwijzen wij u naar deze raadsbrief. De opschalingskorting loopt tot in 2025 op tot ongeveer € 1 miljard. Ons relatief aandeel in het gemeentefonds is circa 0,6%. Beide ontwikkelingen bij elkaar genomen, gaan voor de gemeente Emmen dus om vele miljoenen. Naast de extra rijksmiddelen voor de dekking van tekorten zullen er ook rijksmiddelen gaan komen voor de Omgevingswet en het Klimaatakkoord. Daar staan in principe ook kosten tegenover (budgettair neutraal). Zie daarvoor onder paragrafen 3. en 4. in deze brief. Op basis van recente informatie is nog niet duidelijk of de rijksmiddelen voldoende zullen zijn om onze kosten te dekken.

De zorg daarbij is of gemeenten de harde eis "eerst toereikende rijksmiddelen dan pas de taken" wel waar kunnen maken. 2. Corona 2.1.

Incidenteel

Over 2020 verwerken wij de effecten van corona in onze jaarrekening 2020. Wij storten rijksmiddelen compensatie corona in de reserve corona en ook storten/onttrekken wij voor-en nadelen als gevolg van corona in deze reserve. Per saldo hebben wij op deze manier eind 2020 een reserve corona kunnen vormen van circa € 5 miljoen. In 2021 gaan wij op basis van een afwegingskader deze middelen gericht inzetten voor maatschappelijke instellingen die in 2020 te lijden hebben gehad van corona.

Negatieve effecten van coronamaatregelen Landelijk wordt geconstateerd dat de huidige loekdown een negatief effect heeft op vele terreinen. Het gaat daarbij onder andere om de mogelijke gevolgen voor: - het psychisch en sociaal welbevinden van jongeren - de psychische kwetsbaarheid van volwassenen - inwoners/gezinnen in relatie tot armoede, schulden en eenzaamheid - de detailhandel, horeca en zzp'ers - de binnenstad als aantrekkelijk centrum. Dit alles zal ertoe leiden dat wij als gemeente extra kosten gaan maken om deze negatieve effecten zo goed als mogelijk tegen te gaan. 2.2.

Structureel

De structurele effecten van corona zijn nu nog lastig te bepalen. Wij denken wel dat die er zijn en dat we daar begrotingsruimte voor moeten reserveren. Bij de kadernota 2022 doen we daar een eerste verkenning voor. Indien nodig verwerken wij de effecten bij de begroting 2022 op basis van de dan beschikbare informatie.

Gemeente Emmen, 66°92-2021:495335 blad 4-7

3. Omgevingswet

en de Wet Kwaliteitsborging

Bouw

3.1. Gemeente Emmen

De invoering van de Omgevingswet (OGW) en de Wet Kwaliteitsborging Bouw (WKB)heeft per 1 januari 2022 behoorlijke effecten op de gemeente Emmen. De verwachting is dat door toename van vergunning vrij bouwen er minder leges kunnen worden geheven. Hier staat tegenover dat er vanaf 1 januari 2022 een nieuwe legesheffing mogelijk is voor milieuvergunningen. Wat betreft de invoering van de WKBverschuift het toezicht op de kwaliteit voor bouwwerken van de gemeente naar private kwaliteitsborgers. Het betreft bouwwerken die als weinig risicovol worden gezien. Aanvragers betalen zelf de kosten van de private kwaliteitsborgers. De verwachting is dan ook dat gemeenten voor dit deel van de vergunningsaanvragen een tariefverlaging op de leges zullen doorvoeren. Bij de invoering van de OGW en de WKBwas het uitgangspunt dat deze operatie voor gemeenten kostenneutraal zou kunnen verlopen. Op dit moment is niet duidelijk of de invoering van OGW en WKB werkelijk kostenneutraal kan plaatsvinden. Er zijn bovendien ook nog bestuurlijke keuzes te maken over de hoogte van de leges C.q. de mate van kostendekkendheid. Inmiddels worden er in de gemeente Emmen in het kader van de invoering van de OGW en WKBanalyses gemaakt op effecten van deze wetten voor de uitvoering. Het gaat daarbij dan om meer- en minder werk.

De verwachting is dat op basis van deze analyse na het eerste halfjaar van 2021 meer inzicht ontstaat in de werkelijke baten en lasten. De bedoeling is om dit in een varianten-Zkeuzemodel uit te werken voor besluitvorming. 3.2. RVD

De invloed van de OGW op de RUD is groot. De invloed van de WKBop de RUD zal zeer beperkt zijn. Naast de OGW zijn er ook andere autonome ontwikkelingen bij de RUD. Deze zijn in de aanvullende kaderbriefvan de RUD 2022 op geld gezet. Voor Emmen laat deze kaderbriefvan de RUD voor 2022 en verder een toename van de bijdrage zien van circa 9,5% (€320.000). Dit bedrag is indicatief, want er is nog een grote mate van onzekerheid. Een bijzonder aspect van de OGW is dat de Wet bodembescherming hierin opgaat. Alle gemeenten worden dan bevoegd gezag. De uitvoeringskasten om spoedlocaties te saneren zijn voor Emmen de komende jaren lager dan tijdens de laatste convenantsperiode 2016-2020. De rijksmiddelen in het gemeentefonds lopen tot en met 2020. Voor 2021 zijn budgetten beschikbaar gesteld bij wijze van overgangsjaar. De rijksmiddelen vanaf 2022 zijn momenteel nog onbekend. De reserve bodemsanering is op dit moment toereikend om de voorzienbare saneringskosten tot 2030 te dekken. 4. Grote Transitieopgaven

Klimaatakkoord

en Circulaire

economie

Er zijn in Nederland grote opgaven die voortkomen uit het Klimaatakkoord en de bijbehorende energietransitie en reductie C02 uitstoot. De gemeente Emmen zet met al haar partners in de regio al langer in op het realiseren van een circulaire economie: een economie zonder verspilling van grondstoffen, met maximaal hergebruik (recycling) van al gebruikte grondstoffen. En een economie gericht op reductie van C02-uitstoot. Juist voor deze grote maatschappelijke opgaven komt er veel geld uit Europa (EU-fondsen JTF, RRF, EFRO, Horizon) en deels van het Rijk (Groeifonds, RVO)beschikbaar. Dit geld komt in dejaren 20212025 beschikbaar en dat betekent een grote extra inspanning voor steden als Emmen om daar goed gebruik van te kunnen maken. De extra inspanning houdt in: lobbyen allerlei voorbereiding waarin we moeten aantonen waarom de regio Emmen dit geld nodig heeft en waaraan het bijdraagt (de EU-doelen). Een beroep op de middelen uit Europa/van het Rijk vraagt een voorinvestering (de kosten gaan voor de baten uit) in de vorm van: financiering en capaciteit voor het organiseren van projectaanvragen, consortiumvorming, deelname aan werkgroepen en lobby cofinanciering Voor de periode 2021-2025 is circa €500.000 per jaar nodig voor de bekostiging van de hele voorbereiding, deelname en gereedmaken van alle benodigde documentatie.

Hierin zitten zowel extra kosten voor de ambtelijke capaciteit als de kosten voor de inhuur van experts. Voor cofinanciering is naar schatting minimaal €1,5 miljoen per jaar nodig, daarmee kan dan eens per twee jaar bij een groot project €3 miljoen cofinanciering worden bijgedragen.

Gemeente Emmen, 66092-2021:495335 blad 5-7

Of deze ruimte te vinden is binnen onze begroting hangt sterk af van de rijkmiddelen die beschikbaar gaan komen voor de uitvoering van het Klimaatakkoord of rijksmiddelen binnen de algemene uitkering voor compensatie van tekorten van gemeenten. 5. Budgetten WMO 5.1. Gebiedsbudgetten

Begeleiding/Huishoudelijke

Hulp

Voor de contractperiode 2021-2022 zijn de voorlopige gebiedsbudgetten vastgesteld. De gebiedsbudgetten zijn voorlopig omdat er in het tweede kwartaal van 2021 nog een toets op het totaalbudget wordt gedaan. Deze toets doen we in verband met het actualiseren van de gehanteerde data. Dit kan mogelijk leiden tot een bijstelling van het budget. Daarnaast zien we dat de grenzen van wat we vragen van onze hoofdaanbieders zijn bereikt. In 2019 en 2020 is het aantal cliënten fors toegenomen als gevolgvan de invoering van het abonnementstarief. Tot op heden is dit opgevangen zonder bijstelling van het budget. Een verdere groei van het aantal cliënten kan niet opgevangen worden binnen het budget. Met de hoofdaanbieders zijn we in gesprek over het instellen van een veiligheidsventiel, waarbij het gebiedsbudget meebeweegt met significante stijgingen of dalingen. 5.2. Hulpmiddelen

De aanbesteding hulpmiddelen die in 2020 is uitgevoerd, heeft vanwege financieel-economische redenen geen inschrijvingen opgeleverd. Het beschikbare budget stond volgens de leveranciers niet in verhouding met de te leveren diensten. Daarnaast hebben de hulpmiddelenleveranciers aangegeven dat een lumpsum-constructie niet langer passend is in de markt. Dit wordt gezien als een risico waar een extra opslag voor wordt gerekend. In januari 2021 is een nieuwe aanbesteding gepubliceerd waarbij het contract hulpmiddelen van een lumpsum-financiering wordt omgezet naar een p*q-constructie (kostprijs bekostiging). De overgang naar een p*q-constructie betekent dat een daling of stijging in het volume hulpmiddelen een direct financieel voor- of nadeeloplevert. Door middel van goed contractbeheer en het opschonen van het uitstaande bestand (schouw) denken we met een p*q-constructie meer financiële grip te organiseren. Na inschrijving en gunning (maart 2021) krijgen we meer inzicht. 5.3. Woonvoorzieningen Als gevolgvan het abonnementstarief en de toenemende vergrijzing/ langer thuis wonen stijgt de vraag naar woonvoorzieningen. In 2020 zagen we de uitzetting van lasten nog als een incidentele ontwikkeling in verband met de invoering van het abonnementstarief. Nu denken we dat deze ontwikkeling structureel is.

Andere ontwikkelingen die zorgen voor een uitzetting van lasten zijn de gestegen bouwkosten en het toenemende aantal uitstaande voorzieningen dat onderhoud behoeft. De uitzetting van lasten woonvoorzieningen verwachten we vanaf 2021 en schatten we in tussen de €: 0,2 miljoen en C 0,5 miljoen structureel. 6. BUIG

De ontwikkeling van het uitkeringsvolume BUIG is, met name door corona, onzeker en daarmee slecht voorspelbaar. Ook zijn de rijksmiddelen onzeker, ook nog voor 2021. Wij hebben een eerste verkenning gedaan voor een aanpassing van onze prognoses aan de uitgavenkant. Dit baseren we op de eindstand van 2020. Voor de (lange termijn) prognoses van de uitgaven is qua stijging/daling dezelfde trendmatige ontwikkeling als in het rijksbudget BUIG (macrobudget) toegepast. Dit geeft voor de Participatiewet een verwachte forse stijging van het aantal uitkeringen in 2021, een stabilisatie in 2022 en een daling vanaf 2023. Het financiële effect ten opzichte van de huidige begroting is als volgt: - 2021: voordeel van €: 0,9 miljoen - 2022: voordeel van €: 0,3 miljoen - 2023: voordeel van €: 0,2 miljoen - 2024: nihil - 2025: voordeel van C 0,7 miljoen We hebben te maken met slechte voorspelbaarheid en (grote) risico's van aanpassingen op zowel de omvang van het macrobudget als de verdeling daarvan. Daarom zullen we bij de Berap 2021-1/ kadernota 2022 de voordelige resultaten voor de jaren 2021 en 2022 toevoegen aan de reserve corona. Vanaf 2023 is er een mogelijkheid om met de begrotingsresultaten BUIG een bestemmingsreserve BUIG in te stellen. 7. Onderwijshuisvesting

De jaarlijkse uitgaven voor onderwijshuisvesting stijgen als gevolg van jarenlange stijging van de bouwkosten en de duurzaamheidseisen. We beschouwen deze kostenstijging inmiddels als een forse druk op de voor onderwijshuisvesting beschikbare budgetten.

Gemeente Emmen, 66092-2021:495335 blad 6-7

In het kader van het gewenste Integraal Huisvestingsplan Primair en Voortgezet Onderwijs (IHP PO-Va) is een prioriteringslijst samengesteld waarin vanaf 2022 duidelijk wordt welke school in welkjaar voor noodzakelijke vervangende nieuwbouw in aanmerking komt. Daarnaast blijft het wettelijk jaarprogramma in afgeslankte vorm bestaan voor aanvragen in verband met calamiteiten (brand), constructiefouten, uitbreiding van een bestaande school (tijdelijk of permanent), eerste inrichting/ aanschafleermiddelenpakket en aankoop van een bouwkavel indien nodig. op basis van de prioriteringslijst van nieuw te bouwen scholen is berekend hoeveel extra volume er nodig is om het plan te kunnen uitvoeren. Vanaf 2022 is voor hetjaarplan VHOjaarlijks C 1 miljoen aan krediet benodigd en voor het IHP po-va jaarlijks C 4,6 miljoen aan krediet. In de huidige begroting is voor beide samen circa C 3,5 miljoen aan krediet per jaar beschikbaar. Hetjaarlijks aanvullend benodigde krediet van C 2,1 miljoen vertalen we in de kadernota 2022 naar jaarlijkse kapitaallasten. Voor 2022 is een extra kapitaallastenbudget nodig van circa C 0,1 miljoen. Dit loopt stapsgewijs op tot een bedrag van C 0,3 miljoen in 2025. 8. Reserve boekwaarden

Als gevolg van verschillende ontwikkelingen (demografie, fusies, verouderde gebouwen) zijn voor verschillende schoolinstanties middelen beschikbaar gesteld om nieuwe scholen te bouwen vanuit onderwijshuisvestingsbeleid. Als gevolg hiervan komen bestaande schoolgebouwen (drie scholen Klazienaveen en drie in Emmen/Bargeres) terug in eigendom van de gemeente Emmen. Voor deze scholen gaat het om een boekwaarde van circa C 2,6 miljoen. Hierin zijn eventuele sloopkosten nog niet meegenomen._Hiervan is circa C 0,8 miljoen benodigd in 2022 en C 1,8 miljoen in 2023. Tevens wordt een Integraal Huisvestingsplan Primair en Voortgezet Onderwijs (IHP PO-Va) voorbereid (zie paragraaf 7) met onder andere een vooruitblik welke scholen nieuw gebouwd gaan worden. Hieruit blijkt dat ook bestaande schoolgebouwen leegkomen en boekwaarden afgewaardeerd moeten worden. In het IHP po-va gaat het om een totaal van circa C 3,8 miljoen aan afwaarderingen. Naast de genoemde onderwijsontwikkelingen zijn nog een aantal kleine slooptaken te verwachten waarvoor nog circa C 0,25 miljoen in 2022 benodigd is. Gelet op de resterende boekwaarden die afgewaardeerd gaan worden is het raadzaam om alvast te anticiperen en nu extra middelen te reserveren. Dit omdat de huidige reserve niet voldoende is om deze afwaarderingen te dekken.

Hiervoor is ten minste C 2,6 + C 0,25= C 2,85 miljoen extra in de reserve boekwaarden nodig op basis van de ontwikkelingen waar een besluit onder ligt. Eventuele extra middelen worden ook duidelijk uit het IHP. De benodigde stortingen per jaarschijf en de exacte bedragen worden in de kadernota 2022 specifieker weergegeven. 9. Budgetten

groen en wegen

9.1. Groen

In het jaar 2020 zijn de onderhoudsbestekken (bomen, extensief maaibeheer, groen onderhoud Emco, vaste planten bestek) in het groen aanbesteed. De aanneemsommen waren door indexaties hoger dan eerdere jaren, hiervoor was echter geen ruimte in de begroting. Daardoor waren wij genoodzaakt de hogere kosten deels uit beheergelden te dekken. Dit heeft gevolgen voor diverse werkzaamheden in het openbaar groen, die niet meer opgevangen kunnen worden binnen de huidige exploitatiebudgetten. Het betreft hier onder andere vervanging van bestaand groen en aanleg van groen bij projecten. Dit leidt tot achterstanden die de leefbaarheid en de ruimtelijke kwaliteit/structuur in de dorpen en wijken aantasten. Om deze achterstanden (in samenspraak met de EOP's) op te pakken is er een structureel exploitatiebudget van C 800.000 nodig. Binnen de huidige groenbegroting is een budget van C 250.000 beschikbaar. Er is dus structureel een extra budget van C 550.000 nodig. 9.2. Wegen

In 2020 is een globale visuele weginspectie van alle verhardingen in onze gemeente uitgevoerd. De kwaliteit van ons areaal is ten opzichte van de vorige inspectie in 2017 fors gedaald. De doelstelling om het aantal vierkante meters verharding met het percentage voldoende op mimimaal 80% te houden, is niet gehaald. De achterstand in het onderhoud is toegenomen. Het kwaliteitsniveau is zeer zorgelijk. In 2013 is besloten de toenmalige achterstand weg te werken door 8 jaar lang C 3 miljoen beschikbaar te

Gemeente Emmen, 66092-2021 :495335 blad 7-7

stellen. Door bezuinigingen is drie keer C 3 miljoen (€ 9 miljoen) niet beschikbaar gesteld. De inhaalslag op de achterstand lukt daardoor niet, waardoor de kwaliteit erg snel achteruitloopt. Daarnaast heeft de klimaatverandering invloed op de verslechtering van een aantal wegen. Door de extreme droogte van de afgelopen drie jaar zakt het grondwater, waardoor de droogvallende veenlaag oxideert tot stof. De aanpak van deze ernstige verzakkingen is niet voorzien vanuit beheer en onderhoud op basis van de reguliere beheersystemen. Op deze plekken moet niet alleen het wegdek worden vervangen, ook de ondergrond moet worden aangepast. Om de kwaliteit op een acceptabel niveau te brengen zijn er substantiële bedragen nodig om eerst de achterstand weg te werken. Op basis van het voornoemde is het nodig om het eerder niet-beschikbaar gestelde extra investeringskrediet voor het onderhoud van wegen van 9 miljoen alsnog beschikbaar te stellen. Dit geeft een bedrag aan kapitaallasten van € 360.000. Met dit bedrag kan het volledige programma zoals in 2014 is voorgenomen, worden afgerond. Nadere analyse moet duidelijk maken of dit voldoende is of dat er richting de toekomst nog meer geld nodig is om het zeer zorgelijke niveau weg te werken. 10. Stelpost

lonen en pensioenpremie

In de begroting 2021 is een stelpost voor een structurele stijging in 2021 van lonen/pensioenpremie verwerkt van circa € 1,8 miljoen. Op basis van de door het ABP bekendgemaakte pensioenpremie 2021 is inmiddels bekend dat er een bedrag van € 0,3 miljoen nodig is voor de verhoging van werkgeverslasten. Daarmee resteert van de stelpost C 1,5 miljoen voor structurele loonstijging. Er is nog geen nieuwe CAO. De werkgevers hebben inmiddels een bod gedaan. De werknemers hebben het overleg opgeschort, dus de uitkomst is nog erg onzeker. Naar verwachting is bij het opstellen van de kadernota 2022 meer bekend. Conclusies

Ook ditjaar is er sprake van een behoorlijk aantal majeure ontwikkelingen. Daarbij is er nu nog sprake van een grote mate van onzekerheid. Het financieel effect van alle hiervoor genoemde majeure ontwikkelingen samen ligt voor de jaren 2022 tot en met 2025 indicatief tussen - / - C 8 miljoen en + / + C 5 miljoen. Bij de bepaling van deze bedragen gaan we ervan uit dat de effecten van de Omgevingswet en het Klimaatakkoord vooralsnog in beide scenario's budgettair neutraal zijn. Dit is echter nog onzeker. Richting de kadernota gaan wij de genoemde majeure ontwikkelingen nader duiden c.q. wegen en daarin (voor zover mogelijk) eigen keuzes maken. Tevens krijgen overige ontwikkelingen met een relatiefkleine omvang een plek. Wat de totale omvang is van deze overige ontwikkelingen, is nu nog niet te zeggen. Daarnaast hebben wij enkele besluiten genomen die betrokken worden bij het opstellen van de kadernota 2022. Hierbij is er nog geen zekerheid over het daadwerkelijk honoreren van deze voornemens. Duidelijk is wel dat ten tijde van het schrijven van deze perspectiefbrief nog geen goede inschatting te maken is van de richting waarin het met ons financieel perspectief zal gaan en welke keuzes in de kadernota 2022 zullen worden gemaakt. De omvang van de (extra) rijksmiddelen in het gemeentefonds zullen daarbij bepalend zijn. Wanneer daar meer over te zeggen valt is nu nog onzeker.

Deze onzekerheid maakt het dat we wellicht pas bij de begroting 2022 tot keuzes kunnen gaan komen. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

c''''-''"r

Hoogachtend, burgemees~,~y,"en'wet? ders van Emmen, gemeentesecretarj ,

ct

/ /""'-/

/ !

I

/

de burgemeester,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Emmen&id=bb97aa03-40a9-4c11-a27b-c949fa8f2f8f