CConstaterende datelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Oordeelsvorming 6 december 2023, gemeente elburg28.484 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Het plangebied: gebiedsbescherming

5.6.2.1 Gevolgen voor de Natura 2000-gebieden Het plangebied is geen onderdeel van een natuur- of groengebied met een beschermde status, zoals Natura 2000. De dichtstbijzijnde Natura 2000-gebieden betreffen de 'Veluwerandmeren' op circa 1,3 km en de 'Veluwe' op circa 2,4 km. In de quickscan wordt aangegeven dat directe negatieve effecten, bijvoorbeeld door aantasting, op voorhand zijn uitgesloten omdat het plangebied niet binnen een Natura 2000-gebied ligt. Gezien de afstand tot Natura 2000-gebieden en de tussengelegen bebouwde kom ten zuiden en agrarische bedrijven ten noorden, zijn effecten als gevolg van verstoring door bijvoorbeeld geluid en trillingen, eveneens op voorhand uitgesloten. In de quickscan worden externe effecten als gevolg van stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden van habitatsoorten door de werkzaamheden en ingebruikname van het plangebied niet op voorhand uitgesloten. Hier wordt in navolgende paragraaf 5.6.2.2 verder op ingegaan. 5.6.2.2 Stikstofdepositie Het nabij gelegen Natura 2000-gebied Veluwe is gevoelig voor stikstofdepositie. In het kader van het bestemmingsplan is een stikstofdepositieberekening uitgevoerd (Rho Adviseurs, nr. 20201611, d.d. 29-06-2023) met behulp van AERIUS-calculator (bijlage 6). De voorliggende uitbreiding van Waterlanden II vindt plaats ten noorden van de nieuwbouwwijk Waterlanden.

Het noordelijk gedeelte van het plangebied is momenteel in gebruik als grasland. Het zuidelijke gedeelte van het plangebied is in gebruik als tuin behorend bij de woningen ten zuiden van het plangebied. Als gevolg van de voorliggende plannen komt het bestaande agrarische gebruik van het noordelijk deel van de gronden te vervallen. In het stikstofonderzoek is zowel de aanlegfase als de exploitatiefase berekend. Op basis van de bovenstaande invoergegevens, zoals beschreven in het stikstofonderzoek, zijn worst-case projectberekeningen gemaakt voor de aanlegfase en voor de gebruiksfase. Uit de projectberekening voor de

66/92

aanlegfase blijkt dat de stikstofdepositie 0,01 mol/ha/jaar bedraagt waardoor sprake is van een relevant effect (zie de berekening in bijlage 1). Negatieve effecten in de vorm van vermesting en verzuring zijn dus mogelijk aan de orde indien op basis van de aangehouden invoergegevens wordt gewerkt . Uit de berekening blijkt dat de aanleg- of exploitatiefase geen negatieve effecten in de vorm van vermesting en verzuring levert (zie de berekening in bijlage 2). Uit controle berekeningen blijkt dat deze overschrijding met name wordt veroorzaakt door het bouwrijp maken van de gronden tijdens de aanlegfase. Dit wordt veroorzaakt door de grote machines die daarvoor gebruikt worden. Op verzoek van de opdrachtgever is voor de aanlegfase aanvullend gerekend naar een maximum hoeveelheid liters brandstof met en zonder het gebruik van SCR-technologie (Adblue), om op deze manier de kaders waarbinnen het plan gerealiseerd moet worden op te stellen.

In dit kader wordt ervan uitgegaan dat de benodigde verkeersbewegingen voor de aanlegfase niet wijzigt en dat de werkzaamheden binnen één rekenjaar worden uitgevoerd: Aanlegfase zonder Adblue In de berekening zonder gebruik van Adblue (0% ingevoerd) wordt aangetoond dat met machines van de stageklasse StageV, >= 2019, 75-560 kW diesel, met een brandstofverbruik van 5.280 liter gedurende 352 uur leidt tot een depositie van 0,00 mol N/hectare/jaar (zie de berekening in bijlage 3). Dit betekent dat als maximaal 5.280 liter brandstof wordt verbruikt zonder de inzet van Adblue een significant negatief effect op stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden uitgesloten kan worden. Aanlegfase met Adblue In de worst-case berekening is in de stikstofdepositieberekening (zie bijlage 6) voor de aanlegfase uitgegaan van 5% Adblue. In de stikstofdepositieberekening wordt op grond van een TNO-rapport geconstateerd dat een dieselmotor met een SCR-installatie in normaal gebruik 3%-6% AdBlue verbruikt in vergelijking tot het verbruik van dieselbrandstof in liters. Om uit te zoeken wat de effecten van verschillende percentages Adblue zijn op het maximum aantal liters in te zetten diesel, zijn berekeningen uitgevoerd met 3%, 5% en 6% Adblue. In navolgend overzicht zijn de resultaten van de verschillende scenario's naast elkaar geplaatst.

Uit de doorrekeningen van de verschillende scenario's blijkt dat de inzet van Adblue bepalend is voor het maximum aantal liters diesel dat kan worden ingezet tijdens de aanlegfase van het plan. In de worstcase-scenario is voor de aanlegfase uitgegaan van een dieselverbruik van 23.680 liter met een inzet van 1.184 liter Adblue (5%). Uit de projectberekening blijkt dat daarmee sprake is van een relevant effect is op stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden. Wanneer wordt uitgegaan van een inzet van 3% of 5% Adblue blijkt het maximale dieselverbruik lager te zijn dan het benodigde dieselverbruik. In die gevallen zou een deel van de aanlegfase elektrisch uitgevoerd moeten worden. Uitgaande van de inzet van 6% Adblue kan tijdens de aanlegfase maximaal 24.900 liter diesel worden verbruikt. Dit is hoger dan het benodigd hoeveelheid diesel op basis van het worstcase-scenario.

67/92

Conclusie Uit de stikstofberekening blijkt dat de exploitatiefase geen negatieve effecten in de vorm van vermesting en verzuring levert. Aanvullend is aangetoond dat de woningen gerealiseerd kunnen worden (aanlegfase) als de hoeveelheid in te zetten dieselverbruik wordt gemaximaliseerd. Wanneer daaraan voldaan wordt kan een significant effect op stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden voorkomen worden. Uit de berekeningen blijkt daarom dat, met bovengenoemde randvoorwaarden, de stikstofdepositie nergens hoger is dan afgerond 0,00 mol/ha/jaar en er derhalve geen relevant effect is. Negatieve effecten in de vorm van vermesting en verzuring zijn derhalve niet aan de orde. Voor dit plan geldt geen vergunningplicht op basis van de Wet natuurbescherming (Wnb). Bij het aanbesteden van de aanlegwerkzaamheden (en dan met name het bouwrijp maken) zal het dieselverbruik en het gebruik van Adblue als randvoorwaarde worden meegenomen bij opdrachtverlening. Bij opdrachtverlening zal door de uitvoerder aangetoond moeten worden dat aan de genoemde hoeveelheden en uren kan worden voldaan. Een andere mogelijkheid is dat door middel van een gespecificeerde stikstofdepositieberekening wordt aangetoond dat tijdens de aanlegfase geen significante effecten ontstaan. Via een privaatrechtelijke overeenkomst met de uitvoerder wordt dit vastgelegd.

Het project vormt daarmee geen belemmering in het kader van de Wnb. Het deelaspect stikstof vormt geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling. 5.6.2.3 Gelders Natuurnetwerk (GNN) en Groene Ontwikkelingszone (GO) In de quickscan, zoals opgenomen in bijlage 5 van deze toelichting, wordt aangegeven dat het dichtstbijzijnde GNN-gebied zich op ongeveer 300 m ten noorden van het plangebied bevindt. Zoals in paragraaf 3.2.2 ook al is aangegeven maakt het noordelijke deel van het plangebied deel uit van de Groene ontwikkelingszone (GO). Conclusie In de quickscan wordt geconcludeerd dat van negatieve effecten op het GNN als gevolg van de voorgenomen ingreep geen sprake is. Vervolgstappen zijn niet aan de orde. Met betrekking tot de GO wordt in de quickscan geconcludeerd dat het ruimtebeslag getoetst moet worden aan de Geconsolideerde Omgevingsverordening Gelderland. Uit deze toetsing zal blijken of het voornemen past binnen de doelstellingen van de GO en of mogelijke vervolgstappen aan de orde zijn. In paragraaf 4.5 wordt aangetoond dat er sprake is van een goede landschappelijke inpassing met inachtneming van de kernkwaliteiten. Er is geen compensatie nodig. Het aspect gebiedsbescherming vormt geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling.

68/92

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=elburg&id=a10036af-a822-472f-be17-a4725b94aa29