CConstaterende datelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1b Toelichting subsidieregeling

Oordeelsvorming 14 oktober 2024, gemeente elburgBij agendapunt: Raadsbrief herijking subsidiebeleid: herziene regels 22 juli 20249.160 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Toelichting bij de subsidieregeling behorend bij artikel 3 Algemene subsidieverordening gemeente Elburg Algemeen In deze toelichting treft u zowel een algemene toelichting per onderwerp aan waarbij zo veel mogelijk is aangegeven wat we belangrijk vinden, waarom we subsidie verlenen en aan welke beleidsdoelen deze regels bijdragen.

Hoofdstuk 1. Cultuur en erfgoed Paragraaf 1.1 Algemeen De gemeente wil het cultureel erfgoed beschermen en in stand houden, maar ook versterken, ontwikkelen en benutten. Niet alleen binnen de vesting, maar ook daarbuiten. Er wordt geïnvesteerd in het behoud van monumentale panden, de oude havenkom, musea, kerken, kerkpaden en landgoederen. Het is belangrijk om de ontstaansgeschiedenis van de vesting in ere te houden evenals het historisch cultuurlandschap, de in Elburg gelegen bossen, heide, zandverstuiving en het omliggende water, zoals het Veluwemeer en het Drontermeer. Daarnaast heeft cultuur een belangrijke maatschappelijke waarde in Elburg. Wij willen jong en oud stimuleren om mee te doen aan culturele activiteiten. De verbinding tussen generaties, talentontwikkeling, kunst- en cultuurdisciplines vinden we belangrijk. Activiteiten en (beleids)ontwikkelingen vinden plaats op basis van de beleidsvisies ‘Samen Leven, Samen Doen’ en ‘Spots op Elburg 2”.

Artikel 1.1. Definities In dit artikel staan de begrippen die bij cultuur en erfgoed horen gedefinieerd. Algemeen kenbare begrippen uit andere wetgeving en gangbaar Nederlands zijn niet gedefinieerd. In de begripsomschrijving wordt ook verwezen naar bijlagen die bij de regels zijn gevoegd om te verduidelijken op welk gebied e.e.a. van toepassing is. Elburg vesting: De Elburger vesting is het oude historische gedeelte binnen de stadsgrachten met daarbij de stadwallen rondom de gracht. De historische havenkom is het oude haven waar in het verleden alle vissersvaartuigen gelegen waren. Dit gedeelte is in de kaart zichtbaar gemaakt en is als bijlage toegevoegd. De ambitie is dat de historische havenkom gevuld is met de monumentale vaartuigen om zo het ensemble van een museumhaven uit te stralen. Een gemeentelijk monument is een beschermd roerend of onroerend monument zoals panden, verdedigingswerken, varende monumenten, straten, wegen, pleinen, wateren, erfafscheidingen vallen en opgenomen is in de Monumentenlijst/ het Erfgoedregister. Varend monument (A lijst) (roerend monument): een vaartuig dat is aangewezen door het college van BenW op advies van de Commissie vaartuigen en de Beleidscommissie Monumentenzorg aan de hand van de toetsingscriteria. Deze vaartuigen zijn opgenomen in de Monumentenlijst/het Erfgoedregister van de gemeente Elburg.

Waardevol vaartuig (B lijst): een vaartuig dat is aangewezen door het college van BenW op advies van de Commissie vaartuigen en de Beleidscommissie Monumentenzorg aan de hand van de toetsingscriteria. Ook deze vaartuigen zijn opgenomen in de Monumentenlijst/het Erfgoedregister van de gemeente Elburg. Historische stoep: een historische stoep met waardevolle elementen, zoals zwart-witte keitjes, veldkeien, graniet, natuursteen en andere waardevolle materialen. Deze stoepen liggen binnen de vesting. Keitjesstoep: een keitjesstoep met keien ingelegde, decoratieve stoep, waarvan de keien met een cementemulsie aan elkaar zijn verlijmd, dat binnen de hoofdstraten binnen de Elburg vesting is gelegen. De keitjesstoep zijn in het algemeen opgebouwd uit zwart + witte kiezels die vaak het ambacht of

familienaam aangeeft van het pand waarvoor de stoep ligt. Deze stoep is opgenomen in de/het Monumentenlijst/Erfgoedregister. Zie Stratenkaart als bijlage toegevoegd. Historisch kerkpad: een historisch kerkpad is een pad die dienstdeden als voetpad voor mensen die naar de kerk gingen of door schoolkinderen die naar school liepen. Deze paden zijn als een beschermd monument aangewezen en zijn opgenomen in het Erfgoedregister. Restauratiewerkzaamheden: De werkzaamheden die bouwtechnische gebreken bij een roerend of onroerend monument verhelpen en noodzakelijk zijn voor de instandhouding van cultuurhistorische waarde van het monument. Denk aan de verbetering, herstel en restauratie aan constructies en monumentale/authentieke onderdelen die opgenomen kunnen zijn de redengevende omschrijving. Onderhoudswerkzaamheden: Deze werkzaamheden die nodig zijn om een roerend en onroerend monument wind- en waterdicht te houden en om het monument haar cultuurhistorische waarde in goede staat de houden. Daarnaast voorkomen deze onderhoudswerkzaamheden groot onderhoud aan het monument. Kosten: de kosten zijn door het college goedgekeurde bedragen van het project waarvoor subsidie wordt verstrekt. Deze kosten zijn inclusief de niet verrekenbare BTW. Project: het project is een nauwkeurige omschrijving van de werkzaamheden waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.

Monumentenzorg: Monumentenzorg is gericht op het behoud én inspanning en het herstel en verbetering van een gemeentelijk monument.

Artikel 1.2 Doel Dit artikel spreekt voor zich. Zie eveneens de inleiding bij dit hoofdstuk.

Paragraaf 1.2. Compensatie liggelden varende monumenten en waardevolle vaartuigen Artikel 1.3 Activiteiten Dit artikel beschrijft de activiteiten waarvoor subsidie verkregen kan worden en wie deze subsidie aan kan vragen. Een particulier eigenaar, stichting, vereniging of een zakelijke gerechtigde van een varend monument (A-lijst) of een waardevol vaartuig (B-lijst) kan compensatiesubsidie aanvragen voor havengeld per kalenderjaar. De subsidie kan alleen verstrekt worden als het havengeld voor het liggen in de havenkom is of wordt betaald.

Artikel 1.4 Aanvragen -

Artikel 1.5 Hoogte van de subsidie Dit artikel spreekt voor zich.

Artikel 1.6 Verplichtingen Het vaartuig waarvoor de compensatiesubsidie wordt aangevraagd moet een periode van 6 aaneengesloten maanden gelegen hebben in de historische havenkom. Zie bijlage: Havenkaart.

Paragraaf 1.3 Historische kerkpaden en keitjesstoepen

Artikel 1.7 Activiteiten Historische kerkpaden Een particulier eigenaar of een zakelijke gerechtigde van een perceel waarop het pad is aangelegd kan subsidie aanvragen voor het onderhouden, herstellen en in standhouden van historische kerkpaden en zoals snoei- en maaiwerkzaamheden en herstel aan de paden. Maar ook het schilderwerk en herstellen van rotte houten delen van eventueel aanwezige hekwerken, afrasteringen, bruggen en bankjes. Deze kerkpaden zijn aangeduid in het Erfgoedregister van de gemeente Elburg. Historische stoepen Een particulier eigenaar of een zakelijke gerechtigde van een perceel waarop de stoep is aangelegd kan subsidie aanvragen voor het onderhouden, restaureren of herstellen van historische stoepen binnen de vesting. De stoepen zijn aangeduid in het Erfgoedregister van de gemeente Elburg.

Artikel 1.8 Doelgroep Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan de eigenaar of zakelijk gerechtigde van een historisch kerkpad binnen de gemeentegrenzen of een historische stoep binnen de vesting welke zijn opgenomen in het Erfgoedregister van de gemeente Elburg.

Artikel 1.9 Aanvraag Historische kerkpaden Bij de subsidieaanvraag voor werkzaamheden aan historische kerkpaden moeten de volgende gegevens aangeleverd worden: · Een kadastrale situatietekening (maximaal schaal 1:1000) waaruit de ligging van het perceel in de z’n omgeving duidelijk blijkt. Op de situatietekening moet duidelijk zijn aangegeven op welk perceel de aanvraag betrekking heeft; · Een werkomschrijving van de activiteiten die gedaan moeten worden zoals snoei- en maaiwerkzaamheden of onderhoud aan bijvoorbeeld hekwerken en afrasteringen. · De naam en adres van de aannemer(s) of diegene, die met het uitvoeren van de werkzaamheden is (zijn) belast.

Historische stoepen Bij de subsidieaanvraag voor werkzaamheden aan historische stoepen moeten de volgende gegevens aangeleverd worden: · Op een situatietekening aangeven van de aan te passen stoep (met maatvoering); · Duidelijk foto’s of tekeningen van de bestaande situatie en van de gewenste situatie (na realisatie); · Kleurkeuze en materiaalgebruik; · Met betrekking tot de keitjesstoep zijn deze in het algemeen opgebouwd uit zwart + witte kiezels die vaak het ambacht of familienaam aangeeft van het pand waarvoor de stoep ligt. Uit de ingediende informatie moet in ieder geval duidelijk blijken, het ontwerp van de keitjesstoep, het toe te passen materiaal en omvang (gemiddelde korrelmaat) kiezels en de werkomschrijving van de keitjesstoep;

· Voor onderhoud en/of herstel aan een historische stoep het aantal m2 waarop het onderhoud en herstel betrekking heeft; · De naam en adres van de aannemer(s) of diegene, die met het uitvoeren van de werkzaamheden is (zijn) belast.

Artikel 1.10 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen Historische kerkpaden De volgende kosten komen in aanmerking voor subsidie voor werkzaamheden aan een historisch kerkpad: · De kosten voor het snoeien van struiken en planten, voor het maaien van gras, voor herstel van de paden. · De kosten voor het schilderwerk en herstellen van rotte houten delen van eventueel aanwezige hekwerken, afrasteringen, bruggen en bankjes; De kosten die zijn gemaakt vóór de indiening van de subsidieaanvraag komen niet in aanmerking voor subsidie. Historische stoepen De volgende kosten komen in aanmerking voor subsidie voor werkzaamheden aan een historische stoep: · De kosten voor het verbetering en herstel van de fundering; · De kosten voor het herstellen en restauratie van de historische stoep · De kosten voor het herstellen en restauratie van aan een keitjesstoep bijvoorbeeld de rollaag, cement laag met keitjes/motief. · De kosten voor het opnieuw inwassen De kosten die zijn gemaakt vóór de indiening van de subsidieaanvraag komen niet in aanmerking voor subsidie.

Artikel 1.11 Hoogte van de subsidie Historische kerkpaden · De hoogte van de subsidie bedraagt 30% van de uitvoeringskosten van de herstelwerkzaamheden aan een kerkpad tot maximaal €6.000,-; · De hoogte van de subsidie voor het onderhouden en in standhouden van een kerkpad bedraagt €0,45 per strekkende meter tot maximaal van €2.500,- per kalenderjaar; Voor historische stoepen · De hoogte van de subsidie bedraagt 70% van de uitvoeringskosten van de werkzaamheden aan een historische stoep tot maximaal €250,- per vierkante meter.

Artikel 1.12 Weigeringsgronden De aanvraag wordt afgewezen als de werkzaamheden gestart zijn of al gereed zijn voordat de aanvraag voor deze betreffende werkzaamheden is ingediend en het college de beschikking heeft verleend.

De aanvraag wordt afgewezen als er voor de werkzaamheden vergunningen zijn vereist, maar deze niet zijn verleend.

Artikel 1.13 Verplichtingen De subsidieontvanger zal binnen 26 weken gestart zijn met de werkzaamheden nadat de subsidiebeschikking en de benodigde omgevingsvergunning is verleend. De werkzaamheden moeten zijn voltooid binnen één jaar na de verleende beschikking. Mochten de werkzaamheden vertraging oplopen kan de subsidieontvanger een verzoek indienen binnen 2 maanden na de verleende beschikking om de termijn met nog maximaal één jaar te verlengen. De werkzaamheden dienen te worden uitgevoerd volgens de “Uitvoeringsvoorschriften restauratie en onderhoud” van de gemeente Elburg. Alle rekeningen en betalingsbewijzen met betrekking tot de werkzaamheden dienen gedurende 5 jaar na het besluit tot subsidieverlening voor controle beschikbaar te blijven. De subsidieontvanger verleend toegang aan personen die controle uitvoeren en kan op verzoek de documenten die betrekking hebben op de werkzaamheden laten inzien.

Paragraaf 1.4 Onroerende en varende gemeentelijke monumenten Artikel 1.14 Activiteiten Een particulier eigenaar of een zakelijke gerechtigde kan subsidie aanvragen voor het opheffen van bouwtechnische gebreken, het onderhouden en het herstellen en in standhouden van varende en onroerende monumenten. Deze gemeentelijke monumenten zijn aangeduid in de Monumentenlijst-het Erfgoedregister van de gemeente Elburg.

Artikel 1.15 Doelgroep Onroerende monumenten Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een eigenaar of zakelijk gerechtigde van een onroerend monument welke is opgenomen in het gemeentelijke Erfgoedregister; Varende monumenten De subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een eigenaar zijnde een rechtspersoon van een varend monument welke is gelegen in de haven van de gemeente Elburg die zich volgens haar statuten en haar feitelijke werkzaamheden in zet voor het behoud en het herstel van het monument. De subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een eigenaar of zakelijk gerechtigde (vereniging of een stichting) van een varend monument welke een ligplaatsvergunning heeft voor een vaste ligplaats in de havenkom van de gemeente. De subsidie wordt niet verstrekt aan een eigenaar of zakelijk gerechtigde van een waardevol vaartuig (B lijst) welke is opgenomen in het gemeentelijke erfgoedregister.

Artikel 1.16 De subsidieaanvraag Onroerende monumenten Bij de aanvraag voor een onroerend monument moeten de volgende gegevens worden toegevoegd.

· Een omschrijving van de werkzaamheden die per onderdeel moeten worden uitgevoerd. · Foto’s van betrokken onderdelen en van afzonderlijke gevels. · Naam en adres van de aannemer(s) of diegene, die met het uitvoeren van werkzaamheden is (zijn) belast. · Eventuele onderhoudsrapportages van externe deskundigen zoals bijvoorbeeld Monumentenwacht Gelderland. · Offertes van de werkzaamheden in overeenstemming met onderstaande kwalificaties: - Een offerte moet inzicht geven in loon- en materiaalkosten die voor de werkzaamheden benodigd zijn; - Materiaalkosten: hoeveelheid/eenheid, kosten per eenheid en totaalkosten;

- Loonkosten: hoeveelheid, verbruikseenheid, kosten per uur/eenheid en totaalkosten. Loonkosten is exclusief algemene kosten, winst en risico en BTW. Varende monumenten Bij de aanvraag voor een varend monument moeten de volgende gegevens worden toegevoegd. · Een omschrijving van de werkzaamheden die per onderdeel uitgevoerd moeten worden. · Foto’s van de historische/monumentale onderdelen waaraan werkzaamheden verricht gaan worden óf onderdelen die vervangen gaan worden. · Eventuele rapportages van externe deskundigen. · Naam en adres van de aannemer(s) of diegene, die met het uitvoeren van de werkzaamheden is (zijn) belast. · Offertes van de werkzaamheden in overeenstemming met onderstaande kwalificaties: - Een offerte moet inzicht geven in loon- en materiaalkosten die voor de werkzaamheden benodigd zijn; - Materiaalkosten: hoeveelheid/eenheid, kosten per eenheid en totaalkosten; - Loonkosten: hoeveelheid, verbruikseenheid, kosten/uur/eenheid en totaalkosten; Loonkosten is exclusief algemene kosten, winst en risico en BTW.

Artikel 1.17 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen Onroerende monumenten De volgende kosten komen in aanmerking voor restauratie-subsidie: · Verbetering, herstel en restauratie van fundering, gevels en dragende muren, vloerenconstructies, kapconstructies, monumentale/authentieke onderdelen en overige constructieve delen voor zover deze zijn opgenomen in de redengevende beschrijving. Voor onderhoud-subsidie komen de volgende activiteiten komen in aanmerking: · buiten- (en daarmee samenhangend binnen) schilderwerk, voor zover het betreft de buitenramen, buitenkozijnen, boeidelen, luiken en stucwerk; · onderhoud van rieten daken (inclusief deklatten en het herstel van sporen);

· onderhoud van daken met pannen (inclusief tengels en panlatten), leien, lood, zink of koper en, uitsluitend in samenhang hiermee, het herstel van gedeelten van dakbeschot en sporen; · onderhoud van goten, in zink, koper of lood, inclusief bijbehorende hemelwaterafvoeren en het aanbrengen van voor de waterafvoer noodzakelijke goten waar deze niet eerder aanwezig waren, inclusief aansluitingen op riolering en open water; · onderhoud van buitenkozijnen, buitendeuren, raampartijen, luiken en herstel of terugplaatsen van stoepen, roedeverdeling, lijstwerk en luiken; · onderhoud van windveren, schoorstenen, kapellen en loodaansluitingen; · onderhoud van dak- of torenluiken en loopbruggen, inclusief het afgazen van torenluiken en het nemen van beperkende maatregelen tegen duivenoverlast; · inboeten, herstel van gedeelten van muurwerk en het opvoegen of pleisteren van gevels; · het op vervangen van kleine delen of inboeten van natuursteen; · behandelen van muur- of houtwerk ter regulering van de vochthuishouding, dan wel ter bestrijding van zwamaantasting of houtaantasters; · onderhoud van gedeelten van dragende constructies (ankergebinten, schoren en platen, balkkoppen en spantbenen); · onderhoud van glas-in-lood beglazing en aanbrengen van beschermende beglazing voor gebrandschilderd glas of historisch waardevol glas; · vervangen of herstel van overige bouwelementen van grote

zeldzaamheid of met grote historische waarde; · het plaatsen van achterzetbeglazing in samenhang met het herstel van historisch waardevolle ramen; · partieel herstel van voegwerk; · onderhoud van authentieke onderdelen en/of waardevolle interieur onderdelen, zoals de omschreven zijn in de redengevende beschrijving van het betreffende monument. Onder de subsidiabele kosten vallen ook de geraamde bedragen en door of namens het college goedgekeurde bedragen van: · de aanneemsom; · het honorarium van de architect en de constructeur, de kosten van het dagelijks toezicht; · de leges voor de omgevingsvergunning(en); · de verschuldigde BTW. De kosten die zijn gemaakt vóór de indiening van de subsidieaanvraag komen niet in aanmerking voor subsidie. De bedragen die door een verzekeraar zijn bekostigd komen niet in aanmerking voor subsidie.

Varende monumenten De volgende kosten komen in aanmerking voor subsidie:

· Verbetering, herstel en restauratie monumentale/authentieke onderdelen, zoals opgenomen in de redengevende omschrijving. · Vervanging van tuigage, zoals opgenomen in de redengevende omschrijving. Onder de subsidiabel kosten vallen ook de geraamde bedragen en door of namens het college goedgekeurde bedragen van: · de aanneemsom; · het honorarium van de architect en de constructeur, de kosten van het dagelijks toezicht; · de leges voor de omgevingsvergunning(en); · de verschuldigde BTW. De kosten die zijn gemaakt vóór de indiening van de subsidieaanvraag komen niet in aanmerking voor subsidie. Uitkeringen door een verzekeraar, ongeacht de aard van de verzekering, komen niet in aanmerking voor subsidie.

Artikel 1.18 Hoogte van de subsidie Onroerende monumenten · De hoogte van de subsidie voor onroerende monumenten bedraagt 30% van de subsidiabele kosten voor restauratiewerkzaamheden tot maximaal €10.000,-. · De hoogte van de subsidie voor onroerende monumenten bedraagt 20% van de subsidiabele kosten voor onderhoudswerkzaamheden tot maximaal €4.500,-. Deze gemeentelijke subsidie bedragen kunnen door het college verhoogd worden met subsidie (subsidieregeling instandhouden gemeentelijke monumenten) van de provincie Gelderland die aan de gemeente Elburg zijn verstrekt voor de werkzaamheden die zijn aangevraagd. Varende monumenten · De hoogte van de subsidie voor roerende monumenten (varende monumenten A lijst) bedraagt 30% van de subsidiabele kosten voor restauratiewerkzaamheden tot maximaal €10.000,-. · De hoogte van de subsidie voor roerende monumenten (varende monumenten A lijst) bedraagt 20% van de subsidiabele kosten voor onderhoudswerkzaamheden tot maximaal €4.500,-. Deze gemeentelijke subsidie voor varende monumenten kunnen niet verhoogd worden met subsidie van de provincie Gelderland.

Artikel 1.19 Weigeringsgronden De aanvraag wordt afgewezen door het college als er met de werkzaamheden is gestart of deze al gereed zijn voordat de aanvraag voor deze betreffende werkzaamheden is ingediend en het college de beschikking heeft verleend. De aanvraag wordt afgewezen door het college als door de werkzaamheden uitgevoerd worden waardoor de monumentale waarde wordt aangetast en niet voldoet aan de eisen van monumentenzorg.

De aanvraag wordt afgewezen als de kosten niet in verhouding zijn om het kwaliteitsniveau en de waarde van het monument niet wordt bereikt. De aanvraag wordt afgewezen als er voor de werkzaamheden er geen omgevingsvergunning wordt verleend door het college. De aanvraag wordt afgewezen als de offerte met de werkzaamheden minder bedraagt dan €750,- inclusief BTW. Wel wordt er subsidie verleend als er met spoed werkzaamheden moeten worden uitgevoerd voor het voor het verhelpen van bouwtechnische gebreken en het in standhouden van monumentale onderdelen die nodig zijn om aantasting de monumentale waarde te voorkomen en te voldoen aan de eisen monumentale eisen.

Artikel 1.20 Verplichtingen De subsidieontvanger zal binnen 26 weken gestart zijn met de werkzaamheden nadat de subsidiebeschikking en de benodigde omgevingsvergunning is verleend. De werkzaamheden moeten zijn voltooid binnen één jaar na de verleende beschikking. Mochten de werkzaamheden vertraging oplopen kan de subsidieontvanger een verzoek indienen binnen 2 maanden na de verleende beschikking om het termijn met nog één jaar te verlengen. De werkzaamheden dienen te worden uitgevoerd volgens de “Uitvoeringsvoorschriften restauratie en onderhoud” van de gemeente Elburg. Alle rekeningen en betalingsbewijzen met betrekking tot de werkzaamheden dienen gedurende 5 jaar na de verleende beschikking voor controle beschikbaar te blijven. De subsidieontvanger verleend toegang aan personen die controle uitvoeren en kan op verzoek de documenten die betrekking hebben op de werkzaamheden laten inzien.

Hoofdstuk 2. Gewoon gemak Deze regels dienen ertoe om ouderen langer veilig thuis te laten wonen op een leeftijdsvriendelijke manier. Dit komt voort uit het Ouderenprogramma Vitaal en waardig oud worden in Elburg, d.d. 13 februari 2024.

Artikel 2.1 Activiteiten De subsidieregeling Gewoon gemak is een regionaal opgestelde regeling. Het doel is dat oudere inwoners preventief woningaanpassingen realiseren, die ze zelf organiseren en aanschaffen. Zodat men langer in de thuissituatie blijft wonen met het gemak en comfort van geschikte woonvoorzieningen. Het betreft met name woonvoorzieningen die nagelvast aan de woning vastzitten. De gemeente stelt een subsidie beschikbaar van 30 % van de aanschafkosten en kosten van het aanbrengen. Er kan subsidie ontvangen worden van maximaal € 500 per woning per kalenderjaar.

Artikel 2.2 Nadere eisen In dit artikel wordt aangegeven welke wettelijke of overige bepalingen van invloed zijn op de subsidieverstrekking.

Artikel 2.3 Doelgroep In dit artikel wordt aangegeven wie voor de subsidie in aanmerking kan komen. Voor mensen jonger dan 55 jaar met een beperking is lid 2.3.2 toegevoegd, zodat er minder gebruik gemaakt wordt van de hardheidsclausule.

Artikel 2.4. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen In dit artikel wordt aangegeven wie voor de subsidie in aanmerking kan komen. Tevens staat hierin beschreven welke levensloopbestendige hulpmiddelen in aanmerking komen voor subsidie.

Artikel 2.5 Hoogte subsidie De subsidie bedraagt 30% van de subsidiabele kosten, met een maximum van € 500,-- per woning per kalenderjaar.

Artikel 2.6 Aanvraag In dit artikel is vastgelegd wanneer en hoe de subsidie moet worden aangevraagd. Er is gekozen voor een aanvraag achteraf, zodat de bewijsdocumenten gelijktijdig bij de aanvraag ingediend kunnen worden. En het ook zeker is dat de kosten zijn gemaakt.

Hoofdstuk 3. Kinderopvang Paragraaf 3.1 Algemeen De gemeente Elburg wil kinderen goed voorbereid naar school laten gaan. Ouders -ongeacht hun inkomenspositie- kunnen kiezen uit alle in Elburg LRK-geregistreerde kinderopvang locaties of gastouders. Voor ouders die geen of gedeeltelijk gebruik kunnen maken van kinderopvangtoeslag, is het mogelijk om een verzoek te doen om aanspraak te maken op een gesubsidieerde kindplek. In het geval er sprake is van achterstanden of bijzondere situaties is extra kinderopvang mogelijk, zodat opgelopen achterstanden zoveel als mogelijk worden aangepakt en zware vormen van jeugdhulp vroegtijdig kunnen worden voorkomen. Dit hoofdstuk heeft het doel om: -

Ouders met een overzichtelijke regeling te ondersteunen bij de financiële kant van de kinderopvang, en;

-

Kinderopvangorganisaties op een overzichtelijke en objectieve manier te subsidiëren betreffende peuteropvang voor ouders zonder kinderopvangtoeslag en het aanbod van voorschoolse educatie.

Aanleiding Wanneer ouders gebruik willen maken van kinderopvang, dan kunnen zij in beginsel vanuit de Wet Kinderopvang (Wko) aanspraak maken op kinderopvangtoeslag. De kinderopvangtoeslag is een landelijke regeling en wordt vanuit het Rijk gefinancierd. Om voor kinderopvangtoeslag in aanmerking te komen dienen ouders aan een aantal criteria te voldoen. De Belastingdienst (onderdeel Toeslagen) beoordeelt of er recht is op kinderopvangtoeslag en keert deze toeslag uit. Wanneer ouders niet aan deze criteria voldoen, maar toch een tegemoetkoming nodig hebben in de kosten van kinderopvang, kunnen zij een beroep doen op de gemeente. De gemeente Elburg kent op dit moment verschillende regelingen die een tegemoetkoming geven in de kosten van kinderopvang. Daarbij gaat het om de volgende regelingen: 1.

Peuteropvang voor peuters (kinderen van 2 tot 4 jaar) waarvan ouders geen kinderopvangtoeslag ontvangen;

2.

Voorschoolse Educatie (VE) voor kinderen met een risico op onderwijsachterstand (voor kinderen van 2 tot 4 jaar);

3.

Sociaal Medische Indicatie (SMI) voor ouders en/of kinderen met een sociaal medische indicatie (voor kinderen van 0 tot 13 jaar);

4.

Kinderopvang bij re-integratie naar werk in het kader van de Participatiewet (Re-integratieverordening) of bij het volgen van een studie of inburgeringstraject (voor kinderen van 0 tot 13 jaar). Daarbij zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:

1.

Kind staat centraal;

2.

Kind moet zich zover als mogelijk zonder achterstanden kunnen ontwikkelen;

3.

Gelijkluidend criterium m.b.t. vergoeding van de regeling door de gemeente;

4.

Werk voorop;

5.

Heldere toegang.

Doel De gemeente Elburg wil kinderen goed voorbereid naar school laten gaan. Ouders -ongeacht hun inkomenspositie- kunnen kiezen uit alle in Elburg LRK-geregistreerde kinderopvang locaties of gastouders. Voor ouders die geen of gedeeltelijk gebruik kunnen maken van kinderopvangtoeslag, is het

mogelijk om een verzoek te doen om aanspraak te maken op een gesubsidieerde kindplek. In het geval er sprake is van achterstanden of bijzondere situaties is extra kinderopvang mogelijk, zodat opgelopen achterstanden zoveel als mogelijk worden aangepakt en zware vormen van jeugdhulp vroegtijdig kunnen worden voorkomen. Maatwerk In de afgelopen jaren is in de praktijk gebleken dat een mix van regels een belemmerende werking kan hebben, waarbij het belang van het kind niet altijd voorop stond. Uitgangspunt is één kind, één gezin, één plan. Voorkomen moet worden dat een kind als gevolg van conflicterende regelgeving niet geholpen wordt of dat de problematiek in het gezin daardoor zelfs toeneemt. Om de bovengenoemde uitgangspunten te realiseren is het van belang dat maatwerk mogelijk is in bijzondere gevallen en dat ondersteuning snel en dichtbij kan plaatsvinden zonder tussenkomst van extra loketten. In de praktijk kan het gaan om: 1.

Extra uren kinderopvang SMI vanwege een crisissituatie (voorkomen inzet jeugdhulp);

2.

Extra uren kinderopvang als ouders in een schuldregeling zitten en het niet kunnen aangaan van een contract met het kindcentrum een belemmering is voor het verkrijgen en behouden van betaalde arbeid.

Artikelsgewijze toelichting Artikel 3.1 Begripsbepalingen In deze paragraaf worden begrippen uit het hoofdstuk Kinderopvang nader toegelicht en geduid.

Paragraaf 3.2 Tegemoetkoming re-integratie en studie Artikel 3.2 Doel Om als studerende ouders voor de tegemoetkoming van de eigen bijdrage van kinderopvang in aanmerking te komen, moet het gaan om een noodzakelijke studie. De studie dient noodzakelijk te zijn voor het vinden van algemeen geaccepteerde arbeid en plaats te vinden via een gecertificeerde onderwijsinstelling.

Artikel 3.3 Voorwaarden De SMI en vergoeding van de ouderbijdrage bij re-integratie / studie wordt aan de ouder(s) na een desbetreffende aanvraag beschikt als zij conform de regelgeving hiervoor in aanmerking komen. De betaling van de tegemoetkoming gebeurt aan de ouders, of op verzoek van de ouders, rechtstreeks aan het kindcentrum waar de kinderopvang plaats vindt. De vergoeding van de kosten van kinderopvang (na aftrek van toeslagen, zoals bijvoorbeeld de kinderopvangtoeslag) in het kader van SMI en bij kinderopvang in het kader van re-integratie / studie wordt aan de ouder(s) na een desbetreffende aanvraag beschikt als zij conform de regelgeving hiervoor in aanmerking komen. De betaling van de tegemoetkoming gebeurt aan de ouders, of op verzoek van de ouders, rechtstreeks aan het kindcentrum waar de kinderopvang plaats vindt.

Artikel 3.4 Aanvraag tegemoetkoming door ouder In afwijking van artikel 8 ASV, worden bij deze aanvraag vooral een beschikking van de kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst. En uiteraard ook gegevens over de re-integratie of studie, om vast te kunnen stellen of het om een doelgroepouder gaat.

Artikel 3.5 Duur tegemoetkoming Kinderopvang is maximaal 52 weken per jaar mogelijk. De kinderopvang werkt ook met dit wekenaantal. Wanneer er in een jaar een (gedeeltelijke) 53e week is, wordt dat als maximum gehanteerd. Ook die uren worden dus vergoed. Kosten die zijn gemaakt, worden ook vergoed.

Artikel 3.6 Hoogte tegemoetkoming De hoogte van de tegemoetkoming wordt bepaald door het verschil tussen de kinderopvangtoeslag en de kosten van de kinderopvang op basis van het landelijk maximum uurtarief.

Artikel 3.7 Weigeringsgronden We werken volgens de bedoeling. Als er al een structuur of voorziening aanwezig is die voorziet in de kinderopvang, dan is dat een voorliggende voorziening en wordt dit zoveel mogelijk voortgezet. Indien noodzakelijk kan er een aanvullende voorziening toegekend worden in lijn met de voorziening die er al is op basis van deze nadere regels.

Paragraaf 3.3 Tegemoetkoming SMI Artikel 3.8 Doel Deze paragraaf is opgenomen om het mogelijk te maken dat er kinderopvang wordt ingezet als oplossing bij sociale en/of medische gronden die òf in de ouder òf het kind tot 13 jaar gelegen zijn.

Artikel 3.9 Voorwaarden Er moet noodzaak zijn tot kinderopvang en ook nog voldaan worden aan de andere voorwaarden die in lid 2 staan. Ouders melden zich bij het college (de gemeente) met een probleem (al dan niet doorverwezen door een maatschappelijke partner). De vertegenwoordigers van het college bespreken dan met ouders of het SMI kan zijn en welke problematiek er is en welke onafhankelijke instantie hierover kan adviseren en ook een plan van aanpak kan maken en monitoren. Dat kunnen al naar gelang de situatie in het gezin verschillende onafhankelijke instanties zijn. Het plan van aanpak voor de SMI wordt gemaakt onder casusregie van het CJG. De noodzaak en doelen van SMI moeten daarin beschreven zijn, evenals de evaluatie/heronderzoek van de ingezette SMI. Een evaluatie(periode) van de situatie dient vastgelegd te worden in het advies/plan van aanpak. Bij de onafhankelijke adviserende instantie kan het bijvoorbeeld gaan om een begeleidende instantie die geïndiceerd is vanuit Wmo of Jeugdwet. Maar ook een maatschappelijk werker of professionele begeleider van het gezin kan een onafhankelijke adviserende instantie zijn binnen de kaders van deze paragraaf.

Artikel 3.10 Aanvraag tegemoetkoming In afwijking van artikel 8 ASV, worden bij deze aanvraag vooral inkomens- en vermogensgegevens opgevraagd en een beschikking van de kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst.

Artikel 3.11 Duur tegemoetkoming Kinderopvang is maximaal 52 weken per jaar mogelijk. De kinderopvang werkt ook met dit wekenaantal. Wanneer er in een jaar een (gedeeltelijke) 53e week is, wordt dat als maximum gehanteerd. Ook die uren worden dus wel gewoon vergoed. Dit pakken we pragmatisch aan. Kosten die zijn gemaakt, worden ook vergoed.

Artikel 3.12 Hoogte tegemoetkoming De hoogte van de tegemoetkoming wordt bepaald door het aantal aangevraagde uren vermenigvuldigd met het landelijk maximum uurtarief. Bij SMI komt het niet vaak voor dat er ook recht is op kinderopvangtoeslag. Maar als dat er wel is, komen alleen de kosten van het landelijk maximum uurtarief die na aftrek van de toeslag overblijven, voor vergoeding in aanmerking.

Artikel 3.13 Weigeringsgronden We werken volgens de bedoeling. Als er al een structuur of voorziening aanwezig is die voorziet in de kinderopvang, dan is dat een voorliggende voorziening en wordt dit zoveel mogelijk voortgezet. Indien noodzakelijk kan er een aanvullende voorziening toegekend worden in lijn met de voorziening die er al is op basis van deze nadere regels.

Paragraaf 3.4: Subsidie aan houders voor peuteropvang en Voorschoolse Educatie (VE) Artikel 3.14 Doel De gemeente Elburg wil kinderen goed voorbereid naar school laten gaan. Ouders -ongeacht hun inkomenspositie- kunnen kiezen uit alle in Elburg LRK-geregistreerde kinderopvang locaties of gastouders. Voor ouders die geen gebruik kunnen maken van kinderopvangtoeslag, is het voor kinderopvangorganisaties mogelijk om een verzoek te doen op een gesubsidieerde kindplek. Dit kan via de kinderopvangorganisatie en heeft betrekking op de reguliere peuteropvang en de voorschoolse educatie (VE). Voor- en vroegschoolse eductie (VVE) wordt hier opgevat als het aanbieden van een speciaal, doelgericht ontwikkelingsstimulerend programma aan doelgroeppeuters (2 tot 4 jaar) en doelgroepkleuters (groepen 1 en 2 van het basisonderwijs). Dit zijn kinderen die een risico lopen op (beginnende) onderwijsachterstanden op grond van minder gunstige sociale, culturele en economische thuisomstandigheden. De bedoeling van VVE is het bieden van extra ontwikkelkansen voor doelgroepkinderen, maar ook niet-doelgroepkinderen kunnen profiteren van VVE. De VVE-activiteiten zijn gericht op het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen op het gebied van rekenen, taal, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling. Er wordt gewerkt aan ontwikkeldoelen waarbij de voortgang wordt gevolgd.

Zodra de doelgroeppeuter uitstroomt naar het basisonderwijs kan het, wanneer nodig, daar gebruik blijven maken van het VVEprogramma (vroegschoolse educatie) tot groep 3.

Artikel 3.15 Voorwaarden Deze subsidie is aan te vragen door de kinderopvangorganisaties. Zij handelen de financiën af met de ouders. Gemeente Elburg stelt enkele voorwaarden aan het aanvragen van de subsidie. Bijvoorbeeld dat houders voor een VE-plek 16 uur per week, per peuter dienen aan te bieden. De Wet Kinderopvang schrijft dit voor. Er is geen afnameplicht van 16 uur door ouders, maar de houder wordt gevraagd om ouders maximaal te stimuleren hier gebruik van te maken. Dit omdat is bewezen dat het VVE-aanbod dan effectief is. Er wordt gebruik gemaakt van het digitale systeem de Peutermonitor om systematisch management- en sturingsinformatie te genereren over het (non)bereik van peuters op dorp/wijk, organisatie en/of locatieniveau. Houders zijn verplicht om gebruik te maken van deze monitor zodat er inzicht is in het (non)bereik (VE) peuters en de financiën van deze subsidieregeling. Daarnaast dienen de houders deel te nemen aan de overleggen van de gemeente waarbij de kinderopvang een belangrijke partij is. Denk hierbij aan overleggen om de verbinding met het CJG, het onderwijs en welzijn te borgen, zoals het programma Jeugd, Elburg, Samenwerken (JES).

Artikel 3.16 Subsidieaanvraag en aanvraagtermijn VE wordt bekostigd vanuit het gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid en in de praktijk verzorgd door de kinderopvang (voorschoolse educatie) en basisscholen (vroegschoolse educatie) die samenwerken in een doorgaande lijn. De Rijksoverheid geeft gemeenten geld voor voorschoolse educatie in de kinderopvang en het basisonderwijs geld voor de vroegschoolse educatie. Deze subsidieregeling heeft daarom alleen betrekking op houders in de kinderopvang. Houders kunnen via de website van gemeente Elburg een subsidieaanvraag indienen. Voor deze subsidieregeling geldt een aanvraagformulier. Deze dient als bijlage bij de subsidieaanvraag. Het ingevulde aanvraagformulier geeft een schatting van de hoogte van de subsidie.

Artikel 3.17 Subsidieverlening De houder toetst of een peuter in aanmerking komt voor de subsidieregeling. De benodigde informatie uit lid 1 t/m 4 is alleen beschikbaar voor de houder en wordt niet gedeeld met de gemeente.

Artikel 3.18 Bevoorschotting houder Dit artikel behoeft geen toelichting.

Artikel 3.19 Weigeringsgronden aanvraag houder Dit artikel behoeft geen toelichting.

Artikel 3.20 Hoogte van de subsidie aan de houder De gemeente heeft eind 2021 de tarieven vastgesteld n.a.v. een kostprijsonderzoek. Jaarlijks worden deze tarieven geïndexeerd volgens de genoemde index in dit artikel. Houders ontvangen jaarlijks via het aanvraagformulier van de subsidie het (voorlopige) tarief voor het jaar waarop de subsidie betrekking heeft. De gemeente kan een nieuw kostprijsonderzoek uitvoeren als daar behoefte aan is. De houder wordt hiervan op de hoogte gebracht en actief bij betrokken.

De gemeente subsidieert maximaal het landelijk vastgestelde uurtarief, maar de houder bepaalt zelf welk uurtarief zij uiteindelijk hanteren richting de ouders. Als de houder een lager uurtarief hanteert dan het landelijke maximum uurtarief, dan dienen zij dit aan te geven bij de gemeente. De gemeente subsidieert dan de hoogte van dat uurtarief.

Artikel 3.21 Verantwoording en vaststelling voor de houder De houder dient tenminste de genoemde data aan te leveren bij Innovatie nul13 om de Peutermonitor om de dashboards in te vullen. Daarbij levert zij o.a. het verzamelinkomen van ouders aan zodat de Peutermonitor de ouderbijdrage kan berekenen. Naast de houder leveren ook het CJG (JGZ) en de gemeente (BRP) data aan de Peutermonitor. De Peutermonitor verzamelt, controleert en valideert deze data en maakt er overzichtelijke dashboards en kwartaalrapportages van. Met deze informatie is er grip op het (non)bereik, het geeft handvatten voor bijsturing van beleid en vereenvoudigt het aanvragen en verantwoorden van subsidie. Bij de vaststelling dient de houder een verantwoording in op basis van de overzichten uit de Peutermonitor. Als hieruit blijkt dat de subsidie lager dan wel hoger uit is gevallen, wordt dit achteraf verrekend. De houder ontvangt daarvoor een vaststellingsbeschikking met een terugvordering of een bijbetaling.

Hoofdstuk 4. Wijkontmoetingscentra Een wijkontmoetingscentrum biedt aan inwoners uit de wijk een plek om elkaar te ontmoeten, samen koffie te drinken en activiteiten te doen. Het is laagdrempelig opgezet en zonder indicaties, waardoor alle inwoners en hun mantelzorgers welkom zijn. De ontmoetingsplek kenmerkt zich door een diversiteit aan activiteiten, een open inloop en inzet van vrijwilligers. Inwoners en hun mantelzorgers voelen zich er thuis, ontmoeten elkaar en kunnen blijven meedoen in de samenleving. Het past goed onder het Ouderenprogramma Vitaal en waardig oud worden in Elburg.

Artikel 4.1 Definities In dit artikel worden begrippen omschreven die in de subsidieregeling staan.

Artikel 4.2 Doel Algemene omschrijving van het doel, zie ook inleiding op dit hoofdstuk.

Artikel 4.3 Activiteiten In dit artikel wordt aangegeven dat subsidie alleen verstrekt wordt als er sprake is van een wijkontmoetingscentrum en dat is niet vergelijkbaar met het bieden van dagbesteding Wmo.

Artikel 4.4 Doelgroep In dit artikel staan de kenmerken beschreven van de aanvrager en van het doel waaraan subsidie verleend kan worden.

Artikel 4.5 Aanvragen Dit artikel behoeft geen verdere toelichting.

Artikel 4.6 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen In dit artikel staat beschreven dat de subsidie aanvullend bedoeld is om de activiteiten te realiseren en niet andersom.

Artikel 4.7 Hoogte van de subsidie In dit artikel staat beschreven dat jaarlijks het totale bedrag voor de functies van de wijkontmoetingscentra vaststaat in de begroting. De totale hoogte van de aanvragen kan het beschikbare budget niet overschrijden. Elke WOC dient een aanvraag in. Vervolgens wordt in de werkgroep WOC besproken hoe het totale subsidieplafond te verdelen. Daarover brengt de werkgroep WOC een advies uit aan de gemeente. Hierbij wordt zij ondersteund door een ambtelijk betrokkene. De toekenning van de subsidie vindt plaats conform de ASV en daarbij staat buiten twijfel dat het college van burgemeester en wethouders hiertoe bevoegd is.

Hoofdstuk 5. Stimulering klimaatmaatregelen Noord-Veluwe Paragraaf 5.1 Algemene bepalingen Door klimaatverandering neemt de kans op hittestress, droogte en wateroverlast toe. Dat levert risico’s op voor de gezondheid, veiligheid en economie. De gemeenten en het waterschap op de Noord-Veluwe willen voorbereid zijn op de nieuwe extreme weersomstandigheden. Daarvoor zijn maatregelen nodig in de publieke ruimte en op privaat terrein. De genoemde overheidspartijen willen samen met maatschappelijke organisaties, inwoners, de benodigde aanpassingen doorvoeren. De stimuleringsregeling is de uitwerking van een ambitie genoemd in het beleidsplan water en riolering. Doel van de stimuleringsregeling: de Noord-Veluwse gemeenten en Waterschap Vallei & Veluwe willen inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties stimuleren om zelf klimaatmaatregelen te treffen op hun eigen percelen. Beoogd wordt met een specifieke subsidieregeling initiatiefnemers financieel te steunen.

Artikel 5.1 Begripsomschrijvingen In dit artikel staan de begripsomschrijving. Het doel van een begripsomschrijving is om een eenduidige basis te bieden.

Artikel 5.3 Doel subsidie Doel van de stimuleringsregeling: de Noord-Veluwse gemeenten en Waterschap Vallei & Veluwe willen inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties stimuleren om zelf klimaatmaatregelen te treffen op hun eigen percelen. Beoogd wordt met een specifieke subsidieregeling initiatiefnemers financieel te steunen.

Artikel 5.4 Subsidiabele activiteiten Bij het opstellen van de regeling is gekeken naar het effect van de maatregel op de gestelde klimaatdoelen. De effectiefste maatregel wordt het best beloond. Een uitzondering hierop is de regenton. De maatregel is in Elburg vanuit een bestaande regeling 1 op 1 overgenomen.

Artikel 5.5 Subsidieplafond en verdeelregels Artikel 5.6 Algemene voorwaarden en verplichtingen Artikel 5.7 Aanvraag In dit artikel wordt aangegeven hoe de aanvraag moet worden ingediend. Het uitgangspunt is de regeling eenvoudig te houden en daarbij de aanvrager niet met te veel administratie te belasten. Dit is mogelijk om dat het vaak om relatief kleine bedragen gaat. Het formulier is beschikbaar via de uitvoeringsorganisatie of fysiek bij de balie in het gemeentehuis. De beoordeling van de aanvraag vindt plaats op basis van foto's voor, tijdens en na de aanleg van de maatregel.

Artikel 5.8 Beslissing op aanvraag Dit artikel geeft duidelijkheid aan de aanvrager binnen welke termijnen een beslissing verwacht kan worden op de aanvraag.

Paragraaf 5.2 Plaatsen regenton, -zuil of -schutting Artikel 5.9 Subsidievoorwaarden Dit artikel geeft aan welke voorwaarden gelden om in aanmerking te komen voor subsidie.

Artikel 5.10 Hoogte subsidie Dit artikel bepaalt de hoogte van het subsidiebedrag.

Paragraaf 5.3 Planten van bomen Artikel 5.11 Subsidievoorwaarden Artikel 6.12 Hoogte subsidie

Paragraaf 5.4 Afkoppelen hemelwater Artikel 5.13 Subsidievoorwaarden Artikel 5.14 Hoogte subsidie

Paragraaf 5.5 Vergroenen ofwel ontstenen Artikel 5.15 Subsidievoorwaarden Artikel 5.16 Hoogte subsidie

Paragraaf 5.6 Groene Daken Artikel 5.17 Subsidievoorwaarden Artikel 5.18 Hoogte subsidie

Paragraaf 5.7 Voorziening nuttig gebruik hemelwater Artikel 5.19 Subsidievoorwaarden Artikel 5.20 Subsidiabele kosten Dit artikel geeft aan wat wel en wat niet onder het subsidiebedrag valt.

Artikel 5.21 Hoogte subsidie

Paragraaf 5.8 Weigerings- intrekkings- en terugvorderingsgronden Artikel 5.22 Subsidie weigeren, intrekken en/of terugvorderen Wanneer de aanvraag niet voldoet aan de voorwaarden kan een subsidie geweigerd, ingetrokken of teruggevorderd worden. De aanvrager kan dit voorkomen door een vooraanvraag in te dienen. Deze aanvraag wordt beoordeeld voordat de maatregel is uitgevoerd.

Hoofdstuk 6. Activiteiten verenigingen en sportverenigingen De gemeente Elburg vindt het verenigingsleven belangrijk en wil dit ondersteunen. Door deelname aan het verenigingsleven komen inwoners met elkaar in contact, kunnen zij talenten ontwikkelen en investeren in gezondheid en ontspanning. Het verenigingsleven is een meerwaarde voor de samenleving, draagt bij aan een inclusieve samenleving, en verminderen van eenzaamheid. De gemeente Elburg heeft sporten hoog in het vaandel staan. Sport heeft een brede maatschappelijke functie. Het draagt onder andere bij aan gezondheid, ontmoeting en zelfvertrouwen. Deze visie is verankerd in de volgende beleidsnota’s: 'Samen leven, samen doen! Beleidsplan Sociaal Domein 2024 tot en met 2031; Integraal Sport- en beweegbeleid Elburg; Spots on Elburg. De uitvoeringsprogramma’s ‘Vitaal en waardig oud worden Elburg’, de 'Inclusieagenda gemeente Elburg 2022’ en het Integraal preventieplan voor een gezond en actiever leven in Elburg’ geven inzicht in hoe gestelde beleidsdoelen kunnen worden gerealiseerd.

Artikel 6.1 Doel Een bondige omschrijving van het doel van de subsidie verantwoordt de verstrekking van deze financiële middelen ten behoeve van vastgestelde beleidsdoelen.

Artikel 6.2 Activiteiten Dit artikel verwoordt het uitgangspunt van de regeling, dat activiteiten van diverse aard worden gesubsidieerd. Het ‘samen doen’ staat centraal, als middel om sociale contacten aan te gaan en elkaar te ontmoeten en/of om zich sportief te ontwikkelen, of om zich muzikaal te ontwikkelen op het gebied van drama en expressie.

Artikel 6.3 Doelgroep De subsidie is gericht op jongeren tot en met 23 jaar, ouderen vanaf 65 jaar, en mensen met een beperking (ongeacht hun leeftijd). De subsidie wordt toegekend aan een vereniging of stichting zonder winstoogmerk. Als uitzonderingssituatie kan subsidie worden toegekend aan een natuurlijk persoon, die activiteiten organiseert in ander (club)verband zonder rechtspersoonlijkheid, en waarvan inschrijving bij de Kamer van koophandel redelijkerwijs niet kan worden verwacht. Het College van burgemeester en wethouders kan hiertoe met toepassing van de hardheidclausule beslissen.

Artikel 6.4 Subsidieaanvraag Lid 1 Een subsidieaanvraag moet voldoen aan de eisen die artikel 8 ASV daaraan stelt. Lid 2 Een aanvraag moet ingediend zijn voor 1 september voorafgaand aan het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd. De uniforme datum hangt samen met de wijze van verdeling van het beschikbare subsidieplafond. Lid 3 Indien een subsidieaanvraag wel is gedaan, maar nog niet alle benodigde gegevens zijn aangeleverd, stuurt de gemeente bericht met het verzoek om de ontbrekende gegevens alsnog op te sturen. Omdat 1 september de deadline is voor de aanvraag, maakt lid 3 duidelijk dat hieraan pas is voldaan als de gemeente voor deze datum alle benodigde informatie heeft ontvangen.

Artikel 6.5 Hoogte van de subsidie Lid 1 Per kalenderjaar toekennen van de subsidie maakt mogelijk dat bij eventuele overschrijding van het subsidieplafond, de subsidie naar rato onder de aanvragers wordt verdeeld. Zie ook toelichting bij artikel 6.6. Lid 2 en 3 Aanvragen die tijdig zijn ingediend en voor toekenning van subsidie in aanmerking komen, worden gehonoreerd. Wanneer het beschikbare subsidiebudget niet toereikend is voor alle aanvragen, wordt het beschikbare budget naar evenredigheid verdeeld onder de aanvragers. Op die manier wordt voorkomen dat de ene vereniging wel subsidie ontvangt, en de andere niet. Voor deze wijze van verdeling is het nodig dat alle aanvragen gelijktijdig kunnen worden beoordeeld. Daarom moet de aanvraag voor 1 september voorafgaand aan het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft ingediend zijn (artikel 9 lid 1 ASV). Omdat het een periodieke subsidie per kalenderjaar is, geldt 31 december vervolgens als uiterlijke beslistermijn (artikel 10 lid 1 ASV). Lid 4 Deze subsidie wordt verstrekt op basis van het aantal deelnemers aan de activiteiten. Op deze manier wordt voorkomen dat subsidie wordt toegekend voor slapende of niet actieve leden van een vereniging. Voor de opgave van het aantal deelnemers kan in veel gevallen worden uitgegaan van de cijfers van voorgaande jaren.

Lid 5 De bepaling dat cumulatie van subsidie is toegestaan indien een deelnemer tot meerdere doelgroepen behoort, ziet op subsidie voor mensen met een beperking. Dit laat zich het beste toelichten met een voorbeeld: een jongere met een beperking is actief lid van de voetbalvereniging. De vereniging kan deze persoon ‘dubbel’ meetellen in de subsidieaanvraag: het tarief voor buitensport, plus het tarief voor activiteiten voor mensen met een beperking. Lid 6 Afhankelijk van beschikbare budgetten kunnen de tarieven worden geïndexeerd. Denkbaar is dat geen uniforme indexatie wordt toegepast, wanneer de subsidiebudgetten vanuit verschillende programma’s worden gefinancierd. Lid 7 De hoogte van het subsidiebedrag hangt af van het tarief dat hoort bij de categorie waarbij de activiteit is ingedeeld, en het aantal deelnemers uit een van de drie doelgroepen. Door aan te sluiten bij het aantal deelnemers - en niet bij het aantal leden (van een vereniging) - bereikt de regeling dat subsidie wordt verstrekt op basis van daadwerkelijk meedoen. De tabel kent drie hoofdcategorieën: sport, amateurkunst en overige. De hoofdcategorie sport is onderverdeeld in subcategorieën. Voor de in de tabel van artikel 6.5 vermelde specifieke sporten worden (of werden) jaarlijks subsidieaanvragen gedaan en toegekend. De tabel is niet limitatief.

Dat betekent dat aanvragen voor andere of nieuwe activiteiten ook subsidiabel zijn, mits zij aan de voorwaarden van deze regeling voldoen. Tabel 1: Lijst van aanvragers die in 2024 subsidie ontvangen: Voetbal:

DSV ‘61 Voetbalvereniging ESC S.V. ’t Harde

Tennis:

Tennisclub Elburg

Scouting:

Gustaaf Adolf Groep ‘t Harde

Badminton:

Badmintonclub ‘t Harde

Basketbal:

Basketbalvereniging G.S. Stars

Volleybal:

volleybalvereniging VVV

Tafeltennis:

TTV Batfighters Elburg

Gymnastiek:

SSS Elburg Doornspijkse gymnastiekvereniging

Korfbal:

Korfbalvereniging Elburg

Zwemmen:

Zwem- en poloclub de Hokseberg

Schaatsen:

Schaatstrainingsgroep Elburg

Schietsport:

Schietsportvereniging Oostendorp Schietsportvereniging de Schutter

Schaken:

Schaakclub Caissa

Bridge:

Bridgeclub ’t Harde

Klaverjassen:

Klaverjasclub S.V. ’t Harde

Biljart:

Biljartclub ’t Harde

Jeu de Boules:

Jeu de Boulesclub ’t Harde

Muziekverenigingen, fanfare:

Concordia Elburg fanfare Excelsior muziek Juliana Doornspijk muziek Tot ons genoegen

Malletverenigingen:

Excelsior Oostendorp slagwerkgroep

Zang en toneel:

Christelijk mannenkoor ’t Harde De Jonge Stem Deo Cantemus Hervormd Jeugdkoor Ichtus Interkerkelijk gemengd koor ’t Harde Kinderkoor Nenaja Mannenkoor OBK Gelders Oratoriumkoor Looft den Heere Hervormd kerkkoor ‘Rafidim’ KORAAL De Meulezangers Het Elburger Zeemanskoor Kop van ’t Ende

Ouderenverenigingen en vrouwenbonden:

Cie. Ouderen contactmiddagen hervormde gemeente Elburg Ouderencommissie Doornspijk / Hoge Enk Ouderencontact Oostendorp PCOB afdeling Elburg De Christenvrouw, afdeling Oostendorp De Christenvrouw, afdeling ’t Harde Hervormde vrouwenvereniging Lydia Chr. Plattelandsvrouwen Bond Hoge Enk e.o. Christelijke maatschappelijke vrouwenvereniging De Bron Damescomité Hervormde gemeente Elim ’t Harde

Jeugdverenigingen:

NH Jeugdcommissie West en Oostendorp NH Jeugdcommissie Wijk Oost NH Jeugdraad ’t Harde Elim

Jeugdwerk Vrij evangelische gemeente Elburg Zondagsschool Jojada Hoge Enk Activiteiten voor mensen met een beperking

Gehandicaptenclub ABBA Gehandicaptensport Vereniging Amersfoort e.o.

Artikel 6.6 Nadere eisen Dit artikel maakt duidelijk aan welke nadere eisen de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd, moeten voldoen. Lid 1 a.

Deze regeling beoogt activiteiten te ondersteunen. Dat brengt met zich mee dat subsidie niet de enige vorm van financiering kan zijn. Dat betekent ook dat activiteiten die in het geheel geen kosten met zich meebrengen voor de organisatie en/of deelnemers niet subsidiabel zijn.

b.

De nadere eis dat voor de activiteiten gebruik wordt gemaakt van een geschikte accommodatie, vormt een begrenzing van de manier waarop de activiteiten worden aangeboden. Zo komen de activiteiten van een trainingsgroep die slechts gebruik maakt van de openbare ruimte niet voor subsidie in aanmerking. Ook activiteiten bij één van de deelnemers thuis is niet subsidiabel.

c.

Deze subsidieregeling is gericht op inwoners van gemeente Elburg. Het vereiste dat tenminste 80% van de deelnemers aan de gesubsidieerde activiteiten inwoner is van de gemeente Elburg stimuleert aanbod van activiteiten in de eigen woonplaats. Daarnaast wordt voorkomen dat verenigingen die niet gevestigd zijn in gemeente Elburg subsidieaanvragen indienen voor een enkel, of slecht enkele leden die woonachtig zijn in gemeente Elburg. Uitzondering hierop vormen activiteiten die specifiek zijn gericht op mensen met een beperking. Hiermee blijft het mogelijk dat verenigingen van buiten gemeente Elburg ondersteuning ontvangen voor de doelgroep.

d.

Deze subsidieregeling is er voor structurele activiteiten. Daarom is het vereiste van terugkerende regelmaat opgenomen. De terugkerende regelmaat moet een vaste frequentie hebben (wekelijks, maandelijks). De activiteit kan jaarrond aangeboden worden, of in aansluiting op bijvoorbeeld seizoensgebonden omstandigheden, de schoolkalender, of het kerkelijk jaar.

e.

Omdat activiteiten onder de noemer amateurkunst (muziek, zang, toneel) zich lenen voor een openbare uitvoering, is dit als nadere eis opgenomen voor deze categorie. Onder openbare uitvoering wordt verstaan een optreden binnen of buiten, gratis toegankelijk of waarvoor entrée wordt betaald, alsmede een uitvoering als onderdeel van een kerkdienst.

Lid 2 De bevoegdheid tot het stellen van nadere eisen in de subsidiebeschikking is noodzakelijk om maatwerk te leveren.

Artikel 6.7 Betaling van de subsidie Het toegekende subsidiebedrag wordt altijd overgemaakt op een bankrekening, dus nooit contant. Indien de subsidie wordt uitbetaald op een bankrekeningnummer op naam van een natuurlijk persoon, mag dat geen en/of rekening zijn. De gemeente draagt er zorg voor dat uit de beschikking ondubbelzinnig blijkt waarvoor het geld is bedoeld. Degene die de subsidie ontvangt, is er zelf verantwoordelijk voor dat de ontvangst van dit bedrag niet kan worden gezien als inkomsten die moeten worden verrekend met een eventuele uitkering.

Artikel 6.8 Aanvullende weigeringsgronden Met deze weigeringsgrond is ondubbelzinnig duidelijk wat al vanzelfsprekend is: dat de activiteiten niet het algemeen belang of de openbare orde mogen schaden.

Hoofdstuk 7. Maatschappelijk initiatief De gemeente Elburg heeft in het collegeprogramma 2022-2026 besloten dat er wordt ingezet op een frisse democratie. Dit betekent dat er ruimte wordt gegeven aan initiatieven vanuit de samenleving. Er wordt van medewerkers van de gemeente gevraagd dat zij open staan voor deze initiatieven en dat zij hierover in gesprek gaan met inwoners. De subsidieregels ‘Maatschappelijk initiatief’ is een manier om zulke initiatieven te stimuleren en is ook onderdeel van het collegeprogramma 2022-2026. Om maatschappelijke initiatieven te stimuleren is er budget beschikbaar gesteld in de programmabegroting 2024. Dit houdt in dat er jaarlijks €20.000,- beschikbaar wordt gesteld voor aanvragen tot €5.000,-. Ook wordt er in 2024 en 2025 €100.000,- per jaar beschikbaar gesteld voor aanvragen vanaf €5.000,-.

Paragraaf 7.1 Algemeen Artikel 7.1 Definities Onder maatschappelijke initiatieven verstaan we initiatieven van individuele burgers of groepjes burgers die zich inzetten om een bijdrage te leveren aan de (lokale) samenleving. Dat kan te maken hebben met ondersteuning van groepen van medeburgers, de leefbaarheid van de buurt of de sociale cohesie. Het initiatief kan betrekking hebben op anderen maar ook wel op de initiatiefnemers zelf. Kenmerk van het maatschappelijk initiatief is dat het geregeld wordt door informeel of formeel georganiseerde groepjes burgers. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan groepjes buurtbewoners en kleine stichtingen. Grote(re) organisaties vallen hier niet onder. Het gaat om de eigen ideeën en inzet van burgers.

Artikel 7.2 Doel Artikel 7.3 Activiteiten Artikel 7.4 Doelgroep Artikel 7.5 Aanvraag Artikel 7.6 Hoogte van de subsidie Artikel 7.7 Nadere verplichtingen en weigeringsgronden Artikel 7.8 Verlening, vaststelling en betaling van de subsidie

Hoofdstuk 8. Evenementen GERESERVEERD

Hoofdstuk 9. Subsidieregeling fietsoplaadpunten Deze subsidieregeling is onderdeel van het fietsstimulering uitvoeringsprogramma ‘Ga toch fietsen!’ 20202024. Dit programma heeft als doel heeft fietsgebruik binnen de gemeente Elburg te stimuleren. Het fietsstimulering uitvoeringsprogramma is opgenomen in de MPB (Meerjaren Programma Begroting) 20212024. Er is in totaal €2.000.000 beschikbaar gesteld voor de aanleg van fietsroutes en het stimuleren van fietsgebruik. De Subsidiergeling Fietsoplaadpunten 2024 draagt bij aan de doelen van het fietstimulering uitvoeringsprogramma door het beschikbare aantal fietsoplaadpunten te vergroten. Hiermee wordt beoogd de aantrekkingskracht van recreatief fietsen, met een elektrische fiets, in de gemeente Elburg te versterken. Indien de subsidieaanvraag wordt goedgekeurd, ontvangt de aanvrager €200. Dit omdat de kosten van de aanschaf en plaatsing niet hoger dan €200 hoeven te zijn. Ook worden de administratieve lasten laag gehouden, door een standaardbedrag aan te houden.

Artikel 9.1 Definities Artikel 9.2 Reikwijdte regeling Artikel 9.3 Activiteiten Artikel 9.4 Doelgroep Artikel 9.5 Subsidievoorwaarden Artikel 9.6 Hoogte van de subsidie Artikel 9.7 Aanvraag Artikel 9.8. Subsidieplafonds en wijze van toekenning

Hoofdstuk 10. Witgoedregeling koelkast Vanuit het Programma Duurzaamheid 2022 – 2025 wil gemeente Elburg kwetsbare huishoudens met (mogelijke) energiearmoede helpen de energielasten te verlagen en het energieverbruik te verminderen. Met de witgoedregeling kunnen inwoners die aan de voorwaarden voldoen een oude(re) onzuinige koelkast vervangen door een nieuw, zuiniger exemplaar. De uitvoering van de subsidieregeling wordt bekostigd uit de Specifieke Uitkering (hierna: SPUK) Energiearmoede die het Rijk aan de gemeente beschikbaar heeft gesteld.

Artikel 10.1 Begripsomschrijvingen In dit artikel staan de begrippen die voor de witgoedregeling zijn gedefinieerd. Hierbij een toelichting op: c. koelkastvoucher: een waardebon om een onzuinige oudere koelkast of koelvriescombinatie om te ruilen voor een nieuw, energiezuinig exemplaar. Er is voor gekozen alleen een koelkast of koelvriescombinatie beschikbaar te stellen, omdat dit apparaat de meeste energie verbruikt ten opzichte van ander witgoedapparatuur. Vanuit het oogpunt van energiebesparing en lastenverlaging wordt hiermee het grootste effect behaald. Daarnaast is een koelkast een noodzakelijk basisproduct. Daarbij is vooral de leeftijd van de koelkast bepalend voor het energieverbruik (10 jaar oud of meer ten opzichte van nieuw) en in mindere mate het energielabel van het nieuwe product. Daarom staan wij de energielabels A t/m E toe. d. lokale ondernemers: de voucher kan alleen bij lokale witgoedleveranciers worden ingeleverd. Binnen de gemeente Elburg zijn er drie witgoedleveranciers. Hiermee willen we enerzijds lokale ondernemers ondersteunen en anderzijds de afstand tussen inwoners en leveranciers beperken.

Keukenspecialisten zijn buiten beschouwing gelaten omdat zij minder goed aansluiten op de vraag (focus ligt op een enkel los product, geen keuken en geen inbouw), zij minder goed aansluiten op het proces (controleren en ophalen oude product) en daarmee in het geheel minder goed aansluiten op deze doelgroep.

Artikel 10.2 Doel Deze regeling komt voort uit het gemeentelijke Programma Duurzaamheid 2022 - 2025; doel is dan ook om tot maatregelen te komen die de energierekening verlagen en het energieverbruik verminderen. Dit sluit eveneens aan bij de doelstelling van de SPUK Energiearmoede.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=elburg&id=20878f0c-b0c7-4a7d-a973-b30d7a42d4c8