Schriftelijke vragen CU RV Jeugdhulp evaluatie Grip op jeugd
Tekst van het document
Vraag/vragen ter voorbereiding van vergadering (geen schriftelijke vraag ex 3.4.6 Organisatieverordening):
Verzoek beantwoording vóór oordeelsvormende vergadering van 26 mei 2025. Indiener: Arie van Dijk Datum: 13 mei 2025
Onderwerp: Raadsvoorstel Jeugdhulp, evaluatie project Grip op jeugd en financiële begrotingsdekking Inleiding: Vooruitlopend op de beeldvormende vergadering van woensdag 14 mei hierbij een aantal schriftelijke vragen over dit raadsvoorstel en vooral de Eindrapportage Grip op uitgaven jeugd 2021-2024.
Vragen: 1.
2.
3.
4.
5.
Raadsvoorstel, Financiën: * Preventieve inzet € 75.000. Hiervoor is conform raadsbesluit van 13 december 2021 toch nog € 903.000 beschikbaar in de bestemmingsreserve sociaal domein? * CJG € 571.000: Waarom zijn de kosten voor basisdienstverlening zoveel hoger dan begroot? Het CJG krijgt toch jaarlijks op basis van hun begroting een bedrag aan subsidie daarvoor toegekend? Hoe verhouden de werkelijke kosten van de basisdienstverlening door het CJG in de jaren 2021 t/m 2024 zich tot de begrote / toegezegde bedragen? * Meerinzicht € 962.000: Hoe hoog zijn de in de begroting 2025 van de gemeente Elburg begrote en de nu volgens prognose geraamde kosten voor specialistische jeugdhulp voor 2025? Eindrapportage Grip op uitgaven jeugd P. 2: Graag ontvangen wij ook een overzicht per onderdeel van begroting en realisatie over 2021-2024 van de bezuinigingsmaatregelen binnen het brede sociale domein. Idem P. 8 Residentiële zorg (segment 2): Kunt u een overzicht geven van het totaal aantal verblijfsdagen van alle jeugdigen samen over de jaren 2022 t/m 2024? Hoe ligt dit tot nu toe voor 2025? Idem P.
11 en 12: Hoe verhouden de werkelijke kosten en het aandeel van het Rijk daarin via de algemene uitkering uit het gemeentefonds zich tot elkaar over de jaren 2021 t/m 2024? Overzicht Jeugdhulpcijfers 2020-2024 (themasessie 23 april 2025): Voor 2024 leidt de optelling van de verschillende segmenten, arrangementen en overige kosten tot een totaalbedrag van € 7.723.129, terwijl dit volgens het totaaloverzicht € 8.027.765 is. Waar zit het verschil van ca. € 0,3 miljoen in?