CConstaterende datEmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen commissie Wonen & Ruimte 13 mei 2024

Commissie Wonen en Ruimte 10 juni 2024, gemeente EmmenBij agendapunt: Notulen openbare vergadering van de commissie Wonen & Ruimte van 13 mei 20249.906 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Zaaknummer 15089-2024 Beknopt verslag commissie Wonen & Ruimte van de gemeenteraad Emmen op maandag 13 mei 2024 vanaf 19.30 uur Aanwezig: Voorzitter Commissiegriffier Collegeleden De commissieleden

Verslaglegging

: : : :

:

de heer H.A. Bos mevrouw A. Renkema de heer R. van der Weide, de heer G.P. Rink, de heer J. Bos de heer M. Meijer (VVD), mevrouw N. Ramazanova (VVD), de heer M.J. Supheert (ChristenUnie), de heer R.R. Pruisscher (ChristenUnie), de heer M. de Jonge (D66), de heer R. van Veen (GroenLinks), de heer J.H. Nobbe (CDA), de heer D.H. van Dijken (CDA), de heer A. de Vries (PvdA), de heer H. Smit (PvdA), mevrouw U.H. Kilinçci (PvdA), de heer D. Dekker (Wakker Emmen), de heer D.M. Poelman (Wakker Emmen), de heer L.H. Herbers (Wakker Emmen), de heer G.J. Bijlsma (Wakker Emmen), de heer M. Klaver (Wakker Emmen), de heer M. Kuiper (SP), de heer W.L.H. Moinat (SP), de heer H.M. Kasteleijn (50PLUS) de heer D.P. Drolenga (Notuleerservice Mooi Werk)

1. Opening en vaststelling agenda Voorzitter H.A. Bos opent de vergadering om 19.30 uur en heet de aanwezigen welkom. Voorstel is vanwege de insprekers de punten 7A en 7C naar voren te halen. De agenda wordt met deze volgordewijziging vastgesteld. 2.

Actuele mededelingen college/presidium: n.v.t.

3.

Presentatie: n.v.t.

4.

Spreekrecht niet-geagendeerde onderwerpen: n.v.t.

7. Bespreken B-stukken 7A. Bestemmingsplan ‘Klazienaveen, Langestraat–Dordsedijk (supermarkt met appartementen)’ Eerste termijn inspreker De heer Otterman (direct aanwonende, Klazienaveen) meent dat de verhuizing van de Aldisupermarkt naar geplande locatie, naast al een nieuwe AH-locatie die even verderop komt, voor veel overlast gaat zorgen in een overwegend rustig woongebied. Toenemend verkeer met gevaarlijke situaties op en rond de centraal gelegen ovonde, waar al veel verkeersdrukte is van en naar het dorpscentrum. Daarnaast zijn daar flink wat fiets- en voetpaden met oversteekplaatsen binnen een klein gebied, wat de overzichtelijkheid en verkeersveiligheid niet bevordert voor de nabije kruising Dordsedijk-De Jongestraat-Derksweg, vooral voor leerlingen van basisschool De Brug. Voort is de kans groot dat supermarktklanten hun voertuigen langs het kanaal aan de Langestraat parkeren om de omweg via de ovonde te vermijden, ook weer met onveilige situaties tot gevolg voor genoemde school. De nota van zienswijzen gaat hier te gemakkelijk aan voorbij met een theoretische benadering.

Er moeten langs de ovonde wel meer verkeersbewegingen komen, anders kiest de Aldi toch niet voor deze locatie? Voorts zorgt die elke dag vroeg tot laat voor veel lawaai bij omwonenden door aan- afrijden van voertuigen van klanten, dichtklappende autoportieren, rollende winkelwagentjes, vrachtauto's voor bevoorrading, gevoel van onveiligheid in de avonduren door (grote kans op) samenscholing van hangjongeren en de inperking van privacy. De laatste vrees is niet ongegrond

1

gezien de recente vernielingen in de omringende leegstaande panden, waarbij zelfs gaskranen zijn opgedraaid die in twee panden voor explosiegevaar zorgden. Enexis heeft dit inmiddels verholpen. Ook ernstig is de extra uitstoot van uitlaatgassen en remstof/fijnstof, met meer risico voor de gezondheid van omwonenden. Hiermee is de aanname van de gemeente dat er geen samenscholing komt, dus onjuist. Het Aldi-plan grenst direct aan het woonperceel van de heer Otterman, met name de parkeerplaatsen. Hoe precair de situatie is, is wel duidelijk uit het feit dat de afscheiding met aanliggende percelen uit geluidwerende materialen zal moeten bestaan van 2,5 meter hoog en dat twee parkeerplaatsen na bepaalde tijd niet meer mogen worden gebruikt vanwege die overlast. Het is ook maar de vraag of zo’n dunne afbakening het verschil zal maken. Inspreker verwacht dat zijn woongenot onaanvaardbaar wordt aangetast en zijn tuin niet of nauwelijks meer is te gebruiken is voor ontspanning, wat negatief zal uitwerken op de verkoopwaarde van zijn woning. De heer Otterman verzoekt de raadscommissie dan ook rekening te houden met zijn argumenten. Anders verwacht hij een financiële vergoeding voor derving van woongenot en waardevermindering van zijn huis.

En waarom geen betaalbare woningen in plaats van een nieuwe supermarkt? Daar is toch een groot tekort aan en daar was toch al eerder een plan voor? ChristenUnie vraagt of inspreker een mogelijke oplossing ziet voor de verkeersdruk rondom de ovonde en de onoverzichtelijke verkeerssituatie, die in de commissie eerder is besproken. De heer Otterman heeft geen kant-en-klare oplossing. Zijn enige bezwaar is, dat er ondanks alle drukte die daar al is, die nog verder toeneemt door de twee voor de buurt nieuwe supermarkten. Hij vraagt zich af waarom de Aldi-supermarkt niet elders kan komen. CDA vraagt of het woonperceel van inspreker het eerste huis is in de knik van de parkeerplaats. In hoeverre gaat de nieuwe situatie van de huidige toestand afwijken? De heer Otterman bevestigt dat zijn huis wordt ingesloten door het nieuwe parkeerterrein. De overlast gaat straks dus de hele tijd door, met aan- en afvoer van bezoekers en goederen – ook ‘s nachts. Nu is het er nog rustig. Al is er geen bewijs van, het kan bovendien een gewenste plek worden voor hangjongeren. Wakker Emmen hoort dat daar nu al hangjongeren zijn.

Maar is niet te verwachten dat door de nieuwe woningen, de nieuwe supermarkt en veel bedrijvigheid en verkeersbewegingen, de hangjongeren naar elders trekken? En zo niet, dan kan inspreker dit melden en dan kan na verloop van tijd de overlast toch ook ophouden? De heer Otterman las dat ook in de nota van reactie op zijn zienswijze. Er zijn maar weinig nieuwbouwwoningen met zicht op de parkeerplaats. Hangjongeren trekken zich sowieso nergens van aan, ook niet van extra toezicht. De heer Otterman verwacht dat dit probleem blijft bestaan. Eerste termijn raadscommissie Wakker Emmen ziet dat er na sloopwerkzaamheden ruimte vrijkomt voor 23 woonappartementen en een nieuwe supermarkt. Hiervoor moet een nieuw bestemmingsplan komen. De fractie ziet dit als kwaliteitsimpuls voor het gebied en een welkome aanvulling van woningvoorraad en winkelaanbod. De zienswijzen zijn uitgebreid en helder beantwoord en geven geen reden voor afwijzing. Wakker Emmen is voor dit voorstel en hoopt op meerdere soortgelijke projecten. Wel een kanttekening dat steeds meer oudere huishoudens vanuit omliggende dorpen naar Klazienaveen trekken. Nemen hierdoor de woonmogelijkheden voor oudere inwoners in Klazienaveen niet af? Lopen die omliggende dorpen zo niet leeg en wat doen B&W om ze aantrekkelijk te houden? PvdA concludeert dat in de loop der jaren heel veel veranderd is in Klazienaveen.

Nu is de tijd rijp om het bestemmingsplan te wijzigen voor 23 appartementen met een nieuwe supermarkt eronder. Uit de zienswijzen is op te maken dat niet alle omwonenden dit zien zitten: het gaat om gevoelens van verkeersveiligheid, –belasting en –druk, waar een andere inspreker onlangs al op wees. De nota van beantwoording gaat hier goed op in, daar ruim wordt voldaan aan de parkeernorm inclusief de nieuwe appartementen. De verkeersmodellen leiden niet tot aanpassing van het plan, dat de PvdA ziet als kwaliteitsimpuls voor Klazienaveen.

2

CDA vindt het best een goed plan, zeker voor de doorstroming in het woningaanbod in het dorp en een nieuwe supermarkt als extra voorziening. Als het aan- en afrijdend verkeer langs één weg lopen, kan dit tot insluiting bij bijvoorbeeld calamiteiten leiden. Was het niet beter elders een uitweg te realiseren? De ervaring leert dat laden en lossen bij supermarkten een aandachtspunt blijft qua overlast. Daar moeten omwonenden uiteindelijk mee dealen. Als bezoekers van (de rest van) het dorpscentrum ook deze nieuwe parkeerplaats gaan gebruiken, dan kunnen de parkeermodellen nu wel kloppen, maar straks misschien niet. Is daar rekening mee gehouden? VVD vindt dat het plan er architectonisch zeer fraai uitziet. Past het in de lijn met de andere nieuwe panden die in Klazienaveen komen? De fractie is met blij met de nieuwe appartementen op de plek van de huidige ‘rotte kies’. De extra parkeergelegenheid is welkom, daar het grote aantal supermarkten voor grote verkeersdruk in het dorpscentrum zorgt. Welke visie heeft het college hierop? Is er voldoende en veilige ruimte voor laden en lossen aan de achterkant? SP ziet verder geen belemmering in dit plan en is er tevreden over. ChristenUnie heeft naar aanleiding van inspreker de vraag waarom de Aldi wordt verplaatst. Dit wordt onvoldoende gemotiveerd in het voorstel.

Klazienaveen is inderdaad aantrekkelijk om te wonen, maar waarom staat dit in het stuk? D66 sluit zich aan bij de al gestelde vragen. GroenLinks weet dat de in- en uitritconstructies nauwelijks worden gebruikt omdat ze doodlopen. Dat wordt anders met de komst van de Aldi. Hoe vertaalt zich naar andere uitritten waar auto’s geen voorrang hoeven te verlenen aan fietsers, maar wel aan voetgangers? Zorgt dit niet voor verwarring en extra onveiligheid? Moeten de andere in- en uitritten niet uniform worden ingericht? 50PLUS vindt dit op zich een prima plan en is blij met de 23 nieuwe appartementen. Wel heeft men bedenkingen met de focus op het midden- en hoge segment. Juist starters en ouderen zijn op zoek naar een nieuwe woning, het liefst dicht bij winkels. Daarom is het te betreuren dat de nieuwe appartementen deze groep niet bedienen. PvdA informeert of het ook niet zo kan zijn dat de mensen die daarheen verhuizen, daarmee een woonplek achterlaten voor starters en ouderen. 50PLUS zegt dat dat eraan ligt. Als inwonende starters bij ouders vandaan komen, natuurlijk niet. Zij hebben in het algemeen minder geld en de appartementen zijn overwegend te duur voor hen. Wakker Emmen hoort dat ouderen zich daar zouden willen vestigen.

Maar zijn er geen ouderen in het midden- en hoge segment die daar ook willen wonen? 50PLUS zal niet ontkennen dat er ouderen zijn met meer financiële armslag. Maar best veel ouderen die nu ver weg in het buitengebied wonen, willen dolgraag boven een supermarkt wonen. Bij dit plan kunnen zij dat niet betalen. Reactie college Wethouder Van der Weide is blij met deze brede enthousiaste steun voor dit plan, waarvan de complexe ontwikkeling flink langer duurde. Voorheen zaten daar een tankstation, een busremise en een reisbureau, het kende verschillende perceeleigenaren in dit gemengde gebied. Het is al zo’n twintig jaar een ‘rotte kies’, vandaar dat B&W blij zijn dat dit plan nu bestemmingsrijp is. De commissie vindt de nieuwe appartementen logisch voor deze A-dorpslocatie. Daar kan niet altijd gebouwd worden vanwege het lagere rendement. B&W willen in de volle breedte bouwen, niet alleen voor starters en ouderen maar ook gezinnen. Dit product is juist een heel mooie stap voor mensen die vrij of te groot wonen en dicht bij voorzieningen willen wonen, wat bijdraagt aan de door-

3

stroming. De appartementen zijn natuurlijk niet exclusief voor Klazienaveners. De Woonvisie gaat uit van bouwen in ieder dorp en iedere wijk, keerzijde is wel voor de dorpscentra dat waar voorzieningen zijn, er wordt gebouwd. Heel veel ouderen willen daar graag wonen en dit plan past daarin qua woonproduct. Het college verwacht hier nog veel meer vraag naar, in Klazienaveen maar ook in Emmen-centrum. Uitgangspunt is dat mensen oud moeten kunnen worden in eigen dorp of wijk. Alleen, dat hangt wel samen met het beschikbare woningtype. De realiteit is ook dat mensen hun eigen keuzes maken, waarbij informele zorg en het sociale netwerk een rol spelen. Daarmee is in de gemeente een substantiële trek van ouderen naar de voorzieningen in regiokernen: naast Emmencentrum en Klazienaveen ook Nieuw-Amsterdam. B&W proberen de voorzieningen en leefbaarheid daarop te sturen in de dorpen. Maar het is al moeilijk een kleine simpele voorziening als een pinautomaat te behouden, waar de gemeente geen invloed op heeft. Inwoners baseren daar wel hun woonkeuzes op. Het college maakt voorts afspraken met de corporaties over woningen voor ouderen. 70-80% moet wel gebeuren door projectontwikkelaars. Daar is via de Woonvisie globaal richtend op te sturen op kwadrantniveau en dan ook meer kwantitatief dan kwalitatief. Anderzijds is de marktwerking ook redelijk bepalend voor de ontwikkelaars.

Al met al is het tegenhouden van leegloop in de dorpen belangrijk, maar dit vergt wel investeren aan de onderkant van de woningmarkt (starters en gezinnen), belangrijk voor onderwijs, sportclubs en andere voorzieningen die bijdragen aan de leefbaarheid. De huidige Aldi-locatie is verouderd qua uitstraling en te klein voor de uitbreiding. Bovendien is dat deel van het dorp al heel druk met geen extra parkeerruimte. Deze A-locatie zorgt voor meer balans in de supermarkten aan beide kanten van het dorp. Aldi wilde hier graag naartoe en heeft de ontwikkelaar in de arm genomen. Het nieuwe complex gaat twee functies herbergen, wonen en supermarkt, en is architectonisch en stedenbouwkundig fraai ingevuld. Het ziet er dus veel meer uit dan sec een supermarkt. De wethouder zegt toe, de bevoorrading op de nieuwe parkeerplaats visueel met teksten aan de planafbeeldingen toe te voegen. De ovonde is een heel druk scharnierpunt, ook qua gevoel, en de zorgen zijn begrijpelijk. Maar de beschikbare capaciteit zit op 20.000-25.000 verkeersbewegingen en er komen 16.000 langs. Bovendien is de inrichting van de ovonde wennen voor de weggebruikers. Toch is deze optimaal, want de alternatieven, de al zeer drukke Brugstraat en de kruising Dordsedijk-De Jongestraat, zijn minder geschikt dan de ovonde.

Als de nieuwe parkeerplaats, die voldoet aan de parkeernorm als theoretische norm, te veel wordt gebruikt voor dagbezoekers, dan moeten er aanvullende maatregelen komen om hen naar bedoelde terreinen te leiden. Het college is niettemin bereid integraal te kijken naar het parkeren in Klazienaveen, want een parkeernorm zegt niet alles. Dit wordt nader onderzocht, met maatregelen als blauwe zones of parkeervergunningen als sturingsinstrumenten. Inspreker gaf andere zorgen aan. Die zijn nooit aan de voorkant weg te nemen. Van geluidsoverlast en parkeren zijn inschattingen gemaakt: dit plan voldoet aan wet- en regelgeving. Het is ook een kwestie van ervaren in de praktijk. Mocht dat toch anders uitpakken, bijvoorbeeld qua overlast van hangjongeren, dan is dat altijd nog bij te sturen. B&W menen niettemin dat het algemene belang prevaleert van deze ontwikkeling na 15-20 jaar lang een ‘rotte kies’ in Klazienaveen. In het voorstel staat dat dit een ‘aantrekkelijke’ plek om te wonen, omdat het gewoon zo is. Vandaar dat dit schriftelijk bevestigd is. Tweede termijn CDA denkt dat het hele project voor de omwonenden een enorme verandering teweegbrengt. Het zou goed zijn dat beide partijen in goed overleg met elkaar blijven met het oog op de toekomst. ChristenUnie vindt het fijn dat het voorstel bevestigt dat Klazienaveen zeer aantrekkelijk is om te wonen.

Er is echter enkele jaren geleden een format afgesproken om de teksten in raadsvoorstellen zo compact mogelijk te houden, om de leestijd te beperken. Dank aan de wethouder voor de nuttige uitleg bij de verplaatsing van de Aldi. Voorzitter H.A. Bos stelt vast dat dit raadsvoorstel als A-stuk naar de raad gaat.

4

7C. Bestemmingsplan en exploitatieplan bedrijventerrein “De Tweeling” Eerste termijn insprekers Mevrouw Kwint (Forum Advocaten) meldt dat haar cliënten, de familie Tiemens (Trekkenweg 12), het spreekrecht willen gebruiken naar aanleiding van de onvoldoende transparante en willekeurige B&W-reactie op hun zienswijze, met gevaar van precedentwerking. Qua woonbestemming aan de Trekkenweg maakt het plan gebruik van bestaand recht zonder uitbreiding van woningen. Er mogen geen nieuwe bijkomen volgens de planregels (artikel 12.1) in verband met de industriële geluidszone. Tiemens heeft een bezwaar lopen vanwege de door de gemeente tijdelijk toegestane bewoning aan Trekkenweg 9-10 in afwachting van de vergunning voor een extra woning. B&W willen hieraan medewerken hoewel die in strijd is met dit bestemmingsplan – onaanvaardbaar, daar hier al sprake is van een dubbele woning. B&W bevestigen dit ook in reactie op zienswijze F, die om een extra woning vraagt in ruil voor de sloop van bedrijfsbebouwing. Vanwege de geluidszone is het college daar echter zeer terughoudend in en de Trekkenweg ligt niet in een bouwlint waar het gemeentebeleid voor is vastgesteld. Voor initiatiefnemer B wordt zelfs een aparte procedure geadviseerd buiten de planprocedure om. Om vertraging te voorkomen mocht er een beroep worden ingediend tegen het bestemmingsplan.

Ook hier is er een geluidszone en ook hier past een nieuwe woning niet aan gemeentebeleid. Toch gaan B&W hierin mee, buiten de raad om. Dit is meten met twee maten, zodat meerdere omwonenden gaan vragen om een extra woning, die B&W niet kunnen weigeren vanwege de door hen geschapen precedenten. Verwijzing naar de ruimte-voor-ruimteregeling is misplaatst: de Trekkenweg is immers geen buitengebied. Ook de verwijzing naar een compensatiewoning is misplaatst. Aan de huisnummers 9-10 was er een agrarisch bedrijf, maar deze activiteiten zijn al in 1997 gestaakt. De voormalige bedrijfswoningen zijn omgezet naar burgerwoningen. Wat valt er dan nu nog te compenseren? In het voorstel wordt duidelijk aangegeven dat extra woningen niet kunnen in dit plangebied, terwijl het college hier wel extra woningen toestaat buiten de raad om en dit is in strijd met gemeentebeleid. Wat is de waarde van dit bestemmingsplan? Hopelijk zal de raad deze zeer onwenselijke ontwikkeling een halt toe roepen. Wakker Emmen beluistert dat de extra bouwplaats binnen de bebouwde kom (geen buitengebied) zou zijn. Klopt dit? De fractie is het hier niet mee eens. Volgens mevrouw Kwint hanteert de Provinciale Omgevingsverordening niet de term ‘buitengebied’, maar ‘gebied gelegen buiten het bestaand stedelijk gebied’. De Trekkenweg is stedelijk gebied.

CDA informeert of er bij de zienswijzen F en B sprake is van ongeoorloofde tijdelijke woningen. Waar is de familie Tiemens bang voor? Dat er nog meer nieuwe woningen bijkomen in de buurt? Mevrouw Kwint omschrijft het belang van haar cliënten aan Trekkenweg 12 dat daar geen extra woningen worden gerealiseerd. Een van de insprekers wil een extra woning realiseren; in aanloop daarnaartoe is een vergunning verleend voor een tijdelijke woning die er al staat – ook in strijd met gemeentebeleid. De andere inspreker woont al aan de Trekkenweg en wil daar graag een extra woning realiseren. De heer Van der Horst (namens bewoners Trekkenweg 9, 10, 10a en 13) stelt vast dat er extra industrie bijkomt langs de A37, goed voor de economie in Zuidoost-Drenthe. Hierop is hij dan ook niet tegen, al is het een distributiecentrum twee keer zo groot als dat in Oranjedorp. In april 2022 was er een inloop in Veenoord. De toen aanwezige ambtenaren verzekerden de bewoners aan de Trekkenweg dat zij hier geen last van zouden ondervinden, dankzij de 3 meter hoge afscheiding met daarbovenop een geluidsscherm van maximaal 4 meter hoog, bekleed met beplanting. Deze afspraak was opgenomen in de eerste herziening van juli 2023. In de tweede herziening was er verwarring over of het geluidsscherm er wel zou komen: het stond nog in de verbeelding, maar het was uit de teksten en de regels gehaald.

Enkele bewoners in januari 2024 spraken met ambtenaren, onder wie de projectleider van De Tweeling, waarbij de realisatie van het geluidsscherm werd afgezwakt naar ‘het mogelijk maken’. Na doorvragen bleek het scherm er niet meer te komen, tenzij de omgevingsvergunning dat voorschreef, afhankelijk van het bedrijfstype (aantal dB). ‘Mogelijk ma-

5

ken’ is nu al in dit bestemmingsplan opgenomen, zodat een nieuwe bestemmingswijziging ook bij een verplicht scherm niet nodig is. Indien het geluid binnen de 50 dB blijft, komt er dus geen geluidsscherm, terwijl dit glashard was toegezegd bij de inloop in 2022 en de gemeten 50dB een vrij hoge norm is. 55 dB (wettelijke norm) is nogal een wezenlijk verschil (drie keer sterker dan 50 dB). Het geluid van 24/7 af- en aanrijdende vrachtwagens zal ongetwijfeld hierbinnen blijven, maar de norm houdt geen rekening met het zeer irritante gepiep van achteruitrijdende en geronk van optrekkende vrachtwagens vanuit een laaddock, los van naar elkaar toe toeterende chauffeurs. Daarnaast zullen daar felle lampen naar de woningen aan de Trekkenweg schijnen. De omwonenden vrezen dat de 24-uurseconomie voor veel geluids- en lichtoverlast gaat zorgen, maar willen (nog) geen bezwaar indienen om het plan op te houden. Wel willen zij een geluidsscherm, dat ook het fijnstof van de vele vrachtwagens tegenhoudt. Het hoeft de gemeente niet eens geld te kosten als het wordt opgenomen in het exploitatieplan en in de verkoopprijs van de grond. Of wellicht is in de koopakte op te nemen dat er geluidsluw gebouwd moet worden? Zo zijn bij het distributiecentrum van PostNL in Hoogeveen de laaddocks achter een wal gebouwd. Hoe moeilijk kan het zijn? Belofte maakt schuld.

CDA ging ervan uit dat de bewoners met name tegen de achterwand van het distributiecentrum gaan aankijken. Hoe weet inspreker dat de laaddocks aan die kant komen? De heer Van der Horst weet dat niet. Maar verderop is er ook al een distributiecentrum. Daar heeft hij ook al lichte overlast van, ongeacht waar de laaddocks zich bevinden. De heer Koster (aanwonende Trekkenweg) vindt de communicatie van de gemeente naar de omwonenden toe erg slecht. Hij wacht al twee weken op een antwoord op een simpele vraag, ook niet na drie keer bellen. Ga met de 8-9 huishoudens in gesprek; met hen is er goed uit te komen. De gemeente vindt denkelijk dit aantal klagers wel meevallen; de heer Koster voelt zich niet serieus genomen. Voorts is de herziening heel onduidelijk knip-en-plak-werk. Hierdoor had de heer Koster achteraf gezien meer zaken in zijn zienswijze willen opnemen. Hij wil graag dat de geluidswal terugkomt boven op de groenwal die te laag is en waar de gemiddelde vrachtwagen zo bovenuit steken. Hij gaat ervan uit dat de gemeente de afspraken uit 2019 nakomt inzake de vrijkomende percelen naast de woningen. 50PLUS vraagt hoe vaak inspreker contact heeft gehad met de gemeente en ook de juiste personen heeft kunnen spreken om zijn vragen te beantwoorden. De heer Koster wil helderheid over een stuk perceel naast zijn woning.

De ene ambtenaar verwijst naar de ander en die verwijst nog weer verder door. Hoe moeilijk kan het voor de gemeente zijn om dit intern beter af te stemmen? Dan weet de heer Koster waar hij aan toe is. 50PLUS informeert of het aanpalende perceel gemeentelijk of particulier eigendom is. De heer Koster antwoordt dat het van de gemeente is. Het is een weide waar zijn paarden kunnen lopen. Als dit plan straks doorgaat, weet hij niet waar zijn paarden straks kunnen lopen. Eerste termijn raadscommissie VVD krijgt het idee dat de gemeente een grote vis aan de haak heeft geslagen en hiervoor ruimte wordt gecreëerd. Graag een update. Hoe zeker is het dat de twee ontbrekende percelen zijn aan te kopen om als één grote kavel door te verkopen? Het is bijzonder dat het voorstel spreekt van ‘fictief’. Om een tweede Oranjedorp te verkopen is de bouwhoogte beperkt. Wat voor bedrijven kunnen zich hier vestigen? ChristenUnie vraagt zich af of hier sprake is van een gelijke situatie die anders wordt beoordeeld door de gemeente, zoals inspreker Kwint beweert. Is de geluidswal inderdaad eerder hard toegezegd? Als een bevoegd persoon dat deed, dan moet de gemeente zich daaraan houden. Tot slot graag een reflectie van het college op het gebiedsproces.

6

GroenLinks deelt de zorgen van insprekers over de verwachte overlast van het distributiecentrum. Is er zicht op de hoeveelheid werkgelegenheid die dit plan met zich meebrengt en hoe die wordt ingevuld? PvdA ziet een ‘koerswijziging’ van het bestemmingsplan naar aanleiding van de veranderde marktvraag naar grootschalige bedrijven. Het is zinvol hier ruimte voor vrij te maken. De ingediende zienswijzen leidden tot aanpassing (tweede herziening) van het oorspronkelijke plan. Graag een reflectie van het college op de inbreng van de insprekers. CDA memoreert dat het bestemmingsplan uit 2009 inmiddels al vier keer is herzien. Als men instemt met dit voorstel, waarom gaat dit nu wél leiden tot de komst van dit type bedrijven op dit perceel? Er worden straks heel grote bedrijven toegestaan, waardoor de aanwonenden aan de Trekkenweg tegen de achterkant kunnen gaan aankijken. De toegestane hoogte van de bedrijfsbebouwing is gereduceerd van 12 naar 8 meter. Vergeleken met Oranjedorp (14 meter) is dat een stuk lager, maar dat bedrijf stond 80 meter van de dichtstbijzijnde woning af en aan de Trekkenweg is dat maar 8 meter. Hoe dicht staan de woningen op de achterkant van de nieuwe bedrijven? Als de geplande antennemast niet onevenredig afbreuk doet aan onder meer het bebouwingsbeeld en de woonsituatie, wordt die toegestaan.

Wie bepaalt dat en met welke kaders? Mogen er straks nieuwe woningen aan de Trekkenweg worden gebouwd? D66 leest dat dit plan de uitbreiding van De Tweeling mogelijk maakt door regels minder star te maken. Er is een kans om in te springen op een groeiende vraag naar grote percelen voor blijkbaar een groot distributiecentrum. Welke argumenten hebben B&W daarvoor en wat levert dit aan werkgelegenheid op? D66 wil dit afwegen tegen de bestaande groene ruimte. Wakker Emmen spreekt van een uitgebreid toegelicht bestemmingsplan waarvoor veel onderzoeken (flora en fauna, verontreinigingen en archeologie) zijn gedaan. De reactie op de zienswijzen is goed onderbouwd en waar van toepassing is het plan aangepast. De fractie hoopt hiermee op meer bedrijvigheid voor Nieuw-Amsterdam/Veenoord met een forse impuls. In het verleden waren er al voornemens voor bouw op deze plek, maar na onderzoek bleken heel veel heipalen nodig te zijn, wat die projecten niet rendabel maakte. Het bodemonderzoek valt nu wel positief uit. Daar er al een groot exploitatietekort is op het plangebied en de bouw hier eventueel niet doorgaat, wordt dat tekort nog vele malen groter? Wat gaat er dan gebeuren met die percelen? Graag een toezegging van de wethouder om met de initiatiefnemer het gevraagde geluidsscherm alsnog te realiseren. VVD is benieuwd waar Wakker Emmen de kennis over de heipalen vandaan haalt.

Wakker Emmen is ter plekke goed bekend. Destijds woonde een bekende aan de Trekkenweg, waar het waterschap een gebouw wilde realiseren. Dit bleek niet mogelijk vanwege de ondergrond, zodat men is verhuisd naar Sleen. 50PLUS dankt de insprekers voor hun duidelijke verhaal en is benieuwd naar de reactie van de wethouder op het geluidsscherm. De fractie meent dat de opgelegde geheimhouding begrijpelijk en noodzakelijk is, maar die dient wel gepaard te gaan met een einddatum. Eventueel is dit met een termijn te verlengen. Zijn B&W hiertoe bereid bij de bijlagen 8 en 9? SP sluit zich aan bij de meeste vragen. Klopt het dat er een geluidsscherm is toegezegd en waarom wijkt de tweede herziening daarvan af? Reactie college Wethouder Van der Weide memoreert dat het vigerende industriële bestemmingsplan in 2009 is vastgesteld op een andere indeling met hogere bouwhoogten en zwaardere bedrijven. De afgelopen jaren was te zien dat deze grond zo goed als onverkoopbaar was gezien enkele aannames. Uit son-

7

deringen bleek de grond beter te zijn dan verwacht, wat de kans op verkoopbaarheid aanzienlijk deed toenemen. Bovendien is Emmen steeds in the picture gekomen voor de verkoop van bedrijfspercelen die een behoorlijke vlucht heeft genomen. Dit noopt tot herziening c.q. flexibilisering van het bestemmingsplan dat beter inspeelt op de marktvraag. Er hebben meerdere informatiebijeenkomsten met omwonenden plaatsgevonden en er is met een heel aantal brieven gecommuniceerd met een puntsgewijs overzicht van de voorgenomen planwijzigingen. De aanpassingen betroffen een groenbuffer tussen de achterkant van het bedrijventerrein en de Trekkenweg, met een wal van 3 meter hoog met hoge beplanting daarop tot 8 meter. Die ontneemt het zicht op het terrein vanuit de bestaande woningen die ook ongeveer 8 meter hoog zijn. Het grotere bouwvlak gaat richting de A37 meer de hoogte in. Daarmee is stedenbouwkundig gepoogd het zicht vanuit de Trekkenweg op de planlocatie te verbeteren. CDA vraagt of de wethouder ervan uitgaat dat er tussen het terrein en de Trekkenweg geen laaddocks komen en de omwonenden dus tegen de achterkant aankijken. Wethouder Van der Weide antwoordt dat 70% van de kavel (één grote vestiger of meer flexibel) bebouwd mag worden. Aan de noodzakelijke logistieke route wordt het perceel ingericht.

Het eerste deel (categorie 2) tegen de groenwal aan met een bouwhoogte van 8 meter en het deel verderop (categorie 3.2 met meer geluidsproducerende activiteiten meer richting de A37 dan de Trekkenweg). Waar de laaddocks precies komen, zal de wethouder navragen voor de raadsvergadering. Het hangt ook samen met welk type bedrijf hier komt. In de tweede herziening is de bouwhoogte teruggebracht van 18 naar 15 meter en aan de Trekkenweg van 12 naar 8 meter. Of op de groenwal met hoog opgaande beplanting nog een geluidsscherm komt, hangt af van welk bedrijf er komt. Boven een bepaald geluidsniveau zijn aanvullende maatregelen verplicht. Dat kan een geluidsscherm zijn, maar dat is nog optioneel. In de eerste herziening ging het college er nog van uit dat het scherm er sowieso moest komen om onder de kritische geluidswaarde te komen. Daarna wees aanvullend geluidsonderzoek andere waarden uit, waardoor het scherm in de tweede herziening optioneel werd. Het is goed voorstelbaar dat bij een inloop de inwoners het als een keiharde toezegging hebben opgevat. Het komt in de praktijk bijna nooit voor dat een eerste planversie identiek is aan de eindversie: onderzoeken en zienswijzen leiden zeer vaak tot wijzigingen.

Een scherm lijkt veel geluidsbescherming op te leveren, maar de geluidsbelasting op de woningen kan weleens minder zijn dan de berekeningen in de eerste planversie, waardoor een scherm niet nodig is. Pas bij vergunningverlening met type bedrijf is definitief bekend of aanvullende geluidsmaatregelen nodig zijn. D66 informeert waarom het geluidsscherm eerder was beloofd en waarom de tweede herziening op dit punt blijkbaar niet duidelijk richting inwoners is gecommuniceerd. ChristenUnie heeft begrip voor hoe het proces gelopen is en vindt de uitleg van de wethouder ook wel acceptabel. Toch wil men precies weten wat er rond het geluidsscherm al dan niet is toegezegd. Zo ja, dan wordt het juridisch een ander verhaal. Wethouder Van der Weide is bereid hiertoe intern voor de raadsvergadering na te vragen wat wanneer precies mondeling gewisseld en/of geschreven (eerste herziening) is. Hij heeft zonet het verschil tussen de eerste en tweede herziening zo goed mogelijk proberen uit te leggen. Wakker Emmen vraagt wie verantwoordelijk is voor het eventueel plaatsen van het geluidsscherm. De fractie wil getouwtrek hierover tussen initiatiefnemer en gemeente voorkomen, omdat de omwonenden hiervan de dupe kunnen worden.

Wethouder Van der Weide zegt dat het gemeentelijke grond is en ook blijft, zodat het college de verantwoordelijkheid voelt voor de aanleg en het ontwerp van het plangebied en het voortouw hierover wil nemen in het gebiedsproces. 50PLUS wil weten hoeveel decibel die kritische waarde is. Wethouder Van der Weide antwoordt dat de planwijziging voor Trekkenweg 7-15 een geluidsverbetering van 1-4 dB oplevert. Aan nummer 13 vindt een verslechtering plaats van 1 dB. In het verleden is 50 dB vastgesteld met 55 dB als wettelijk plafond. Daarboven zijn maatregelen verplicht zoals aan de geluidsbron, woningisolatie of een geluidsscherm. Welke dit wordt of worden, is pas in het vergunningtraject bekend als duidelijk is welk type bedrijf er komt. Wel zij opgemerkt dat veel

8

bedrijfsactiviteiten die de insprekers noemen (distributiecentrum e.d.), ook al in het vigerende plan mogelijk waren – sterker nog, hier gold milieucategorie 4 (zware industrie), die nu is verlicht. Nadat deze planwijziging onherroepelijk is geworden inclusief snippergroen aan de randen, gaat de gemeente over tot de aankoop. Dat lijkt een formaliteit. De afstand tussen de woningen en de bedrijfsbebouwing is ongeveer 60-70 meter, afhangend van het meetpunt bij deze grillige terreinrand. Wethouder Rink kan in dit stadium alleen spreken over ‘contacten’, pas na een ondertekend contract of vergunningaanvraag kan hij meer melden in verband met de bedrijfsgevoelige informatie. Emmen ligt nu inderdaad goed in de markt. 97% van zijn kavels is al onder optie of reservering: in onderhavig perceel is interesse en de gemeente wil die aanwakkeren tot aanschaf en bedrijfsvestiging. De gemeente richt zich conform rapport ‘Vierkant voor werk’ (Dutch Techzone) vooral op industrie en logistiek. Een ‘lege doos’ is niet de bedoeling, B&W willen de werkgelegenheid op peil houden en de gesprekspartners dragen echt bij aan structurele en duurzame werkgelegenheid. Voorzitter H.A. Bos komt nog terug op de vraag van 50PLUS over termijnen bij geheimhouding. Tweede termijn insprekers Mevrouw Kwint heeft zo niets aan te vullen op haar eerste betoog.

Zij mist de reactie van de wethouder hierop, hoewel de raadscommissie daar wel vragen over heeft gesteld. De heer Van der Horst weet dat de wettelijke geluidsgrens van 55 dB net overschreden wordt bij perceel Trekkenweg 13. Volgens hem moet dat geluidsscherm er komen. Maar percelen 9, 10 en 10a zitten ook bijna op die grens. Vanwege milieucategorie 4.2 in het huidige bestemmingsplan was de geluidsnorm verhoogd van 50 naar 55 dB, een verdrievoudiging van het toegestane volume. Ook bij milieucategorie 3 en een 50 dB-waarde vindt voor de resterende kavels overschrijding plaats. Ook dan helpt een geluidsscherm zeer goed tegen de geluidsoverlast. Tweede termijn raadscommissie VVD wist niet dat het om snippergroen aan de randen ging. Hoeveel kavels zijn er die door de gemeente worden aangekocht? ChristenUnie had om een reactie van de wethouder gevraagd op de inbreng van de insprekers, met name het vermeende ‘met twee maten meten’ bij nieuwe woningen aan de Trekkenweg. Uit de beantwoording blijkt dat er in elk geval een groenwal met hoge beplanting komt. Dat klinkt aannemelijk, net als dat de aanleg van een geluidsscherm afhangt van het te vestigen type bedrijvigheid. Het gebiedproces is voldoende toegelicht. Inspreker Koster bood de uitgestoken hand. Komt er een initiatiefnemer, dan zijn er niet zo veel omwonenden en is er geen reden met hen niet om tafel te gaan met de gemeente.

PvdA had ook gevraagd naar een reflectie op alle insprekers; bij de eerste is dat nog niet gebeurd. CDA is ook benieuwd naar de B&W-reactie over de tegenstrijdigheid. Ook had de fractie concreet gevraagd of aan de Trekkenweg naast de twee aangevochten woningen nog meer zijn te realiseren. Een helder ‘nee’ zou bij de bewoners voor heel veel rust zorgen. De gemeente heeft alle belang bij nieuwe bedrijven op De Tweeling. Maar de inwoners hebben belang bij zo min mogelijk licht- en geluidshinder. Is nog te sturen op de positionering van de laaddocks aan de noordkant? Dan zijn veel minder maatregelen nodig en het geeft ook veel minder overlast voor de omgeving. D66 sluit zich aan bij de gestelde vragen. Hoe reëel is het nog om de geluidsnorm te verlagen vanwege de lichtere milieucategorie? Graag een reflectie op de match tussen het soort industrie dat hier komt en de match met woongelegenheid voor toekomstige personeelsleden.

9

SP is het erg eens met de ChristenUnie en had dezelfde vragen. Graag een uitleg van het college over de door inspreker genoemde normen van 50 en 55 dB. Reactie college Wethouder Van der Weide wil de twee onderhavige woningbouwprocedures niet vermengen met onderhavige planprocedure: die zijn bewust losgekoppeld. Als bij bezwaar een extra bouwmogelijkheid het niet haalt bij de Raad van State, zou er een stop komen op het hele plan. Plus dat het ook heel complex zou worden met het exploitatieplan. De wethouder kent de beide dossiers niet zo in detail om te reflecteren op de inbreng van mevrouw Kwint. Wel is er bestaand beleid verankerd in de Woonvisie, de notitie ‘Bouwen in de linten’ en die voor extra bouwmogelijkheden. Of het tijdstip van de vergunningaanvraag voor of na herziening van zo’n notitie is, kan uitmaken qua mogelijkheden. De provinciale ruimte-voor-ruimte-regeling mag een gemeente toepassen en daarin heeft de provincie verruiming toegestaan. Op de details komt de wethouder nog schriftelijk terug voor de raadsvergadering. Maar dit doet niets af aan deze discussie. Dit is juist een heel goed bestemmingsplan omdat het geen extra bouwmogelijkheden toevoegt. Het gaat om 33,5 hectare snippergroen op dit bedrijventerrein. Er moet een paar duizend m2 worden aangekocht, dus dat is marginaal.

Het inrichtingsplan gaat in detail in op de aanleg van groen om het terrein zo veel mogelijk en kwalitatief goed af te dekken. Zodra bekend is welk(e) bedrijf/bedrijven er komen in het plangebied, wil de gemeente het voortouw nemen in het overleg met de initiatiefnemer(s) en omwonenden over de inrichting. Laaddocks kunnen overlast geven, maar er kan ook een bedrijf komen met activiteiten die gevoelsmatig nog meer overlast geven. Nu al te veel vastleggen op details als laaddocks is te tricky zonder het definitieve totaalplaatje te kennen. Bovendien is de planwijziging flexibeler van opzet om met het inrichtingsplan op in te spelen. CDA herhaalt de uitspraak van de wethouder dat bij extra overlast de gemeente extra maatregelen neemt. Wethouder Van der Weide antwoordt dat dat te maken heeft met de 55 dB-norm. Als genoemd levert het plan voor Trekkenweg 7-15 een geluidsverbetering van 1-4 dB op en aan nummer 13 een verslechtering van 1 dB (boven de grens van 55 dB). Als het totaalpakket met bedrijven daarboven uitkomt, zijn inderdaad maatregelen nodig. De 55 dB uit het oude bestemmingsplan wordt overgenomen in deze planwijziging voor de uitvoerbaarheid c.q. verkoopbaarheid. Lagere geluidsnormen betekenen grotere minimale afstanden tot woningen en dus snijden in bedrijventerreinen. Daarom hebben B&W juist aangesloten bij de mogelijkheden die het vigerende bestemmingsplan al biedt.

Wethouder Rink vult aan dat er zo’n 88.000 arbeidskrachten werkzaam zijn in de Dutch Techzone, met een inkomende pendel van buiten de regio van 31.000 arbeidskrachten en een uitgaande pendel van 44.500 die, in plaats van deze regio te verlaten, hier aan het werk kunnen worden gesteld. Die hoeven dus niet allemaal van buiten de regio te komen. Voorzitter H.A. Bos stelt vast dat dit raadsvoorstel als B-stuk naar de raad gaat, onder voorbehoud van de nog te geven schriftelijke antwoorden door het college. De verschrijving in bijlage 3 wordt daarnaast hersteld voor de raadsvergadering. 5. Rondvraag ChristenUnie ziet dat in de afgelopen jaren van alles is gedaan door de gemeente om de overlastgevende eikenprocessierups te bestrijden. Hebben deze acties geleid tot afname van deze populatie? Zo ja, zijn hier cijfers van? Zo nee, is de populatie op een andere manier terug te dringen? Wethouder J. Bos antwoordt dat de aanwezigheid van de eikenprocessierups is afgenomen in de gemeente Emmen en ook landelijk. Dit is geen garantie dat die trend zich doorzet. B&W hebben na de evaluatie in 2023 al wel besloten om 15 procent minder preventief te spuiten.

Dit zal de overlast al behoorlijk beperken, daarnaast wordt ingezet op het aantrekken van zoveel mogelijk natuurlijke vijanden (vogels) en op acties Maai Mei Niet, Operatie Steenbreek en de Vereniging Drentse Voedselbossen om zoveel mogelijk variatie in boom- en struikstructuren te krijgen. Binnenkort verschijnt

10

een themapagina die dit beleid nader uitlegt aan de inwoners en hen oproept mee te helpen om voor meer biodiversiteit te zorgen. Voorts was er op 18 april een persbericht hierover. 50PLUS weet dat andere gemeenten heel veel mezenkastjes plaatsen omdat deze vogels bekende liefhebbers zijn van de rups. Wethouder J. Bos weet dat zo niet; de eerste ‘natuurlijke’ insteek is het zorgen voor een meer diverse structuur van bomen en struiken. Deze effecten wil het college eerst afwachten. Gezien de uitgestrektheid van de gemeente is het ook maar de vraag hoeveel effect mezenkastjes hebben. 7. Bespreken B-stukken (vervolg) 7B. Afronden fase 1 en plan van aanpak vervolg Omgevingsvisie Eerste termijn SP leest over de ambitie om tot de top tien van de groenste gemeenten in Nederland te behoren, een prima streven. Waar staat Emmen nu? Hoe stabiel is die positie? Kansen en knelpunten geven weer hoe verbonden en ingewikkeld alles is. Moet er evenwicht in investeringen zijn tussen dorpen en de regiostad Emmen? Gaat inbreiding voor uitbreiding? Wat heeft prioriteit: investeren in bestaande wijken (herstructurering) of nieuwbouw? Gaat de gemeente voor specifieke uitbreidingslocaties of komen die bij ieder dorp? Deze vragen zijn niet zomaar te beantwoorden. Dit maakt de Omgevingsvisie een levend document dat nooit af zal zijn.

De SP is het over het algemeen eens met de insteek van de eindrapportage en conclusie bij punt 4.3 als verduidelijking van de complexiteit, waarbij alles met elkaar verbonden moet worden. 50PLUS vindt dat er werk aan de winkel is en is zeer tevreden over hoe de raad wordt betrokken in de voortgang van de Omgevingsvisie. Doen er zich ‘onvoorziene zaken’ voor in de beschikbare capaciteit, dan staan die bij de kanttekeningen. Waar moet de fractie dan aan denken? Zijn er genoeg gespecialiseerde ambtenaren, ook bij ziekte? Kan met het huidige personeelsbestand met gerust gemoed de tweede en derde fase tegemoet worden getreden? Wakker Emmen lijkt de dekking uit de reserve voor fase 2 en 3 prima, al lijken de kosten fors. De toekomst verandert snel. De gemeente moet waken voor afspraken die nu worden gemaakt en worden ingehaald door de diverse ontwikkelingen. Mocht de raad in de toekomst ergens meer ruimte voor bieden, dan werkt dit beleid tegen. De ambities in het advies en eindrapportage zijn duidelijk. De weg ernaartoe is geen ‘endless road’ maar een lange weg met de nodige hobbels, die vanwege nieuwe ontwikkelingen wellicht een andere visie vraagt dan de wetenschap van nu. De gemeente moet het zichzelf met het laatste niet te moeilijk maken. Het ambitieniveau kwam tot stand door de uitgangspunten van de Strategienota en gesprekken met gemeente-experts.

Een gesprek met de raad was hierbij ook wenselijk geweest. De Omgevingsvisie lijkt simpel, maar behelst veel programma’s van een hoog ‘what-if’-gehalte. Wakker Emmen vindt een gezond evenwicht tussen de dorpen en de stad Emmen belangrijk om de dorpen leefbaar te houden. De keuze tussen in- of uitbreiding moet per dorp of wijk afgewogen worden. Er blijkt een zekere tegenstrijdigheid omdat de doelen ruimtelijke gevolgen met zich meebrengen die soms haaks lijken te staan op andere doelen, zoals een duurzame en groene gemeente versus bouwen in het buitengebied. Gezien het laatste belang vindt de fractie dit een van de kansen die de gemeente zeker niet moet missen. In Emmen als grote gemeente moeten die oplossingen worden gezocht. Als zij naast economisch veerkrachtig zijn, ook een robuust landbouw- en watersysteem wil, is de consequentie: meer industrieterreinen ten koste van ruimte en water. Dit vereiste een zorgvuldige afweging. Gelukkig is ook iets over aanpasbaarheid te lezen bij een andere invulling. Is die aanpassing vlot te realiseren of moet hierdoor veel beleid worden aangepast, wat veel tijd en inzet van ambtenaren vergt? Het streven is meer OV-gebruik, maar dit kent steeds meer krimp en maakt de afhankelijkheid van de auto in buitengebieden steeds groter.

De Nedersaksenlijn kan voor een economische impuls zorgen, maar daartegenover staan een krimpende arbeidsmarkt en netcongestie die nieuwe bedrijven belemmert. Ambitie voor een groeigemeente als Emmen is mooi, maar de basis moet op orde zijn: voldoende woonruimte,

11

capabele arbeidskrachten en een goed functionerend OV. Ambitie en economische groei gaan hand in hand met meer woningbouw, bedrijfshuisvestingen en verkeersbewegingen, waarbij keuzes mogelijk de ambitie schaden om in 2050 CO2-neutraal te zijn. Raad en college moeten hierop waakzaam zijn. Zon op dak in plaats van op land is een belangrijke voorwaarde voor Wakker Emmen. De netcongestie is wellicht op te vangen met duurzame oplossingen (lokale energieopwek) waarin de ontwikkelingen snel gaan. Hierop moet de gemeente volop inzetten in plaats van de ambities bijstellen. Dit is ook van toepassing op overige beleidsterreinen en vergt slagvaardigheid en dynamiek om de snelle ontwikkelingen bij te kunnen houden. Iedereen moet kunnen meedoen in Emmen, wat pleit voor behoud van buurthuizen en wijkcentra en waar nodig meer OV- en fietsverbindingen tussen dorpen en wijken. Over het projectplan voor fase 2 in de Omgevingsvisie nog wat vragen. Veel is onduidelijk over het ‘overig beleid’. Wat wordt de insteek hierbij? Er wordt een winstwaarschuwing gegeven voor de meerkosten van extra personeel.

Hoe reële zijn die risico’s? Hebben B&W al nagedacht over hoe om te gaan met de leges in de Omgevingswet voor nieuwbouw? Graag een korte update over de huidige, te ontwikkelen nieuwbouwplannen? VVD informeert of Wakker Emmen, gelet op zijn lange betoog, het met de VVD eens is dat er zoveel twijfelachtige punten zijn met open einden in dit stuk dat die te ver voeren voor een vergadersetting als deze? Hier is een onderzoeksbureau uitgebreid mee bezig geweest, maar is hier door de raad wel een gedegen besluit over te nemen? Dat inzicht kwam ook voorbij voor Wakker Emmen in de voorbereiding, zoals ook meermalen aangestipt in zijn betoog. Hoe ver kan een gemeente gaan in een toekomstvisie als deze? ChristenUnie vindt het bijzonder dat Wakker Emmen nooit eerder zoveel mitsen en maren heeft uitgesproken bij een raadsvoorstel. Er zijn volgens hen veel open einden en toch volgen er nog vragen aan het college, Welke positie neemt Wakker Emmen zélf in in het beantwoorden daarvan? Wakker Emmen had ook die al genoemd. Er is veel onderzoek geweest, op grond van de Strategienota en gesprekken met gemeente-experts. Liever had de fractie daarbij ook één of twee sessies met de raad gezien. Wellicht is dat iets voor fase 2. CDA vindt, met respect aan de ambtenaren en overigen die hieraan gewerkt hebben, dit voorstel vrij verwarrend.

In de vastgestelde uitgangspuntennotitie Omgevingsvisie (september 2023) lagen van de drie perspectieven inhoud en proces vast met een link naar de Strategienota, maar nu lijkt het roer om. Het perspectief ‘duurzaam en groen’ is te sectoraal, ‘leefbaar en aantrekkelijk’ is niet ruimtelijk te maken en kan beter ‘aantrekkelijk, gezond en veilig’ heten, de vierde ambitie van de Strategienota wordt opgeknipt, de ambitie 5 ‘Emmen groeit economisch’ past nu beter onder ‘leefbaar en aantrekkelijk’, de verbinding tussen perspectieven en ambitie blijft behouden maar moet anders worden vormgegeven, de gemeente kan haar belangrijkste opgaven distilleren uit de ambitietabel maar verderop staat dat eerst die opgaven helder moeten zijn om de tabel aan te passen etc. etc. Hoe staat het met de voortgang in de uitgangspuntennotitie? Procesfase 1 is omarmd en afgerond met een analyse van bestaand beleid. In fase 2 vragen bestuurlijke themakeuzes die verdieping en fase 3 ging over nieuwe ontwikkelingen. Nu wordt voorgesteld scenario’s op te stellen met trends en ontwikkelingen, maar in de Strategienota stonden die ook al. De fractie herkent de lijn daarmee niet meer en wat daar nog van over is. PvdA kan zich vinden in de eindrapportage, het plan van aanpak en de financiële middelen. Implementatie van de Omgevingsvisie vraagt inzet van verschillende afdelingen.

Is daar voldoende capaciteit om dit op te pakken en te zorgen dat andere vraagstukken niet blijven liggen? Dit los van de ‘onvoorziene zaken’ in de kanttekeningen die zich misschien gaan voordoen. GroenLinks ziet ook de vele knelpunten in het rapport rond de ruimtevraag ten opzichte van de beschikbare ruimte en financiële middelen. Op welke onderdelen komen straks de prioriteiten te liggen als die niet allemaal passen in de ruimteclaims en het waarmaken van de beleidsambities?

12

ChristenUnie vond de rapportage van Witteveen+Bos zeer goed leesbaar. Onderdeel van fase 1 was het verhaal van Emmen met ontwikkelingen, identiteit en de kernkwaliteiten. Waarom is dat niet bijgevoegd? Juist de kernkwaliteiten worden de hoeksteen van de Omgevingsvisie. Er moet nog veel gebeuren vanwege de hiaten in het beleid, er is behoefte (noodzaak?) aan een duidelijke visie op klimaat, energie, mobiliteit, circulaire economie, technologie en demografie in de acht ruimtelijke dilemma’s. Hoe verhoudt zich dat tussen de dorpen en de stad Emmen? Wanneer gaat de raad die fundamentele vragen met elkaar bespreken? Zij moet daar echt richtinggevende uitspraken over doen, voordat ze in een visie zijn te plaatsen. Dit komt onvoldoende in het plan van aanpak terug voor fase 2 en 3. De perspectieven (opgaven) staan daarin weer anders dan in de voorzet van Witteveen+Bos. Wat is dan de bedoeling? De opzet moet preciezer en in consequent gelijke bewoordingen, anders geeft dit verwarring. Wat is de status van de geïnventariseerde ambitietabel? Daar zitten ook zaken bij waar nog wel discussie over te voeren is: extra boven- en ondergrondse CO2-opslag die nog niet in de raad is besproken – laat staan dat dit gevoelig ligt in de samenleving. Het plan van aanpak is goed te volgen en ook dat dit het toekomstscenario moet worden voor de conceptOmgevingsvisie.

Dit staat gepland voor het vierde kwartaal. Hoe realistisch is dat als de raad pas in november over de Begroting vergadert en er nog vele fundamentele discussievragen leven in de raad én in de samenleving? En waar wordt in december dan uiteindelijk over besloten? VVD ziet dat het onderzoeksbureau de hele boel overhoop heeft gehaald en krijgt dan altijd het gevoel dat men dat doet om zichzelf nog lange tijd aan het werk te houden. De gemeente moet zichzelf daar niet te veel van slag laten brengen. De richting is belangrijk en ook de discussie daarover en gehoord de reacties maakt dit rapport wellicht te veel los. ChristenUnie deelt dat niet met de VVD. Het bureau maakt samen met de ambtelijke organisatie heel duidelijk wat er moet gebeuren. De ChristenUnie heeft de afgelopen jaren ook flink gehamerd op een visie op toegankelijkheid en inclusie (motie werd niet uitgevoerd), een kerkenvisie, beleid voor circulaire economie (blijft achter) en de transitie van mobiliteit. Allemaal zaken waar de gemeente een visie voor moet ontwikkelen voor 2040. Dat dit bureau zijn eigen werk zou creëren, is te makkelijk gesteld. Dat werk is er genoeg, want elke gemeente moet een omgevingsvisie maken. VVD leest dat het onderzoeksbureau van de Strategienota is uitgegaan bij zijn analyse van de ‘tussenstand’ voor de Omgevingsvisie in 2025.

Bij de ambtelijke capaciteitsdruk zijn de hiaten in beleid best zorgelijk: bodem- en waterbeheer, woonopgave, ruimtevraag en verduurzaming. Gaan B&W deze handschoen oppakken? Tegelijk ontstijgen veel zaken een collegeperiode, zoals de Nedersaksenlijn en de keuze voor meer welvaart of meer welzijn. Die moeten richtinggevend zijn en niet politiek. De Omgevingsvisie moet zo neutraal mogelijk zijn: is hier nog naar te kijken? De VVD blijft graag betrokken bij het vervolg hierop. ChristenUnie kan dit betoog echt niet plaatsen. Hoe kan een visie geen politieke kleur of richting hebben? Dat wil de VVD toch ook om in de toekomst ergens te komen? VVD vindt dat in de Omgevingsvisie politieke keuzes voor de kortere termijn staan, terwijl die voor de langere termijn een breedgedragen visie in de hele raad moet zijn. Reactie college Wethouder Van der Weide begrijpt heel veel dilemma’s, scenario’s en politiek gevoelige discussies, maar fase 1 was niets meer of minder dan een inventarisatie (bureauonderzoek) van beleid, data en identiteit. Daar zitten best veel kansen in. Er is veel vigerend beleid, maar daar worden ook wat hiaten in benoemd, met name ‘bodem en water sturend’ en het stikstofdossier. Anderzijds zit er ook veel spanning tussen wat nog moet gebeuren en taken die erbij komen c.q. meer tijd vergen versus de krapte op de arbeidsmarkt.

Daarnaast is er het dagelijks werk dat niet geheel weggezet wordt als winstwaarschuwing. De deadline van Q4 wordt inderdaad erg krap en lijkt te optimistisch: dan lijkt 2025 reëler. Witteveen+Bos houdt de gemeente een spiegel voor bij de fase 1 bedachte drie perspectieven vanuit de zes ambities van de Strategienota. Het bureau doet de aanbeveling dat dit misschien niet de handigste manier was. Voor de precieze uitwerking is nog meer bedenktijd nodig

13

voor college en raad. (Inventarisatie)fase 1 wordt meer intern afgehandeld, waarover de raad onlangs ook is bijgepraat. Dit doet ook recht aan type en inhoud van deze fase: informatie delen en niet zozeer de (politieke) discussies of kaders, die in fase 2 en 3 thuishoren. Daarbij worden raad en samenleving meer betrokken. Dat kost tijd, waardoor is gekozen voor de scenario-opzet om zaken scherp te stellen met data en bijbehorende pro’s en contra’s. Daar komt spanning op: de keuze voor het een gaat nu eenmaal ten koste van het ander. Twee risico’s zijn tijd en capaciteit: zeker in het fysieke domein piept en kraakt het bij een steeds hogere dossierstapel. Bovendien is de hele route voor fase 2 en 3 nu nog niet bekend, waar nog veel onverwachte zaken achter vandaan kunnen komen. De achterliggende stukken waar de ChristenUnie naar vraagt, worden uiteraard nagezonden, met name die over de kernkwaliteiten van de gemeente. De identiteit van Emmen moet niet te uitgebreid worden beschreven, het is beter de hoofd- en bijzaken te onderscheiden om het geheel overzichtelijk te houden. De gemeente heeft in principe nooit genoeg gespecialiseerde medewerkers. Die zijn schaars op de arbeidsmarkt en bovendien wisselen ze tegenwoordig sneller van baan. De term ‘onvoorziene zaken’ is moeilijk in te kleuren, omdat ze gewoon niet voorzien waren.

Op dit type werk zit gewoon druk en spanning en dat vormt een risico in de planning. 50PLUS informeert of de ambtelijke organisatie fase 2 en 3 goed aankan met de huidige bezetting. Wethouder Van der Weide gaat daar wel van uit. Het is niet voor niets dat Witteveen+Bos is ingehuurd voor deze specialistische klus. Dit bureau doet dit onderzoek veel vaker, terwijl het voor de gemeente zeer incidenteel is. Wethouder J. Bos ziet bij de top tien van groenste gemeenten de ambitie als leidend, aan de hand van de in het rapport vertaalde, na te streven doelen zijn opgesteld. De top tien moet niet te letterlijk worden genomen. Kern is dat de gemeente de wens van ‘groenste gemeente’ erg serieus wil nemen. Als nuancering: de grondslag voor dergelijke overzichten is erg divers. Bij Wageningen University staat Emmen op 3, bij de Groenmonitor op 40. Tweede termijn Voorzitter H.A. Bos houdt de woordvoerder van Wakker Emmen voor om de tweede termijn zeer kort te houden, daar die fractie de spreektijd al ruimschoots heeft overschreden. Wakker Emmen concludeert dat nog veel onduidelijk is en daardoor enkele vragen resteren, bijvoorbeeld over de drie perspectieven, niet (afdoende) worden beantwoord. Fase 1 levert de discussiepunten op in een inventarisatie. Maar de raad moet ook hierover kunnen discussiëren en haar betrokkenheid ontbreekt eigenlijk nog te veel in de beschrijving van fase 2.

Ook Wakker Emmen lijkt de deadline voor de concept-Omgevingsvisie voor kwartaal 4 erg krap, zeker daar dan ook nog eens het DPLG wordt behandeld. De fractie oppert gezien de besluitpunten (evaluatie fase 1, plan van aanpak fase 2 en 3 en financiering) om als toezegging de raad mee te nemen in meerdere sessies – wat tevens extra kosten van zaalhuur scheelt. CDA is blij met de inventarisatie in fase 1, zoals afgesproken in de uitgangspuntennotitie. De verwarring blijft zitten over besluitpunt 1 (eindrapportage fase 1 en plan van aanpak fase 2 en 3), daar de conclusies afwijken van de vastgestelde perspectieven, waar flink wat vraagtekens bij worden geplaatst. De fractie snapt dat sec, maar vindt het te snel gaan dat die uitgangspunten nu ineens niet meer zouden gelden. Graag een reactie van de wethouder. Duidelijk is wel dat er nog veel moet gebeuren en dat dit geld gaat kosten. ChristenUnie hoort de wethouder erkennen dat er nog veel moet gebeuren. De planning blijft echter onduidelijk. Als Q4 niet realistisch blijkt, wanneer komt de concept-Omgevingsvisie dan wel? Er is tijd te winnen door dit raadsvoorstel beter te doorlopen met de raad, waardoor stappen 2 en 3 iets makkelijker zijn te zetten. Hetzelfde geldt voor de positie die de raad wil innemen. De door Wakker Emmen genoemde sessies blijven op het eerste gezicht nog wat vaag.

De ChristenUnie stelt voor die in overleg met de griffie en de betrokken ambtenaren nader vorm te geven.

14

VVD stelt na de betogen van de drie voorgangers vast dat er een stuk voorligt met de genoemde vele open einden. Het lijkt verstandiger hier enkele sessies aan te wijden, bijvoorbeeld informatieve sessies of een C-discussie – beide moeten vergezeld gaan van een planning. Reactie college Wethouder Van der Weide begrijpt de vragen en behoeften in de tweede termijn van de raadscommissie, die overeenkomen met die in het projectplan. Dat is nog niet concreet genoeg op die punten. De wethouder stelt voor om de eerstvolgende informatiesessie na die van de week 21-24 mei hoe daar in een informelere sfeer meer verdieping in is aan te brengen en dat vervolgens vast te leggen in het raadsvoorstel over de concept-Omgevingsvisie. Deze intentie was al afgesproken in de uitgangspuntennotitie en dat doet recht aan het op een goede manier ingaan van fase 2. De eindrapportage is niet bedoeld om de perspectieven in twijfel te trekken. Wel vraagt Witteveen+Bos zich af of dit wel de handigste manier is om de ambities uit de Strategienota te vertalen naar perspectieven om de doelen te realiseren, of dat ook op een andere manier kan. De bedoeling van fase 2 is om dit helder voor de bril te krijgen. Het werken in scenario’s helpt daarbij goed om scherpere keuzes te maken, zodat de ambities uit de Strategienota ruimtelijk beter zijn te vertalen.

CDA snapt dit wel en deze reactie maakt een en ander een stuk duidelijker, maar de rapportage stelt meteen vraagtekens bij die omarmde perspectieven. Het was duidelijker en begrijpelijker geweest als die conclusie op het einde kwam op grond van de uitvoerige analyse daarvoor, waarbij de uitgangspunten integraal waren doorlopen. Wethouder Van der Weide vult aan dat van de eindrapportage wordt voorgesteld om deze vast te stellen, maar uiteindelijk is het aan college en raad om de vele aanbevelingen al dan niet in te vullen in fase 2. Voorzitter H.A. Bos stelt vast dat dit raadsvoorstel als B-stuk naar de raad gaat. 8. Bespreken A-stukken: 8A. Bestemmingsplan ‘Barger-Oosterveld, Bargerhof’ CDA heeft een algemene opmerking over bestemmingsplannen. Graag ziet de fractie meer eenheid in de aan te leveren stukken. Punt 7A is een plan van 72 pagina’s met 28 bijlagen, terwijl dit plan 502 pagina’s omvat met maar één bijlage. Graag hier meer uniformiteit in aanbrengen: of de balans meer naar het bestemmingsplan, óf meer naar de bijlagen. Wakker Emmen ziet dit prima plan als een kwaliteitsimpuls voor de omgeving, daar onderhavig braakliggend terrein een goede bestemming krijgt, die verpaupering tegengaat via een type woningen (levensloopbestendig) dat aansluit bij de vraag in Barger-Oosterveld.

Het doet de fractie goed dat het vooroverleg tussen projectontwikkelaar en omwonenden leidde tot aanpassingen, waardoor er geen zienswijzen worden gediend. 50PLUS zegt dat de fractie dolgelukkig is met de combinatie van starters- en seniorenwoningen. Reactie college Wethouder Van der Weide spreekt van een heel onlogische kavel als gevolg van het voormalig tuincentrum, wat de ontwikkeling zeer complex maakt. De ontwikkelaar heeft hier dan ook jaren aan gewerkt. Goed dat de ontwikkeling verder kan met een mooie ontwikkeling voor Barger-Oosterveld, anders zou dit terrein verder ‘afglijden’. Net als Wakker Emmen stipt het CDA terecht de wens aan tot meer uniformiteit in voorstellen met bestemmingsplannen. Dit staat al langer op de todolist van betrokken afdeling en dit heeft haar aandacht. Voorzitter H.A. Bos stelt vast dat dit raadsvoorstel als A-stuk naar de raad gaat.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Emmen&id=1dd52200-d351-42d1-9bb2-559a0721ea2b