CConstaterende datelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan Veldbloemenlaan 25 Toelichting

Raadsvergadering 3 juni 2024, gemeente elburgBij agendapunt: Raadsvoorstel Bestemmingsplan Zorginstelling Het Baken, locatie De Voord, Veldbloemenlaan 25, Elburg19.492 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Indien dit protocol door het onverhoopt aantreffen van munitie(gelijkende) vondsten in werking is getreden, moet worden bekeken of voortzetting/uitbreiding van het opsporingsproces wenselijk is. 5.11.3 Conclusie Het aspect 'Ontplofbare Oorlogsresten' vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan.

5.12 Conclusie milieu- en omgevingsaspecten De milieu- en omgevingsaspecten vormen geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan.

3 juni 2024 | bestemmingsplan ‘Veldbloemenlaan 25, Elburg’ | Witpaard

50

6 Besluit Milieueffectrapportage 6.1 Inleiding De voorgenomen ontwikkeling past niet binnen het geldende bestemmingsplan ‘Elburg en Oostendorp'. Om de voorgenomen ontwikkeling mogelijk te kunnen maken is een besluit in het kader van artikel 3.1, lid 1 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) noodzakelijk, in casu een bestemmingsplan. Op dergelijke besluiten is het Besluit milieueffectenrapportage (Besluit m.e.r.) van toepassing.

6.2 Beoordelingskader Op 7 juli 2017 is het gewijzigde Besluit m.e.r. in werking getreden. De wijziging van het Besluit m.e.r. volgt uit de implementatie van artikel 1, vierde lid, onder a en b, van Richtlijn 2014/52/EU van de Europese Unie. De artikelen 7.16 tot en met 7.20a van de Wet milieubeheer (Wm) zijn in de nieuwe wetgeving voor alle in het Besluit m.e.r. genoemde activiteiten van de D-lijst van toepassing, waarbij het niet uitmaakt of het een activiteit betreft boven of onder de D-drempel. Bepaalde activiteiten kunnen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu hebben. Welke activiteiten dat zijn, is vastgelegd in het Besluit m.e.r. De activiteiten zijn onderverdeeld in: • •

activiteiten die belangrijke nadelige gevolgen kunnen hebben voor het milieu (onderdeel C van de bijlage bij Besluit m.e.r.); activiteiten ten aanzien waarvan het bevoegd gezag moet beoordelen of zij belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kunnen hebben (onderdeel D van de bijlage bij Besluit m.e.r.).

Voor het merendeel van de activiteiten van de onderdelen C en D gelden drempelwaarden. Wanneer het bestemmingsplan een activiteit mogelijk maakt die is opgenomen in onderdeel C van de bijlage bij het Besluit m.e.r. en de activiteit de drempelwaarde overschrijdt, geldt een m.e.r.-plicht. Wanneer het bestemmingsplan een activiteit mogelijk maakt die is opgenomen in onderdeel D van die bijlage geldt een m.e.r.-beoordelingsplicht. Als door de activiteit de drempelwaarde wordt overschreden is het verplicht een m.e.r.-beoordeling te maken. Wanneer de drempelwaarde niet wordt overschreden door de activiteit is het verplicht een m.e.r.-beoordeling te maken, maar is deze vormvrij.

6.3 Procedure In het gewijzigde Besluit m.e.r. is de procedure voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling beschreven. Voor elke aanvraag, waarbij een vormvrije m.e.r.-beoordeling aan de orde is, dienen de volgende stappen genomen te worden: 1. de initiatiefnemer stelt een aanmeldnotitie op. 2. het bevoegd gezag neemt binnen 6 weken een m.e.r.-beoordelingsbesluit. Dit besluit hoeft niet in de Staatscourant gepubliceerd te worden. 3. de initiatiefnemer voegt het (vormvrije) m.e.r.-beoordelingsbesluit bij de vergunningaanvraag (Artikel 7.28 Wet milieubeheer). Wanneer ingevolge de Wet natuurbescherming voor een (bestemmings)plan een passende beoordeling moet worden gemaakt, moet op grond van artikel 7.2a van de Wet milieubeheer ook een milieueffectrapport worden opgesteld.

3 juni 2024 | bestemmingsplan ‘Veldbloemenlaan 25, Elburg’ | Witpaard

51

6.4 Aanmeldnotitie Ten behoeve van de voorgenomen ontwikkeling is een Aanmeldnotitie Besluit m.e.r. opgesteld. In de Aanmeldnotitie zijn de belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu beschreven, waarbij is ingegaan op de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële effecten. Op basis hiervan is in de Aanmeldnotitie geconcludeerd dat er geen sprake is van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu. Om die reden wordt volstaan met een vormvrije m.e.r.beoordeling. De Aanmeldnotitie is als bijlage 14 bij deze toelichting opgenomen.

6.5 Vormvrije m.e.r.-beoordeling Het besluit tot het vaststellen van een bestemmingsplan heeft betrekking op activiteiten die voorkomen op de D-lijst (D11.2: de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen) uit het Besluit m.e.r. Voor deze activiteit zijn drempelwaarden opgenomen voor de omvang het stedelijke ontwikkelingsproject. Deze drempelwaarden betreffen stedelijke ontwikkelingsprojecten met een omvang van: 1. een oppervlakte van 100 hectare of meer; 2. een aaneengesloten gebied dat 2.000 of meer woningen omvat of; 3. een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m² of meer. Beoordeling De concrete omstandigheden in dit geval betreft het slopen van het bestaande hoofdgebouw van de zorginstelling en realisatie van vervangende nieuwbouw met bijbehorende voorzieningen. Het plangebied ligt in bestaand stedelijk gebied. De oppervlakte van het plangebied bedraagt circa 2 hectare en blijft hiermee onder de drempelwaarde van 100 hectare. De voorgenomen ontwikkeling maakt 130 onzelfstandige zorgeenheden en 24 appartementen mogelijk. Per saldo worden uitsluitend de 24 appartementen toegevoegd omdat de 130 onzelfstandige zorgeenheden reeds aanwezig zijn in het bestaande te slopen hoofdgebouw van de zorginstelling. De ontwikkeling blijft daarmee onder de drempelwaarde van 2.000 woningen.

Omdat de ontwikkeling niet voorziet in bedrijfsmatige activiteiten wordt de drempelwaarde voor bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m² niet overschreden. Het project is kleinschalig van karakter in vergelijking met de drempelwaarden uit het Besluit m.e.r. en de locatie ligt niet in of bij beschermde natuurgebieden. Ten aanzien van de overige relevante milieu- en omgevingsaspecten is er als gevolg van het project geen sprake van nadelige effecten op de leefomgeving. Om deze redenen kan worden volstaan met deze vormvrije m.e.r.-beoordeling.

6.6 Conclusie Het Besluit m.e.r. vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan.

3 juni 2024 | bestemmingsplan ‘Veldbloemenlaan 25, Elburg’ | Witpaard

52

7 Toelichting op de regels 7.1 Inleiding In de voorgaande hoofdstukken is ingegaan op de bestaande situatie, het relevante beleid en de milieu- en omgevingsaspecten. De informatie uit deze hoofdstukken is gebruikt om keuzes te maken bij het opstellen van het bestemmingsplan: de verbeelding (plankaart) en de regels. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de opzet van dit bestemmingsplan. Daarnaast worden de gemaakte keuzes op de verbeelding en in de regels verantwoord. Dat betekent dat er wordt aangegeven waarom bepaalde bestemmingen zijn aangewezen en waarom bepaalde bebouwing acceptabel is. Het bestemmingsplan bestaat uit een toelichting, regels en een verbeelding. De regels en de verbeelding vormen samen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan en dienen in onderlinge samenhang te worden bezien en toegepast. De toelichting vormt de verantwoording voor de gemaakte keuzen voor de inrichting van het plangebied en de toekenning van de bestemmingen. Met het bestemmingsplan 'Veldbloemenlaan 25, Elburg' worden de huidige bestemmingen gewijzigd, zodat de vervangende nieuwbouw met daarbijbehorende voorzieningen mogelijk worden gemaakt. Dit bestemmingsplan is mede gebaseerd op het bestemmingsplan 'Elburg en Oostendorp' en opgesteld aan de hand van de Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen SVBP2012, zoals vastgelegd in de Regeling standaarden ruimtelijke ordening 2012.

De regels zijn voor zover nodig op hun beurt weer aangepast aan specifieke situaties in het plangebied. De regels van het bestemmingsplan bestaan uit de volgende hoofdstukken: • • • •

Hoofdstuk 1 Inleidende regels; Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels; Hoofdstuk 3 Algemene regels; Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels.

7.2 Opzet van de regels In de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is de verplichting opgenomen om ruimtelijke plannen en besluiten digitaal vast te stellen. De Standaard voor vergelijkbare bestemmingsplannen 2012 (SVBP2012) is verplicht. De Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012 maakt het mogelijk bestemmingsplannen te maken die op vergelijkbare wijze zijn opgebouwd en op een zelfde manier worden verbeeld. Vergelijkbare bestemmingsplannen leiden tot een betere dienstverlening en tot een effectievere en efficiëntere overheid. Het juridisch bindend gedeelte van het bestemmingsplan bestaat uit planregels en bijbehorende verbeelding waarop de bestemmingen zijn aangegeven. Deze verbeelding kan zowel digitaal als analoog worden verbeeld. De verbeelding en de planregels dienen in samenhang te worden bekeken. 7.2.1 Inleidende regels Hoofdstuk 1 bevat regels die gelden voor het gehele plangebied en bestaat uit: • •

artikel 1 Begrippen: In dit artikel zijn definities van de in de regels gebruikte begrippen opgenomen, voor een eenduidige interpretatie van deze begrippen. artikel 2 Wijze van meten: Dit artikel geeft onder meer bepalingen waar mag worden gebouwd en hoe voorkomende eisen betreffende de maatvoering begrepen moeten worden.

3 juni 2024 | bestemmingsplan ‘Veldbloemenlaan 25, Elburg’ | Witpaard

53

Op de verbeelding zijn maximum bouwhoogten voor de nieuwbouw en het te handhaven gebouw aan de westzijde van het plangebied aangegeven. Ter plaatse van het bouwvlak is geen bebouwingspercentage aangegeven, deze mag evenals in de bestaande situatie volledig worden bebouwd. De aangegeven bouwhoogte wordt gemeten vanaf peil tot het hoogste punt (exclusief elementen zoals een schoorsteen, lift- en trappenhuizen, technische installaties en dergelijke). Uitgangspunt is dat alleen gebouwd mag worden binnen de bouwgrenzen. 7.2.2 Bestemmingsregels hoofdstuk 2 bevat de juridische vertaling van de bestemmingen die voorkomen in het plangebied. Voor ieder gebied op de verbeelding is de bestemming aangegeven. Deze bestemmingen zijn in de regels onderverdeeld in onder meer: • • •

Bestemmingsomschrijving: omschrijving van de activiteiten die zijn toegestaan (zorginstelling, wonen zonder zorgvraag en ondersteunende horeca); Bouwregels: eisen waaraan de bebouwing moet voldoen (bebouwingshoogte, bebouwingspercentage etc.); Nadere eisen: eisen waaraan de bebouwing, aanvullend op de bouwregels, moet voldoen ter voorkoming van onwenselijke situaties en ter waarborging van bijvoorbeeld de verkeersveiligheid.

In paragraaf 7.3 van de toelichting worden de bestemmingen nader toegelicht. 7.2.3 Algemene regels Hoofdstuk 3 bevat de algemene regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied. Dit hoofdstuk is opgebouwd uit: •

• • •

•

artikel 4 Anti-dubbeltelregel: deze regel is opgenomen om een ongewenste verdichting van de bebouwing te kunnen voorkomen. Dit kan zich met name voordoen, indien een deel van een bouwperceel, dat reeds bij de berekening van een maximaal bebouwingsoppervlak was betrokken, wederom - nu ten behoeve van de berekening van het maximale bebouwingspercentage van een ander bouwperceel - wordt betrokken; artikel 5 Algemene gebruiksregels: in de algemene gebruiksregels is aangegeven welke functies in ieder geval in strijd zijn met het bestemmingsplan. artikel 6 Algemene aanduidingsregels: in de algemene aanduidingsregels zijn, in afwijking van de ter plaatse geldende bestemmingsregels, bouwregels opgenomen ter bescherming van de molenbiotoop en het straalpad. Artikel 7 Algemene afwijkingsregels: op basis van de algemene afwijkingsregels kunnen Burgemeester en wethouders omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van onderdelen van bestemmingsbepalingen, mocht dat in die bepalingen zelf niet geregeld zijn. Bedoeld worden onder meer geringe afwijkingen van bouw- of bestemmingsgrenzen; artikel 8 Overige regels: in dit artikel zijn regels ten aanzien van parkeren en laden en lossen opgenomen.

7.2.4 Overgangs- en slotregels In hoofdstuk 4 staan de overgangs- en slotbepalingen. In artikel 9 Overgangsrecht is het overgangsrecht beschreven. Hierin wordt aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met dit bestemmingsplan. De inhoud van deze regels is overgenomen uit de standaardregels uit het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Artikel 10 Slotregels geeft de officiële benaming van dit bestemmingsplan weer en de datum van vaststelling door de gemeenteraad.

3 juni 2024 | bestemmingsplan ‘Veldbloemenlaan 25, Elburg’ | Witpaard

54

7.3 Nadere toelichting op de bestemmingen Kenmerk van de Nederlandse ruimtelijke ordeningsregelgeving is dat er uitgegaan wordt van toelatingsplanologie. Een bestemmingsplan geeft aan welke functies waar zijn toegestaan en welke bebouwing opgericht mag worden. Bij het opstellen van dit bestemmingsplan zijn keuzes gemaakt over welke functies waar mogelijk worden gemaakt en is gekeken welke bebouwing stedenbouwkundig toegestaan kan worden. Het is noodzakelijk dat het bestemmingsplan een compleet inzicht biedt in de bouw- en gebruiksmogelijkheden binnen het betreffende plangebied. Het bestemmingsplan is het juridische toetsingskader dat bindend is voor de burger en overheid en geeft aan wat de gewenste planologische situatie voor het plangebied is. In deze paragraaf worden de keuzes die zijn gemaakt nader onderbouwd. Hierbij zullen de bestemmingen in dezelfde volgorde als in de regels worden behandeld. In dit bestemmingsplan is uitsluitend de bestemming 'Gemengd - zorg en wonen’ opgenomen. De reden waarom voor deze bestemming is gekozen is reeds toegelicht in paragraaf 1.3 van deze toelichting. Gebouwen en bijbehorende bouwwerken mogen uitsluitend binnen het op de verbeelding opgenomen bouwvlak worden gebouwd. Ten behoeve van de situering van vervangende nieuwbouw is de vorm van het bouwvlak gewijzigd waarbij het oppervlak niet is verruimd ten opzichte van de bestaande situatie.

Een toelichting op de situering van de nieuwbouw is reeds verwoord in paragraaf 3.5 van deze toelichting. Doel De bestemming ‘Gemengd - zorg en wonen’ maakt het mogelijk dat zorgwonen en regulier wonen (wonen zonder zorgvraag) gecombineerd mogen plaatsvinden. Functionele mogelijkheden De gronden zijn bedoeld voor een zorginstelling met maximaal 169 (al dan niet tijdelijke) verblijfplaatsen met bijbehorende voorzieningen en ondersteunende horeca. In 24 van de genoemde verblijfplaatsen is aanvullend op zorgwonen ook bewoning zonder zorgvraag toegestaan. Daarnaast zijn gebouwen en bijbehorende bouwwerken, andere bouwwerken, tuinen, erven, nutsvoorzieningen, groenvoorzieningen, water en waterhuishoudkundige voorzieningen waaronder begrepen waterbergingsvoorzieningen zoals infiltratiekratten, wegen en paden en parkeervoorzieningen mogelijk. Door het toestaan van deze functies is flexibiliteit in het gebruik van de gronden met deze bestemming mogelijk. Bouwmogelijkheden gebouwen en bijbehorende bouwwerken Op de verbeelding van het plan zijn het bouwvlak en de maximale bouwhoogten aangeduid. Gebouwen en bijbehorende bouwwerken moeten binnen het bouwvlak worden gebouwd en mogen niet groter zijn dan de aangeduide maximale bouwhoogten. Hier geldt dus geen maximale goothoogte en is een plat dak toegestaan. Hierdoor kan het bestaande ruimtelijke beeld behouden blijven.

Afwijkende bouwhoogten voor onder andere lift- en trappenhuizen en technische installaties zijn onder voorwaarden bij verlening van een omgevingsvergunning toegestaan. Bouwmogelijkheden andere bouwwerken Voor de andere bouwwerken is bij deze bestemming een algemene regeling opgenomen. Daarbij is aangesloten bij een algemene regeling voor bouwmogelijkheden van andere bouwwerken. Ook is aansluiting gezocht bij de mogelijkheden met betrekking tot vergunningvrij bouwen, zoals dit opgenomen is in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en het Besluit omgevingsrecht. Het gaat bij andere bouwwerken in dit geval om erf- en terreinafscheidingen en overige andere bouwwerken. De erf- en terreinafscheidingen mogen voor de voorgevel of een naar de weg gekeerde zijgevel van een hoofdgebouw niet groter zijn dan 1,00 meter. In andere gevallen mag het maximaal 2,00 meter hoog zijn. Dit heeft te maken met het ruimtelijk beeld van het perceel. 3 juni 2024 | bestemmingsplan ‘Veldbloemenlaan 25, Elburg’ | Witpaard

55

Overige andere bouwwerken mogen ten hoogste 3,00 meter hoog zijn. Daarbij kan het bijvoorbeeld gaan om een kleinschalig bouwwerk als een vlaggenmast. Wanneer een dergelijk bouwwerk 3,00 meter hoog wordt, is de impact op de omgeving klein.

3 juni 2024 | bestemmingsplan ‘Veldbloemenlaan 25, Elburg’ | Witpaard

56

8 Financiële uitvoerbaarheid 8.1 Inleiding In dit hoofdstuk worden de exploitatie van het plan en de eventueel daaruit voortvloeiende planschade besproken.

8.2 Exploitatie De Grondexploitatiewet (afdeling 6.4 Wet ruimtelijke ordening) gaat ervan uit dat bij het bestemmingsplan een exploitatieplan wordt vastgesteld tenzij het kostenverhaal anders verzekerd is. De voor dit bouwplan en bestemmingsplan te maken kosten, waaronder eventuele tegemoetkoming in schade, zijn voor rekening van de betrokken initiatiefnemer. Met hen worden hierover bindende afspraken gemaakt, die worden vastgelegd in een anterieure overeenkomst. Om die reden maakt een exploitatieplan geen deel uit van dit bestemmingsplan.

3 juni 2024 | bestemmingsplan ‘Veldbloemenlaan 25, Elburg’ | Witpaard

57

9 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 9.1 Inleiding De procedure voor vaststelling van een bestemmingsplan is geregeld in de Wet ruimtelijke ordening. Aangegeven is dat tussen de gemeente en verschillende instanties waar nodig overleg over het plan moet worden gevoerd, voordat een ontwerpbestemmingsplan ter visie kan worden gelegd. Bovendien is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing verklaard (zienswijzenprocedure).

9.2 Omgevingsdialoog Initiatiefnemer heeft de buurtbewoners vanaf het moment van de eerdere renovatieplannen bij de ontwikkeling betrokken en heeft dit voortgezet toen bekend werd dat renovatie niet toekomstbestendig is en het besluit genomen is om voor nieuwbouw te gaan. De formele contactmomenten hebben plaatsgevonden van april 2022 tot en met september 2023. De ingekomen reacties en hoe hier in de ontwikkeling mee om is gegaan is verwoord in verslag van de omgevingsdialoog welke als bijlage 15 bij deze toelichting is opgenomen. In aanvulling op de antwoorden op de reacties aangaande de noodzaak, situering en verschijningsvorm van de vervangende nieuwbouw wordt ook verwezen naar de onderbouwingen in paragraaf 3.4 en 3.5 van deze toelichting.

9.3 Overleg Conform artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening is dit bestemmingsplan toegestuurd naar de volgende bevoegde instanties: provincie Gelderland, waterschap Vallei en Veluwe en Veiligheidsregio Noord- en Oost Gelderland. Waterschap Vallei en Veluwe en de Veiligheidsregio Noord- en Oost Gelderland hebben positief gereageerd c.q. aangegeven dat er geen aanleiding is tot het maken van opmerkingen. Deze reacties worden daarom hieronder inhoudelijk buiten beschouwing gelaten. Provincie Gelderland Samenvatting reactie De provincie geeft aan dat met de conclusie uit het windonderzoek (versie 9 november 2023) niet voldaan wordt aan de provinciale regelgeving ten aanzien van afwijken van de maximale bouwhoogte binnen de molenbiotoop. Antwoord Het overleg met de provincie over het bouwplan en het uitgevoerde windonderzoek bevindt zich in de afrondende fase. De uitkomst van dit overleg zal de realisatie van de nieuwbouw niet in de weg staan.

9.4 Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan heeft conform afdeling 3.4 Awb gedurende 6 weken ter inzage gelegen van vrijdag 22 december 2023 tot en met donderdag 1 februari 2024 ter inzage gelegen. Gedurende deze periode zijn er vier zienswijze over het ontwerp van het ruimtelijke besluit bij de gemeenteraad naar voren gebracht. De ingekomen zienswijzen en de gemeentelijke beoordeling is verwoord in de als bijlage 16 bij deze toelichting opgenomen zienswijzennota. De zienswijzennota maakt onderdeel uit van het besluit tot vaststelling van dit ruimtelijke plan. Na vaststelling door de gemeenteraad wordt het vaststellingsbesluit bekend gemaakt. Het bestemmingsplan ligt na bekendmaking 6 weken ter inzage. Gedurende deze termijn is er de mogelijkheid voor belanghebbenden beroep in te dienen bij de Afdeling bestuursrechtspraak Raad van State. Het 3 juni 2024 | bestemmingsplan ‘Veldbloemenlaan 25, Elburg’ | Witpaard

58

bestemmingsplan treedt vervolgens daags na afloop van de tervisielegging in werking als er geen beroep is ingesteld. Is er wel beroep ingesteld dan treedt het bestemmingsplan ook in werking, tenzij naast het indienen van een beroepschrift ook om een voorlopige voorziening is gevraagd. De schorsing van de inwerkingtreding eindigt indien de voorlopige voorziening wordt afgewezen. De procedure eindigt met het besluit van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

3 juni 2024 | bestemmingsplan ‘Veldbloemenlaan 25, Elburg’ | Witpaard

59

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=elburg&id=97dc070c-0dd6-45d9-8d6c-441580476d8e