CConstaterende datEmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1: Zwartemeer, Eemslandweg 88 - Toelichting en Regels

Commissie Wonen en Ruimte 12 september 2022, gemeente EmmenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Zwartemeer, Eemslandweg 88 (226674-2022)27.898 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Zwartemeer, Eemslandweg 88

Inhoudsopgave

Toelichting

5

Hoofdstuk1 Inleiding 1.1 Aanleiding tot nieuw bestemmingsplan 1.2 Ligging plangebied 1.3 Huidige planologische regelingen 1.4 Opzet bestemmingsplan 1.5 Overzicht verricht onderzoek

5 5 5 6 7 8

Hoofdstuk2 Beleid 2.1 Gemeentelijk beleid 2.2 Provinciaal beleid 2.3 Rijksbeleid 2.4 Conclusie

9 9 11 13 14

Hoofdstuk3 Planbeschrijving en Stedenbouwkundige structuur 3.1 Algemene planbeschrijving 3.2 Stedenbouwkundige hoofdstructuur 3.3 Verkeersstructuur 3.4 Groenstructuur

15 15 18 20 20

Hoofdstuk4 Onderzoeken 4.1 Archeologie en monumenten 4.2 Ecologie 4.3 Externe veiligheid 4.4 Milieu 4.5 Waterparagraaf

21 21 22 24 28 31

Hoofdstuk5 Toelichting op de planregels en verbeelding 5.1 Algemeen 5.2 Toelichting op de verbeelding 5.3 Toelichting op de regels 5.4 Handhaving

35 35 35 35 39

Hoofdstuk6 Maatschappelijke betrokkenheid 6.1 Overleg ex. artikel 3.1.1 Bro en zienswijzen 6.2 Zienswijzen op het ontwerpbestemmingsplan

40 40 40

Hoofdstuk7

41

Economische uitvoerbaarheid

Bijlagen bij de toelichting Bijlage 1 Verkennend milieukundig bodemonderzoek Bijlage 2 Akoestisch onderzoek Bijlage 3 Stikstofdepositie berekening Bijlage 4 AERIUS berekening Bijlage 5 Quickscan flora en fauna Bijlage 6 Advies VRD Bijlage 7 Concept Raadsbesluit

43 44 101 155 162 170 195 206

Regels

209

Hoofdstuk1 Artikel 1 Artikel 2

2

Inleidende regels Begrippen Wijze van meten

210 210 216

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

Hoofdstuk2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6

Bestemmingsregels Gemengd Tuin Verkeer - Verblijfsgebied Wonen - Aaneengebouwd

217 217 220 221 222

Hoofdstuk3 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10

Algemene bepalingen anti-dubbeltelregel algemene bouwregels algemene gebruiksregels algemene afwijkingsregels

226 226 227 228 229

Hoofdstuk4 Artikel 11 Artikel 12

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel

230 230 231

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

3

4

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

Toelichting Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding tot nieuw bestemmingsplan

Het bestemmingsplan Zwartemeer, Eemslandweg 88 voorziet in de herbestemming van een horecapand tot een appartementencomplex met vier appartementen en een kleinere horecafunctie en het oprichten van 3 grondgebonden woningen aan de Kamerlingswijk WZ. Om plaats te maken voor de grondgebonden woningen wordt de aanbouw bij het bestaande pand gesloopt. De rest van het bestaande gebouw wordt gerenoveerd.

1.2

Ligging plangebied

Het plangebied van het bestemmingsplan Zwartemeer, Eemslandweg 88 ligt op de hoek van de Eemslandweg 88 en Kamerlingswijk WZ.

Afbeelding 1: De ligging van het plangebied bestemmingsplan Zwartemeer, Eemslandweg 88 in de omgeving

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

5

Afbeelding 2: Indicatie begrenzing plangebied

1.3

Huidige planologische regelingen

Het plangebied is gelegen in het vigerende bestemmingsplan 'Zwartemeer' dat vastgesteld is op 29 september 2011. Eveneens zijn het 'Parapluplan Parkeernormen gemeente Emmen' (vastgesteld op 26 april 2018) en het 'Parapluplan Standplaatsen' (vastgesteld op 31 mei 2018) van toepassing.

6

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

Afbeelding 3: uitsnede verbeelding bestemmingsplan Zwartemeer

Het perceel Eemslandweg 88 heeft in het bestemmingsplan 'Zwartemeer' de bestemming 'Horeca-3' en de aanduiding 'bouwvlak'. De op de plankaart als zodanig aangewezen gronden zijn bestemd voor een horeca-inrichting categorie 1 tot en met 3. Binnen de bestemming 'Horeca-3' mogen geen appartementen voor reguliere bewoning of grondgebonden woningen worden opgericht. Het bestemmingsplan 'Zwartemeer' kent geen binnenplanse wijzigingsbepalingen om de bestemming te wijzigen in de benodigde bestemming.

1.4

Opzet bestemmingsplan

Het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. Op de verbeelding worden de percelen in het gebied aangegeven met een bestemming dan wel een aanduiding. In de regels worden de bouw- en gebruiksmogelijkheden van het plangebied geregeld. Tot slot wordt in de toelichting een verantwoording gegeven van de in het plan gemaakte keuzes.

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

7

1.5

Overzicht verricht onderzoek

Ter voorbereiding van het bestemmingsplan Zwartemeer, Eemslandweg 88 zijn diverse onderzoeken verricht en adviezen gegeven. Daarnaast is er informatie gebruikt uit onderzoeken en adviezen die in een ander kader zijn uitgevoerd. De conclusies uit de onderzoeken en adviezen zijn verwerkt in de toelichting. Ter voorbereiding van het bestemmingsplan zijn de volgende onderzoeken verricht: Akoestisch onderzoek; Bodemonderzoek; Ecologische quickscan; Aerius berekening; Watertoets.

8

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

Hoofdstuk 2

Beleid

2.1

Gemeentelijk beleid

2.1.1

Structuurvisie gemeente Emmen 2020, veelzijdigheid troef

Structuurvisie Emmen 2020, Veelzijdigheid Troef, is 24 september 2009 vastgesteld door de raad. Het document is opgesteld als ruimtelijke vertaling van de ambities gesteld in de Strategienota Emmen 2020, vastgesteld in de raadsvergadering van september 2001. De structuurvisie geeft de hoofdlijnen van de ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente Emmen weer. In de structuurvisie wordt de ruimtelijke structuur van 2020 geschetst aan de hand van een aantal thema's, te weten landschap, duurzaamheid, verkeer, werken, wonen, voorzieningen en veiligheid. Voor ieder thema is een hoofdkoers bepaald. Voor het bestemmingsplan Zwartemeer, Eemslandweg 88 is vooral het thema wonen van belang. De Structuurvisie gemeente Emmen 2020, Veelzijdigheid troef, richt zich op een accentverschuiving van kwantiteit naar kwaliteit en differentiatie van woonmilieus: De opgave ligt er om de woningvoorraad in lijn te brengen en te houden met de woonwensen van huidige én toekomstige inwoners. Naast een kwaliteitsimpuls van de bestaande woningen wordt ingezet op op wervende woonmilieus. Om ervoor te zorgen dat de woningmarkt op orde blijft, is een continue aanpassing aan de veranderende vraag geboden. Dit geldt niet alleen voor de kern van Emmen, maar ook voor de dorpen. Zo ontstaat op termijn een cyclische vernieuwing van de bestaande woongebieden. 2.1.2

Woonbeleid

De Woonvisie 2018-2023 richt zich op een nieuwbouwopgave passend bij de kwalitatieve behoefte en aanvullend op de bestaande voorraad. Daarbij moet de bestaande woningvoorraad beter benut worden. In de Woonvisie is een strategie opgenomen voor woningbouw: 1. Woningbouwinitiatieven worden niet individueel, maar in samenhang bekeken. 2. Prioriteit wordt gegeven aan plannen voor herstructurering en transformatie. 3. Bij het maken van de woon- en leefbaarheidsvisies voor dorpen en wijken komen plekken naar voren waar inbreiding (verdichting) mogelijk en gewenst is. 4. Bestaande uitbreidingslocaties worden afgerond. 5. Woningbouwplannen dragen bij aan een gevarieerd woonmilieu (ruimte bieden aan plannen die een nichemarkt bedienen en aan kleinschalige experimentele, innovatieve en duurzame woonvormen). 6. Woningbouwplannen dragen bij aan ruimtelijke kwaliteit. Vanuit het woonbeleid wordt het bouwen in de linten begrensd. Tussen 2018 en 2028 is er ruimte voor de bouw van maximaal 50 woningen. In de beleidsnotitie Bouwen in de linten staat beschreven waar gebouwd mag worden. De beoogde doelgroep voor de wooneenheden zijn jongeren/starters en/of senioren voor de appartementen en senioren voor de grondgebonden woningen. Dit sluit aan op de Woonvisie 2018-2023. 2.1.3

Beleidsnotitie "Bouwen in de linten"

De gemeenteraad heeft op 14 december 2017 de beleidsnotitie Bouwen in de linten vastgesteld. De beleidsnotitie geeft het onderzoek weer naar de ruimtelijke kaders en criteria die bij de beoordeling van verzoeken tot incidentele woningbouw in de linten moeten worden gehanteerd. In de beleidsnotitie is een balans gezocht tussen het incidenteel toevoegen van woningen enerzijds en het behoud van de waarde en karakteristiek van het landschap anderzijds. Het doel van de beleidsnotitie Bouwen in de linten is het verkrijgen van een helder ruimtelijk kader voor het toetsen van nieuwe aanvragen voor het bouwen van woningen binnen lintbebouwingen in de gemeente Emmen. In de beleidsnotitie zijn ruimtelijke criteria verwoord. Bij de ruimtelijke ontwikkeling van de linten dient een afweging te worden gemaakt tussen enerzijds het belang van de kernen, en anderzijds het belang van het landschap. In de eerste plaats is bepaald wat de begrenzingen van de kernen zijn en wat de linten binnen en buiten de kernen zijn. Als vervolgstap is voor de linten buiten de kernen bepaald welke delen onlosmakelijk met

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

9

het landschap zijn verbonden en welke delen met de kern zijn verbonden. De linten kunnen worden onderverdeeld in 'landschapsgerelateerde linten', 'dorpsgerelateerde linten' en in 'lint binnen kern'.

Afbeelding 4: Uitsnede van kaart benadering lintbebouwing; rood omcirkeld is de locatie

Zowel de Kamerlingsewijk alsook de Eemslandweg vallen onder de beleidsnotitie 'Bouwen in de Linten' dat in 2018 is geactualiseerd. Het perceel is gelegen in een lint aangeduid als 'Lint binnen de kern'. Zwartemeer is een kanaaldorp in de veenkoloniën. Het beleid schrijft voor dat toekomstige bebouwing zich binnen het huidige structuur gaan voegen. De percelen en de bebouwing dient recht op de ontginningsas te worden georiënteerd in een regelmatige verkavelingspatroon. Het patroon wordt fijnmaziger als het bij een kruising met een andere ontginningsas bevindt. In dit specifieke geval bevindt het betreffende perceel op de kruising van de ontginningsassen Van Echtenskanaal en de Kamerlingsewijk. De woningen die worden toegevoegd aan de Kamerlingswijk zijn passend binnen de beleidsnotitie 'Bouwen in de Linten'. 2.1.4

Integrale parkeervisie

In oktober 2017 heeft de gemeenteraad van Emmen de "Integrale parkeervisie gemeente Emmen" vastgesteld. Deze visie vervangt de parkeernota van 2010. De visie is het kader voor het bepalen van de parkeeropgave bij fysieke ontwikkelingen op alle niveaus. Het is een leidraad voor het beoordelen van de parkeeropgave van stedenbouwkundige visies & plannen voor (her-)ontwikkeling van de fysieke leefomgeving en is ook het kader dat invulling geeft aan het begrip “voldoende parkeer- of stallingsruimte dan wel voldoende laad- of losruimte in bestaande en op ontwikkeling gerichte nieuwe bestemmingsplannen. De visie bevat ten aanzien van de hoeveelheid parkvoorzieningen en het aantal los- en laadplaatsen het beoordelingskader voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen en- of wijzigen gebruik. Voor toekomstige (nieuwbouw)ontwikkelingen is in de parkeervisie de landelijke richtlijnen van het CROW leidraad. Uitgangspunt blijft in beginsel voldoende parkeerruimte op eigen terrein. Als dit niet kan, kan eventueel teruggevallen worden op parkeren in de openbare ruimte, waarvoor aan de gemeente een afkoopsom wordt betaald. 2.1.5

CultuurhistorischeWaardenkaart en Erfgoednota 2017-2022

De Cultuurhistorische Waardenkaart Emmen betreft een inventarisatie en waardering van de cultuurhistorische waarden en bestaat uit een beleidskaart, bronnenkaart en een toelichtende rapportage. Aansluitend is een beleidsnota geschreven: Erfgoednota Emmen 2017-2022. De Cultuurhistorische Waardenkaart en Erfgoednota 2017-2022 zijn op 28 september 2017 door de gemeenteraad vastgesteld. De Cultuurhistorische Waardenkaart en Erfgoednota hebben de volgende systematiek gebaseerd op beleidskeuzes. Er is op basis van analyse gekozen voor een drietal beleidskeuzen met bijbehorend maatregelenpakket, welke afloopt naar zwaarte:

10

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

Beschermen; Herkenbaar houden; Respecteren en rekening mee houden. De maatregel 'Beschermen' heeft betrekking op erfgoed met een zeer hoge cultuurhistorische waarde, zoals monumenten (Rijk, provincie, gemeente), monumentale en waardevolle bomen en beschermde dorpsgezichten (Rijk). 'Herkenbaar houden' heeft betrekking op gebieden en structuren van hoge cultuurhistorische waarde, te weten: Landschappelijke gebieden en structuren van hoge cultuurhistorische waarde Stedenbouwkundige gebieden en structuren van hoge cultuurhistorische waarde Groenstructuren van hoge cultuurhistorische waarde Infrastructuur en waterwegen van hoge cultuurhistorische waarde Ten slotte is de maatregel 'Respecteren en rekening mee houden' geformuleerd. Deze maatregel heeft betrekking op beeldbepalende bouwwerken, Canon van Emmen, inventarisatie ErfgoedNetwerk, tradities en de top vijf bewonersavonden. 2.1.6

Welstandsbeleid

De welstandsnota 2016, gemeente Emmen is opgesteld uitgaande van het motto: “Loslaten van kan, regelen wat ertoe doet”. De gemeente hecht waarde aan de omgevingskwaliteit, en ziet daarbij onderscheid tussen de verschillende gebieden die de gemeente rijk is. Niet ieder gebied vraagt om dezelfde benadering. De welstandsnota 2016 kent drie welstandsniveaus: welstandsvrij, welstandsluw en welstandsniveau hoog. Voor een aantal gebieden is de ambitie naar beneden bijgesteld, waardoor welstandsvrije gebieden zijn toegenomen. Het niveau welstandsluw is geïntroduceerd. In de luwe gebieden wordt op een aantal basale aspecten van welstand gestuurd en wordt afstand genomen van gedetailleerde beoordelingen. Daarnaast moeten gebieden die van meer waarde zijn - niveau hoog – goed beschermd blijven. Deze gebieden leveren een belangrijke bijdrage aan de identiteit van Emmen. Voornamelijk zijn dit de centra van dorpen, wijken en de beschermde dorpsgezichten. Voor deze gebieden geldt een hoog ambitieniveau. Het gemeentebestuur beoogt met deze nota een dynamische welstand in Emmen, waarbinnen ruimte is voor dialoog en “kwalitatief herstel” met de samenleving. Het bestemmingsplan en de welstandsnota zorgen samen voor het behoud van de ruimtelijke kwaliteit. Het bestemmingsplan geeft aan wat, hoeveel, in welke vorm en waar er gebouwd mag worden.

Het welstandsbeleid geeft aan hoe het gebouw er uit mag komen te zien. Dit wil zeggen dat het welstandsbeleid moet voorkomen dat er gebouwen gebouwd worden die afbreuk doen aan de omgeving. Het plangebied is gelegen in een gebied met waarde welstandsluw.

2.2

Provinciaal beleid

2.2

Provinciaal beleid

2.2.1

Omgevingsvisie Drenthe 2018

De Omgevingsvisie is hét strategische kader voor de ruimtelijk-economische ontwikkeling van Drenthe. De visie formuleert de belangen, ambities, rollen, verantwoordelijkheden en sturing van de provincie in het ruimtelijke domein. De Omgevingsvisie beschrijft de ruimtelijk-economische ontwikkeling van Drenthe in de periode tot 2030, met in sommige gevallen een doorkijk naar de periode daarna. Als in de tekst wordt gesproken over ‘lange termijn’, betreft het de periode na 2030. De Omgevingsvisie heeft voor de provincie vooral een interne binding. Dit betekent dat de provincie bij de uitoefening van haar taken aan de Omgevingsvisie gebonden is. Missie De missie van de provincie is het waarderen van de Drentse kernkwaliteiten en het ontwikkelen van een bruisend Drenthe, passend bij de kernkwaliteiten. Deze missie is ingegeven door wat inwoners,

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

11

medeoverheden en maatschappelijke partners belangrijk vinden voor de toekomst van Drenthe. De kernkwaliteiten zijn samen met partners en de inwoners van Drenthe benoemd, te weten landschap, cultuurhistorie, aardkundige waarden, archeologie, rust en natuur. Kernkwaliteiten De kernkwaliteiten zijn de kwaliteiten die bijdragen aan de identiteit en aantrekkelijkheid van Drenthe. Samen met vertegenwoordigers van overheden, belangengroepen, marktpartijen en inwoners heeft de provincie de volgende kernkwaliteiten van Drenthe benoemd : rust, ruimte, natuur en landschap; oorspronkelijkheid (authenticiteit, Drents eigen); noaberschap; kleinschaligheid (Drentse schaal); menselijke maat; veiligheid. Het provinciaal belang ligt in het behouden en, waar mogelijk, ontwikkelen van de kernkwaliteiten. In hoofdstuk 4 van de Omgevingsvisie is voor alle kernkwaliteiten een uitwerking naar meer concrete indicatoren gemaakt, namelijk landschap, cultuurhistorie, aardkundige waarden, archeologie, rust en natuur. Zorgvuldig Ruimtegebruik In Drenthe kunnen mensen nog ruimte beleven. Dat wil de provincie bewaken, ook wanneer er nieuwe ontwikkelingen zijn. Zorgvuldig ruimtegebruik is van provinciaal belang. Milieu- en leefomgevingskwaliteit De provincie streeft naar een gezonde en veilige leefomgeving voor mens, plant en dier.

Het beschermen van de kwaliteit van milieu en leefomgeving is veelal op Europees en nationaal niveau geregeld. Daarbij zijn diverse taken en verantwoordelijkheden bij de provincies neergelegd. Deze taken, gericht op het beschermen van de kwaliteit van lucht, water en bodem en het verbeteren van de verkeersveiligheid, waterveiligheid en externe veiligheid, zijn daarmee van provinciaal belang. Kaarten en doelstellingen Op kaarten behorende bij de Omgevingsvisie Drenthe zijn de kernkwaliteiten nader weergegeven. Op een aantal kaarten (wanneer relevant) is het plangebied als volgt aangeduid: Landschap Het plangebied is gelegen binnen het landschap van de veenkoloniën. Van provinciaal belang is de orthogonale samenhang tussen het systematische ontginningspatroon van grootschalige openheid met kenmerkende wijkenstructuur en de bebouwingslinten met daaruit opgaande percelen. Cultuurhistorie Het beleid van de provincie Drenthe ten aanzien van cultuurhistorie is beschreven in de beleidsnota Cultuurhistorisch Kompas Drenthe. Het plangebied is gelegen binnen het gebied Emmen en haar venen. Het generieke beleid 'respecteren' is van toepassing. Het is bedoeld om de cultuurhistorische samenhang, zoals die is vastgelegd in de hoofdstructuur, te borgen.

De ambitie voor de Veenkoloniën richt zich specifiek op het zichtbaar houden van de machinale veenwinning en veenverwerking op het Amsterdamscheveld en het Bargerveen, zowel in het landschap als in de bebouwing. Structuren van provinciaal belang zijn het veengebied en het meervoudig systeem van kanalen en wijken. Voor randveenontginningen is de ambitie onder andere het herkenbaar houden van de lintstructuur van de randveenontginningen met een variatie aan bebouwing langs de slingerende oost-west georiënteerde wegen. Archeologie De inhoudelijke kaart Archeologie geeft een overzicht van de archeologische waarden en verwachtingen die de provincie van provinciaal belang achten. In gebieden of terreinen met een archeologische verwachting op de archeologiekaarten, wordt gestuurd op een goede uitvoering van archeologisch onderzoek. Niet voor alle bodemingrepen is archeologisch onderzoek vereist. Dit hangt af van de

12

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

omvang en aard van de ingreep, de waarde/verwachting van de locatie en het vrijstellingenbeleid zoals dat is uitgewerkt in de gemeentelijke archeologiekaarten. Aardkundige waarden Aardkundige waarden die bijdragen aan het specifieke Drentse karakter wil de provincie behouden en, waar mogelijk, herstellen. Het provinciaal belang ligt in het behouden en, waar mogelijk, ontwikkelen van de kernkwaliteit aardkundige waarden. De provincie wil inhoud geven aan ruimtelijke kwaliteit, om de identiteit en aantrekkelijkheid van Drenthe te behouden en te versterken. Het doel is de archiefwaarde van de bodem te behouden en de landvormen, die karakteristiek zijn voor het Drentse landschap, te behouden en te versterken, als onderdeel van de kernkwaliteit oorspronkelijkheid. Het plangebied is gelegen binnen een gebied met een generiek beschermingsniveau voor aardkundige waarden. In deze gebieden wil de provincie de lokale, aardkundige kenmerken voor de toekomst bewaren. Het plangebied ligt ook binnen De Hondsrug UNESCO GLOBAL GEOPARK. De Hondsrug is een markant en dominerend onderdeel van het Drents Plateau. Het landschappelijk contrast met het naastgelegen Hunzedal is beeldbepalend. De bijzondere geologie van de Hondsrug is de inspiratie geweest voor het ontwikkelen van een geopark. De Hondsrug is het eerste gebied in Nederland dat is erkend als UNESCO Global Geopark.

Dat is een gebied met bijzondere geologische kwaliteiten en, daarmee samenhangende, cultuurhistorische en ecologische waarden. 2.2.2

Provinciale omgevingsverordening

Provinciale Staten van Drenthe hebben de Provinciale omgevingsverordening Drenthe vastgesteld. In de omgevingsverordening is het perceel gelegen binnen een gebied aangeduid als 'Bestaand Stedelijk Gebied'. Binnen Bestaand Stedelijk Gebied ligt de verantwoordelijkheid ten aanzien van woningbouw primair bij de gemeente. De verordening geeft verder geen specifieke bepalingen voor percelen met deze aanduiding. Artikel 2.17 lid 1 van de POV bepaalt dat een ruimtelijk plan kan voorzien in nieuwe woningbouw mits de behoefte op basis van de gemeentelijke woonvisie kan worden aangetoond en aansluit bij bestaand stedelijk gebied. De gemeenteraad heeft op 14 december 2017 de geactualiseerde beleidsnotitie Bouwen in de linten vastgesteld. De beleidsnotitie is een nadere uitwerking van de Woonvisie 2018-2023. Het plan past binnen de gemeentelijke woonvisie (zie paragraaf 2.1.2) en het plangebied is gelegen in een bebouwingslint dat aansluit bij bestaand stedelijk gebied. Het plan is in overeenstemming met artikel 2.17 lid 1 van de POV.

2.3

Rijksbeleid

2.3.1

Ruimtelijk beleid

De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) is op 13 maart 2012 van kracht geworden. Onderdeel van deze structuurvisie is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Met de structuurvisie kiest het rijk voor een selectievere inzet van rijksbeleid op slechts 13 nationale belangen. Voor deze belangen is het Rijk verantwoordelijk en wil het resultaten boeken. Buiten deze 13 belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid. Voor Emmen zijn in de SVIR geen onderwerpen opgenomen die aangemerkt worden als nationaal belang. In de Barro zijn alleen de zaken betreffende defensie en kernkwaliteiten van toepassing. Echter deze zaken hebben geen directe invloed op de inrichting van het plangebied.

2.3.2

Besluit ruimtelijke ordening

Om zorgvuldig ruimtegebruik te bevorderen neemt het Rijk een 'ladder' voor duurzame verstedelijking op (gebaseerd op de 'SER-ladder'). Deze ladder is als motiveringseis opgenomen in artikel 3.1.6 lid 2 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). In dit plan worden 7 woonruimten toegevoegd. Er is geen sprake van een stedelijke ontwikkeling. In deze situatie hoeft toetsing aan de ladder niet plaats te vinden.

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

13

2.4

Conclusie

De conclusie van de in dit bestemmingsplan Zwartemeer, Eemslandweg 88 beschreven beleidsuitgangspunten is dat het rijksbeleid niet direct door werkt in het plangebied. Hierdoor is het bestemmingsplan in niet in strijd met het rijksbeleid. Het rijksbeleid werkt indirect door via het provinciaal beleid. Het provinciaal beleid vormt op zijn beurt weer de input voor het gemeentelijk beleid. Voor het voorliggende bestemmingsplan kan eveneens geconcludeerd worden dat het plan passend is in het provinciale beleid. Wat betreft het gemeentelijk beleid kan gesteld worden dat het past binnen het woningbouwbeleid en de beleidsnotitie 'Bouwen in de Linten'.

14

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

Hoofdstuk 3 structuur 3.1

Planbeschrijving en Stedenbouwkundige

Algemene planbeschrijving

Het plan betreft een herontwikkeling van een bestaand horecapand aan de Eemslandweg 88. Een deel van de huidige bebouwing wordt gerenoveerd en omgebouwd tot een appartementencomplex met vier appartementen en een kleinere horecafunctie. Aan de Kamerlingswijk WZ vindt nieuwbouw plaats. Hier worden 3 grondgebonden woningen opgericht. Om plaats te maken voor de grondgebonden woningen wordt de aanbouw bij het bestaande pand gesloopt. Nieuwe situatie

Afbeelding 5: nieuwe kavelindeling

Ontwikkeling aan de Eemslandweg 88 Het bestaande hoofdgebouw wordt gerenoveerd en herstelt naar zijn oude luister. Hierbij is de situatie vanaf 1917 uitgangspunt. Deze situatie is goed zichtbaar in afbeelding 6 die genomen is tijdens de mobilisatie voorafgaand de Tweede Wereldoorlog. Als voorbeeld zal de oorspronkelijke dakrand met siermetselwerk hersteld worden.

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

15

Afbeelding 6: Café Kamerling tijdens de mobilisatie voorafgaand de Tweede Wereldoorlog (1941)

Afbeelding 7: Voorgevel van de bouwtekening voor aanpassing en uitbreiding van het bestaande (oorspronkelijke) pand (1917)

In het bestaande hoofdgebouw zal op de straathoek een kleinschalige horeca inrichting komen en twee wooneenheden op de begane grond. Op de verdieping komen ook twee wooneenheden. De doelgroep voor deze wooneenheden zijn respectievelijk senioren en jongeren/starters op de woningmarkt.

16

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

`

Afbeelding 8, 9 en 10: impressie nieuwe situatie Eemslandsweg 88

Ontwikkeling aan de Kamerlingswijk WZ De bestaande aanbouw aan de achterzijde van het hoofdgebouw wordt gesloopt. Hier zullen drie grondgebonden woningen gerealiseerd worden. De voorgevels worden teruggerooid zodat de het hoofdgebouw met karakteristiek zijn prominente positie in het straatbeeld behoud. De woningen hebben een sobere en bescheiden uitstraling waarmee ze zich qua vorm en materiaalgebruik mengen met de bestaande lintbebouwing langs de Kamerlingswijk. Achter elke voorgevel bevindt zich een grondgebonden woning die levensloopbestendig is ontworpen. De doelgroep zijn senioren.

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

17

Afbeelding 11: impressie nieuwe situatie Kamerlingswijk W Z

3.2

Stedenbouwkundige hoofdstructuur

Zwartemeer is een kanaaldorp binnen het grootschalige veenontginningslandschap. Het huidige gebouw staat op de hoek van twee waterverbindingen die een hoofdstructuur van het dorp zijn. De lintbebouwing aan de Eemslandweg (Verlengde Van Echtenskanaal) vormt met zijn dichte bebouwingsstructuur het huidige centrum van het dorp. De verschijningsvorm van de gebouwen zijn afwisselend en hebben hoofdzakelijk één bouwlaag met een kap haaks op de straat of twee bouwlagen met een platte afwerking. In de lineaire structuur staan de voorgevels in een rooilijn en draagt zorg voor een samenhangend straatbeeld. De huidige straatinrichting is gebaseerd op het verkeerskundig concept 'shared space'. Dit bebouwingsbeeld is typerend voor een hoofdstraat van een veenkoloniaal dorp van dergelijke omvang. De Kamerlingswijk is uitsluitend aan de westzijde bebouwd, op enkele vrijstaande boerderijen na. De bebouwingslint heeft een lagere dichtheid en kenmerkt zich meer als een woonmilieu. Het afwisselend bebouwingsbeeld bestaat hier hoofdzakelijk uit losse vrijstaande woningen met ieder met één bouwlaag en een kapconstructie met de noklijn haaks op de wijk. De ritmische terugkerende tussenruimte van de bebouwing draagt bij aan de schaal van de parcellering en bebouwing. Achter de bebouwingslint bevinden zich de naoorlogse uitbreidingswijken met een planmatig en fijnmaziger karakter.

Het huidige gebouw aan de Eemslandweg 88 in Zwartemeer is een karakteristiek en, mede maatschappelijk gezien, beeldbepalend gebouw op de kruising van de Verlengde Van Echtenskanaal en de Kamerlingswijk. Sinds 1902 staat dit gebouw die uiteenlopende detailhandel en horeca-functies heeft gehad voor het dorp. Het beoogde centrum van het nieuw te vormen dorp was op de plek waar de St. Anthoniuskerk was gerealiseerd. Het hoofdkanaal kwam uiteindelijk circa 2 km noordelijker te liggen waardoor de nederzettingen van de veenarbeiders hier naar toe uitgebreid en verder uitgegroeid is tot het huidige dorp. Met deze ontwikkeling kwam het gebouw in het midden van de nederzetting te liggen. In 1907 kocht Jan Kamerling en zijn vrouw Jantje Dulman het gebouw en lieten het in 1916 verbouwen met een extra verdieping. Het was een zeer uit één lopende onderneming: een kruidenierswinkel, ijzerwaren, kachels, huishoudelijke artikelen, meubilair en het was een café annex slijterij; dit onder de noemer 'Café Kamerling'. Dit is ook de naamdrager van de Kamerlingswijk.

18

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

Afbeelding 12: topografische situatie Zwartemeer (1907, 2020)

Huidige situatie Momenteel is 'Café De Nachdwacht' een groot café met een achterliggende feestzaal die voorheen werd gebruikt voor o.a. carnaval. Er was ook een snackbar en op de verdieping waren hotelkamers. De huidige inrichting is, op het café na, niet meer in exploitatie. Ook het café staat onder druk. Mede door de slechte bouwkundige staat en aanpassingen aan het gevelbeeld in de tweede helft van de 21e eeuw is het huidige plan ontwikkeld om het hoofdgebouw een nieuw elan te geven. De huidige aanbouwen zullen gesloopt worden vanwege de slechte bouwkundige staat. Het gebouw heeft geen monumentale status. Alleen de kastanjeboom uit 1910 om de hoek aan de Kamerlingswijk heeft wel de status beschermen omdat het onderdeel is van een waardevolle boomstructuur.

Afbeelding 13: Huidige situatie van Café 'De Nachdwacht' (2010)

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

19

3.3

Verkeersstructuur

3.4

Verkeersstructuur

Het plan is gelegen op de hoek van de Eemslandweg 88 en Kamerlingswijk WZ in Zwartemeer. Dit gedeelte van de Eemslandweg en de Kamerlingswijk WZ zijn bestemd als Verkeer - Verblijfsgebied. De doorgaande weg loopt in westelijke richting aan de andere zijde van het Van Echtenskanaal langs de Verlengde van Echtenskanaal noordzijde om via de Zuidervaart Oostzijde te ontsluiten naar de provinciale weg A37. In oostelijke richting steekt de doorgaande weg ter hoogte van de Eemslandweg 88 het Van Echtenskanaal over en loopt via de Eemslandweg naar Duitsland. 3.3.1

Parkeren

Het algemeen beleid van de Gemeente Emmen is dat er op het eigen perceel een voorziening komt voor het parkeren van motorvoertuigen. In het voorgesteld schetsontwerp wordt aanspraak gemaakt op de bestaande parkeervakken op openbaar, gemeentelijk, terrein van de Kamerlingsewijk. Ook loopt een gedeelte van het fietspad hier op private grond. Voor deze specifieke ontwikkeling geldt dat in de huidige situatie acht parkeerplaatsen haaks op de Kamerlingsewijk zijn gesitueerd ter plaatse van het huidige horecapand (cafe de Nachdwacht). Deze parkeerplaatsen zijn deels privaat en deels gemeentelijk eigendom. Met de ontwikkelaar is afgesproken om deze bestaande parkeerplaatsen, alsmede het fietspad dat tussen het horecapand en deze parkeerplaatsen loopt, volledig onder gemeentelijk eigendom te brengen. De bestaande (acht) openbare parkeerplaatsen aan de Kamerlingswijk mogen gebruikt worden voor de parkeerbehoefte voor motorvoertuigen voor de toekomstige bewoners van deze ontwikkeling.

3.4

Groenstructuur

De bomen in het gemeentelijke groen (8 stuks, Spaanse Aak) voor het pand aan de Eemslandweg zijn op de Erfgoedbeleidskaart aangemerkt als waardevolle boomstructuur met status beschermen. Daarnaast heeft de kastanjeboom uit 1910 aan de Kamerlingswijk de status beschermen is onderdeel van een waardevolle boomstructuur. Zie ook paragraaf 4.1.2.1 voor een afbeelding uit de Erfgoedbeleidskaart.

20

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

Hoofdstuk 4

Onderzoeken

4.1

Archeologie en monumenten

4.1.1

Algemeen

De gemeente Emmen heeft archeologie beleid vastgesteld, d.d. 30 mei 2013. Hiervoor is een archeologische beleidsadvieskaart gemaakt met daarbij een rapport, dit rapport dient als toelichting op de kaart. Het doel van deze documenten is om aan te geven wat de kern vormt van het archeologie beleid en waar de beleidskeuzen zijn gemaakt. De verschillende archeologische waarden en verwachtingen en de maatregelen die daaraan zijn gekoppeld zijn in gemeentelijk archeologische beleidsadvieskaart vertaald naar diverse categorieën "Waarde - Archeologie" in het bestemmingsplan. Met de vertaling is op eenvoudige wijze voor het gehele gebied van de gemeente Emmen in beeld gebracht of archeologische waarden in het geding zijn of kunnen zijn en zo ja, op welke manier daarmee dient te worden omgegaan, tabel 1 geeft de onderverdeling van de vier gemaakte categorieën weer. Categorie

Archeologische waarden

Oppervlakte

Diepte

Drainage

Rijksmonument

Beschermd

-

-

Verbod

Waarde Archeologie 1

Zeer hoge archeologische waarde

0 m2

30 cm + 10 cm

Verbod

Waarde Archeologie 2

(zeer) (hoge) archeologische waarde

100 m2

30 cm + 10 cm

Verbod

Waarde Archeologie 3

Middelhoge of hoge verwachting

1000 m2

30 cm + 10 cm

Verbod

Waarde Archeologie 4

Middelhoge of hoge verwachting

1000 m2

30 cm + 10 cm

Toegestaan

Tabel 1: Onderverdeling van archeologische waarden.

Deze beleidskeuzen zijn vertaald in een dubbelbestemmingen. 4.1.2

Archeologische waarden in het plangebied

Het plangebied Zwartemeer, Eemslandweg 88 is volgens de beleidskaart gelegen in een gebied met een lage archeologische verwachting, hieronder is een uitsnede uit de beleidskaart opgenomen.

Afbeelding 14: Uitsnede archeologische beleidskaart, plangebied gelegen in een gebied met een lage archeologische verwachting

Gebieden met lage archeologische waarde/verwachting zijn gebieden waar de kans op het aantreffen van archeologische sporen klein wordt geacht. Er is hier geen sprake van concreet aanwijsbare

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

21

vindplaatsen en de kans op het aantreffen van sporen en vondsten is klein. Deze gebieden zijn vrijgesteld voor archeologisch onderzoek. 4.1.2.1 Cultuurhistorie Op de Cultuurhistorische Waardenkaart is het plangebied aangeduid als gelegen binnen gebieden en structuren van hoge cultuurhistorische waarde. De bijbehorende maatregel is herkenbaar houden. Op grond van de Erfgoednota Emmen 2017-2022 valt het plangebied binnen de beleidskeuze 'herkenbaar houden'. Als maatregel is in de Erfgoednota genoemd: herkenbaar houden van de historische en ruimtelijke structuur en samenhang. De gemeentelijke opgave in deze categorie luidt ontwikkelingen zodanig vroegtijdig te begeleiden dat deze aansluiten of inspelen op de cultuurhistorische kwaliteiten. Hiervoor is de Beleidsnotitie 'Bouwen in de Linten' mede voor opgesteld. Ondanks het historisch pand niet een beschermde status heeft, is het wel een beeldbepalend gebouw op deze centrale kruising in het dorp. Ook maatschappelijk had dit gebouw een centrale positie. Echter hebben er in de afgelopen decennia bouwkundige aanpassingen plaatsgevonden die de karakteristieke waarde van het pand hebben verzwakt. Een goed voorbeeld is het huidige platte dak ten opzichte van de historische dakrand met siermetselwerk.

Op de erfgoedsbeleidkaart van de Gemeente Emmen zijn de bomen ter plaatse van de voorgevel en de kastanjeboom aan de zijgevel van het historisch pand aangemerkt als een “waardevolle bomenstructuur”. De bomen dienen te worden beschermd.

Afbeelding 15: Uitsnede Erfgoed Beleidskaart

4.1.3

Conclusie

4.1.3

Conclusie

Op grond van de resultaten van het onderzoek is geen archeologisch onderzoek noodzakelijk. In het bestemmingsplan wordt geen dubbelbestemming Waarde-archeologie opgenomen.

4.2

Ecologie

De Wet natuurbescherming (Wnb) is in werking getreden op 1 januari 2017. Deze wet vervangt de volgende drie wetten: de Natuurbeschermingswet 1998 (gebiedsbescherming), de Flora- en faunawet (soortenbescherming) en de Boswet (houtopstanden). De provincie is bij de Wnb het bevoegd gezag voor de toetsing van werkzaamheden en handelingen bij Natura 2000-gebieden en dier- en plantensoorten. Het Rijk blijft bevoegd gezag bij ruimtelijke ingrepen met grote nationale belangen. Voor gemeenten geldt dat zij het bevoegd gezag zijn voor omgevingsvergunningen. Gebiedsbescherming

22

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

In de Wnb is de bescherming van specifieke natuurgebieden geregeld. Het betreft de Natura 2000-gebieden, die een internationale bescherming genieten. Plannen en projecten met negatieve effecten op deze gebieden zijn vergunningplichtig. Relevant daarbij is dat de Wnb een externe werking kent. Van externe werking is sprake als activiteiten buiten een Natura 2000-gebied van invloed zijn op de natuurwaarden in een Natura 2000-gebied. Per Natura 2000-gebied zijn instandhoudingsdoelen voor soorten en vegetatietypen opgesteld. Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) -voorheen Ecologische Hoofdstructuur- is een samenhangend netwerk van bestaande en nog te ontwikkelen belangrijke natuurgebieden in Nederland en vormt de basis voor het natuurbeleid. Ten aanzien van ontwikkelingen binnen het NNN geldt het 'nee, tenzij-principe'. Het NNN is als beleidsdoel opgenomen in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte. De provincies zijn verantwoordelijk voor de begrenzing, ontwikkeling en bescherming van het NNN. De begrenzing en ruimtelijke bescherming van het NNN is voor de provincie Drenthe uitgewerkt in de Provinciale Omgevingsvisie en de bijbehorende Provinciale Omgevingsverordening. Soortenbescherming Het uitgangspunt van de Wnb is dat er geen (opzettelijke) schade mag worden gedaan aan beschermde dieren of planten, tenzij dit uitdrukkelijk is toegestaan.

De soortenbescherming binnen de Wnb is daarbij opgedeeld in drie beschermingsregimes: Vogelrichtlijnsoorten, Habitatrichtlijnsoorten en andere soorten. Bij beoordeling van de toelaatbaarheid van bouwwerken en/of andere activiteiten moet rekening worden gehouden met de mogelijke aanwezigheid van te beschermen dier- en plantensoorten. Er dient een ontheffing op grond van artikel 3.3, 3.8 en/of 3.10 Wnb te worden aangevraagd voor een (bouw)werkzaamheid of activiteit indien het volgende van toepassing is: uit gegevens of onderzoek blijkt dat er sprake is van verstoring of doden van (een) beschermde soort(en); het bouwwerk en/of de activiteit veroorzaakt beschadiging of vernieling van voortplanting- of rustplaatsen van dieren, dan wel ontworteling of vernieling van plantensoorten; er kan geen gebruik gemaakt worden van een vrijstelling op grond van de Wet natuurbescherming; er kan niet gewerkt worden volgens een goedgekeurde gedragscode. Houtopstanden In de Wnb is de bescherming van houtopstanden buiten de, door de gemeenteraad vastgestelde, bebouwde kom geregeld. Doel is de instandhouding van het bosareaal. In de Provinciale Omgevingsverordening van de provincie Drenthe is geregeld hoe een kapmelding moet worden ingediend, waaraan herbeplanting moet voldoen en wanneer ontheffing van de herbeplantingsplicht kan worden verleend.

Voor houtopstanden binnen de bebouwde kom geldt de Bomenverordening gemeente Emmen 2011. In het bijbehorende bomenregister zijn de monumentale en waardevolle bomen en waardevolle houtopstanden vastgelegd. Zonder ontheffing is het verboden deze te kappen. 4.2.1

Natuurwaarden in het plangebied

In de omgeving van de planlocatie ligt een Natura 2000 gebied, namelijk Bargerveen op circa twee kilometer ten zuiden van de planlocatie. De planlocatie ligt niet binnen de begrenzing van het NNN. De dichtstbijzijnde gebieden betreft een watergang met natuurlijk oevers op ca. 1.5 kilometer ten westen van de planlocatie. De ingrepen vinden plaats buiten deze provinciaal beschermde gebieden en hebben geen effect op de kernkwaliteiten en ontwikkelingsdoelen. Om de natuurwaarden te bepalen is een quickscan flora en fauna uitgevoerd op de locatie Eemslandweg 88 te Zwartemeer te gemeente Emmen (Otte Groenadvies BV, Quickscan flora en fauna Eemslandsweg 88 Zwartemeer (Emmen)). Het onderzoek is opgenomen in bijlage 5 In het onderzoek is een advies en aanbevelingen opgenomen. De belangrijkste punten zijn hieronder in de conclusie opgenomen. 4.2.2

Conclusie

Fauna Zoogdieren:

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

23

Vleermuizen: Wat betreft vaste verblijfplaatsen van vleermuizen is nader onderzoek noodzakelijk. Onderzoek naar verblijfplaatsen van vleermuizen bestaat uit meerdere bezoeken. De onderzoeken vinden plaats in de perioden 15 mei - 15 juli en 15 augustus - 30 september, waarna mogelijk een ontheffing bij de provincie Drenthe moet worden aangevraagd (Netwerk Groene Bureaus, 2021). Ten slotte is op basis van de Wnb altijd de algemene zorgplicht van toepassing, die inhoudt dat een ieder voldoende zorg in acht neemt voor alle inheemse dieren en planten en hun directe leefomgeving. Concreet betekent dit dat bij (ruimtelijke) ingrepen gezorgd moet worden dat dieren niet verstoord of gedood worden en dat planten niet zomaar verplant worden. Ook dient gelet te worden op bijvoorbeeld broedende vogels, de voortplantingsperiode van amfibieën en de zoogperiode van zoogdieren.

Daarbij geldt voor alle bouwactiviteiten dat er voorzorgsmaatregelen genomen dienen te worden, waardoor: de aanvang van de werkzaamheden buiten het broedseizoen (globaal van half maart tot begin augustus) dient plaats te vinden; een week voor de werkzaamheden beginnen, het plangebied kort gemaaid dient te worden, zodat het plangebied ongeschikt wordt voor kleine zoogdieren en ze de kans krijgen om te vluchten; (wortel)schade aan de (oude) bomen wordt voorkomen en geen graafwerkzaamheden binnen de kroonprojectie van deze oude bomen kan plaatsvinden.

4.3

Externe veiligheid

Externe veiligheid beschrijft de risico's die ontstaan als gevolg van opslag of handelingen met gevaarlijke stoffen. Dit kan betrekking hebben op inrichtingen (bedrijven), buisleidingen of transportroutes. Op deze categorieën is verschillende wet- en regelgeving van toepassing. - Het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) bevat veiligheidsnormen voor bedrijven die een risico vormen voor personen die zich buiten het bedrijfsterrein bevinden. - Het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) bevat veiligheidsnormen voor het transport van gevaarlijke stoffen via buisleidingen. - Het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) bevat veiligheidsnormen voor het transport van gevaarlijke stoffen via weg, water en spoor. Binnen het beleidskader voor externe veiligheid staan twee kernbegrippen centraal: het plaatsgebonden risico en het groepsrisico. Het plaatsgebonden risico geeft de kans, op een bepaalde plaats, om te overlijden ten gevolge van een ongeval bij een risicovolle activiteit. De kans heeft betrekking op een fictief persoon die de hele tijd op die plaats (onbeschermd) aanwezig is. Voor de PR 10-6 per jaar geldt een grenswaarde. Deze grenswaarde geldt voor kwetsbare objecten en als richtwaarde voor beperkt kwetsbare objecten. Het afwijken van de richtwaarde moet worden gemotiveerd.

De ruimtelijke ontwikkeling maakt de realisatie van kwetsbare objecten en een beperkt kwetsbaar object mogelijk. De woningen en appartementen zijn kwetsbare objecten en het horecapand is beperkt kwetsbaar. Het groepsrisico (GR) is een maat voor de kans dat bij een ongeval een groep slachtoffers valt met een bepaalde omvang. Het GR is daarmee een maat voor de maatschappelijke ontwrichting bij een calamiteit. Het GR wordt bepaald binnen het invloedsgebied van een risicovolle activiteit. Binnen dit invloedsgebied van een risicobron dient het bevoegd gezag op een juiste wijze de toename en ligging van het groepsrisico te onderbouwen en te verantwoorden. Het bevoegd gezag geeft hierbij aan of het groepsrisico in de betreffende situatie wel of niet aanvaardbaar wordt geacht.

4.3.1

Externe veiligheidssituatie

4.3.1.1 Bevi-inrichtingen binnen en buiten het plangebied Het plangebied en de omgeving is geïnventariseerd op de aanwezigheid van zogenoemde Bevi-bedrijven. Er zijn binnen en in de nabijheid van het plangebied geen Bevi-bedrijven gelegen.

24

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

4.3.1.2 Buisleidingen Het plangebied en de omgeving is geïnventariseerd op de aanwezigheid van buisleidingen. Op circa 208 meter vanaf de rand van het plangebied ligt een hogedruk aardgastransportleiding (A-582) van Gasunie. Deze buisleiding heeft een diameter van 457 mm en heeft een maximale werkdruk van 66,2 bar. Het invloedsgebied van deze hogedruk aardgastransportleiding bedraagt 245 meter en de 100% letaliteitsgrens ligt op 110 meter vanaf de buisleiding. Het plangebied ligt vrijwel geheel binnen het invloedsgebied van de hogedruk aardgastransportleiding, hetgeen betekent dat de ruimtelijke ontwikkeling aan het Bevb moet worden getoetst. Op grond van het Bevb dient het plaatsgebonden risico 10-6 per jaar en de ligging van het plangebied ten opzichte van de belemmeringenstrook te worden beoordeeld en het groepsrisico dient te worden verantwoord. Plaatsgebonden risico 10-6 Het plaatsgebonden risico bedraagt op 5 meter vanaf de buisleiding minder dan 10-6 per jaar. Het plan voldoet hiermee aan de grens- en richtwaarde van het PR10-6 per jaar. Belemmeringenstrook De belemmeringenstrook bedraagt 5 meter aan weerszijden van de hogedruk aardgastransportleiding. Het plangebied ligt hier ruimschoots buiten en is voor deze situatie niet relevant.

Groepsrisico Als een ruimtelijke ontwikkeling binnen het invloedsgebied van een hogedruk aardgastransportleiding plaatsvindt, dient het groepsrisico te worden beoordeeld. Het gaat hier om het inpassen van een appartementencomplex met vier appartementen, een kleinere horecafunctie en 3 grondgebonden woningen aan de rand van het invloedsgebied. Het plangebied ligt buiten de 100% letaliteitszone van de buisleiding, waardoor deze ruimtelijke ontwikkeling geen invloed heeft op de hoogte van het groepsrisico. Het totale groepsrisico in dit gebied is lager dan 10% van de oriëntatiewaarde van het groepsrisico. Omdat de ruimtelijke ontwikkeling minder dan 10% van de oriëntatiewaarde bedraagt en ook de toename minder 10% is, kan voor deze ruimtelijke ontwikkeling worden volstaan met een beperkte verantwoording van het groepsrisico. Dit houdt in dat alleen de aspecten zelfredzaamheid en de hulpverlening moeten worden verantwoord. Ten aanzien van de zelfredzaamheid is het voor de populatie die binnen het plangebied aanwezig is, redelijk goed mogelijk om tijdens een incident bij de hogedruk aardgastransportleiding van de risicobron af te kunnen vluchten. Bij voorkeur wordt een mogelijkheid voor ontvluchting aan de achterzijde van de woningen mogelijk gemaakt. Voor de appartementen wordt voorgesteld om de mogelijkheid voor het kunnen vluchten, richting de Eemslandweg te realiseren.

Binnen het plangebied zijn geen objecten geprojecteerd die bestemd zijn voor personen die niet zelfredzaam zijn. Voor het plangebied wordt ervan uitgegaan dat de aanwezige populatie zelfredzaam is. De VRD dient in verband met het groepsrisico in de gelegenheid te worden gesteld om advies uit te kunnen brengen over de bereikbaarheid, bestrijdbaarheid van een ramp en over de zelfredzaamheid van personen in het invloedsgebied van de relevante risicobronnen. De VRD heeft op 29 maart 2022 een advies uitgebracht, onder ander met betrekking tot het groepsrisico. Verantwoording Groepsrisico Het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) én het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) verplicht het bevoegd gezag de externe veiligheid mee te wegen in haar bestemmingsplan. Deze besluiten stellen grenzen aan het risico dat risicobronnen mogen veroorzaken voor hun omgeving (het 'plaatsgebonden risico'). Zo moet er tussen risicovolle bronnen en risicogevoelige objecten een bepaalde afstand blijven om mensen in de omgeving te beschermen. Daarnaast gaan de besluiten in op de kans op een ramp waarbij een groep mensen betrokken is (het 'groepsrisico'). Voor het groepsrisico geldt dat onderbouwing van het risico plaats dient te vinden middels een QRA. Hieronder is de locatie aangegeven met de rode aanduiding.

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

25

Afbeelding 16: uitsnede risicokaart

Risicobronnen (RO) Ten zuidoosten van de locatie is een hogedrukaardgastransportleiding aanwezig, waarvan de 1% letaliteitsgrens deels het plangebied overlapt. Scenario's Bij een incident aan deze leiding zijn een lekkage met een eventuele fakkelbrand ten gevolg. Een lekkage is hoorbaar door een hoge fluittoon en/of opborrelend zand. Daarnaast is ze ruikbaar door de toevoeging van een odorant. Een Fakkelbrand is zichtbaar en voelbaar door de vlammen respectievelijk warmtestraling. Beide scenario's zullen pas eindigen als de buisleiding is ingeblokt en "leeg gestroomd" is. Dit kan variëren in tijd, maar dat het uren kan duren is aannemelijk. Effecten Een lekkage zal niet beperkend werken op de planontwikkeling, maar een fakkelbrand kan mogelijk consequenties hebben door o.a. de warmtestraling die nog bij de 1% letaliteit optreedt. Deze warmtestraling is ca. 10 KW/m2. Ter vergelijk is het "verbranden" door zonnestraling ca. 1KW/m2. Bij deze warmtestraling zijn derde graads brandwonden en schade aan gebouwen aannemelijk. Zelfredzaamheid en bestrijdbaarheid Mensen binnen zullen beschermt zijn en mensen buiten kunnen vluchten van de bron af zolang men maar gewaarschuwd wordt of de fluittoon herkent als een lekkage danwel een fakkelbrand ziet. De bron bestrijden zal niet lukken door de hulpdiensten.

De leidingbeheerder zal de buisleiding dient in te blokken, waarna de hulpdiensten eventuele omgevingsbranden kunnen bestrijden en slachtoffers hulp kunnen verlenen. Gezien de afstand tot aan de risicobron en de tussenliggende bebouwing zijn hiervoor verder geen te adviseren maatregelen.

26

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

Conclusie Gezien de grote afstand tussen de buisleiding en de locatie en de aanwezigheid van tussenliggende bebouwing, zijn er realistisch gezien geen nader te adviseren maatregelen. De verwachting is dat er nadelige gevolgen kunnen optreden, maar dat is in lijn met zoals de wetgever in haar wetgeving er mee om is gegaan. Opgemerkt nog dat de kans op een incident aan een buisleiding minimaal is. Het hele advies van de VRD is opgenomen in bijlage 6 4.3.1.3 Route gevaarlijke stoffen De rijksweg A37 is in het basisnet opgenomen. Het plangebied ligt buiten het invloedsgebied ter grootte van 355 meter vanaf de weg. 4.3.1.4 Hoogspanningslijnen Binnen en in de directe nabijheid van het plangebied zijn geen hoogspanningslijnen gesitueerd die nadelig op het plangebied kunnen werken. 4.3.1.5 Conclusie Binnen en nabij het plangebied zijn geen bedrijven, transportroutes en buisleidingen die een belemmering vormen met betrekking tot het aspect externe veiligheid voor de uitvoering van het plan. 4.3.2

Gegevens ten behoeve van nadere inrichting en ontwikkeling in het plangebied

Zodra plannen ontwikkeld worden dient de brandweer in een vroeg stadium bij de plannen betrokken te worden om op basis van het beoogde veiligheidsniveau een advies te kunnen uitbrengen op de inrichting en ontwikkeling van het gebied. Hiervoor zijn de volgende zaken van belang: 1. Voor het bestrijden van een brand is de brandweer afhankelijk van een goede bluswatervoorziening. Conform de Wet op de Veiligheidsregio's moet een gemeente zorgen voor een openbare bluswatervoorziening. Bij locaties waar geen toereikende openbare bluswatervoorziening kan worden aangelegd, zal de eigenaar moeten zorgen voor een doeltreffende niet-openbare bluswatervoorziening in overleg met de brandweer. Vanaf 1 januari 2014 maakt de brandweer gebruik van tankautospuiten en tankwagens, aangevuld met vulpunten voor de tankwagens als primaire bluswatervoorziening. Er hoeven ten behoeve van deze ontwikkeling geen vulpunten bijgeplaatst te worden. 2. Het plangebied valt binnen de dekking van het Waarschuwingsalarmeringstelsel. Dit is conform de handleiding voor het WAS systeem (HAVOS). Op grond van de Wet op de veiligheidsregio's (okt. 2010) is de Veiligheidsregio Drenthe, in geval van calamiteit, verantwoordelijk voor het waarschuwen en alarmeren van de bevolking door middel van het Waarschuwings- en alarmeringssysteem.

Als gevolg van deze taak zijn binnen de gemeente sirenes geplaatst op een zodanige wijze dat een optimale dekking gerealiseerd is binnen de gemeente. Met betrekking tot het Waarschuwings- en Alarmeringssysteem (WAS) is het voornemen van de minister van Veiligheid en Justitie dat deze per 2020 komen te vervallen. In de toekomst wordt bij grote rampen alarm geslagen via onder meer calamiteitenzenders, geluidswagens, NL-Alert en sociale media. Het voordeel van deze communicatiemiddelen is dat ze veel gerichter kunnen worden ingezet. 3. Het is belangrijk dat in geval van calamiteiten hulpverleningsdiensten direct ter plaatse kunnen komen en zonder beperkingen hulp kunnen verlenen. Om die reden dienen alle objecten in het plangebied via twee onafhankelijke wegen bereikbaar te zijn voor de hulpverleningsdiensten. Het gebied voldoet aan deze vereisten. 4. Het dekkingsplan van Veiligheidsregio Drenthe is vastgesteld in december 2013. Hierin staat beschreven dat het brandverloop tegenwoordig zo snel verloopt, dat drie zaken zeer belangrijk zijn om slachtoffers te voorkomen: het voorkomen van brand, het ontdekken van brand en het vluchten bij brand. Bij het vluchten bij brand heeft men een eigen verantwoordelijkheid of is men aangewezen op de BHV-organisatie.

De brandweer heeft in beginsel als taak het houden van een brandscheiding ter voorkoming van branduitbreiding en het beschermen van (niet-zelfredzame) personen achter die scheiding. Desondanks dat een woning bij een brand als verloren kan worden beschouwd, wordt geadviseerd de brandveiligheidsmaatregelen op elkaar af te stemmen.

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

27

bouwkundige voorzieningen, bijv. een extra brandwerende scheiding tussen woning en garage; installatietechnische voorzieningen, bijv. woningrookmelders - woningsprinklers; organisatorische voorzieningen, bijv. vluchtplan voor de bewoners; brandweeropkomsttijd, vrij houden van wegen / zo min mogelijk verkeersbelemmerende maatregelen; inventaris, toepassen van moeilijk brandbaar materiaal; zelfredzaamheid van de aanwezigen, toepassen veilige vluchtroutes. Bij het verlenen van de omgevingsvergunning voor de te bouwen woningen wordt de nodige aandacht aan besteed aan de hierboven benoemde brandveiligheid.

4.4

Milieu

4.4.1

Vormvrije m.e.r.

In het Besluit m.e.r. zijn drempelwaarden opgenomen voor wanneer er een m.e.r. of m.e.r.-beoordeling moet worden uitgevoerd. Sinds de wijziging van het Besluit op 1 april 2011 is een beoordeling van een activiteit die op de D-lijst van het Besluit m.e.r. voorkomt noodzakelijk, ook al ligt de omvang van de activiteit (ver) onder de drempelwaarde. In voorliggend bestemmingsplan Zwartemeer, Eemslandweg 88 komen geen activiteiten voor die voorkomen op de D-lijst van het Besluit m.e.r.. Vanwege de afwezigheid van die activiteit(en) hoeft geen vormvrije m.e.r. -beoordeling plaats te vinden.

4.4.2

Bedrijven en milieuzonering

Vanuit milieuhygiënisch oogpunt vergt de bedrijvigheid een goede afstemming met de andere, in de omgeving aanwezige functies. Ten zuidoosten van het plangebied aan de Kamerlingswijk OZ ligt een kleinschalig bedrijventerrein.Op het terrein zijn bedrijven toegestaan in de milieucategorieën 1 en 2. Dit is lichte bedrijvigheid. Het dichtst bij het plangebied staan de bedrijfswoningen aan de Kamerlingswijk OZ. In de VNG-publicatie “Bedrijven en milieuzonering” is voor een categorie 2 bedrijf een richtafstand van 30 meter opgenomen. De richtafstand kan in gemengd gebied met één afstandstap worden verkleind zonder dat dit ten koste gaat van het woon- en leefklimaat. Deze omgeving is aan te merken als gemengd gebied en geldt een richtafstand van 10 meter. De dichtsbijzijnde afstand tot de plangrens is circa 50 meter. Het bedrijventerrein vormt geen belemmering voor de te bouwen woningen. 4.4.3

Bodem

Het college van burgemeester en wethouders heeft op 5 maart 2013 de Beleidsregel Bodemkwaliteit vastgesteld. Om de kwaliteit te waarborgen, moet grondverzet worden gemeld.bij het landelijke meldpunt:. Om het verplaatsen van grond te vereenvoudigen, heeft de gemeente Emmen een aantal kaarten ontwikkeld. Deze bodemkwaliteitskaarten zijn als bijlage in de Nota Bodembeheer opgenomen. Aan de hand van deze kaarten is het mogelijk om zonder voorgaand onderzoek grond te ontgraven en toe te passen. 4.4.3.1 Bodemonderzoek Voor dit bestemmingsplan is een verkennend milieukundig bodemonderzoek gedaan (Sigma Bouw & Milieu, 24 januari 2022, Projectnummer: 21-M10157). Naar aanleiding van de resultaten van het verkennend milieukundig bodemonderzoek worden de volgende conclusies getrokken en aanbevelingen gedaan. Op basis van de vooraf gestelde hypothese is de onderzoekslocatie in eerste aanleg als milieuhygiënisch onverdacht aangemerkt. Op basis van de resultaten van het verkennend bodemonderzoek blijkt dat de locatie niet vrij is van bodemverontreiniging. De aangetoonde lichte verontreinigingen met minerale olie en PAK vormen geen belemmering tegen het voorgenomen gebruik en er is geen aanleiding tot het instellen van aanvullend onderzoek. Op de onderzoekslocatie zijn onder provinciaal toezicht een ondergrondse HBO-tank verwijderd.

De situering van deze voormalige ondergrondse brandstoftank op de locatie is niet bekend, ondanks dat het

28

bestemmingsplan "Zwartemeer, Eemslandweg 88" (ontwerp)

adviesbureau er alles aan heeft gedaan om de locatie te achterhalen. De milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van de voormalige ondergrondse brandstoftank op de locatie (wat beschouwd moet worden als potentieel verdachte locatie), is vanwege het ontbreken van informatie omtrent de ligging/situering van deze tank, in dit onderzoek, niet onderzocht. Met nadruk wordt aangegeven dat op basis van dit onderzoek daardoor geen uitspraak kan worden gedaan omtrent de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) alsmede over de aanwezigheid van eventuele mogelijke bodemverontreiniging ter plaatse van de vm. ondergrondse brandstoftank op de locatie. Eventueel veroorzaakte bodemverontreiniging ter plaatse van de voormalige ondergrondse tank kan daardoor op basis van dit onderzoek niet worden uitgesloten. Indien de situering van de voormalige ondergrondse tank op de locatie op enig moment in de toekomst bekend wordt (bijvoorbeeld tijdens grondwerk), wordt dient de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) ter plaatse alsnog te worden onderzocht. Indien tijdens de graafwerkzaamheden een bodemverontreiniging met olieproducten wordt aangetroffen dienen graafwerkzaamheden stil te worden gelegd en dient contact opgenomen te worden met de gemeente Emmen. Nadat de gemeente toestemming heeft gegeven mogen graafwerkzaamheden worden hervat.

Omgevingsvergunning bouw In artikel 2.4 van de Regeling omgevingsrecht is bepaald dat bij een aanvraag omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen een bodemonderzoek moet worden gevoegd. Conform artikel 2.1.5 van de Bouwverordening betreft dit een recent (niet ouder dan 5 jaar) milieuhygiënisch bodemonderzoek verricht volgens NEN 5740. Het onderzoek dient te worden verricht ter plaatse van de verblijfsruimten. Er is geen geval van ernstige bodemverontreiniging in het kader van de Wet bodembescherming bekend op deze locatie, zodat bij deze aanvraag geen sprake is van samenhang met de Wet bodembescherming. De conclusies van het bodemonderzoek (zie bovenstaand) vormen geen belemmering tegen het verlenen van de Omgevingsvergunning bouw. De locatie is geschikt voor het beoogde gebruik.

4.4.4

Geluid

Regels ten aanzien van geluidhinder zijn vastgelegd in de Wet geluidhinder (Wgh). Het doel van de Wet geluidhinder is tweeledig. Enerzijds de bescherming van het milieu en anderzijds de bescherming van de volksgezondheid. Bepalend is steeds de situering van geluidsbronnen ten opzichte van geluidsgevoelige bestemmingen zoals woningen en scholen. De Wgh gaat uit van zones langs wegen, spoorwegen en industrieterreinen. Binnen dergelijke zones zijn nieuwe geluidsgevoelige bestemmingen alleen toegestaan indien de geluidsbelasting op de buitengevel onder of hoogstens gelijk is aan de voorkeursgrenswaarde. Ontheffing van de voorkeursgrenswaarde is toegestaan indien maatregelen om de geluidsbelasting op de buitengevels te beperken niet mogelijk zijn of onvoldoende helpen en indien aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan. Voor het plangebied is mogelijk alleen wegverkeerslawaai relevant. Het plangebied is niet gelegen binnen zones van spoorwegen of industrieterreinen. Daarnaast is het stemgeluid op het terras bij de horeca relevant. Het geluid is onderzocht door Ingenieursbureau Spreen (Akoestisch onderzoek residentie De Nachdwacht Klazienaveen, Rapport: 20211829). Het rapport is opgenomen in bijlage 2 4.4.4.1 Wegverkeerslawaai De Wet geluidhinder is alleen van toepassing binnen de van rechtswege aanwezige zone van een weg. Conform de Wet geluidhinder heeft elke weg een zone.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Emmen&id=9c3abf00-6700-4a5f-91a0-5f8915882f53