Bijlage 4 Boluwa Eco Systems BV (25 juni 2021) Verkennend bodemonderzoek
Tekst van het document
Rapport Verkennend bodemonderzoek (NEN5740)/ Nader bodemonderzoek (NTA5755)/ Verkennend bodemonderzoek asbest (NEN5707) Zuiderzeestraatweg West 67 a/b en 69 te Doornspijk
Projectnummer:
21065
Datum:
25 juni 2021
Rapport Verkennend bodemonderzoek (NEN5740)/ Nader bodemonderzoek (NTA5755)/ Verkennend bodemonderzoek asbest (NEN5707) Zuiderzeestraatweg West 67 a/b en 69 te Doornspijk
Opdrachtgever: Kerkvoogdij Hersteld Hervormde Gemeente Doornspijk-Nunspeet e.o. Contactpersoon: ECM Dialoog De heer M. Klein Postbus 100 8080 AC Elburg Projectnummer: 21065 Datum:
25 juni 2021
Status:
Definitief
Opgesteld door:
Paraaf:
Goedgekeurd door:
F. H. de Vries
Paraaf:
ing. G. van Dijk
1
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
Inhoud 1 Inleiding .................................................................................................................................. 3 2 Inventarisatie ........................................................................................................................... 5 2.1 Historisch gebruik. ............................................................................................................... 5 2.2 Huidig gebruik ..................................................................................................................... 7 2.3 Toekomstig gebruik ............................................................................................................. 8 2.4 Geohydrologische gegevens ................................................................................................ 8 3. Onderzoeksstrategie ............................................................................................................... 9 4 Uitgevoerd veld- en laboratoriumonderzoek ........................................................................ 12 5 Resultaten veldonderzoek ..................................................................................................... 17 6 Resultaten laboratoriumonderzoek .......................................................................................
20 6.1 Toetsingskader ................................................................................................................... 20 6.2 Analyseresultaten ............................................................................................................... 20 7 Conclusie............................................................................................................................... 27 7.1 Aanbeveling ....................................................................................................................... 32 8 Zorgvuldigheid onderzoek .................................................................................................... 36
Bijlagen 1. Topografisch en kadastraal overzicht 2. Situatietekening 3. Monsternemingsformulieren (grond en grondwater) 4. Boorbeschrijvingen 5. Toegepaste methoden/normen veldwerk en laboratorium onderzoek 6. Analyseresultaten + toetsing 7. Foto’s 8. Concentratieberekening 9. Sanscrit rapportage 10. Bodeminformatie Bodemloket 11. Rapportage verkennend bodemonderzoek, Grondvitaal, 1421017, 27 maart 2014
2
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
1 Inleiding De heer M. Klein van ECM Dialoog uit Elburg heeft namens de Hersteld Hervormde Gemeente Doornspijk-Nunspeet e.o. op 18 maart 2021 opdracht verleend tot het instellen van een verkennend/nader bodemonderzoek/verkennend bodemonderzoek asbest conform de NEN 5740/NTA 5755/NEN 5707 ter plaatse van de locatie Zuiderzeestraatweg West 67 a/b en 69 Doornspijk. Voor de ligging van de onderzoekslocatie wordt verwezen naar bijlage 1. De inrichting van de locatie is weergegeven in bijlage 2. De aanleiding voor het bodemonderzoek is het vastleggen van de kwaliteit van de bodem van het terrein i.v.m. de bestemmingsplanwijziging en het verkrijgen van een omgevingsvergunning voor de bouw van een kerk op de locatie. Doel van het onderzoek is het vaststellen van eventuele verontreiniging van grond en grondwater van de locatie en een globaal inzicht te verschaffen in de aard, plaats en concentratie van eventuele verontreinigende stoffen. Het vooronderzoek is uitgevoerd volgens de Nederlandse Norm NEN 5725:2017 (strategie voor het uitvoeren van milieu hygiënisch vooronderzoek). Bij het verzamelen van de beschikbare informatie is zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij de werkwijze zoals beschreven in de NEN5725:2017. Op basis van deze norm bepaalt de aanleiding van het onderzoek de minimale onderzoeksaspecten.
In onderstaande tabel zijn deze onderzoeksaspecten per aanleiding weergegeven. In de huidige situatie is sprake van aanleiding A (bodemonderzoek). Tabel aanleiding onderzoek: onderzoeksaspecten Locatie gegevens Bodemopbouw en geohydrologie
Verwachting t.a.v. de bodemkwaliteit
Gebruik en beïnvloeding van de locatie, verdachte situatie, activiteiten, ongewoon voorval
Eigendomssituatie Hoogteligging Bodemopbouw Antropogene lagen in de bodem Geohydrologie Geval van Ernstige bodemverontreiniging Kwaliteit o.b.v. BKK o.b.v. uitgevoerde bodemonderzoeken Voormalig Huidig Toekomst Asbest verdacht
Aanleidingen tot vooronderzoek A B C D E F O O X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X
O X
X X
X X
X X
X X
O X X
X
X X
X X O X
X
G
X X X X X
X
X X X X X Terreinverkenning X= Verplicht onderzoeksaspect. Indien dit onderzoeksaspect niet van toepassing is behoort dit in het rapport te worden vermeld en gemotiveerd O = Optioneel
3
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
Aanleiding tot vooronderzoek A Opstellen hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek B Opstellen hypothese over de aanwezigheid van potentieel bodembedreigende (bedrijfs)activiteiten bij nul- en eindsituatie onderzoek C Opstellen hypothese over de bodemkwaliteitsklasse van de ontvangende bodem voorafgaande aan het toepassen van grond of baggerspecie D Opstellen hypothese over de milieuhygiënische kwaliteit ten behoeve van partijkeuring E Opstellen of actualiseren van een bodemkwaliteitskaart F Toetsing gebruik bodemkwaliteitskaarten bij te ontgraven grond en het toepassen van grond G Opstellen hypothese over de bodemkwaliteit bij tijdelijke uitplaatsing en bij overig projectmatig grondverzet ten behoeve van het inschatten van arbeidshygiënische risico’s
Ten behoeve van het vooronderzoek hebben wij de volgende bronnen geraadpleegd: Onderdeel Historisch, huidig en toekomstig gebruik Bouw-/milieudossier, ondergrondse tanks, calamiteiten, eerder uitgevoerd bodemonderzoek Locatiegegevens van internet: historisch topografisch kaartmateriaal basisregistratie grootschalige topografie kadastrale gegevens Google streetview Provinciale bodeminformatie Bodemopbouw Geo(hydro)logie Bodemkwaliteitskaart Terreininspectie
Bron Opdrachtgever Gemeente Elburg/Opdrachtgever (voorgaand bodemonderzoek)
www.topotijdreis.nl www.pdok.nl www.kadaster.nl maps.google.nl www.bodemloket maps.bodemdata.nl www.dinoloket.nl Bodemkwaliteitskaart regio Noord Veluwe, 21 januari 2014 Bodemkwaliteitskaart Noord Veluwe PFAS, 30 oktober 2020 Uitgevoerd 29-03-2021 door erkend monsternemer de heer A. de Graaf van Boluwa Eco Systems BV
In de volgende hoofdstukken wordt achtereenvolgens ingegaan op de verrichte veld- en laboratoriumwerkzaamheden en de resultaten van het onderzoek. In hoofdstuk 6 worden de bevindingen geïnterpreteerd en conclusies getrokken over de actuele kwaliteit van de grond en het grondwater op de locatie.
4
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
2 Inventarisatie De onderzoekslocatie is gelegen binnen de bebouwde kom van Doornspijk. Het perceel is kadastraal bekend als de gemeente Nunspeet sectie D, nummers 3202, 3294, 3295 en 3296. x-coördinaat = 184.247 en y-coördinaat = 492.142.
2.1 Historisch gebruik. Algemeen: Op historisch kaartmateriaal van voor 1900 is op de locatie al enige bebouwing zichtbaar. Op het te onderzoeken terrein bevindt zich een dubbele woning (nr. 67a/67b) en een winkel met kassen (nr. 69). In de kassen en op het terrein heeft een bedrijfsmatige verbouw van groente en bloemen plaatsgevonden. De oorspronkelijke bebouwing dateert uit 1814. In 1983 is nog een deel van het bedrijfspand gerealiseerd. De dubbele woning 67a/67b is gebouwd in 1841. De bedrijfsactiviteiten op de locatie zijn reeds langere tijd geleden beëindigd. Topotijdreis: 1900
1950
1980
2005
1980
2000
5
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
Vergunningen: Van de locatie is een Hinderwetvergunning uit 1995 bekend. Hieruit blijkt dat in het hoofdgebouw de kweek en verkoop van bloemen en planten heeft plaatsgevonden. Voor deze doeleinden was in het gebouw een opslag van bestrijdingsmiddelen aanwezig. Uit de bijbehorende bouwtekening blijkt dat ten noorden van het woonhuis een tweetal zinkputten zijn gesitueerd. Calamiteiten/ophogingen/dempingen: Op de locatie hebben zich voor zover bekend geen calamiteiten met een bodembedreigend karakter voorgedaan. Daarnaast is voor zover bekend het te onderzoeken terrein niet opgehoogd en hebben geen dempingen van sloten plaatsgevonden. Tanks: Op de locatie heeft zich aan de noordwestzijde van het bedrijfsgebouw een bovengrondse HBO-tank bevonden. Deze was ten tijde van voorgaand bodemonderzoek in 2014 nog aanwezig en is nadien afgevoerd. Asbestdakenkaart: Op basis van de asbestdakenkaart van de Provincie Gelderland zijn er op de locatie opstallen met asbesthoudende dakbedekking aanwezig.
Bodemkwaliteitskaart: Uit de bodemkwaliteitskaart blijkt dat de ontgravingskwaliteit van zowel de boven- als de ondergrond voldoet aan de kwaliteitsklasse Landbouw/Natuur. De bodemfunctieklasse is klasse Wonen. PFAS: Op basis van het “Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecies” blijkt, dat vooralsnog heel Nederland (voornamelijk de bovengrond) als “verdacht” gebied wordt gekenmerkt met betrekking tot de parametergroep PFAS. Verwacht wordt, dat er verspreid over de onderzoekslocatie gelijke gehalten van PFAS voorkomen. 6
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
PFAS komt diffuus in Nederland voor. Dit betekent echter niet dat alle locaties per definitie verdacht zijn op PFAS boven de toetsnorm. Uit het vooronderzoek blijkt dat atmosferische depositie de enige (beperkte) bron van PFAS-verontreiniging op de locatie kan zijn. Van atmosferische depositie is bekend dat dit tot beperkt verhoogde PFAS-gehaltes in bodem en water kan leiden. Op basis van de bodemkwaliteitskaart PFAS is de grond (wat betreft PFAS) vrij toepasbaar buiten grondwaterbeschermingsgebieden. Bodeminformatie Bodemloket: Op het digitale bodemloket is het noordoostelijke deel van het terrein bekend onder rapportnummer GE023000803 HBB: Bloemenhuis De Vuurdoorn. Als mogelijk verontreinigende activiteit wordt de voormalige bovengrondse brandstoftank vermeld. De ten zuiden aangrenzende Klarenbeek is vermeld onder rapportnummer GE023000021. Van deze locatie is een oriënterend bodemonderzoek bekend, uitgevoerd door DHV, kenmerk MT-BD941133, 03-06-1994. De locatie is voldoende onderzocht. Bodeminformatie gemeente Elburg: Bij de gemeente Elburg is geen relevante bodeminformatie van de locatie beschikbaar. Voorgaand bodemonderzoek: Op het terrein heeft eerder bodemonderzoek plaatsgevonden, Verkennend bodemonderzoek Zuiderzeestraatweg 67a/b-69 Doornspijk, Grondvitaal BV, projectnummer 1421017, 27 maart 2014.
Uit de resultaten blijkt het volgende: Overig terrein: In de bovengrond worden licht [>achtergrondwaarde] verhoogde gehalten barium, kwik, lood, zink, PAK, hexachloorbenzeen, drins en heptachloorepoxide aangetroffen. Ter plaatse van boring B14 is een sterk [>interventiewaarde] verhoogd gehalte PAK vastgesteld. In de ondergrond zijn geen verhoogde gehalten aangetoond. In het grondwater is in eerste instantie een sterk [>interventiewaarde] verhoogd gehalte koper aangetroffen. Na herbemonstering van de peilbuis wordt dit niet meer aangetoond. Bovengrondse brandstoftank: In zowel de boven- als de ondergrond zijn geen verhoogde gehalten olieproducten gemeten. In het grondwater is een licht [>streefwaarde] verhoogd gehalte xylenen geconstateerd. De rapportages van bodemloket zijn bijgevoegd in bijlage 10. De rapportage van het voorgaand verkennend bodemonderzoek (Grondvitaal 2014) is bijgevoegd in bijlage 11.
2.2 Huidig gebruik Op de locatie bevindt zich bebouwing in de vorm van een dubbel woonhuis en een winkel met voormalige kassen/bedrijfsruimtes. 7
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
Het buitenterrein is deels verhard met klinkers, beton en asfalt. In de kassen is geen verharding aanwezig. Het te onderzoeken terrein heeft een oppervlakte van 5.860 m².
2.3 Toekomstig gebruik De huidige bebouwing op de locatie wordt gesloopt waarna er een kerk wordt gerealiseerd.
2.4 Geohydrologische gegevens De geohydrologische lithologie rond de locatie in Doornspijk is volgens DINO loket als volgt:
Het freatisch grondwater bevindt zich op ca. 1,36 m-mv. Volgens de Grondwaterkaart van Nederland is de stromingsrichting globaal in noordwestelijke richting. De locatie is niet gelegen in een grondwaterbeschermingsgebied.
8
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
3. Onderzoeksstrategie/conclusie vooronderzoek Conclusie vooronderzoek: Op basis van het vooronderzoek blijkt dat op de locatie een verontreiniging met PAK aanwezig is. Deze verontreiniging dient te worden afgeperkt. Daarnaast is er een bovengrondse HBO-olietank aanwezig geweest. Deze is echter in voorgaand onderzoek voldoende onderzocht. Het terrein is mogelijk verdacht op aanwezigheid van asbest vanwege puinresten in de bodem en voormalige ingestorte bebouwing met asbesthoudende dakbedekking. Daarnaast zijn de inspoelzones van de asbesthoudende dakbedekking zonder dakgoten en/of verharding ter plaatse van de inspoelzones verdacht op aanwezigheid van asbest. In de nabijheid van de locatie zijn geen (grootschalige) gevallen van bodemverontreiniging bekend die van invloed zijn op de bodemkwaliteit van de onderzoekslocatie. Verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) Uit voorgaande informatie kan worden opgemaakt dat het terrein (uitgezonderd de deellocatie rond de in voorgaand onderzoek geconstateerde PAK verontreiniging) in principe als onverdacht kan worden beschouwd. De onderzoeksstrategie voor het terrein is gebaseerd op verkennend bodemonderzoek zoals is beschreven in de NEN-5740 voor een niet lijnvormige onverdachte locatie (ONV-NL). Wel zullen de monsters gezien het voormalige gebruik van de locatie aanvullend worden onderzocht op OCB’s.
Indien tijdens uitvoering van het veldwerk mogelijke aanwijzingen worden aangetroffen van een verontreiniging wordt de onderzoeksstrategie aangepast. De relevante resultaten van het zintuiglijk en chemisch onderzoek van de bovengenoemde onderzoekspunten zijn eveneens in dit rapport opgenomen om een totaalbeeld te krijgen van de locatie. De deellocatie rond de PAK verontreiniging (B14 voorgaand onderzoek) zal worden onderzocht door middel van een nader onderzoek conform de NTA-5755 (zie onderstaand). Daarnaast zal de asfaltverharding ter plaatse van de inrit worden onderzocht op teerhoudendheid (PAK). Nader bodemonderzoek (NTA 5755) Conform de NTA 5755 dient voorafgaand aan het opstellen van een onderzoeksopzet een conceptueel model te worden opgesteld. Het conceptueel model is een schematische beschrijving en/of visualisatie van de (veronderstelde) verontreiniging. Op basis van een conceptueel model wordt een verwachting van aard en omvang van de verontreiniging c.q. een onderzoeksopzet vastgesteld. 9
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
Conceptueel model: Aspect
Gegevens
vermoedelijke bron van verontreiniging
puin gerelateerd
aard van de verontreiniging
PAK (10-VROM)
mate van verontreiniging
> Interventiewaarde
vermoedelijke bodemlaag
bovengrond
verwachte grootte in grond
< 25m³
verwachte grootte in grondwater
n.v.t.
mogelijke verspreiding
te onderzoeken
mogelijke risico’s
ingestie, huidcontact
Onderzoeksstrategie Op basis van het conceptueel model worden de volgende onderzoeksvragen geformuleerd: - wat is de horizontale verspreiding van de verontreiniging? - wat is de verticale verspreiding van de verontreiniging? - is er sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging? Onderzoeksstrategie: Nader bodemonderzoek voor:
Grond
analyses grond
PAK (10-VROM)
analyses grondwater
n.v.t.
rasterafstand grond
nader te bepalen.
afperking op basis van
analyses
diepte boringen
1,0 m-mv
rasterafstand grondwater
n.v.t.
diepte peilbuizen horizontale afperking
n.v.t.
diepte peilbuizen verticale afperking
n.v.t.
Onderzoekstechniek De NTA5755 schrijft geen specifieke onderzoekstechnieken voor. Gezien de aard van de verontreiniging (mogelijke sturing op zintuiglijke waarnemingen) en locatiespecifieke omstandigheden (bijmengingen) zal de locatie onderzocht door middel van het plaatsen van boringen en het analyseren van grondmonsters. Onderzoeksopzet Voor de onderzoeksopzet is aansluiting gezocht bij de onderzoeksstrategie voor het uitvoeren van een nader onderzoek (NTA5755). Op basis van mogelijke zintuiglijke waarnemingen en de reeds door eerder uitgevoerd bodemonderzoek verkregen informatie over de omvang worden monsters van de grond verzameld voor het analytisch bepalen van de omvang van de bodemverontreiniging.
10
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
Overzicht onderzoeksopzet: (deel)locatie
B25 (voormalig 14)
Veldwerk
Chemisch onderzoek
boringen
peilbuizen
4 (0 – 0,50 m-mv) 1 (0,50 – 1,00 m-mv)
-
Grond
Grondwater
5 x PAK (10-VROM)
-
Opmerking: Boring B14 uit voorgaand onderzoek is in het huidige onderzoek omgenummerd naar B25. Verkennend bodemonderzoek asbest (NEN 5707) Uit voorgaande informatie/terreinverkenning kan worden opgemaakt dat er een viertal verdachte inspoelzones van asbestverdachte dakbedekking aanwezig zijn (geen dakgoot en of verharding ter plaatse van de inspoelzones aanwezig). Daarnaast is het op het terrein tijdens voorgaand onderzoek in 2014 een ingezakte overkapping/schuur geconstateerd waarbij op het maaiveld asbestverdacht materiaal is waargenomen. Deze deellocatie zal eveneens separaat worden onderzocht. In de bodem onder de asfaltverharding ter plaatse van de inrit en in het pad (in het verlengde van de asfaltverharding) naar achteren zijn in de bodem puinresten geconstateerd. Deze deellocaties worden eveneens als verdacht beschouwd op het voorkomen van asbest.
11
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
4 Uitgevoerd veld- en laboratoriumonderzoek Ten behoeve van het onderzoek is een programma voor veld- en laboratoriumonderzoek opgesteld. Het veldwerk, de analyses en de voorbehandeling zijn uitgevoerd conform de geldende NENnormen. [zie bijlage 5.2] Voorafgaand aan het bodemonderzoek is een terreininspectie uitgevoerd. Deze is gericht op de identificatie van bronnen die mogelijk hebben geleid of kunnen leiden tot een grond- en/of grondwaterverontreiniging. De tijdens de terreininspectie aangetroffen situatie komt overeen met de locatiegegevens die zijn verzameld in het historisch onderzoek. Er zijn tijdens terreininspectie geen aanvullende potentiële bronnen aangetroffen. De veldwerkzaamheden zijn op 29-03-2021, 06-04-2021 en 07-04-2021 uitgevoerd door erkend monsternemer de heer A.
de Graaf van Boluwa Eco Systems BV en hebben bestaan uit: [zie voor de situatie van de boringen bijlage 2] Verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) - het verrichten van 24 handboringen variabel van 0 – 2,90 m beneden maaiveld [m.v.]; - het zintuiglijk beoordelen van de uit de boringen vrijkomende grond op bodemkundige eigenschappen en op eventueel aanwezige verontreinigingskenmerken; - het nemen van grondmonsters; - het plaatsen van 2 peilbuizen; - het doorpompen van de geplaatste peilbuizen en de reeds bestaande peilbuis (bij voormalige bovengrondse brandstoftank); - het nemen van grondwatermonsters uit de doorgepompte peilbuizen minimaal een week na plaatsing. In de inspectiegaten G35 en G43 zijn lichte bijmengingen van metaalslakken geconstateerd. In inspectiegat G48 is een matig kolengruishoudende laag waargenomen. Hiervan zijn separate monsters genomen. Onder de asfaltverharding zijn ter plaatse van G46 en G47 bijmengingen van (metaal)slakken geconstateerd. Hiervan is een mengmonster samengesteld. Het asfalt van de inrit is onderzocht op teerhoudendheid (PAK). De volgende monsters zijn aangeleverd aan het laboratorium: Analysemonster MM1
Traject (m -mv) 0,00 - 0,50
Deelmonsters
Analysepakket
B01 (0,05 - 0,50) B02 (0,05 - 0,50) B03 (0,00 - 0,50) B04 (0,00 - 0,50) B05 (0,00 - 0,50) B06 (0,00 - 0,50) B07 (0,00 - 0,50)
STAP1+OCB
12
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
Analysemonster MM2
Traject (m -mv) 0,50 - 2,00
MM3
0,00 - 0,50
MM4
0,00 - 0,50
MM5
0,50 - 2,00
Zintuiglijk verdachte bodemlagen MM6 (bijmenging 0,06 - 0,25 metaalslakken) G35 (bijmenging 0,10 - 0,50 metaalslakken) G43 (bijmenging 0,00 - 0,50 metaalslakken) G48 0,10 - 0,20 (kolengruishoudende laag) Asfalt inrit Asfalt 0,00 - 0,06
Deelmonsters
Analysepakket
B01 (0,50 - 1,00) B01 (1,00 - 1,50) B01 (1,50 - 1,70) B01 (1,70 - 2,00) B05 (0,50 - 1,00) B05 (1,00 - 1,50) B05 (1,50 - 2,00) B08 (0,00 - 0,50) B09 (0,00 - 0,50) B10 (0,00 - 0,50) B11 (0,00 - 0,50) B12 (0,00 - 0,50) B13 (0,00 - 0,50) B14 (0,00 - 0,50) B15 (0,00 - 0,50) B16 (0,00 - 0,50) B17 (0,00 - 0,50) B18 (0,00 - 0,50) B19 (0,15 - 0,50) B20 (0,20 - 0,50) B21 (0,00 - 0,50) B22 (0,00 - 0,50) B23 (0,00 - 0,50) B24 (0,10 - 0,50) B08 (0,50 - 1,00) B08 (1,00 - 1,50) B08 (1,50 - 2,00) B18 (0,50 - 1,00) B18 (1,00 - 1,50) B18 (1,50 - 1,80) B21 (0,50 - 1,00) B21 (1,00 - 1,50) B21 (1,50 - 2,00)
STAP1+OCB
G46 (0,06 - 0,25) G47 (0,06 - 0,25) G35 (0,10 - 0,50)
Standaardpakket incl. lu/os
G43 (0,00 - 0,50)
Standaardpakket incl. lu/os
G48 (0,10 - 0,20)
Standaardpakket incl. lu/os
G45 (0,00 - 0,06) G46 (0,00 - 0,06) G47 (0,00 - 0,06) G48 (0,00 - 0,06)
PAK (10 VROM)
STAP1+OCB
STAP1+OCB
STAP1+OCB
Standaardpakket incl. lu/os
Uit de geplaatste peilbuizen bij de boringen B01, B08 en de bestaande peilbuis bij de voormalige bovengrondse brandstoftank zijn grondwatermonsters genomen en geanalyseerd, deze grondwatermonsters met analyses zijn: Analysemonster B01-1-1 B08-1-1
Filterdiepte (m -mv)
Analysepakket
1,90 - 2,90 1,90 - 2,90
Bestaande peilbuis-1-1
2,00 - 3,00
Standaard pakket OCB Pakket Standaard pakket olie/arom.
13
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
zie bijlage 6 voor de analyse uitslagen van dit rapport. De bemonstering en analyse zijn uitgevoerd conform het protocol voor verkennend bodemonderzoek volgens de NEN 5740, onder certificaat van de BRL SIKB 2000 (nr. ECSIK-20249). Tijdens het onderzoek is gelet op afwijkingen, die duiden op de aanwezigheid van milieuvreemde en/of schadelijke stoffen.
Nader bodemonderzoek (NTA5755) Op basis van het voorgaand verkennend bodemonderzoek uit 2014 heeft rond boring B25 (in voorgaand onderzoek B14) een nader (afperkend) onderzoek plaatsgevonden. In de boringen B25.A, B25.B en B25.C zijn zintuiglijk nog bijmengingen van kolengruis (PAK) geconstateerd. Deze zijn daarom niet aangeleverd aan het laboratorium. Analysemonster B25 (50-100)
Traject (m -mv) 0,50 - 1,00
B25.D B25.E B25.F B25.G
0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50
Deelmonsters
Analysepakket
B25 (vml 14) (0,50 1,00 B25.D (0,00 - 0,50) B25.E (0,00 - 0,50) B25.F (0,00 - 0,50) B25.G (0,00 - 0,50)
PAK (10 VROM), Pakket lutum en organische stof PAK (10 VROM), Pakket lutum en organische stof PAK (10 VROM), Pakket lutum en organische stof PAK (10 VROM), Pakket lutum en organische stof PAK (10 VROM), Pakket lutum en organische stof
De bemonstering en analyse zijn uitgevoerd conform het protocol voor nader bodemonderzoek volgens de NTA 5755 onder certificaat van de BRL SIKB 2000 (nr. ECSIK-20249). Tijdens het onderzoek is gelet op afwijkingen, die duiden op de aanwezigheid van milieuvreemde en/of schadelijke stoffen.
Verkennend onderzoek asbest (NEN 5707) De te onderzoeken deellocaties zijn in 2 richtingen opgedeeld in stroken van 1,5 meter breed. Het maaiveld is visueel geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbestverdacht materiaal. Naast de visuele inspectie van het maaiveld zijn in totaal handmatig 23 inspectiegaten van ca. 0,30 m x 0,30 m gegraven tot 0,50 m-mv. Het veldwerkrapport is als bijlage 3 aan deze rapportage toegevoegd. De uitgegraven grond is visueel geïnspecteerd. Bij de visuele inspectie is gebruik gemaakt van een hark met een tandwijdte van 2 centimeter. De ligging van de inspectiegaten is weergegeven op de overzichtstekening in bijlage 2. De afmetingen van de gaten zijn in de onderstaande tabel weergegeven: 14
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
Gat
Lengte (meters)
Breedte (meters)
Diepte totaal (meters)
Diepte monsters(meters)
Inspoelzone asbesthoudende dakbedekking MM1A G26
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,10
G27
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,10/0,10 - 0,50
G28
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,10
Ingestorte overkapping MM2A G29
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,10
G30
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,10
G31
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,10
Inspoelzone asbesthoudende dakbedekking MM3A G32
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,10/0,10 - 0,50
G33
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,10
G34
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,10
Inspoelzone asbesthoudende dakbedekking MM4A G35
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,10
G36
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,10
G37
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,10
Inspoelzone asbesthoudende dakbedekking MM5A G38
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,10
G39
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,10
G40
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,10
Puinhoudende grond pad naar achterterrein MM6A G41
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,50
G42
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,50
G44
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,50
Puinhoudende grond onder asfalt inrit MM7A G45
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,50
G46
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,50
G47
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,50
G48
0,30
0,30
0,50
0,00 - 0,50
0,30
0,50
0,00 - 0,50
Separaat onderzochte inspectiegaten G43
0,30
Zintuiglijke waarnemingen: - Op het maaiveld is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen; - In inspectiegat G27 zijn 6 stukjes asbestverdachte golfplaat (147 gram) en 1 stukje asbestverdachte vlakke plaat (23 gram) aangetroffen; - In inspectiegat G32 zijn 5 stukjes asbestverdachte vlakke plaat (131 gram) aangetroffen; - In inspectiegat G33 zijn 2 stukjes asbestverdachte golfplaat (27 gram) en 2 stukjes asbestverdachte vlakke plaat (21 gram) aangetroffen; - In inspectiegat G43 zijn 8 stukjes asbestverdachte vlakke plaat (133 gram) aangetroffen.
15
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
Laboratoriumonderzoek: AnalyseTraject Deelmonsters monster (m -mv) Inspoelzone asbesthoudende dakbedekking MM1A MM1A 0,00 - 0,10 G26 (0,00 - 0,10) G27 (0,00 - 0,10) G28 (0,00 - 0,10) Ingestorte overkapping MM2A MM2A 0,00 - 0,10 G29 (0,00 - 0,10) G30 (0,00 - 0,10) G31 (0,00 - 0,10) Inspoelzone asbesthoudende dakbedekking MM3A MM3A 0,00 - 0,10 G32 (0,00 - 0,10) G33 (0,00 - 0,10) G34 (0,00 - 0,10) Inspoelzone asbesthoudende dakbedekking MM4A MM4A 0,00 - 0,10 G35 (0,00 - 0,10) G36 (0,00 - 0,10) G37 (0,00 - 0,10) Inspoelzone asbesthoudende dakbedekking MM5A MM5A 0,00 - 0,10 G38 (0,00 - 0,10) G39 (0,00 - 0,10) G40 (0,00 - 0,10) Puinhoudende grond pad naar achterterrein MM6A MM6A 0,00 - 0,50 G41 (0,00 - 0,50) G42 (0,00 - 0,50) G44 (0,00 - 0,50) Puinhoudende grond onder asfalt inrit MM7A MM7A 0,06 - 0,50 G45 (0,06 - 0,50) G46 (0,06 - 0,50) G47 (0,06 - 0,50) G48 (0,06 - 0,50) Separaat onderzochte inspectiegaten G27 0,10 - 0,50 G27 (0,10 - 0,50) G27 (0,10 - 0,50) G32 0,10 - 0,50 G32 (0,10 - 0,50) G32 (0,10 - 0,50) G43 0,00 - 0,50 G43 (0,00 - 0,50) G43 (0,00 - 0,50)
Analysepakket
Asbest NEN5898 (10 kg)
Asbest NEN5898 (10 kg)
Asbest NEN5898 (10 kg)
Asbest NEN5898 (10 kg)
Asbest NEN5898 (10 kg)
Asbest NEN5898 (10 kg)
Asbest NEN5898 (10 kg)
Asbest mat.verzamelm.NEN5896, Asbest NEN5898 (10 kg) Asbest mat.verzamelm.NEN5896, Asbest NEN5898 (10 kg) Asbest mat.verzamelm.NEN5896, Asbest NEN5898 (10 kg)
zie bijlage 6 voor de analyse-uitslagen van dit rapport. De bemonstering en analyse zijn uitgevoerd conform het protocol voor verkennend bodemonderzoek volgens de NEN 5707/5897, onder certificaat van de BRL SIKB 2000 (nr. EC-SIK-20249). Tijdens het onderzoek is gelet op afwijkingen, die duiden op de aanwezigheid van milieuvreemde en/of schadelijke stoffen.
16
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
5 Resultaten veldonderzoek De resultaten van de bodemkundige beoordeling van de boringen/inspectiegaten zijn weergegeven in de vorm van boorprofielen met beschrijving. [bijlage 4] De boringen zijn verspreid over de locatie genomen. De bodemopbouw bestaat globaal uit:
De boringen tot 2,0 m-mv worden in trajecten van ten hoogste 0,5 m bemonsterd of anders afhankelijk van de bodemgesteldheid en/of de veldwaarnemingen. De genomen grondmonsters met de dieptes van de diverse boringen zijn terug te vinden in de boorstaten. De boringen worden verdeeld over de onderzoekslocatie waarbij tijdens het onderzoek naar aanleiding van de aangetroffen bevindingen de strategie aangepast kan worden. Tijdens het veldonderzoek zijn bij de boringen/inspectiegaten de volgende zintuiglijke bijzonderheden waargenomen: Boring B01
Diepte boring (m -mv) 2,90
B02 B05
0,50 2,00
B06
0,50
Traject (m -mv) 0,00 - 0,05 0,80 - 1,70 0,00 - 0,05 1,30 - 1,70 1,70 - 2,00 0,00 - 0,50
Grondsoort
Zand Zand Zand Zand
17
Waargenomen bijzonderheden Grind zwak roesthoudend Grind zwak roesthoudend zwak veenhoudend matig baksteenhoudend, zwak kolengruishoudend Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
Boring
Traject (m -mv) 0,80 - 1,50 1,50 - 1,80 0,00 - 0,08 0,00 - 0,08 1,50 - 2,00 0,00 - 0,05 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
B08 B18 B19 B20 B21 B24 B25 (vml 14) B25.A
Diepte boring (m -mv) 2,90 1,80 0,50 0,50 2,00 0,50 1,00 0,50
Zand Zand
B25.B
0,50
0,00 - 0,50
Zand
B25.C
0,50
0,00 - 0,50
Zand
B25.E B25.G G26
0,50 0,50 0,50
G27
0,50
0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,10 0,10 - 0,50 0,00 - 0,10 0,10 - 0,50
Zand Zand Zand Zand Zand Zand
G28
0,20
G29 G30 G32
0,50 0,50 0,50
G33
0,50
0,00 - 0,10 0,10 - 0,20 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,10 0,10 - 0,50 0,00 - 0,10 0,10 - 0,50
Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand
G34 G35
0,50 0,50
G36
0,50
G37
0,50
G38
0,50
0,00 - 0,50 0,00 - 0,10 0,10 - 0,50 0,00 - 0,10 0,10 - 0,50 0,00 - 0,10 0,10 - 0,50 0,00 - 0,10
Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand
G39
0,50
0,10 - 0,50 0,00 - 0,10
Zand Zand
G40
0,50
0,10 - 0,50 0,00 - 0,10
Zand Zand
G41
0,50
G42
0,50
G43
0,50
0,10 - 0,50 0,00 - 0,10 0,10 - 0,50 0,00 - 0,10 0,10 - 0,50 0,00 - 0,50
Zand Zand Zand Zand Zand Zand
G44
0,50
Zand Zand
G45
0,50
G46
0,50
G47
0,50
0,00 - 0,10 0,10 - 0,50 0,00 - 0,06 0,06 - 0,50 0,00 - 0,06 0,06 - 0,25 0,00 - 0,06 0,06 - 0,25 0,25 - 0,50
zwak veenhoudend zwak veenhoudend Klinker Klinker zwak veenhoudend Klinker matig baksteenhoudend matig baksteenhoudend, zwak kolengruishoudend matig baksteenhoudend, zwak kolengruishoudend matig baksteenhoudend, zwak kolengruishoudend zwak baksteenhoudend zwak baksteenhoudend sterk wortelhoudend matig wortelhoudend sterk wortelhoudend matig wortelhoudend, Asbest golfplaat 6 st. 147 gr. Vlakke plaat 1 st. 23 gr. sterk wortelhoudend matig wortelhoudend, Gestaakt beton resten glas resten glas resten glas Asbest vlakke plaat 5 st. 131 gr. resten glas Asbest vlakke plaat 2 st. 21 gr. Golfplaat 2 st. 27 gr. resten glas zwak baksteenhoudend resten glas, zwak slakhoudend zwak baksteenhoudend resten glas, sporen slakken zwak baksteenhoudend resten glas, sporen slakken zwak baksteenhoudend, Potscherven sterk matig baksteenhoudend zwak baksteenhoudend, Potscherven sterk matig baksteenhoudend zwak baksteenhoudend, Potscherven sterk matig baksteenhoudend zwak baksteenhoudend, Potresten matig zwak baksteenhoudend zwak baksteenhoudend, Potresten matig zwak baksteenhoudend brokken baksteen, zwak slakhoudend, Asbest vlakke plaat 8 st. 133 gr. zwak baksteenhoudend, Potresten matig brokken baksteen Asfalt zwak puinhoudend Asfalt zwak puinhoudend, zwak slakhoudend Asfalt zwak slakhoudend zwak puinhoudend
Zand Zand Zand
Zand Zand Zand Zand
18
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
Boring G48
Diepte boring (m -mv) 0,50
Traject (m -mv) 0,00 - 0,06 0,10 - 0,20 0,20 - 0,50
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
Zand Zand
asfalt matig kolengruishoudend zwak puinhoudend
Uit de veldwaarnemingen blijkt verder: Watermonster Filterdiepte (m -mv) B01-1-1 1,90 - 2,90 B08-1-1 1,90 - 2,90 Bestaande 2,00 - 3,00 peilbuis-1-1
Grondwater-stand (m -mv) 1,36 1,35 1,55
pH (-) 6,03 6,76 6,32
EC (µS/cm) 553 689 606
Troebelheid (NTU) 13,4 11,09 14,6
De toegepaste methoden met betrekking tot het veldwerk en het laboratoriumonderzoek van de grondmonsters zijn beschreven in bijlage 5.
19
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
6 Resultaten laboratoriumonderzoek De grondmengmonsters en de grondwatermonsters zijn volgens de NEN5740 /NEN5707 geanalyseerd door het AS- 3000 erkende laboratorium van Synlab Analytics & Services BV/SGS Environmental Analytics BV te Rotterdam en Eurofins ACMAA Testing te Deurningen op de onderstaande parameters en de bijbehorende toetsingswaarden. De analyseresultaten van de monsters zijn weergegeven in bijlage 6.
6.1 Toetsingskader De analyseresultaten zijn met behulp van de Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa) getoetst aan het kader uit de circulaire bodemsanering 2013, waarin een toetsingskader staat vermeld voor een aantal verontreinigende stoffen waarbij men onderscheid maakt in twee toetsingswaarden met concentratieniveau: achtergrondwaarde [S] en interventiewaarde [I]. De achtergrond- en de interventiewaarde zijn gerelateerd aan het humus- en lutumgehalte van de grondmonsters. [S]achtergrondwaarde: geldt als referentiewaarde en komt overeen met de gemiddelde achtergrondconcentratie waarbij er sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. [I]nterventiewaarde: is te beschouwen als de toetsingswaarde waarboven, afhankelijk van de situatie of er risico’s zijn voor schade aan gezondheid en/of milieu, veelal een saneringsonderzoek c.q. sanering wordt uitgevoerd. [>25 m³ grond of >100 m³ grondwater] 1/2[S+I]=[N]ader: bij gehaltes boven deze grens is er sprake van een matige verontreiniging en dient een nader onderzoek [N] uitgevoerd te worden naar de aard en de omvang van de aangetroffen verontreiniging.
6.2 Analyseresultaten Verkennend bodemonderzoek (NEN5740) De grondmonsters van de boven- en ondergrond en de grondwatermonsters zijn geanalyseerd op het analysepakket van de NEN-5740, de analyseresultaten zijn weergegeven in bijlage 6. De grondmengmonsters zijn getoetst aan de toetsingswaarden met gehalten in mg/kg droge stof. De toetsingwaarden zijn gecorrigeerd voor het gehalte organische stof en de zware metalen zijn tevens gecorrigeerd voor het lutumgehalte. Alle parameters worden omgerekend naar gestandaardiseerde waarden (GSSD), zie bijlage 6. Grond Overig terrein: In het onderzochte grondmengmonster van de bovengrond van MM1 zijn licht [>achtergrondwaarde] verhoogde gehalten PCB (som 7), kwik en lood aangetroffen. 20
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
gehalten aangetoond. Alle overige gemeten gehalten zijn lager of gelijk aan de achtergrondwaarde en/of de detectiegrenzen. In het onderzochte grondmengmonster van de bovengrond van MM3 zijn licht [>achtergrondwaarde] verhoogde gehalten zink, kwik, lood en drins (aldrin, dieldrin, endrin) aangetoond. Alle overige gemeten gehalten zijn lager of gelijk aan de achtergrondwaarde en/of de detectiegrenzen. In het onderzochte grondmengmonster van de bovengrond van MM4 zijn licht [>achtergrondwaarde] verhoogde gehalten zink, kwik, lood, PAK (10-VROM) en drins (aldrin, dieldrin, endrin) aangetoond. Alle overige gemeten gehalten zijn lager of gelijk aan de achtergrondwaarde en/of de detectiegrenzen. In het onderzochte grondmengmonster van de ondergrond van MM2 is een licht [>achtergrondwaarde] verhoogd gehalte zink aangetoond. Alle overige gemeten gehalten zijn lager of gelijk aan de achtergrondwaarde en/of de detectiegrenzen. In het onderzochte grondmengmonster van de ondergrond van MM5 zijn geen verhoogde gehalten aangetoond. Alle gemeten gehalten zijn lager of gelijk aan de achtergrondwaarde en/of de detectiegrenzen.
Zintuiglijk verdachte bodemlagen: In de verdachte bodemlaag bij boring G35 (bijmenging metaalslakken) zijn licht [>achtergrondwaarde] verhoogde gehalten kobalt, nikkel, koper, zink, molybdeen, lood en PAK (10-VROM) aangetoond. Alle overige gemeten gehalten zijn lager of gelijk aan de achtergrondwaarde en/of de detectiegrenzen. In de verdachte bodemlaag bij boring G43 (bijmenging metaalslakken) zijn licht [>achtergrondwaarde] verhoogde gehalten zink, kwik, lood en PAK (10-VROM) aangetoond. Alle overige gemeten gehalten zijn lager of gelijk aan de achtergrondwaarde en/of de detectiegrenzen. In de verdachte bodemlaag bij boring G48 (bijmenging kolengruis) is een licht [>achtergrondwaarde] verhoogd gehalte lood aangetoond. Daarnaast is een sterk [>interventiewaarde] verhoogd gehalte PAK (10-VROM) aangetroffen. Alle overige gemeten gehalten zijn lager of gelijk aan de achtergrondwaarde en/of de detectiegrenzen. 21
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
In de verdachte bodemlaag bij MM6 (G46 en G47) zijn licht [>achtergrondwaarde] verhoogde gehalten koper, zink, lood en PAK (10-VROM) aangetoond. Alle overige gemeten gehalten zijn lager of gelijk aan de achtergrondwaarde en/of de detectiegrenzen. Analysemonster Overig terrein MM1
Traject (m -mv)
> AW (+index)
> I (+index)
BBK monster-conclusie (indicatief)
PCB (som 7) (-) Kwik (-) Lood (0,18) MM2 0,50 - 2,00 Zink (0,09) MM3 0,00 - 0,50 Zink (0,01) Kwik (-) Lood (0,15) Drins (Aldrin+Dieldrin+Endrin) (-) MM4 0,00 - 0,50 Zink (0,06) Kwik (-) Lood (0,15) PAK 10 VROM (0,02) Drins (Aldrin+Dieldrin+Endrin) (0,02) MM5 0,50 - 2,00 Zintuiglijk verdachte bodemlagen G35 0,10 - 0,50 Kobalt (0,02) Nikkel (0,09) Koper (0,16) Zink (0,3) Molybdeen (-) Lood (0,46) PAK 10 VROM (0,21) G43 0,00 - 0,50 Zink (0,19) Kwik (0,01) Lood (0,13) PAK 10 VROM (-) G48 0,10 - 0,20 Lood (0,17)
-
Klasse wonen
-
Altijd toepasbaar Klasse wonen
-
Klasse industrie
-
Altijd toepasbaar
-
Klasse industrie
-
Klasse industrie
PAK 10 VROM (1,34)
MM6
-
Niet Toepasbaar > Interventiewaarde Klasse industrie
0,00 - 0,50
0,06 - 0,25
Koper (0,02) Zink (0,19) Lood (0,34) PAK 10 VROM (0,33)
> AW : > Achtergrondwaarde >I : > Interventiewaarde Index : (GSSD - AW) / (I - AW) BBK monster-conclusie (indicatief) : Dit is een indicatieve indeling voor wat betreft hergebruiksmogelijkheden van de grond. Voor een officiële kwaliteitsklasse indeling dient een AP-04 onderzoek plaats te vinden.
Dit blijkt uit de analyseresultaten die getoetst zijn aan de toetsingstabel uit de circulaire bodemsanering 2013, 1 juli 2013. Opgemerkt dient te worden, dat bij analyses van mengmonsters de gehalten in individuele deelmonsters, zowel hoger als lager kunnen zijn dan het gemeten gehalte in het mengmonster.
22
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
Grondwater Overig terrein: In het grondwatermonster afkomstig uit de peilbuis bij boring B01 zijn geen verhoogde gehalten aangetoond. Alle gemeten gehalten zijn lager of gelijk aan de streefwaarde en/of de detectiegrenzen. In het grondwatermonster afkomstig uit de peilbuis bij boring B08 zijn geen verhoogde gehalten aangetoond. Alle gemeten gehalten zijn lager of gelijk aan de streefwaarde en/of de detectiegrenzen. Voormalige bovengrondse brandstoftank: In het grondwatermonster afkomstig uit de bestaande peilbuis zijn geen verhoogde gehalten olieproducten aangetoond. Alle gemeten gehalten zijn lager of gelijk aan de streefwaarde en/of de detectiegrenzen. Watermonster Filterdiepte (m -mv) B01-1-1 1,90 - 2,90 B08-1-1 1,90 - 2,90 Bestaande 2,00 - 3,00 peilbuis-1-1 >S >I Index
> S (+index)
> I (+index)
-
-
: > Streefwaarde : > Interventiewaarde : (GSSD - S) / (I - S)
Dit blijkt uit de analyseresultaten die getoetst zijn aan de toetsingstabel uit de circulaire bodemsanering 2013, 1 juli 2013. Asfalt In het indicatief onderzochte asfaltmonster van de inrit is geen PAK (10-VROM) aangetoond (<10 mg/kg.ds).
Nader bodemonderzoek (NTA5755) De PAK verontreiniging in de bovengrond van B25 (voormalig B14) is afgeperkt/ingekaderd. Horizontaal: B25.D: In de boring B25.D (0 – 0,50 m-mv) is een licht [>achtergrondwaarde] verhoogd gehalte PAK (10-VROM) aangetoond. B25.E: In de boring B25.E (0 – 0,50 m-mv) is een licht [>achtergrondwaarde] verhoogd gehalte PAK (10-VROM) aangetoond.
23
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
B25.F: In de boring B25.F (0 – 0,50 m-mv) zijn geen verhoogde gehalten PAK (10-VROM) aangetoond. B25.G: In de boring B25.G (0 – 0,50 m-mv) is een licht [>achtergrondwaarde] verhoogd gehalte PAK (10-VROM) aangetoond. Verticaal: B25 (50 – 100): In de boring B25 (0,50 – 1,00 m-mv) zijn geen verhoogde gehalten PAK (10-VROM) aangetoond. Analysemonster B25 (50-100) B25.D B25.E B25.F B25.G
Traject (m -mv) 0,50 - 1,00 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50
> AW (+index)
> I (+index)
PAK 10 VROM (0,03) PAK 10 VROM (0,08) PAK 10 VROM (0,02)
-
BBK monster-conclusie (indicatief) Altijd toepasbaar Klasse wonen Klasse wonen Altijd toepasbaar Klasse wonen
> AW : > Achtergrondwaarde >I : > Interventiewaarde Index : (GSSD - AW) / (I - AW) BBK monster-conclusie (indicatief) : Dit is een indicatieve indeling voor wat betreft hergebruiksmogelijkheden van de grond. Voor een officiële kwaliteitsklasse indeling dient een AP-04 onderzoek plaats te vinden.
Verkennend onderzoek asbest (NEN 5707) De grondmengmonsters zijn geanalyseerd op het analysepakket van de NEN5898. De analyseresultaten zijn weergegeven in bijlage 6. Zintuiglijk is ter plaatse van de inspectiegaten G27, G32, G33 en G43 asbestverdacht materiaal waargenomen. Inspoelzones: In het onderzochte grondmengmonster van MM1A (G26 t/m G28) is een gehalte asbest aangetoond van 72 mg/kg.ds. In het onderzochte grondmengmonster van MM3A (G32 t/m G34) is een gehalte asbest aangetoond van 85 mg/kg.ds. In het onderzochte grondmengmonster van MM4A (G35 t/m G37) is een gehalte asbest aangetoond van 14 mg/kg.ds. In het onderzochte grondmengmonster van MM5A (G38 t/m G40) is een gehalte asbest aangetoond van 280 mg/kg.ds. 24
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
Ingestorte overkapping: In het onderzochte grondmengmonster van MM2A (G29 t/m G31) is een gehalte asbest aangetoond van 0,8 mg/kg.ds. Puinhoudende grond pad naar achterterein: In het onderzochte grondmengmonster van MM6A (G41, G42, G44) is een gehalte asbest aangetoond van 22 mg/kg.ds. Puinhoudende grond pad onder asfalt inrit: In het onderzochte grondmengmonster van MM7A (G45 t/m G48) is geen asbest aangetoond. Separaat onderzochte inspectiegaten: In het separaat onderzochte grondmonster van G27 is een gehalte asbest aangetoond van 180 mg/kg.ds. Het aangetroffen asbestverdachte materiaal (vlakke plaat/golfplaat) blijkt na analyse asbesthoudend. Het totale berekende gehalte asbest in G27 bedraagt 1549,63 mg/kg.ds. In het separaat onderzochte grondmonster van G32 is een gehalte asbest aangetoond van 21 mg/kg.ds. Het aangetroffen asbestverdachte materiaal (vlakke plaat) blijkt na analyse asbestvrij. Het aangetroffen asbestverdachte materiaal (vlakke plaat/golfplaat) uit inspectiegat G33 is niet onderzocht. In het separaat onderzochte grondmonster van G43 is een gehalte asbest aangetoond van 55 mg/kg.ds. Het totale berekende gehalte asbest in G43 bedraagt 250,05 mg/kg.ds. Analyseresultaten en interpretatie: In onderstaande tabel zijn de berekende asbestconcentraties weergegeven. De originele analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 6.
De totale concentratie asbest wordt berekend door de gewogen concentratie op basis van het materiaal op te tellen bij de gewogen concentratie welke in de grond is gemeten, zie ook bijlage 8 (concentratieberekening). Berekening asbestconcentraties: deellocatie met diepte Concentratie obv. Hechtgebonden (m-mv) Materiaal in mg/kg ds. gewogen
Concentratie in mg/kg ds gewogen
Hechtgebonden
Totale concentratie in mg/kg ds. gewogen
72
ja/nee
72
Inspoelzone asbesthoudende dakbedekking MM1A: G26, G27, G28 (0 – 0,10 m-mv)
n.a
-
25
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
deellocatie met diepte Concentratie obv. Hechtgebonden (m-mv) Materiaal in mg/kg ds. gewogen
Concentratie in mg/kg ds gewogen
Hechtgebonden
Totale concentratie in mg/kg ds. gewogen
Inspoelzone asbesthoudende dakbedekking MM3A: G32, G33, G34 (0 – 0,10 m-mv)
n.a
-
85
ja
85
MM4A: G35, G36, G37 (0 – 0,10 m-mv)
n.a
-
14
nee
14
MM5A: G38, G39, G40 (0- 0,10 m-mv)
n.a
-
280
nee
280
n.a
-
0,8
ja
0,8
-
22
ja
22
n.a
-
n.a
-
G27 (0,10 – 0,50 m-mv)
1369,63
-
180
ja
G32 (0,10 – 0,50 m-mv)
n.a
-
21
ja/nee
21
G43 (0 – 0,50 m-mv)
195,05
-
55
ja/nee
250,05
Ingestorte overkapping MM2A: G29, G30, G31 (0 – 0,10 m-mv)
Puinhoudende grond pad naar achterterrein MM6A: G41, G42, G44 (0 – 0,50 m-mv)
n.a
Puinhoudende grond onder asfalt inrit MM7A: G45, G46, G47, G48 (0,06 – 0,50 m-mv)
-
Separaat 1549,63
n.a. = niet aangetroffen
26
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
7 Conclusie Op basis van de resultaten van het onderzoek kan geconcludeerd worden dat: Verkennend onderzoek (NEN5740) Grond: Overig terrein: In de bovengrond van MM1 (B01 t/m B07) zijn licht [>achtergrondwaarde] verhoogde gehalten PCB (som 7), kwik en lood aangetoond. De aangetroffen licht verhoogde gehalten zijn op basis van de thans bekende gegevens niet exact te verklaren. In de bovengrond van MM3 (B08 t/m B17) zijn licht [>achtergrondwaarde] verhoogde gehalten zink, kwik, lood en drins (aldrin, dieldrin, endrin) aangetoond. De aangetroffen licht verhoogde gehalten zink, kwik en lood zijn op basis van de thans bekende gegevens niet exact te verklaren. Het aangetroffen licht verhoogde gehalte drins kan mogelijk worden gerelateerd aan het voormalige gebruik van de locatie (kwekerij). In de bovengrond van MM4 (B18 t/m B24) zijn licht [>achtergrondwaarde] verhoogde gehalten zink, kwik, lood en drins (aldrin, dieldrin, endrin) aangetoond. De aangetroffen licht verhoogde gehalten zink, kwik en lood zijn op basis van de thans bekende gegevens niet exact te verklaren. Het aangetroffen licht verhoogde gehalte drins kan mogelijk worden gerelateerd aan het voormalige gebruik van de locatie (kwekerij).
Het aangetroffen licht verhoogde gehalte PAK (10-VROM) kan te maken hebben met menselijke activiteiten op de locatie en zijn niet ongebruikelijk op plaatsen waar mensen wonen en/of werken. In de ondergrond van MM2 (B01, B05) is een licht [>achtergrondwaarde] verhoogd gehalte zink aangetoond. Het aangetroffen licht verhoogde gehalte zink is op basis van de thans bekende gegevens niet exact te verklaren. In de ondergrond van MM5 zijn geen verhoogde gehalten aangetoond. Zintuiglijk verdachte bodemlagen: In de zintuiglijk verdachte bodemlaag bij G35 (bijmenging metaalslakken) zijn licht [>achtergrondwaarde] verhoogde gehalten kobalt, nikkel, koper, zink, molybdeen, lood en PAK (10-VROM) aangetoond. De aangetroffen licht verhoogde gehalten zijn te relateren aan de aangetroffen bijmenging van metaalslakken. In de zintuiglijk verdachte bodemlaag bij G43 (bijmenging metaalslakken) zijn licht [>achtergrondwaarde] verhoogde gehalten zink, kwik, lood en PAK (10-VROM) aangetoond. 27
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
De aangetroffen licht verhoogde gehalten zijn te relateren aan de aangetroffen bijmenging van metaalslakken. In de zintuiglijk verdachte bodemlaag bij G48 (bijmenging kolengruis) is een licht [>achtergrondwaarde] verhoogd gehalte lood en een sterk [>interventiewaarde] verhoogd gehalte PAK (10-VROM) aangetoond. De aangetroffen licht tot sterk verhoogde gehalten zijn te relateren aan de aangetroffen bijmenging van kooldeeltjes. In de zintuiglijk verdachte bodemlaag bij MM6 (G46, G47) (bijmenging metaalslakken) zijn licht [>achtergrondwaarde] verhoogde gehalten koper, zink, lood en PAK (10-VROM) aangetoond. De aangetroffen licht verhoogde gehalten zijn te relateren aan de aangetroffen bijmenging van metaalslakken.
Grondwater: Overig terrein: In het grondwater van de peilbuis B01-1-1 zijn geen verhoogde gehalten aangetoond. In het grondwater van de peilbuis B08-1-1 zijn geen verhoogde gehalten aangetoond. Voormalige bovengrondse brandstoftank: In het grondwater van de bestaande peilbuis zijn geen verhoogde gehalten aangetoond.
Asfalt (indicatief): In het onderzochte monster van de asfaltverharding ter plaatse van de inrit van het terrein wordt analytisch geen verhoogd gehalte PAK (10-VROM) aangetoond (<10 mg/kg.ds.). Het asfalt kan als teervrij worden beschouwd (Indien het aangetroffen gehalte PAK (10VROM) lager is dan 75 mg/kg.ds. kan asfalt als teervrij worden beschouwd).
Toetsing van de onderzoekshypothese (verkennend bodemonderzoek) Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de hypothese dat er wordt uitgegaan van een onverdachte locatie verworpen voor de grond en aangenomen voor het grondwater. Met betrekking tot de gevolgde onderzoeksstrategie wordt gesteld dat op basis van de beschikbare gegevens, de strategie voldoende van opzet is geweest om de toetsing te verrichten.
28
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
Nader bodemonderzoek (NTA5755) B25.D: In de boring B25.D (0 – 0,50 m-mv) is een licht [>achtergrondwaarde] verhoogd gehalte PAK (10-VROM) aangetoond. B25.E: In de boring B25.E (0 – 0,50 m-mv) is een licht [>achtergrondwaarde] verhoogd gehalte PAK (10-VROM) aangetoond. B25.F: In de boring B25.F (0 – 0,50 m-mv) zijn geen verhoogde gehalten PAK (10-VROM) aangetoond. B25.G: In de boring B25.G (0 – 0,50 m-mv) is een licht [>achtergrondwaarde] verhoogd gehalte PAK (10-VROM) aangetoond. B25 (50 – 100): In de boring B25 (0,50 – 1,00 m-mv) zijn geen verhoogde gehalten PAK (10-VROM) aangetoond. Samenvattend: Ter plaatse van boring B25 (vml. B14) is in voorgaand bodemonderzoek een verontreiniging met PAK (10-VROM) aangetoond. Het aangetroffen gehalte overschrijdt de interventiewaarde. Mogelijk kan dit worden gerelateerd aan de aangetroffen puinresten in de boring. De aangetoonde gehalten PAK (10-VROM) in de afperkende boringen overschrijden maximaal de achtergrondwaarde. De in voorgaand onderzoek aangetoonde verontreiniging met PAK is in onderliggend onderzoek voldoende afgeperkt.
Verkennend onderzoek asbest (NEN5707) Zintuiglijk: Op het maaiveld van de onderzoekslocatie is zintuiglijk geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. In de grond afkomstig uit de inspectiegaten G27, G32, G33 en G43 is zintuiglijk asbestverdacht materiaal aangetroffen. In de overige inspectiegaten is zintuiglijk geen asbestverdacht materiaal geconstateerd. Analytisch: Inspoelzones: In de grond afkomstig uit de inspectiegaten van MM1A (G26, G27, G28) wordt analytisch een gehalte asbest van 72 mg/kg.ds. aangetoond (deels hechtgebonden, deels niet hechtgebonden). In de grond afkomstig uit de inspectiegaten van MM3A (G32, G33, G34) wordt analytisch een gehalte asbest van 85 mg/kg.ds. aangetoond (hechtgebonden). In de grond afkomstig uit de inspectiegaten van MM4A (G35, G36, G37) wordt analytisch 29
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
een gehalte asbest van 14 mg/kg.ds. aangetoond (niet hechtgebonden). In de grond afkomstig uit de inspectiegaten van MM5A (G38, G39, G40) wordt analytisch een gehalte asbest van 280 mg/kg.ds. aangetoond (niet hechtgebonden). Ingestorte overkapping: In de grond afkomstig uit de inspectiegaten van MM2A (G29, G30, G31) wordt analytisch een gehalte asbest van 0,8 mg/kg.ds. aangetoond (hechtgebonden). Puinhoudende grond pad naar achterterrein: In de grond afkomstig uit de inspectiegaten van MM6A (G41, G42, G44) wordt analytisch een gehalte asbest van 22 mg/kg.ds. aangetoond (hechtgebonden). Puinhoudende grond onder asfalt inrit: In de grond afkomstig uit de inspectiegaten van MM7A (G45, G46, G47, G48) wordt analytisch geen asbest aangetoond. Separaat onderzochte inspectiegaten: In de grond afkomstig uit inspectiegat G27 wordt analytisch een gehalte asbest van 180 mg/kg.ds. aangetoond (hechtgebonden). Het asbestverdachte materiaal blijkt na analyse asbesthoudend. Het totale gehalte asbest in G27 wordt berekend op 1549,63 mg/kg.ds. In de grond afkomstig uit inspectiegat G32 wordt analytisch een gehalte asbest van 21 mg/kg.ds. aangetoond (deels hechtgebonden/deels niet hechtgebonden). Het asbestverdachte materiaal blijkt na analyse niet asbesthoudend. Het totale gehalte asbest in G27 wordt berekend op 21 mg/kg.ds.
In de grond afkomstig uit inspectiegat G43 wordt analytisch een gehalte asbest van 195,05 mg/kg.ds. aangetoond (deels hechtgebonden/deels niet hechtgebonden). Het asbestverdachte materiaal blijkt na analyse asbesthoudend. Het totale gehalte asbest in G43 wordt berekend op 250,05 mg/kg.ds. Samenvattend: De aangetoonde gehalten asbest ter plaatse van MM2A (de ingestorte overkapping), MM6A (de puinhoudende grond in het pad naar het achterterrein), MM7A (de puinhoudende grond onder de inrit) en het separaat onderzochte inspectiegat G32 zijn lager dan de interventiewaarde van 100 mg/kg.ds. en de vastgestelde norm voor nader onderzoek van ½ x 100 mg/kg.ds. Op deze (deel)locaties is geen sprake van een verontreiniging met asbest. Het aangetoonde gehalte asbest ter plaatse van de inspoelzone van MM1A (G26 t/m G28) is lager dan de interventiewaarde van 100 mg/kg.ds. maar hoger dan de vastgestelde norm voor nader onderzoek van ½ x 100 mg/kg.ds. In de fractie <0,5 mm ter plaatse van de inspoelzone van MM1A zijn niet hechtgebonden asbestvezels aangetoond. Mogelijk is hier sprake van een verontreiniging met asbest. Dit kan worden bepaald door de zeeffractie <0,5 mm separaat middels SEM analyse te laten 30
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
onderzoeken (indien uit de reguliere asbestanalyse blijkt dat er mogelijk niet hechtgebonden asbest in de fractie <0,5 mm aanwezig is wordt geadviseerd de zeeffractie <0,5 mm separaat middels SEM analyse te laten onderzoeken). In de bodemlaag onder de inspoelzone van MM1A is in inspectiegat G27 asbestverdacht materiaal aangetroffen. Het totale berekende gehalte is hoger dan de interventiewaarde Ter plaatse van G27 is sprake van een verontreiniging met asbest. Het aangetoonde gehalte asbest ter plaatse van de inspoelzone van MM3A (G32 t/m G34) is lager dan de interventiewaarde van 100 mg/kg.ds. maar hoger dan de vastgestelde norm voor nader onderzoek van ½ x 100 mg/kg.ds. Het betreft hechtgebonden asbest waardoor een SEM analyse achterwege kan worden gelaten. Aangezien duidelijk is dat het aangetroffen gehalte asbest afkomstig is van het asbesthoudende dak en er geen interventiewaarde overschrijding plaatsvindt is er geen sprake van een verontreiniging met asbest. In de bodemlaag onder de inspoelzone van MM3A is ter plaatse van G32 en G33 asbestverdacht materiaal aangetroffen. Enkel het materiaal uit G32 is onderzocht. Na analyse blijkt dit asbestvrij. Er is ter plaatse van G32 geen sprake van een verontreiniging met asbest. Het aangetoonde gehalte asbest ter plaatse van de inspoelzone van MM4A (G35 t/m G37) is lager dan de interventiewaarde van 100 mg/kg.ds.
en de vastgestelde norm voor nader onderzoek van ½ x 100 mg/kg.ds. In de fractie <0,5 mm ter plaatse van de inspoelzone van MM4A zijn niet hechtgebonden asbestvezels aangetoond. Mogelijk is hier sprake van een verontreiniging met asbest. Dit kan worden bepaald door de zeeffractie <0,5 mm separaat middels SEM analyse te laten onderzoeken. De aangetoonde gehalten asbest ter plaatse van de inspoelzone van MM5A (G38 t/m G40) en het separaat onderzochte inspectiegat G43 overschrijden de interventiewaarde van 100 mg/kg.ds. Ter plaatse van deze deellocaties is sprake van een verontreiniging met asbest.
Toetsing van de onderzoekshypothese (verkennend onderzoek asbest) Inspoelzones: Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de hypothese verdacht aangenomen. Ingestorte overkapping: Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de hypothese verdacht aangenomen. Puinhoudende grond pad naar achterterrein: Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de hypothese verdacht aangenomen. Puinhoudende grond onder asfalt inrit: Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de hypothese verdacht verworpen. Met betrekking tot de gevolgde onderzoeksstrategie wordt gesteld dat op basis van de beschikbare gegevens, de strategie voldoende van opzet is geweest om de toetsing te 31
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
verrichten. 7.1 Aanbeveling Verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) Op basis van het verkennend onderzoek is gebleken dat op het terrein in zowel de boven- als de ondergrond grond diverse licht [>achtergrondwaarde] verhoogde gehalten worden aangetoond. Daarnaast wordt ter plaatse van het separaat onderzochte grondmonster G48 in de zintuiglijk verdachte bodemlaag (0,10 – 0,20) een sterk [>interventiewaarde] verhoogd gehalte PAK (10-VROM) aangetroffen. De aangetroffen licht verhoogde gehalten op het terrein behoeven geen nader onderzoek. Ter plaatse van G48 dient echter wel een nader onderzoek te worden uitgevoerd in de vorm van aanvullende/afperkende boringen. In het grondwater zijn geen verhoogde gehalten aangetoond. Grondroerende werkzaamheden ter plaatse van de aangetroffen verontreiniging rond G48 mogen niet worden uitgevoerd. Nader bodemonderzoek (NTA5755) Op basis van voorgaand verkennend bodemonderzoek is gebleken dat op de locatie ter plaatse van B14 (in het huidige onderzoek omgenummerd naar B25) in de bovengrond een sterk [>interventiewaarde] verhoogd gehalte PAK (10-VROM) wordt aangetroffen. Volgens schatting is een oppervlakte van ca. 50 m² licht tot sterk [>interventiewaarde] verontreinigd met PAK (10-VROM). De dikte van de verontreinigde laag wordt geschat op ca. 0,50 m. Dit houdt in dat er ca. 25 m³ verontreinigde grond wordt aangetroffen, waarvan ca.
15 m³ boven de interventiewaarde. Waarschijnlijk betreft het een historische verontreiniging (ontstaan voor 1987) en behoeft deze niet met spoed te worden gesaneerd (zie ook bijlage 9, Sanscrit berekening). Indien ter plaatse van het verontreinigde terreindeel ontwikkelingen plaatsvinden waarbij grondroerende werkzaamheden worden uitgevoerd dient de verontreiniging te worden gesaneerd. De grond dient in dat geval te worden ontgraven en afgevoerd naar een erkende verwerker. Voorafgaand aan de sanering dient een Plan van Aanpak te worden ingediend bij het bevoegd gezag (gemeente Elburg). De sanering dient te worden begeleid door een BRL SIKB 6000 gecertificeerd bedrijf. De ontgraving en uitvoering van de sanering dient plaats te vinden door een BRL SIKB 7000 gecertificeerd bedrijf. Grondroerende werkzaamheden ter plaatse van de verontreiniging rond G25 mogen niet worden uitgevoerd.
32
Boluwa Eco Systems BV, projectnummer 21065.
Verkennend bodemonderzoek asbest (NEN5707) De aangetoonde gehalten asbest ter plaatse van MM2A (de ingestorte overkapping), MM6A (de puinhoudende grond in het pad naar het achterterrein), MM7A (de puinhoudende grond onder de inrit) en het separaat onderzochte inspectiegat G32 zijn lager dan de interventiewaarde van 100 mg/kg.ds. en de vastgestelde norm voor nader onderzoek van ½ x 100 mg/kg.ds. Op deze (deel)locaties is geen sprake van een verontreiniging met asbest. Opmerking: ter plaatse van G32 wordt niet hechtgebonden asbest aangetoond, de zeeffractie < 0,5 mm bevat echter geen asbestverdachte vezels waardoor SEM analyse achterwege kan worden gelaten (indien uit de reguliere asbestanalyse blijkt dat er mogelijk niet hechtgebonden asbest in de fractie <0,5 mm aanwezig is wordt geadviseerd de zeeffractie <0,5 mm separaat middels SEM analyse te laten onderzoeken). Het aangetoonde gehalte asbest ter plaatse van de inspoelzone van MM1A (G26 t/m G28) is lager dan de interventiewaarde van 100 mg/kg.ds. maar hoger dan de vastgestelde norm voor nader onderzoek van ½ x 100 mg/kg.ds. Op basis van de uitgevoerde analyse wordt opgemerkt dat in de fractie <0,5 mm ter plaatse van de inspoelzone van MM1A niet hechtgebonden asbestvezels zijn aangetoond.
Formeel dient ter plaatse van de inspoelzone MM1A de zeeffractie < 0,5 mm separaat middels een SEM analyse te worden onderzocht en dient een nader onderzoek te worden uitgevoerd. Aangezien echter in de ondergrond ter plaatse van G27 een interventiewaarde overschrijding van asbest plaatsvindt en duidelijk is dat het aangetroffen gehalte asbest zich bevindt ter plaatse van de inspoelzone van het dak wordt geadviseerd de SEM analyse en een nader onderzoek achterwege te laten en de inspoelzone in het geheel te saneren in combinatie met inspectiegat G27. Volgens schatting is ter plaatse van MM1A een oppervlakte van ca. 8 m² licht tot sterk [>interventiewaarde] verontreinigd met asbest. De dikte van de verontreinigde laag wordt geschat op ca. 0,50 m. Dit houdt in dat er ca. 4 m³ verontreinigde grond wordt aangetroffen. Het aangetoonde gehalte asbest ter plaatse van de inspoelzone van MM3A (G32 t/m G34) is lager dan de interventiewaarde van 100 mg/kg.ds. maar hoger dan de vastgestelde norm voor nader onderzoek van ½ x 100 mg/kg.ds. Ter plaatse van de inspoelzone van MM3A is enkel hechtgebonden asbest aangetroffen waardoor een SEM analyse achterwege kan worden gelaten. Omdat duidelijk is dat het aangetoonde gehalte asbest zich ter plaatse van inspoelzone van het dak bevindt en dit onder de interventiewaarde blijft kan een nader onderzoek achterwege worden gelaten.