CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Vastgesteld besluit Raadsvoorstel Verordeningen gemeentelijke belastingen heffingen en rechten 2026

Raadsvergadering 4 november 2025, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Verordeningen gemeentelijke belastingen, heffingen en rechten 202625.274 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning in ieder geval verschuldigd: Paragraaf 15 In dit hoofdstuk niet benoemd besluit op aanvraag 2.62.1

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag

€ 389,00

om een andere in dit hoofdstuk niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking bedraagt 2.62.2

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag als bedoeld in deze paragraaf wordt verhoogd, ingeval van een beoordeling van aanvullende gegevens wegens indiening van een niet complete aanvraag, met

75

€ 145,00

Inboeknummer

8015989_02

Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder de Europese Dienstenrichtlijn of Telecomcode

Artikel

Omschrijving

Tarief

Paragraaf 1 Horeca- of slijtersbedrijf 3.1.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 1.336,00

nemen van een aanvraag om een vergunning ingevolge artikel 3, eerste lid van de Alcoholwet 3.1.2.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 891,00

nemen van een aanvraag om een wijziging van een vergunning als bedoeld in 3.1.1, niet zijnde een wijziging als bedoeld onder 3.1.2.2, 3.1.2.3 of 3.1.2.4 3.1.2.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 391,00

nemen van een aanvraag om een wijziging van één of twee leidinggevenden in een vergunning als bedoeld in artikel 3.1.1 3.1.2.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 563,00

nemen van een aanvraag om een wijziging van drie of meer leidinggevenden in een vergunning als bedoeld in artikel 3.1.1 3.1.2.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 718,00

nemen van een aanvraag om een wijziging van de inrichtingseisen als bedoeld in artikel 3.1.1 3.1.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 156,00

nemen van een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet Exploitatie-

3.1.4.1

vergunning

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 1.071,00

nemen van een aanvraag om een vergunning ingevolge artikel 2:28 van de Algemene Plaatselijke Verordening Eindhoven 3.1.4.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een wijziging van een vergunning als bedoeld in artikel

76

€ 891,00

Inboeknummer

8015989_02

3.1.4.1 , niet zijnde een wijziging als bedoeld in de artikelen 3.1.4.3 en 3.1.4.4 3.1.4.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 383,00

nemen van een aanvraag om een wijziging van een of twee leidinggevenden in een vergunning als bedoeld in artikel 3.1.4.1 3.1.4.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 563,00

nemen van een aanvraag om een wijziging van drie of meer leidinggevenden in een vergunning als bedoeld in artikel 3.1.4.1 3.1.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 891,00

nemen van een aanvraag om een terrasvergunning, ingevolge artikel 2:28 van de Algemene Plaatselijke Verordening Eindhoven, indien en voor zover de tarieven in de artikelen 3.1.1 en 3.1.4.1 niet van toepassing zijn 3.1.5.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 574,00

nemen van een aanvraag om een wijziging van een terrasvergunning als bedoeld in artikel 3.1.5, indien en voor zover de tarieven in de artikelen 3.1.2.1 en 3.1.4.2 niet van toepassing zijn 3.1.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 374,00

nemen van een aanvraag om het inmeten van terras en/of inrichtingseisen ten behoeve van een aanvraag als bedoeld in artikel 3.1.1, 3.1.4.1 en/of 3.1.5 Ontheffing

3.1.7.1

sluitingsuur

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 754,00

nemen van een aanvraag om een ontheffing van het tijdstip van sluiting van een voor het publiek toegankelijke inrichting, als bedoeld in artikel 2:29 van de Algemene Plaatselijke Verordening Eindhoven 3.1.7.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een ontheffing van het tijdstip van sluiting van een voor het publiek toegankelijke inrichting, vanwege

77

€ 194,00

Inboeknummer

8015989_02

het 12,5- of 25-jarig jubileum van de horecaondernemer en zijn zaak, als bedoeld in artikel 2:29 van de Algemene Plaatselijke Verordening Eindhoven 3.1.7.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 302,00

nemen van een aanvraag om een ontheffing van het tijdstip van sluiting van een voor het publiek toegankelijke inrichting, zijnde een incidentele ontheffing discotheek, als bedoeld in artikel 2:29 van de Algemene Plaatselijke Verordening Eindhoven 3.1.7.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 302,00

nemen van een aanvraag om een ontheffing van het tijdstip van sluiting van een voor het publiek toegankelijke inrichting, zijnde een incidentele ontheffing (verlaatje), als bedoeld in artikel 2:29 van de Algemene Plaatselijke Verordening Eindhoven 3.1.7.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 655,00

nemen van een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 4:18 van de Algemene Plaatselijke Verordening Eindhoven Loketverkoop

3.1.8

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 171,00

nemen van een aanvraag om een vergunning ingevolge artikel 5:21a van de Algemene Plaatselijke Verordening Eindhoven 3.1.9

Het tarief voor het in behandeling nemen

€ 276,00

van een aanvraag als bedoeld in deze paragraaf wordt verhoogd, ingeval van een beoordeling van aanvullende gegevens wegens indiening van een niet complete aanvraag, met Speelgelegenheden

3.1.10

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning ingevolge artikel 2.39 van de Algemene Plaatselijke Verordening Eindhoven

Paragraaf 2 Organiseren evenementen

78

€ 1.096,00

Inboeknummer 3.2.1

8015989_02

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning ingevolge artikel 2:25 van de Algemene Plaatselijke Verordening Eindhoven voor het organiseren van een:

3.2.1.1

meldingsplichtig evenement

€ 0,00

(vergunningsvrij); 3.2.1.2

categorie A, laag risico-evenement;

€ 536,00

3.2.1.3

categorie B, gemiddeld risico-evenement;

€ 2.679,00

3.2.1.4

categorie C, hoog risico-evenement;

€ 26.781,00

conform de categorieën zoals nader gedefinieerd in het bij deze Tarieventabel behorende “Overzicht criteria voor risicoanalyse evenementen”. 3.2.2

In afwijking van artikel 3.2.1 is voor een categorie C-evenement, hoog risicoevenement, indien voor hetzelfde evenement een vergunning wordt aangevraagd als in elk van de twee voorgaande kalenderjaren en waarvoor beide jaren een vergunning is verleend, 60% van het onder 3.2.1 genoemde tarief verschuldigd.

Paragraaf 3 Prostitutiebedrijven 3.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 3.214,00

nemen van een aanvraag om een vergunning ingevolge artikel 3.2.1 van de Algemene Plaatselijke Verordening Eindhoven aangaande de exploitatie van een seksinrichting of escortbedrijf 3.3.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een wijziging van een vergunning als bedoeld in artikel 3.3.1 zonder volledige toetsing, niet zijnde een wijziging als bedoeld in de artikelen 3.3.3 en 3.3.4

79

€ 1.190,00

Inboeknummer 3.3.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

8015989_02 € 391,00

nemen van een aanvraag om een wijziging van één of twee beheerders in een vergunning als bedoeld in artikel 3.3.1 3.3.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 563,00

nemen van een aanvraag om een wijziging van drie of meer beheerders in een vergunning als bedoeld in artikel 3.3.1 3.3.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 374,00

nemen van een aanvraag om het inmeten van inrichtingseisen ten behoeve van een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 3.3.1 3.3.6

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag als bedoeld in deze paragraaf wordt verhoogd, ingeval van een beoordeling van aanvullende gegevens wegens indiening van een niet complete aanvraag, met

Paragraaf 4 Vermindering en teruggaaf 3.4.1

Indien een aanvrager zijn aanvraag om vergunning of ontheffing als bedoeld in artikel 3.1 tot en met 3.3, intrekt en nog geen adviezen zijn uitgezet en/of geen inhoudelijke beoordeling heeft plaats gevonden terwijl de aanvraag wel ontvankelijk is, wordt 20% van het tarief van de op grond van die artikelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges in rekening gebracht.

3.4.2

Indien een aanvrager zijn aanvraag om vergunning of ontheffing als bedoeld in artikel 3.1 tot en met 3.3 intrekt, terwijl reeds adviezen zijn uitgezet en/of een inhoudelijke beoordeling heeft plaats gevonden door de gemeente, wordt 85% van het tarief van de op grond van die artikelen

80

€ 323,00

Inboeknummer

8015989_02

voor de betreffende activiteit verschuldigde leges in rekening gebracht. 3.4.3

Indien op een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 3.2 afwijzend wordt beschikt, wordt op verzoek binnen een jaar na besluitvorming, teruggaaf van de geheven leges verleend van 15%.

3.4.4

Een bedrag van minder dan € 100,- komt niet in aanmerking voor teruggaaf.

3.4.5

Bij de toepassing van deze paragraaf is voor

€ 100,00

het in behandeling nemen van de aanvraag om de vergunning in ieder geval verschuldigd: Paragraaf 5 Huisvesting 3.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

Onttrekking

3.5.1

vervallen

Samenvoeging

3.5.2

vervallen

Omzetting

3.5.3

vervallen

Woningvorming

3.5.4

vervallen

Splitsings-

3.5.5

vervallen

3.5.6

om een woonruimte in gebruik te geven

vergunning Verhuurvergunning opkoop-

binnen 4 jaar na de datum van inschrijving in

bescherming

de openbare registers in de akte van levering

€ 281,00

van de woonruimte aan de nieuwe eigenaar als bedoeld in artikel 41, eerste lid, van de Huisvestingswet 2014 3.5.7

tot het overschrijven van een verleende vergunning ingevolge de Regionale NoodHuisvestingsverordening en de Regionale Huisvestingsverordening SRE

81

€ 374,00

Inboeknummer 3.5.8

8015989_02

Teruggaaf van de ingevolge deze paragraaf geheven leges wordt verleend indien: a. op een aanvraag om vergunning afwijzend wordt beschikt; of b. een aanvraag om vergunning wordt ingetrokken, voordat hierop een beslissing is genomen; of c. de vergunning wordt ingetrokken, omdat daarvan geen gebruik wordt gemaakt; en het verzoek uiterlijk één jaar na

15%

dagtekening van de afwijzing dan wel de intrekking van de aanvraag of de vergunning, is ontvangen, waarbij een teruggaaf wordt verleend van 3.5.9

Een bedrag van minder dan € 100,- komt niet in aanmerking voor teruggaaf.

3.5.10

Bij de toepassing van deze paragraaf is voor

€ 100,00

het in behandeling nemen van de aanvraag om de vergunning in ieder geval verschuldigd: Paragraaf 6 Telecommunicatie, kabels en leidingen Instemmings-

3.6.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

besluit Tele-

nemen van een melding tot het verkrijgen

communicatie-

van instemming omtrent plaats, tijdstip en

wet

werkwijze van uitvoering van

€ 513,39

werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid, van de Telecommunicatiewet en artikel 3.3 van de Algemene verordening ondergrondse infrastructuur gemeente Eindhoven 2022 3.6.2

Het tarief als bedoeld in artikel 3.6.1 wordt verhoogd met een basisbedrag per strekkende meter van

82

€ 2,10

Inboeknummer 3.6.3

8015989_02

Het tarief als bedoeld in de artikelen 3.6.1 en 3.6.2 wordt verminderd met 50%, indien a. een melding wordt ingetrokken, voordat hierop een beslissing is genomen; of b. een melding buiten behandeling wordt gesteld.

3.6.4

In afwijking van de artikelen 3.6.1 en 3.6.2 bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een melding tot het verkrijgen van instemming, na aanvang of gereedkomen van de aanleg, instandhouding of verwijdering van kabels, 150% van de leges, zoals deze op grond van die artikelen geheven zouden zijn bij een vooraf ingediende melding.

Vergunning

3.6.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

kabels en

nemen van een aanvraag om een vergunning

leidingen

voor het aanleggen, onderhouden, verleggen

€ 513,39

of verwijderen van kabels of leidingen als bedoeld in artikel 2.3 van de Algemene verordening ondergrondse infrastructuur gemeente Eindhoven 2022 3.6.6

Het tarief als bedoeld in artikel 3.6.5 wordt verhoogd met een basisbedrag per strekkende meter van

3.6.7

Het tarief als bedoeld in de artikelen 3.6.5 en 3.6.6 wordt verminderd met 50%, indien a. een aanvraag wordt ingetrokken, voordat hierop een beslissing is genomen; of b. een aanvraag buiten behandeling wordt gesteld.

3.6.8

In afwijking van de artikelen 3.6.5 en 3.6.6 bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag, na aanvang of gereedkomen van de aanleg, instandhouding of verwijdering van kabels, 150% van de

83

€ 2,10

Inboeknummer

8015989_02

leges, zoals deze op grond van die artikelen geheven zouden zijn bij een vooraf ingediende aanvraag. Paragraaf 7 Standplaats Standplaats-

3.7.1

vergunning

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een standplaatsvergunning of ontheffing ingevolge artikel 5:18 van de Algemene Plaatselijke Verordening Eindhoven

3.7.1.1

voor 1 dag

€ 298,00

3.7.1.2

voor meerdere dagen

3.7.1.3

voor 1 dag en met een maatschappelijk doel

€ 150,00

3.7.1.4

voor meerdere dagen met een

€ 262,00

€ 1.060,00

maatschappelijk doel 3.7.2

Het tarief voor het in behandeling nemen

€ 145,00

van een aanvraag als bedoeld in deze paragraaf wordt verhoogd, ingeval van een beoordeling van aanvullende gegevens wegens indiening van een niet complete aanvraag, met 3.7.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 46,00

nemen van een aanvraag tot wijziging van datum(s) en/of locatie, na verlening van de standplaatsvergunning Paragraaf 8 Winkeltijdenwet Ontheffing

3.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

€ 540,00

nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een incidentele ontheffing ingevolge de Winkeltijdenwet 3.8.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een permanente ontheffing (avondwinkel) ingevolge de Winkeltijdenwet

84

€ 1.096,00

Inboeknummer

8015989_02

Paragraaf 9 Inzamelen afvalstoffen Vergunning

3.9.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling

inzamelen

nemen van een aanvraag tot het verkrijgen

afvalstoffen

van een vergunning voor het inzamelen van

€ 175,00

afvalstoffen ingevolge artikel 11 van de Afvalstoffenverordening gemeente Eindhoven (oud papier) 3.9.2

Het tarief voor het in behandeling nemen

€ 145,00

van een aanvraag als bedoeld in deze paragraaf wordt verhoogd, ingeval van een beoordeling van aanvullende gegevens wegens indiening van een niet complete aanvraag, met Paragraaf 10 In dit hoofdstuk niet benoemd besluit op aanvraag 3.10.1

Het tarief voor het in behandeling nemen

€ 379,00

van een aanvraag om een andere in dit hoofdstuk niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking bedraagt 3.10.2

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag als bedoeld in deze paragraaf wordt verhoogd, ingeval van een beoordeling van aanvullende gegevens wegens indiening van een niet complete aanvraag, met

85

€ 145,00

Inboeknummer

8015989_02

Overzicht criteria voor gebruik openbare grond (t.a.v. hoofdstuk 1, Paragraaf 4 van de Tarieventabel van de Legesverordening vergunningen 2026) Categorie

Omschrijving

Klasse A

- Gebruik van de openbare ruimte; - Intensieve afstemming met omgeving noodzakelijk; - Advisering van overheidsdiensten noodzakelijk in het kader van de vergunningverlening; - Samenstel van activiteiten zoals damwanden, ontgravingen, bouwkranen, opslag materialen, tijdelijke inritten; - Meerdere voorbesprekingen overheidsdiensten met eventuele aannemer; - Gelegen in een gebied met meerdere functies zoals woningen, winkels, horeca; - Verkeersmaatregelen op doorgaande wegen noodzakelijk; - Veiligheidsplan benodigd.

Klasse B

- Gebruik van de openbare ruimte; - Gelegen in een gebied waarbij gebruik openbare ruimte beperkte invloed heeft op de directe omgeving; - Verkeersmaatregelen op doorgaande wegen noodzakelijk; - Voorbespreking overheidsdiensten met eventuele aannemer noodzakelijk; - Samenstel van activiteiten zoals damwanden, ontgravingen, bouwkranen, opslag materialen, tijdelijke inritten; - Eventueel veiligheidsplan benodigd.

Klasse C

- Gebruik van de openbare ruimte; - De openbare ruimte wordt gebruikt in het kader van verbouwing of renovatie van een complex van objecten (woning of bedrijfsruimte); - Gelegen in een gebied waarbij het gebruik van de openbare ruimte geen invloed heeft op de directe omgeving; - Geen verkeersmaatregelen noodzakelijk, geen voorbespreking overheidsdiensten met eventuele aannemer noodzakelijk.

86

Inboeknummer

8015989_02

Overzicht criteria voor risicoanalyse evenementen (t.a.v. hoofdstuk 3, Paragraaf 2 van de Tarieventabel van de Legesverordening vergunningen 2026)

Categorie evenement

Omschrijving

Categorie A

Vergunningplichtig Laag risico-evenement, waarbij sprake is van een beperkte impact op de omgeving en de gevolgen voor het verkeer beperkt zijn.

Categorie B

Vergunningplichtig Gemiddeld risico-evenement, waarbij sprake is van een grote impact op de directe omgeving en/of gevolgen voor het verkeer.

Categorie C

Vergunningplichtig Hoog risico-evenement, waarbij sprake is van een grote impact op de stad en/of regionale gevolgen voor het verkeer.

Deze tarieventabel maakt onderdeel uit van en behoort bij het raadsbesluit van 4 november 2025 tot vaststelling van de Legesverordening vergunningen 2026.

J. Jongbloed, griffier.

87

Inboeknummer

8015989_02

Referentielijst bouwkosten omgevingsvergunning 2026

In € excl. Bouwactiviteit

BTW

Eenheid

I

Bedrijfshallen met gemetselde wandconstructie

a.

Bedrijfshal tot 3 meter hoog

118,00

per m3

b.

Bedrijfshal tussen 3 en 6 meter hoog

70,00

per m3

c.

Bedrijfshal bijzondere constructies

81,00

per m3

d.

Tussenvloer in de hal extra

100,00

per m3

e.

Bedrijfskantoor in de hal

241,00

per m3

II

Eenvoudig uitgevoerde bedrijfshallen (systeembouw)

a.

Hal hoogte tot en met 6 meter

70,00

per m3

b.

Hal hoogte tussen de 6 en 9 meter

59,00

per m3

c.

Hal hoger dan 9 meter, oppervlak kleiner dan 53,00

per m3

en groter

47,00

per m3

e.

Kantoorvloer in de hal extra

153,00

per m2

f.

Open loods

153,00

per m2

g.

Semi-permanente unit

241,00

per m3

h.

Bedrijfskantoor in de hal

241,00

per m3

III

Overige bedrijfsgebouwen

a.

Showroom

200,00

per m3

b.

Winkel

340,00

per m3

10.000 m2 d.

Hal hoger dan 9 meter, oppervlak 10.000 m2

88

Inboeknummer

8015989_02

c.

Kantoor oppervlak tot 1.000 m2

340,00

per m3

d.

Kantoor oppervlak 1.000 tot 5.000 m2

325,00

per m3

e.

Kantoor oppervlak 5.000 m2 en groter

303,00

per m3

f.

Bouwmarkt

153,00

per m3

g.

Horecapand

311,00

per m3

IV

Overige utiliteitsgebouwen

a.

Sporthal

305,00

per m3

b.

Kleedgebouwen

281,00

per m3

c.

Scholen / kinderdagverblijven

270,00

per m3

d.

Noodscholen

223,00

per m3

e.

Zorgfunctie (kleinschalig)

404,00

per m3

f.

Interne wijzigingen overige gebouwen

118,00

per m3

g.

Gevelwijzigingen overige gebouwen

715,00

per m3

V

Woninguitbreiding en verbouwingen

a.

Dakkapel

1.314,00

per m1

b.

Uitbreiding woonruimte / dakopbouw

346,00

per m3

c.

Verandering woonruimte (inpandig)

158,00

per m3

d.

Gevelwijziging

709,00

per m2

e.

Nieuw dak

141,00

per m2

f.

Serre

686,00

per m2

VI

Bijgebouwen

a.

Berging / garage met plat dak

158,00

per m3

b.

Berging / garage met kapconstructie

147,00

per m3

89

Inboeknummer

8015989_02

c.

Carport / overkapping

188,00

per m2

d.

Tuinhuisje (prefab)

176,00

per m2

e.

Zwembad

662,00

per m3

VII

Tuin- en straatmeubilair

a.

Houten schutting / pergola

82,00

per m1

b.

Gemetselde tuinmuur

147,00

per m1

c.

Gaashekwerk

59,00

per m1

d.

Tuinmuur hout en / of metselwerk

112,00

per m1

e.

Schotelantenne

1.184,00

per stuk

VIII

Transformatie utiliteitsbouw naar woonruimte

a.

Per m2 gebruiksoppervlak

384,00

per m2

IX

Wijziging gebruik wonen naar kamerverhuur

a.

Per m2 gebruiksoppervlak

85,00

per m2

X

Woningsplitsing

a.

Per m2 gebruiksoppervlak

231,00

per m2

XI

Nieuwbouw woningen

a.

Rijenwoningen (project)

252,00

per m3

b.

Halfvrijstaande woningen (project)

248,00

per m3

c.

Halfvrijstaande woningen

305,00

per m3

d.

Bungalows

364,00

per m3

e.

Vrijstaande woningen

350,00

per m3

f.

Appartementencomplex

342,00

per m3

g.

Woonwagen (ongeacht nieuw of oud)

228,00

per m3

90

Inboeknummer

8015989_02

h.

Recreatiewoning

228,00

per m3

i.

Tiny houses (ongeacht nieuw of oud)

228,00

per m3

j.

(Tijdelijke) woonunit (ongeacht nieuw of oud)

228,00

per m3

k.

Kelder

265,00

per m3

XII

Parkeerkelders

a.

Geheel boven de grond

129,00

per m3

b.

Deels onder en deels boven de grond

206,00

per m3

c.

Geheel onder de grond

276,00

per m3

d.

(Parkeer)kelder onder gebouw

136,00

per m3

e.

Ondergrondse fietsenstalling

277,00

per m3

XIII

Agrarische gebouwen

a.

Opslagloods agrarische (spouwmuur

252,00

per m2

traditioneel) b.

Opslagloods (houten gevels)

136,00

per m2

c.

Opslagloods (betonnen gevels)

136,00

per m2

d.

Prefab werktuigen- opslagloods (stalen gevels)

112,00

per m2

e.

Prefab veldschuur open (stalen gevels)

65,00

per m2

h.

Paardenstal (traditioneel metselwerk)

709,00

per m2

i.

Manege (rijhal) (traditioneel metselwerk)

346,00

per m2

Deze referentielijst maakt onderdeel uit van en behoort bij het raadsbesluit van 4 november 2025 tot vaststelling van de Legesverordening vergunningen 2026.

J. Jongbloed, griffier.

91

Inboeknummer

8015989_02

Raadsbesluit

Raadsbesluit De raad van de gemeente Eindhoven; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 16 september 2025;

gelet op de behandeling in de meningsvormende vergadering van 28 oktober 2025; mede gelet op artikel 228 van de Gemeentewet; besluit vast te stellen de

Verordening op de heffing en de invordering van de precariobelasting 2026 Artikel 1. Definities In deze verordening wordt verstaan onder: a.

jaar: een kalenderjaar;

b.

kwartaal: een kalenderkwartaal;

c.

maand: een kalendermaand;

d.

week: een periode van zeven aaneengesloten dagen;

e.

dag: een etmaal, en in afwijking hiervan voor zover het betreft de flexibele standplaatsen (onderdeel 3.1.3 van de tarieventabel): het tijdvak van 8:00 uur tot 22:00 uur;

f.

vergunning: een door het gemeentebestuur verleende en in een gemeentelijke registratie opgenomen toestemming op grond waarvan een (rechts)persoon een of meer voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond mag hebben;

g.

terras: een geheel van tafels, stoelen of andere roerende zaken, die de belastingplichtige buitenshuis opstelt om anderen in de gelegenheid te stellen ter plaatse iets te nuttigen;

h.

bouwplaats: een afgebakend terrein voor toekomstige, lopende of gerealiseerde bouwwerkzaamheden en/of overige (aanleg)werkzaamheden.

Artikel 2. Aard van de heffing en belastbaar feit Onder de naam ‘precariobelasting’ wordt een directe belasting geheven ter zake van het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, bedoeld of genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

Artikel 3. Belastingplicht

92

Inboeknummer 1.

8015989_02

De precariobelasting wordt geheven van degene die het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft, dan wel van degene ten behoeve van wie dat voorwerp of die voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond aanwezig zijn.

2.

Voor de toepassing van het eerste lid wordt voor de onderdelen van een onroerende zaak als bedoeld in onderdeel 5.1.1 van de tarieventabel, als degene die het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft, dan wel van degene ten behoeve van wie dat voorwerp of die voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond aanwezig zijn aangemerkt, de eigenaar van de onroerende zaak of zaken waarvan het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond onderdeel uitmaakt of maken.

3.

In afwijking in zoverre van het eerste en tweede lid wordt, indien de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, degene aan wie de vergunning is verleend of aan wie die vergunning, met bijbehorende gewijzigde tenaamstelling, is overgedragen, aangemerkt als degene bedoeld in het eerste lid, tenzij blijkt dat hij niet het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft.

Artikel 4. Maatstaf van heffing en belastingtarief De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel, met inachtneming van het overigens in deze verordening bepaalde.

Artikel 5. Vrijstellingen 1.

De belasting wordt niet geheven ter zake van het hebben van: a.

voorwerpen, indien de gemeente ter zake van het gebruik van de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond waarop het voorwerp of de voorwerpen zich bevinden een recht heft op grond van artikel 229, eerste lid, onderdeel a, van de Gemeentewet, dan wel een privaatrechtelijke vergoeding is overeengekomen;

b.

voorwerpen, welke rechtens moeten worden gedoogd;

c.

voorwerpen, gebruikt voor activiteiten met een politiek, godsdienstig, sociaal of weldadig doel en, voor zover geen sprake is van een directe of indirecte commerciële (neven)activiteit, voor activiteiten met een sportief, cultureel of recreatief doel;

d.

brievenbussen en telefooncellen;

93

Inboeknummer e.

8015989_02

voorwerpen ten dienste van de gemeente of haar instellingen, alsmede het hebben van buizen, leidingen en kabels ten dienste van huisaansluitingen voor riolering, gas, water en elektriciteit;

f.

containers, die zijn geplaatst voor recyclingdoeleinden, welke voor gratis publiek gebruik zijn bestemd en onderdeel zijn van de gemeentelijke inzamelstructuur voor huishoudelijke afvalstoffen;

g. 2.

oplaadpunten voor elektrische voertuigen (E-laadpalen).

Vervallen.

Artikel 6. Berekening van de precariobelasting 1.

Voor de berekening van de precariobelasting wordt met betrekking tot een in de tarieventabel genoemde lengte- of oppervlaktemaat een gedeelte daarvan als een volle eenheid aangemerkt.

2.

Indien een tarief per oppervlakte is vastgesteld, wordt de precariobelasting berekend naar de oppervlakte van de horizontale projectie van de voorwerpen, tenzij anders is bepaald.

3.

De oppervlakte van andere dan rechthoekige voorwerpen wordt gesteld op het product van de twee aangrenzende zijden van een om het voorwerp geplaatste denkbeeldige rechthoek.

4.

Indien de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, wordt voor de berekening van de precariobelasting aangesloten bij de maatvoering zoals opgenomen in die vergunning alsmede bij de geldigheidsduur van die vergunning, tenzij blijkt dat het belastbaar feit zich gedurende een kortere periode heeft voorgedaan doordat de vergunning is ingetrokken, vervallen of gewijzigd. In dat geval bestaat aanspraak op ontheffing, waarbij het derde lid, van overeenkomstige toepassing is.

5.

Indien in de tarieventabel voor een voorwerp tarieven voor verschillende tijdseenheden zijn opgenomen, wordt de precariobelasting berekend op de voor de belastingplichtige meest voordelige wijze.

6.

Bij het plaatsen op voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond van voorwerpen van welke aard ook, wordt de ruimte tussen deze voorwerpen mede geacht te zijn ingenomen of aan de openbare dienst te zijn onttrokken, waardoor voor deze ruimte evenzeer sprake is van belastingplicht als bedoeld in artikel 3.

7.

Indien, een bouwplaats wordt afgesloten, wordt de gehele hierbinnen gelegen voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond geacht te zijn ingenomen of aan het verkeer te zijn onttrokken, waardoor voor het geheel van deze gemeentegrond sprake is van belastingplicht als bedoeld in artikel 3.

8.

In afwijking van het bepaalde in artikel 1 wordt voor de berekening van de precariobelasting:

94

Inboeknummer a.

8015989_02

indien in de tarieventabel voor een voorwerp wel een weektarief maar geen dagtarief is opgenomen, een gedeelte van een week gelijkgesteld met een week;

b.

indien in de tarieventabel voor een voorwerp wel een maandtarief maar geen dagof weektarief is opgenomen, een gedeelte van een maand gelijkgesteld met een maand.

9.

Indien in de tarieventabel voor een voorwerp een dagtarief, weektarief of maandtarief is opgenomen en het belastingtijdvak een langere periode dan een dag, onderscheidenlijk een week of een maand omvat, gelden deze tarieven per dag, onderscheidenlijk week of maand van het belastingtijdvak.

10.

Bij de berekening van de in een kalenderjaar verschuldigde precariobelasting voor een voorwerp geldt, indien een jaartarief is opgenomen, het jaartarief als maximale rekeneenheid.

Artikel 7. Belastingtijdvak 1.

In de gevallen waarin de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, is het belastingtijdvak de periode waarvoor de vergunning is verleend, met dien verstande dat bij een kalenderjaaroverschrijdende geldigheidsduur van de vergunning het belastingtijdvak gelijk is aan het kalenderjaar.

2.

In andere dan de in het eerste lid bedoelde gevallen, is het belastingtijdvak de in het belastingjaar gelegen aaneengesloten periode gedurende welke het belastbaar feit zich voordoet of heeft voorgedaan.

Artikel 8. Wijze van heffing De belasting wordt geheven: a.

bij wege van aanslag voor de belasting betrekking hebbende op voorwerpen, die in de tarieventabel worden genoemd in de hoofdstukken 1, 2, 3 met uitzondering van voorwerpen als bedoeld in onderdelen 3.1.2 en 3.1.3 van de tarieventabel, 4, 5, en in hoofdstuk 7 in de onderdelen 7.1.1, 7.1.2 en 7.1.4;

b.

bij wege van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving voor de belasting betrekking hebbende op voorwerpen, die in de tarieventabel worden genoemd in hoofdstuk 3 in onderdeel 3.1.2 en in hoofdstuk 7 in de onderdelen 7.1.3 en 7.1.5. Het gevorderde bedrag wordt door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingplichtige bekendgemaakt.

c.

bij wege van een gedagtekende digitale kennisgeving voor de belasting betrekking hebbende op voorwerpen, die in de tarieventabel worden genoemd in hoofdstuk 3 in onderdeel 3.1.3. Het gevorderde bedrag wordt langs elektronische weg aan de belastingschuldige bekendgemaakt.

95

Inboeknummer

8015989_02

Artikel 9. Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang 1.

In de gevallen bedoeld in artikel 7, eerste lid, is de precariobelasting verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.

2.

Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt is de naar jaartarieven geheven precariobelasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelte van de voor dat tijdvak verschuldigde belasting als er in dat tijdvak, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.

3.

Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor de naar jaartarieven geheven precariobelasting voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat tijdvak verschuldigde precariobelasting als er in dat tijdvak, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.

4.

Voor belastingbedragen, die bij wege van aanslag worden geheven, vindt voor bedragen tot € 10,- geen invordering plaats.

5.

Voor de toepassing van het vorige lid wordt het totaal van op één aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen precariobelasting of andere heffingen aangemerkt als één belastingbedrag.

Artikel 10. Termijnen van betaling 1.

In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet een aanslag worden betaald in één termijn, die vervalt op de laatste dag van de maand volgend op die, welke in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld.

2.

In afwijking van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, meer is dan € 25,-, doch minder is dan € 9.000,- en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.

3.

In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet de precariobelasting, ingeval de heffing plaats vindt middels een kennisgeving als bedoeld in artikel 8, aanhef en onder b, worden betaald binnen 30 dagen na de dagtekening van de kennisgeving.

4.

In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet de precariobelasting, ingeval de heffing plaats vindt middels een kennisgeving als bedoeld in artikel 8, aanhef en onder c, terstond worden betaald.

5.

Met betrekking tot een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c, van de Invorderingswet 1990, met een belastingaanslag gelijkgestelde beschikking inzake een bestuurlijke boete is het eerste lid van overeenkomstige toepassing, voor zover deze gelijktijdig wordt opgelegd met de vaststelling van de aanslag.

96

Inboeknummer 6.

8015989_02

De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Artikel 11. Kwijtschelding Bij de invordering van de precariobelasting wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 12. Overgangsrecht, inwerkingtreding en citeertitel 1.

De ‘Verordening precariobelasting 2025’, vastgesteld bij raadsbesluit van 5 november 2024, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

2.

Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van de bekendmaking.

3.

De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.

4.

Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening precariobelasting 2026’.

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 4 november 2025.

J. Jongbloed, griffier.

97

Inboeknummer

8015989_02

Tarieventabel 2026 (behorende bij de ‘Verordening precariobelasting 2026’)

Indeling tarieventabel Hoofdstuk 1

Bouwmaterialen en dergelijke

Hoofdstuk 2

Terrassen

Hoofdstuk 3

Goederen, materialen, wagens, kramen en dergelijke

Hoofdstuk 4

Reclame

Hoofdstuk 5

Onderdelen van een onroerende zaak

Hoofdstuk 6

Vervallen

Hoofdstuk 7

Overige voorwerpen

Hoofdstuk 1 Bouwmaterialen en dergelijke 1.1

Het tarief bedraagt voor het hebben van een of meer

1.1.1

laad- of losinrichtingen, hijskranen, transportbruggen en/of soortgelijke inrichtingen, per m2 ingenomen grondoppervlak a. per maand:

€ 1,50

b. per jaar: 1.1.2

1.1.3

€ 12,00

stelconplaten, per m2 ingenomen grondoppervlak a. per maand:

€ 1,50

b. per jaar:

€ 12,00

bouwplaatsen, schuttingen, steigers of dergelijke getimmerten, directieketen, directiewagens, schaftwagens, werk- en bergloodsen, containers en

98

Inboeknummer

8015989_02

dergelijke, alsmede de opslag van bouwmaterialen, per m2 ingenomen grondoppervlak a. per maand:

€ 6,50

b. per jaar:

€ 52,00

Hoofdstuk 2 Terrassen 2

Het tarief bedraagt voor het hebben van een terras voor cafés, restaurants en dergelijke inrichtingen, per m2 ingenomen grondoppervlak,

a.

in gebied A1 per jaar:

€ 72,60

1 Onder gebied A wordt begrepen het gebied dat valt

binnen en wordt begrensd door: Boschdijktunnel (midden van weg), Emmasingel (midden van de weg), Keizersgracht (midden van de weg), Kerkstraat, Catharinaplein (valt geheel binnen gebied A), Ten Hagestraat (midden van de weg), Vestdijk (midden van de weg), Vestdijktunnel (midden van de weg) en de Fellenoord (midden van de weg), waarbij de Kerkstraat buiten gebied A valt, maar Kerkstraat 2A binnen gebied A valt, conform de kaart van gebied A. b.

in gebied B2 per jaar:

€ 48,40

2 Onder gebied B wordt begrepen het gebied in het

centrum dat valt binnen en wordt begrensd door: Fellenoord (midden van de weg), Elisabethtunnel (midden van de weg), Vonderweg (midden van de weg), Mauritsstraat (midden van de weg), Edenstraat (midden van de weg), Dommel, Jan Smitzlaan (midden van de weg), Jacob Catslaan (midden van de weg), Bilderdijklaan (midden van de weg), PC Hooftlaan, P Czn Hooftlaan (midden van de weg), Hertogstraat (midden van de weg), Vestdijk (midden van de weg), Bleekstraat (midden van de weg), Nachtegaallaan (midden van de weg), Dommel (het stuk ter hoogte van de Fazantlaan tot aan de Parklaan), Parklaan (midden van de weg), Dommeltunnel, Professor Dr Dorgelolaan (midden van de weg), conform de kaart van gebied B (centrum); en het gebied op Strijp S dat valt binnen en wordt begrensd door: de spoorlijn, Beukenlaan (midden van

99

Inboeknummer

8015989_02

de weg), Schootsestraat (midden van de weg), Kastanjelaan (midden van de weg), Glaslaan (midden van de weg), conform de kaart van gebied B (Strijp S). c.

in gebied C3 per jaar:

€ 24,20

3 Onder gebied C wordt begrepen het gebied van de

gemeente Eindhoven niet vallende onder gebied A en B. In geval van discrepantie tussen de gebiedsomschrijving en de kaart dan is de gebiedsomschrijving bepalend.

Kaart van gebied A in blauw

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16177960/1