CConstaterende datEmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

BIjlage bij RA21.0050 - Bestemmingsplan Knarrenhof Emmermeer - Toelichting en Regels (RIS.10285)

Commissie Wonen en Ruimte 13 september 2021, gemeente EmmenBij agendapunt: Bestemmingsplan Knarrenhof Emmermeer + bijlagen RIS.10285 en RIS.1028626.452 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Emmen, Meerstraat, Knarrenhof

Inhoudsopgave

Toelichting

5

Hoofdstuk1 Inleiding 1.1 Aanleiding tot nieuw bestemmingsplan 1.2 Ligging plangebied 1.3 Huidige planologische regelingen 1.4 Opzet bestemmingsplan 1.5 Overzicht verricht onderzoek

5 5 5 8 8 9

Hoofdstuk2 Beleid 2.1 Gemeentelijk beleid 2.2 Provinciaal beleid 2.3 Rijksbeleid 2.4 Conclusie

10 10 12 15 17

Hoofdstuk3 Planbeschrijving en Stedenbouwkundige structuur 3.1 Ontstaansgeschiedenis 3.2 Algemene planbeschrijving 3.3 Verkeer en parkeren

18 18 19 21

Hoofdstuk4 Onderzoeken 4.1 Cultuurhistorie 4.2 Archeologie 4.3 Ecologie 4.4 Fysieke veiligheid 4.5 Milieu 4.6 Waterparagraaf

23 23 30 32 34 34 41

Hoofdstuk5 Toelichting op de planregels en verbeelding 5.1 Algemeen 5.2 Toelichting op de verbeelding 5.3 Toelichting op de regels

45 45 45 45

Hoofdstuk6 Maatschappelijke betrokkenheid 6.1 Informatie en overleg ex. artikel 3.1.1 Bro 6.2 Zienswijzen op het ontwerpbestemmingsplan

52 52 53

Hoofdstuk7

54

Economische uitvoerbaarheid

Bijlagen bij de toelichting Bijlage 1 Aeriusberekening Bijlage 2 Onderzoeken Bijlage 3 Aanmeldnotitie Bijlage 4 Vaststellingsbesluit

55 56 76 77 89

Regels

91

Hoofdstuk1 Artikel 1 Artikel 2

Inleidende regels Begrippen Wijze van meten

92 92 98

Hoofdstuk2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5

Bestemmingsregels Groen Tuin Wonen - Aaneengebouwd

99 99 100 101

2 eld)

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgest

Artikel 6

Waarde - Archeologie 4

103

Hoofdstuk3 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12

Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels Algemene wijzigingsregels Overige regels

105 105 106 107 108 110 111

Hoofdstuk4 Artikel 13 Artikel 14

Overgangs- en slotregels overgangsrecht slotregel

112 112 113

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgesteld) 3

4 eld)

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgest

Toelichting Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding tot nieuw bestemmingsplan

Aan de Meerstraat, in de kern Emmen, bevindt zich het perceel waar drie flatjes hebben gestaan. Initiatiefnemer is voornemens om op deze locatie het project Knarrenhof te realiseren. Het project bestaat uit de realisatie van 23 levensloopbestendige (senioren)woningen en een aantal gezamenlijke ruimtes (bergingen en Hofhuys). Op basis van het geldende bestemmingsplan 'Emmen, Emmermeer' beschikt het perceel over een woonbestemming voor gestapelde bouw, waarbinnen geen reguliere grondgebonden woningen zijn toegestaan. Om de realisatie van de gewenste woningen mogelijk te maken is daarom een wijziging van de bestemming noodzakelijk. De reden voor het opstellen van het bestemmingsplan Emmen, Meerstraat, Knarrenhof is, omdat het gewenste voornemen is, zoals reeds vermeld, niet in overeenstemming met het geldende bestemmingsplan 'Emmen, Emmermeer'. Een bestemmingsplanherziening is dan ook noodzakelijk. Voorliggend bestemmingsplan voorziet hierin. Hierbij zal worden aangetoond dat de ontwikkeling in overeenstemming is met een ‘goede ruimtelijke ordening'

1.2

Ligging plangebied

Het plangebied van het bestemmingsplan Emmen, Meerstraat, Knarrenhof ligt in de wijk Emmermeer. Het wordt globaal begrensd door de Meerstraat in het westen, de D.H. v.d. Scheerstraat in het noorden, de Dr. W. Pleijtestraat in het oosten en de Mr. H. Smeengestraat in het zuiden (zie figuur 1.1). Het perceel staat kadastraal bekend als Gemeente Emmen, Sectie C en perceelnummer 12846. De gesloopte flats hebben elk nog een eigen kadastraal nummer. Zie ook figuur 1.2.

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgesteld) 5

Figuur 1.1: De ligging van het plangebied Emmen Emmen, Meerstraat, Knarrenhof in de gemeente Emmen.

Figuur 1.2: Indicatie begrenzing plangebied.

6 eld)

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgest

Foto 1.1: Beeld van de voormalige flats.

Foto 1.2: Beeld huidige situatie.

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgesteld) 7

1.3

Huidige planologische regelingen

Het plangebied is gelegen binnen de begrenzing van het bestemmingsplan 'Emmen, Emmermeer'. Dit bestemmingsplan is vastgesteld door de gemeenteraad van Emmen op 27 september 2012. Op basis van dit bestemmingsplan kent het plangebied de bestemmingen 'Wonen - Gestapeld', 'Tuin-, 'Groen' en de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie verwachtingswaarden' (zie figuur 1.3).

Figuur 1.3 geeft een overzicht, niet volledig, van het oude bestemmingsplan in het plangebied.

Bij het van kracht worden van het bestemmingsplan Emmen, Meerstraat, Knarrenhof verliest het bestemmingsplan 'Emmen, Emmermeer', voor zover zij valt binnen het plangebied, haar rechtskracht. Het bestemmingsplan Emmen, Meerstraat, Knarrenhof vervangt voor dit gebied het genoemde plan.

1.4

Opzet bestemmingsplan

Het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. Op de verbeelding worden de percelen in het gebied aangegeven met bestemming dan wel een aanduiding. In de regels worden de bouw- en gebruiksmogelijkheden van het plangebied geregeld. Tot slot wordt in de toelichting een verantwoording gegeven van de in het plan gemaakte keuzes.

8 eld)

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgest

1.5

Overzicht verricht onderzoek

Ter voorbereiding van het bestemmingsplan Emmen, Meerstraat, Knarrenhof zijn diverse onderzoeken verricht en adviezen gegeven. Daarnaast is er informatie gebruikt uit onderzoeken en adviezen die in een ander kader zijn uitgevoerd. De conclusies uit de onderzoeken en adviezen zijn verwerkt in de toelichting. Ter voorbereiding van het bestemmingsplan zijn de volgende onderzoeken verricht: Cultuurhistorisch onderzoek, Verkennend archeologisch onderzoek, Verkennend bodemoderzoek, Watertoets Aanmeldnotitie besluit m.e.r.

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgesteld) 9

Hoofdstuk 2

Beleid

2.1

Gemeentelijk beleid

2.1.1

Structuurvisie gemeente Emmen 2020, veelzijdigheid troef

De structuurvisie Emmen 2020, Veelzijdigheid Troef, is 24 september 2009 vastgesteld door de raad. Het document is opgesteld als ruimtelijke vertaling van de ambities gesteld in de Strategienota Emmen 2020, vastgesteld in de raadsvergadering van september 2001. De structuurvisie geeft de hoofdlijnen van de ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente Emmen weer. In de structuurvisie wordt de ruimtelijke structuur van 2020 geschetst aan de hand van een aantal thema's, te weten landschap, duurzaamheid, verkeer, werken, wonen, voorzieningen en veiligheid. Voor ieder thema is een hoofdkoers bepaald. Voor het bestemmingsplan Emmen, Meerstraat, Knarrenhof is vooral het thema Wonen van belang. Vanuit de structuurvisie vindt aansluiting plaats op het bestaande bouwprogramma (zie ook woonplan). Voor fase 2 en 3 van de Delftlanden vindt een verbijzondering plaats en wordt gericht op meer landelijke en dorpse woonmilies. Naast een kwaliteitsimpuls van de bestaande woningen wordt ingezet op op wervende woonmilieus, te weten: water/lintwonen tussen Barger- en Emmer Compascuum, boswonen op de Hondsrug en erfwonen in het zuidelijk deel van de gemeente.

2.1.2

Woonbeleid

De Woonvisie 2018-2023 richt zich op een nieuwbouwopgave passend bij de kwalitatieve behoefte en aanvullend op de bestaande voorraad. Daarbij moet de bestaande woningvoorraad beter benut worden. In de Woonvisie is een strategie opgenomen voor woningbouw: 1. Woningbouwinitiatieven worden niet individueel, maar in samenhang bekeken. 2. Prioriteit wordt gegeven aan plannen voor herstructurering en transformatie. 3. Bij het maken van de woon- en leefbaarheidsvisies voor dorpen en wijken komen plekken naar voren waar inbreiding (verdichting) mogelijk en gewenst is. 4. Bestaande uitbreidingslocaties worden afgerond. 5. Woningbouwplannen dragen bij aan een gevarieerd woonmilieu (ruimte bieden aan plannen die een nichemarkt bedienen en aan kleinschalige experimentele, innovatieve en duurzame woonvormen). 6. Woningbouwplannen dragen bij aan ruimtelijke kwaliteit. Beoordeeld is dat het plan voldoet aan de uitgangspunten van de woonvisie. Het plan is een inbreidingsopgave en draagt bij aan de verbeteropgave en ruimtelijke kwaliteit van de omgeving en de woningvoorraad. 2.1.3

Verkeersbeleid

Het Gemeentelijk Verkeer en Vervoer Plan (GVVP) ( december 2013) gaat uit van de inrichting van wegen volgens de Duurzaam veilig-principes. De wegen in de gemeente Emmen zijn gecategoriseerd conform Duurzaam Veilig met als doel een optimale afstemming te bereiken tussen de functie van de weg, de vormgeving en het gebruik ervan door de weggebruiker. Hiermee wordt beoogd onbedoeld gebruik van de weg, conflicten met hoge snelheids- en richtingsverschillen, alsmede onzeker gedrag te voorkomen. De wegen zijn verdeeld in drie categorieën, stroomwegen, gebiedsontsluitingsweg en erftoegangswegen. Verder zet het GVVP in op een multimodale benadering van verkeer. Dit houdt in dat niet enkel naar de bereikbaarheid per auto wordt gekeken maar nadrukkelijk ook naar andere vervoersmodaliteiten, zoals het openbaar vervoer of de fiets. Het openbaar vervoer - zowel bus als trein - valt onder verantwoordelijkheid van de provincie, c.q. het OV-Bureau Groningen-Drenthe (voor de bus). De gemeente draagt als belangrijke gesprekspartner bij aan een goede openbaar vervoer-bereikbaarheid van de stad, de wijken en dorpen. Het beleid is erop gericht de betekenis van bus en trein in de totale mobiliteit te vergroten. Eén van de aandachtspunten de komende tijd zal zijn om de treinverbinding met Zwolle verder te optimaliseren. Daarbij wordt onder meer ingezet op gedeeltelijke verdubbeling van het spoor.

10 eld)

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgest

De capaciteitsuitbreiding spoorlijn Emmen - Zwolle is al sinds 2003 opgenomen in de verschillende bestuursprogramma's van de gemeente Emmen. In eerste instantie werd ingezet op een integrale verdubbeling, later op een capaciteitsuitbreiding sec. In de beleidsbetroting 2013 is dit streven omgezet in de doelstelling om de provincie Drenthe te ondersteunen bij haar inzet naar derden om de knelpunten op deze spoorlijn met voorrang op te lossen zodat zo spoedig mogelijk ook voor Emmen een 4 treinen per uur dienstregeling in de spits mogelijk wordt. Ook de fiets krijgt de komende jaren een belangrijkere functie. Het fietsgebruik op met name de korte afstand (<7,5 km) willen wij met minimaal 10% laten doen toenemen. Met name het gebruik van de fiets richting het centrum van Emmen willen wij verder stimuleren door hoogwaardige fietsverbindingen richting het centrum van Emmen te realiseren of bestaande routes op te waarderen. Het autogebruik daarentegen willen wij verder ontmoedigen door een aantal rechtstreekse verbindingen voor autoverkeer te laten verdwijnen. Er is sprake van een meer gematigde groei van het autoverkeer ten opzichte van eerdere prognoses.

Mede door de grotere betekenis van openbaar vervoer en fiets in het beleid, is er ruimtelijk gezien naast de grootschalige realisatie van ondergronds parkeren in het centrum - weinig tot geen behoefte aan uitbreiding van specifieke (auto-)wegvoorzieningen. Deels wordt zelfs gedacht aan het afwaarderen van autowegen waardoor een betere verkeerskundige en ruimtelijke kwaliteit wordt bereikt. Binnen de zogenaamde centrumruit willen wij het autoverkeer richting het centrum zoveel mogelijk ontmoedigen.

2.1.4

Integrale parkeervisie

In oktober 2017 heeft de gemeenteraad van Emmen de "Integrale parkeervisie gemeente Emmen" vastgesteld. Deze visie vervangt de parkeernota van 2010. De visie is het kader voor het bepalen van de parkeeropgave bij fysieke ontwikkelingen op alle niveaus. Het is een leidraad voor het beoordelen van de parkeeropgave van stedenbouwkundige visies & plannen voor (her-)ontwikkeling van de fysieke leefomgeving en is ook het kader dat invulling geeft aan het begrip “voldoende parkeer- of stallingsruimte dan wel voldoende laad- of losruimte in bestaande en op ontwikkeling gerichte nieuwe bestemmingsplannen. De visie bevat ten aanzien van de hoeveelheid parkvoorzieningen en het aantal los- en laadplaatsen het beoordelingskader voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen en- of wijzigen gebruik. Voor toekomstige (nieuwbouw)ontwikkelingen is in de parkeervisie de landelijke richtlijnen van het CROW leidraad. Uitgangspunt blijft in beginsel voldoende parkeerruimte op eigen terrein. Als dit niet kan, kan eventueel teruggevallen worden op parkeren in de openbare ruimte, waarvoor aan de gemeente een afkoopsom wordt betaald.

2.1.5

Ruimtelijke waardenkaart

De Ruimtelijke Waardenkaart (Bosch & Slabbers, 2008) belicht de aardkundige, archeologische, ecologische, hydrologische, cultuurhistorische en de landschappelijke waarden, evenals de monumenten van het buitengebied van de gemeente Emmen. De kaart is opgesteld ten behoeve van het bestemmingsplan buitengebied, hierdoor ligt het accent op de waarden in buitengebied, maar komen de in het onderliggenden waarden in de kernen ook aanbod. Daarnaast reikt de ruimtelijke waardenkaart concrete handvatten voor de ontwikkeling van het landschap aan. Het rapport geeft aan met welke aspecten in de planvorming rekening dient te worden gehouden. De gemeente ziet de ruimtelijke waardenkaart als een aanzet tot een nader te bepalen ontwikkelingskader. De ruimtelijke waardenkaart is een interne beleidskader, welke richting geeft aan de inrichting van een gebied. De ruimtelijke waardenkaart hangt samen met regelingen op de gebieden als floraen faunabescherming, archeologie, monumenten. Vastgestelde waarden binnen deze gebieden vinden hun juridische bescherming binnen de specifieke wettelijke kaders. In de RWK zijn de waarden op deze gebieden dan ook niet 'opnieuw' vastgesteld maar in woord en beeld met elkaar in verband gebracht.

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgesteld) 11

2.1.6

Welstandsbeleid

De welstandsnota 2016, gemeente Emmen is opgesteld uitgaande van het motto: “Loslaten van wat kan, regelen wat ertoe doet”. De gemeente hecht waarde aan de omgevingskwaliteit, en ziet daarbij onderscheid tussen de verschillende gebieden die de gemeente rijk is. Niet ieder gebied vraagt om dezelfde benadering. De welstandsnota 2016 kent drie welstandsniveaus: welstandsvrij, welstandsluw en welstandsniveau hoog. Voor een aantal gebieden is de ambitie naar beneden bijgesteld ,waardoor welstandsvrije gebieden zijn toegenomen. Het niveau welstandsluw is geïntroduceerd. In de luwe gebieden wordt op een aantal basale aspecten van welstand gestuurd en wordt afstand genomen van gedetailleerde beoordelingen. Daarnaast moeten gebieden die van meer waarde zijn - niveau hoog – goed beschermd blijven. Deze gebieden leveren een belangrijke bijdrage aan de identiteit van Emmen. Voornamelijk zijn dit de centra van dorpen, wijken en de beschermde dorpsgezichten. Voor deze gebieden geldt een hoog ambitieniveau. Het gemeentebestuur beoogt met deze nota een dynamische welstand in Emmen, waarbinnen ruimte is voor dialoog en “kwalitatief herstel” met de samenleving. Het bestemmingsplan en de welstandsnota zorgen samen voor het behoud van de ruimtelijke kwaliteit. Het bestemmingsplan geeft aan wat, hoeveel, in welke vorm en waar er gebouwd mag worden.

Het welstandsbeleid geeft aan hoe het gebouw er uit mag komen te zien. Dit wil zeggen dat het welstandsbeleid moet voorkomen dat er gebouwen gebouwd worden die afbreuk doen aan de omgeving. Het plangebied is gelegen in een gebied met waarde 'welstandsluw'. Dit zijn gebieden waarbij de hoofdstructuren vooral van belang zijn voor de omgevingskwaliteit. Het zijn gebieden waarbij, vooral vanuit stedenbouwkundig oogpunt, de onderlinge samenhang van het gebouw met zijn omgeving van belang is. De stedenbouwkundige samenhang van de specifieke complexen, ensembles, linten en straatbeelden vormt hier een belangrijk uitgangspunt. Het welstandsbeleid richt zich met name op de voorkanten van bouwwerken en bouwblokken en het aanzicht op deze bebouwing vanuit de openbare ruimte. Ingrepen worden beoordeeld in relatie tot de naastgelegen bebouwing en het straatbeeld. Het beleid is alleen op hoofdzaken gericht en niet op details. Dit welstandsluwe niveau is van toepassing voor grote delen van de gemeente. Het betreft delen van de dorpen, het buitengebied, woonwijken en belangrijke randen van bedrijventerreinen en recreatiegebieden. De woonwijken, Emmermeer ten noorden van Emmen en Angelslo en Emmerhout ten oosten van de plaats Emmen, zijn door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, aangewezen als karakteristieke waardevolle na-oorlogse wederopbouwwijken.

De wijken zijn gegroepeerd rond de Emmerdennen. Het zijn groene, ruim opgezette, zelfvoorzienende wijken in open bebouwing met circa 3.000 woningen voor 10.000 mensen. Deze wijken vertonen een uniek beeld van de Nederlandse na-oorlogse wederopbouwwijken. Met name de stedenbouwkundige samenhang en opzet in relatie tot de bebouwing en het groen vormen de beeldbepalende waarden. De centrale wijkontsluitingswegen met de daaraan gekoppelde winkelcentra en andere grootschalige functies vallen onder het niveau Hoog. EMMERMEER is de eerste naoorlogse wijk. Een proeftuin voor verschillende experimenten met systeembouw. De buurt kent een open verkaveling met privé-tuintjes en veel openbaar groen. In Emmermeer werd in eerste instantie bouwblok- en compartimentsgewijs gebouwd, waardoor de bebouwing een sterk repeterend karakter heeft. Dit had te maken met de grondverwerving door de gemeente. Emmermeer was geen toonbeeld van planologisch verantwoorde bouw, maar was wel modern, ruim en groen van opzet. De hoge ensemblewaarde, tot uiting komende in sterk repeterende architectuur in combinatie met het groen, is van belang bij nieuwe ontwikkelingen.

2.2

Provinciaal beleid

2.2.1

Omgevingsvisie Drenthe 2018

De Omgevingsvisie is hét strategische kader voor de ruimtelijk-economische ontwikkeling van Drenthe. De visie formuleert de belangen, ambities, rollen, verantwoordelijkheden en sturing van de provincie in het ruimtelijke domein. 12 eld)

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgest

De Omgevingsvisie beschrijft de ruimtelijk-economische ontwikkeling van Drenthe in de periode tot 2030, met in sommige gevallen een doorkijk naar de periode daarna. Als in de tekst wordt gesproken over ‘lange termijn’, betreft het de periode na 2030. De Omgevingsvisie heeft voor de provincie vooral een interne binding. Dit betekent dat de provincie bij de uitoefening van haar taken aan de Omgevingsvisie gebonden is. Missie De missie van de provincie is het waarderen van de Drentse kernkwaliteiten en het ontwikkelen van een bruisend Drenthe, passend bij de kernkwaliteiten. Deze missie is ingegeven door wat inwoners, medeoverheden en maatschappelijke partners belangrijk vinden voor de toekomst van Drenthe. De kernkwaliteiten zijn samen met partners en de inwoners van Drenthe benoemd, te weten landschap, cultuurhistorie, aardkundige waarden, archeologie, rust en natuur. Kernkwaliteiten De kernkwaliteiten zijn de kwaliteiten die bijdragen aan de identiteit en aantrekkelijkheid van Drenthe. Samen met vertegenwoordigers van overheden, belangengroepen, marktpartijen en inwoners heeft de provincie de volgende kernkwaliteiten van Drenthe benoemd: rust, ruimte, natuur en landschap; oorspronkelijkheid (authenticiteit, Drents eigen); noaberschap; kleinschaligheid (Drentse schaal); menselijke maat; veiligheid.

Het provinciaal belang ligt in het behouden en, waar mogelijk, ontwikkelen van de kernkwaliteiten. In hoofdstuk 4 van de Omgevingsvisie is voor alle kernkwaliteiten een uitwerking naar meer concrete indicatoren gemaakt, namelijk landschap, cultuurhistorie, aardkundige waarden, archeologie, rust en natuur. Zorgvuldig Ruimtegebruik In Drenthe kunnen mensen nog ruimte beleven. Dat wil de provincie bewaken, ook wanneer er nieuwe ontwikkelingen zijn. Zorgvuldig ruimtegebruik is van provinciaal belang. Milieu- en leefomgevingskwaliteit De provincie streeft naar een gezonde en veilige leefomgeving voor mens, plant en dier. Het beschermen van de kwaliteit van milieu en leefomgeving is veelal op Europees en nationaal niveau geregeld. Daarbij zijn diverse taken en verantwoordelijkheden bij de provincies neergelegd. Deze taken, gericht op het beschermen van de kwaliteit van lucht, water en bodem en het verbeteren van de verkeersveiligheid, waterveiligheid en externe veiligheid, zijn daarmee van provinciaal belang. Kaarten en doelstellingen Op kaarten behorende bij de Omgevingsvisie Drenthe zijn de kernkwaliteiten nader weergegeven. Op een aantal kaarten (wanneer relevant) is het plangebied als volgt aangeduid: Landschap Het plangebied is gelegen binnen het landschap van de veenkoloniën.

Van provinciaal belang is de orthogonale samenhang tussen het systematische ontginningspatroon van grootschalige openheid met kenmerkende wijkenstructuur en de bebouwingslinten met daaruit opgaande percelen. Archeologie De inhoudelijke kaart Archeologie geeft een overzicht van de archeologische waarden en verwachtingen die de provincie van provinciaal belang achten. In gebieden of terreinen met een archeologische verwachting op de archeologiekaarten, wordt gestuurd op een goede uitvoering van archeologisch onderzoek. Niet voor alle bodemingrepen is archeologisch onderzoek vereist. Dit hangt af van de omvang en aard van de ingreep, de waarde/verwachting van de locatie en het vrijstellingenbeleid zoals dat is uitgewerkt in de gemeentelijke archeologiekaarten. bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgesteld) 13

Aardkundige waarden Aardkundige waarden die bijdragen aan het specifieke Drentse karakter wil de provincie behouden en, waar mogelijk, herstellen. Het provinciaal belang ligt in het behouden en, waar mogelijk, ontwikkelen van de kernkwaliteit aardkundige waarden. De provincie wil inhoud geven aan ruimtelijke kwaliteit, om de identiteit en aantrekkelijkheid van Drenthe te behouden en te versterken. Het doel is de archiefwaarde van de bodem te behouden en de landvormen, die karakteristiek zijn voor het Drentse landschap, te behouden en te versterken, als onderdeel van de kernkwaliteit oorspronkelijkheid. Het plangebied is gelegen binnen een gebied met een generiek beschermingsniveau voor aardkundige waarden. In deze gebieden wil de provincie de lokale, aardkundige kenmerken voor de toekomst bewaren. Cultuurhistorie Het beleid van de provincie Drenthe ten aanzien van cultuurhistorie is beschreven in de beleidsnota Cultuurhistorisch Kompas Drenthe. Het plangebied is gelegen binnen het gebied 'Emmen en haar venen'. Het generieke beleid 'respecteren' is van toepassing. Het is bedoeld om de cultuurhistorische samenhang, zoals die is vastgelegd in de hoofdstructuur, te borgen. De ambitie voor de Veenkoloniën richt zich specifiek op het zichtbaar houden van de machinale veenwinning en veenverwerking op het Amsterdamscheveld en het Bargerveen, zowel in het landschap als in de bebouwing.

Deelgebied 10: Emmen en haar venen Omgevingsbeeld Bepalend in dit gebied is de positie van Emmen als naoorlogse stad, in een veengebied dat vrij laat is ontgonnen en nog de concrete sporen toont van de machinale veenontginningen. Emmen, oorspronkelijk een esdorp op een uitloper van de Hondsrug, bezit rondom de oude kern een krans van woonwijken en industriegebieden, die representatief zijn voor de opeenvolgende fasen in het naoorlogse planningsdenken. Daarbuiten zijn in het gebied van het Amsterdamscheveld de verschillende facetten en fasen van de machinale veenontginning in één gebied zichtbaar. De zuidelijke strook langs de grens met Duitsland heeft een eigen karakter, gevormd door de randveenontginningen en hun wegdorpen en de esgehuchten. De veelzijdigheid van ruimtelijke inrichting in fasen en in tijd, met structuren van esdorpen, veenontginningen, wegdorpen en naoorlogse planning en de verschillende zones die zich door hun autonome ontwikkeling sterk van elkaar onderscheiden zijn kenmerkend voor dit gebied en van provinciaal belang.

Karakteristiek voor Emmen zijn hierbij: de hoofdstructuur van naoorlogse uitleg met daarbinnen de functiescheiding wonen, werken,recreatie en verkeer; de naoorlogse woonwijken Emmermeer, Angelslo en Emmerhout als gave representanten vanstedenbouwkundige concepten; de aanwezigheid van (restanten van) esdorpstructuren van (het centrum van) Emmen, Bargeen Westenesch en prehistorische sporen die de route van Coevorden naar Groningen over deHondsrug weerspiegelen. Bepalend voor dit deelgebied is de stad Emmen als naoorlogse groeikern op de rand van de Hondsrug met een omringend veengebied. In dit deelgebied willen we specifiek sturen op: Het behouden van de kenmerkende stedenbouwkundige concepten van de naoorlogse wijken van Emmen als representanten van opeenvolgende fasen in het denken over wonen en de stad; Bij nieuwe ontwikkelingen van Emmen consequent vasthouden aan het wijkontwerp als totaalbeeld en als uitdrukking van een vernieuwend denkbeeld over de wijze van wonen.

14 eld)

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgest

2.2.2

Provinciale omgevingsverordening

Provinciale Staten van Drenthe hebben de Provinciale omgevingsverordening Drenthe vastgesteld. In de omgevingsverordening is het perceel gelegen binnen een gebied aangeduid als 'Bestaand Stedelijk Gebied'. Binnen Bestaand Stedelijk Gebied ligt de verantwoordelijkheid ten aanzien van woningbouw primair bij de gemeente. De verordening geeft verder geen specifieke bepalingen voor percelen met deze aanduiding.

2.3

Rijksbeleid

2.3.1

Ruimtelijk beleid

De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) is op 13 maart 2012 van kracht geworden. Onderdeel van deze structuurvisie is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Met de structuurvisie kiest het rijk voor een selectievere inzet van rijksbeleid op slechts 13 nationale belangen. Voor deze belangen is het Rijk verantwoordelijk en wil het resultaten boeken. Buiten deze 13 belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid. Voor Emmen zijn in de SVIR geen onderwerpen opgenomen die aangemerkt worden als nationaal belang. In de Barro zijn alleen de zaken betreffende defensie en kernkwaliteiten van toepassing. Echter deze zaken hebben beperkte doorwerking/ geen directe invloed op de inrichting van het plangebied. 2.3.2

Kiezen voor Karakter, Visie erfgoed en ruimte - Wederopbouwgebieden

De Visie erfgoed en ruimte geeft aan hoe het rijk het onroerend cultureel erfgoed borgt in de ruimtelijke ordening, welke prioriteiten het kabinet daarbij stelt en hoe het wil samenwerken met publieke en private partijen. Vanuit een brede erfgoedvisie wordt ingezoomd op de meest actuele en urgente opgaven van nationaal belang. De visie is complementair aan de Structuurvisie infrastructuur en ruimte. De heersende opvatting in de visie is dat verankering van cultureel erfgoed in de ruimtelijke ordening vraagt om twee zaken. In de eerste plaats dient het belang van het cultureel erfgoed volwaardig mee te worden genomen in de integrale afweging van belangen die plaatsvindt ten behoeve van het goed functioneren van de ruimte. In de tweede plaats dient cultureel erfgoed dat van bijzondere betekenis is, te worden benoemd. Zo kan er op voorhand rekening mee worden gehouden in ruimtelijke plannen en ontwikkelingsprocessen Op basis van onderzoek van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed zijn 30 gebieden geselecteerd uit de periode 1940-1965 die van nationaal cultuurhistorisch belang zijn. De gebieden zijn beoordeeld op o.a. de kwaliteit van het oorspronkelijke plan c.q. ontwerp, de toenmalige ontwerpprincipes, de huidige stedenbouwkundige gaafheid en zeldzaamheid, de voorbeeldfunctie van ontwerp en uitvoering, het (inter)nationale belang en hun huidige cultuurhistorische waarde.

Hierbij is onderscheid gemaakt naar drie typen gebieden: 1) de daadwerkelijk wederopgebouwde kernen / gebieden (herstel oorlogsschade), 2) naoorlogse woonwijken en 3) landelijk gebied (reconstructie na oorlogsschade, ruilverkavelingen en nieuw land) . De woonwijken Emmermeer, Angelslo, Emmerhout zijn o.a. op basis van de volgende fysieke kwaliteiten van nationale betekenis: - compositie van 3 wijken rond bos in voormalig veengebied, - hiërarchisch stratenpatroon met centraal gelegen voorzieningenstroken, - experimentele woningbouw en ruime groenvoorziening, N.a.v. deze aanwijzing als wederopbouwgebied wordt in hoofdstuk vier van het bestemmingsplan kort de cultuurhistorie beschreven van de Emmermeer.

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgesteld) 15

2.3.3

Ladder voor duurzame verstedelijking

In de SVIR is de ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Deze ladder is per 1 oktober 2012 als motiveringseis in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6, lid 2) opgenomen. Op 1 juli 2017 is de Ladder in het Besluit ruimtelijke ordening gewijzigd. Aanleiding voor de wijziging waren de in de praktijk gesignaleerde knelpunten bij de uitvoering van de Ladder en de wens om te komen tot een vereenvoudigd en geoptimaliseerd instrument. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Hierbij geldt een motiveringsvereiste voor het bevoegd gezag als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Teneinde een ontwikkeling adequaat te kunnen toetsen aan de ladder is het noodzakelijk inzicht te geven in de begrippen 'bestaand stedelijk gebied' en 'stedelijke ontwikkeling'. In de Bro zijn in artikel 1.1.1 definities opgenomen voor: bestaand stedelijk gebied: 'bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur'.

stedelijke ontwikkeling: ´ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.´ Bij het beschrijven van de behoefte dient te worden uitgegaan van het saldo van de aantoonbare vraag naar de voorgenomen ontwikkeling (de komende tien jaar, zijnde de looptijd van het bestemmingsplan) verminderd met het aanbod in planologische besluiten, ook als het feitelijk nog niet is gerealiseerd (harde plancapaciteit).

2.3.3.1 Toetsing aan het rijksbeleid De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte laat zich niet specifiek uit over dergelijke lokale ontwikkelingen. De voorgenomen ontwikkeling raakt geen rijksbelangen als opgenomen in de structuurvisie. De Ladder voor duurzame verstedelijking (hierna 'Ladder') is van toepassing op bestemmingsplannen, uitwerkings- en wijzigingsplannen en omgevingsvergunningen als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 sub c in samenhang met artikel 2.12 lid 1 onder a sub 3 van de Wabo. Is er sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling? Of sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van de ontwikkeling in relatie tot de omgeving. Uit jurisprudentie blijkt dat woningbouwlocaties vanaf twaalf woningen worden beschouwd als een stedelijke ontwikkeling en daarmee Ladderplichtig zijn. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in het realiseren van maximaal 23 woningen, waardoor de ontwikkeling moet worden beschouwd als zijnde een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Wat is het ruimtelijk verzorgingsgebied? Wanneer sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling, moet de toelichting van het bestemmingsplan een beschrijving van de behoefte aan de woningen die mogelijk worden gemaakt bevatten. De behoefte moet worden bepaald binnen het ruimtelijk verzorgingsgebied van de woningbouwontwikkeling.

De aard en omvang van de ontwikkeling zijn leidend voor het schaalniveau waarop de ruimtebehoefte moet worden afgewogen. Het zwaartepunt van het ruimtelijk verzorgingsgebied voor de beoogde ontwikkeling ligt op een lager schaalniveau en komt grotendeels overeen met de kern Emmen zelf, aangezien de woningen zijn bedoeld om in de lokale behoefte te voorzien. Beschrijving van de behoefte aan de voorgenomen ontwikkeling Kwantitatieve behoefte: In het woonbeleid van de gemeente Emmen is beschreven dat woningbouwplannen dienen bij te dragen aan een gevarieerd woonmilieu (ruimte bieden aan plannen die een nichemarkt bedienen en aan kleinschalige experimentele, innovatieve en duurzame woonvormen). Tevens moeten bouwplannen 16 eld)

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgest

bijdragen aan ruimtelijke kwaliteit. Voorliggende kleinschalige woningbouwontwikkeling past binnen deze doelstelling. Kwalitatieve behoefte: Binnen de ontwikkeling is onder andere rekening gehouden met de typologie en het aantal woningen waaraan behoefte is. Aan (senioren)woningen is binnen de gemeente behoefte, onder meer als gevolg van de vergrijzing, de veranderingen in de zorg en de wens om de doorstroming op de woningmarkt te bevorderen. De focus ligt dan ook hoofdzakelijk op woningen voor de doelgroep senioren. In voorliggend voornemen wordt tevens rekening gehouden met een veranderende vraag. De woningen zijn geschikt voor verschillende doelgroepen, aangezien de woningen levensloopbestendig worden uitgevoerd. Dit houdt in dat zich op de begane grond een slaap- en badkamer bevinden. Geconcludeerd wordt dat de ontwikkeling voorziet in de kwalitatieve behoefte. Deze visie is onder andere voortgekomen uit provincaal en regionale afspraken, waardoor de ontwikkeling eveneens past binnen de behoefte in de regio en de provincie. Ligt de stedelijke ontwikkeling in bestaand stedelijk gebied? Het plangebied is binnen bestaand stedelijk gebied (BSG) gelegen, namelijk binnen de bebouwde kom van Emmen. Daarnaast is het plangebied momenteel voorzien van een woonbestemming, op basis waarvan een stedelijke functie mogelijk kan worden gemaakt.

Er is dan ook sprake van een ontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied. Conclusie Voorliggend plan voorziet, ter plaatse van een inbreidingslocatie, in zowel de kwantitatieve als de kwalitatieve vraag naar levensloopbestendige woningen binnen de kern Emmen. Het plan voldoet aan de Ladder voor duurzame verstedelijking.

2.4

Conclusie

De conclusie van de in dit bestemmingsplan Emmen, Meerstraat, Knarrenhof beschreven beleidsuitgangspunten is dat het rijksbeleid niet direct doorwerkt in het plangebied. Hierdoor is het bestemmingsplan niet in strijd met het rijksbeleid. Het rijksbeleid werkt indirect door via het provinciaal beleid. Het provinciaal beleid vormt op zijn beurt weer de input voor het gemeentelijk beleid. Voor het voorliggende bestemmingsplan kan eveneens geconcludeerd worden dat het plan passend is in het provinciale beleid. Wat betreft het gemeentelijk beleid kan eveneens gesteld worden dat het plan passend is.

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgesteld) 17

Hoofdstuk 3 structuur 3.1

Planbeschrijving en Stedenbouwkundige

Ontstaansgeschiedenis

Knarrenhof is een woonconcept dat wordt gerealiseerd in Collectief Particulier Opdrachtgeverschap. Knarrenhof is een landelijke stichting met een maatschappelijk doel, namelijk de leeftijdsbestendige bouw van woongroepen voor onder andere zelfredzame senioren. De bewoners bepalen zelf hoe hun leefomgeving er uit komt te zien. Doel van Knarrenhof is niet alleen om woningen te realiseren voor deze doelgroep. Knarrenhof is namelijk bedoeld voor mensen die het leuk vinden elkaar af en toe te helpen, maar hierin geen verplichting willen. Het is immers geen woongroep. Wel is het een gemeenschap waar je van elkaars kennis/kunde en gezelschap profiteert. Dit is ideaal voor de moderne senior die zelfstandig wil blijven, en die steeds minder op mantelzorg en kinderen kan terugvallen. Door Stichting Knarrenhof is zorgvuldig gekeken of de toekomstig bewoners passen binnen het woonconcept. Er zijn geen vastgelegde leefregels waaraan de bewoners zich dienen te houden, maar van bewoners die in de hof willen wonen worden er wel een aantal ongeschreven taken verwacht. Zo is het niet meer dan normaal zijn dat je voor een zieke buurman de hond uitlaat. Verder zal een bewonersvereniging/vereniging van eigenaren worden opgericht voor de toekomstige bewoners.

Deze vereniging bepaalt bijvoorbeeld welke invulling er wordt gegeven aan de gemeenschappelijke ruimte en tuin waarvan deze vereniging eigenaar is. De bewoners hebben daarmee een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid voor de tuin en de gemeenschappelijke ruimte. Bij beslissingen van de vereniging over deze onderwerpen geldt steeds dat de meerderheid van de stemmen bepaald wat er gebeurd. Bewoners hebben daarmee direct invloed op hun eigen leefomgeving. Daarnaast zijn er nu ook al een aantal afspraken gemaakt. De landelijk Stichting Knarrenhof blijft na de realisatie van de 23 levensloopbestendige en onderhoudsarme woningen betrokken bij het plan. Zo zal Stichting Knarrenhof in samenwerking met de bewonersvereniging/vereniging van eigenaren monitoren hoe het wonen in de hof de bewoners bevalt. Bij eventuele problemen kan Stichting Knarrenhof ook worden ingeschakeld. Daarnaast zal bij het eventueel vrijkomen van een woning via de landelijke stichting Knarrenhof gezocht worden naar een nieuwe passende bewoner. Daarbij geldt altijd dat diegene die het hoogst op de wachtlijst als eerste in aanmerking komt voor de woning. Uiteraard zal door middel van een gesprek worden bepaald of die persoon past binnen de bestaande groep bewoners en de idealen die Knarrenhof heeft nastreeft. Zo wordt gewaarborgd dat het woon concept ook in de toekomst gehandhaafd blijft

De flats in de oude situatie verkeerden in slechte staat en moesten worden gesloopt. Inmiddels is het al een braak liggend terrein. In onderstaande afbeeldingen is de oude situatie weergegen. Knarrenhof heeft interesse getoond in de locatie en heeft samen met de gemeente een plan voor deze locatie gemaakt. Hierbij is rekening gehouden met de ontstaansgeschiedenis van de wijk en wordt een nieuwe woonvorm aan de wijk toegevoegd. De ontstaansgeschiedenis van de wijk wordt beschreven in hoofdstuk 4.1.

18 eld)

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgest

3.2

Algemene planbeschrijving

3.2.1 Algemeen Het gewenste voornemen aan de Meerstraat betreft, zoals eerder vermeld, de realisatie van het project Knarrenhof. Het project bestaat uit het realiseren van 23 levensloopbestendige (senioren)woningen. Daarnaast worden, aansluitend op deze woningen, een aantal gezamenlijke ruimtes (bergingen) gerealiseerd en een zogenaamd Hofhuys. Hierna wordt nader ingegaan op de situering en uitvoering van de bebouwing. Het gaat om woningen van 1 laag met een kap. De bergingen worden in de hoeken gesitueerd, evenals het Hofhuys. Hierbij moet de architectonische uitstraling van de bebouwing nog nader worden bepaald.

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgesteld) 19

figuur 3.1: impressie van de gewenste situering van de woonbebouwing binnen het hofje weergegeven.

De gewenste woningen worden verdeeld over vier blokken. De twee oostelijk gelegen blokken bestaan uit 2 en 3 woningen. De twee L-vormige blokken bestaan elk uit 9 woningen. Daarnaast worden inpandig bergingen en een zogenaamd Hofhuys gerealiseerd. In het noorden en westen (Meerstraat) van het plangebied worden 29 parkeerplaatsen aangelegd. Binnen het plangebied worden diverse soorten verharding aangelegd. Zo worden paden gerealiseerd die de woningen met elkaar en met de parkeerplaatsen en ontsluitingswegen binnen het plangebied verbinden. Te midden van de paden en de woningen en rondom het plangebied worden daarnaast groenelementen aangeplant, waardoor centraal in het plangebied een gemeenschappelijke binnentuin, het hofje, ontstaat. In het plan is rekening gehouden met een gescheiden rioleringssysteem (regenwater en afvalwater). Het regenwater wordt grotendeels in het groene binnenterrein (laagste punt) opgevangen.

3.2.2 Bebouwing In figuur 3.2 en figuur 3.3 zijn een tweetal impressies van het plangebied en de woningen binnen het plangebied weergegeven.

20 eld)

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgest

Figuur 3.2 Impressie van de gewenste bebouwing het Knarrenhof in vogelvlucht (Bron: inbo)

Figuur 3.3 Impressie van de gewenste bebouwing het Knarrenhof in vogelvlucht (Bron: inbo)

3.3

Verkeer en parkeren

Het voornemen brengt gezien het geringe aantal woningen, ten opzichte van de oude situatie, een beperkte toename van de verkeersgeneratie met zich mee. Deze verkeersgeneratie vervangt deels de planologisch bestaande verkeersgeneratie van de voormalige flats, echter zijn hiervan op basis de publicatie 'Toekomstbestendig parkeren, publicatie 318 (december 2018)' van het CROW geen kencijfers bekend. Naar verwachting zal het voornemen, vanwege de verkeersbewegingen die behoorden bij de flats, per saldo minder verkeersbewegingen met zich mee brengen. Het plangebied wordt net als in de huidige situatie ontsloten via de Meerstraat, ten westen van het plangebied. Daarnaast wordt het plangebied rondom ontsloten voor fietsers en voetgangers.

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgesteld) 21

3.3.1

Parkeren

Bij nieuwe ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de effecten op de parkeerbehoefte en verkeersgeneratie die ontstaat door de nieuwe ontwikkeling. Voor wat betreft de parkeernormering wordt aangesloten bij het parapluplan parkeernormen van de gemeente Emmen. De parkeernormering is vastgelegd in de regels van voorliggend bestemmingsplan. De woningen binnen voorliggend voornemen moeten, op basis van de uitgangspunten van het gemeentelijk beleid en de CROW, beschikken over 1,4 parkeerplaatsen per woning. In voorliggend geval worden 23 woningen gerealiseerd, waardoor sprake is van een parkeerbehoefte van (1,4 x 23 =) 33 parkeerplaatsen. In figuur 3.1 in deze toelichting is te zien dat 29 parkeerplaatsen binnen het plangebied worden gerealiseerd. 4 plaatsen worden in de openbare ruimte opgelost. In de oude situatie werd ook reeds van de openbare ruimte gebruik gemaakt. Voor het groen aan de randen van het plangebied wordt een inrichtingsplan gemaakt, waarbinnen het parkeren mogelijk wordt gemaakt. Op basis van bovenstaande wordt geconcludeerd dat ruimschoots in de parkeerbehoefte wordt voorzien. In de regels van voorliggend bestemmingsplan zijn de gemeentelijke parkeerbepalingen opgenomen, waarmee wordt verzekerd dat het benodigde aantal parkeerplaatsen daadwerkelijk gerealiseerd wordt.

22 eld)

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgest

Hoofdstuk 4

Onderzoeken

4.1

Cultuurhistorie

4.1.1

Cultuurhistorischecontext

Drooglegging Emmermeer De wijk Emmermeer is één van de oudste woonwijken van Emmen. De wijk dankt zijn naam aan het circa 40 hectare grote meer dat in dit gebied lag.Het feit dat op deze plaats water aanwezig was heeft er toe bijdragen dat het omringende landschap een lange bewoningsgeschiedenis kent. Tussen 1853 en 1858 werd dwars door Drenthe het Oranjekanaal gegraven, toen de gravers het gebied ten oosten van Emmen bereikt hadden, bleek dat het waterpeil van het pas gegraven Oranjekanaal ten opzichte van het meer ten Noorden van Emmen veel lager was en het meer langzaam leegliep. Er ontstond hierdoor een moerassig gebied. Nadat het meer was leeggelopen is het gebied ingericht als landbouwgrond, de zgn. kampen (Nijkampen). De wegen in het drooggevallen gebied waren eerst nog vooral de zandwegen zoals Meerstraat (aanvankelijk Meerweg genoemd), Haagjesweg, Walstraat en de Nijkampenweg. De voormalige paden- en verkavelingstructuur van het gebied is tot op de dag van vandaag gedeeltelijk aanwezig. Dit geldt vooral voor de drie noord - zuid gerichte paden, de Meerstraat, de Nijkamperweg en Warmeerweg, de oost - west gerichte Valtherzandweg en Walstraat. De doorgaande oost - west structuur van de Haagjesweg is gedeeltelijk doorbroken door de herinrichting van het winkelcentrum.

Ook zijn enkele voormalige oost - west gerichte kavelgrenzen bij de bouw van de wijk verworden tot straten.

Figuur 4.1: Voormalige paden en kavelgrenzen. Voor 1900 al werd het noordwestelijke deel van Emmermeer 'De Haagsche Nieuwe Kamp' genoemd. Rond 1920 werden er in het gebied Emmermeer woningen gebouwd die werden verhuurd. Men noemde dit de gemeentewoningen. Deze stonden o.a. aan de Warmeerweg, de Nijkampenweg en de Valtherzandweg. Van een nieuwbouwwijk was toen nog geen sprake, daaraan werd zelfs nog niet gedacht. Langs de oude zandpaden in het gebied Emmermeer verschenen voor de Tweede Wereldoorlog steeds meer woningen. Er ontstond zelfs een buurtvereniging, met de naam Emmermeer. Er was echter nog geen sprake van een woonwijk Emmermeer. Pas in de periode 1948 - eind jaren '50 bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgesteld) 23

is de wijk Emmermeer gebouwd. Naoorloogse ontwikkeling. In 1948 is begonnen met de bouw van de eerste woningen. Emmermeer is daarmee de oudste naoorlogse wijk van Emmen. De eerste woningen waren traditioneel van vormgeving en hadden een stuk grond voor het houden van dieren en het verbouwen van groente. Met de komst van de Enkalonfabriek in 1950-1951 naar de kern Emmen betekende voor Emmen dat afscheid genomen moest worden van het dorpse karakter. Met de Welschem-serie in de wijk Emmermeer werd in 1948 de rijenwoning in Emmen geintroduceerd, dit was voor de bewoners een hele overgang van de traditionele woning met lapje grond naar wonen in een rij. Enige jaren later volgde hoogbouwwoningen aan de Meerstraat en Warmeerweg. (Bron: Emmen de bouw van een aangename stad in het groen, P. Huygen).

Foto 4.1: Luchtfoto Emmermeer, rond 1950/ 1955 Er werden voornamelijk huurwoningen gebouwd (woningwetwoningen) met drie of vier slaapkamers. De eerste woningen werden gebouwd aan de Harm Boomstraat. Al vrij snel gevolgd door de Van der Scheerstraat en de Lesturgeonstraat. Daarna volgde het grote plan Aireydorp die er heel anders uit kwam te zien dan de omgeving Boomstraat of Lesturgeonstraat. Juist deze gefragmenteerde manier van werken heeft de woonwijk Emmermeer een geheel eigen karakter gegeven. Doordat de wijk zonder overkoepelend stedenbouwkundig masterplan is opgesteld is er min of meer sprake van een mozaïk van verschillende woon en bebouwingsvormen (zie figuur 4.2). De wijk werd een laboratorium voor de architecten en stedenbouwkundigen. Er werden veel verschillende soorten woningtypen gebouwd, waar landelijk bekende architecten, zoals Arno Nicolaï (1914-2001), Van Tijen (1894-1974) en Romke Romke de Vries (1908-1997), en regionaal bekende architecten zoals de gemeentearchitecten Yme Sytse (Sytse) Dijkstra (geb.1918) en Thomas Strikwerda, werden aangetrokken (Bron: Architectuurgids emmen).Emmermeer onderscheidde zich van de meeste naoorlogse wijken die elders in Nederland ontstonden. De opzet was ruimer, met bomen en gazons, de architectuur was zeer afwisselend en ook de ligging, met aan de westzijde de es en aan de noord- en de oostzijde bos was zeer bijzonder.

Eigentijdse beschouwers merkten wel eens op, dat Emmermeer 'een bepaalde stedebouwkundige aarzeling uitstraalde tussen tuindorp en industriestad', omdat er moderne woningtypen werden gebruikt in een zeer ruime verkaveling. Citaat in: Nannen 2000, p.14

24 eld)

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgest

Figuur 4.2: Verschillende 'experimentele' woonprojecten in de wijk Emmermeer De invulling van de wijk vond bloksgewijs plaats op terreinen die min of meer 'toevallig' in eigendom waren of aangekocht door de gemeente. Deze terreinen, compartimenten genoemd, werden door de bestaande paden- en verkavelingstructuur gevormd. Om een volgend bouwplan te kunnen starten kocht de gemeente telkens nieuwe stukken. De toegewezen compartimenten bepaalden mede de omvang van de projecten, maar zorgden tegelijkertijd ook voor 'restplekken'. Nadat Emmen een eigen stedenbouwkundige dienst kreeg (in 1951 werd de eerste stedenbouwkundige in dienst genomen), werden ook projecten toegewezen aan destijds landelijk bekend staande bureaus. Dit leidde ertoe dat er verschillende 'experimenten' plaatsvonden. Zoals experimenten met systeembouw. Er zijn diverse bouwsystemen te vinden, zoals Airey (arch. J.F. Berghoef), Welschen (arch. E.F. Groosman), MUWI (arch. Y.S. Dijkstra) en Bruynzeel. Men hoopte dat op deze wijze efficiënter en goedkoper gebouwd kon worden. (Bron:Architectuurgids emmen). Emmermeer was in de jaren vijftig voor veel architecten en stedenbouwkundigen in ons land een interessante woonwijk. Op verschillende plaatsen in het gebied werden projecten uitgevoerd waarbij experimenten met woningen en woonbuurten niet werden geschuwd. De wijk kreeg een open en groen karakter.

De veelal kleine complexen werden ontworpen door meerdere landelijk bekende architecten met als uitgangspunt een aantal woonexperimenten. Eén ander project betreft het opnemen van het landschap als uitgangspunt in het ontwerp. Het betreft het woningbouwproject aan de noordkant van de wijk, langs de Valtherzandweg. Bij dit project is gekozen voor een Scandinavisch aandoende overgang van wonen naar bos. De woningen staan in de rand van het aangrenzende bos. De bomen werden zoveel mogelijk gespaard en bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgesteld) 25

ook de aanwezige hoogteverschillen werden zorgvuldig uitgebuit. Ook dit project was een 'experiment'. Hier was echter voor het eerst sprake van doelbewuste integratie van stedenbouw en woningarchitectuur. Het experiment diende ook als studie voor oplossingen in de volgende wijk Angelslo. Het cultuurhistorische belang van Emmermeer ligt meer in de diversiteit van de woningbouwprojecten en groenstructuren dan in het stedenbouwkundige totaalconcept en ontwerp. De oorspronkelijke stedenbouwkundige opzet van Emmermeer, de bloksgewijze invulling van deelprojecten met de oude paden- en kavelstructuur als basis, wordt door het openbaar groen versterkt. Enerzijds doordat het groen zich vooral manifesteert in de ruime straatprofielen van met name de historische wegen en paden. Anderzijds omdat ook bij het groen sprake is van een 'lappendeken' van groenveldjes verspreid over de wijk. De blokgewijze invulling heeft geleid tot een aaneenschakeling van verschillende groenbeelden; van monumentaal groen tot stenig kaal. De verschillende herinrichtingen van het woningbestand mede geleid tot de herinrichting van het groen. Eén groenveldje, achter de huizen van de Nijkamperweg en Picardstraat, is ingericht met groentetuintjes. Hier ademt de nog dorpse sfeer van de begin jaren vijftig. Oorspronkelijk ademden ook de achterpaden tussen de woningen een dergelijke openbare groene sfeer.

De toenemende behoefte aan privacy (schuttingen) hebben dit grotendeels teniet gedaan. Omdat in Emmermeer achterkanten van woningen veelal naar elkaar toestaan heeft deze ontwikkeling gelukkig weinig tot geen afbreuk gedaan aan het groene straatbeeld aan de voorzijde van de woningen. Herstructurering en revitalisering In de 50-er en 60-er jaren vond een sterke ontwikkeling van Emmermeer plaats. Veel gezinnen vestigden zich in de wijk, gevolgd door een groot aantal voorzieningen. Na 1970 kwam de ommekeer. De woningbouwprincipes van het begin werden achterhaald doordat deze niet meer voldeden aan de maatstaven van deze tijd. Te denken valt aan parkeren, te kleine woningen, en wateroverlast. De beter gesitueerden verruilden hun matige woningen in - met name het noordelijke gedeelte van - Emmermeer voor een aantrekkelijkere woning in een van de nieuwe wijken. De jaren daarna waren voor Emmermeer de jaren van de teruggang. In 1980 startte de stadsvernieuwing in Emmermeer. De focus lag hierbij op het verbeteren van de bouwtechnische staat van de woningen. De stadsvernieuwing van de 80-er jaren werd opgevolgd door de stedelijke vernieuwing in de 90-er jaren. In Emmermeer is sinds het midden van de negentiger jaren veel verbeterd in de woningvoorraad. Door diverse partijen is gestart met het opknappen van de wijk.

Projecten op het gebied van sloop/ nieuwbouw en renovatie hebben op divere plekken in de wijk geleid tot een nieuw aanzien. In het noordelijke gedeelte zijn verouderde woningen gesloopt en vervangen door moderne (eengezins) woningen met een ruime maat en een aantrekkelijke architectuur, waarbij de bestaande populatie bomen en hoogteverschillen zoveel mogelijk ingepast, delen van de wijk zijn geherstuctureerd en de wijk kent een nieuw winkelcentrum. Rond de eeuwwisseling in 2000 zijn verschillende projecten in het kader van het programma Emmen Revisited uitgevoerd. Oude woningen die niet meer aan de huidige maatstaven voldeden werden gesloopt en vervangen door nieuwe woningen en flats met moderne vormen en kleuren een aantal staat nog op de nominatie om afgebroken te worden. Ook de flats aan de Warmeerweg zijn reeds afgebroken. In de nabije toekomst zullen nog meer huurwoningen in Emmermeer verdwijnen. Er is in tien jaar veel veranderd. De gemeente Emmen en Wooncom hebben hun grote plannen onder de naam Emmen Revisited waargemaakt (figuur 4.3 uit wijkprogramma Emmen Revisited 2009-2014). De veranderingen hebben er toe geleid dat er nieuwe groepen mensen in Emmermeer zijn komen wonen.

4.1.2

Stedenbouwkundige hoofdstructuur

In de voorgaande paragraaf werd al gewezen op het diverse karakter van de wijk. Omdat de gemeente één voor één de gronden heeft moeten verwerven, is de wijk min of meer bloksgewijs tot stand gekomen. Dit heeft geresulteerd in een lappendeken waar verschillende bouwvormen aanwezig zijn. In de wijk komen voornamelijk grondgebonden woningen voor (zie figuur 4.2). Op een aantal plaatsen is tevens gestapeld bouw aanwezig. De voorzieningen, detailhandelsfuncties en overige centrumbebouwing is onregelmatig over de wijk verspreid (bijlage 12 inventarisatie Emmermeer).

26 eld)

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgest

Figuur 4.4: Verschillende soorten bebouwing

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgesteld) 27

Figuur 4.5: Variatie in bouwhoogtes

4.1.3

Relatie 'Knarrenhof'en cultuurhistorischecontext Emmermeer

In voorgaande paragrafen is aangegeven dat de wijk Emmermeer een bijzondere wijk is vanuit cultuurhistorisch perspectief bezien. De wijk is opgebouwd uit experimenten, vernieuwende woonmilieus en bouwhoogten. Kenmerkend is de diversiteit van de wijk. Op de locatie van het Knarrenhof stonden voorheen 3 flats van 4 bouwlagen (zie afbeelding paragraaf 1.). De flats zijn ontworpen door A. Nicolai en Y Dijkstra en waren passend binnen de bredere context omdat ze voorzagen in een woningbehoefte in de sociale huursector. De flats zijn inmiddels afgebroken door de eigenaar.

28 eld)

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgest

Vanuit provinciaal opzicht zijn verschillende ambities geformuleerd voor nieuwe ontwikkelingen binnen de wijk Emmermeer waarvan twee relevant zijn voor de voorliggende locatie: Het behouden van de kenmerkende stedenbouwkundige concepten van de naoorlogse wijken van Emmen als representanten van opeenvolgende fasen in het denken over wonen en de stad; Bij nieuwe ontwikkelingen van Emmen consequent vasthouden aan het wijkontwerp als totaalbeeld en als uitdrukking van een vernieuwend denkbeeld over de wijze van wonen; In het Cultuurhistorisch kompas staat verder het volgende: “De stadsuitleg is in zijn geheel gepland volgens het heersende principe van functiescheiding: wonen, werken en recreëren worden in aparte, grote eenheden ondergebracht, waarbij de wegenstructuur als verdelend systeem een belangrijke plaats inneemt in het ontwerp”.

Het Knarrenhof voegt zich in de context van Emmermeer richting omliggende bebouwing. In het gebied direct achter het plangebied bestaat de context uit woningen met een bouwlaag en een kap. Het Knarrenhof zal qua typologie aan gaan sluiten bij dit gebied. Naast deze aansluiting vormt het Knarrenhof een vernieuwend woonmilieu en kan het bezien worden als eigentijds stedenbouwkundig experiment in Emmermeer. Het past binnen de historie van de wijk omdat de wijk als geheel is opgebouwd is uit op zichzelf staande experimenten. Het concept staat op zichzelf, maar heeft een bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgesteld) 29

externe blik. De hofstructuur en sociale verbanden worden binnen het hofje gestimuleerd waardoor het concept zich plaatst binnen een vergrijzende samenleving. Het doel van het Knarrenhof is om mensen er tot op hoge leeftijd te laten wonen. Een gezamenlijke hoftuin en hofhuis zorgen voor sociale samenhang en binding tussen bewoners. Functiescheiding zoals in het cultuurhistorisch kompas blijft van toepassing omdat het een woonfunctie betreft, waar oorspronkelijk ook wonen was bedacht.

Doordat de wijk Emmermeer een traditie heeft van stedenbouwkundige experimenten en diversiteit aan woonvormen, massa en typologie sluit het Knarrenhof hierop aan en kan het worden bezien als eigentijds experiment.

4.2

Archeologie

4.2.1

Algemeen

De gemeente Emmen heeft archeologie beleid vastgesteld, d.d. 30 mei 2013. Hiervoor is een archeologische beleidsadvieskaart gemaakt met daarbij een rapport, dit rapport dient als toelichting op de kaart. Het doel van deze documenten is om aan te geven wat de kern vormt van het archeologie beleid en waar de beleidskeuzen zijn gemaakt. De verschillende archeologische waarden en verwachtingen en de maatregelen die daaraan zijn gekoppeld zijn in gemeentelijk archeologische beleidsadvieskaart vertaald naar diverse categorieën "Waarde - Archeologie" in het bestemmingsplan. Met de vertaling is op eenvoudige wijze voor het gehele gebied van de gemeente Emmen in beeld gebracht of archeologische waarden in het geding zijn of kunnen zijn en zo ja, op welke manier daarmee dient te worden omgegaan, tabel 1 geeft de onderverdeling van de vier gemaakte categorieën weer. Categorie

Archeologische waarden

Oppervlakte

Diepte

Drainage

Rijksmonument

Beschermd

-

-

Verbod

Waarde Archeologie 1

- Zeer hoge archeologische 0 m2 waarde

30 cm + 10 cm

Verbod

Waarde Archeologie 2

- (zeer) (hoge) 100 m2 archeologische waarde

30 cm + 10 cm

Verbod

Waarde Archeologie 3

- Middelhoge verwachting

of

hoge 1000 m2

30 cm + 10 cm

Verbod

Waarde Archeologie 4

- Middelhoge verwachting

of

hoge 1000 m2

30 cm + 10 cm

Toegestaan

Tabel 1: Onderverdeling van archeologische waarden.

Deze beleidskeuzen zijn vertaald in een dubbelbestemmingen. Per archeologische kwaliteit zijn planregels opgenomen voor de te bebouwen oppervlakte en een omgevingsvergunningsstelsel voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden. De maatvoering voor afwijking is afhankelijk van de te verwachten waarden of verwachtingen en de uitkomsten van archeologisch onderzoek. 4.2.2

Archeologische waarden in het plangebied

Het plangebied Emmen, Meerstraat, Knarrenhof is volgens de beleidskaart gelegen in een gebied met archeologische waarde - Archeologie 4, figuur 4.1 is uitsnede uit de beleidskaart.

30 eld)

bestemmingsplan "Emmen, Meerstraat, Knarrenhof" (vastgest

figuur 4.1: Uitsnede archeologische beleidskaart, plangebied gelegen in waarde - archeologie 4: Gebieden met (middel)hoge verwachting van aantreffen van archeologische waarden.

Gebieden gecategoriseerd als waarde-3 en waarde- 4 zijn gebieden waar op basis van de geologische en bodemkundige opbouw, landschappelijke kenmerken en reeds aangetroffen archeologische resten een (middel)hoge kans op het aantreffen van (intacte) archeologische vindplaatsen bestaat. Deze zones worden gekenmerkt door een - al dan niet verscholen onder het huidige maaiveld - redelijk gaaf landschap met dekzandruggen en dekzandkoppen. Delen van dit landschap kunnen bovendien zijn afgedekt door esdekken. Van concrete vindplaatsen is hier echter vooralsnog geen sprake. In hoofdzaak geldt een grote trefkans op nederzettingen, grafvelden, losse boerderijen, wegen, dijken, linies, kleine jachtkampen en losse vondsten uit alle perioden Voor gebieden aangeduid met Waarde - archeologie 4 is algemeen aanvaard dat een minimumoppervlak voor bodemverstoringen geldt van 1000 m2 en een bouwvoordiepte van 30 cm (30 cm +10 cm principe). De Waarde - Archeologie 4 is apart opgenomen omdat dit terreinen zijn waar naast bovenstaande bepalingen geen drainageverbod geldt.

De werkzaamheden die gaan plaatsvinden in het plangebied betreffen meer dan 1000m2, om die reden is een nader onderzoek van de omgeving noodzakelijk geacht. Ten tijde van de bestemmingsplanprocedure vindt een booronderzoek plaats. Naar aanleiding van dit onderzoek zal worden bekeken of een sleuvenonderzoek noodzakelijk is, of dat het gebied wordt vrijgegeven. Beschermen zal wellicht geen optie zijn, omdat er voor de komst van de woningen vele bodemingrepen zullen plaatsvinden. Zodra de grond is vrijgegeven of opgraving heeft plaatsgevonden kan de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie van de verbeelding worden verwijderd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Emmen&id=07c968b4-e272-4e51-9b84-cc2db11dac66