Raadsvoorstel MPB 2026-2029 1okt2025
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Onderwerp
Meerjarenprogrammabegroting 2026-2029 (MPB)
Behandelaar:
Financieel adviseurs
Datum Portefeuillehouder
1 oktober 2025 Mw. A.C. Sneevliet-Radstaak
Zaaknummer: Bijlagen:
492772 Meerjarenprogrammabegroting 2026-2029
Korte beschrijving voorstel In de meerjarenprogrammabegroting (MPB) 2026-2029 staan we stil bij de doelen van onze gemeente, bij wat we gaan doen om deze doelen te bereiken en wat het mag kosten. We geven hierbij de uitgaven en inkomsten weer die we voor de komende vier jaar verwachten. We presenteren een sluitende begroting voor de komende vier jaren en vragen uw raad om deze begroting vast te stellen. Te nemen besluit: 1. De Meerjarenprogrammabegroting 2026-2029 vast te stellen. Inleiding Graag presenteren wij u de begroting. Deze begroting gaat over het jaar 2026 en geeft het financiële meerjarenperspectief weer tot en met 2029. In deze begroting is de najaarsrapportage 2024, perspectiefnota 2025 en de meicirculaire 2025 verwerkt. Conform artikel 5, lid 3, van de financiële verordening van de gemeente autoriseert de raad de investeringen voor het eerste begrotingsjaar met het vaststellen van de begroting. Deze investeringen vindt u terug in de meerjareninvesteringsplanning (MIP) in bijlage 7 bij de MPB 2026-2029. Indien investeringen niet direct worden vastgesteld dan geeft de raad bij de begrotingsbehandeling aan van welke nieuwe investeringen hij op een later tijdstip een apart voorstel wil ontvangen voor verdere autorisatie van het investeringskrediet.
Beoogd effect Vóór 15 november 2025 een sluitende en door de raad vastgestelde begroting aan gedeputeerde staten te versturen. Argumenten 1.1 Er wordt een meerjarenbegroting gepresenteerd met de volgende begrotingssaldi. Op basis van bestaand beleid, verwachte mutaties in het gemeentefonds, wensen nieuw beleid of wijzigingen bestaand beleid wordt alle jaren met een sluitend begrotingssaldo gepresenteerd. 1.2
De voorstellen uit de Perspectiefnota 2025 zijn opgenomen in voorliggende MPB 2026-2029. Bij het opstellen van deze MPB zijn de Perspectiefnota 2025 en de MPB 2025-2028 leidend geweest. In het programmaplan van de MPB 2026-2029 vindt u onder elk programma een toelichting met het verloop vanuit de vastgestelde (primitieve) begroting 2025-2028 naar de nu aan u aangeboden begroting.
1.3
Op grond van artikel 190 van de Gemeentewet biedt het college uw raad jaarlijks voorafgaand aan het begrotingsjaar een ontwerpbegroting aan. Om onder repressief toezicht te vallen dient de MPB voor 15 november 2025 te worden vastgesteld en ingediend bij het college van gedeputeerde staten. Op grond van artikel 191 Gemeentewet moet de door uw raad vastgestelde begroting binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór 15 november van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor
2
de begroting dient, aan gedeputeerde staten worden toegezonden. Kanttekeningen 1.1
Uitkomsten van de septembercirculaire 2025 zijn niet meegenomen. De septembercirculaire 2025 vormt geen onderdeel van deze MPB. We informeren uw raad over de uitkomsten van deze circulaire zodra deze is doorgerekend.
1.2
In de begroting is de huidige financiële verordening toegepast. In 2024 zijn de financiële verordening 2025 en de bijbehorende nota’s herzien. Bij het opstellen van deze begroting zijn deze kaders gehanteerd.
Financiën Perspectiefnota 2025 In de perspectiefnota 2025 is richting gegeven voor het samenstellen van de begroting. Alle ‘nieuw beleid’ wensen zijn daarin opgenomen evenals afspraken omtrent verhoging van diverse heffingen. Op hoofdlijnen was de uitkomst van de perspectiefnota de volgende (nieuwe voorstellen/A1 lijst met oplossingsrichtingen):
Bedragen * € 1.000 Voorstellen A1 lijst* Incidenteel Structureel
2026
Subtotaal Oplossingsrichtingen Incidenteel Structureel Subtotaal Totaal
2027
2028
2029
-1.008 -5.031 -6.039
-992 -5.031 -6.023
-5.031 -5.031
-5.031 -5.031
1.008 4.488 5.496 -543
992 4.586 5.578 -445
4.579 4.579 -452
5.127 5.127 96
*In de begroting zijn alle opgenomen voorstellen van de A1-lijst per programma toegelicht Oplossingsrichting ombuigingen Het college onderstreept de noodzaak dat er maatregelen nodig zullen zijn om in de toekomst, zonder structurele inzet van de algemene reserve en met concrete invulling van bezuinigingstaakstellingen, te komen tot een structureel sluitende begroting. Over dit traject, de zogenaamde ‘ombuigingen fase 2’ bent u reeds op de hoogte gebracht en zult u nader bij betrokken worden. Hiermee geven wij ook invulling aan uw motie van 7 juli om vooraf betrokken te worden bij ombuigingen in het sociaal domein. Vooruitlopend op deze maatregelen is bij behandeling van de perspectiefnota 2025 kritisch gekeken naar de eerste ombuigingen waarbij op bedrijfsvoering € 250.000 structureel op diverse onderdelen daadwerkelijke (uitgaven)posten is bezuinigd. U kunt daarbij denken aan besparingen op de formatie, systemen en vermindering van bedrijfsvoeringsbudgetten. Ook vanuit het sociaal domein is een verwachte lagere last op Jeugdhulp geraamd van structureel € 250.0000. Voornamelijk het resultaat van intensief inzetten op vroegtijdig ondervangen van problemen waardoor verdere en meer prijzige zorg in latere stadia bij jeugd niet noodzakelijk is.
Na invulling van dit ombuigingsdeel resteert nog een taakstelling welke vanaf 2027 vanaf €500.000 oploopt naar een in te vullen opdracht van €1.250.000 in 2029. In de begroting is onder het programma ‘algemene dekkingsmiddelen, overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien’ een overzicht opgenomen van de inzet van de algemene reserve en de verwerkte stelposten in de begroting.
3
Oplossingsrichting inzet reserves perspectiefnota 2025 vs begroting 2026 Er is de mogelijkheid om naast incidentele inzet van reserves ook vrije reserves in te zetten als structurele dekking. In de begroting is op dit moment ingezet € 926.000. Voor alle jaren is de inzet als volgt: Begroting 2026-2029 (* € 1.000) Inzet ruimte reserves als structurele dekking
2026
2027
926
2028
453
2029 66
72
In de calculatie van de vrije reserves is ook een kritische beoordeling van onze paragraaf risicobeheersing en weerstandsvermogen meegenomen zodat de benodigde weerstandscapaciteit ook van voldoende omvang is. In de perspectiefnota 2025 is € 3.157.000 geraamd als inzet vanuit de reserves om alle nieuw beleid wensen te kunnen dekken. Bij uitwerking van de perspectiefnota (A1-lijst) heeft een gedeelte van de voorgenomen inzet van vrije reserves plaatsgevonden welke als structurele bijdrage mag worden gezien ter hoogte van €926.000 (PN2025: €900.000) en een incidentele dekking conform de perspectiefnota van € 1.008.000. Er is uiteindelijk mede door de hieronder vermelde majeure posten geen beroep gedaan op dekking vanuit het begrotingsresultaat van € 782.000 en het vormen van een reserve ter egalisatie van kapitaallasten te dekken van €467.000. Jeugdhulp en maatwerkvoorziening Wmo In de Perspectiefnota 2025 is een bedrag van € 3.227.000 verwerkt als gevolg van stijgende kosten binnen zowel de jeugdzorg als de maatwerkvoorzieningen Wmo. In algemene zin stijgen de kosten in de zorg. We zien demografische ontwikkelingen, de zorgtrajecten worden intensiever en daarmee worden er hogere tarieven gevraagd, zorg wordt duurder en preventie en ondersteuning binnen de eigen omgeving wordt belangrijker.
De taken die onder deze achterliggende wetten vallen zijn voor uitvoering van de gemeente. Tegelijkertijd komen er minder tot geen middelen bij vanuit het Rijk om deze taken uit te voeren. Dit voert de financiële druk op, vormt een structureel risico en dwingt tot het maken van keuzes. Schatting Hervormingsagenda commissie van Ark 2027 vs uitwerking meicirculaire 2025 Een opgenomen raming als compensatie van € 1.600.000 in de perspectiefnota voor 2028 en 2029 blijkt voor een deel te zijn omgezet naar een werkelijke uitkering voor deze jaren volgens de meicirculaire 2025. Voor het restant is uiteindelijk een stelpost Hervormingsagenda commissie van Ark 2027 opgenomen van ongeveer €1.145.000 (2027: €1.101.000). Motie minimabeleid: Ouder-/kind pakket Bij uitwerking van de begroting is gezien de ontwikkeling voor de jaren 2028 en 2029 geen structureel bedrag opgenomen voor het continueren van het ouder-/kind pakket. Redenen hiervoor zijn de sterk onder druk staande begrotingsjaren 2028 en 2029, waardoor dit in de komende jaren beter kan worden heroverwogen.
Majeure posten verwerkt in de begroting 2026-2029 Naast de bouwstenen vanuit de perspectiefnota heeft er ook een beoordeling van de gehele begroting plaatsgevonden waarbij de volgende ‘majeure’ wijzigingen in de begroting zijn aangebracht: Omschrijving (bedragen x € 1.000)
2026
1.
Mutaties m.b.t. 2026 e.v. uit najaarsrapportage 2024
507
V
425
V
231
V
231
V
2.
Mutaties m.b.t. 2026 e.v. uit voorjaarsrapportage 2025
323
V
-85
N
-84
N
-84
N
3.
Aanpassing lonen (voordelig) aan CPB index meerjarig
1.070
V
936
V
887
V
-291
N
4.
Wijziging jaarlijkse terugkerende incidentele dekking reserves voor structurele taken sociaal domein
-834
N
-742
N
-742
N
-742
N
5.
Dekking begraafrechten
228
V
248
V
6.
Aanpassing stelposten n.a.v. diverse algemene uitkering circulaires 2023 t/m 2025 Tariefaanpassing afvalstoffenheffing i.v.m. 100% kostendekkendheid
-361
N
1.088
V
255
V
393
V
7.
2027
-806 -
2028
N
-381 -
N
2029
4
8.
Tariefaanpassing rioolheffing i.v.m. 100% kostendekkendheid
Totaal posten
1.
2.
3.
4.
260
V
153
V
414
V
230
V
1.073
V
Mutaties m.b.t. 2026 e.v. uit najaarsrapportage 2024: In de najaarsrapportage 2024 hebben budgetaanpassingen plaatsgevonden voor het jaar 2025 maar ook voor 2026 en verder. Deze vastgestelde wijzigingen zijn nu verwerkt vanaf 2026 e.v. Voortaan verwerken wij de uitkomsten van de najaarsrapportage in de perspectiefnota van het daaropvolgende jaar. Mutaties m.b.t. 2026 e.v. uit voorjaarsrapportage 2025: In de voorjaarsrapportage 2025 hebben budgetaanpassingen plaatsgevonden voor het jaar 2025 maar ook voor 2026 en verder. Deze vastgestelde wijzigingen zijn nu verwerkt vanaf 2026 e.v. Aanpassing lonen (voordelig) aan CPB index meerjarig: Afgelopen jaar is de indexering van lonen hoger in de begroting opgenomen dan in de laatste meicirculaire werkelijk blijkt te hoeven. Daarnaast zijn diverse personeelsleden ingezet voor werkzaamheden waarvoor dekking vanuit het Rijk aanwezig is. Gewijzigde wijze van jaarlijkse dekking vanuit reserve sociaal domein voor structurele taken (niet zijnde inzet als egalisatiereserves voor kapitaallasten): Jaarlijks terugkerende ‘incidentele’ dekking vanuit een reserve toevoegen aan de exploitatie om structurele taken uit te kunnen voeren is in deze begroting (vanuit oogpunt van naleving Besluit Begroting en Verantwoording en op herhaaldelijk advies vanuit de provinciaal toezichthouder in de jaarlijkse begrotingsbrief) gecorrigeerd.
Het eindeffect is het niet meer begroten van een jaarlijks terugkerende incidentele onttrekking uit de reserve sociaal domein’. Daarmee wordt het begrotingssaldo nadelig beïnvloed, maar de reserve sociaal domein vermindert niet meer met deze jaarlijkse bedragen.
5.
6.
7.
8.
Dekking begraafrechten: Het college hecht waarde aan een respectvol en zorgvuldig beheer van onze begraafplaatsen. Uit recente inzichten blijkt dat het huidige dekkingspercentage rond de 65% ligt, in tegenstelling tot de in de perspectiefnota genoemde 85%. Om plotselinge financiële effecten voor inwoners te voorkomen, kiest het college ervoor om dit verschil in 2026 en 2027 tijdelijk aan te vullen vanuit onze bestaande reserves. Deze tijd wil het college gebruiken om samen met belanghebbenden toe te werken naar nieuw beleid en het daarbij gewenste dekkingspercentage. Dit doen we met oog op draagvlak, betaalbaarheid en zorgvuldige communicatie richting inwoners. Het voorstel voor het toekomstige beleid legt het college medio 2027 voor aan de raad. Aanpassing stelposten n.a.v. diverse algemene uitkering circulaires 2023 t/m 2025: Bij afstemming van de begroting met de laatste stand van de algemene uitkering zijn bestaande stelposten (verwachte ontvangsten) geactualiseerd. In een aantal gevallen is de stelpost inmiddels in een werkelijke uitkering omgezet. Afvalstoffenheffing kostendekkende lijn naar de toekomst: Het college streeft ernaar om de kosten van afval beheersbaar te houden. In 2026 en 2027 maken we gebruik van de bestaande reserve afvalstoffenheffing. Zo zijn wij in staat om een deel van de prijsstijging op te vangen.
Ondertussen willen we de stijgende kosten voor afvalverwerking beperken via efficiëntie. Bijvoorbeeld door de invoering van Diftar, maar ook te werken aan nieuwe beleidskaders voor afval. Dit biedt ons de gelegenheid om samen opnieuw te kijken naar de inkomsten en uitgaven en te bepalen hoe we in de toekomst op een verantwoorde manier met deze kosten omgaan. Met het uitgangspunt om onze dienstverlening op het gebied van huishoudelijk afval kostendekkend aan onze inwoners aan te bieden. Rioolheffing kostendekkende lijn naar de toekomst: Ook op het gebied van riolering hechten wij aan een stabiele en betaalbare aanpak. We beschikken momenteel over een toereikende voorziening. Echter is het beheerplan verouderd en verwachten we dat de komende kosten op ons afkomen. Daarom zal het college medio 2026 een nieuw beheerplan, inclusief bijbehorende rioolheffing, aan de raad voorstellen.
5
Financiële samenvatting begroting In de financiële samenvatting van de begroting wordt aandacht besteed aan zowel financiële risico’s, het financiële meerjarenperspectief van de gemeente en is ook een algemene beoordeling opgenomen van het structurele begrotingssaldo en de inzet van vrije reserves als structurele bate. Presentatie begrotingscijfers (x € 1.000) Totale lasten
2026
V/N
2027
V/N
2028
V/N
2029
V/N
88.011
N
82.178
N
81.279
N
82.893
N
Totale baten
83.588
V
79.250
V
80.776
V
82.568
V
Saldo baten en lasten
4.423
N
2.928
N
503
N
325
N
Toevoegingen en onttrekkingen reserves (*)
4.423
V
2.928
V
503
V
325
V
Begrotingssaldo
0
0
0
0
Waarvan incidentele baten en lasten (saldo)
201
N
0
1.145
V
1.101
V
Structureel begrotingssaldo
201
V
0
1.145
N
1.101
N
Structureel begrotingssaldo De verschillende begrotingsjaren laten zien dat er in de jaren 2026 tot en met 2029 sprake is van een sluitend begrotingssaldo, met de inzet van onze algemene reserve. Voor 2028 en 2029 is op advies van de Vereniging Nederlandse Gemeenten een incidentele bate opgenomen voor een verwachte tegemoetkoming / compensatie van het rijk op het gebied van jeugdhulp (noemer: Hervormingsagenda ‘Deskundigen commissie-Van Ark 2027’). Door deze incidentele bate uit het begrotingssaldo te lichten ontstaat het structurele beeld en dat laat vervolgens een negatief saldo zien. Opbouw begroting De opbouw van de begroting bestaat uit het programmaplan met bijbehorende paragrafen en tenslotte het financieel plan. Onder elk programma staat een tabel met de opbouw van de meerjarencijfers per begrotingsjaar vanuit de door de raad vastgestelde begroting 2025-2028. In deze begroting is vanuit de vastgestelde begroting 2025-2028 een samenvatting op hoofdlijnen verstrekt welke het actuele begrotingssaldo verklaart. Onderstaand een overzicht met de begrote saldi per programma. Programma’s (bedragen x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
0. Bestuur en ondersteuning (*)
49.570
V
49.159
V
47.485
V
48.757
V
1. Veiligheid
2.550
N
2.628
N
2.664
N
2.694
N
2. Verkeer, vervoer en waterstaat
4.150
N
4.151
N
3.428
N
3.505
N
3. Economie
254
V
361
N
363
N
358
N
4. Onderwijs
2.813
N
2.657
N
2.574
N
2.565
N
5. Sport, cultuur en recreatie
6.316
N
5.627
N
5.189
N
5.612
N
6. Sociaal domein
30.892
N
30.860
N
30.218
N
31.596
N
224
N
56
N
499
V
631
V
2.878
N
2.819
N
2.547
N
3.057
N
0
-
0
-
0
-
0
-
7. Volksgezondheid en milieu 8. Volkshuisvesting, R.O. en stedelijke vernieuwing Totaal
Communicatie/burgerparticipatie Na behandeling in de raad volgt publicatie van de MPB in de huis-aan-huiskrant. Vervolg Na vaststelling van de MPB 2026-2029 door uw raad wordt deze vóór 15 november toegezonden aan het college van gedeputeerde staten. Bijlage(n) Meerjarenprogrammabegroting 2026-2029
6
Elburg, 1 oktober 2025 Het college van burgemeester en wethouders, de burgemeester,
de secretaris,
ir. J.N. Rozendaal
mr. A. van der Maat-Bosma