bijlage1a. Pilot beschrijving UHA Gelderland (1).pdf
Tekst van het document
Pilot Uniforme verwijzing van de Rechtbank naar hulpaanbod scheidingsinterventies in Gelderland (UHA Gelderland) 1 november 2020 – 1 mei 2021
Hoe krijgen we een jeugdige zo snel mogelijk bij de meest passende hulp, als zijn ouders scheiden en hij daardoor in zijn ontwikkeling wordt bedreigd?
Situatieschets Daar waar het nodig en passend is, zal de rechter bij een (echt)scheidingszaak de jeugdige verwijzen naar jeugdhulp. De Raad voor de Kinderbescherming adviseert hierin de Rechtbank. De Rechtbank kan de jeugdige of zijn ouders niet direct aanmelden bij een jeugdhulpaanbieder. Rechtstreeks verwijzen van Rechtbank naar jeugdhulpaanbieder is wettelijk niet mogelijk. Het lokale team van de gemeente waar de jeugdige woont moet een beschikking voor deze jeugdhulp afgeven. Hiermee krijgt de jeugdige toegang tot (en recht op) deze hulp. Een verwijzing voor jeugdhulp moet dus naar het juiste lokale team worden gestuurd. Het lokale team heeft zicht op welke jeugdhulp precies is gecontracteerd èn het snelst beschikbaar is. Daarnaast is het voor de rechtbank niet werkbaar om alle vormen van hulp (interventies) te kennen, te weten welke jeugdhulpaanbieders dit kunnen bieden én te weten waar deze hulp het snelst beschikbaar is. We willen voorkomen dat een jeugdige op een (te lange) wachtlijst terecht komt – en daardoor afhaakt of erger, dat zijn situatie verslechtert. Het is echter ook een te grote belasting voor de Rechtbank om alle lokale teams van de 51 gemeenten in Gelderland te kennen, inclusief het onderhouden van hun contactgegevens.
Om te voorkomen dat jeugdigen niet naar de best passende hulp verwezen worden of dat het te lang duurt voordat deze hulp beschikbaar komt, hebben de Rechtbank en de zeven Gelderse jeugdhulpregio’s gewerkt aan een uniform werkproces om een verwijzing van de Rechtbank snel om te zetten naar de juiste hulp, op de juiste plek. We testen dit werkproces in een pilot van 1 november 2020 tot 1 mei2021.
1
Snelle en heldere verwijslijn, vlotte doorlooptijd ➔ Zie het document Werkproces in de bijlage. Het eerste deel van dit werkproces is gericht op snelheid en heldere verwijslijnen, om de hulp voor de jeugdige vlot op te starten. Er is een stroomschema opgesteld voor de route van de verwijzing door de Rechtbank. Het Proces Verbaal (PV) van de Rechtbank, waar de verwijzing naar hulp en persoonsgegevens in staan, wordt gestuurd naar een regionaal e-mailadres van de Gelderse jeugdhulpregio waar de jongere woont. Vanuit daar wordt het PV doorgezet naar de juiste gemeente, als toewijzer van jeugdhulp – en meer specifiek: het juiste lokale team van deze gemeente. De jeugdhulpregio fungeert dus als een ‘administratief verdeelstation’ naar de gemeenten in die regio. Het lokale team zet het PV als verwijzing door naar de meest geschikte jeugdhulpaanbieder. Het hele stroomschema is erop gericht om binnen 14 werkdagen na de zitting een intake met een passende jeugdhulpaanbieder te laten plaatsvinden. Er is dus een stevige ambitie om de doorlooptijd kort te houden. Het stroomschema voorziet ook in de terugkoppeling van de jeugdhulpaanbieder naar de Rechtbank en de Raad voor de Kinderbescherming, na afloop van de interventie.
Uniform hulpaanbod scheidingsinterventies ➔ Zie het document UHA Gelderland in de bijlage. Het tweede deel van dit werkproces is gericht op de best passende hulp. Het aanbod van jeugdhulp verschilt per regio en soms ook per gemeente. De Rechtbank en de regio’s hebben afspraken gemaakt tot welke overkoepelende ‘categorie’ bepaalde interventies behoren. De rechter benoemt de categorie waar de hulp gericht op moet zijn en waar mogelijk als voorbeeld een specifieke interventie. De gemeente, die de beschikking voor de jeugdhulp moet afgeven, heeft het beste zicht heeft op de beschikbaarheid van specifieke interventies in die gemeente – en of er wachtlijsten zijn. Zij zal dus de best passende aanbieder van de benoemde interventie of een soortgelijk hulptraject kunnen vinden. Bij de intake is het de zorgaanbieder die inschat of de verzochte interventie dan wel andere specifieke hulp het best zal passen bij de jeugdige. Bij ontvangst van het PV zal de gemeente als toewijzer van jeugdhulp checken of het gezin al andere vormen van hulp krijgt. Als dat het geval is, zal het lokale team bij de jeugdhulpaanbieder aangeven dat zij ook uitgenodigd moet worden voor het intake gesprek.
Het lokale team kan als casemanager voor het gezin dan meedenken welke hulp het best passend is - en of er randvoorwaarden zijn (andere hulp eerst, of praktische zaken als vervoer) waar aan voldaan moet zijn om de hulp (succesvol) op gang te brengen. Het gaat om de volgende (categorieën van) interventies (in lijn met het landelijke visiedocument ‘Rechtspraak (echt)scheiding ouders met kinderen’): Categorie 1: Communicatie- en bemiddelingstraject voor de ouders o Ouderschap Blijft, ONS of een soortgelijk traject o SCHIP aanpak of een soortgelijk traject o DEES of een soortgelijk traject
2
Categorie 2: Begeleide omgang niet vrij-toegankelijke vormen, voor de vrij-toegankelijke vormen is geen PV en beschikking jeugdhulp nodig Categorie 3: Kinderen uit de knel KUK - of soortgelijk traject van groepsbehandeling voor ouders én kinderen Categorie 4: Lotgenoten trajecten voor kinderen in scheidingssituaties zoals KIES, Dappere Dino’s, Piep zei de muis etc.
Scope van de pilot We bakenen het bereik van de pilot op de volgende manier af: -
Werkgebied Het gaat om scheidingszaken en, zoals de Rechtbank dat noemt, gezag- en omgangszaken in het arrondissement van de Rechtbank Gelderland, betreffende jeugdigen uit Gelderse gemeenten.
-
Voor welke jeugdigen wèl: De interventies zijn geschikt om in te zetten in (echt)scheidingszaken en gezag- en omgangsgeschillen, waarin ouders met name moeite hebben met het bereiken van overeenstemming over en de uitvoering van een verdeling van de zorgtaken. De ontwikkeling van het kind is daardoor bedreigd. De inschatting is dat ouders en kind met een scheidingsinterventie geholpen kunnen zijn. Het doel is dat ouders samen blijven opvoeden, blijven communiceren en leren handelen in het belang van het kind. Het is aan de rechter om goed uit te vragen en in te schatten wat nodig is. De Raad voor de Kinderbescherming adviseert hierin de Rechtbank.
-
Voor welke jeugdigen nìet: Als er meer problematiek speelt (waardoor bijvoorbeeld ouders hulp nodig hebben) en er al van alles is voorgevallen – of zelfs sprake is van onveiligheid voor het kind – dan is dit hulpaanbod niet geschikt. In dergelijke complexe situaties spelen zowel jeugdbescherming als de kinderrechter een rol en zijn er vaak al jeugdbeschermingsmaatregelen van toepassing.
-
Soort hulp De verwijzing van de Rechtbank is naar scheidingsinterventies op het niveau van de categorie waar de hulp gericht op moet zijn en waar mogelijk als voorbeeld een specifieke interventie. De verwijzing van de Rechtbank is naar niet vrij-toegankelijke hulp: het deel van het hulpaanbod waar een beschikking van de gemeente voor nodig is om er gebruik van te kunnen maken.
3
Notabene: Vrij-toegankelijke hulp is het deel van het hulpaanbod waar geen beschikking van de gemeente voor nodig is. Deze hulp is voor iedereen beschikbaar en benaderbaar; er is geen ‘verwijzing’ voor nodig. Denk bijvoorbeeld aan de ondersteuning die geboden kan worden in het begeleiden van de omgang, vanuit de vrijwilligers van Humanitas. Als de Rechtbank vrij-toegankelijke hulp adviseert, dan ligt de verantwoordelijkheid om die hulp in te schakelen bij de ouders. Welke hulp vrij-toegankelijk is en welke hulp niet vrij-toegankelijk is, kan verschillen per gemeente. Het lokale team kan ouders naar de juiste hulp toeleiden, ongeacht of deze vrij-toegankelijk is of niet vrij-toegankelijk.
Meer informatie Voor meer informatie over de pilot kunt u contact opnemen met de onderstaande contactpersonen per jeugdhulpregio of met de Rechtbank:
Jeugdhulpregio Achterhoek
Contactpersoon Susanne Buter
E-mail s.buter@doetinchem.nl
Centraal Gelderland
Lotte Barink
lotte.barink@arnhem.nl
FoodValley
Henk Krooi
h.krooi@nijkerk.eu
Midden - IJssel/ Oost - Veluwe
Mieke Pollmann
m.pollmann@apeldoorn.nl
Nijmegen en Rivierenland
Iris van Berkel Anouk van Nieuwenhuijze
i.v.berkel@beuningen.nl a.van.nieuwenhuijze@nijmegen.nl
Noord Veluwe
Petra Laman
p.m.laman@nunspeet.nl
Secretaris Gelderse regio’s
Judith Bos
Judith@judithbos.nl
Rechtspraak Gelderland Rechtbank
Naam Monique van der Wel
E-mail m.van.der.wel@rechtspraak.nl
Rechtbank
Suzanne Hoijinck
s.hoijinck@rechtspraak.nl
4