Was-wordt-tabel 1e Wijziging verordening rechstpositie raads- en cie- leden gemeente Elburg 2019
Tekst van het document
Was-wordt-tabel 1e Wijziging Verordening rechtspositie Raads- en commissieleden gemeente Elburg 2019 Leeswijzer In de ‘bestaande tekst’ en ‘nieuwe tekst’ zijn de woorden en leestekens waaraan iets verandert, rood gezet. Toelichting algemeen: Met dit wijzigingsbesluit wordt de Verordening rechtspositie Raads- en commissieleden 2019 gewijzigd. Dit in verband met wijzigingen in het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers alsmede de inhoud van twee circulaires. In artikel 2, tweede lid wordt ‘€ 120 per maand’ vervangen door: € 139,90 per maand (artikel I, onderdeel A, van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst
Nieuwe tekst
2. Een raadslid dat lid is van een commissie als
2. Een raadslid dat lid is van een commissie als
bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het
bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het
Rechtspositiebesluit decentrale politieke
Rechtspositiebesluit decentrale politieke
ambtsdragers wordt voor de duur van de
ambtsdragers wordt voor de duur van de
activiteiten van de commissie een toelage
activiteiten van de commissie een toelage
toegekend van € 120,00 per maand.
toegekend van € 139,90 per maand.
Toelichting: Met ingang van 1 januari 2024 is het bedrag van de maximale toelage voor een lid van een bijzondere commissie verhoogd.1 Deze wijziging voert die verhoging ook in de verordening door. Artikel 3 komt te luiden (artikel I, onderdeel B, van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 3. Reis- en verblijfkosten raads- en commissieleden voor reizen buiten de gemeente 1. Voor reizen buiten het grondgebied van de gemeente ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur als bedoeld in artikel 97 Gemeentewet worden aan een raads- of commissielid vergoed: a. de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer; b. bij gebruik van een eigen auto het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt .
Artikel 3. Reis- en verblijfkosten raads- en commissieleden 1. Voor reizen als bedoeld in artikel 3.1 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.1.7 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers worden aan een raads- of commissielid vergoed: a. de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer; b. bij gebruik van een eigen vervoersmiddel het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt alsmede de
Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 2 september 2022, nr. 2022-0000455249, tot wijziging van enige wetten en besluiten in verband met de arbeidsvoorwaardenovereenkomst voor het personeel in de sector Rijk 2022–2024, Stcrt. 2022, 24634. 1
2. Voor reizen buiten het grondgebied van de gemeente, ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur, worden aan een raadslid of commissielid bij gebruik van eigen auto tevens de parkeer-, veer- en tolkosten vergoed; 3. Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed. 4. Als een raadslid of commissielid een tijdelijke functionele beperking heeft, kan voor reizen als bedoeld in het eerste lid, een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking gesteld. 5. De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte
parkeer- of stallingskosten, veerkosten en tolkosten;
2. Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed. 3. Als een raadslid of commissielid een functionele beperking heeft, kan incidenteel een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking worden gesteld. 4. De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raadslid of
werkelijke verblijfkosten die een raadslid of
commissielid maakt in verband met reizen,
commissielid maakt in verband met
gemaakt voor de uitoefening van de functie,
reizen buiten het grondgebied ter uitvoering
worden ten laste van de gemeente vergoed.
van een beslissing van het gemeentebestuur worden ten laste van de gemeente vergoed. Toelichting: Voor de vergoeding van reiskosten aan raads- en commissieleden voor dienstreizen binnen het grondgebied van de gemeente waren al regels gesteld in het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Voor dienstreizen buiten de gemeente kon dit nog niet omdat de Gemeentewet daarvoor geen grondslag bood. Inmiddels is dat wel het geval en is het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdrager zo aangepast dat het in een vergoeding voor alle dienstreizen voorziet.2 In lijn hiermee wijzigt dit besluit ook de bepalingen in de verordening. In artikel 6, onderdeel a wordt na ‘taakgebied van de commissie’ ingevoegd: ‘voor deelneming aan haar werkzaamheden’ (artikel I, onderdeel C, van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst
Nieuwe tekst
a. Het commissielid op grond van zijn
a. Het commissielid op grond van zijn
bijzondere beroepsmatige deskundigheid op het
bijzondere beroepsmatige deskundigheid op het
taakgebied van de commissie is aangetrokken
taakgebied van de commissie voor deelneming
en/of
aan haar werkzaamheden is aangetrokken en/of
Toelichting: In artikel 3.4.2 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers staat dat de gemeenteraad onder bepaalde omstandigheden bij verordening kan bepalen dat een hogere vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen aan een commissie wordt toegekend. Per abuis is in de verordening een van de omstandigheden onvolledig overgenomen. Deze wijziging herstelt dit.
Besluit van 26 april 2022, houdende wijziging van het Besluit pensioen politieke ambtsdragers, het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, het Voorzieningenbesluit ministers en staatssecretarissen en het Besluit rechtspositie Raad van State, Algemene Rekenkamer en Nationale ombudsman onder meer in verband met de inwerkingtreding van de Wet aanpassing Appa en enkele andere wetten 2021, alsmede aanpassing van het Vergoedingenbesluit nationale ombudsman 2006, Stb. 2022, 178. 2
Artikel 7, tweede lid (artikel I, onderdeel D, van het wijzigingsbesluit) komt te luiden: Bestaande tekst
Nieuwe tekst
2. Het raads- of commissielid levert na
2. Het raads- of commissielid levert na
beëindiging van zijn functie de ter beschikking
beëindiging van zijn functie de ter beschikking
gestelde informatie- en
gestelde informatie- en
communicatievoorzieningen in bij de gemeente.
communicatievoorzieningen in bij de gemeente. Overname van de informatie- en communicatievoorzieningen na schoning is mogelijk tegen vergoeding van de resterende waarde van de voorzieningen in het economisch verkeer.
Toelichting: De gemeente verstrekt informatie- en communicatievoorzieningen in bruikleen aan de politieke ambtsdrager omdat dit noodzakelijk gereedschap is voor het vervullen van de politieke functie. Het fiscale noodzakelijkheidscriterium vereist dat dit digitale gereedschap bij aftreden of ontslag weer door de ambtsdrager wordt ingeleverd bij de gemeente. Dit geeft de gemeente ook de mogelijkheid om dit ICT-middel te schonen. Omdat gemeenten de ICT-middelen daarna niet allemaal hergebruiken en er onder politieke ambtsdragers soms een wens is de ICT-middelen over te nemen, voorziet de verordening met deze wijziging in een facultatieve bepaling om het ICT-middel na schoning over te nemen. De ambtsdrager dient dan wel een vergoeding voor het ICT-middel te betalen die gelijk is aan de resterende waarde van de het ICT-middel in het economisch verkeer. Zie hierover ook de circulaire van 29 maart 2022.3
Artikel 10, tweede lid (artikel I, onderdeel E, van het wijzigingsbesluit) komt te luiden: Bestaande tekst
Nieuwe tekst
2. Een aanvraag om een vergoeding van de
2. Een aanvraag om een vergoeding van de
onkosten als bedoeld in dit artikel gaat
onkosten als bedoeld in dit artikel gaat
vergezeld van een declaratieformulier en
vergezeld van een declaratieformulier en
bewijsstukken.
bewijsstukken. Het vereiste om bewijsstukken te overleggen geldt niet wanneer de vergoeding een forfaitair bedrag betreft.
Toelichting: Als politieke ambtsdragers onkosten declareren dienen zij daarbij in beginsel bewijsstukken te verstrekken. In de Circulaire Introductie bij gemeenten van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers is kenbaar gemaakt dat dit niet aan de orde is als de vergoeding een forfaitair bedrag betreft. 4 In verband met vragen hierover, wordt dit ook in de verordening tot uitdrukking gebracht.
3 4
Circulaire “overname ICT na ambtstermijn decentrale politieke ambtsdragers” 2022-0000173050, 29 maart 2022. Circulaire Introductie bij gemeenten van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers (Stcrt. 2018, 68918) p.8.