Bijlage 3 - Bestemmingsplan Emmen, Angelslo, Leemkoelen 1 (woongebouw)
Tekst van het document
Artikel 8 Algemene gebruiksregels In de algemene gebruiksregels zijn vormen van gebruik die in strijd zijn met de bestemming beschreven. Artikel 9 Algemene afwijkingsregels Afwijkingsregels zijn regels waardoor aan de bestemmingsbepalingen de nodige extra flexibiliteit wordt meegegeven. Toestemming voor afwijking gebeurt door het verlenen van een omgevingsvergunning. Het college van burgemeester en wethouders kan bijvoorbeeld een omgevingsvergunning verlenen voor het 10% vergroten van de bouwmogelijkheden voor goot- en nokhoogte en het in geringe mate verschuiven (maximaal 2 meter) van het bouwvlak. Daarnaast zijn ten aanzien van het gebruik afwijkingsmogelijkheden opgenomen voor de uitoefening van een aan huis gebonden kleinschalige beroeps- of bedrijfsactiviteiten voor alle woningen. De omgevingsvergunningen mogen alleen gebruikt worden indien niet op grond van een andere bepaling in deze regels omgevingsvergunning kan worden verleend. Dit betekent dat niet 2 keer omgevingsvergunning kan worden verleend van eenzelfde bepaling of dat bepalingen die extra
64
Toelichting (vastgesteld)
bestemmingsplan Emmen, Angelslo, Leemkoelen 1 (woongebouw) bouwmogelijkheden geven niet cumulatief gebruikt mogen worden. Artikel 10 Algemene wijzigingsregels Het bestemmingsplan bevat in een aantal gevallen een mogelijkheid tot het wijzigen van het plan op basis van de wijzigingsbevoegdheid op grond van artikel 3.6 Wro. De procedure van de wijzigingsbevoegdheid is geregeld in de Wro. Het gaat bijvoorbeeld om het verschuiven van de bestemmingsgrenzen tot maximaal 5 meter waarbij de grond wordt bestemd voor dezelfde doeleinden als waarvoor de grond is bestemd waaraan deze wordt toegevoegd. Ook zijn wijzigingsbevoegdheden opgenomen voor het verruimen van het bouwvlak tot maximaal 5% van het bouwvlak en het verschuiven van de binnen het plangebied geprojecteerde aansluitpunten van wegen. Artikel 11 Overige regels In de overige regels zijn de bestemmingsplannen "Parapluplan Parkeernormen" en "Parapluplan Standplaatsen" van de gemeente Emmen onverkort van toepassing verklaard.
5.3.4
Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels
Het laatste hoofdstuk "Overgangs- en slotregels" bevat in Artikel 12 het overgangsrecht , zoals beschreven in het besluit Ruimtelijke Ordening. Artikel 13 is de slotregel. In dit artikel wordt aangegeven op welke wijze de regels van het bestemmingsplan kunnen worden aangehaald. In dit geval kunnen de regels van het bestemmingsplan aangehaald worden als regels van het bestemmingsplan "Emmen, Angelslo, Leemkoelen 1 (woongebouw)".
5.4
Handhaving
In dit bestemmingsplan heeft actueel beleid zijn doorwerking in de regels gekregen. Hierdoor is het juridisch kader van het bestemmingsplan voor gemeente als publiek beter toepasbaar geworden. Van de gemeente mag verwacht worden dat opgetreden wordt als de regels van het bestemmingsplan niet worden nageleefd. Bestemmingsplannen zijn immers bindend voor overheid en publiek ter bescherming van een goede ruimtelijke kwaliteit en een veilige leefomgeving. Het college van de gemeente Emmen heeft het beleidsplan Vergunningverlening Toezicht en Handhaving (VTH) vastgesteld. Dit beleidsplan VTH beschrijft de visie en ambitie op het terrein van de gemeentelijke VTH-taken, waaronder ook valt het toepassen en naleven van de regels in het bestemmingsplan. Daarnaast geeft het beleidsplan VTH invulling aan de wettelijke plicht om vastgesteld VTH-beleid te hebben. Voor wat betreft handhaving kan de gemeente onmogelijk continu alles controleren. De gemeente vertrouwt erop dat inwoners en bedrijven de regels naleven en zij er alles aan doen om risico's en nadelige effecten voor de maatschappij te voorkomen. Risico's bepalen de inzet van de beschikbare capaciteit. Op basis van kennis en ervaring is vastgesteld welke bedrijfscategorieën en activiteiten het grootste risico vormen voor fysieke veiligheid, leefbaarheid, volksgezondheid, milieu en imago.
Deze uitgangspunten zijn gebruikt bij het opstellen van dit bestemmingsplan en worden ook toegepast bij de naleving van de regels van het bestemmingsplan.
Toelichting (vastgesteld)
65
bestemmingsplan Emmen, Angelslo, Leemkoelen 1 (woongebouw)
Hoofdstuk 6
M aatschappelijke betrokkenheid
6.1
Overleg ex. artikel 3.1.1 Bro en zienswijzen
6.1.1
Overleg
In het kader van artikel 3.1.1. Bro overleg is het voorontwerpbestemmingsplan 'Emmen, Angelslo, Leemkoelen 1 (woongebouw)'met planidentificatienummer NL.IMRO.0114.2022025- B301 naar de wettelijk verplichte en andere door de gemeente erkende overlegpartners verzonden. In dit geval zijn op 16 februari 2023 provincie Drenthe, wijkvereniging Angelslo, waterschap Vechtstromen en de Veiligheidsregio Drenthe (VRD) op de hoogte gebracht. In het kader van het overleg heeft de gemeente een reactie ontvangen van provincie Drenthe (Bijlage 11) en Veiligheidsregio Drenthe (Bijlage 12). Een samenvatting van de reactie, de gemeentelijke beantwoording en de (eventuele) doorvertaling naar het bestemmingsplan is opgenomen in de Nota van beantwoording, dat als Bijlage 10 is opgenomen bij deze toelichting.
6.2
Zienswijzen op het ontwerpbestemmingsplan
Het ontwerpbestemmingsplan heeft vanaf 6 juni 2023 tot en met 17 juli voor zes weken ter inzage gelegen. Gedurende deze periode zijn twee zienswijzen ingediend. Een samenvatting van de zienzwijzen, de gemeentelijke beantwoording en de (eventuele) doorvertaling naar het bestemmingsplan is opgenomen in de Nota van beantwoording zienswijzen, die als Bijlage 13 is opgenomen bij deze toelichting.
66
Toelichting (vastgesteld)
bestemmingsplan Emmen, Angelslo, Leemkoelen 1 (woongebouw)
Hoofdstuk 7
Economische uitvoerbaarheid
Per 1 juli 2008 is de Wet ruimtelijke ordening in werking getreden. Afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening verplicht de gemeente tot het verhalen van kosten bij grondexploitatie via een exploitatieplan, tenzij kostenverhaal anderszins is verzekerd. De toepassing voor het afdwingbare kostenverhaal richt zich op bouwplannen. De definitie van wat onder een bouwplan wordt verstaan, is opgenomen in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Uit dit artikel blijkt dat onder een bouwplan onder andere wordt verstaan de bouw van een woning of de uitbreiding van een gebouw van 1.000 m2 of meer. De kosten van het maken van het voorliggend bestemmingsplan worden in dit geval gedekt op grond van de legesverordening. Voor dit plan zijn door de gemeente geen aanvullende kosten voor onderzoek begroot en gemaakt. De vaststelling van een exploitatieplan is zodoende niet nodig, aangezien het kostenverhaal nu anderszins verzekerd is.
Toelichting (vastgesteld)
67
Emmen, Angelslo, Leemkoelen 1 (woongebouw)
bestemmingsplan Emmen, Angelslo, Leemkoelen 1 (woongebouw)
Inhoudsopgave
Bijlagen bij de toelichting
3
Bijlage 1
Archeologisch onderzoek
4
Bijlage 2
AERIUS-berekening
47
Bijlage 3
Quickscan flora & fauna
78
Bijlage 4
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling
108
Bijlage 5
M.e.r. Beoordelingsbesluit
127
Bijlage 6
Verkennend Bodemonderzoek
129
Bijlage 7
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai
187
Bijlage 8
Besluit hogere grenswaarden wegverkeerslawaai
232
Bijlage 9
Watertoetsresultaat
239
Bijlage 10
Nota van beantwoording
245
Bijlage 11
Vooroverlegreactie provincie Drenthe
249
Bijlage 12
Vooroverlegreactie VRD
252
Bijlage 13
Zienswijzen nota
257
2
Inhoudsopgave (vastgesteld)
bestemmingsplan Emmen, Angelslo, Leemkoelen 1 (woongebouw)
Bijlagen bij de toelichting
Bijlagen bij de toelichting (vastgesteld)
3
bestemmingsplan Emmen, Angelslo, Leemkoelen 1 (woongebouw)
Bijlage 1 Archeologisch onderzoek
4
Bijlagen bij de toelichting (vastgesteld)
Laagland Archeologie Rapport 913
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase
Leemkoelen 3 (ong), Emmen, gemeente Emmen (DR).
december 2022 Versie 2 (definitief)
In opdracht van: BJZ.nu
v3.1
7 Colofon Laagland Archeologie Rapport 913
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen (DR) Auteur: Erwin Brouwer, Anne Ponten
In opdracht van: BJZ.nu
Foto’s en tekeningen: Laagland Archeologie
Status rapport: definitief
Controle: J. Wijnen Autorisatie: J. Wijnen
ISSN 2468-4759 Laagland Archeologie BV Virulyweg 21F-G 7602 RG Almelo
E-mail: info@laaglandarcheologie.nl KvK-Nummer: 75251876
© Laagland Archeologie BV, Almelo, december 2022 Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie of op welke wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgevers. Laagland Archeologie BV aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit de toepassing van de adviezen of het gebruik van de resultaten van dit onderzoek.
Samenvatting Laagland Archeologie heeft in juni 2022 een Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase uitgevoerd aan de Leemkoelen 3 (ong) te Emmen. Het onderzoek vond plaats in verband met de ruimtelijke procedure rondom de bouw van een appartementengebouw. Het onderzoek is uitgevoerd conform de protocollen SIKB KNA 4002 en 4003. Het bureauonderzoek had tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen. Centraal staat daarbij de vraag of en zo ja welke archeologische resten (complextype, datering, diepteligging en gaafheid) in het plangebied kunnen worden verwacht. Hiertoe zijn landschappelijke, archeologische en historische bronnen geraadpleegd. Het plangebied ligt waarschijnlijk in een droogdal op de flank van de Hondsrug. Bodemkundig zijn haarpodzolgronden te verwachten. De top van de Pleistocene ondergrond ligt hier oorspronkelijk aan of vlak onder het maaiveld. Door recente bodemingrepen is de grond mogelijk opgehoogd. In de omgeving zijn veel archeologische resten uit de periode Midden-Neolithicum tot en met de IJzertijd bekend. In historische tijden is het plangebied waarschijnlijk tot ongeveer begin vorige eeuw onontgonnen gebleven. Het terrein raakte bebouwd vanaf 1966. Ter plaatse van de voormalige bebouwing is waarschijnlijk sprake van een verstoord profiel. Het resterende deel van het plangebied is aldoor onbebouwd gebleven.
Er worden met name resten uit de periode Midden-Neolithicum tot en met de IJzertijd verwacht. Resten uit de Romeinse tijd en Vroege Middeleeuwen kunnen ook voorkomen. Resten uit andere perioden worden niet verwacht. Het uitgevoerde verkennende booronderzoek heeft tot doel het verwachtingsmodel te toetsen en zonodig aan te vullen. Hiertoe zijn verspreid over het toegankelijke deel van het plangebied verkennende boringen gezet. In dit stadium is verkennend booronderzoek de meest efficiënte onderzoekswijze om de archeologische potentie van het plangebied in kaart te brengen. Uit het verkennend booronderzoek blijkt dat de bodem tot in de C-horizont is verstoord. De kans dat het gebied nog archeologische resten met een intacte archeologische context bevat wordt daarom laag geacht. Op basis van de resultaten van het veldonderzoek wordt geadviseerd geen archeologisch vervolgonderzoek in het plangebied uit te voeren en het plangebied vrij te geven voor het aspect archeologie. Dit advies is overgenomen door de bevoegde overheid, de gemeente Emmen. De gemeente wordt hierin vertegenwoordigd door haar deskundige, de heer O. Satijn. Mochten tijdens de werkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden aangetroffen, of resten waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat het om archeologische resten gaat, dan geldt op grond van de Erfgoedwet (art. 5.10) een meldingsplicht.
Dit kan bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE, www.cultureelerfgoed).
Samenvatting __________________________________________________ 3 1 Inleiding ____________________________________________________ 5 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6
Aanleiding onderzoek________________________________________________5 Afbakening plan- en onderzoeksgebied __________________________________5 Administratieve gegevens ____________________________________________6 Huidige situatie en toekomstig gebruik __________________________________8 Gemeentelijk beleid ________________________________________________10 Onderzoeksdoel ___________________________________________________10
2 Inventarisatie________________________________________________ 11 2.1 2.2 2.3
Inleiding _________________________________________________________11 Landschappelijke ontwikkeling________________________________________11 Archeologie ______________________________________________________12
2.3.1 2.3.2 2.3.3 2.4
Bekende archeologische waarden ___________________________________12 Gemeentelijke verwachtingskaart ___________________________________13 Eerder archeologisch onderzoek ____________________________________13
Historie _________________________________________________________13
3 Conclusie en verwachtingsmodel _________________________________ 18 3.1 3.2
Conclusie ________________________________________________________18 Verwachtingsmodel ________________________________________________18
4 Veldonderzoek _______________________________________________ 20 4.1 4.2
Beschrijving onderzoeksmethodiek ____________________________________20 Resultaten: lithologie, lithogenese en bodemontwikkeling __________________20
5 Conclusie en verwachting ______________________________________ 23 6 Selectieadvies _______________________________________________ 24 literatuur _____________________________________________________ 25 BIJLAGE 1 AMZ-cyclus _________________________________________ 27 BIJLAGE 2 Archeologische perioden _______________________________ 28 BIJLAGE 3 Niet-toegankelijke delen voor veldonderzoek________________ 29 BIJLAGE 4 Geomorfologische kaart ________________________________ 30 BIJLAGE 5 Actueel Hoogtebestand Nederland ________________________ 31 BIJLAGE 6 Gemeentelijke archeologische verwachtingskaart ____________ 32 BIJLAGE 7 Bodemkaart _________________________________________ 33 BIJLAGE 8 Waarnemingen, AMK-terreinen en onderzoeksmeldingen ______ 34 BIJLAGE 9 Boorpuntenkaart veldonderzoek _________________________ 35 BIJLAGE 10 Boorstaten veldonderzoek _____________________________ 36 BIJLAGE 11 Verklarende woordenlijst ______________________________ 41
HOOFDSTUK
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
1I
NLEIDING
1.1 AANLEIDING ONDERZOEK
De aanleiding voor het onderzoek vormt de geplande bouw van nieuwe woningen aan de Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen (DR). Hiertoe is een bestemmingsplanwijziging vereist. De gemeente Emmen heeft een eigen archeologiebeleid. Op basis van het bestemmingsplan dient archeologisch onderzoek uitgevoerd te worden om aan te tonen dat eventueel aanwezige archeologische waarden niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad door de geplande bouwactiviteiten. De opdrachtgever beoogt met het onderzoek de gemeentelijke paraaf te krijgen voor het onderdeel archeologie. Aanvullende wensen zijn niet kenbaar gemaakt.
1.2 AFBAKENING PLAN- EN ONDERZOEKSGEBIED
Het plangebied betreft de Leemkoelen 3 (ong) in Emmen, gemeente Emmen (DR), zie onderstaande afbeelding.
Afbeelding 1. Ligging van het plan- en onderzoeksgebied. Bron: pdok.nl 5
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
Het plangebied heeft een omvang van circa 4800 m2. Voor een beter begrip van de bodemkundige omstandigheden en de archeologie van de planlocatie is een groter gebied bestudeerd. Een zone van 300 m rondom het plangebied wordt voldoende geacht om de archeologische potentie van het plangebied in kaart te brengen. Deze zone wordt aangeduid als ‘onderzoeksgebied’.
1.3 ADMINISTRATIEVE GEGEVENS ADMINISTRATIEVE GEGEVENS Provincie
Drenthe
Gemeente
Emmen
Plaats
Emmen
Beheerder/eigenaar grond
-
Toponiem
Leemkoelen 3 (ong)
Kadastrale perceelnummer(s)1
EMN00-F-11815
Laagland Archeologie projectnummer
EB-EMLE221
Datum conceptrapportage
13-6-2022
Datum definitief rapport
6-12-2022
XY-coördinaten
259135/533685 259230/533680 259145/533630 259220/533640
Kaartblad
2
17H
Oppervlakte/lengte Plangebied
circa 4800 m2
Datering
Midden-Neolithicum t/m IJzertijd en Romeinse Tijd t/m Vroege Middeleeuwen
Complextype
bewoning (inclusief verdediging)
Onderzoeksmeldingsnr
5268073100
AMK-terrein
n.v.t.
Vondstmeldingsnr.
n.v.t.
Type onderzoek
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek verkennende fase
Datum begin veldonderzoek
10-06-2022
Datum eind veldonderzoek
10-06-2022
Opdrachtgever
BJZ.nu
Goedkeuring bevoegde overheid
8-11-2022
Bevoegde overheid
gemeente Emmen
1
kadastralekaart.com
2
www.imergis.nl/htm/opentopo800.htm
6
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
Adviseur namens bevoegde overheid
O. Satijn
Beheer documentatie
Noordelijk Archeologisch Depot (NAD) E-depot voor de Nederlandse archeologie Archief Laagland archeologie BV
Uitvoerder
Laagland Archeologie BV Virulyweg 21F-G 7602 RG Almelo 06 51 95 35 53
Projectleider/opsteller onderzoek
Erwin Brouwer erwin.brouwer@laaglandarcheologie.nl
Tabel 1. Objectgegevens.
7
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
1.4 HUIDIGE SITUATIE EN TOEKOMSTIG GEBRUIK
Het plangebied ligt momenteel braak. Het terrein is sterk verwilderd en vrijwel volledig overwoekerd met begroeiing. Tot voor kort stond een kerkgebouw in het plangebied (zie paragraaf 2.4). Deze is in 2007 afgebrand.3 Op de voormalige locatie ligt momenteel een dikke puinlaag aan het maaiveld (zie onderstaande foto),
Afbeelding 2. Foto van de huidige puinlaag en begroeiing in het plangebied.
3
Reliwiki.nl
8
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
Het terrein bevat voor zover bekend geen kelders of andere ondergrondse kunstwerken en er zijn geen historisch waardevolle bouwwerken in het plangebied aanwezig.4 In dit stadium is de exacte invulling van de plannen nog niet bekend. De milieutechnische condities, huidige en eventuele nieuwe waterpeil en of en zo ja wie de toekomstige gebruiker(s) wordt/worden zijn in dit stadium evenmin bekend. Onderstaande afbeelding toont de huidige en de gewenste nieuwe situatie.
Afbeelding 3. Huidige en nieuwe situatie. Bron:pdok.nl In de nieuwe situatie is aan de westzijde een appartementengebouw voorzien. Onder het gebouw komt een halfverdiepte parkeergarage. Deze zal tot ongeveer 1,5 m – mv worden aangelegd. Aan de oostzijde komt een parkeerplaats. Deze zal evenzo enigszins verdiept worden aangelegd. Onderstaande afbeelding toont een impressie van de nieuwe situatie.
4
bron: gemeentelijke monumentenlijst
9
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
Afbeelding 4. Impressie van de nieuwe situatie. De rode lijn markeert het plangebied. Bron: De Bruin architecten.
1.5 GEMEENTELIJK BELEID Op grond van het gemeentelijk beleid dient archeologisch onderzoek uitgevoerd te worden. Dit beleid is vertaald in het bestemmingsplan Emmen, Angelslo, artikel 38: waarde archeologie 3. In dit artikel staat dat archeologisch onderzoek uitgevoerd moet worden bij bouwwerkzaamheden met een oppervlakte groter dan 1000 m2 en een bodemverstoring dieper dan 30 cm -mv. De omvang van de geplande verstoringen overschrijdt de vrijstellingsgrenzen zoals die in het vigerende gemeentelijk archeologiebeleid zijn aangegeven.
1.6 ONDERZOEKSDOEL
Het uitgevoerde onderzoek behoort tot de eerste fasen in het huidige archeologische onderzoeksproces (zie bijlage 1). De initiatiefnemer beoogt met het hier uitgevoerde onderzoek te voldoen aan de gemeentelijke regelgeving omtrent archeologisch onderzoek. Het bureauonderzoek heeft tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen aan de hand van bestaande bronnen, en te bepalen of en zo ja welke delen van het plangebied in aanmerking komen voor vervolgonderzoek. Het verwachtingsmodel wordt getoetst en zo nodig aangevuld door middel van een verkennend booronderzoek. Op grond van de resultaten van dit onderzoek kan worden beoordeeld of en zo ja, welke vorm van vervolgonderzoek nodig is om de archeologische waarde van het gebied te kunnen vaststellen.
10
HOOFDSTUK
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
2I
NVENTARISATIE
2.1 INLEIDING In dit hoofdstuk worden de relevante landschappelijke ontwikkeling en huidige bodemkundige situatie beschreven. Tevens wordt ingegaan op de bekende archeologische waarden in de omgeving van het plangebied en de historische situatie. Voor wat betreft de in de tekst genoemde archeologische perioden wordt verwezen naar bijlage 2.
2.2 LANDSCHAPPELIJKE ONTWIKKELING
Het plangebied ligt in het Drentse Zandgebied. Dit gebied is grotendeels gevormd onder invloed van het landijs tijdens de voorlaatste ijstijd (Saalien). Dit deel van Nederland was tijdens deze periode geheel met landijs bedekt. Onder het gletsjerijs werd een grondmorene gevormd, bestaande uit een zeer compacte mix van klei, zand, leem, grind en grotere keien (keileem). Geologisch wordt dit keileem gerekend tot de Formatie van Drenthe, Laagpakket van Gieten. Tijdens de laatste fasen van de laatste ijstijd (Weichselien) werd het keileem afgedekt door dekzand (Formatie van Boxtel, Laagpakket van Wierden). Op de geomorfologische kaart (Bijlage 4) zijn het plan- en onderzoekgebied niet gekarteerd. Tegen de oostgrens en zuidelijk van het onderzoeksgebied ligt een ijsstroomrug ‘megaflute’ en ook ruwweg 2 km verder naar het westen ligt een ijsstroomrug. Deze ijsstroomruggen vormen een onderdeel van de Hondsrug die in min of meer noordelijke richting tot aan de stad Groningen loopt. Op de flanken van de Hondsrug komen diverse droogdalen voor. Een droogdal is een langgerekte laagte die gedurende de voorlaatste en laatste ijstijd (Saalien respectievelijk Weichselien) is ontstaan. De bodem was destijds permanent bevroren, waardoor smeltwater niet in de ondergrond kon wegzakken.
In de relatief warmere seizoenen verzamelde dit smeltwater zich in de lagere delen van het landschap, waarbij geulen in de hard bevroren grond werden uitgesleten. Na de laatste ijstijd zijn de droogdalen meestal niet meer watervoerend geweest omdat het water kon wegzakken in de ondergrond. Westelijk van het plangebied ligt een vlakte van smeltwaterafzettingen en in het noorden ligt een zone met landduinen en bijbehorende laagten. Op basis van het AHN (Actueel Hoogtebestand Nederland, zie bijlage 5) kan aangenomen worden dat het plangebied in een droogdal ligt. Onderstaande afbeelding toont een detailopname van het AHN. Hierop is een rechthoekige, wat lager gelegen vorm te zien. Deze markeert de locatie van het voormalige kerkgebouw. Het zeer onregelmatige vlak markeert hier de grote brokken achtergebleven puin en muurrestanten. In grote lijnen lijkt in het plangebied sprake van enige ophoging, maar het terrein is onderdeel van de bebouwde kom waar in de loop van de afgelopen eeuw zeer veel grondwerkzaamheden, egalisaties afgravingen en ophogingen hebben plaatsgevonden.
11
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
Afbeelding 5. Detailopname van het plangebied op het AHN.
Bodemkundig (bijlage 7) is het gebied ook niet gekarteerd. Rondom het plan- en onderzoeksgebied zijn met name zones met haarpodzolgronden zichtbaar, waardoor het aannemelijk is dat in en rond het plangebied ook dit bodemtype voorkomt. Een haarpodzol is typerend voor de hogere zandgronden. Zowel tijdens het ontstaan als daarna is de grondwaterstand altijd laag geweest. Het toponiem ‘haar’ betekent ‘hoge scherpe rug’. Kenmerkend is een dunne humushoudende bovengrond (Ahorizont) met daaronder een grijze uitspoelingshorizont (‘loodzand’, E-horizont). De overgangen tussen de verschillende bodemhorizonten is abrupt.
2.3 ARCHEOLOGIE 2.3.1 BEKENDE ARCHEOLOGISCHE WAARDEN Bijlage 8 toont de locaties van de bekende archeologische waarden en de uitgevoerde archeologische onderzoeken in de omgeving van het plangebied. Binnen het onderzoeksgebied is één waarneming geregistreerd. Zaakidentificatie 3013412100 betreft een grafheuvel, ongeveer 250 m NO van het plangebied. Deze is opgegraven in 1960. De grafheuvel dateert uit het Neolithicum en is ook in de Bronstijd gebruikt. Tijdens de opgraving zijn resten van een paalkrans en een kringgreppel (Bronstijd) en wikkeldraadaardewerk (Vroege Bronstijd) aangetroffen. In de omgeving – buiten het onderzoeksgebied – zijn veel resten uit met name de periode Midden-Neolithicum tot en met de Late Bronstijd aangetroffen, waaronder sporen van nederzettingen, grafheuvels, vlakgraven en een urnenveld. Oostelijk van het onderzoeksgebied zijn daarnaast twee megalietgraven (hunebedden) bekend (D46 en D47). Beide zijn geregistreerd als wettelijk beschermd AMK-terrein van zeer
12
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
hoge archeologische waarde. Voorts komen in het gebied raatakkercomplexen uit de IJzertijd voor.
2.3.2 GEMEENTELIJKE VERWACHTINGSKAART Op de gemeentelijke verwachtingskaart (bijlage 6) ligt het plangebied in een zone met een waarde van 4 (middelhoge tot hoge verwachting).
2.3.3 EERDER ARCHEOLOGISCH ONDERZOEK In de omgeving van het plangebied hebben eerder archeologische onderzoeken plaatsgevonden. De onderzochte locaties zijn afgebeeld in bijlage 8. Zaakidentificatie 4582279100 betreft een proefsleuvenonderzoek5, circa 135 m N van het plangebied. Het onderzoek is een vervolg op eerder uitgevoerd booronderzoek waarbij een grotendeels intact podzolprofiel is geconstateerd. Tijdens het proefsleuvenonderzoek zijn geen relevante archeologische sporen aangetroffen. Er zijn enkele ontginningsgreppels gezien, waarbij de vulling van de greppels bestaat uit sterk veraard restveen. Vermoedelijk is dit bij de ontginning van het gebied in de greppels gestort. In één van de greppels is een grote hoeveelheid aardewerk en glas gestort, op basis waarvan de greppel kom worden gedateerd in de jaren ’20 of ’30 van de vorige eeuw. Dit sluit aan bij de ontginningsgeschiedenis van het gebied. Nader onderzoek wordt niet aanbevolen. Zaakidentificatie 2141156100 betreft een archeologisch booronderzoek.6 Er zijn tien boringen gezet met een edelmanboor met een boordiameter van 10 cm. De boorkernen zijn gezeefd op archeologische indicatoren. In een viertal boringen is een restant van een BC-horizont aangetroffen.
Er zijn – anders dan een waterstagnatie B-horizont – geen intacte E- of B-horizonten gezien, waardoor het plangebied niet kansrijk wordt geacht op archeologische resten met een intacte context. Nader onderzoek is niet aanbevolen.
2.4 HISTORIE
Op de eerste kadastrale kaart (circa 1832)7 is het plangebied en haar omgeving nog onbebouwd (zie onderstaande afbeelding). Het terrein heeft op de OAT (Oorspronkelijke Aanwijzende Tafel) geen aanduiding omtrent landgebruik. Zeer waarschijnlijk gaat het hier om woeste (droge heide) gronden, waarvoor al wel een verkavelingsindeling is gemaakt, maar waarvan de ontginning nog niet ter hand is genomen. Er zijn twee wegen aangegeven (donkergeel) die op de kaart van 1902 niet terug te vinden zijn, maar pas rond 1931 weer op de topografische kaart verschijnen.
5
Wieringa, 2018
6
Schrijer, 2007
7
bron: hisgis.nl
13
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
Afbeelding 6. Uitsnede uit de eerste kadastrale kaart, circa 1832. De locatie van het plangebied is rood omlijnd. Lichtgroen: landgebruik niet bekend. Donkergeel: (geplande?) infrastructuur. Bron: hisgis.nl. Op de topografische kaart van 1902 (zie afbeelding 7) ligt het plangebied op de grens van woeste gronden en verkavelde graslanden. Direct ten noordwesten ligt een bosperceel dat vermoedelijk ook in het meest noordelijke plangebied aanwezig was. Op de verkavelingsgrenzen in het plangebied zijn houtwallen of groenzones aanwezig. Het gebied ten noorden en oosten van het plangebied is aangeduid als woestegrond (heide). Noordelijk komen enkele drassige gronden voor, maar ook struikgewas is aanwezig. Op de woestegronden is niets terug te vinden van de verkavelingen en infrastructuur zoals die in 1832 waren aangegeven. Wel zijn een aantal kronkelige (zand)paden over de heide ingetekend. De kaart toont tevens veel morfologische dynamiek. Vermoedelijk zijn met de kleine heuveltjes ten oosten van het plangebied grafheuvels gemarkeerd. Ook de locatie van de hunebedden is aangegeven. Rond 1931 zijn de woestegronden verdwenen ten gunste van akkerland. De verkaveling en ook de hoofdwegen volgen de markeringen zoals die in 1832 zijn aangegeven. Langs de oost-west weg is bebouwing aanwezig. Op de kaart van 1931 is veel van de eerdere dekzandmorfologie verdwenen.
Vermoedelijk zijn de gronden voor een belangrijk deel geëgaliseerd tijdens de ontginningen.
14
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
Afbeelding 7. Uitsnede uit de topografische kaart van 1902. Bron: topotijdreis.nl.
Afbeelding 8. Uitsnede uit de topografische kaart van 1931. Bron: topotijdreis.nl.
15
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
Afbeelding 9. Uitsnede uit de topografische kaart van 1975. Bron: topotijdreis.nl. Tussen 1931 en 1975 wordt het onderzoeksgebied en haar omgeving opgenomen in de bebouwde kom van Emmen (de wijk Angelslo, genoemd naar het gehucht Angelslo ten zuidoosten van het plangebied). In het plangebied is een kerkgebouw aanwezig.8 Dit betreft de Angeluskerk, gebouwd in 1966. Het gebouw was sinds 1992 niet meer in gebruik. In 2007 is het pand door brand verwoest en sindsdien ligt het terrein braak. Op onderstaande kaart uit 2006 is de vorm van het gebouw te zien. Het onbebouwde deel bestond voornamelijk uit gras.
8
met de cirkel in het plangebied wordt aangeduid dat het hier om een kerk gaat. De cirkel geeft niet de vorm van het gebouw weer.
16
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
Afbeelding 10. Foto van de voormalige Angeluskerk, genomen vanuit het zuidwesten. Jaartal onbekend. Bron: reliwiki.nl
Afbeelding 11. Uitsnede uit de topografische kaart van 2006. Bron: topotijdreis.nl.
17
HOOFDSTUK
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
3C
ONCLUSIE EN VERWACHTINGSMODEL 3.1 CONCLUSIE Het onderzoek is uitgevoerd conform protocol SIKB KNA 4002. Het plangebied ligt waarschijnlijk op een droogdal op de flank van de Hondsrug. Bodemkundig zijn haarpodzolgronden te verwachten. De top van de Pleistocene ondergrond ligt hier oorspronkelijk aan of vlak onder het maaiveld. Door recente bodemingrepen is de grond mogelijk opgehoogd. In de omgeving zijn veel archeologische resten uit de periode Midden-Neolithicum tot en met de IJzertijd bekend. In historische tijden is het plangebied waarschijnlijk tot ongeveer begin vorige eeuw onontgonnen gebleven. Het terrein raakte bebouwd vanaf 1966. De Angeluskerk lijkt op basis van het AHN ongeveer 60-80 cm te –mv te zijn ingegraven. De oorspronkelijk bebouwde locatie ligt nu vol met puin. Ter plaatse van de voormalige bebouwing is waarschijnlijk sprake van een verstoord profiel. Het resterende deel van het plangebied is aldoor onbebouwd gebleven.
3.2 VERWACHTINGSMODEL
Op basis van de vele archeologische vindplaatsen in de nabijheid van het plangebied kan een hoge verwachting voor resten uit de periode Midden-Neolithicum tot en met de IJzertijd worden aangehouden. Mogelijk ook zijn resten uit de Romeinse Tijd en Vroege Middeleeuwen aanwezig. De aardkundige omstandigheden waren waarschijnlijk ook gunstig voor bewoning in deze periode. Resten hiervan zijn in dit deel van Nederland echter relatief schaars en worden vooral onder een (dun) plaggendek van oude esontginningen aangetroffen, of onder oude dorps- en stadskernen. Voor de periode Romeinse Tijd – Vroege Middeleeuwen wordt daarom een middelhoge verwachting aangehouden. Resten uit de periode van jagersverzamelaars (Laat-Paleolithicum – Vroeg-Mesolithicum) worden niet verwacht. Het landschap bood weinig mogelijkheden voor mensen uit deze periode. Resten uit de Late Middeleeuwen – Nieuwe Tijd worden evenmin verwacht, uitgezonderd subrecente sporen van ontginning en landinrichting. Vanuit archeologisch perspectief zijn dergelijke sporen noch bijzonder nog schaars. Wat oudere resten worden niet verwacht omdat het terrein pas rond het begin van de vorige eeuw is ontgonnen. De eerste (en tot op heden enige) bebouwing in plangebied verscheen in 1966. Eventuele nederzettingen uit de steentijd hebben een omvang van 50 – 200 m2 (kleine variant) of 200 – 1000 m2 (middelgrote variant).
Nederzettingen uit de
18
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
periode Bronstijd – middeleeuwen hebben meestal een omvang tussen 500 – 2000 m2 (huisplaats) of meer dan 8000 m2 (dorp).9 Deze resten liggen in de top van de natuurlijke ondergrond, mogelijk dicht onder het maaiveld onder een eventuele ophogingslaag. De natuurlijke bodem wordt hier gevormd door dekzand waarin zich een haarpodzol heeft ontwikkeld. Eventuele resten bestaan uit vuursteenstrooiingen (voornamelijk Neolithicum, in mindere mate Bronstijd en IJzertijd). Daarnaast kan (gefragmenteerd) aardewerk worden verwacht, evenals houtskool, verbrande huttenleem en natuursteen. Daarnaast kunnen grondsporen worden verwacht. Het gaat daarbij overwegend om paalkuilen, greppels en afvalkuilen en dergelijke. Deze bevinden zich in de top van de pleistocene ondergrond en kunnen zich tot op grote diepte uitstrekken.
9
bron: Tol e.a., 2006.
19
HOOFDSTUK
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
4V
ELDONDERZOEK
4.1 BESCHRIJVING ONDERZOEKSMETHODIEK
Het veldonderzoek heeft tot doel om meer inzicht te verkrijgen in de fysische situatie in het plangebied. Het dient de in het plangebied aanwezige bodems, de mate van verstoring en de aanwezigheid van potentiële archeologische niveaus in kaart te brengen. Aan de hand daarvan kan er voor het plangebied een gespecificeerd verwachtingsmodel worden opgesteld dat gedetailleerder en nauwkeuriger is dan een verwachtingsmodel dat louter gebaseerd is op bronnen en globalere bodem- en geomorfologische kaarten. Voor het booronderzoek niet-toegankelijke en/of verstoorde delen zijn aangegeven op de kaart in bijlage 3. Voor aanvang van het veldonderzoek is een Plan van Aanpak (PvA) opgesteld10 en gedeponeerd in Archis3. In het PvA waren acht boringen voorzien. Door de aanwezige puinresten (zie onder) is boring 5 komen te vervallen. Verkennend booronderzoek is een snelle en kostenefficiënte onderzoeksmethode om de archeologische potentie van een plangebied in kaart te brengen. Aangezien de specifieke bodemopbouw in het plangebied niet bekend is, is verkennend onderzoek in dit stadium de meest geschikte onderzoeksmethode. De boringen zijn uitgevoerd met een Edelmanboor met een diameter van 7 cm. De boorkernen zijn visueel geïnspecteerd op het voorkomen van archeologische indicatoren. De boringen zijn gemeten met GPS met een nauwkeurigheid van 3 m.
Het bodemprofiel is beschreven volgens de norm NEN 5104 en ASB. De NAPmaaiveldhoogtes van de boringen zijn bepaald aan de hand van het AHN. De profielbeschrijvingen zijn opgenomen in bijlage 10. De boorpuntenkaart met de posities van de boringen is opgenomen in bijlage 9.
4.2 RESULTATEN: LITHOLOGIE, LITHOGENESE EN BODEMONTWIKKELING
In het plangebied is sprake van een gelijkmatige bodemopbouw. Onder een verstoord pakket van gemiddeld ongeveer 80 cm ligt een intacte zandlaag (Chorizont). Op basis van het aanwezige grind in dit zand is deze laag geïnterpreteerd als keizand. In één boring wordt het keizand voorafgegaan door een laag dekzand.
10
E. Brouwer, 2022
20
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
Het verstoorde pakket bestaat uit diverse lagen zwak siltig, zeer-matig fijn zand. Met name de top hiervan is humeus. De kleur varieert van donkerbruin of donkergrijs tot grijs/geel. In diverse boringen bestaat de onderzijde van het verstoorde pakket uit een verstoorde C-horizont (boringen 2, 3 en 4). In boring 2 en 7 is een verstoorde B-horizont gezien op diepten tussen 55-65 cm respectievelijk 45-60 cm –mv. In boringen 6 en 7 zijn verstoorde BC-horizonten waargenomen op diepten tussen 4065 cm en 60-70 cm –mv. Onderstaande afbeelding toont een interpolatie van de dikte van het verstoord pakket in het plangebied. In boringen 3 en 6 reikt de verstoring iets minder diep (respectievelijk tot 35 en tot 40 cm –mv); in het meest oostelijke deel (boring 8) juist iets dieper (tot 120 cm –mv).
Afbeelding 12. dikte verstoord pakket (interpolatie).
Het verstoorde pakket gaat meestal onscherp begrensd over in een C-horizont. In boringen 3 (waar de verstoring wat minder diep reikt) is nog dekzand aanwezig tussen 35-55 cm -mv (zeer fijn, zwak siltig lichtgeel/geel gekleurd zand met roestvlekken). Wat dieper en in de overige boringen is sprake van zeer-matig fijn, zwak siltig en grindhoudend zand. Deze laag is lichtgeel gekleurd en geïnterpreteerd als keizand. Onderstaande afbeelding toont een interpolatie van de top van de nog intacte natuurlijke ondergrond (dekzand of keizand).
21
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
Afbeelding 13. Top intacte natuurlijke ondergrond in m +NAP (interpolatie)
22
HOOFDSTUK
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
5C
ONCLUSIE EN VERWACHTING In alle boringen is sprake van een tot in de C-horizont verstoord bodemprofiel. In de meeste boringen bestaat de nog resterende C-horizont uit keizand. In één boring is nog een laag dekzand aanwezig. In de overige boringen is geen intact dekzand gezien. Wel zijn in enkele boringen verstoorde B- en BC-horizonten gezien. De verstoring reikt echter in alle boringen tot in de C-horizont. De kans dat daarmee in het plangebied nog intacte resten van een archeologische vindplaats aanwezig zijn, is daarmee klein. Uitzondering vormen eventuele resten van (zeer) diepe grondsporen, waarvan nog resten bewaard kunnen zijn gebleven in de nog aanwezige C-horizont.
23
HOOFDSTUK
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
6S
ELECTIEADVIES
Op basis van het uitgevoerde booronderzoek is de kans klein dat het plangebied archeologische sporen bevat, afgezien van resten van diepe grondsporen. Dergelijke grondsporen zijn niet door middel van archeologisch booronderzoek op te sporen. Meestal is de archeologisch-wetenschappelijke waarde van dergelijke geïsoleerde restsporen klein. Om deze reden adviseren we geen vervolgonderzoek uit te voeren en het plangebied vrij te geven. We adviseren in het bestemmingsplan geen aanduiding omtrent archeologie op te nemen. Dit advies is overgenomen door de gemeente Emmen, hierin vertegenwoordigd door de archeologisch adviseur van de gemeente, de heer O. Satijn. Mochten bij graafwerkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden aangetroffen, dan geldt conform de Erfgoedwet (art. 5.10) een meldingsplicht. Dit kan bij Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (033 421 74 56) of via de website: www.cultureelerfgoed.nl/contact.
24
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
literatuur
Berendsen, H.J.A., 2005 (1997). Landschappelijk Nederland. De fysisch geografische regio’s. Assen. Berendsen, H.J.A., 2008. De vorming van het land. Assen. Borsboom, A.J. en J.W.H.P. Verhagen, 2012. KNA Leidraad Inventariserend Veldonderzoek. Deel: Proefsleuvenonderzoek (IVO-P). Gouda. Bosch, J.H.A.,2008. Archeologische Standaard Boorbeschrijvingsmethode versie 1.1. Op basis van de Standaard Boorbeschrijvingsmethode versie 5.2. Deltares-rapport 2008-U-R0881/A. Brouwer, E. , 2022. Plan van Aanpak ivo-verkennend Leemkoele 3 (ong) Emmen. Almelo. Jongmans, A.G., M.W. van den Berg, M.P.W. Sonneveld, G.J. W.C. Peek, en R.M. van den Berg van Saparoea, 2013. Landschappen van Nederland. Wageningen. Mulder, E.F.J. de., 2003. De ondergrond van Nederland. Groningen. Nederlands Normalisatie-instituut, 1989. Nederlandse Norm NEN 5104, Classificatie van onverharde grondmonsters, Nederlands Normalisatie-instituut Delft. Schrijer, E., 2007. Emmen, De Hegen 52 (Dr). Een Inventariserend Archeologisch Veldonderzoek. Steekproefrapport 2007-01/12. Zuidhorn. Tol, A.J., J.W.H.P. Verhagen en M. Verbruggen, 2012. Leidraad inventariserend veldonderzoek; Deel: karterend booronderzoek v2. SIKB Wieringa, A.R., 2018. Archeologisch proefsleuvenonderzoek Elkingeslag te Emmen, gemeente Emmen (DR). MUG-publicatie 2018-03.
Archeologische databases/internetbronnen ArchisIII www.boorstaten.nl www.topotijdreis.nl www.hisgis.nl www.grondwatertools.nl www.kadastralekaart.com
Gebruikte kaarten Historische kaarten vanaf 1890 tot en met 2015. Bron: www.topotijdreis.nl. Geraadpleegd op 8-6-2022 2 Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN2), nauwkeurigheid Z-waarde <= 5 cm. Bron: www.ahn.nl. Geraadpleegd op 9-6-2022 0 Kaart waarnemingen, AMK-terreinen en onderzoeksmeldingen. Bron: www.zoeken.cultureelerfgoed.nl. Geraadpleegd op 9-6-2022 0 Bodemkaart van Nederland, schaal 1:50.000. Bron: www.pdok.nl. Geraadpleegd op 96-2022 1 25
Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Leemkoelen 3 (ong) te Emmen, gemeente Emmen, Drenthe
gemeentelijke archeologische verwachtingskaart. Bron: gemeente Emmen. Geraadpleegd op 9-6-2022 0 Geomorfologische kaart van Nederland, schaal 1:50.000. Bron: www.pdok.nl. Geraadpleegd op 9-6-2022 0 legenda gemeentelijke archeologische verwachting. Bron: gemeente Emmen. Geraadpleegd op 9-6-2022 0 minuutplan 1832. Bron: beeldbank.cultureelerfgoed.nl. Geraadpleegd op 8-6-2022 2 Topografische kaart, schaal 1:10.000. Bron: www.pdok.nl. Geraadpleegd op 8-6-2022 2
26
BIJLAGE 1AMZ-CYCLUS
27
BIJLAGE 2 ARCHEOLOGISCHE PERIODEN
28