CConstaterende datelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2024 (wijzigingen gearceerd)

Raadsvergadering 7 juli 2025, gemeente elburgBij agendapunt: Raadsvoorstel jaarstukken 202443.925 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

Onvoorzien Het bedrag voor onvoorzien wordt in onze gemeente in zijn geheel op één programma geraamd.

73

Jaarverslag 2024

3. 3 Jaarverslag Paragrafen

74

Jaarverslag 2024

3.1 Paragraaf 1

Weerstandsvermogen en risicobeheersing Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen geeft de relatie weer tussen de beschikbare weerstandscapaciteit (in hoeverre beschikt de gemeente over middelen en mogelijkheden om niet begrote kosten te dekken) en de benodigde weerstandscapaciteit (risicoprofiel). De mate waarin de beschikbare weerstandscapaciteit schade en verliezen als gevolg van risico’s kan opvangen geeft een indruk van de financiële positie van de gemeente. Het weerstandsvermogen wordt vertaald in een (incidentele en structurele) ratio waarbij de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit wordt bepaald. Bij de beoordeling van de ratio wordt het voorbeeld van de provincie Gelderland gebruikt: Ratio

Betekenis

>= 2,0

Uitstekend

1,4 < 2,0 1,0 < 1,4

Ruim voldoende Voldoende

0,8 < 1,0 0,6 < 0,8

Matig Onvoldoende

< 0,6

Ruim onvoldoende

Bepaling weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen wordt bepaald uit de relatie tussen de weerstandscapaciteit en de risico’s. Omschrijving

Beschikbare weerstands capaciteit

Benodigde weerstands capaciteit

Ratio

2,48

Incidenteel weerstandsvermogen algemene dienst

Incidenteel

21.793.000

8.771.000

weerstandsvermogen bouwgrondexploitatie

incidenteel

5.000.000

2.017.000

2,48

26.793.000

10.795.000

2,48

2.287.395

Onbekend

N.v.t.

Totaal Structureel weerstandsvermogen algemene dienst

structureel

Het incidentele weerstandsvermogen algemene dienst en het incidentele weerstandsvermogen bouwgrondexploitatie vormen voor de gemeente in de praktijk uiteindelijk één geheel. Wanneer beide ratio’s worden samengevoegd komt de ratio uit op 2,47 wat Uitstekend is om de niet gekwantificeerde risico’s op te vangen. Het structurele weerstandsvermogen is onbekend. De structurele financiële zijn niet op geld gekwantificeerd, hierdoor kunnen deze niet cijfermatig berekend worden. Mochten deze risico’s zich voordoen dan kunnen deze in eerste instantie incidenteel worden opgevangen. De beschikbare weerstandscapaciteit is in deze een noodzakelijke buffer om mogelijke financiële nadelen op te kunnen vangen. Bij de Nota reserves en voorzieningen 2019 is besloten om in de algemene reserve een minimumbedrag aan te houden van € 7.500.000 ter dekking van risico’s. Voor wat betreft de reserve bouwgrondexploitatie is een minimumbedrag van € 2.500.000 aangehouden ter dekking van de risico’s. Tevens kent deze reserve een maximum van € 5.000.000. De beschikbare weerstandscapaciteit is in deze een noodzakelijke buffer om mogelijke financiële nadelen op te kunnen vangen. Bovenstaande berekening betreft een momentopname. Bij een goedwerkende beheersorganisatie hoeven er geen problemen te ontstaan. Uiteindelijk kan de gemeente maatregelen treffen als risico’s zich daadwerkelijk voordoen.

Risicobeheersing Toepassen risicobeheersing Risicobeheersing wordt toegepast om de nadelige gevolgen van risico’s te beheersen. Het geeft ons inzicht in wat er kan gebeuren. Als tweede stelt het ons in staat prioriteiten toe te kennen zodat risico’s beter vergelijkbaar zijn, er geen ad hoc acties volgen, maar bewuste en vooraf bepaalde maatregelen genomen worden. Ten derde maakt risicobeheersing een betere (financiële) afweging mogelijk bij de besluitvorming om maatregelen te treffen en de gevolgen van voorvallen op te vangen. Ten slotte is er nog het argument dat risicobeheersing ons in staat stelt de genomen beslissingen over het al dan niet accepteren van risico’s te verantwoorden.

75

Jaarverslag 2024

Beheersmaatregelen Beheersmaatregelen op het gebied van de administratieve organisatie en interne controle (onder andere rechtmatigheid) aangevuld met deugdelijke managementrapportages ten behoeve van beheersing van risico’s zijn onderdeel van de vastgelegde werkprocessen en behoren tot de dagelijkse werkzaamheden. Deze maatregelen zijn ter opvang van organisatierisico’s die de gemeente loopt, zowel intern als extern.

Risico-inventarisatie Een risico is de onzekerheid (kans) dat een gebeurtenis met (negatieve) gevolgen (effect) zich voordoet.

Risico = kans x effect De hoogte van het risico wordt bepaald door de kans of waarschijnlijkheid dat iets gebeurt en de gevolgen of impact van die gebeurtenis. Het beoordelen van risico’s kan zowel kwalitatief ook kwantitatief gedaan worden. Bij de kwalitatieve beoordeling worden de geïnventariseerde risico’s onderverdeeld in algemene, concrete of specifieke risico’s en wordt de kans dat een risico zich daadwerkelijk voordoet ingeschat. De kwantitatieve beoordeling wordt mede gestimuleerd door het BBV-voorschrift om het weerstandsvermogen te bepalen. Kwantificeren betekent het in geld uitdrukken van de mogelijke gevolgen van geïnventariseerde risico’s. Naast de bepaling van het weerstandsvermogen heeft het kwantificeren ook tot doel om ordening aan te brengen ten bate van sturing en beheersing. De impact van risico’s is vaak afhankelijk van de omvang van het risico en de mate van waarschijnlijkheid dat het risico zich daadwerkelijk voor zal doen. Het kwantificeren van risico’s vindt periodiek plaats. Tweemaal per jaar, bij de begroting en de jaarrekening, wordt in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing de incidentele en structurele risico’s berekend. Bedragen beneden de € 25.000 worden daarbij niet meegenomen. Op deze wijze wordt het risico dan gemonitord en niet “uit het oog verloren”.

Risico-inventarisatie De risico’s van de gemeente worden ingedeeld in drie categorieën: algemeen, concreet en specifiek. Uitgangspunt bij het bepalen van de risico’s is het gegeven dat de gebeurtenissen nooit allemaal tegelijk en volledig zullen optreden. In een risicoprofiel van meerdere risico’s is het niet waarschijnlijk dat ze tegelijk in één jaar zullen optreden. Sommige risico’s zullen zich nooit voordoen, terwijl andere daarentegen zich in hun maximale omvang manifesteren. Voor het kwantificeren van de risico’s worden de volgende uitgangspunten gehanteerd:

Algemene risico’s Algemene risico’s zijn voor de gemeente aan te merken als normale risico’s. De algemene risico’s worden onderstaand benoemd omdat deze risico’s in de toekomst voor de gemeente Elburg specifieke risico’s kunnen worden. Voorbeelden van algemene risico’s zijn: ▪ Economische conjunctuur ▪ Renteontwikkelingen ▪ Algemene uitkering Gemeentefonds ▪ Open einde regelingen ▪ Organisatierisico’s ▪ Samenwerkingstrajecten ▪ Deelnemingen ▪ Verbonden partijen Algemene risico’s zijn niet direct te kwantificeren. Het geheel van algemene risico’s geeft wel aanleiding voor het vormen of in standhouden van een minimaal algemeen weerstandsvermogen. Als richtlijn wordt 5% van de totale uitgaven (exclusief stortingen in de reserves) van het begrotingsjaar als risicobedrag opgevoerd. Afgerond komt dit neer op een gekwantificeerd risico van € 4.2 miljoen.

Concrete risico’s Voor concrete risico’s, bij een kans van optreden > 60%, worden bestemmingsreserves en/of voorzieningen ingesteld. De hoogte van de voorzieningen en bestemmingsreserves dekken de gesignaleerde concrete risico’s in financiële zin voldoende af. Het te kwantificeren restrisico bedraagt hiermee dan ook nihil.

Specifieke risico’s Ter bepaling van de benodigde weerstandscapaciteit kwantificeert het college de risico’s door het gevolg (impact/omvang bedrag) en de daarbij behorende kans (verwachting dat het risico zich voordoet/risicoprofiel) te vermenigvuldigen. 76

Jaarverslag 2024

Het risicoprofiel vertaalt zich in een bandbreedte van 0% tot en met 60%. Geïnventariseerde risico’s worden op basis van kennis en ervaring ingeschaald binnen deze bandbreedte. Voor enkele risico’s is de inschaling reeds bepaald: 1.] Voor garanties geldleningen zijn de volgende risicoprofielen in overleg met de auditcommissie bepaald: 1. Eigen woningen particulieren 5,0% 2. WEW - Nationale Hypotheek Garantie 2,5% 3. WSW – woningcorporaties 0,0% 4. Overige stichtingen en bedrijven 5,0% Omdat de vier categorieën garantstellingen verschillen qua (financieel) risico is het verantwoord om ook het risicoprofiel per categorie te bepalen. Voor de garantstellingen waarbij de gemeente alleen garant staat wordt het huidige profiel van 5% gehanteerd. De zekerheidsstructuur van het WEW verlaagt het risico nadrukkelijk en is slechts zeer gering. Toch wordt bij NHG voorgesteld voorzichtigheidshalve te kiezen voor een risicoprofiel van 2,5%. De cijfers van de Nationale Hypotheek Garantie (NHG) worden pas begin juli bekend gemaakt, gepresenteerde cijfers zijn van een jaar eerder. Tenslotte is de zekerheidsstructuur van het WSW dusdanig goed vormgegeven dat hiervoor het risicoprofiel op nihil gezet kan worden. 2.] Voor verstrekte geldleningen met een publiek belang (o.a. sportaccommodaties, dorps- en gemeenschapshuizen) geldt een risicoprofiel van 5,0%.

3.] Voor de grondcomplexen in exploitatie wordt jaarlijks een risicoanalyse gemaakt. Het totale berekende risico wordt als vast gegeven meegenomen. Voor nog niet in exploitatie genomen complexen bouwgrondexploitatie werd doorgaans een risicoprofiel gehanteerd van 10%, voor in exploitatie genomen complexen hanteren we een profiel van 50%. Door gewijzigde regelgeving worden niet in exploitatie genomen gronden omgezet naar strategische gronden. De strategische gronden worden gewaardeerd op basis van verkrijgingsprijs of de lagere marktwaarde. De stelselwijziging zorgt ervoor dat afwaarderingen en verliesvoorzieningen voor deze gronden niet langer als risicopost wordt opgenomen.

Risicokwalificatie en -kwantificatie Omschrijving

Grondslag

Risico profiel

Benodigde capaciteit

143.000

5%

7.000

32.000.000

2,5%

800.000

74.395.000

0%

0

353.000

5%

18.000

959.000

5%

48.000

Eventuele opmerkingen

risico

Garantie geldleningen woningen particulieren Garanties WEW /NHG (Waarborgfonds Eigen Woningen) Garanties WSW (Waarborgfonds Sociale Woningbouw) Garantie geldleningen met publiek belang Verstrekte geldleningen met publiek belang

Bodemverontreinigingen Onbekend Algemene risico’s Totaal incidenteel algemene dienst

83.207.000

0

5%

191.057.000

4.160.000

Totaal incidenteel bouwgrond Omschrijving

Gevolgen inflatie/energieprijzen

Gemeentefonds: Compensatie tekorten jeugdhulp/nieuw financieringsstelsel/nadere onderzoeken herijking/verkiezingen

div.

6.289.000 Grondslag risico

Het risicoprofiel van de WEW is voorzichtigheidshalve ingeschat op 2,5%. Het risicoprofiel van de WSW is ingeschat op nihil, omdat bij ingebrekestelling leningen worden gevraagd. Dit betreft garanties aan overige stichtingen/ bedrijven. Aan verenigingen en stichtingen zijn geldleningen verstrekt voor het realiseren van nieuw- en verbouw van (sport-) accommodaties. Er is een redelijk beeld van de (potentieel) verontreinigde locaties in de gemeente. Financiële risico’s zijn niet te kwantificeren. 5% van de uitgaven in het begrotingsjaar

5.033.000

Grondexploitatie complexen 6.289.000

Er komen geen nieuwe garanties bij zodat het risico jaarlijks afneemt.

2.017.000

Dit is het risicobedrag o.b.v. risicokaarten per complex en de mogelijke gevolgen van de marktwaardetoets

2.017.000 Risicoprofiel

Benodigde capaciteit

Eventuele opmerkingen

Onbekend

Het is onduidelijk of de hoge inflatie en de energieprijzen gevolgen voor 2023 en verder structurele financiële gevolgen zal hebben. Deels wordt het gecompenseerd door het accres in het gemeentefonds. In de begroting is naast de reguliere inflatie een structurele stelpost van €400.000 opgenomen. Voor de stijging van de energielasten is in 2024 een stelpost geraamd van € 500.000.

Onbekend

Na 2026 staat de hoogte van het gemeentefonds allerminst vast. Er spelen 3 dossiers: er komt een vervolg op de herijking en er is nog geen duidelijkheid over de structurele compensatie tekorten

77

Jaarverslag 2024

jeugdhulp. Daarnaast heeft het rijk een nieuw financieringsstelsel ingevoerd voor de algemene uitkering ingaande 2026. De effecten zijn nog onduidelijk. Ook de aankomende verkiezingen maken de omvang van het gemeentefonds onzeker.

Onbekend

Het beroep op Wmo begeleiding en jeugd neemt door verschillende oorzaken landelijk toe. De vraag is of de (aanvullende rijksmiddelen toereikend zullen zijn. De reserve sociaal domein kan voor deze begrotingsperiode tekorten opvangen.

Uitvoering participatiewet

Onbekend

De inkomsten voor de werkvoorziening nemen jaarlijks af. Hierdoor zullen er in de toekomst tekorten ontstaan. Met de reserve sociaal domein op de achterhand zullen op termijn naar verwachting extra structurele middelen beschikbaar gesteld moeten worden.

Invoering Omgevingswet

Onbekend

Het is onduidelijk in welke mate voor deze taak in de toekomst structurele middelen beschikbaar gesteld moeten worden.

Totaal structureel algemene dienst

Onbekend

Uitvoering jeugdwet/ Wmo

Algemene dienst De grondslag voor de berekening van de totaal gekwantificeerde incidentele risico’s vormt een bedrag van bijna € 341 miljoen. De gekwantificeerde risico’s zijn gebaseerd op het maximum te betalen bedrag. Het risicoprofiel geeft aan in welke mate het risico wordt meegenomen voor de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. Het totale kwantificeerbare risico bedraagt € 8.771.000 (incidenteel).

Bouwgrondexploitatie De grondslag voor de berekening van het totaal aan gekwantificeerde risico’s voor de bouwgrondexploitatie bedraagt € 6,3 miljoen. Ten aanzien van het risico van de gronden is het risicoprofiel divers. In totaal komt het risico op € 2.017.000.

Structurele weerstandscapaciteit Bovenstaande structurele risico’s zijn niet gekwantificeerd vanwege de langere termijn van het mogelijk optreden van het risico. De grondslag voor de berekening van de totaal gekwantificeerde structurele risico’s zijn onbekend.

Weerstandscapaciteit De omvang van de weerstandscapaciteit is van belang voor de beoordeling van de financiële positie van de gemeente. De weerstandscapaciteit omvat de mogelijkheden voor een gemeente om financiële tegenvallers (risico’s) op te kunnen vangen.

Beschikbare weerstandscapaciteit Wat niet wordt meegenomen zijn de stille reserves en de bestemmingsreserves. Stille reserves worden gevormd door bezittingen die wel aanwezig zijn maar waarvan de waarde niet uit de balans blijkt. Een algemeen kenmerk is dat men er niet direct over kan beschikken. Om deze reden worden de stille reserves niet tot de beschikbare weerstandscapaciteit gerekend. Theoretisch is het mogelijk om bestemmingsreserves in te zetten voor berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. In de vastgestelde nota reserves en voorzieningen 2019 zijn de bestemmingsreserves (op bestaansrecht) doorgelicht. Vandaar dat deze categorie niet meegenomen wordt ter bepaling van de beschikbare weerstandscapaciteit.

Inventarisatie De weerstandscapaciteit bestaat uit drie onderdelen. 1. Algemene (weerstands-) reserves 2. Ruimte in de begroting 3. Onbenutte belastingcapaciteit 1. Algemene (weerstands-)reserves Voor de bepaling van de weerstandscapaciteit is de hoogte van het vrije deel van de volgende reserves van belang. Omschrijving

Vrij besteedbaar saldo

Algemene reserve

21.743.000

Algemene reserve bouwgrondexploitatie

5.000.000

Zoals aangegeven hebben beide reserves ter dekking van de risico’s een minimumsaldo van respectievelijk € 7,5 miljoen en € 2,5 miljoen. 78

Jaarverslag 2024

2. Ruimte in de begroting Bij de bepaling van de ruimte in de begroting wordt uitgegaan van de opgestelde MPB 2024-2027. Op een viertal onderdelen in deze MPB kan de eventuele incidentele en structurele financiële ruimte worden gevonden. Incidenteel: Omschrijving Onvoorzien: Primitief begroting 2024 Saldo stelpost Begrotingsoverschot: Primitief begroting 2024 Totaal incidentele ruimte in de begroting

Raming 50.000 50.000 0 50.000

Structureel: Omschrijving Onvoorzien structureel: Primitief begroting 2024 Structureel onvoorzien 2024-2027 Saldo MPB 2024-2027 Totaal structurele ruimte

Raming 10.000 30.000 0 40.000

3. De onbenutte belastingcapaciteit Onze gemeente kan extra middelen genereren door belastingen te verhogen en heffingen meer kostendekkend te maken (in zoverre daarvoor nog mogelijkheden bestaan).

Belastingen verhogen De onbenutte belastingcapaciteit OZB wordt berekend door de gemeentelijke tarieven te vergelijken met de inkomstenmaatstaf OZB zoals deze geldt voor de berekening van de algemene uitkering. De OZB-tarieven van de gemeente Elburg liggen lager dan de inkomstenmaatstaf OZB wat een onbenutte belastingcapaciteit geeft van 2.3 miljoen. Bedragen Eigenaar woningen

WOZ-waarde € 3.262.794

Heffingsmaatstaf Elburg 0,095%

€ 999.041 € 679.479

0,20% 0,161%

Eigenaar niet-woningen Gebruiker niet-woningen

Inkomstenmaatstaf OZB 0,1614

Onbenutte capaciteit

Onbenutte belastingcapaciteit 2.089.395 2.289.395

Heffingen meer kostendekkend maken In de gemeente Elburg geldt het beleid dat in principe de kosten van dienstverlening voor 100% verhaald worden op de aanvrager. Alleen ten aanzien van de begraafrechten worden de kosten voor 85% in rekening gebracht. Hier is theoretisch dus sprake van een structurele onbenutte ruimte in de begroting. Bedragen

Raming

Kosten begraven Opbrengsten begraafrechten

869.000 -711.000

Onbenutte capaciteit (15%)

158.000

Totale capaciteit Bij bepaling van de weerstandscapaciteit wordt onderscheid gemaakt tussen de “algemene dienst” en de bouwgrondexploitatie. Daarbij zij niet gezegd dat tegenvallers onderling niet gecompenseerd zouden kunnen worden. Formeel is er immers sprake van één gemeente. Weerstandscapaciteit algemene dienst:

Bedrag

algemene reserve incidentele ruimte in de begroting

21.743.000 50.000

structurele ruimte in de begroting

21.793.000 40.000

onbenutte belastingcapaciteit (OZB) onbenutte belastingcapaciteit (begraafrechten)

Incidenteel

2.089.395 158.000 2.287.395

Structureel

Het bedrag van € 21.7 miljoen geeft dus het vermogen van de gemeente weer om binnen de “algemene dienst” maatregelen te treffen om incidentele financiële tegenvallers binnen de begroting op te kunnen vangen.

79

Jaarverslag 2024

Weerstandscapaciteit bouwgrondexploitatie:

Bedrag

Algemene reserve bouwgrondexploitatie

5.000.000 5.000.000

Incidenteel

Dit bedrag geeft het vermogen van de gemeente weer om de tegenvallers van bouwgrondexploitaties op te kunnen vangen.

Financiële kengetallen Signaleringsoverzicht De onderstaande 11 kengetallen worden in één overzicht gepresenteerd. Bij de presentatie is eveneens de normering per categorie weergegeven (conform provinciale toezichthouder). Op basis van de signaleringswaarden van de provincie en eigen signaleringswaarden kunnen de kengetallen van de gemeente Elburg op één na allemaal ingeschaald worden in categorie A. Over het algemeen kan worden gesteld, dat de categorie A het minst risicovol is en categorie C het meest. Kengetal

Rekening

Begroting

Rekening

2023

2024

2024

A

B

C

1%

49%

2%

<90%

90-130%

>130%

1b. Netto schuldquote gecorrigeerd

-4%

2. Solvabiliteitsratio

65%

43%

-3%

<90%

90-130%

>130%

50%

69%

>50%

20-50%

<20%

3. Grondexploitatie

4,66%

10%

4,27%

<20%

20-35%

>35%

4. Structurele exploitatieruimte

5,28%

2.5%

5,28%

> 0%

= 0%

< 0%

5a. Belastingcapaciteit

86%

89%

87%

<95%

95-105%

>105%

5b. Woonlasten, Coelo rangnummer

76

77

88

<100

100-300

>300

6a. Weerstandsratio - incidenteel

1,75

1,06

2,48

> 1,5

1,0-1,5

< 1,0

6b. Weerstandsratio - structureel

0,92

2

N.v.t.

> 1,5

1,0-1,5

< 1,0

7. Liquiditeit

1,78

1,09

1,65

> 1,5

1,0-1,5

< 1,0

< €1.500

€1.500€2.500

> €2.500

1a. Netto schuldquote

8. Netto schuld per inwoner

38

1.622

72

Beoordeling Zie financiële beschouwing. Toelichting kengetallen: Kengetallen

Omschrijving

Netto schuldquote

De totale schulden afgezet tegen de totale baten

Netto schuldquote gecorrigeerd

De totale schulden exclusief doorgeleende gelden afgezet tegen de totale baten

Solvabiliteitsratio

Het eigen vermogen (reserves) afgezet tegen het totale vermogen

Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte

De waarde van de grond ten opzichte van de totale baten Het structurele exploitatiesaldo vergeleken met de totale baten

Belastingcapaciteit Woonlasten, Coelo rangnummer

De hoogte van de belastingopbrengst ten opzichte van het landelijke gemiddelde Rangnummer woonlasten voor huishoudens (OZB, riool, afval)

Weerstandsratio - incidenteel Weerstandsratio - structureel

Het vermogen om incidentele financiële tegenvallers op te kunnen vangen Het vermogen om structurele financiële tegenvallers op te kunnen vangen

Liquiditeit Netto schuld per inwoner

Verhouding korte schulden ten opzichte van de aanwezige liquide middelen De totale netto schuld gedeeld door het aantal inwoners

80

Jaarverslag 2024

3.2 Paragraaf 2

Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding De paragraaf onderhoud kapitaalgoederen geeft een dwarsdoorsnede van de rekening. Uitgaven voor onderhoud kunnen op diverse programma’s voorkomen. Voor onderhoud van kapitaalgoederen gaat een substantieel deel van de middelen van de begroting om. In deze paragraaf wordt het beleidskader omtrent het onderhoud van de kapitaalgoederen weergegeven. Het gewenste onderhoudsniveau komt hierin tot uitdrukking. Het beleid van de gemeente Elburg voor het onderhoud van kapitaalgoederen is vastgelegd in de volgende nota’s en verordeningen: Beheerplan

Geldend voor de periode van

Vastgesteld op:

Beleidsplan Openbare Ruimte

2023-2027

28-11-2022

Afvalwaterketenplan

2021-2030

Bermbeheerplan

2024 – onbepaalde tijd

13-4-2004

Beheerplan onderhoud gebouwen

2024-2038

In proces

Beheerplan Haven

2015-2019 Planning: 2025

16-3-2015

De beheerplannen wegen, openbaar groen, openbare verlichting en speelvoorzieningen maken onderdeel uit van het beheerplan openbare ruimte.

Wegen Algemeen Regulier onderhoud en reconstructies van wegen worden geraamd in de exploitatie en verevend met de bestemmingsreserve openbare ruimte. Hierdoor is de dekking van het toekomstig wegenonderhoud zeker gesteld. De uitvoering zal plaatsvinden aan de hand van de jaarlijkse inspectie op basis van de in het beleidsplan Openbare Ruimte opgenomen uitgangspunten. Er is sprake van verschillende categorieën wegen die ieder een eigen normering qua kwaliteitsniveau kennen. De investeringskredieten voor wegen verlopen via het MIP. De bermen langs alle wegen worden op ecologische wijze gemaaid. Werkzaamheden: Naast het reguliere jaarlijks terugkerend klein onderhoud aan wegen, bermen en wegmeubilair zijn de werkzaamheden in het kader van groot onderhoud bepaald en uitgevoerd aan de hand van de visuele inspecties. Exploitatie Product Wegen

Begroting 2024 2.845.319

Investeringen

Oude Harderwijkerweg (721010) Herinrichten Oostendorp (734611) Herinrichten binnenstad (2021010)

2024 2022 2021

BegrotingsBegroting Werkelijk wijziging na wijziging 2024 -277.844 2.567.475 1.958.928 Uitgaven Uitgaven t/m Raming 2024 2024

467.000 450.954 1.237.103

400.000 4.982 6.946

400.00 479.671 1.052.196

Openbare verlichting

Algemeen: Openbare verlichting dient het veiligheidsaspect op zowel verkeerstechnisch terrein als op het terrein van de sociale veiligheid. Gewerkt wordt met een voortschrijdend beheerplan openbare ruimte. Gebaseerd op het beheerplan vindt jaarlijks ten laste van de exploitatie een storting in de reserve openbare ruimte plaats. De geplande vervangingsinvesteringen in armaturen en lichtmasten worden uit de bestemmingsreserve openbare ruimte gedekt. De investeringen verlopen via de meerjarige investeringsplanning (MIP). Voor elektra, regulier onderhoud en reparaties worden jaarlijks budgetten in de begroting opgenomen. Voor het verkeerstechnisch veiligheidsaspect wordt met name het kwaliteitsniveau zoals bepaald door de landelijke normen van het NSVV (Nederlandse Stichting Voor Verlichtingskunde) aangehouden. Deze normen zijn verschillend per categorie weg, gebied en functie. Inzake het aspect omtrent de sociale veiligheid geldt lokaal beleid. Werkzaamheden: Hoewel planmatig wordt gewerkt, vindt als toetsing vooraf visuele inspectie plaats. Indien mogelijk worden investeringen uitgesteld. In het geactualiseerde beheerplan is opgenomen dat alle armaturen met traditionele verlichting in een periode van drie jaar zullen worden omgebouwd naar LED verlichting. In 2023 is de eerste fase hiervan uitgevoerd.

81

Jaarverslag 2024

Exploitatie Product Openbare verlichting

Begroting 2024 171.790

Investeringen

Vervangen armaturen door LED Programma verLEDden (beleidsplan openb.ruimte)2024

2022 2024

BegrotingsBegroting Werkelijk wijziging na wijziging 2024 102.455 274.245 281.698 Uitgaven Uitgaven t/m Raming 2024 2024

330.000 402.342

38.494 214.393

330.000 214.393

Riolering

Algemeen: Riolering is een essentiële voorziening voor het afvoeren van afvalwater uit woonomgevingen. De gemeente heeft de verantwoordelijkheid voor het inzamelen en transporteren van afvalwater, wat cruciaal is voor de bescherming van de volksgezondheid en het milieu. Het onderhoud van bestaande rioleringen, vervanging en de aanleg van nieuwe rioleringen worden geleid door het beleidsplan water en riolering, opgesteld in samenwerking met de gemeenten Hattem, Oldebroek, Nunspeet en het waterschap. Een toenemende focus ligt op klimaatadaptatie, met als doel wateroverlast, droogte en hitte te voorkomen. Een voorbeeld hiervan is het afkoppelen van regenwater in bestaande omgevingen en op nieuwbouwlocaties dit op een natuurlijke manier infiltreren in de ondergrond, volgens het principe 'vasthouden, bergen en afvoeren'. Wat betreft onderhoudswerkzaamheden is het plan gebaseerd op periodieke inspecties van de riolering. Hiervoor wordt een planmatige aanpak gehanteerd. De investeringskredieten voor vervanging en aanleg verlopen via het Meerjareninvesteringsplan (MIP). Werkzaamheden: Op basis van het, vastgestelde, beleidsplan water en riolering in relatie tot overige geplande werken vindt onderhoud en vervanging plaats. Naast regulier onderhoud zijn in het plan bedragen opgenomen voor vervangingsinvesteringen (op basis van inspecties).

Daarnaast zijn in de MIP een aantal kredieten opgenomen voor reconstructie en ombouw van rioolstelsels waarbij afkoppeling van hemelwater plaats vindt. Exploitatie Product Riolering Investeringen Herinrichten Oostendorp (2019010) Oude Harderwijkerweg (772007)

Begroting BegrotingsBegroting 2024 wijziging na wijziging 1.457.475 58.030 1.515.505

2019 2024

Raming 525.000 312.000

Werkelijk 2024 1.362.498

Uitgaven Uitgaven t/m 2024 2024 8.000 160.000 312.000 312.000

Water Algemeen: De gemeenten hebben een deel van de kleinere watergangen (B- en C-watergangen) in beheer. Dit zijn watergangen met een afvoerende functie. Om de functie te garanderen is jaarlijks onderhoud nodig. De kosten zijn opgenomen in het kostendekkingsplan water en riolering. Exploitatie Product water

Begroting 2024 57.100

BegrotingsBegroting wijziging na wijziging 0 57.100

Werkelijk 2024 77.802

Haven Algemeen: De gemeente is eigenaar van de haven. De gemeente is verantwoordelijk voor de kades en beschoeiingen en andere voorzieningen. Het reguliere onderhoud wordt uitgevoerd op basis van visuele inspecties. In 2023 en 2024 is gestart met het actualiseren van het beheerplan Haven. In de loop van de 1e helft 2025 zal dit voorbesluitvorming in procedure gaan. Exploitatie Product Haven

Begroting BegrotingsBegroting 2024 wijziging na wijziging 278.453 44.014 322.467

Werkelijk 2024 233.934

Groen Algemeen: In het beleidsplan Openbare Ruimte is de gewenste beeldkwaliteit voor het groen vastgelegd. Op basis van dit kwaliteitsniveau worden de onderhoudsmaatregelen uitgevoerd. Voor het reguliere onderhoud staan jaarlijks budgetten in de begroting. Grotere investeringen verlopen via het MIP. De kosten daarvan worden gedekt uit de bestemmingsreserve openbare ruimte. Het meer grootschalig en structureel “massawerk” is uitbesteed. Via een Europese aanbesteding is dit voor een deel voor meerdere jaren weggezet bij een private partij. Voor het overige deel wordt het werk uitgevoerd door de Inclusief Groep. Het specialistischer werk wordt meestal door de eigen dienst uitgevoerd. Sinds 2024 zijn we begonnen met het versterken van de biodiversiteit in de kernen van Elburg. Gazon zijn veranderd in bloemrijke bermen. Dit gaan we verder uit breiden in 2025.

82

Jaarverslag 2024

Werkzaamheden: Naast het reguliere onderhoud vindt ook (beperkt) omvorming en renovatie van groenvakken plaats. Waar mogelijk wordt vervanging meegenomen met andere (herinrichtings)projecten. De reserve openbare ruimte wordt ingezet om reconstructies en achterstanden op groen te bekostigen.

Product Groen Product Sportvelden

Begroting 2024 1.866.939 60.055

Begrotingswijziging -95.113 11.748

Investeringen Hekwerk Groene Hart

2024

Raming 30.300

Exploitatie

Begroting na wijziging 1.771.826 71.803 Uitgaven 2024 30.300

Werkelijk 2024 1.806.772 101.833 Uitgaven t/m 2024 30.300

Speelvoorzieningen

Algemeen: In het beleidsplan openbare ruimte zijn sinds 2022 de vervanging van de speeltuinen meengenomen. Hiervoor is een apart vervangingskrediet voor gemaakt. Het reguliere onderhoud en klein herstel is opgenomen in het jaarlijkse budgetten. Werkzaamheden: Naast het regulier onderhoud aan speelvoorzieningen wordt op basis van het beleidsplan openbare ruimte en de periodieke visuele inspecties speelplekken gerenoveerd of speeltoestellen vervangen. Om de speeltuinen beter toegankelijk te maken worden de ondergronden vervangen voor kunstgras. Bij vervanging van alle speeltoestellen worden er ook inclusieve speeltoestellen geplaatst. Exploitatie Product Speelvoorzieningen

Begroting 2024 138.403

Begrotingswijziging 0

2024

Raming 326.000

Investeringen Vervanging speeltoestellen 2024

Begroting na wijziging 138.403 Uitgaven 2024 230.000

Werkelijk 2024 77.896 Uitgaven t/m 2024 230.000

Begraafplaatsen

Algemeen: We zorgen ervoor dat de begraafplaatsen netjes en respectvol worden onderhouden. De kwaliteit is hoog en staat beschreven in afspraken. Zowel onze eigen medewerkers als externe bedrijven doen het werk. We verdelen de uren flexibel tussen grafdelven en onderhoud. Het onderhoud gebeurt vooral door goed te kijken wat nodig is. Er is elk jaar genoeg budget om de begraafplaatsen in goede staat te houden. Werkzaamheden: De bestemmingsreserve begraafrechten wordt ingezet om de tarieven van de begraafrechten te egaliseren. Het doel is om een kostendekkenheid van 85% te halen. Exploitatie

Begroting 2024

Product Beheer begraafplaatsen

560.579

Begrotingswijziging

Begroting na wijziging

16.285

576.864

Werkelijk 2024 559.842

Onderhoud gemeentelijke gebouwen

Er is een beheerplan onderhoud gemeentelijke gebouwen opgesteld. In dit beheerplan wordt beschreven waarom een beheerplan nodig is, welke soorten onderhoud te onderscheiden zijn, welke gebouwen onderhouden worden en welk onderhoud de komende periode verwacht wordt en wat de geraamde kosten hiervan zijn. In dit beheerplan is een raming gemaakt wat de kosten voor het onderhoud voor de periode 2024 tot en met 2038. In juni 2024 is budget beschikbaar gesteld voor het onderhouden van de gebouwen voor de jaren 2024 tm 2026. De onderhoudsplanningen zijn opgesteld voor vier categorieën gebouwen: 1. Gemeentelijke gebouwen 2. Gemeentelijke monumenten 3. Dorps- en gemeenschapshuizen en zwembad 4. ‘Kunstwerken’ (civiel-bouwkundig) en bouwwerken geen gebouw zijnde Op basis van de financiële verslaggevingsregels worden bij onderhoud van gebouwen drie categorieën onderscheiden: 1. Preventief onderhoud: Dit is al het onderhoud dat gedurende het lopende jaar uitgevoerd moet worden om het gebouw in stand te houden en te laten functioneren op een bepaald kwaliteitsniveau (functioneel en representatief). Denk hierbij bijvoorbeeld, het onderhoud van de installaties, klachtenonderhoud, e.d. Daarnaast worden ook kleine investeringen en kleine wensen bij het preventieve onderhoud meegenomen. 2.

Technisch en groot onderhoud: Dit soort onderhoud is meestal ingrijpend van aard, wordt op een groot deel van het gebouw uitgevoerd, na een langere gebruiksperiode. Het is gericht op het behouden van een technisch goede en veilige staat van het gebouw. Het betreft bijvoorbeeld het vernieuwen van installaties zoals Cv-ketels of het vervangen van de dakbedekking. Voor het technisch en groot onderhoud zijn voor alle vier categorieën voorzieningen ingesteld. 83

Jaarverslag 2024

3. Investeringen: Investeringen zijn weer onder te verdelen in 3 typen: a. Levensduur verlengend onderhoud: dit zijn onderhoudsinvesteringen die worden gedaan ten behoeve van een bestaand gebouw die expliciet leiden tot een substantiële levensduurverlenging. b. Nieuwe of uitbreidingsinvesteringen: dit zijn investeringen ten behoeve van de ontwikkeling van nieuwe of uitbreiding van het huidige aantal gebouwen. c. Vervangingsinvesteringen: dit zijn investeringen ten behoeve van de vervanging van (een deel van) een gebouw als gevolg van economische veroudering. Exploitatie Product onderhoud gebouwen

Begroting 2024 570.729

Begrotingswijziging -301.504

Begroting na wijziging 269.225

Werkelijk 2024 75.071

Onderwijsgebouwen

Vanaf 1 januari 2015 zijn de schoolbesturen van PO, SO en VO verantwoordelijk voor al het onderhoud, zowel buiten als binnen onderhoud. Om deze taak naar behoren te kunnen uitvoeren, ontvangen zij van het rijk daartoe de middelen binnen de lumpsumbekostiging. Dit betekent dat gemeenten geen zorgplicht hebben voor onderhoud en functionele aanpassingen van schoolgebouwen in het primair, speciaal en voortgezet (speciaal) onderwijs. De gemeente heeft na deze wetswijziging nog de volgende verantwoordelijkheden op het gebied van onderwijshuisvesting: nieuwbouw en vervangende nieuwbouw, uitbreiding, medegebruik/verhuur (schoolbestuur moet hiervoor toestemming vragen), constructiefouten (bijvoorbeeld bij een asbestbesmetting), herstel in geval van bijzondere omstandigheden (schade als gevolg van bijvoorbeeld brand, diefstal, storm), bekostiging van en buitenonderhoud aan gymnastiek voorzieningen, verzekeringen en OZB. Om passende onderwijshuisvesting in Elburg te realiseren zijn gemeente en schoolbesturen in 2020 gezamenlijk gaan werken aan het opstellen van een visie op huisvesting en hebben dit vertaald in een Integraal Huisvestingsplan 2021-2041 (IHP). In 2023 hebben zich een aantal ontwikkelingen voorgedaan die hebben geleid tot de beslissing om het IHP 2021-2041 te actualiseren.

Het geactualiseerde IHP moet op het moment van dit schrijven nog door de gemeenteraad worden vastgesteld. In tegenstelling tot de werkwijze op basis van de verordening, wordt in het IHP uitgegaan van een proactief onderwijshuisvestingsbeleid. In formele zin laat de gemeente hiermee zien op welke wijze zij haar zorgplicht op grond van de taak die zij heeft in het voorzien van huisvesting voor het funderend onderwijs, wenst in te vullen. Het IHP: • Stelt de gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties in staat om op korte en lange termijn strategische keuzes te maken en proactief beleid te voeren. • Biedt een meerjarenperspectief waarop het eigen (investerings-)beleid kan worden afgestemd. • Vormt het beleidskader voor onderwijshuisvestingsbeleid voor de periode van 2021-2041. Het IHP wordt elke 5 jaar herijkt, zodat het beleidskader blijft aansluiten bij de vragen en behoefte van dat moment.

84

Jaarverslag 2024

3.3 Paragraaf 3

Financiering Met behulp van deze paragraaf kan de financieringsfunctie transparant worden gemaakt voor het sturen, beheersen en controleren ervan. De begroting bevat de beleidsvoornemens ten aanzien van financiering. In deze jaarrekening wordt gerapporteerd over de uitvoering.

Algemene ontwikkelingen EMU-norm De Wet HOF heeft ten aanzien van de EMU-norm een macro budgettaire doelstelling. Dit betreft het zogenoemde EMU-tekort van 3% van het Bruto Binnenlands Product. Het ministerie van Financiën beheert deze norm en heeft op grond van de wet Fido (artikel 7) de bevoegdheid om een eventuele Europese EMU-boete naar rato van het aandeel in dit EMU tekort door te berekenen naar de decentrale overheden. Een middel om deze norm te kunnen bewaken is de EMU-enquête. De EMU-enquête geeft een goed beeld van het ontstane EMUtekort. De EMU-enquête wordt ingevuld op basis van beschikbare informatie bij het opmaken van de begroting en het vaststellen van de jaarrekening. De cijfers voor 2024 zijn onderstaand gepresenteerd. Omschrijving Bedrag x € 1.000 Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves Mutaties (im)materiele vaste activa Mutaties voorzieningen

+ + +

Baten uit bijdragen van andere overheden, die niet op de exploitatie zijn verantwoord

+

Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa, voor zover niet op exploitatie

+

Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. Baten bouwgrondexploitatie

+

Lasten i.v.m. transacties met derden, die niet via de exploitatie lopen

-

Verkoop van effecten

-

Berekend EMU-saldo

=

2023 Rekening 6.807 -1.604 -1.270

2024 Begroting -2.348 -13.085 -2.718

2024 Rekening +6.466 -6.464 -1.126

233 1.693

4.601

1.232 1.553

5.403

-13.550

-803

Schatkistbankieren Bij schatkistbankieren wordt de gemeente verplicht om overtollige middelen bij het rijk uit te zetten. Met deze maatregel beoogt het rijk om het EMU-tekort terug te dringen. Er is een doelmatigheidsdrempel afgesproken waarbij 2% van het begrotingstotaal als ondergrens telt. Uitgaande van een begroting van ca. € 79,2 miljoen is de drempel voor de gemeente Elburg in 2024 € 1,58 miljoen. Bij een banksaldo beneden deze drempel hoeven geen overtollige middelen overgeheveld worden. Deze ondergrens wordt over het gemiddelde van de banksaldi over een periode van een kwartaal berekend. Toevallige fluctuaties van omvang in banksaldi worden daarmee uitgemiddeld. Onderstaande tabel geeft per kwartaal de mate aan waarin in 2024 van het drempelbedrag van € 1,58 miljoen gebruik is gemaakt. Hieruit blijkt dat de gemeente in 2024 onder de bandbreedte heeft geopereerd. Op 1 januari 2024 stond er een bedrag van € 11,7 miljoen gestald bij de schatkist. Per 31 december 2024 staat er een bedrag van € 10,7 miljoen bij de schatkist. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren Bedrag x € 1.000 Drempelbedrag Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag

1.584 Kwartaal 1 289 1.295 n.v.t.

Kwartaal 2 302 1.282 n.v.t.

Kwartaal 3 301 1.283 n.v.t.

Kwartaal 4 232 1.352 n.v.t.

Risicobeheer Het risicobeheer wordt onderscheiden in renterisicobeheer, koersrisicobeheer, kredietrisicobeheer, intern liquiditeitenbeheer en valutarisicobeheer. Praktisch gezien zijn alleen het renterisicobeheer en het intern liquiditeitenbeheer voor Elburg aan de orde.

Renterisicobeheer De rekenrente die de gemeente gehanteerd heeft voor het begrotingsjaar 2024 is 2,00%. De rentekosten hebben in 2024 een voordeel laten zien. Dit was niet alleen het gevolg van uitstel van investeringen maar ook door de renteopbrengsten voor uitstaande gelden in de schatkist.

85

Jaarverslag 2024

Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is voor het jaar 2024 bepaald op € 7.000.000 (8,5% van het begrotingstotaal). Het toezicht op de kasgeldlimiet door de provincie vindt plaats in het kader van het reguliere begrotingstoezicht. Gemeenten moeten overschrijdingen van de kasgeldlimiet melden als deze zich drie achtereenvolgende kwartalen voordoen. Daarom wordt intern nog elk kwartaal de kasgeldlimiet berekend. De kwartaalrapportages omtrent de liquiditeitspositie zagen er als volgt uit: Kwartaal Bedrag x € 1.000 1e kwartaal 2e kwartaal 3e kwartaal 4e kwartaal

Krediet N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t.

Limiet 7.000 negatief 7.000 negatief 7.000 negatief 7.000 negatief

Oordeel Geen overschrijding Geen overschrijding Geen overschrijding Geen overschrijding

Renterisiconorm Voor de renterisiconorm mag een bedrag worden afgelost welke maximaal 20% van het begrotingstotaal bedraagt. Onder begrotingstotaal wordt verstaan het totaal van de lasten op de begroting. Voor 2024 bedraagt het begrotingstotaal € 83.000.000 en de norm € 16.600.000. De stand van de langlopende geldleningen per 31 december 2024 bedraagt € 9.221.000. De betaalde aflossingen in 2024 bedragen € 1.048.000. De norm wordt daardoor niet overschreden.

Vervroegde aflossing Er zijn geen leningen waarvoor vervroegde aflossing, wegens bijvoorbeeld een hoog rentepercentage, mogelijk is.

Intern liquiditeitenbeheer In Elburg wordt grofmazig een liquiditeitsplanning opgesteld. Het is een goed functionerend systeem welke voor een gemeente met de grootte van Elburg meer dan gaat voldoen.

Gemeentefinanciering Financiering Op grond van de nieuwe BBV-voorschriften wordt onderstaand overzicht opgenomen. Begroting

Werkelijk

440.000

385.100

* Rente restant financieringstekort à 3,5% Totale rentekosten

197.000 637.000

0 385.100

Externe rentebaten Totaal door te rekenen externe rente

58.000 579.000

432.196 -47.096

Rente grondexploitatie Rente projectfinanciering taakveld

33.000 49.000

0 0

Saldo door te rekenen externe rente Rente over eigen vermogen

497.000 0

-47.096 0

Externe rentelasten over korte en lange financiering: Rente langlopende geldleningen, rijksvoorschotten en waarborgsommen Aan overige rentekosten te berekenen: * Rente financieringstekort tot rekening-courantlimiet à 0%

Rente over voorzieningen (gewaardeerd op contante waarde)

0

0

De aan taakvelden toe te rekenen rente De werkelijk aan taakvelden toegerekende rente

497.000 743.000

-47.096 0

Renteresultaat op het taakveld treasury

-246.000

-47.096

Langlopende geldleningen De gemeente maakt hoofdzakelijk gebruik van langlopende geldleningen waardoor het renterisico zeer laag is. Door de reguliere aflossingen van € 1.048.000 miljoen bedraagt het totaal aan vaste geldleningen per 31 december 2024 € 9.221.000. De totale rentelast voor het jaar 2024 met betrekking tot de vaste schulden bedroeg € 366.090. Het gemiddelde rentepercentage van de geldleningen bedraagt 3,57%. Omschrijving

Rente

Aflossing

Saldo 31/12/24

Nederlandse Waterschapsbank

3.000.000

78.913

200.000

2.800.000

ASN Bank B.N.G.

1.600.000 5.657.000

57.017 229.610

200.000 646.000

1.400.000 5.011.000

12.000 10.269.000

550 366.090

2.000 1.048.000

10.000 9.221.000

Prokino Totaal leningen

Saldo 1/1/24

Opgenomen

86

Jaarverslag 2024

Kasbeheer Geldstromenbeheer In 2024 zijn alle mogelijke maatregelen genomen om de rentekosten zoveel mogelijk te beperken. De betalingen worden zoveel mogelijk afgestemd op de te verwachten ontvangsten. Het betalingsverkeer vindt elektronisch plaats, waardoor de kosten tot een minimum worden beperkt. Saldo- en liquiditeitenbeheer In 2024 zijn de saldi van de Rabobank automatisch dan wel regelmatig overgeboekt naar de rekening van de huisbankier (NV Bank Nederlandse Gemeenten). De saldi van hoofd- en nevenrekeningen bij deze bank zijn opgenomen in een zogenaamd rentecompensatiecircuit. Dit betekent dat debet- en creditsaldi van alle rekeningen worden samengevoegd tot één gecombineerd saldo, waarover de rente wordt berekend.

Schuldpositie In 2024 zijn geen vaste geldleningen aangetrokken, terwijl er wel € 1.048.000 afgelost is. Het saldo in de schatkist is in 2024 afgenomen. Omschrijving Vaste schulden looptijd van één jaar of langer

2020 14.014.418

2021 12.666.418

2022 11.318.418

2023 10.269.000

2024 9.221.000

Netto vlottende schuldenlooptijd korter dan één jaar Overlopende passiva

4.740.096 5.411.220

7.148.275 5.561.749

7.278.333 3.150.576

5.893.000 11.000.000

3.893.000 13.173.000

Uitzettingen looptijd korter dan één jaar Liquide middelen

-11.384.604 -107.357

-7.509.177 -404.149

-13.344.948 -401.334

-21.953.000 -406.000

-20.718.000 -153.000

Overlopende activa Netto schuld

-3.441.627 9.232.146

-4.715.093 12.748.023

-1.369.597 6.631.448

-3.897.000 906.000

-3.702.000 1.714.000

23.429 395.48

23.743 536,92

24.041 275,84

23.906 37,90

23.903 72

65.414.987 14%

63.748.000 20%

68.890.000 10%

82.981.000 1%

83.207.000 2%

Aantal inwoners Netto schuld per inwoner [euro] Omzet Netto schuldquote

Voor de netto schuldquote geldt dat een normale quote tussen de 0% en 100% ligt. Tussen de 100% en 130% is het zorgelijk en een quote boven de 130% is slecht.

Administratieve organisatie In het treasurystatuut zijn de uitgangspunten van de administratieve organisatie vastgelegd. In 2014 is het treasurystatuut aangepast als gevolg van de invoering van schatkistbankieren en de inwerkingtreding van de Wet Hof. Per 2025 is dit statuut herzien vanwege ontwikkelingen op het gebied van wensen en wet- en regelgeving.

87

Jaarverslag 2024

3.4 Paragraaf 4

Bedrijfsvoering In deze paragraaf wordt de gemeentelijke bedrijfsvoering van het afgelopen jaar beschreven.

Bestuurlijke Organisatie In het jaar 2024 is wethouder Krooneman opgevolgd door wethouder Simonse. Dat heeft geleid tot een gewijzigde portefeuilleverdeling in april 2024, die ter informatie met de raad is gedeeld.

Organisatieontwikkeling In 2024 is verder uitvoering gegeven aan het plan van aanpak over organisatieontwikkeling. Conform planning zijn de onderdelen managementontwikkeling en teamontwikkeling opgepakt. Het managementontwikkeltraject is in het voorjaar 2024 afgerond. De bijeenkomsten met de teams over zelforganisatie, de kernwaarden en het geven van feedback zijn gedurende het gehele jaar opgepakt. Tevens hebben er in het kader van het door ontwikkelen van het bestuurlijk ambtelijk samenspel vier bijeenkomsten tussen het college en MT plaatsgevonden. Ook is naar aanleiding van een evaluatie besloten verder door te gaan met de ingestelde portefeuillehouders overleggen en het bijbehorende format en ondersteuning. In dat kader is de training ‘De Stevige Adviseur’ uitgevoerd. In het kader van prioritering is het onderdeel projectmatig werken doorgeschoven naar 2025. In 2024 is het toekomstperspectief voor de Elburgse organisatie afgerond. Na ontvangst van het rapport van Berenschot, een duidingsfase langs de betrokken partijen en een opiniërend gesprek met de raad heeft het college de toekomstvisie vastgesteld. Het college heeft daarbij twee prioriteiten vastgesteld: het zoeken naar niet vrijblijvende samenwerking met Hattem, Heerde en Oldebroek en het herijken van de samenwerkingsverbanden. Het laatste onderdeel is wegens gebrek aan capaciteit voorlopig uitgesteld.

Intergemeentelijke Samenwerking In 2024 is uitvoering gegeven aan de samenwerkingsagenda Kop van de Veluwe. De bemensing van het regiobureau is sinds zomer 2024 ingevuld. Op het gebied van bedrijfsvoering zijn we per 1 september 2024 gestart met een belastingsamenwerking. Er heeft bestuurlijk overleg tussen de deelnemende gemeenten plaatsgevonden over het onderzoek naar fase 2 van de Informatisering & Automatisering (I&A) samenwerking, waarbij de gevolgen van verdere samenwerking zijn geanalyseerd en waarbij geconcludeerd wordt dat samenwerking voor de verschillende gemeenten meerwaarde biedt. Het onderzoek is in 2024 afgerond en in wordt verder door de organisaties opgepakt in 2025 om te komen tot concrete stappen in de samenwerking.

Personeel en Organisatie Onze medewerkers blijven de kern vormen van de continuïteit en kwaliteit van onze gemeentelijke dienstverlening. In 2024 bleven de krappe arbeidsmarkt en een uitstroompercentage van 9,3% een uitdaging, maar dankzij een actieve en gerichte wervingsaanpak realiseerden we een instroom van 18,2%, De meeste vacatures konden hierdoor succesvol worden ingevuld. Het instroompercentage en het uitstroompercentage zijn nagenoeg gelijk aan het gemiddelde van vergelijkbare gemeenten (18,3%, 9,4%). In het kader van organisatieontwikkeling zijn concrete stappen gezet om de organisatie wendbaarder en toekomstgericht in te richten. Het plan Samen aan zet voor Elburg wordt breed gedragen en vertaalt zich in gerichte acties. De beweging naar zelforganisatie is in gang gezet, maar veel teams kijken nog naar het management voor richting. Daarom is geïnvesteerd in teamgericht leiderschap en eigenaarschap binnen teams, onder andere door voortzetting van het Management Development-traject. De vier strategisch adviseurs zijn verder gepositioneerd als verbinder tussen strategie en uitvoering. Zij functioneren steeds meer als opgaveteam en dragen bij aan een sterker bestuurlijk ambtelijk samenspel, waarin structureel wordt gereflecteerd op de uitvoering van het collegeprogramma.

Op het gebied van leren en ontwikkelen is, mede in het kader van de organisatieontwikkeling, flink geïnvesteerd in de professionalisering van medewerkers. De bestede opleidingskosten bedragen 1,7% van de loonsom, wat in lijn ligt met het gemiddelde van onze referentiegroep. Dit ondersteunt de beweging naar een lerende organisatiecultuur. De gemiddelde leeftijd van medewerkers is 47,9 jaar, iets hoger dan het gemiddelde van 46,9 jaar, wat het belang van duurzame inzetbaarheid onderstreept. De focus op inzetbaarheid werpt zijn vruchten af: het ziekteverzuim kwam in 2024 uit op 4,3% – aanzienlijk lager dan het gemiddelde binnen onze gemeentegrootteklasse (6,3%) én onder de gemeentelijke verzuimnorm (5,3%). Ook de meldingsfrequentie daalde naar 1,05, waarmee we iets boven het landelijke gemiddelde blijven. Tegelijkertijd blijft het aandeel medewerkers met nulverzuim (46%) nagenoeg gelijk aan het landelijke gemiddelde. We blijven investeren in gerichte verzuimbegeleiding en vitaliteitsbevordering. De externe inhuur bedroeg 15,2% van de loonsom, oftewel € 3,4 miljoen. Hoewel dit percentage iets onder het gemiddelde ligt van vergelijkbare gemeenten (18,8%), blijft het reduceren van de afhankelijkheid van externe krachten een aandachtspunt. Dit 88

Jaarverslag 2024

doen we door te investeren in loopbaanontwikkeling, personeelsplanning en interne mobiliteit. Ondanks de hoge druk op de arbeidsmarkt en de gestegen kosten voor externe inhuur, is er in 2024 verantwoord met de loonkosten en inhuur omgegaan. De loonkosten bleven binnen het beschikbare budget.

Informatievoorziening In het afgelopen jaar zijn belangrijke stappen gezet op het gebied van integraal informatiebeheer en hoogwaardige dienstverlening voor inwoners en ondernemers. Hierbij is ook nadrukkelijk ingezet op verdere digitalisering het verbeteren van de online dienstverlening. In het afgelopen jaar stond de implementatie van een eigentijds informatiesysteem ter ondersteuning van de belastingsamenwerking centraal. Dit nieuwe systeem maakt het mogelijk om alle WOZ- en belastingtaken eenvoudiger en efficiënter uit te voeren. 2024 stond ik het teken van het verder optimaliseren van het financieel informatiesysteem en de implementatie van functionaliteiten voor het openbaar publiceren van documenten, digitale dossiervorming en archivering. Deze ontwikkelingen dragen bij aan transparantie en helpen ons te voldoen aan de eisen van de Wet open overheid (Woo). Tot slot is er gewerkt aan de implementatie van een generieke oplossing voor afhandelen van de meldingen in de openbare ruimte (MOR) centraal. Deze oplossing stelt ons in staat om alle meldingen op uniforme wijze af te handelen met behulp van digitale en mobiele tools, wat de efficiëntie en gebruiksvriendelijkheid aanzienlijk vergroot.

Informatiebeveiliging 2024 Ernstige beveiligingsincidenten hebben mogelijk negatieve (maatschappelijke) gevolgen voor burgers, bedrijven, partners en de eigen organisatie. Informatiebeveiliging is dan ook een essentiële randvoorwaarde voor onze dienstverlening. We hebben ervoor gekozen om een samenhangend niveau van informatieveiligheid na te streven door de landelijke BIO (Baseline Informatiebeveiliging Overheid) te hanteren en hierover (landelijk) verantwoording af te leggen. In 2023 is het Strategisch Informatiebeveiligingsbeleid vastgesteld. Het strategisch beleid is vertaald naar het ‘Informatiebeveiligingsplan gemeente Elburg 2024-2025’ om hiermee uitvoering te geven aan de verdere invulling van informatiebeveiliging. Afleggen verantwoording 2024 Wij leggen zowel intern als landelijk verantwoording af over de informatiebeveiliging. Dat gaat enerzijds op basis van een zelfevaluatie door de eigen medewerkers over de status van de informatiebeveiliging ten opzichte van de landelijke vereisten. Anderzijds leggen we verantwoording af door het uitvoeren van een externe audit voor DigiD en Suwinet (Structuur Uitvoering Werk en Inkomen). Ook leggen we verantwoording af richting diverse landelijke toezichthouders voor de onderwerpen burgerzaken, Basisregistratie Personen (BRP) en de basisregistraties (BAG, BGT en BRO).

Afgelegde verantwoording 2024 Er zijn over 2024 meer eisen gesteld aan de DigiD audit. Binnen die strengere audit dient de gemeente aan te kunnen tonen of er ook conform het proces wordt gewerkt. Dit in plaats van het bewijs van een momentopname. De resultaten van de DigiD en Suwinet audit voldoen aan de gevraagde normeringen. De verantwoording over burgerzaken, de BRP, en de basisregistraties (BAG, BGT en BRO), voldoen aan de gestelde eisen. Aandachtspunt beveiligingsincidenten 2024 Het registeren van incidenten is van belang om patronen te ontdekken, waaruit lering getrokken kan worden. Het melden van beveiligingsincidenten zowel door interne medewerkers, leveranciers of overige externe partijen is van belang om snel een beveiligingsincident op te lossen. Er zijn diverse meldingen binnengekomen die effect hadden kunnen hebben op de beschikbaarheid door een kwetsbaarheid in software. Dit heeft niet plaatsgevonden door snel te acteren hierop, zowel intern als extern. Het hebben van up-do-date software was hier van belang. Bewustwording 2024 Bewustwording is de zwakste schakel binnen informatiebeveiliging. Het gaat hier om het continue creëren van leerervaringen. Er is dit jaar aandacht besteedt aan het gevaar van het klikken op linkjes in email (phishing). Verder is er (onsuccesvol) geprobeerd gegevens los te krijgen bij het bestuur aan de hand van telefonische gesprekken.

Ook zijn medewerkers uitgedaagd om mee te denken over specifieke stellingen over informatiebeveiliging en privacy. Verder is er specifiek aandacht besteed aan bewustwording op het gebied van Suwinet in de vorm van gedragsregels. Ook wordt er wekelijks een informatiebeveiligingsvraag gesteld aan de medewerkers in de organisatie. Verder krijgen nieuwe medewerkers een vragenlijst over informatiebeveiliging. Continuïteitsplannen 2024 Om te voorkomen dat je kritische bedrijfsprocessen stilvallen, is het slim om potentiële bedreigingen vroegtijdig in kaart te brengen en een inschatting te maken van het effect van elke bedreiging op deze kritische processen. Want, door snel en op de juiste manier op de bedreiging te reageren, kan de impact ervan worden geminimaliseerd. Naast een actueel organisatiebreed incidentenbeleid is er continue aandacht voor continuïteitsplannen binnen de organisatie

Privacy Het zorgvuldig omgaan met privacygegevens en het adequaat beschrijven van processen in een gemeente is belangrijk om de privacy van burgers te waarborgen en te voldoen aan de wettelijke vereisten, zoals de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Dit versterkt tevens het vertrouwen van burgers in de overheid en minimaliseert het risico op datalekken of misbruik van persoonlijke informatie. Het hebben van duidelijke processen helpt ook bij het efficiënt en transparant afhandelen van gegevensverzoeken en klachten. In 2024 zijn stappen gezet om de behandeling van privacyvraagstukken sterker te borgen in de organisatie en de bewustwording bij ambtenaren op dit thema te vergroten. Onderdeel daarvan is de voorzichtige benadering van 89

Jaarverslag 2024

generatieve AI waar het gaat om persoonsgegevens. Regionale afstemming op het gebied van privacy is geïntensiveerd, zoals bijvoorbeeld bij de belastingsamenwerking. In 2025 wordt extra aandacht gegeven aan het actualiseren van registers en inzichtelijk maken van informatie binnen de vastgestelde privacygovernance. Daarnaast is het noodzakelijk om continu te investeren in het beveiligen van persoonsgegevens.

Verantwoordingsrapportage basisregistraties In ons land worden geobasisgegevens jaarlijks meer dan 5 miljard keer gebruikt via de landelijke voorzieningen. Indirect gebruik, via bijvoorbeeld de doorlevering van geodata door fabrikanten van navigatiesoftware, komt daar nog bovenop. Het gebruik blijft jaarlijks stijgen en het maatschappelijk belang van deze gegevens, als onderdeel van de geo-informatie infrastructuur, is daarmee groot. Het is daarom cruciaal om de gegevenskwaliteit landelijk op peil te houden. Wij leggen als bronhouderorganisatie verantwoording af over het beheer van de basisregistraties adressen en gebouwen (BAG), grootschalige topografie (BGT) en ondergrond (BRO). Dat doen we aan de gemeenteraad via de jaarrekening en bij het Rijk aan het directoraat-generaal Bestuur, Ruimte en Wonen van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties. De scores vormen het resultaat van door ons uitgevoerde zelfevaluaties. Deze evaluaties betreffen de gegevenskwaliteit en de borging van beheerprocessen. Uit de evaluatie komen de volgende conclusies:

• • •

De BGT voldeed in 2024 volledig aan de gestelde kwaliteitseisen. Wij behaalden bij de BGT een score van 100 procent. Een kwalitatief goede BGT maakt een kwalitatief goed beheer openbare ruimte mogelijk. Er zijn geen verbetermaatregelen nodig. De BRO voldeed in 2024 tevens volledig aan de daarvoor gestelde eisen. Wij behaalden bij de BRO een score van 100 procent. Er wordt in Elburg niet veel onderzoek naar de ondergrond gedaan. Wat is onderzocht, wordt conform de eisen gedaan. Er zijn geen verbetermaatregelen nodig. De BAG hebben wij een status niet op tijd doorgevoerd, omdat wij wisten dat er een sloopvergunning aankwam. Hierdoor is onze score op de categorie 'gegevenskwaliteit' lager dan in 2023. Maar wij voldoen ruimschoots aan de gestelde kwaliteitseisen. Wij behaalden bij de BAG een score van 94 procent. Doordat de data op orde is, is goede dienstverlening in het kader van de Omgevingswet mogelijk. Er zijn geen verbetermaatregelen nodig.

Kengetallen bedrijfsvoering Formatie en bezetting 2023-2024 Omschrijving

Formatie 2023

Bezetting 2023

Vast

Totaal

Vast

Tijd.

Tijd.

Formatie 2024

Totaal

Vast

Tijd.

Bezetting 2024

Totaal

Vast

Tijd.

Totaal

Griffie

2,11

2,11

2,11

2,11

2,11

2,11

2,33

Directie en ondersteuning

5,10

5,10

5,10

5,10

5,10

5,10

5,10

1,00

6,10

Leefomgeving

64,54

1,80

66,34

59,57

0,42

59,99

70,17

70,17

61,57

0,11

61,68

Samenleving

53,74

1,33

55,08

57,12

1,11

58,23

54,21

57,55

60,20

1,28

61,48

Dienstverlening

36,66

0,40

37,06

34,46

0,44

34,90

37,94

37,94

37,28

0,17

37,45

Bedrijfsvoering

47,20

0,60

47,80

44,73

0,92

45,65

50,49

51,13

44,07

1,70

45,77

Garantiebanen

4,39

4,39

3,16

3,16

4,39

4,39

3,85

217,87

206,25

209,15

224,42

228,40

214,42

4,26

218,67

Totaal

213,74

4,13

2,89

3,33

0,64

3,98

2,33

3,85

Loonsom organisatie Omschrijving

2019

2020

2021

2022

2023

2024

Netto Loonheffing

6.425.059 2.545.538

7.438.284 2.755.319

7.724.669 2.754.471

8.401.504 3.123.792

9.406.588 3.299.673

10.650.041 3.591.386

Overige heffingen Ziektekosten*

1.217.303 334.054

1.397.444

1.486.440

1.615.138

1.809.756

2.061.295

ABP Overige

1.780.794 72.557

2.056.893 77.250

2.202.584 73.203

2.236.771 65.561

2.346.414 72.686

2.705.218 71.788

Loonsom

12.375.304

13.731.220

14.241.367

15.442.766

16.935.177

19.079.728

*Tot en met 2019 werden premies ziektekosten door de gemeente ingehouden op het salaris en afgedragen aan het Instituut Ziektekostenvoorziening Ambtenaren (IZA). Inhuur personeel Omschrijving Inhuur i.v.m. capaciteitsproblemen

2019 1.791.685

2020 803.375

2021 1.619.085

Inhuur specialistische deskundigheid Onderzoeks- en adviesopdrachten

406.445 0

771.967 0

615.400 0

2022*

2023

2024

90

Jaarverslag 2024

Inhuur wegens vacature

779.746

1.055.383

1.363.970

Inhuur wegens ziekte

92.797

348.842

314.996

Inhuur wegens piekbelasting

440.780

190.494

243.239

Inhuur regulier in de begroting

463.337

487.395

429.258

Inhuur (specifiek project) via krediet

118.066

99.864

177.630

Inhuur overig

235.054

867.060

893.710

2.129.780

3.049.038

3.422.803

Totaal

2.198.130

1.575.342

2.234.485

* Sinds 2022 houden we onze inhuurkosten op een andere wijze bij. Kengetallen Omschrijving

2019

2020

2021

2022

2023

2024

Inhuur derden

2.198.130

1.575.342

2.234.485

2.129.780

3.049.038

3.422.803

Loonsom organisatie

12.375.304

13.731.220

14.241.367

15.442.766

16.935.177

19.079.728

Inhuur en loonsom

14.573.434

15.306.562

16.475.852

17.572.547

19.984.215

22.502.531

Inhuur t.o.v. totaal

15%

10%

14%

12%

15%

15,2%

Formatie

178,70

188,51

192,98

194,33

217,87

228,40

Loonsom per fte

81.553

81.192

85.376

90.426

91.725

98.522

2019 6,08%

2020 5,93%

2021 5,10%

2022 5,47%

2023 5,59%

2024 4,34%

Ziekteverzuim Omschrijving Ziekteverzuim

91

Jaarverslag 2024

Rechtmatigheidsverantwoording Vanaf 2023 neemt het college een rechtmatigheidsverantwoording op in de jaarrekening. Door de raad is de nota rechtmatigheidsverantwoording vastgesteld. In deze nota is vastgelegd dat het college in de paragraaf bedrijfsvoering een toelichting geeft op alle afzonderlijke afwijkingen van rechtmatigheid voor zover deze de grens van € 75.000 hebben overschreden en door de raad niet als acceptabele afwijkingen zijn geduid. Naast de toelichting geeft het college eveneens aan welke maatregelen worden genomen om deze fouten in de toekomst te voorkomen. Tabel weergave onrechtmatigheden naar criteria Begrotingscriterium 1A. Overschrijding lasten deelprogramma’s. 1B. Overschrijding investeringsbudgetten (kredieten). 2. Ongeautoriseerde reservemutaties. 3. Overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten, investeringen en baten die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of niet tijdig aan de raad zijn gemeld. Totaal begrotingsonrechtmatigheden 4. Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden (van onderdeel 1 en 2) dat past binnen het vooraf vastgestelde beleid en daarmee vooraf als acceptabel is geduid. Totaal begrotingsonrechtmatigheden (niet geaccepteerde begrotingsonrechtmatigheden) Voorwaardencriterium 5. Inkopen ten onrechte niet Europees aanbesteed M&O criterium 6.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=elburg&id=fbc9d6de-9861-4244-ba90-bcfdeed76217