CConstaterende datEmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Analyserapport 'Omarm de complexiteit' Jeugdhulpregio Drenthe

Commissie Samenleving 10 januari 2023, gemeente EmmenBij agendapunt: Brief college inzake analyserapport "Omarm de complexiteit" Jeugdhulpregio Drenthe (357094-2022)35.084 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Afwachten of in actie komen Er is in Drenthe wel overeenstemming over de twee doelen die de Hervormingsagenda heeft: inhoudelijke zorgvernieuwing en toereikende budgetten. Om tot resultaten te komen zijn regio’s deels afhankelijk van landelijke afspraken en van de ruimte die het Rijk biedt. In Drenthe was het voor een deel van de wethouders een ver van hun bed show. Bovendien ontbreekt het in Drenthe aan een intrinsieke motivatie om op Drentse schaal aan transformatie te werken. En het ontbreekt aan concretisering van de ambities. Sommigen roepen op om, los van wat het Rijk gaat doen, verantwoordelijkheid te nemen voor kwetsbare jeugdigen die hulp en ondersteuning nodig hebben. Dit kan alleen gerealiseerd worden als er ook een gezamenlijk gedragen ambitie is om dit op Drentse schaal te organiseren.

70

De eindconclusies overziend Het wiel van samenwerking kent een volgordelijkheid. Samenwerken tussen organisaties, ook tussen gemeenten, begint bij een gezamenlijk gedragen ambitie. Een gedeelde ambitie op wereldvrede niveau is een goed begin. Maar als het daar bij blijft, wordt het moeilijk om tot trotse resultaten te komen. Het logische gevolg van te weinig concrete ambities is dat er ook geen uitgesproken collectief belang is. Doordat belangen onvoldoende behartigd zijn, komen partijen meer op afstand te staan. Een gezamenlijk doel is noodzakelijk om een collectief belang te (h)erkennen. Als deze situatie vervolgens jarenlang blijft bestaan, en de belangen groot zijn, dan ontstaan er op relationeel vlak vanzelf vervelende situaties. Het spreekt dan nog van geluk dat de Drentse samenwerkingssfeer in de basis als een prettige sfeer wordt ervaren. Ook het gegeven dat de governance voor velen onduidelijk is en dat in de ambtelijke organisatie onvoldoende verbindingen worden gelegd tussen verschillende gremia is een direct gevolg van te weinig concrete ambities. Er is voortdurend voor eenieder ruimte om dingen op ieders eigen manier in te vullen. Als daar onvoldoende procesregie bij komt, leidt dit telkens tot nieuwe verwarringen en frustraties. Tegelijkertijd constateren we dat de maatschappelijke opgave om jeugdigen tijdig en passende hulp te kunnen bieden complex is.

Er zijn vele partijen bij betrokken die onderling van elkaar afhankelijk zijn, de grenzen van de financiële mogelijkheden zijn bereikt of al overschreden en de landelijke context zorgt vooral voor druk van buitenaf.

71

Aanbevelingen In dit slothoofdstuk komen we tot aanbevelingen. We geven daarbij in herinnering dat het oorspronkelijke doel een low profile analyse was waarbij een beschrijving van de Jeugdhulpregio het primaire doel was. De advisering zou zich beperken tot verbetervoorstellen ten aanzien van de huidige governance en het verbeteren van de relatie tussen beleid, toegang en inkoop. Tijdens de analyse bleek het noodzakelijk om een bredere groep stakeholders te bevragen en om de advisering verder te laten reiken dan alleen de governance en de organisatie. De toekomst van de Jeugdhulpregio valt of staat met een gezamenlijke ambitie. Of, desnoods, met de conclusie dat die er niet is. Daarvoor is een grote taak weggelegd voor de nieuwe wethouders met jeugd in hun portefeuille. Want ondanks de bredere en diepere analyse volgt er uit de analyse niet als vanzelf een richtinggevende ambitie voor de Jeugdhulpregio. De interviews leverden geen gemeenschappelijke ambitie op. De landelijke ontwikkelingen geven niet automatisch richting aan de Drentse ambitie. Ook de analyse over de geschiedenis van de Jeugdhulpregio en de samenwerking in de huidige vorm levert te weinig basis op om op terug te kunnen vallen voor een ambitie in de toekomst. Het blijkt vooral een complexe opgave te zijn, met veel facetten en veel partijen in een veranderende context.

Daarom introduceren we in dit hoofdstuk eerst een andere kijk op samenwerken dan we traditioneel gewend zijn die een antwoord biedt op hoe om te gaan met dergelijke complexe opgaven. De aanbevelingen richten zich vervolgens op het kiezen van een scenario, waarbij ontegenzeggelijk een aantal fundamentele keuzes moeten worden gemaakt. Daartoe worden zes scenario’s geschetst, met ieder hun eigen ambitie en bijbehorende doelen van de Jeugdhulpregio. Daarna wordt een adviesscenario gegeven. Pas als duidelijk is voor welk scenario wordt gekozen is het mogelijk om een verdere inrichting van de Jeugdhulpregio te adviseren. Daarnaast wordt een aantal ambtelijke acties voor de korte termijn geadviseerd, waarmee voor de komende periode richting wordt gegeven en waarmee ruimte wordt gecreëerd voor het bestuurlijke traject om een scenario te kiezen. Het gaat enerzijds om een aantal ambtelijke structuuraanpassingen die voor de broodnodige verbindingen tussen verschillende gremia zorgen. Anderzijds gaat het om afspraken over inzet en werkzaamheden die minimaal nodig zijn om te voldoen aan de verwachtingen en het werk dat er ligt.

E en complexe opgave vr aag t een ander e kijk op samen wer ken Al in 2013 schreef de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur het essay Omgaan met het onbekende, een reflectie op de voorbereiding op de drie decentralisaties. Daarin wordt gesproken over “een operatie die moeilijk in één keer goed kan. Niet vanwege onkunde of gebrekkige voorbereiding van gemeenten, maar vanwege de complexiteit van de opgave.” Er wordt onderscheid gemaakt tussen enerzijds “de gecompliceerde opgave van een set wetten en regels, financieringsmethodieken en allerhande procedurele zaken die bewegen van de ene naar de andere bestuurslaag” en anderzijds “de complexiteit van de opgave, daar waar processen met elkaar interacteren, elkaar beïnvloeden en er uit de onderlinge wrijving nieuwe ontwikkelingen voordoen”.

72

“[De decentralisaties zijn] een grillig proces dat zich gaandeweg ontwikkelt; gradueel, in kleine stapjes, maar soms met grote sprongen en onverwachte wendingen – bijvoorbeeld door politieke interventies op nationaal of lokaal niveau. Belangrijk is ook dat in elk van de gemeenten waar de decentralisaties terecht komt er op lokaal niveau afspraken gemaakt worden over wat het daar precies behelst, er onderhandelingen zijn met lokale partijen over de voorwaarden en het aan de lokale partners is om te komen tot standaarden en randvoorwaarden. De decentralisaties gaan dus niet als één geheel over, maar worden onderweg van de ministeries naar de gemeenten door allerlei partijen en op lokaal niveau gemaakt. Dat betekent variëteit, verschil en onvoorspelbaarheid.” Onvoorspelbaarheid leidt tot “het paradoxale gevolg dat het Rijk en de gemeenten zich zo goed mogelijk moeten voorbereiden, maar vanuit het besef dat ze niet kunnen weten waarop”. “De literatuur over veerkracht biedt aanknopingspunten voor het denken over voorbereiding te midden van complexiteit.” “De meest principiële keuze daarbij is of gemeenten primair willen inzetten op wendbaarheid of op weerbaarheid, en of zij de problemen voor willen zijn of zich richten op snelle reactie op de problemen die zich als de operatie loopt eenmaal voordoen.”

Figuur 11: Voorbereidingsmechanismen

“Weerbaarheid duidt op het absorberen van schokken.” “Wendbaarheid kiest een ander principe en zet in op het vermogen om zodra een onverwachte gebeurtenis zich aandient daar snel en adequaat op in te spelen en omheen te bewegen.” Waar het Rijk vooral inzet op ‘robuuste regio’s’, wordt door de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur vooral aandacht gevraagd voor een wendbare organisatie. “De essentie van een complexe opgave is dat de contouren ervan zich pas manifesteren tijdens het proces.” Omdat het temmen van complexiteit niet lukt, is meeveren de enige passende strategische optie. Wat gold voor de voorbereiding van de decentralisaties in 2015, geldt nog steeds. “De voorbereiding gaat continu door.” De Hervormingsagenda Jeugd is het actuele voorbeeld en de hervorming van de jeugdbeschermingsketen ligt in het vooruitzicht. Dat maakt het een continu proces van leren omgaan met complexiteit. Een wendbare organisatie is het antwoord op hoe omgegaan moet worden met complexiteit.

73

Kies samen een scenario voor de toekomst In deze paragraaf schetsen we zes scenario’s. Om in gezamenlijkheid tot een keuze voor een scenario te komen moeten een drietal fundamentele keuzes gemaakt worden, die hier aan de orde komen. Na een overzicht van de zes scenario’s wordt per scenario de ambitie met bijbehorende doelen en de voor- en nadelen van ieder scenario weergegeven.

Zes scenar io’s In deze paragraaf schetsen we zes scenario’s. Vier van de zes scenario’s zijn geïnspireerd op de informatie van Patrick Kenis, hoogleraar publiek bestuur. Hij onderscheidt vier vormen van samenwerkende organisaties: • Een leernetwerk (scenario 2) heeft als doel om nieuwe kennis voor deelnemers te creëren. De organisatie zorgt voor een hapje en een drankje. • Het ecosysteem perspectief (scenario 3) bestaat bij de gratie van dat dat gezegd wordt, bijvoorbeeld ‘een leefbare regio…’ of ‘de educatieve regio…’. De organisatie kan hooguit als uitkijktoren fungeren en inzicht bieden in wat we hebben en hoe dat samenwerkt. Het doel is om inzicht in het systeem en de onderlinge afhankelijkheden te bieden. • Een Shared Service Centre constructie (scenario 5) heeft als doel efficiëntie te bereiken, door gezamenlijk in te kopen. • Een organisatienetwerk (scenario 6) heeft als doel om effectiviteit te vergroten, bijvoorbeeld door nieuwe producten te ontwikkelen. Er is collectieve input nodig om resultaten te kunnen boeken die door individuele organisaties niet gerealiseerd kunnen worden. Er bestaat geen eigendom of hiërarchische leiding in deze vorm. De twee andere scenario’s zijn tijdens interviews expliciet genoemd: • Het opheffen van de Jeugdhulpregio (scenario 1). • De Jeugdhulpregio als beleidsmaker (scenario 4).

In de tabel op pagina 76 wordt een overzicht van de zes scenario’s gegeven naast de huidige situatie van de Jeugdhulpregio. De huidige vorm van de Jeugdhulpregio is nadrukkelijk geen scenario voor de toekomst. Daarnaast: • In alle scenario’s blijft de Toegang lokaal georganiseerd. • Daar waar over beleid gesproken wordt, wordt inkoopbeleid bedoeld.

Maak een dr ietal fundamentele keu ze s Bij het maken van een keuze voor een scenario komen onherroepelijk de volgende drie fundamentele keuzes aan de orde. 1. Bepaal waarop je autonomie behoudt en waarop je samenwerkt Uit de analyse bleek dat er ambivalent wordt omgegaan met het dilemma tussen het behouden van autonomie en samenwerken. Samenwerken kan alleen als je bereid bent om een deel van je autonomie op te geven, omdat je ervan overtuigd bent dat samenwerken je wat oplevert. Als je daar niet van overtuigd bent of als je daartoe niet bereid bent, dan is de consequentie dat je op die onderdelen dus niet samenwerkt. Uiteraard gaat het hierbij over de vraag waarop je samenwerkt en waarop je dus autonomie inlevert. In de verschillende scenario’s zien we een oplopende mate van samenwerking, waarbij in scenario 1 geen samenwerking bestaat en in scenario 6 de meest intensieve vorm van samenwerking.

74

2. Bepaal wat op welke schaal plaatsvindt In het verlengde van de keuze waarop je autonomie behoudt en waarop je samenwerkt, volgt de fundamentele keuze wat op welke schaal wordt georganiseerd. Schaalvragen die bij het maken van de keuze voor een scenario aan de orde komen zijn: • Waar ben je lokaal, in je eigen gemeente, voor aan zet en heb je elkaar niet nodig? • Wat organiseer je in en tussen de inkoopregio’s? • Waarop is samenwerking op Drentse schaal wenselijk? 3. Bepaal wie de Jeugdhulpregio vormt Bij velen is onduidelijk van wie de Jeugdhulpregio is. Het lijkt voor de hand te liggen dat de Jeugdhulpregio in elk geval uit de twaalf Drentse gemeenten bestaat. Maar maken de inkoopregio’s onderdeel uit van de Jeugdhulpregio? Maken aanbieders onderdeel uit van de Jeugdhulpregio? Maken partners buiten het jeugdzorgdomein, zoals het onderwijs onderdeel uit van de Jeugdhulpregio? Bij het maken van een keuze voor een scenario moet helder worden wie de Jeugdhulpregio vormt. We willen benadrukken dat het kiezen van een scenario niet alleen leidt tot fundamentele keuzes over deze drie onderwerpen, maar dat iedere keuzes ook consequenties met zich meebrengen. Consequenties voor de samenwerking, maar ook consequenties voor de eigen gemeentelijke organisatie. De consequentie van de keuze moet voor iedereen helder zijn en daarover moet consensus zijn.

Alleen dan kunnen de consequenties door eenieder aanvaard worden en omgezet worden tot acties. Omarm de complexiteit van deze maatschappelijke opgave. Voer het goede gesprek, zo lang en zo diep als nodig is, om tot een breed gedragen keuze te komen. Met oog voor hart, hoofd én handen. Drentse jeugdigen die al in een kwetsbare positie zitten verdienen het dat er meer aandacht uitgaat naar hun leefwereld dan naar het systeem waarin de hulp voor hen is georganiseerd.

“Ik gun nieuwe bestuurders een goede samenwerking op die punten waar je elkaar kunt versterken. Maar ook los kunt laten wat je als gemeente zelf kunt organiseren.”

75

Huidige Jeugdhulpregio Samen zorgdragen voor een kwalitatief goed jeugdhulpaanbod tegen betaalbare kosten.

1. Opheffen

2. Leernetwerk

3. Ecosysteem

4. Beleidsmaker

Geen Drentse ambitie.

De Jeugdhulpregio Drenthe faciliteert en inspireert de transformatie die gericht is op het versterken van het gewone leven.

De Jeugdhulpregio Drenthe houdt het overzicht.

De Jeugdhulpregio ontwikkelt beleid in samenspraak met gemeenten en/of beide inkoopregio’s.

Doelen op Drentse schaal

Drents aanspreekpunt. Deelname landelijke en NoordNederlandse overleggen. Procesregie op enkele (boven)regionale inkoopdossiers. Uitvoering Transformatieplan / Envedder

Geen Drents doel.

Kennis uitwisselen, bijvoorbeeld door de Drentse Jeugdacademie en Dialoogtafels.

Op Drentse schaal wordt door monitoring inzicht gegeven in de staat van de jeugdhulp en de samenwerking in regio.

Taken Inkoopregio’s

Beide inkoopregio’s kopen in. Noordmidden ontwikkelt beleid, Zuid verwacht dat Jeugdhulpregio beleid maakt.

Inkoopregio’s ontwikkelen beleid, kopen in en nemen beide deel aan landelijke en NoordNederlandse overleggen.

Inkoopregio’s ontwikkelen beleid, kopen in en nemen beide deel aan landelijke en NoordNederlandse overleggen.

Inkoopregio’s ontwikkelen beleid, kopen in en nemen beide deel aan landelijke en NoordNederlandse overleggen.

Ambitie

De Jeugdhulpregio op Drentse schaal wordt opgeheven.

De consequentie is dat beide inkoopregio’s als twee volwaardige Jeugdhulpregio’s gaan functioneren.

Tabel 7: Een overzicht van de huidige Jeugdhulpregio naast de zes scenario’s

76

5. Inkooporganisatie Samen zorgdragen voor een kwalitatief goed jeugdhulpaanbod tegen betaalbare kosten.

6. Organisatienetwerk Samen zorgdragen voor een sluitend en toekomstbestendig zorglandschap voor de Drentse jeugd.

Op Drentse schaal wordt beleid ontwikkeld voor de inkoop van jeugdhulp. Drents aanspreekpunt. Op Drentse schaal deelname aan landelijke en NoordNederlandse overleggen.

Op Drentse schaal wordt beleid ontwikkeld en wordt ingekocht, eventueel alleen voor complexe jeugdhulp.

Beide inkoopregio’s gaan als zelfstandige partijen onderdeel uitmaken van de Jeugdhulpregio. Centraal Drents aanspreekpunt.

Inkoopregio’s kopen in.

Inkoopregio’s kopen eventueel lichtere jeugdhulp in.

Inkoopregio’s ontwikkelen beleid en kopen in.

Scenar io 1 Jeugdhulpr egio ophef fen In dit scenario vindt er op Drentse schaal geen samenwerking meer plaats rond jeugdhulp tussen gemeenten. De consequentie is dat beide inkoopregio’s als twee volwaardige Jeugdhulpregio’s gaan functioneren. Dat betekent dat de inkoopregio’s Noordmidden-Drenthe en Zuid-Drenthe zelf beleid ontwikkelen en jeugdhulp inkopen. Beide inkoopregio’s gaan deelnemen aan landelijke en Noord-Nederlandse overleggen, waarmee 3Noord feitelijk 4Noord zou worden. Een voordeel van dit scenario is dat in Drenthe één schaalniveau minder ontstaat, waardoor wat minder overleggen hoeven plaats te vinden. Een belangrijk nadeel van dit scenario is dat de bijkomende werkzaamheden voor de inkoopregio’s door beide inkoopregio’s als praktisch onhaalbaar wordt gezien. Het leidt inkoopregio’s te veel af van hun primaire taken, namelijk het de inkoop van jeugdhulp. Bovendien bestaat het risico dat jeugdigen die nu al vastlopen in de hulpverlening dan nog meer tussen wal en schip vallen.

“Ik weet niet wat er verloren gaat als je de Jeugdhulpregio Drenthe afbouwt.”

Scenar io 2 Jeugdhulpr egio als leer netwer k In dit scenario is de ambitie van de Jeugdhulpregio het faciliteren en inspireren van partijen bij de transformatie, die gericht is op het versterken van het gewone leven. Het uitgangspunt achter deze beperkte Drentse ambitie is dat transformatie dicht bij huis begint en vooral preventieve, sport-, cultuurwelzijns- en gezondheidsactiviteiten lokaal versterkt moeten worden. Gemeenten zijn daar voor verantwoordelijk. Het doel van een samenwerking in een leernetwerk is kennisuitwisseling. De huidige samenwerking in de Jeugdhulpregio kent verschillende activiteiten die gericht zijn op kennisuitwisseling. Denk aan de Drentse Jeugdacademie of dialoogtafels tussen gemeenten en aanbieders in het kader van het Bestuurlijk Transformatie Akkoord. In dit scenario blijven deze activiteiten onderdeel van de Jeugdhulpregio. Alle overige taken worden door de inkoopregio’s overgenomen. Het beleid en de inkoop van jeugdhulp vinden plaats in beide inkoopregio’s. De governance van de Jeugdhulpregio kent in dit scenario geen eigen entiteit. Dat is ook niet wenselijk, want een leernetwerk moet zichzelf organiseren. Een voordeel van dit scenario is dat het leren in de regio een meer prominente plek krijgt. De nadelen zijn vergelijkbaar met het scenario waarin de Jeugdhulpregio wordt opgeven.

De bijkomende werkzaamheden voor de inkoopregio’s wordt door beide inkoopregio’s als onhaalbaar wordt gezien. Het leidt inkoopregio’s te veel af van hun primaire taken, namelijk het de inkoop van jeugdhulp. Bovendien bestaat het risico dat jeugdigen die nu al vastlopen in de hulpverlening dan nog meer tussen wal en schip vallen. Daar komt voor dit scenario bij dat de vrijblijvende samenwerking geen recht aan de complexe maatschappelijke opgave die in het jeugdzorglandschap speelt.

77

Scenar io 3 Jeugdhulpr egio als ec osysteem In dit scenario’s is de ambitie van de Jeugdhulpregio om het overzicht te bewaren en partijen van inzicht te voorzien. De Jeugdhulpregio is een ecosysteem en de mensen die voor de Jeugdhulpregio werkzaam zijn houden zicht op het zorglandschap. In dit scenario voorziet de Jeugdhulpregio in informatie die partijen inzicht geven in wat er allemaal is, waar de onderlinge afhankelijkheden zitten en hoe er wordt samengewerkt. De Jeugdhulpregio kan bijvoorbeeld de staat van de Drentse jeugdhulp en van de (keten)samenwerking monitoren. Die informatie kan partijen bewegen om zelf in actie te komen en samenwerking te zoeken. Alle overige taken worden door de inkoopregio’s overgenomen. Het beleid en de inkoop van jeugdhulp vinden plaats in beide inkoopregio’s. De governance van de Jeugdhulpregio kent in dit scenario geen eigen entiteit. Dat is ook niet wenselijk, want een ecosysteem moet zichzelf organiseren. Een voordeel van dit scenario is dat de monitoring een meer prominente plek krijgt. De nadelen zijn vergelijkbaar met het scenario waarin de Jeugdhulpregio een leernetwerk wordt. Voor de volledigheid worden ze hier herhaald. De bijkomende werkzaamheden voor de inkoopregio’s wordt door beide inkoopregio’s als onhaalbaar wordt gezien. Het leidt inkoopregio’s te veel af van hun primaire taken, namelijk het de inkoop van jeugdhulp.

Bovendien bestaat het risico dat jeugdigen die nu al vastlopen in de hulpverlening dan nog meer tussen wal en schip vallen. Tot slot doet de vrijblijvende samenwerking in dit scenario geen recht aan de complexe maatschappelijke opgave die in het jeugdzorglandschap speelt.

Scenar io 4 Jeugdhulpr egio als beleidsmaker Dit scenario is in meerdere interviews expliciet benoemd. Deze geïnterviewden hebben of hadden de verwachting dat beleid op Drentse schaal wordt ontwikkeld, in afstemming met gemeenten via het jeugdoverleg. De inkoopregio’s zouden op basis van het Drentse beleid de jeugdhulp inkopen. Naast het ontwikkelen van beleid kan de Jeugdhulpregio in dit scenario ook het centrale aanspreekpunt zijn, zowel binnen als buiten de regio. Ook de vertegenwoordiging van Drenthe in 3Noord, bij de VNG en het Rijk zijn activiteiten die bij dit scenario kunnen passen. Een voordeel van dit scenario is dat voor aanbieders meer eenduidigheid op Drentse schaal bestaat. Een belangrijk nadeel is dat het opknippen van beleid en inkoop tot een onlogische knip leidt en tot een onnodig complex samenspel tussen toegang, beleid en inkoop. De afstand is te groot tussen waar beleid wordt gemaakt en waar inwoners jeugdhulp toegewezen krijgen.

“Ik had een tijdje de illusie dat de toegang lokaal lag, inkoop bij de inkoopregio’s en beleid bij de Jeugdhulpregio.”

78

Scenar io 5 Jeugdhulpr egio als inkoopor g anisatie De ambitie van dit scenario kan de huidige ambitie van de Jeugdhulpregio zijn: Samen zorgdragen voor een kwalitatief jeugdhulpaanbod tegen betaalbare kosten. Je zou ook kunnen zeggen dat de huidige ambitie dateert uit de periode dat de Jeugdhulpregio nog één inkoopregio vormde. De Jeugdhulpregio is in dit scenario verantwoordelijk voor het beleid en de inkoop van de jeugdhulp, inclusief het contractmanagement, kwaliteitsmanagement en toezicht op rechtmatigheid. Dit is het scenario zoals het Rijk dat wenst en mogelijk gaat eisen. In dit scenario kunnen we een minimale en een maximale variant onderscheiden. Bij de minimale variant wordt alleen jeugdhulp op Drentse schaal ingekocht die het Rijk verplicht stelt om regionaal in te kopen. Volgens een vertrouwelijk gedeelde lijst van zorgvormen die mogelijk via een Algemene Maatregel van Bestuur verplicht gesteld gaat worden lijkt het grofweg te gaan om de jeugdhulp die we in Drenthe onder de interventieniveaus 6, 7 en 8 scharen. De inkoop, en bijbehorende beleidsontwikkeling, van de interventieniveaus 4 en 5 blijven dan onder verantwoordelijkheid van beide inkoopregio’s. Bij de maximale variant worden alle individuele voorzieningen in de jeugdhulp (interventieniveaus 4 t/m 8) op Drentse schaal ingekocht.

Gelet op de omvang van de taken en de hoeveelheid geld die er omgaat in zowel de minimale als de maximale variant van dit scenario, is een eigen entiteit wenselijk. Het Rijk vraagt hier ook om. Een voordeel van de minimale variant van dit scenario is dat aanbieders minder inkooptrajecten hoeven te doorlopen en de administratieve last waarschijnlijk minder wordt. Een belangrijk nadeel is dat er geen gedeelde intrinsieke motivatie is bij gemeenten om op Drentse schaal jeugdhulp in te kopen. Dit scenario is voor de Noordmidden-Drentse gemeenten onbespreekbaar.

Scenar io 6 Jeugdhulpr egio als org anisatienetwer k De ambitie in dit scenario zou kunnen zijn: Samen zorgdragen voor een sluitend en toekomstbestendig zorglandschap voor de Drentse jeugd. Iedere partij heeft zijn/haar eigen verantwoordelijkheid in het sluitend en toekomstbestendig maken van het jeugdzorglandschap. Een belangrijk verschil met andere scenario’s is dat beide inkoopregio’s als zelfstandige entiteiten onderdeel van de Jeugdhulpregio vormen. Inkoopregio’s ontwikkelen zelfstandig beleid en kopen zelf jeugdhulp in. Alle (boven)regionale inkoop valt in dit scenario ook onder de verantwoordelijkheid van de beide inkoopregio’s die daarover onderling afspraken maken. Ook gemeenten zijn zelfstandige entiteiten als onderdeel van de Jeugdhulpregio. Met hun eigen verantwoordelijkheden, waaronder preventieve activiteiten waarin het gewone leven versterkt wordt. Aanbieders voeren de jeugdhulp uit. Het verbinden van de verschillende partners in de keten van jeugdhulp wordt in dit scenario expliciet belegd bij een regionaal bureau dat ook zelfstandig onderdeel vormt van de Jeugdhulpregio, met een eigen rol in het netwerk. Behalve dat dit bureau de verantwoordelijkheid krijgt om binnen de keten te verbinden, fungeert het regionale bureau ook als centraal Drents aanspreekpunt voor zowel binnen als buiten de regio.

Dit regionale bureau participeert actief in landelijke en bovenregionale netwerken om het Drentse geluid te laten horen en informatie naar de regio te brengen. Ook draagt dit regionale bureau zorg voor het naar de regio brengen van beschikbare landelijke en bovenregionale middelen.

79

Een voordeel van dit scenario is dat recht wordt gedaan aan de complexe opgave van de transformatie van de jeugdhulp, die niet door één of enkele partijen is te realiseren. Een nadeel zou kunnen zijn dat het behouden van autonomie als belangrijker wordt ervaren dan samenwerken om samen de maatschappelijke aan te pakken.

Adviesscenario In deze paragraaf komen we tot het advies om de Jeugdhulpregio als organisatienetwerk in te richten. We geven een richting mee voor de fundamentele keuzes die als consequenties gezien kunnen worden van dit adviesscenario. En we concluderen dat er, op basis van alle informatie uit dit analyserapport, geen alternatief scenario is.

Jeugdhulpr egio als or ganisatienetwer k Vele partijen hebben een rol en verantwoordelijkheid om jeugdigen tijdig en passende jeugdzorg te bieden. Ieder bepaalt (deels) zijn eigen koers en tegelijkertijd is er een onderlinge afhankelijkheid van elkaar. Bovendien is de opgave voortdurend in beweging en daarmee deels onvoorspelbaar. Kortom, de complexiteit van de maatschappelijke opgave is groot. Dat zal voorlopig zo blijven. Daar heeft eenieder zich toe te verhouden. Met een Jeugdhulpregio als organisatienetwerk kan Drenthe zich zo goed mogelijk organiseren om wendbaar te zijn en mee te bewegen in wat nodig is. Naast het gezamenlijk te kiezen scenario is het van belang dat er ook over de fundamentele keuzes wordt besloten (zie volgende pagina). De ambitie in dit scenario zou kunnen luiden: Samen zorgdragen voor een sluitend en toekomstbestendig zorglandschap voor de Drentse jeugd. Het zorgdragen voor een sluitend en toekomstbestendig zorglandschap vraagt op vele manieren om verandering. Een organisatienetwerk doet daarom recht aan de complexe opgave van deze transformatie. Transformatie vindt niet alleen plaats via inkoop. Transformatie vindt ook niet alleen plaats door lokale, preventieve activiteiten te versterken. Transformatie vindt ook niet automatisch plaats als er een Drentse regiovisie is. Het is én én én.

Dwars door de keten van jeugdhulp heen moeten veranderingen plaatsvinden om de veelzijdige opgave van transformatie het hoofd te kunnen bieden en vanuit het hart te kunnen handelen, met aandacht voor zowel inhoud als financiën. Het regionale bureau, krijgt hier de werktitel Drentse Netwerkcoördinatie Jeugdzorg mee, en vormt net als alle andere partijen onderdeel van de Jeugdhulpregio en heeft daarbinnen een eigen rol en verantwoordelijkheid. De Drentse Netwerkcoördinatie Jeugdzorg orkestreert, organiseert en leidt het netwerk. Wanneer het nodig is, kan worden geïntervenieerd waar verbindingen tekortschieten in de samenwerking tussen Drentse gemeenten onderling of tussen gemeenten en aanbieders. Het doel daarvan is om alert te zijn in wat nodig is en daarmee als regio wendbaar te zijn. Daarnaast heeft zij de taak om actief te participeren in de landelijke ontwikkelingen, het Drentse geluid daar te laten horen en de consequenties te vertalen naar de Drentse context. Feitelijk betekent dit scenario dat de huidige vorm van de Jeugdhulpregio wordt opgeheven en daar een nieuwe vorm voor in de plaats komt. Dat betekent ook dat voor alle huidige taken van de huidige Jeugdhulpregio, inclusief het programma Envedder, moet worden heroverwogen waar dit in de keten het beste tot zijn recht komt.

80

Met dit scenario wordt recht gedaan aan de wens: • dat Drenthe één Jeugdhulpregio vormt, waardoor er een Drents geluid kan klinken en er voor het Rijk een Drents aanspreekpunt is; • om beide inkoopregio’s te behouden, waarmee beter wordt aangesloten bij de lokale toegangen; met het verschil dat beide inkoopregio’s explicieter dan voorheen onderdeel gaan vormen van de Jeugdhulpregio; • dat beide inkoopregio’s zich op hun primaire taak kunnen blijven richten, namelijk de inkoop van jeugdhulp; • dat er voor aanbieders duidelijkheid komt over wie waar van is en met wie waarover welk gesprek gevoerd moet worden. Pas nadat er een breed gedragen keuze is over een gedeelde ambitie en over de consequenties daarvan kan inrichting van het netwerk plaatsvinden en kan gesproken worden over de governance ervan. De inrichting van het organisatienetwerk zal in lijn met het doel van een organisatienetwerk moeten plaatsvinden.

Fundamentele k euzes b ehor end e bij h et adviessc enar io We komen hier terug op de fundamentele keuzes die onherroepelijk aan bod komen bij het kiezen voor een scenario. Zie het als consequenties van een keuze. De eerste twee fundamentele keuzes zijn in de uitwerking samengevoegd. Het bepalen wat op welke schaal plaatsvindt, bepaalt namelijk automatisch waarop je autonomie behoudt en waarop je samenwerkt. Autonomie behoud je op dat wat lokaal wordt georganiseerd. Samenwerken in een inkoopregio en op Drentse schaal heeft de consequentie dat je op die onderdelen een stukje autonomie inlevert. Hieronder volgt de uitwerking die is gebaseerd op het meest voor de hand liggende gezien de analyse en passend bij het adviesscenario. Het uitgangspunt is dat beleid, transformatie en monitoring op dezelfde schaal plaatsvindt als waaróp beleid ontwikkeld moet worden, wát getransformeerd moet worden en wát gemonitord moet worden. Lokale autonomie • Alle preventieve, sport-, cultuur- welzijns- en gezondheidsactiviteiten voor jeugdigen. • De toegang tot jeugdzorg. • Beleid op preventieve activiteiten en op de toegang tot jeugdzorg. • Transformatie van preventieve activiteiten en transformatie van de toegang tot jeugdzorg. • Monitoring van preventieve activiteiten en van de toegang tot jeugdzorg. Samenwerken in de inkoopregio • Inkoop van alle jeugdzorg. • Beleid op inkoop van jeugdzorg.

• Transformatie van jeugdzorg, • Monitoring van jeugdzorg. Samenwerken tussen beide inkoopregio’s

81

Om aan toekomstige eisen van het Rijk te voldoen zijn er congruentieafspraken nodig voor de “inkoop en organisatie van bepaalde vormen van (specialistische) jeugdhulp (waaronder de specialistische jeugdggz), specialistische jeugdhulp in het strafrechtelijk kader, kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering”. Voor jeugdzorg die op Drentse of Noord-Nederlandse schaal wordt ingekocht en voor jeugdzorg waarvan het Rijk gaat eisen dat er minimaal congruentieafspraken worden gemaakt, maken beide inkoopregio’s zelfstandig onderling afspraken over hoe zij dat doen. Samenwerken in de Jeugdhulpregio Drenthe • Actief participeren in landelijke ontwikkelingen, waaronder het Drentse geluid laten horen en de consequenties naar de Drentse context vertalen. • Actief participeren in 3Noord verband, daar waar het geen inkoop betreft. Bijvoorbeeld de huidige ontwikkelingen om tot een nieuwe governance in 3Noord te komen en uitwisseling over de landelijke ontwikkelingen. • Doorbraken realiseren voor jeugdigen die vastlopen in de hulpverlening, door onder andere de Drentse Experttafel. Dit betekent dat dit consequenties kan hebben voor de twaalf toegangen, bijvoorbeeld voor methodes die gebruikt worden. • Transformatie, beleid en monitoring ten behoeve van bovenstaande. Tot slot moet er een keuze gemaakt worden wie de Jeugdhulpregio vormt.

Het advies is de Jeugdhulpregio te laten bestaan uit een samenwerking tussen de twaalf Drentse gemeenten, waaronder ook beide inkoopregio’s. Daarmee worden zowel de lokale belangen van twaalf gemeenten als de verenigde belangen in de beide inkoopregio’s behartigd. Dit netwerk wordt georkestreerd door de Drentse Netwerkcoördinatie Jeugdzorg. Wat dit betekent voor de inrichting van de governance en eventuele juridische entiteit van de Jeugdhulpregio is nog niet duidelijk, daar is juridisch advies voor nodig. Hiermee vormen aanbieders geen partner in de Jeugdhulpregio. Aanbieders vormen wel een belangrijke samenwerkingspartner in de keten van jeugdzorg. In een nadere uitwerking van het scenario is daarom expliciete aandacht nodig voor de wijze waarop gemeenten en aanbieders samenwerken. De huidige dialoogtafel kan het startpunt vormen om hierover uit te wisselen en tot afspraken te komen met aanbieders. Datzelfde geldt voor partners buiten het jeugdzorgdomein, zoals het onderwijs. Hier zal in een nadere uitwerking van het scenario apart aandacht voor moeten zijn.

E r is geen alter natief scenar io Andere scenario’s lijken om verschillende redenen af te vallen. Opheffen of omvormen tot leernetwerk of ecosysteem leidt tot te grote taakverzwaring inkoopregio’s Het opheffen van een Drentse Jeugdhulpregio (scenario 1) of het beperken van de rol tot een leernetwerk (scenario 2) of een ecosysteem (3) betekent dat er elders in de keten taakverzwaring komt. De huidige taken van de Jeugdhulpregio, zoals het actief participeren in landelijke ontwikkelingen, samenwerking in 3Noord, het transformatieprogramma Envedder en alle inkoop van jeugdhulp op Drentse schaal zouden dan bij beide inkoopregio’s komen te liggen. Beide inkoopregio’s geven aan het onhaalbaar te vinden om deze taken erbij te krijgen.

82

Jeugdhulpregio als beleidsmaker blijkt in de praktijk onuitvoerbaar De oorspronkelijke gedachte die met name in Zuid-Drenthe de boventoon voert waarbij de Jeugdhulpregio beleid maakt (scenario 4), blijkt in de praktijk onuitvoerbaar. Belangrijkste reden daarvoor is dat er resultaten worden ingekocht, geen platte producten. En dus maakt transformatie integraal onderdeel van de inkoop. Inkoop en inkoopbeleid horen bij elkaar. In het geval het Rijk inkoopsamenwerking op Drentse schaal oplegt Het ligt niet voor de hand om te kiezen voor de Jeugdhulpregio als inkooporganisatie (scenario 5), omdat dit voor de Noordmidden-Drentse gemeenten onbespreekbaar is. Tegelijkertijd is het naïef om niet voorbereid te zijn op de situatie dat het Rijk inkoop op Drentse schaal verplicht. In dat geval is het goed te realiseren dat het primair gaat om goede zorg voor jeugdigen en daar hebben gemeenten een eigen verantwoordelijkheid in. Het advies is daarom vooral actief in de regio met elkaar aan de slag te gaan om knelpunten op te lossen. Mocht het zo ver komen dat er een verplichting wordt opgelegd en er voor de toezichthouder redenen zijn om onderzoek te doen, dan is er nog steeds ruimte om in gesprek te gaan. Overigens is er in dit geval meer dan ooit een Drents geluid nodig. Je moet als regio een goed verhaal hebben en de keten goed georganiseerd hebben om handhaving te voorkomen.

Hoe meer de regio zelf het heft in handen neemt en zorgdraagt voor tijdige en passende zorg voor jeugdigen, hoe meer het Rijk als samenwerkingspartner gezien kan worden en hoe minder het nodig is om het Rijk als tegenstander te benaderen.

Ambtelijke acties op de korte termijn In deze paragraaf stellen we een aantal ambtelijke structuuraanpassingen voor en een aantal afspraken over inzet en werkzaamheden voor de korte termijn. Daarmee wordt voor de komende periode richting gegeven voor iedereen die werkzaam is in en voor de huidige Jeugdhulpregio en tegelijkertijd wordt er ruimte gecreëerd om zorgvuldig en gedegen het bestuurlijke traject te doorlopen om een scenario te kiezen voor de toekomst. Het advies is om over deze ambtelijke acties op de korte termijn ambtelijk te besluiten en zo snel mogelijk in te zetten.

Ambtelijke str uctuur aanpassing en Het is hoognodig om meer verbinding te leggen tussen de verschillende bestaande gremia. Daarvoor adviseren we een viertal structuuraanpassingen door te voeren. Het huidige jeugdoverleg wordt gesplitst in: • Een beleidsoverleg jeugd, waar van iedere gemeente en van beide inkoopregio’s een vaste beleidsadviseur en het voltallige programmateam Envedder aan deelnemen. Het beleidsoverleg jeugd is onder andere verantwoordelijk voor de voorbereiding van het ABO dat ongeveer vier keer per jaar bijeen komt. • Een uitvoerend jeugdoverleg, waar van iedere gemeente de coördinator toegang, eventueel de gedragswetenschappers toegang en de volgende projectleiders van Envedder aan deelnemen: Kleinschalige woonvoorzieningen (incl. Mocking Bird), Zorgmakelaars, Drentse Experttafel en Regie op 3. Een belangrijk doel van het uitvoerend jeugdoverleg is om knelpunten en best practices uit te wisselen en afspraken te maken over jeugdigen die vastlopen in de hulpverlening. Het huidige incidentele overleg tussen twee gemeentesecretarissen, de concernmanager van de coördinerende gemeente, de regio-/programmamanager en onderzoeker/adviseur wordt omgezet naar

83

een (tijdelijk) strategisch overleg tussen twee of drie vooruitgeschoven gemeentesecretarissen die namens de Drentse kring van gemeentesecretarissen overleg voeren met de regio-/programmamanager en onderzoeker/ adviseur. Het doel van dit overleg is om tot besluitvorming over de scenariokeuze te komen en over de inrichting van het gekozen scenario op het hoogste ambtelijke niveau samen te werken. Daarmee ontstaat een gremium waarin ambtelijk mandaat beter geborgd is en, als dat nodig is, geëscaleerd kan worden. Bij alle inkoopactiviteiten op Drentse en Noord-Nederlandse schaal (waar onder Jeugdhulp Plus, Spoed4Jeugd en Stichting Pleegwijzer) wordt in afstemming tussen de regiomanager van de Jeugdhulpregio, de voorzitter van het prestatiemanagementteam van de inkoopregio Zuid-Drenthe en de programmamanager van de inkoopregio Noordmidden-Drenthe afgesproken wie welk dossier oppakt. Uitgangspunt blijft om deze inkoop op Drentse schaal invulling te geven. Nieuw is dat de uitvoering zo veel als mogelijk door de inkoopregio’s wordt gedaan. Zij hebben hiervoor de expertise en capaciteit beschikbaar. Daarbij is het van belang dat het mandaat goed wordt geregeld. Tot slot is het wenselijk dat de inkoopregio Zuid-Drenthe een vaste beleidsadviseur aanstelt.

Daarmee wordt inkoopbeleid gekoppeld aan de inkoop van jeugdzorg en kunnen op Drentse schaal beter congruentieafspraken gemaakt worden over de inkoop van jeugdzorg. Hoewel het vanuit Drentse optiek wenselijk is om dit zo snel mogelijk te realiseren, is enige bescheidenheid vanuit de Jeugdhulpregio hier op z’n plek. Het is immers aan de inkoopregio Zuid-Drenthe om hier een keuze in te maken.

Afspr aken over i nzet e n w er kzaamhed en Naast een aantal structuuraanpassingen is het noodzakelijk om voor de korte termijn ook richting te geven aan de inzet en werkzaamheden in de Jeugdhulpregio. Aangezien het ambtelijk mandaat onvoldoende geborgd is, kan de regio-/programmamanager in de huidige samenwerking onvoldoende sturen. Daarom is het ophalen van het mandaat met dit advies nodig. Het advies gaat over de inzet van de regiomanager, de benodigde inzet voor de werkzaamheden die in de Jeugdhulpregio uitgevoerd moet worden, de koers van Envedder voor de komende anderhalf jaar en om meer met opdrachtverlening te gaan werken. Op de eerste plaats is het advies is dat de regiomanager zich primair richt op: • Verbinden, verbinden en verbinden tussen alle gremia die zich met jeugdzorg bezighouden. • Actief participeren in de landelijke hervorming jeugdzorg, waaronder deelname aan de Jeugdoverleg 42 (J42), de landelijke Meedenkgroep en het voorbereiden van bestuurders op hun deelname aan het Bestuurlijk Jeugdoverleg 42 (BJ42) en de VNG-commissie Onderwijs, Zorg en Jeugd. Onderdeel hiervan vormt ook om het Drentse geluid landelijk te laten horen en om landelijke ontwikkelingen te vertalen naar de Drentse context en de consequenties daarvan in Drenthe bespreekbaar te maken.

• Actief participeren in het 3Noord samenwerkingsverband, met name daar waar het gaat over de ontwikkeling van een governance voor 3Noord en over uitwisseling van de landelijke ontwikkelingen, inclusief het Drentse geluid op Noord-Nederlandse schaal kenbaar te maken en de NoordNederlandse ontwikkelingen te vertalen naar de Drentse context en de consequenties daarvan in Drenthe bespreekbaar te maken. Op de tweede plaats adviseren we om meer ambtelijke inzet beschikbaar te maken om alle huidige werkzaamheden die prioriteit hebben uit te kunnen voeren. Op de volgende pagina is een overzicht gegeven van dossiers waarvoor het komende jaar tot anderhalf jaar in ieder geval ambtelijke inzet nodig

84

is. De huidige afspraak is dat gemeenten naar rato mankracht leveren. Het advies is deze afspraak los te laten en de verdeling naar rato in kosten te verdelen. Vervolgens wordt met de beschikbaar gekomen middelen onderstaande capaciteit ingehuurd. Dat kan zowel inzet van een ambtenaar uit één van de twaalf gemeenten zijn (waarvoor de betreffende gemeente financieel gecompenseerd kan worden) als inzet die extern ingehuurd wordt. Taak Hervorming jeugdbeschermingsketen, inclusief: • Coördinatie op doorbraakaanpak – voortkomend uit inspectierapport • Zicht krijgen op en afstemmen met Geweld hoort nergens thuis

Benodigde inzet Het is op dit moment nog onduidelijk hoeveel inzet nodig is en in welke mate daarvoor extra financiële middelen beschikbaar zijn. Hiervoor is eerst nadere afstemming met de gemeente Emmen nodig. Gemeente Emmen heeft zogenaamde Parlementaire Ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag (POK)-middelen ontvangen. Doel daarvan is om langs acht actielijnen de dienstverlening vanuit de overheid aan mensen in kwetsbare posities te verbeteren. Eén van die acht actielijnen is het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming.

Doorontwikkeling Drentse Experttafel voor jeugdigen die vastlopen in de hulpverlening, inclusief verbinding met Jeugd Expertisenetwerk Noord-Nederland.

16 uur per week voor 6 maanden daarna structureel 4 uur Gefinancierd uit JENN-middelen Nog niet ingevuld

Coördinatie van inkoop van Jeugdhulp Plus in samenwerking met inkoopregio’s en 3Noord

12 uur per week voor negen maanden daarna structureel 4-6 uur Opnieuw invullen

Contractmanagement Spoed4Jeugd, waaronder naleving van inhoudelijk afspraken

4 uur per maand structureel Nog niet ingevuld

Drentse Verwijsindex, opheffen werkgroep, aanstellen één persoon die linking pin is tussen uitvoerder CMO STAMM en 12 gemeenten

4 uur per maand structureel Nog niet ingevuld

Stichting Pleegwijzer, subsidiebeoordeling en vaststelling

2 uur per maand structureel Al ingevuld

Afweging of Kind En (Echt)Scheiding voortgezet moet worden

Pas in 2023 nodig

Totaal

Minstens 30 uur per week

85

Voor Envedder is het advies om in te zetten op afronding van de projecten in de komende anderhalf jaar, tot uiterlijk eind 2023. Afronding kan betekenen dat het project stopt of dat het structureel geborgd wordt. Per project geven we een richtinggevend kader mee: • Dialoogtafel: voortzetten en doorontwikkelen van waarover en de wijze waarop gemeenten en aanbieders met elkaar op Drentse schaal in gesprek blijven. • Drentse Jeugdacademie: tot medio 2023 kenniscafé’s organiseren en door middel van een reflectie de generieke succesfactoren te bundelen. • Zorgmakelaars: evaluatie op welke onderdelen geborgd moeten worden bij de twaalf Toegangen, wat geborgd kan worden bij het Drentse Experttafel en welke onderdelen op een andere wijze afgerond of geborgd kunnen worden. • Kleinschalige woonvoorzieningen: keuze maken om al of niet in te kopen, afhankelijk van de keuze daarna afronden of overdragen aan inkoopregio’s. • Reizend specialistisch team: ontwikkeling heeft plaatsgevonden, aanbieders zijn hiervoor gecontracteerd, samen met de afronding van kleinschalige woonvoorzieningen overdragen aan inkoopregio's. • Mockingbird: keuze maken of pilot wordt uitgevoerd, bij doorgang daarna evalueren en afhankelijk van de uitkomst afronden of overdragen naar inkoopregio’s. • Regie op 3: in 2022 zorgdragen voor het borgen van de methodiek regie op 3 in de Jeugdhulpregio.

• FACT 2.0: dit dossier wordt inhoudelijk opgepakt binnen de VDG-commissie Gezondheid & Welzijn en gefinancierd uit middelen voor Envedder. Tot slot zal de regiomanager Jeugdhulpregio en programmamanager Envedder voor alle uit te zetten ambtelijke werkzaamheden opdrachten uitschrijven. Daarmee worden afspraken gemaakt over wat er verwacht wordt van welke inzet en worden meer zakelijke afspraken gemaakt over wie waar van is en wie waarop kan worden aangesproken.

86

Bijlage Geïnterviewden Er hebben in totaal 19 interviews plaatsgevonden, waarin 38 personen zijn geïnterviewd. Naam Joop Brink Erjen Derks

Werner ten Kate Robert Kleine

Harmke Vlieg Theo Dijkstra Beatrijs de Vries Marthijn van de Wetering

José Kampman Greetje Kolk Linda Imming

Gea Jalving Huub Pijs Lusette Brouwer Yvette Meinema Ben Kuiper Anneke Riedstra Monique Vonk

Sara Boxem Iris van der Veen

Functie Wethouder jeugd Wethouder jeugd Bestuurlijk opdrachtgever Drentse jeugdacademie Wethouder jeugd Wethouder jeugd Voorzitter ABO Jeugd Bestuurlijk regionaal aanspreekpunt Wethouder jeugd Gemeentesecretaris Opdrachtgever analyse Gemeentesecretaris Ambtelijk opdrachtgever Envedder Concernmanager Ambtelijk opdrachtgever regiomanager Regiosecretaris Programmasecretaris Envedder Procesbegeleider Bestuurlijk Transformatie Akkoord Voorzitter Drentse Experttafel Procesregisseur Regie op 3 Beleidsadviseur jeugdhulp Projectleider Zorgmakelaar Projectleider Drentse Jeugdacademie Projectleider Kleinschalige woonvoorzieningen Communicatieadviseur Medewerker beleidsuitvoering II (financieel-adm.) Financieel adviseur Voormalig regiomanager JHRD Voormalig programmamanager Envedder Programmamanager Voorzitter prestatiemanagement team

87

Organisatie Gemeente Coevorden Gemeente Midden-Drenthe

Gemeente Hoogeveen Gemeente Emmen

Gemeente Assen Gemeente Assen Gemeente Coevorden Gemeente Hoogeveen

Gemeente Hoogeveen Lid programmateam Envedder Lid programmateam Envedder

Lid programmateam Envedder Lid programmateam Envedder Lid programmateam Envedder Lid programmateam Envedder Gemeente Hoogeveen Gemeente Hoogeveen Gemeente Hoogeveen

Inkoopregio NoordmiddenDrenthe Inkoopregio Zuid-Drenthe

Ronald Duiven Ria Hogervorst Christien Langeler Karin Zinger Bennie Deems Auke de Jong Peter Oldejans Mariëlle van der Veen

Coördinator CJG Afdelingshoofd jeugd Procesmanager CJG Beleidsadviseur jeugd Coördinator jeugd Beleidsadviseur sociaal domein Beleidsadviseur sociaal domein Beleidsadviseur jeugd Beleidsadviseur jeugd

Eveline Kampman

Regioadviseur Noord-Nederland

Gemeente Midden-Drenthe Gemeente Hoogeveen Gemeente Noordenveld Gemeente Meppel Gemeente Emmen Gemeente Meppel Gemeente Assen Inkoopregio NoordmiddenDrenthe Ketenbureau i-Sociaal Domein

Tijdens de analyse zijn de interviews uitgebreid waardoor ook onderstaande personen zijn geïnterviewd: Naam Bort Hartog Alinda Kloosterman Nathalie Kramers Ina Kuipers Erik Mulder Jeroen Regtuijt Miranda Brinkmann

Functie Regiodirecteur Directeur Kind, Jeugd en Gezin Bestuurder Directeur Directeur zorg Directeur-bestuurder Bestuurssecretaris

Marijke Schilperoord

Projectleider en coördinator jeugdzorg Beleidsadviseur

Ton de Klerk

88

Organisatie Accare Cosis Jeugdbescherming Noord Ambiq GGZ Drenthe Yorneo Regionale Inkoopsamenwerking Groninger Gemeenten Sociaal Domein Fryslân Vereniging Nederlandse Gemeenten

Verklarende woordenlijst Afkorting / woord 3Noord Aanbieder

ABO AEF Ambtskring AMvB BJ42 BTA CBS DExT Driemilieuvoorziening DVI

G40 GI

GGZ

IGJ

IJV Inkoopregio

J42

Verklaring Samenwerking van de drie Noordelijke jeugdhulpregio's Groningen, Friesland en Drenthe. Een zorginstelling of beroepsbeoefenaar die jeugdhulp of jeugdzorg verleent aan jeugdigen. Daar waar in het rapport gesproken wordt over aanbieders worden ook de gecertificeerde instellingen (GI's) bedoeld. Algemeen Bestuurlijk Overleg van de Jeugdhulpregio Drenthe en van Envedder. Andersson Elffers Felix, een adviesbureau voor het publieke domein. De twaalf Drentse gemeentesecretarissen - directeuren. Een algemene maatregel van bestuur (AMvB) is een besluit van de regering waarin regels uit een wet verder worden uitgewerkt. Bestuurlijk netwerk van vertegenwoordigers uit de 42 jeugdregio's. Bestuurlijk Transformatie Akkoord. Centraal Bureau voor de Statistiek. Drentse Experttafel. Intramurale instelling waar sprake is van integrale afstemming en behandeling op verblijf, scholing/werken en vrijetijdsbesteding. Waarbij de jeugdigen vanwege hun problematiek een samenhangende behandeling krijgen in deze drie behandelmilieus. Drentse Verwijsindex is een digitaal systeem waarin professionals kunnen aangeven, dat zij betrokken zijn bij een jeugdige. Op deze manier kunnen professionals met elkaar afstemmen om de jeugdige en het gezin zo goed mogelijk te ondersteunen. Het G40-stedennetwerk is het netwerk van 40 (middel)grote steden in ons land.

De gemeenten Emmen en Assen maken onderdeel uit van dit netwerk. Een gecertificeerde instelling houdt zich bezig met jeugdbescherming en jeugdreclassering en wordt van overheidswege gecertificeerd om maatregelen in het kader van jeugdbescherming en jeugdreclassering te mogen uitvoeren. Geestelijke gezondheidszorg is een toegepaste wetenschap die zich met de psychische gezondheid van mensen bezighoudt. Wordt gesproken over j-ggz dan wordt daarmee gedoeld op de ggz die zich specifiek richt op jeugdigen. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd houdt toezicht op de kwaliteit en veiligheid van de zorg en jeugdhulp in Nederland. De Inspectie Justitie en Veiligheid houdt toezicht op uitvoeringsorganisaties op de terreinen Jeugd, Asiel en Migratie, Nationale veiligheid, Politie en Sanctietoepassing. In Drenthe kennen we 2 inkoopregio's; o Zuid-Drenthe waarin de gemeenten Borger-Odoorn, Coevorden, De Wolden, Emmen, Hoogeveen, Meppel en Westerveld met het Prestatiemanagementteam (PMT) samen zorg dragen voor de inkoop van jeugdhulp. o Noordmidden-Drenthe waarin de gemeenten Aa en Hunze, Assen, MiddenDrenthe, Noordenveld met de NMD Samenwerking samen zorg dragen voor inkoop en inkoopbeleid van jeugdhulp. Ambtelijk netwerk van regiocoördinatoren uit de 42 jeugdhulpregio's.

89

JB/JR Jeugdhulp

Jeugdzorg JeugdzorgPlus KEES KWV

LVB

NZa

NJi NMD Samenwerking PC Noord

PMT SPUK VDG VNG

Jeugdbescherming en Jeugdreclassering. Jeugdhulp omvat alle vormen van hulp en ondersteuning (opvoedvragen, opvoedhulp, licht verstandelijke beperking, geestelijke gezondheidszorg) variërend van licht ambulant (vaak vanuit een wijkteam, waaronder mogelijk ook gewone opvoedvragen) tot en met intensieve, zeer gespecialiseerde zorg in een al dan niet gesloten setting. Jeugdzorg is het geheel van jeugdhulp, jeugdbescherming en jeugdreclassering. Jeugdzorg-Plus is een vorm van gesloten jeugdhulp die wordt geboden aan kinderen en jongeren die niet bereikbaar zijn voor lichtere vormen van hulpverlening. Kennisplatform Kind En (Echt)Scheiding Kleinschalige Woonvoorziening: een woonvorm voor een kleine groep kinderen en jongeren met complexe problemen met een beperkt aantal professionele opvoeders. Deze vorm van jeugdhulp biedt kinderen en jongeren een thuis met mogelijkheden voor specialistische begeleiding op maat. Mensen met een licht verstandelijke beperking (LVB) hebben aanzienlijke beperkingen in hun cognitieve ontwikkeling en in hun adaptieve vaardigheden (ook wel sociaal aanpassingsvermogen genoemd). De Nederlandse Zorgautoriteit is de toezichthouder op de zorg in Nederland. De NZa houdt onder andere toezicht op het gedrag van alle zorgaanbieders en zorgverzekeraars en kijkt of zij de wet naleven.

Het Nederlands Jeugdinstituut is een nationaal kenniscentrum dat actuele kennis over opvoeden en opgroeien verzamelt, verrijkt, duidt en deelt. Inkoopregio van de vijf gemeenten uit Noordmidden-Drenthe. De Plaatsingscommissie Noord heeft een rol bij het regelen van een plek op een voorziening voor gesloten jeugdzorg. Daarnaast heeft PC Noord ook een adviserende rol in de toeleiding naar een gesloten plaatsing. Het prestatiemanagementteam van de zeven samenwerkende gemeenten uit ZuidDrenthe. Specifieke Uitkering voor gemeenten. De Vereniging Drentse Gemeenten, is de provinciale afdeling van de Vereniging Nederlandse gemeenten. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten verbindt alle gemeenten in Nederland en de overzeese gebieden. De bestuurlijke organisatie van de VNG bestaat sinds 1 september 2018 uit een bestuur, negen adviescommissies en twee colleges. Deze indeling blijft gehandhaafd voor de periode 2022-2026.

VNGCommissie OZJ

De VNG-commissie Onderwijs, Zorg en Jeugd (OZJ) is één van de negen adviescommissies van de VNG.

VWS

Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is een Nederlands ministerie. Dit ministerie draagt in de eerste plaats de zorg voor de volksgezondheid. Staatssecretaris Maarten van Ooijen is de verantwoordelijk bewindspersoon voor het jeugddossier.

90

Bronnen Andersson Elffers Felix (2020) Stelsel in groei, een onderzoek naar financiële tekorten in de jeugdzorg CBS (2021) Daling aantal jongeren met jeugdzorg in 2020 Cliënten, professionals, jeugdhulpaanbieders (2022) Onze jeugd verdient beter, agenda als nieuwe start voor de transformatie van de jeugdhulp Commissie van Wijzen (2021) Jeugdzorg: een onderwerp van aanhoudende zorg Envedder (2022) Regie-op-drie, voortgang en vooruitzien 2022 – envedder… Elzinga, D.J. (2021) Naar nieuwe vormen van decentraal bestuur, bouwstenen voor verbeterde interbestuurlijke betrekkingen en voor een effectief beleidskader decentraal bestuur Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (2021) Jeugdbeschermingsregio Groningen (Groningen en Drenthe), regiorapport vervolgtoezicht kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd Jeugdhulpregio Drenthe (2013) Regionaal transitiearrangement voor de transformatie jeugdzorg in de regio Drenthe Jeugdhulpregio Drenthe (2015) Presentatie aan het ABO op 1 april 2015 Jeugdhulpregio Drenthe (2015) Verslag Bestuurlijk Platform Jeugdhulp Drenthe van 4 november 2015 Jeugdhulpregio Drenthe (2017) Verslag ABO Jeugd van 20 december 2017 Jeugdhulpregio Drenthe (2018) ABO-voorstel over toekomst Jeugdhulpregio Jeugd van maart 2018 Jeugdhulpregio Drenthe (2018) Bestuurlijk Transformatie Akkoord Jeugd Drenthe 2019-2022 Jeugdhulpregio Drenthe (2018) Memo toekomst Jeugdhulpregio Drenthe

Jeugdhulpregio Drenthe (2018) Overdrachtsdocument Statement Jeugd Drenthe Jeugdhulpregio Drenthe (2018) Plan van aanpak Jeugdhulpregio Drenthe 2019 en verder Jeugdhulpregio Drenthe (2018) Samenwerkingsovereenkomst Jeugdhulpregio Drenthe Jeugdhulpregio Drenthe (2018) Toekomstscenario’s Jeugdhulp Regio Drenthe Jeugdhulpregio Drenthe (2018) Transformatiemonitor 2017 Jeugdhulpregio Drenthe (2018) Transformatieplan Zorg voor de Jeugd, Jeugdhulpregio Drenthe 20182020 Jeugdhulpregio Drenthe (2021) Annotatie Inspectie Gezondheid en Jeugd van 4 oktober 2021 Jeugdhulpregio Drenthe (2021) Procesplan toereikend jeugdhulpaanbod Jeugdhulpregio Drenthe (2021) Regiovisie jeugd Drenthe 2021-2025, Norm voor Opdrachtgeverschap Hogeschool Leiden (2020) Kleinschalige voorzieningen Jeugdhulpregio Drenthe: een verkenning Kaats, E. & Opheij, W. (2012) Leren samenwerken tussen organisaties, samen bouwen aan allianties, netwerken, ketens, partnerships Kenis, P. (2022) Presentatie: Het wat, waarom, hoe en de organisatie van governance van samenwerkende organisaties

91

KPMG (2019) Basisfuncties voor lokale teams in kaart Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (2020) Brief aan Tweede Kamer over Aanbieden onderzoek structureel benodigd budget jeugdzorg Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (2020) Memorie van toelichting bij Wet verbetering beschikbaarheid zorg voor jeugdigen Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (2022) Brief aan Tweede Kamer over Hervormingen jeugdzorg Nederlands Jeugdinstituut (2021) Richting geven aan kleinschalig verblijf Pracht werkgroep regio Noord (2020) Businessplan Kleinschalig Specialistisch Wonen Steen, M., De Hoog, J.R., Wendt, A. en Van Twist, M.J.W. (2013) Omgaan met het onbekende, een reflectie op de voorbereiding op de drie decentralisaties Stuurgroep Maatregelen financiële beheersbaarheid Jeugdwet (2021) Maatregelen financiële beheersbaarheid Jeugdwet Teisman, G. Netwerkorganisaties en organisatienetwerken, effectief door sterke en snelle verbindingen Helmich, W. (2021) Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming Vereniging Nederlandse gemeenten (2021) Brief aan leden over Arbitrage jeugd en afspraken Rijk-VNG ZonMw (2018) Eerste evaluatie Jeugdwet ZorgpleinNoord (2022) Arbeidsmarktprognoses Zorg en Welzijn Noord-Nederland Gehrels, A. (2020) Achterzaknotitie lobby Jeugdzorg VDG

92

Colofon Titel:

Omarm de complexiteit

Datum:

Juni 2022

Opdrachtgever:

Jeugdhulpregio Drenthe

Auteurs:

Toke Slaman Anne-Marie Hofstede

Contact:

Toke Slaman mail@tokeslaman.nl Hofstede Advies & Management info@amhofstede.com

Foto cover:

Unsplash.com

Copyr ight © 2022 Hoewel grote zorgvuldigheid is besteed aan het samenstellen van deze uitgave, kan de uitgever geen aansprakelijkheid aanvaarden bij eventuele onjuistheden. Aan de inhoud van deze publicatie kunnen dus geen rechten worden ontleend. Alles uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt, mits de bron wordt vermeld.

93

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Emmen&id=d785a4b7-1239-439d-a5d6-cbd766a7351d