Bijlage 3 Onderzoek stikstofdepositie
Tekst van het document
Onderzoek stikstofdepositie Nieuwbouw woning, Zuidersloot 134 te Weiteveen
| MBH Consult B.V. 9 mei 2023
Onderzoek stikstofdepositie
Onderzoek stikstofdepositie Zuidersloot 134 te Weiteveen
Opdrachtgever
Wesseling Bouwadvies
Opsteller MBH Consult B.V.
1
Onderzoek stikstofdepositie
Inhoud Inleiding ................................................................................................................................................... 3 1.
Toetsingskader ................................................................................................................................ 5
2.
Uitgangspunten ............................................................................................................................... 6
3.
4.
2.1
Plangegevens ........................................................................................................................... 6
2.2
Bouwfase ................................................................................................................................. 8
2.3
Referentiesituatie .................................................................................................................. 10
2.4
Beoogde situatie.................................................................................................................... 12
Intern salderen .............................................................................................................................. 14 3.1
Projectberekening referentiesituatie vs. bouwfase .............................................................. 14
3.2
Projectberekening referentiesituatie vs. beoogde situatie ................................................... 14
Berekeningsresultaten .................................................................................................................. 15 4.1
Bouwfase ............................................................................................................................... 15
4.2
Gebruiksfase .......................................................................................................................... 15
4.3
Conclusie ............................................................................................................................... 15
2
Onderzoek stikstofdepositie
Inleiding Wesseling Bouwadvies heeft MBH Consult B.V. opdracht gegeven voor het uitvoeren van een onderzoek stikstofdepositie ten behoeve van de bestemmingsplanwijziging van het perceel aan de Zuidersloot 134 te Weiteveen. In figuur 1.1 is een globale situering van het plan weergegeven.
Figuur 1.1
Situering plangebied
3
Onderzoek stikstofdepositie De realisatie van het plan kan negatieve gevolgen hebben voor stikstofgevoelige habitattypen binnen omliggende beschermde natuurgebieden. Er is onderzoek verricht naar de stikstofdepositiebijdrage op de omliggende Natura 2000-gebieden. Nabij gelegen Natura 2000-gebieden zijn (natura2000.nl): -
Bargerveen (ca. 0 km)
Voorgaand is zichtbaar in figuur 1.2
Figuur 1.2
Omliggende Natura 2000-gebieden
4
Onderzoek stikstofdepositie
1. Toetsingskader De bescherming van de Natura 2000-gebieden is geregeld in de Wet natuurbescherming. In zowel de Habitat- als de Vogelrichtlijn zijn de gebieden opgenomen welke als Natura 2000-gebied worden aangemerkt. Een project dat significante gevolgen kan hebben, is natuurvergunningplichtig. Ter beoordeling daarvan is onderzoek verricht naar de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. Het projecteffect van het plan op Natura 2000-gebieden met stikstofgevoelige natuur dient bepaald te worden. De berekening zal worden verricht met behulp van de Aerius Calculator, zoals voorgeschreven in artikel 2.1 van de Regeling natuurbescherming. Het projecteffect wordt inzichtelijk gemaakt op twee decimalen nauwkeurig.
5
Onderzoek stikstofdepositie
2. Uitgangspunten 2.1 Plangegevens Met het plan wordt een bestemmingsplanwijziging mogelijk gemaakt waarmee het kavel, behorende bij Zuidersloot 134 te Weiteveen, wordt opgesplitst ten behoeve van een tweede woon-bouwblok. Het te bebouwen gedeelte van het perceel is momenteel onbebouwd. Het betreft het perceel kadastraal bekend als SNB00-F-1334. In de huidige situatie is er op dit perceel sprake van een woonbestemming(vrijstaand)1 met één bouwblok. Het perceel wordt deels agrarisch gebruikt door het hobbymatig houden van 10 schapen. Ten behoeve van de bestemmingsplanwijziging wordt intern gesaldeerd met de huidige situatie. De beoogde situatie bestaat uit twee bouwblokken met elk een vrijstaande woning. In de planregels is opgenomen dat er binnen het perceel en beide bouwblokken in de toekomst geen hobbymatige dieren mogen worden gehouden. Bouwfase Relevante emissies tijdens de bouwfase ontstaan door de inzet van mobiele werktuigen en vervoersbewegingen van- en naar het plan. De invoergegevens worden bepaald op basis van de uit te voeren activiteiten, bouwtekeningen, vergelijkbare onderzoeken uitgevoerd door MBH Consult en een check bij een bouwkundig aannemer(MBH Consult is een zusteronderneming van een bouwkundig aannemer). Referentiesituatie In de referentiesituatie is In de huidige situatie is er op dit perceel sprake van een woonbestemming(vrijstaand)2 met één bouwblok.
Het perceel wordt deels agrarisch gebruikt door het hobbymatig houden van 10 schapen in een schuilhok. Gebruiksfase In de beoogde situatie wordt de nieuwe woning uitgevoerd middels een gasloos energieconcept en blijft de bestaande woning ongewijzigd gehandhaafd en verdwijnen de hobbymatig gehouden schapen. Gebouwemissies in de gebruiksfase zijn relevant. De relevante emissies van stikstofoxiden (NOx) en ammoniak (NH3) in de nieuwe gebruiksfase vinden tevens plaats door verkeersbewegingen van en naar het plan. De verkeersgeneratie wordt bepaald op basis van kengetallen uit de CROW-publicatie ‘ Toekomstbestendig Parkeren’(2018). Rekenjaar Er is gerekend met rekenjaar 2023, omdat gezien de doorlooptijd van het project, het plan mogelijk in 2023 in gebruik genomen kan worden.
1
https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.01142017.PCP08090/p_NL.IMRO.01142017.PCP08090-.pdf 2 https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.01142017.PCP08090/p_NL.IMRO.01142017.PCP08090-.pdf
6
Onderzoek stikstofdepositie Stationair draaien Op de projectlocatie is een lijnbron ingegeven met een stagnatiefactor van 100%. Deze vertegenwoordigd de stationaire loop en langzaam rijden van licht en zwaar verkeer tijdens de gebruiksfase. AERIUS Versie Op 26 januari 2023 is de nieuwste versie van de AERIUS Calculator beschikbaar gekomen. Voor dit onderzoek is gebruik gemaakt van de laatste versie van AERIUS(2022.1).
7
Onderzoek stikstofdepositie
2.2 Bouwfase Relevante emissies tijdens de bouwfase ontstaan door de inzet van mobiele werktuigen en vervoersbewegingen van- en naar het plan. De invoergegevens worden bepaald op basis van de uit te voeren activiteiten, bouwtekeningen, vergelijkbare onderzoeken uitgevoerd door MBH Consult en een check bij een bouwkundig aannemer(MBH Consult is een zusteronderneming van een bouwkundig aannemer). De werktuigen worden als vlakbron ingegeven op de projectlocatie, omdat deze geen vast emissiepunt hebben maar over het gehele terrein zullen bewegen. De ingegeven uren betreffen uren van de totale inzet inclusief stationaire draai. Het verbruik is bepaald o.b.v. TNO Rapport R110863 . Het betreft de volgende tabel:
Tabel 1.1
Brandstofverbruik mobiele werktuigen volgens TNO
Voorgenoemd leidt tot het volgende overzicht:
Tabel 1.2
Inzet mobiele werktuigen
3
https://www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/documenten/rapporten/2021/06/18/eindrapp ort-data-onderzoek-mobiele-machines-innederland/eindrapport+data+onderzoek+mobiele+machines+in+nederland.pdf
8
Onderzoek stikstofdepositie Vervoersbewegingen Gebaseerd op de omvang van de werkzaamheden en de verwachte tijdsduur zijn de volgende retourbewegingen aan de orde:
Tabel 1.3
•
Retourbewegingen bouwfase
Vervoer van bestelbusjes tot en met 1-assige vrachtwagens vallen, conform de definitie uit de AERIUS invoerinstructie, onder licht verkeer4. Derhalve wordt verondersteld dat deze vertegenwoordigd worden in de door CROW opgegeven verkeersgeneratie voor licht verkeer
Stationair draaien In de bouwfase is mogelijk sprake van emissie vanwege stationair draaien. Op de projectlocatie is een vlakbron ingegeven ten behoeve van de emissies van stationaire draai van het vrachtverkeer. De emissies zijn berekend op basis van een schatting van de stationaire draaiuren en gebaseerd op de door BIJ12 opgestelde rekeninstructie.5 Dit leidt tot het volgende overzicht:
Tabel 1.4
•
Emissies stationair vrachtverkeer
Het aantal jaarlijkse bewegingen is door 2 gedeeld. Dit is gedaan, omdat de verkeersgeneratie retourbewegingen zijn. De stationaire draai vindt slechts plaats op het moment tussen aan- en afrijden
Ontsluiting verkeer Het verkeer dient te worden ontsloten tot op het punt waar het opgaat in het heersend verkeersbeeld. Conform de AERIUS Invoerinstructie6 is dit het geval op het punt, waarop het verkeer zich qua snelheid, optrek en stopgedrag niet meer onderscheidt ten opzichte van het overige verkeer, aanwezig op de betrokken weg. Volgens de instructie weegt hierin ook mee dat het verkeer moet zijn verdund tot enkele procenten van het reeds aanwezige verkeer. Derhalve wordt voor dit plan ontsloten tot aan de Kruising Zuidersloot/Kerkenweg. Op deze ontsluitingsweg wordt verondersteld dat de verkeersaantrekkende werking opgaat in het heersend verkeersbeeld. Het verkeer wordt ingegeven als verkeer op buitenwegen.
4
https://www.bij12.nl/wp-content/uploads/2023/01/Instructie-gegevensinvoer-voor-AERIUS-Calculator2022.pdf 5 https://www.bij12.nl/wp-content/uploads/2023/01/Instructie-gegevensinvoer-voor-AERIUS-Calculator2022.pdf 6 https://www.bij12.nl/wp-content/uploads/2023/01/Instructie-gegevensinvoer-voor-AERIUS-Calculator2022.pdf
9
Onderzoek stikstofdepositie
2.3 Referentiesituatie Gebouwemissies gebruiksfase In de referentiesituatie is In de huidige situatie is er op dit perceel sprake van een woonbestemming(vrijstaand)7 met één bouwblok. Het perceel wordt deels agrarisch gebruikt door het hobbymatig houden van 10 schapen in een schuilhok. Woning De gebouwemissies worden bepaald o.b.v. kentallen uit een door het RIVM beschikbaar gesteld document8. Dit leidt tot het volgende overzicht:
Tabel 2.1 -
-
AERIUS emissiewaarden versie 5-7-2018
Er is gekozen voor de categorie oudere woningen, vrijstaande woning Dit leidt tot een jaarlijkse emissie van 3,59 Kg NOx/J. De uitstoot is ingegeven als puntbron op het specifieke emissiepunt met een uitstoothoogte van 7 meter
Schapen De dierlijke emissies uit de referentiesituatie zijn aan de orde voor 10 stuks Schapen. De dierlijke emissies worden ingegeven als vlakbron ter plaatse van het schuilhok met een uitstoothoogte van 4 meter en een spreiding van 2 meter.
7
https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.01142017.PCP08090/p_NL.IMRO.01142017.PCP08090-.pdf 8 https://www.aerius.nl/files/media/factsheets/emissiewaarden_aerius_def_versie_05_juli_2018.xlsx
10
Onderzoek stikstofdepositie Emissies licht verkeer en zwaar verkeer In de gebruiksfase is er sprake van emissies door verkeersgeneratie. Het effect van de verwachte toename in verkeersbewegingen licht verkeer dient te worden berekend. De verkeersgeneratie is berekend door gebruik te maken van de CROW-publicatie ‘Toekomstbestendig parkeren’(2018). Voorgaand leidt tot het volgende overzicht:
Tabel 2.2
• • • •
Berekening verkeersbewegingen gebruiksfase
Licht verkeer is berekend op basis van tabel A4.2 Hoofdgroep wonen, koop, huis, vrijstaand Er is gekozen voor de maximale voertuigbewegingen per etmaal uit de betreffende tabel CROW geeft een standaard kengetal van 0,02 voertuigbewegingen zwaar verkeer per etmaal voor woningen Vervoer van bestelbusjes van bijvoorbeeld pakketdiensten vallen, conform de definitie uit de AERIUS invoerinstructie, onder licht verkeer9. Derhalve wordt verondersteld dat deze vertegenwoordigd worden in de door CROW opgegeven verkeersgeneratie voor licht verkeer
Ontsluiting verkeer Het verkeer dient te worden ontsloten tot op het punt waar het opgaat in het heersend verkeersbeeld. Conform de AERIUS Invoerinstructie10 is dit het geval op het punt, waarop het verkeer zich qua snelheid, optrek en stopgedrag niet meer onderscheidt ten opzichte van het overige verkeer, aanwezig op de betrokken weg. Volgens de instructie weegt hierin ook mee dat het verkeer moet zijn verdund tot enkele procenten van het reeds aanwezige verkeer. Derhalve wordt voor dit plan ontsloten tot aan de Kruising Zuidersloot/Kerkenweg. Op deze ontsluitingsweg wordt verondersteld dat de verkeersaantrekkende werking opgaat in het heersend verkeersbeeld. Het verkeer wordt ingegeven als verkeer op buitenwegen.
9
https://www.bij12.nl/wp-content/uploads/2023/01/Instructie-gegevensinvoer-voor-AERIUS-Calculator2022.pdf 10 https://www.bij12.nl/wp-content/uploads/2023/01/Instructie-gegevensinvoer-voor-AERIUS-Calculator2022.pdf
11
Onderzoek stikstofdepositie
2.4 Beoogde situatie Gebouwemissies gebruiksfase De nieuwe woning wordt uitgevoerd middels een gasloos energieconcept. De bestaande woning blijft aangesloten op het gasnet. Gebouwemissies zijn relevant. Woning De gebouwemissies worden bepaald o.b.v. kentallen uit een door het RIVM beschikbaar gesteld document11. Dit leidt tot het volgende overzicht:
Tabel 3.1 -
-
11
AERIUS emissiewaarden versie 5-7-2018
Er is gekozen voor de categorie oudere woningen, vrijstaande woning Dit leidt tot een jaarlijkse emissie van 3,59 Kg NOx/J. De uitstoot is ingegeven als puntbron op het specifieke emissiepunt met een uitstoothoogte van 7 meter
https://www.aerius.nl/files/media/factsheets/emissiewaarden_aerius_def_versie_05_juli_2018.xlsx
12
Onderzoek stikstofdepositie Emissies licht verkeer en zwaar verkeer In de gebruiksfase is er sprake van emissies door verkeersgeneratie. Het effect van de verwachte toename in verkeersbewegingen licht verkeer dient te worden berekend. De verkeersgeneratie is berekend door gebruik te maken van de CROW-publicatie ‘Toekomstbestendig parkeren’(2018). Voorgaand leidt tot het volgende overzicht:
Tabel 3.2
• • •
•
Berekening verkeersbewegingen gebruiksfase
Licht verkeer is berekend op basis van tabel A4.2 Hoofdgroep wonen, koop, huis, vrijstaand Er is gekozen voor de maximale voertuigbewegingen per etmaal uit de betreffende tabel CROW geeft een standaard kengetal van 0,02 voertuigbewegingen zwaar verkeer per etmaal voor woningen. Tevens wordt er rekening gehouden met 1 vervoersbewegingen zwaar verkeer vanwege de paarden Vervoer van bestelbusjes van bijvoorbeeld pakketdiensten vallen, conform de definitie uit de AERIUS invoerinstructie, onder licht verkeer12. Derhalve wordt verondersteld dat deze vertegenwoordigd worden in de door CROW opgegeven verkeersgeneratie voor licht verkeer
Ontsluiting verkeer Het verkeer dient te worden ontsloten tot op het punt waar het opgaat in het heersend verkeersbeeld. Conform de AERIUS Invoerinstructie13 is dit het geval op het punt, waarop het verkeer zich qua snelheid, optrek en stopgedrag niet meer onderscheidt ten opzichte van het overige verkeer, aanwezig op de betrokken weg. Volgens de instructie weegt hierin ook mee dat het verkeer moet zijn verdund tot enkele procenten van het reeds aanwezige verkeer. Derhalve wordt voor dit plan ontsloten tot aan de Kruising Zuidersloot/Kerkenweg. Op deze ontsluitingsweg wordt verondersteld dat de verkeersaantrekkende werking opgaat in het heersend verkeersbeeld. Het verkeer wordt ingegeven als verkeer op buitenwegen.
12
https://www.bij12.nl/wp-content/uploads/2023/01/Instructie-gegevensinvoer-voor-AERIUS-Calculator2022.pdf 13 https://www.bij12.nl/wp-content/uploads/2023/01/Instructie-gegevensinvoer-voor-AERIUS-Calculator2022.pdf
13
Onderzoek stikstofdepositie
3. Intern salderen De projectberekeningen voor dit project betreffen verschilsituaties tussen de referentiesituatie en bouwfase/beoogde situatie. Dit betreft intern salderen. De Raad van State heeft in 2021 beslist dat intern salderen vergunningsvrij kan worden toegepast.
3.1 Projectberekening referentiesituatie vs. bouwfase Voor de projectberekening van de bouwfase is gesaldeerd met de in de referentiesituatie aanwezige hobbymatige schapen. De woning is feitelijk onderdeel van de referentiesituatie, maar voor de berekening buiten beschouwing gelaten. Dit is gedaan, omdat anders ten onrechte de emissies van de woning als ‘gestaakt’ zouden worden meegenomen. Enkel de emissies van de schapenstal zullen verdwijnen.
3.2 Projectberekening referentiesituatie vs. beoogde situatie Voor de projectberekening van de beoogde situatie is gesaldeerd met de referentiesituatie.
14
Onderzoek stikstofdepositie
4. Berekeningsresultaten 4.1 Bouwfase De berekening van het projecteffect van de aanlegfase is verricht met behulp van het programma Aerius Calculator. In de bijlagen bij de vergunning zijn de AERIUS rapportages bijgevoegd van de invoergegevens en het berekeningsresultaat. Het projecteffect van de bedraagt op alle rekenpunten ten hoogste 0,00 mol/ha/jaar. Bij een dergelijke projectbijdrage treedt er geen stikstofdepositie op binnen omliggende Natura 2000gebieden. Derhalve treden er geen significant negatieve effecten op binnen de omliggende Natura 2000-gebieden
4.2 Gebruiksfase De berekening van het projecteffect van de beoogde situatie is verricht met behulp van het programma Aerius Calculator. In de bijlagen bij de vergunning zijn de AERIUS rapportages bijgevoegd van de invoergegevens en het berekeningsresultaat. Het projecteffect van de bedraagt op alle rekenpunten ten hoogste 0,00 mol/ha/jaar. Bij een dergelijke projectbijdrage treedt er geen stikstofdepositie op binnen omliggende Natura 2000gebieden. Derhalve treden er geen significant negatieve effecten op binnen de omliggende Natura 2000-gebieden
4.3 Conclusie Alle vergaarde gegevens zijn in de AERIUS Calculator ingevoerd. Het projecteffect bedraagt op alle rekenpunten ten hoogste 0,00 mol/ha/j, Bij een dergelijke projectbijdrage treden er geen significant negatieve effecten op binnen de omliggende Natura 2000-gebieden. Een vergunning in het kader van de Wet Natuurbescherming is voor het plan niet noodzakelijk. Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van het aspect stikstofdepositie er geen belemmeringen zijn voor de realisatie van het plan.
15