Bijlage 18: Vooroverlegreactie provincie en VRD (RIS.10464)
Tekst van het document
Gemeente Emmen, bestemmingsplan Klazienaveen, Meridiaan (vastgesteld)
Bijlage 21 Vooroverlegreactie provincie en VRD
550
7800RA30001
Gemeente Emmen T.a.v. mevrouw Postbus 30001 7800 RA EMMEN
Veiligheidsregio Drenthe Postbus 402 9400 AK ASSEN brandweeradvies@vrd.nl www.vrd.nl
ons kenmerk U210345
uw kenmerk
datum 19 Maart 2021
inlichten bij
telefoonnummer
email @vrd.nl
onderwerp voorontwerpbestemmingsplan Klazienaveen, Meridiaan
Geachte mevrouw Op 16 maart stuurde u het verzoek om een advies uit te brengen op bovengenoemd bestemmingsplan. In deze brief vindt u mijn advies. De toetsing Het plangebied is getoetst op de volgende onderdelen. In de bijlage vindt u een toelichting op de onderdelen die van toepassing zijn. Externe veiligheid 1.
Bevi-inrichtingen binnen het plangebied
geen Bevi bedrijven
2.
Bevi-inrichtingen buiten het plangebied
aanwezig Bevi- bedrijven, geen invloed
3.
Bevt en route gevaarlijke stoffen
A37, geen invloed
4.
Buisleidingen
Wel aanwezig, geen invloed
5.
Plaatsgebonden risico
Niet van toepassing
6.
Groepsrisico
Niet van toepassing
Overig 7.
Hoogspanningslijnen
Niet aanwezig
Inrichting en ontwikkeling 8.
Bluswatervoorziening
voldoende
9.
Waarschuwings- en alarmeringssysteem
Binnen de dekking van het WAS-stelsel
10.
Bereikbaarheid
Voldoet
11.
Opkomsttijd
geen extra brandveiligheidsmaatregelen
Verantwoording Groepsrisico 12.
Advies
niet van toepassing
Wij adviseren de volgende maatregelen -
Energietransitie, Welke vormen van energietransitie naast de PV-panelen zoals geothermie - warmtepompen - van het aardgas af - buurtbatterijen zijn nog het overwegen waard of worden toegepast maar is/zijn momenteel niet beschreven!
-
Klimaatadaptatie, groendak in combinatie met PV-panelen vermijden ivm droogte en risico op grotere kans van brand. Tenzij nadere maatregelen genomen worden!
-
Toevoegen paragraaf Inrichting en ontwikkeling
Tot slot Heeft u nog vragen over deze brief, dan kunt u contact met mij opnemen. De contactgegevens vindt u bovenaan deze brief. Met vriendelijke groet, namens het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio Drenthe,
Team Risicobeheersing
Bijlage:
-
Toelichting op onderdelen die van toepassing zijn Algemene tekst t.b.v. het bestemmingsplan
Bijlage 1
Toelichting op onderdelen die van toepassing zijn
Externe veiligheid Ten aanzien van de in paragraaf 4.4 van de toelichting benoemde punten m.b.t. externe veiligheid zijn er geen aanvullingen.
Inrichting en ontwikkeling 1. Bluswatervoorzieningen Er is in de nabijheid voorzien in voldoende bluswatervoorzieningen. 2. Waarschuwings- en alarmeringssysteem De locatie / plangebied valt binnen de dekking van het Waarschuwingsalarmeringsstelsel. 3. Bereikbaarheid Het plangebied is van meerdere kanten bereikbaar voor de hulpdiensten en voldoet daarmee aan de uitgangspunten voor bereikbaarheid. 4. Opkomsttijd Gezien de opkomsttijd van de Meridiaan zijn er geen nader te adviseren maatregelen. Wel kan de initiatiefnemer aanvullend geïnformeerd worden over brandveiligheidsmaatregelen als onderstaand. -
bouwkundige voorzieningen, ten minste conform bouwregelgeving
-
installatietechnische voorzieningen, bijv. aanvullend met woningsprinklers
-
organisatorische voorzieningen, bijv. goede BHV organisatie, vluchtplan voor de bewoners
-
brandweeropkomsttijd, vrij houden van wegen / zo min mogelijk verkeersbelemmerende maatregelen
-
inventaris, toepassen van moeilijk brandbaar materiaal
-
zelfredzaamheid van de aanwezigen, toepassen veilige vluchtroutes
Verantwoording Groepsrisico Niet van toepassing
Beeldkwaliteitsplan: Duurzaamheid en klimaatadaptatie Het beeldkwaliteitsplan gaat o.a. in op duurzaamheid door bijvoorbeeld toepassing van PV-panelen en klimaatadaptatie door bijvoorbeeld toepassen van groene daken (pag 22 en 23). Aandachtspunt hierbij is dat er door het toepassen van PV-panelen op brandbare groene daken, met name in de zomer, tot ongewenste situaties kunnen leiden. Tevens kan gedacht worden over het toepassen van een brandwerend dak t.o.v. PV-panelen hierop bevestigd. Hierdoor wordt een eventuele brand die doorslaat de woning in zoveel mogelijk voorkomen. Bij duurzaamheid kan naast PV-panelen ook gedacht worden aan de energietransitie waarbij andere vormen van energie of warmte gebruik een rol kunnen spelen. Denk daarbij aan geothermie-warmtepompen, veilig gebruik van buurtbatterijen, van het aardgas af etc.
Bijlage 2
Teksten ten behoeve van bestemmingsplan
Vanuit Veiligheidsregio Drenthe (brandweer) is richting gegeven aan het beoogde veiligheidsniveau van (de gebouwen in) het plangebied van het betreffende bestemmingsplan. Hierbij is getoetst aan: bestaande regelgeving en normen voor (externe) veiligheid; bereikbaarheid; bluswatervoorziening; dekkingsplan; alarmsystemen die onderdeel zijn van de veiligheidsketen.
Algemeen Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) Het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), dat in oktober 2004 van kracht werd, verplicht het bevoegd gezag de externe veiligheid mee te wegen in het beleid. Het Bevi stelt grenzen aan het risico dat bedrijven mogen veroorzaken voor hun omgeving (het 'plaatsgebonden risico'). Zo moet er tussen risicovolle bedrijven en risicogevoelige objecten (bijvoorbeeld woningen, scholen) een bepaalde afstand blijven, om mensen in de omgeving te beschermen. Daarnaast gaat het besluit in op de kans op een ramp waarbij een groep mensen betrokken is (het 'groepsrisico'). Voor het groepsrisico geldt dat onderbouwing van het risico plaats dient te vinden als er besluiten genomen moeten worden die vermeld zijn in de artikelen 4 en 5 van het Bevi. Voor het vaststellen van het besluit dient het bestuur van Veiligheidsregio Drenthe in de gelegenheid gesteld te worden advies uit te brengen over het groepsrisico en de mogelijkheden tot voorbereiding van bestrijding en beperking van de omvang van een ramp of zwaar ongeval. Het Bevi dient te worden toegepast voorafgaande aan de vaststelling van een bestemmingsplan. Beoordeeld dient te worden of voor burgers het minimum beschermingsniveau gehandhaafd wordt. Een nadere concretisering van het besluit is opgenomen in de (ministeriële) "Regeling externe veiligheid inrichtingen" (Revi).
Hierin zijn onder andere de LPG-afstanden (Plaatsgebonden Risicocontouren) opgenomen. Basisnet Naast Bevi is per 1 april 2015 ook het Basisnet van kracht geworden. De Wet basisnet, het Bevt, de wijziging van het Besluit vervoer gevaarlijke stoffen, de Regeling basisnet en de Beleidsregel voor de beoordeling van externe veiligheid bij tracébesluiten, zijn gelijktijdig in werking getreden. In het Basisnet zijn bepaalde zones langs spoor, weg en water vastgelegd (de zogenaamde basisnetafstand), waarbinnen geen nieuwe kwetsbare objecten meer mogen worden gebouwd, gezien de risico's van het vervoer van gevaarlijke stoffen. Woningen, scholen en zorginstellingen zijn voorbeelden van kwetsbare objecten, maar ook grotere hotels en grotere kantoorgebouwen worden aangemerkt als kwetsbare objecten. Het Basisnet garandeert omwonenden dat het risico niet hoger wordt dan de vastgestelde norm, door grenzen te stellen aan vervoer over en bebouwing langs de infrastructuur. In het Basisnet wordt onder andere gesproken over: veiligheidszones; plasbrandaandachtsgebieden (PAG). Deze begrippen worden hieronder verder toegelicht. Veiligheidszones Een veiligheidszone is de zone gemeten vanaf het midden van de transportas waarbinnen het plaatsgebonden risico meer bedraagt dan 10 -6. Nieuwbouw van kwetsbare objecten binnen een veiligheidszone is niet toegestaan.
Veiligheidszones Drenthe: rijkswegen A28, A32 en A37: spoorlijn Zwolle Emmen: spoorlijn Zwolle Groningen: langs de N33:
geen geen varieert van 1 tot 6 meter varieert van 15 tot 20 meter
In het kader van de vergunningverlening spelen de veiligheidszones langs het spoor Zwolle Groningen en langs de N33 zelden een rol, omdat binnen die korte afstand niet snel objecten zullen worden gerealiseerd. Voor plasbrandaandachtsgebieden ligt dat anders. Plasbrandaandachtsgebieden Een plasbrandaandachtsgebied is het gebied waarbinnen voor kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten rekening gehouden moet worden met de gevolgen van incidenten met brandbare vloeistoffen. Plasbranden vormen een bedreiging voor objecten die langs de transportas zijn gebouwd. Brandoverslag naar een gebouw als gevolg van een plasbrand is daarbij een aanwezig risico. Een plasbrandaandachtsgebied bedraagt 30 meter vanaf de rand van de weg of de buitenste spoorrails. Plasbrandaandachtsgebieden zijn in Drenthe te vinden langs: - rijksweg A28 - rijksweg N33 - spoorlijn Groningen Zwolle Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) Het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) en de bijbehorende Regeling externe veiligheid buisleidingen (Revb) zijn op 1 januari 2011 in werking getreden. Het Bevb regelt o.a. welke veiligheidsafstanden moeten worden aangehouden rond buisleidingen met gevaarlijke stoffen. De normstelling is in lijn met het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi).
Handboek buisleiding in bestemmingsplannen VROM heeft het Handboek buisleidingen in bestemmingsplannen gepubliceerd, waarin praktische informatie en voorbeelden staan hoe buisleidingen in bestemmingsplannen opgenomen kunnen worden. Dit handboek dient als handleiding voor teksten in nieuwe bestemmingsplannen. Hogedrukaardgasleidingen Alle gegevens over hogedrukaardgasleidingen binnen de gemeente kunnen op de provinciale risicokaart worden gevonden. Er worden alleen externe veiligheidsafstanden vastgesteld voor hogedruk aardgasleidingen. Voor leidingen met een ontwerpdruk lager dan 16 bar is geen externe veiligheidsbeleid van kracht. Volgens het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb), van kracht per 1 januari 2011, zijn gemeenten verplicht om bij het opstellen van bestemmingsplannen rekening te houden met het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR). Daarnaast dient in elk bestemmingsplan ruimte gereserveerd te worden voor onderhoud aan de leiding door een belemmerende strook op te nemen van minimaal 5 meter aan weerszijden van de leiding met een bouwverbod en een aanlegvergunningenstelsel. Conform het Bevb dient in de regels rekening gehouden te worden met de belemmerende strook van minimaal 5 meter aan weerszijden van de leiding waarbinnen tevens de PR 10-6 gelegen moet zijn.
Wet informatie uitwisseling ondergrondse netten (WION) Van belang bij Buisleidingen is ook de Wet informatie uitwisseling ondergrondse netten (WION), 010 officieel in werking is getreden. Plaatsgebonden risico De plaatsgebonden risicocontouren zijn weergegeven op de plankaart of dienen te worden weergegeven. Hieraan dienen planregels te worden verbonden. Met deze regels worden kwetsbare en/of beperkt kwetsbare objecten binnen de op de plankaart aangegeven plaatsgebonden risicocontouren 10-6/ per jaar uitgesloten en voldoet het bestemmingsplan aan de normstelling voor plaatsgebonden risicocontouren zoals die zijn opgenomen in het Bevi. Groepsrisico Is of wordt (door een extern bureau of de RUD) een groepsrisico berekend, dan stuurt de aanvrager van het adviesverzoek deze mee aan de VRD. Dit gebruikt de VRD bij het formuleren van te adviseren maatregelen.
Gegevens ten behoeve van nadere inrichting en ontwikkeling in het plangebied Zodra plannen ontwikkeld worden dient de brandweer in een vroeg stadium bij de plannen betrokken te worden om op basis van het beoogde veiligheidsniveau een advies te kunnen uitbrengen op de inrichting en ontwikkeling van het gebied. Hiervoor zijn de volgende zaken van belang: 1.
Bluswatervoorziening Voor het bestrijden van een brand is de brandweer afhankelijk van een goede voor een openbare bluswatervoorziening. Bij locaties waar geen toereikende openbare bluswatervoorziening kan worden aangelegd, zal de eigenaar moeten zorgen voor een doeltreffende niet-openbare bluswatervoorziening in overleg met de brandweer. Vanaf 1 januari 2014 maakt de brandweer in Drenthe gebruik van tankautospuiten en tankwagens, aangevuld met vulpunten voor de tankwagens, als primaire bluswatervoorziening.
2. Waarschuwings- en alarmeringssysteem geval van calamiteit, verantwoordelijk voor het waarschuwen en alarmeren van de bevolking door middel van het Waarschuwings- en alarmeringssysteem[1]. Als gevolg van deze taak zijn binnen de gemeente sirenes geplaatst op een zodanige wijze dat een optimale dekking gerealiseerd is binnen de gemeente.
3. Bereikbaarheid Het is belangrijk dat in geval van calamiteiten hulpverleningsdiensten direct ter plaatse kunnen komen en zonder beperkingen hulp kunnen verlenen. Om die reden dienen alle objecten in het plangebied via twee onafhankelijke wegen bereikbaar te zijn voor de hulpverleningsdiensten. 4. Opkomsttijd Het dekkingsplan van Veiligheidsregio Drenthe is vastgesteld in december 2013. Hierin staat beschreven dat het brandverloop tegenwoordig zo snel verloopt, dat drie zaken zeer belangrijk zijn om slachtoffers te voorkomen: 1. het voorkomen van brand 2. het ontdekken van brand 3. het vluchten bij brand [1]
https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2019/11/12/tk-uitfasering-van-hetwaarschuwings-en-alarmeringssysteem
Bij het vluchten bij brand heeft men een eigen verantwoordelijkheid of is men aangewezen op een BHV organisatie. De brandweer heeft in beginsel als taak het houden van een brandscheiding ter voorkoming van branduitbreiding en het beschermen van niet-zelfredzame personen achter die scheiding.
Verantwoording groepsrisico Bij een advies van de Veiligheidsregio op de verantwoording van het Groepsrisico, waarover het bevoegd gezag een besluit dient te nemen, neemt de Veiligheidsregio een aantal aspecten in haar beoordeling mee. Voor een extra toelichting op deze aspecten wordt verwezen naar de volgende website: http://www.ontwerpveiligeomgeving.nl/
De aspecten waarop beoordeeld kan worden en waar vervolgens maatregelen, ter beperking van het gevaar/risico of effect, voor voorgesteld worden, richten zich op: -
de Hulpverlening o
bereikbaarheid
o
bestrijdbaarheid
o
bluswatervoorzieningen
-
de Zelfredzaamheid i.c.m. vluchtmogelijkheden en kwetsbare groepen
-
Maatregelen ter beperking van het groepsrisico, bijv. verplaatsen bron populatiedichtheid
-
Maatregelen aan het gebouw of aan de bron
-
risicocommunicatie
beperken
Gemeente Emmen, bestemmingsplan Klazienaveen, Meridiaan (vastgesteld)
Bijlage 22 Nota van beantwoording vooroverlegreacties
559
Nota van beantwoording m.b.t. ontvangen reacties ex artikel 3.1.1. Bro overleg behorende bij bestemmingsplan Klazienaveen, Meridiaan
Overleg ex. artikel 3.1.1 Bro Inhoudsopgave............................................................................................................................... 1. 2. 3.
Provincie Drenthe ......................................................................................................................................................... 3 Veiligheidsregio Drenthe ........................................................................................................................................... 3 Waterschap Vechtstromen 3
Overleg ex. artikel 3.1.1 Bro Klazienaveen, Meridiaan en andere door de gemeente erkende overlegpartners verzonden. In dit geval zijn op 16 maart 2021 provincie Drenthe, Waterschap Vechtstromen, EOP van Klazienaveen, Veiligheidsregio Drenthe en Regionale Uitvoeringsdienst op de hoogte gebracht. In het kader van het overleg hebben wij een reactie ontvangen van Provincie Drenthe, de regionale Uitvoeringsdienst, de Veiligheidsregio Drenthe en het Waterschap Vechtstromen. Bij de beantwoording wordt onder A een samenvatting van de reactie gegeven. Onder B staat het gemeentelijke antwoord hierop en- indien van toepassing - onder C de eventuele doorvertaling ervan in het bestemmingsplan.
1. Provincie Drenthe 1a 1b 1c
De provincie vindt de vergroting van het aantal woningen passend en ziet verder geen noodzaak om vanuit provinciaal belang in te grijpen in de procedure. Het bestemmingsplan zal verder in procedure worden gebracht. Voor kennisgeving aangenomen.
2. Veiligheidsregio Drenthe 2a De Veiligheidsregio Drenthe kan instemmen met het bestemmingsplan, maar vraagt nog een paragraaf toe te 2b 2c
3a 3b 3c 4a 4b 4c
Naar aanleiding van deze reactie is het bestemmingsplan aangepast. Het bestemmingsplan zal verder in procedure worden gebracht. Paragraaf 4.4.4
De VRD vraagt welke vormen van energietransitie nog de overweging waard zijn naast PV-panelen zoals geothermie, warmtepompen en buurtbatterijen. Het bestemmingsplan voorziet niet in mogelijkheden tot het regelen van dit aspect. Dit aspect betreft uitvoering van het bestemmingsplan. Aandachtspunt bij de vergunningverlening. Voor kennisgeving aangenomen. Groendak in combinatie met PV-panelen vermijden in verband met droogte en grotere kans op brand. Het bestemmingsplan voorziet niet in mogelijkheden tot het regelen dit aspect. Dit aspect betreft uitvoering van het bestemmingsplan. Aandachtspunt bij de vergunningverlening. Voor kennisgeving aangenomen.
3. Waterschap Vechtstromen 5a Het Waterschap vindt de waterparagraaf voldoende planspecifiek. De ruimtelijk relevante wateraspecten zijn voldoende belicht en beschreven. Met de opgenomen waterparagraaf in de toelichting van het bestemmingsplan heeft waterschap Vechtstromen geen bezwaar tegen dit plan. Het advies is gegeven om bij de beoordeling van de Omgevingsvergunning in het bijzonder te letten op de waterhuishoudkundige aspecten ter plaatse zoals beschreven in de waterparagraaf. 5b
Het bestemmingsplan zal verder in procedure worden gebracht.
5c
Voor kennisgeving aangenomen.