CConstaterende datEmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage - Rapport RKE energiebesparingslicht

Informatiebijeenkomst 16 juni 2025, gemeente Emmen27.491 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

4.3.2 (Afspraken over) rol en taakverdeling De basis van de programmering en urentoedeling van de taken rondom energiebesparing is vastgelegd in beleidsdocumenten, zoals het provinciaal of gemeentelijk VTH-beleid.19 Daarnaast stellen de meeste gemeenten en provincies elk jaar een jaarprogramma of werkprogramma op waarin de werkzaamheden worden beschreven die de omgevingsdienst uitvoert voor de betreffende gemeente of provincie, blijkt uit de enquête en aangeleverde documenten. Meestal wordt er ook een dienstverleningsovereenkomst of gemeenschappelijke regeling getekend tussen de omgevingsdienst en de betreffende gemeente of provincie. Zowel in de enquête als de focusgroepen is door gemeenten en provincies aangegeven dat dergelijke overeenkomsten ervoor zorgen dat de rollen en taken tussen gemeente/provincie en de omgevingsdienst in veel gevallen helder zijn. In het geval rollen en taken (nog) niet

19

VTH-beleid Fryslân

/ 54

DoeMee onderzoek 2024 Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing

helder zijn, komt dit doordat een omgevingsdienst nog in de opstartfase van toezicht en handhaving zit en/of de taakverdeling nog niet volledig is ingeregeld. Dit blijkt ook uit de deskstudie, waarin uit evaluaties en jaarverslagen blijk dat de taakverdeling in een aantal gevallen nog niet volledig ingeregeld is. Taken die omgevingsdiensten onder andere uitvoeren zijn reguliere milieucontroles, specifieke energiecontroles (zoals controles volgens de maatregelenlijst) en hercontroles. Daarnaast vragen zij, vaak tijdens reguliere (milieu)controles, het energiegebruik van potentieel energiebesparingsplichtige bedrijven op, om zo inzicht te krijgen in welke bedrijven onder de verplichtingen vallen. Overige energiegerelateerde taken die door de omgevingsdienst worden uitgevoerd zijn het toezicht op het energielabel C voor kantoorgebouwen en diverse energie gerelateerde (advies) werkzaamheden voor partners en lokale netwerken. Ook informeren omgevingsdiensten gemeenten over relevante ontwikkelingen rond het thema energie.20

4.4 Uitvoering van toezicht en handhaving 4.4.1 Zicht op bedrijven die wel/niet aan de verplichtingen voldoen Het zicht op welke bedrijven aan de verplichtingen moeten voldoen is beperkt en kost veel capaciteit, geven omgevingsdiensten aan tijdens de focusgroep.21 Een meerderheid van de omgevingsdiensten geeft in de enquête aan slechts gedeeltelijk zicht te hebben op bedrijven die aan de energiebesparingsplicht moeten voldoen en/of bedrijven die niet aan de informatieplicht voldoen. Niet ieder bedrijf of instelling die onder de informatieplicht energiebesparing valt, levert bijvoorbeeld een rapportage aan via het e-loket van RVO. Bovendien zijn die rapportages niet altijd volledig, zijn bedrijven zich niet altijd bewust dat zij aan de verplichtingen moeten voldoen en/of is de data uit eigen controles vaak gedateerd en betreft het niet het gehele bedrijvenbestand. Sommige omgevingsdiensten hebben daarom extra capaciteit ingezet op het in beeld krijgen van deze bedrijven, naast informatie die beschikbaar is via RVO of bijvoorbeeld via reguliere milieucontroles. De omgevingsdiensten Midden- en West-Brabant en DCMR doen dit bijvoorbeeld via een ‘voorspelmodel’, het inschatten van energieverbruik van bedrijven op basis van ervaringscijfers (zoals oppervlakte, bedrijfsactiviteit).

Sommige omgevingsdiensten schakelen externe bureaus in om stimulerend toezicht uit te voeren, waarbij bedrijven gecoacht worden op energiebesparing. Omgevingsdiensten hebben in de focusgroep aangegeven dat het inzichtelijk krijgen van energieverbruik van bedrijven en instellingen via netbeheerders een belangrijke oplossing is om alle bedrijven die aan de verplichtingen moeten voldoen in beeld te krijgen en het mogelijk te maken om energiebesparing structureel te monitoren. Tot op heden is het niet mogelijk om energiegegevens van netbeheerders in te zien of om deze gegevens te vorderen. Hier komt verandering in met de toevoeging van artikel 18.25a in de Omgevingswet. Via dit artikel krijgt het bevoegd gezag toegang tot energieverbruiksgegevens via netbeheerders.22 Wanneer dit artikel in werking treedt is nog onbekend. De wet is volgens het wetgevingsprogramma van voorjaar 2024 ‘in voorbereiding’. 20 21 22

VTH jaarverslag ODRN 2022 en Uitvoeringsplan Energie & Duurzaamheid ODT 2022-2023 Jaarstukken ODT 2022 Wetswijziging ter uitvoering van de afbouw van de salderingsregeling voor kleingebruikers

/ 55

DoeMee onderzoek 2024 Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing

4.4.2 Samenwerking tussen omgevingsdiensten Uit de deskstudie blijkt uit meerdere documenten dat omgevingsdiensten met elkaar samenwerken. Zo bestaat er een landelijke samenwerking tussen omgevingsdiensten op het gebied van energiebesparing en wordt er ook op regionaal niveau met elkaar samengewerkt. Uit een toelichting van de ODRU, blijkt dat de ODRU en de RUD Utrecht bijvoorbeeld een gezamenlijk energietoezicht product hebben ontwikkeld.23 Deze partijen werken ook samen door het maken van afspraken over termijnen en dwangsombedragen en in het opstellen van een gezamenlijke conceptbrief voor aanschrijving in het kader van de informatieplicht. In de provincie Zuid-Holland hebben de omgevingsdiensten gezamenlijk een ‘voorspelmodel’ met het verwachte energieverbruik van bedrijven op basis van ervaringscijfers ontwikkeld, in navolging van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant.

4.4.3 Knelpunten in toezicht en handhaving In de focusgroepen is deelnemende overheden gevraagd naar knelpunten die zij in toezicht en handhaving op de verplichtingen ervaren, naast de al benoemde knelpunten in de enquête (zoals financiering, zicht op verplichte bedrijven). Een belangrijk knelpunt is complexe wet- en regelgeving, waardoor het veel tijd kost de juiste mensen bij omgevingsdiensten te vinden en op te leiden. Energiecontroles zijn een veel technischere variant van toezicht dan de gemiddelde toezichthouder gewend is uit te voeren. Bovendien zijn de gesprekspartners (bedrijven) vaak ook niet in staat technische vragen te beantwoorden. De huidige krapte op de arbeidsmarkt maakt het extra moeilijk de juiste mensen bij omgevingsdiensten te vinden en te behouden. Daarnaast geven sommige gemeenten aan dat het lastig is om veranderingen in het energieverbruik te herleiden tot genomen energiebesparende maatregelen, blijkt bijvoorbeeld uit de eindrapportage van het energietransitie-beleid PALET van de regio Parkstad in Zuid-Limburg.24 Uit deze rapportage blijkt dat een verandering in het energiegebruik niet zondermeer gerelateerd kan worden aan toezicht, omdat het energiegebruik wordt beïnvloed door vele andere factoren, waaronder toe- of afname in productie, innovaties in productieprocessen, koude winters en/of ontwikkelingen in de (wereld)economie.

Daarnaast beschrijft dit rapport dat de maatregelenlijsten wel degelijk energiebesparing opleveren en dat de maatregelenlijst bij de meeste bedrijven het enige middel is om daadwerkelijk toezicht te houden. Omgevingsdiensten benoemden in de focusgroep ook dat hun takenpakket verbreed blijft worden. In de focusgroep is onder andere de nieuwe rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit (WPM) benoemd, waar omgevingsdiensten per 1 juli 2024 op moeten handhaven.25 Krapte op de arbeidsmarkt, in combinatie met een toename in taken en niet altijd voldoende financiering, kan ervoor zorgen dat niet alle taken in de toekomst naar behoefte kunnen worden uitgevoerd. Alle deelnemende overheden aan de focusgroepen hebben hier hun zorgen over geuit.

23 24 25

Memo over de samenwerking tussen de ODRU en de RUD Utrecht op het gebied van energie Palet project regio Parkstad eindrapportage Rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit (rvo.nl)

/ 56

DoeMee onderzoek 2024 Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing

Als laatste gaf een aantal omgevingsdiensten tijdens de focusgroep aan dat er veel energie verloren gaat in de papieren werkelijkheid van de informatieplicht: het voldoen aan de informatieplicht betekent niet dat er ook daadwerkelijk energiebesparende maatregelen worden genomen. Eén omgevingsdienst geeft daarom aan niet meer actief op de informatieplicht te handhaven, maar prioriteit te geven aan het controleren op het daadwerkelijk treffen van energiebesparende maatregelen.

4.5 Verantwoording De meeste omgevingsdiensten rapporteren aan de hand van voortgangsrapportages over de resultaten van de energiebesparingsplicht en informatieplicht. In de voortgangsrapportages delen omgevingsdiensten een beschrijving van de geleverde producten en diensten. Sommige gemeenten en provincies hebben KPI’s afgesproken waar de omgevingsdienst over dient te rapporteren, bijvoorbeeld het aantal uitgevoerde energiecontroles, het aantal overtredingen, het aantal geïnventariseerde bedrijven en/of het aantal aangeschreven bedrijven in het kader van de informatieplicht. Het verschilt per gemeente of provincie in hoeverre zij geïnteresseerd zijn in en sturen op de resultaten van energietoezicht. Omgevingsdiensten geven in de focusgroep aan dat sommige gemeenten het voldoende vinden om inzicht te hebben in het aantal uren besteed aan controles (financiële verantwoording). In de enquêtes is door een deel van de gemeenten en provincies aangegeven dat er wel eens vragen zijn gekomen vanuit de gemeenteraad of Provinciale Staten. Voorbeelden van vragen die in de toelichting op de enquête zijn gegeven gingen over de werkwijze, de voortgang van de uitvoering van de werkzaamheden (aantal controles, naleefgedrag) en de bereikte resultaten.

In de focusgroepen is daarnaast aangegeven dat de mate waarin aandacht aan de verplichtingen in de gemeenteraad of Provinciale Staten wordt gegeven, afhankelijk is van de prioriteit die er op lokaal niveau politiek niveau aan gegeven wordt.

4.6 Resultaten toezicht en handhaving Uit de enquêtes blijkt dat toezicht op en handhaving van de energiebesparings- en informatieplicht sinds 2019 zijn geïntensiveerd. Ondanks dat niet alle omgevingsdiensten op gemeentelijk en provinciaal niveau inzicht hebben in het aantal verplichte bedrijven, is er wel een duidelijk stijgende trend te zien van 2019 tot en met 2023 in het totaal aantal gecontroleerde bedrijven, besteedde uren en overtredingen. Zowel in de focusgroepen als de enquête is door gemeenten en provincies aangegeven dat informatie over het energiebesparingspotentieel en de totaal gerealiseerde energiebesparing in veel gevallen ontbreekt, maar wel relevant is om te bepalen wat de inspanningen op toezicht en handhaving uiteindelijk opleveren. Omgevingsdiensten geven echter aan dat deze informatie lastig inzichtelijk te krijgen is, onder andere door mogelijke veranderingen in bedrijfsactiviteiten, waardoor zonder energiebesparende maatregelen het energieverbruik kan toe- of afnemen. Sommige gemeenten en provincies beamen dat deze informatie door omgevingsdiensten lastig te verkrijgen is, maar zij geven ook aan dat ze het inzicht graag zouden willen. Daarnaast wordt deze informatie ook niet altijd als opdracht bij de omgevingsdiensten uitgevraagd, waardoor er geen capaciteit en/of middelen beschikbaar zijn om deze

/ 57

DoeMee onderzoek 2024 Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing

informatie in beeld te brengen. In sommige gevallen is wel een indicatie van de (potentiële) energiebesparing mogelijk, op basis van bijvoorbeeld informatie uit de informatieplicht en energiecontroles. Sommige omgevingsdiensten, zoals de omgevingsdienst IJsselland, concluderen dat toezicht op en handhaving van de energiebesparingsplicht en informatieplicht actief bijdragen aan klimaatdoelstellingen en het terugdringen van CO2-emissies, zoals blijkt uit een evaluatie op het Project Energie & Duurzaamheid 2022.26 Andere omgevingsdiensten, zoals de RUD ZuidLimburg, vinden daarentegen dat het effect van toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht op het energiegebruik in de regio niet kan worden vastgesteld. Zij trekken in twijfel in hoeverre de erkende maatregelenlijsten daaraan kunnen bijdragen en of er niet nog meer ingrijpende maatregelen overwogen dienen te worden.

26

Omgevingsdienst IJsselland (2023) Evaluatie Project Energie en Duurzaamheid Evaluatie 2022.

/ 58

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Emmen&id=0c4268ad-af17-4138-a1d4-ac7428fd4dcd