Raadsvoorstel Sekswerk in Eindhoven
Tekst van het document
gemeente Eindhoven Inboeknummer 8106688_02 Dossiernummer 26.04.151 B&W beslisdatum 20 januari 2026
Raadsvoorstel Sekswerk in Eindhoven Inleiding Op 5 juni 2025 is u middels een burgemeestersbrief toegezegd dat het vernieuwde sekswerkbeleid begin 2026 aan u voorgelegd wordt. Voor u ligt het raadsvoorstel behorend bij de kaders voor beleid ’Sekswerk in Eindhoven’ waarmee aan deze toezegging wordt voldaan. In 2000 is het bordeelverbod opgeheven waarmee sekswerk een legaal beroep is geworden. Sindsdien zijn gemeenten op lokaal niveau verantwoordelijk voor het ontwikkelen en uitvoeren van sekswerkbeleid. Hoewel er sinds 2000 zowel landelijk als binnen de gemeente Eindhoven veel is veranderd in de sekswerkbranche, is het gemeentelijk beleid onvoldoende geactualiseerd. Het ontbreken van landelijke wetgeving1 heeft hierin een belangrijke rol gespeeld. De gemeente ziet nu meerdere redenen om dit beleid te vernieuwen. In de gemeente Eindhoven zijn, buiten het Baekelandplein, zes vergunde seksinrichtingen en een vergund escortbedrijf gevestigd. De afgelopen jaren is er een afname te zien in de hoeveelheid traditionele vormen van vergunde seksinrichtingen, zoals seksclubs en privéhuizen. Andere vormen van sekswerk, waarbij zelfstandig werkende sekswerkers hun klanten werven via internet en sociale media en deze thuis of elders ontvangen, zijn daarentegen toegenomen. Naar verwachting zal deze trend de komende jaren doorzetten2.
Ondanks dat dit landelijke ontwikkelingen zijn en specifieke cijfers voor Eindhoven ontbreken, hebben we door het zorgvuldig doorlopen van het participatieproces inzicht gekregen in de sekswerkbranche in Eindhoven en is een vergelijkbaar patroon in Eindhoven zichtbaar.
1
Bij de vormgeving en implementatie van sekswerkbeleid speelt (het ontbreken van) landelijke wetgeving een belangrijke rol. Er wordt al jaren gewerkt aan een wetsvoorstel voor een landelijke regeling van sekswerk; de laatste versie is het wetsvoorstel Wet regulering sekswerk (‘Wrs’). De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft een oproep aan gemeenten gedaan om vooral niet te wachten op de Wrs met het aanpassen van gemeentelijk beleid. Het ministerie van Justitie en Veiligheid heeft aangegeven dat invoering van nieuwe landelijke wetgeving niet eerder dan 2028 zal plaatsvinden. 2 Bleeker, Y., van den Braak, G., Korf, W., & Leemans, A. (2021). De Nederlandse seksbranche: Een onderzoek naar de omvang, aard, beleid, toezicht en handhaving (WODC-rapport 3134). Regioplan Beleidsonderzoek. https://repository.wodc.nl/handle/20.500.12832/3146 ?
Inboeknummer 8106688_02 Deze verschuiving heeft grote invloed op de omstandigheden waarbinnen sekswerk op dit moment plaatsvindt. Het werk speelt zich steeds vaker af op minder zichtbare plekken, zoals thuis, in hotels of op vakantieparken. Daarnaast maakt het toenemende gebruik van digitale kanalen het sekswerk flexibeler en zelfstandiger. Hierdoor wordt het voor hulpverleners en handhavers lastiger om ondersteuning te bieden waar dat nodig is en zicht te houden op de sector. Dit vraagt om een andere aanpak van hulpverlening, toezicht en beleid. Bij het actualiseren van het beleid zijn vier uitgangspunten leidend geweest: 1. Het verbeteren van de positie van de sekswerkers 2. Het tegengaan van misstanden in de sekswerkbranche 3. Het beschermen van het woon- en leefklimaat 4. Het versterken van de samenwerking met de sekswerkbranche De kaders voor het sekswerkbeleid zijn na een uitgebreid participatietraject met de sekswerkbranche en ketenpartners zoals de GGD, de Politie en het Leger des Heils tot stand gekomen. Het participatietraject is terug te vinden in het participatieverslag. Voor de voorgestelde beleidswijziging thuissekswerk wordt na het voorgenomen besluit van het college om de kaders voor het beleid vast te stellen inwonersparticipatie ingezet. Beleidswijzigingen Dit raadsvoorstel gaat in op een viertal beleidswijzigingen.
Deze beleidswijzigingen zijn opgenomen in het beleidsstuk Sekswerk in Eindhoven. Hiermee wordt richting gegeven aan de verdere uitwerking van regelgeving en uitvoering, waaronder aanpassingen van de APV en het omgevingsplan. Het beleid kan daarom niet direct in werking treden. Deze noodzakelijke (juridische) uitwerking wordt op een later moment separaat aan u voorgelegd. Huidig beleid Beleidsvoorstel 1. Thuissekswerk Toegestaan met Toestaan zonder exploitatievergunning én vergunningplicht maar onder omgevingsvergunning. voorwaarden. Wat is thuissekswerk? Thuissekswerk houdt in dat een sekswerker zelfstandig en op eigen initiatief en zonder tussenkomst of bemiddeling door derden seksuele handelingen verricht vanuit de eigen (huur)woning waar diegene woont en in de Basisregistratie Personen staat ingeschreven. Relevante achtergrond Thuissekswerk is in Eindhoven op dit moment toegestaan als de sekswerker in bezit is van: 1. Een exploitatievergunning voor een seksinrichting; en 2. Een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit.
2
Inboeknummer 8106688_02 Beleidswijziging 1) Thuissekswerk wordt aan de definitiebepaling van een ‘beroep aan huis’ in het omgevingsplan toegevoegd. 2) Voor thuissekswerk geldt geen meldings- of informatieplicht en geen vergunningplicht. Het toestaan van thuissekswerk zonder vergunning of meldings- dan wel informatieplicht betekent niet dat sekswerk vanuit een woning altijd is toegestaan. Aan thuissekswerk worden voorwaarden verbonden. Indien niet aan één of meer van deze voorwaarden wordt voldaan, kan handhavend opgetreden worden. Uitwerking Het mogelijk maken van thuissekswerk zonder vergunningsplicht, maar onder voorwaarden vergt een aanpassing van het omgevingsplan en aanpassing en actualisatie van de APV. Onder argument 1.6: “Het stellen van voorwaarden aan vergunningsvrij thuissekswerk, biedt mogelijkheden om het woon- en leefklimaat in de omgeving te beschermen en de concurrentiepositie van de Eindhovense sekswerker te beschermen. ‘’ zijn voorbeelden van voorwaarden voor thuissekswerk opgenomen. Eén belangrijke voorwaarde is dat de sekswerker ten minste drie maanden dient ingeschreven te staan in de Basisregistratie Personen op het woonadres waar het sekswerk plaatsvindt. Overige voorwaarden waaronder thuissekswerk kan worden toegestaan vergt nadere afstemming met de partners van de gemeente Eindhoven.
Een toekomstig raadsvoorstel zal ingaan op de exacte voorwaarden voor thuissekswerk in Eindhoven, de benodigde wijziging van het omgevingsplan en de actualisatie van hoofdstuk 3 van de APV.
Huidig beleid Beleidsvoorstel 2. Bestuurlijk Politie voert regie op Gemeente brengt het bestuurlijk toezicht bestuurlijk toezicht op de toezicht onder eigen regie. onvergunde sekswerkbranche Wat is bestuurlijk toezicht? Bij bestuurlijk toezicht wordt er door toezichthouders gecontroleerd op de naleving van lokale regelgeving met aandacht voor het welzijn van sekswerkers om zo te komen tot een veilige sekswerkbranche. Het gaat bijvoorbeeld om toezicht op arbeidsomstandigheden, inspraak in werktijden en de mogelijkheid om eigen keuzes te maken binnen het werk. Het bestuurlijk toezicht is voor gemeenten een belangrijk instrument om de sekswerkbranche gezond en veilig te houden. Relevante achtergrond Met het opheffen van het bordeelverbod (2000) en daarmee de legalisering van sekswerk, hebben gemeenten de verantwoordelijkheid om lokaal toezicht te houden op de branche. De gemeenten in Oost-Brabant hebben het bestuurlijk toezicht van de sekswerkbranche (destijds) gemandateerd aan de politie. Op 3 december 2018 werd in het Landelijk Overleg Politie en Veiligheid door de Nationale Politie aangegeven dat
3
Inboeknummer 8106688_02 deze zich meer wil richten op de opsporingsonderzoeken naar mensenhandel. Daarmee willen ze hun aandeel wat betreft bestuurlijk toezicht verminderen. Sindsdien voeren gemeenten binnen de verschillende gezagsdriehoeken gesprekken over het invullen van het toezicht. Uitwerking Het bestuurlijk toezicht op de sekswerkbranche wordt door gemeentelijke toezichthouders teruggenomen van de politie. Hiervoor worden een werkinstructie en samenwerkingsafspraken vastgelegd in een handhavingskader.
3. Bedrijfsplan exploitanten
Huidig beleid Regels voor exploitanten staan in de APV en in de aanvullende regels seksinrichtingen
Beleidsvoorstel De exploitanten moeten de geldende regels voor hun bedrijfsvoering borgen in een bedrijfsplan dat een verplicht onderdeel wordt van de vergunningaanvraag.
Wat is een bedrijfsplan? In een bedrijfsplan geeft de exploitant aan hoe de bedrijfsvoering wordt georganiseerd en welke maatregelen er worden genomen om veilig en hygiënisch te werken in het bedrijf. Hiermee wordt beoordeeld of de exploitant voldoende oog heeft en zorg draagt voor goede arbeidsomstandigheden. Het bedrijfsplan is onderdeel van de vergunningaanvraag. Uitwerking Het bedrijfsplan dient opgenomen te worden in de APV als een verplicht onderdeel van de vergunningaanvraag.
Huidig beleid 4. Beheerderspoule Beheerders van Baekelandplein seksinrichtingen op het Baekelandplein zijn in dienst van één of meerdere exploitanten of worden door hen ingehuurd op ZZP-basis.
Beleidsvoorstel De gemeentelijke regie op het beheer Baekelandplein door een onafhankelijke derde partij aan te stellen.
Wat is beheer van een seksinrichting? De beheerders van een seksinrichting zien erop toe dat in de seksinrichting geen strafbare feiten plaatsvinden en geen sekswerk wordt uitgeoefend in strijd met de Wet arbeid vreemdelingen of de Vreemdelingenwet of door sekswerkers jonger dan 21 jaar. In de APV is vastgelegd dat de exploitant en/of beheerder die genoemd staat op de vergunning en het aanhangsel aanwezig dient te zijn in de seksinrichting wanneer deze geopend is.
4
Inboeknummer 8106688_02 De exploitant is, ondanks de aanwezigheid van de beheerder, verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering en de werkomstandigheden van sekswerkers. Relevante achtergrond Het Baekelandplein is de enige locatie in Eindhoven waar op dit moment raamsekswerk is toegestaan en vergund. Op dit plein zijn 11 exploitanten actief met in totaal 13 vergunningen ten behoeve van een seksinrichting. Eén van de voorwaarden is het voortdurende toezicht door een exploitant of op de vergunningsaanhangsel vermelde beheerder. Deze voorwaarde geldt niet voor de raamsekswerkbedrijven op het Baekelandplein indien er gebruik wordt gemaakt van een beheerderspoule met piketregeling. Op het Baekelandplein maken op dit moment alle exploitanten gebruik van de beheerderspoule met piketregeling. De beheerders zijn in dienst van één of meerdere exploitanten of worden ingehuurd op ZZP-basis. Alvorens zij worden bijgeschreven op één of meerdere vergunningen worden zij getoetst aan de voorwaarden gesteld in artikel 3.2.2. van de APV. Uitwerking Er wordt door de Gemeente een onafhankelijke derde partij aangesteld die het beheer op het Baekelandplein uitvoert. Hiermee komt de huidige invulling van de beheerderspoule te vervallen. De kosten die dit met zich mee brengt zullen in rekening worden gebracht bij de exploitanten.
De wijziging dient verwerkt te worden in de APV en de nadere regels seksinrichtingen. Wettelijke taak Het sekswerkbeleid valt binnen de wettelijke bevoegdheid en verantwoordelijkheid van de gemeente. Op grond van artikel 149 van de Gemeentewet is de gemeenteraad bevoegd verordeningen vast te stellen ter behartiging van de gemeentelijke huishouding. Artikel 151a van de Gemeentewet biedt gemeenten de bevoegdheid om regels te stellen ter regulering van (de exploitatie van) seksinrichtingen. Binnen dit kader heeft de gemeente beleidsvrijheid bij het vormgeven en actualiseren van het sekswerkbeleid. Zowel de gemeenteraad, het college van B&W en de burgemeester zijn op onderdelen bevoegd voor besluitvorming. De gemeenteraad is bevoegd voor besluitvorming van de APV en het omgevingsplan. Het handhavingskader wordt niet door de raad vastgesteld. Doelstelling De doelstelling is om het sekswerkbeleid aan te laten sluiten bij de ontwikkelingen binnen de sekswerkbranche en de stad Eindhoven. Het verbeteren van de positie van sekswerkers, het tegengaan van misstanden, het beschermen van het woon- en leefklimaat en het versterken van de samenwerking met de sekswerkbranche en ketenpartners staan centraal.
5
Inboeknummer 8106688_02 Voorstel De Raad besluit: 1. Geen wensen en bedenkingen over te brengen ten aanzien van het voorgenomen besluit van het college tot vaststelling van de kaders voor het beleid ‘Sekswerk in Eindhoven’. De kaders voor het beleid ‘Sekswerk in Eindhoven’ gaan uit van de volgende beleidswijzigingen, waarvan punt een, drie en vier uitwerking gaat vinden in de Algemene Plaatselijke Verordening en het omgevingsplan: 1. Het vergunningsvrij, maar onder voorwaarden mogelijk maken van thuissekswerk als beroep aan huis; 2. Het nemen van gemeentelijke regie op het bestuurlijk toezicht op de sekswerkbranche; 3. Het verplicht stellen van een bedrijfsplan als onderdeel van de vergunningaanvraag voor seksinrichtingen; 4. Het voeren van gemeentelijke regie op het beheer van het Baekelandplein door een onafhankelijke derde partij aan te stellen. Argumenten 1.1, 2.1, 3.1 en 4.1 Er is een uitgebreid participatieproces doorlopen. De voorgestelde beleidswijzigingen komen hieruit voort. Voor het actualiseren van het sekswerkbeleid is intensief samengewerkt met de sekswerkbranche en zorg- en veiligheidspartners betrokken bij de branche. Hiervoor is op 21 oktober 2025 een participatieplan vastgesteld door het college. Partners en de branche zijn middels verkennende bijeenkomsten, vragenlijsten, werkgroepen en persoonlijke gesprekken betrokken geweest bij de beleidsontwikkeling.
Het doel van participatie was om zo veel mogelijk belangen en ideeën in beeld te brengen, zodat het gemeentebestuur een zorgvuldige afweging kan maken bij de vaststelling van het beleidsprogramma sekswerk en dat deze aansluit bij de behoefte en wensen van de branche en ketenpartners. Het participatieverslag is terug te vinden in bijlage 2. 1.2 Het onvergund mogelijk maken van thuissekswerk en het gelijkstellen van thuissekswerk aan andere beroepen aan huis draagt bij aan de normalisering en destigmatisering van sekswerk. Hoewel sekswerk een legaal beroep is, staan de APV en het omgevingsplan thuissekswerk zonder vergunning momenteel niet toe. De vereiste vergunningen om vanuit de eigen woning seksuele handelingen te verrichten zijn moeilijk te verkrijgen. Uit cijfers van de gemeente Eindhoven blijkt dat er tot op heden geen vergunningen voor thuissekswerk zijn verleend, terwijl er op basis van bijvoorbeeld het aantal onlineadvertenties wel geconcludeerd kan worden dat er in Eindhoven sprake is van thuissekswerk. Het zicht op de branche ontbreekt daarmee en het werpt de vraag op welk doel de vergunningplicht dient.
6
Inboeknummer 8106688_02 Belangenbehartigers van sekswerkers zijn voorstander om sekswerker gelijk te stellen met andere legale beroepen waar ook geen vergunningplicht voor geldt. Daarbij is het uitgangspunt: sekswerk is werk en mensenhandel is een strafbaar feit dat niet per definitie gelijk staat aan sekswerk. Het toestaan van thuissekswerk zonder vergunning draagt bij aan de normalisering van sekswerk en vermindert het stigma. Sekswerkers krijgen dezelfde rechten en plichten als andere legale beroepen. 1.3 Er is behoefte aan meer werkplekken voor sekswerkers. Uit de landelijke ontwikkelingen en advertentiesites blijkt dat veel sekswerkers in Eindhoven vanuit een woning werken. Dit wijst erop dat er behoefte is aan werkplekken voor thuissekswerkers. De behoefte voor meer werkplekken wordt bevestigd door sekswerkers.3 Een manier om aan de vraag naar werkplekken te voldoen is door thuissekswerk zonder vergunning, maar onder voorwaarden toe te staan. Dit vermindert de afhankelijkheid van sekswerkers van exploitanten van seksinrichtingen en vergroot de zelfstandigheid van sekswerkers omdat hun eigen woning daarmee als werkplek kan fungeren. 1.4 De verwachting is dat het toestaan van thuissekswerk zonder vergunning zorgt voor een hogere meldingsbereidheid onder sekswerkers. Sekswerkers werken graag vanuit de anonimiteit en vragen daarom geen vergunningen aan.
De vergunningplicht vormt een drempel om hulp te zoeken bij zorginstanties en bij de gemeente. Onvergunde thuissekswerkers vrezen sancties zoals boetes of (dreiging met) woninguitzetting. Dit leidt tot een lage meldingsbereidheid, wat leidt tot een gebrek aan zicht op de branche. De GGD vreest dat sekswerkers verder uit beeld verdwijnen als de vergunningplicht blijft. Ook wanneer een onvergunde thuissekswerker wordt bedreigd is het niet vanzelfsprekend dat deze sekswerker dit meldt bij de politie, vanwege angst voor verlies van anonimiteit, werk of woning. Klanten en criminelen weten dit, wat de kans op geweld en uitbuiting in de huidige situatie kan verhogen. De verwachting is dat door het wegnemen van de vergunningplicht de drempel tot het melden van misstanden en het zoeken van zorg, hulp en/of ondersteuning wordt verlaagd. Dit kan tevens het vertrouwen van sekswerkers in de gemeente, de politie en in zorginstanties vergroten. Ter ondersteuning en versterking van dit vertrouwen wordt een klankbordgroep opgericht waarin sekswerkers actief meedenken over beleid en ervaringen kunnen uitwisselen. Door het vergroten van het vertrouwen van sekswerkers in de gemeente wordt beoogd beter zicht en grip op de branche te krijgen.
3 Dit blijkt uit:
a) b) c)
de resultaten van een enquête onder Eindhovense sekswerkers. Driekwart van de respondenten die niet op het Baekelandplein werkzaam zijn, geven aan dat er te weinig werkplekken beschikbaar zijn. Het onderzoek ‘Samen vormgeven aan een gezonde en veilige sekswerksector in Den Bosch’, uitgevoerd in opdracht van de gemeente ’s-Hertogenbosch. het advies van de Commissie Sorgdrager, opgesteld voor de gemeente Utrecht.
7
Inboeknummer 8106688_02 1.5 Door het toestaan van thuissekswerk sluiten we aan bij diverse grote gemeenten uit de provincie, waar de ervaring leert dat er weinig tot geen klachten worden ontvangen over overlast door thuissekswerk. Ook zijn er geen aanwijzingen dat het toestaan van thuissekswerk leidt tot een aanzuigende werking van sekswerk. Het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV) raadt aan om bij het opstellen van het beleid niet alleen naar de lokale situatie te kijken, maar ook naar het beleid van omliggende gemeenten of de provincie als geheel. Ook voor de politie en justitie biedt regionaal beleid het voordeel dat niet met elke gemeente afzonderlijke afspraken gemaakt hoeven te worden en dat er vanuit een eenduidige visie wordt gewerkt. In de provincie staan de volgende grotere gemeenten thuissekswerk onder voorwaarden zonder vergunningplicht toe: • Tilburg; • ’s-Hertogenbosch; en • Breda. Uit evaluaties van andere gemeenten die thuissekswerk zonder vergunningplicht toestaan blijkt dat er weinig tot geen klachten worden ontvangen over overlast door thuissekswerk.4 Dat komt omdat een sekswerker die vanuit huis werkt, doorgaans niet meer dan één of enkele klanten per dag ontvangt. Zowel de sekswerker als de klant hechten veel waarde aan anonimiteit, wat de kans op overlast aanzienlijk beperkt.
5 Ook ziet de gemeente Hilversum geen aanwijzingen dat het toestaan van thuissekswerk leidt tot een aanzuigende werking van sekswerk. 1.6 Het stellen van voorwaarden aan vergunningsvrij thuissekswerk, biedt mogelijkheden om het woon- en leefklimaat in de omgeving te beschermen en de concurrentiepositie van de Eindhovense sekswerker te beschermen. Het toestaan van thuissekswerk zonder vergunning betekent niet dat sekswerk vanuit een woning altijd is toegestaan. Aan het vergunningsvrij toestaan van thuissekswerk, worden bepaalde voorwaarden verbonden die worden opgenomen in de APV en/of het omgevingsplan. De voorwaarden zullen samen met ketenpartners worden opgesteld. Op basis van ervaringen van andere gemeenten kan gedacht worden aan de volgende voorwaarden: a. maximaal één en dezelfde ter plaatse ingeschreven bewoner mag sekswerk in de woning verrichten; b. de sekswerker dient ten minste drie maanden ingeschreven te staan in de Basisregistratie Personen op het woonadres waar het sekswerk plaatsvindt;6 c. afdracht van verdiensten uit thuissekswerk aan een derde is niet toegestaan; d. er is geen sprake van bemiddeling door derden, met uitzondering van advertentiesites waar de sekswerker zelf adverteert; 4 Dit blijkt uit:
a)
5
Gemeente Tilburg (2025). ‘Evaluatie ‘Beleidsnota prostitutie en seksbranche Gemeente Tilburg’
b) Gemeente Hilversum (2025). ‘Evaluatie Sekswerkbeleid Gemeente Hilversum 2023-2025’ c) Gemeente Breda (2021). ‘Beleidsnota Sekswerk Breda 2021’
Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid, Handreiking sekswerkbeleid, oktober 2025. Wanneer een sekswerker binnen de gemeente Eindhoven verhuist en daardoor een nieuwe BRP-inschrijving nodig heeft, geldt deze voorwaarde niet. 6
8
Inboeknummer 8106688_02 e. de werkruimte voldoet aan de redelijke eisen van hygiëne en veiligheid; f. de sekswerker is tenminste 21 jaar oud; en g. de sekswerker ontvangt tussen 01.00 uur 's nachts en 06.00 uur 's ochtends geen klanten in de woning Door het stellen van voorwaarden wordt ook de concurrentiepositie van de Eindhovense thuissekswerker beschermd. Een voorbeeld hiervan is de voorwaarde dat een sekswerker minimaal drie maanden ingeschreven moet staan op het woonadres waar het sekswerk plaatsvindt. Daarmee wordt hoogstwaarschijnlijk voorkomen dat sekswerkers van buiten de stad zich in Eindhoven vestigen om hier sekswerk te verrichten en wordt een aanzuigende werking van buitenaf tegengegaan. 1.7 Het toestaan van thuissekswerk zonder vergunning betekent niet dat de grip op de branche wordt losgelaten De toezichthouders van de gemeente Eindhoven kunnen controles uitvoeren om te controleren of aan de voorwaarden voor thuissekswerk wordt voldaan. Hoewel het klopt dat de gemeente zonder vergunningplicht beperkt zicht heeft op thuissekswerkers en daarmee gedeeltelijk het overzicht moet loslaten, ontbreekt ook op dit moment een volledig beeld van het aantal thuissekswerkers in Eindhoven. Juist omdat er geen vergunningsplicht meer geldt, wordt verwacht dat de meldingsbereidheid vanuit de groep sekswerkers wordt vergroot en daardoor meer zicht ontstaat.
Bij het uitvoeren van controles is het belangrijk onderscheid te maken tussen twee groepen thuissekswerkers: 1. Thuissekswerkers die aan de voorwaarden voldoen en dus zonder vergunning mogen werken. 2. Thuissekswerkers die niet aan de voorwaarden voldoen. Indien niet aan één of meer van deze voorwaarden wordt voldaan, valt de sekswerker niet onder de omschrijving van een thuissekswerker en kan handhavend opgetreden worden. Het handhavingskader wordt nog nader uitgewerkt. Voor de groep meest kwetsbare sekswerkers biedt een versoepeling van het thuiswerkbeleid geen verandering. Zij zijn niet in bezit van een geldige verblijfstitel of voldoen niet aan de voorwaarden om geheel zelfstandig en alleen te werken vanuit de eigen (huur)woning waar zij staan ingeschreven. Deze kwetsbare groep wordt uiteraard niet losgelaten. Met onder andere gemeentelijke controles en politieonderzoeken proberen we signalen van mensenhandel te verkrijgen, de daders aan te pakken en de slachtoffers door te verwijzen naar de juiste zorginstanties. 1.8 Door het aanpassen van de definitiebepaling van een beroep aan huis in het Omgevingsplan worden zelfstandige thuissekswerkers niet meer uitgezonderd van de definitiebepaling waardoor thuissekswerk zonder omgevingsvergunning mogelijk is. In Eindhoven zijn de regels voor aan huis verbonden beroepen vastgelegd in het omgevingsplan.
In het huidige omgevingsplan valt sekswerk niet onder de definitiebepaling van een ‘beroep aan huis’. Gelet op deze definitie heeft een sekswerker
9
Inboeknummer 8106688_02 een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit nodig om vanuit huis te mogen werken. De nadelen zijn dat: 1. de aanvraag openbaar bekendgemaakt wordt; 2. omwonenden bezwaar kunnen maken; en 3. er kosten zijn verbonden aan de aanvraag. Met het aanpassen van de definitiebepaling van een beroep aan huis in het omgevingsplan worden kleinschalige, zelfstandige, thuissekswerkers niet meer uitgezonderd van deze definitiebepaling. Zoals onder punt 1.6 is aangegeven zal met de ketenpartners onderzocht worden onder welke voorwaarden thuissekswerk onder de regeling ‘beroep aan huis’ kan worden geschaard. 2.2 Gemeentelijke regie op het bestuurlijk toezicht draagt bij aan het tegengaan van misstanden binnen de sekswerkbranche. De Vereniging Nederlandse Gemeentes (VNG) benadrukt de noodzaak voor gemeenten om actief toezicht te houden op álle gereguleerde activiteiten binnen de sekswerkbranche, ongeacht of deze plaatsvinden onder een vergunning.7 Ook in de onvergunde sector kunnen zich bestuursrechtelijke misstanden voordoen zoals het niet voldoen aan de gestelde voorwaarden bij thuissekswerk. Toezichthouders moeten deze misstanden kunnen signaleren. Daarnaast geven toezichthouders informatie aan sekswerkers over rechten en plichten en mogelijkheden voor hulpverlening. Dit versterkt preventie, dialoog en vertrouwen.
2.3 Gemeentelijke regie op het bestuurlijk toezicht sluit aan bij het beleidskader Veiligheid en Handhaving 2023-2026. Mensenhandel, waaronder seksuele uitbuiting, is geprioriteerd in het gemeentelijk beleid. Hoewel er een duidelijk onderscheid moet worden gemaakt tussen het beleid ten aanzien van mensenhandel en sekswerk, draagt het coördineren van controles bij aan het tegengaan van seksuele uitbuiting. 3.2 Het verplicht stellen van een bedrijfsplan als onderdeel van de vergunningaanvraag draagt bij aan het tegengaan van misstanden. Exploitanten zijn verantwoordelijk ervoor te zorgen dat sekswerkers hun werk gezond, veilig en zelfstandig kunnen uitvoeren. Door het bedrijfsplan een verplicht onderdeel te maken van de vergunningaanvraag wordt deze verantwoordelijkheid ook daadwerkelijk belegd bij de exploitanten. In het bedrijfsplan moeten exploitanten aangeven welke maatregelen ze nemen op het gebied van veiligheid, gezondheid, hygiëne en de zelfbeschikking van sekswerkers. Hiermee maakt het bedrijfsplan toezicht concreter en beter toetsbaar.
7
VNG, Landelijke leidraad professionaliseren toezicht op de seksbranche, september 2025.
10
Inboeknummer 8106688_02 3.3 Het verplicht stellen van een bedrijfsplan als onderdeel van de vergunningaanvraag verduidelijkt de regels voor exploitanten. In het huidige beleid zijn regels waar exploitanten aan moeten voldoen opgenomen in hoofdstuk 3 van de APV en in de Nadere regels seksinrichtingen. Voor het bedrijfsplan zal een vaste opzet aangehouden worden. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) houdt in de Model APV vier categorieën aan waarvoor in het bedrijfsplan dient te worden beschreven welke maatregelen de exploitant treft: a. op het gebied van hygiëne; b. ter bescherming van de gezondheid, de veiligheid en het zelfbeschikkingsrecht van de prostituees; c. ter bescherming van de gezondheid van de klanten; d. ter voorkoming van strafbare feiten. Door de maatregelen die exploitanten moeten nemen uit te werken in het bedrijfsplan worden de regels voor exploitanten duidelijker. 4.2 Het aanstellen van een onafhankelijke derde partij draagt bij aan een rol zuivere inrichting van het beheer van het Baekelandplein. Met het aanstellen van een derde partij wordt gekozen voor een toekomstbestendige en rolzuivere inrichting van het beheer, waarbij toezicht, uitvoering en commerciële belangen duidelijk van elkaar zijn gescheiden. Integriteit wordt binnen de aanbestedingsprocedure van deze derde partij geborgd, zo kan er bijvoorbeeld een Bibob-toets uitgevoerd worden.
4.3 Aan de beheerders kunnen in deze vorm bindende voorwaarden verbonden worden. Er kunnen in deze vorm (opleiding)eisen, voorwaarden als een VOG, en benodigde competenties verbonden worden aan de beheerders. Daarnaast wordt de inzet op vaste momenten geëvalueerd. Hiermee wordt de kwaliteit van het beheer beter gewaarborgd. Kanttekeningen 1.1 Het in werking treden van het wetsvoorstel Wet regulering sekswerk kan invloed hebben op de geldende regels voor thuissekswerk. Bij de vormgeving en implementatie van sekswerkbeleid speelt (het ontbreken van) landelijke wetgeving een belangrijke rol. Er wordt al jaren gediscussieerd over een wetsvoorstel voor een landelijke regeling van sekswerk; de laatste versie is het wetsvoorstel Wet regulering sekswerk (‘Wrs’). Over dit wetsvoorstel bestaat veel controverse. Met het wetsvoorstel Wrs zijn alle vormen van sekswerk (dus ook thuissekswerk) niet toegestaan, tenzij een vergunning is afgegeven. Door de controverse rondom het voorstel, de recente verkiezingen en de lopende kabinetsformatie, is het onwaarschijnlijk dat deze wet op korte termijn in werking treedt. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft een oproep aan gemeenten gedaan om vooral niet te wachten op de Wrs met het aanpassen van gemeentelijk beleid.
Desondanks is het van belang te realiseren dat, indien de gemeente Eindhoven besluit om thuissekswerk toe te staan, de geldende regels kunnen wijzigen zodra de Wet regulering sekswerk in de huidige vorm in werking treedt.
11
Inboeknummer 8106688_02 1.2 Aanpassing van de begripsbepaling van beroepen aan huis in het omgevingsplan is afhankelijk van de fasering van de Omgevingswet. Om thuissekswerk onder de regeling voor een aan huis verbonden beroep te laten vallen, is een aanpassing van de begripsbepaling in het omgevingsplan nodig. Tijdens de transitiefase van de Omgevingswet (tot 2032) geldt een beperking: een aangepaste definitiebepaling maakt het thuiswerken zonder vergunning alleen mogelijk in die delen van Eindhoven waar het bestemmingsplan al is omgezet naar het definitieve deel van het omgevingsplan. Tot nu toe zijn ongeveer 10% van de bestemmingsplannen omgezet naar het definitieve deel van het omgevingsplan. In de overige delen van de stad, waar deze omzetting nog niet heeft plaatsgevonden, zal – ondanks het nieuwe sekswerkbeleid – in de transitiefase toezicht ingericht worden conform het vast te stellen handhavingskader, waarbij handhaving proportioneel en risicogericht wordt ingezet. 1.3Woningcorporaties en commerciële verhuurders kunnen besluiten om het gemeentelijkbeleid over thuissekswerk niet te volgen. In dat geval bestaat er een risico dat huurovereenkomsten van thuissekswerkers worden ontbonden. De verwachting is dat een deel van het thuissekswerk plaatsvindt in (sociale) huurwoningen.
Wanneer woningcorporaties en commerciële verhuurders het standpunt innemen dat sekswerk vanuit huurwoningen niet is toegestaan, dan kan sekswerk leiden tot ontbinding van de huurovereenkomst. Er hebben gesprekken plaatsgevonden met de verschillende woningcorporaties die in Eindhoven actief zijn. Vanuit alle corporaties bestaat een positieve grondhouding om de benodigde wijzigingen van de (huur)voorwaarden voor thuissekswerk verder te bespreken en het onderwerp op een later moment in het bestuurlijk overleg wonen te agenderen op 11 februari 2026. Op dit moment gaan wij er derhalve vanuit dat deze kanttekening niet aan de orde zal zijn. 2.1 Samenwerkingsafspraken en een werkinstructie voor het uitvoeren van het bestuurlijk toezicht op de onvergunde branche ontbreken nog. Op verschillende onderdelen ontbreken nog (samenwerkings)afspraken en werkinstructies: 1. Samenwerkingsafspraken politie Een goede samenwerking met politie is een randvoorwaarde bij het uitvoeren van het bestuurlijk toezicht. Deze samenwerking wordt door gemeentes verschillend ingevuld. Zo zijn er gemeenten die de controles samen met het basisteam of de Vreemdelingenpolitie, Identificatie en Mensenhandel (AVIM) uitvoeren, maar er zijn ook gemeentes die de controles (in eerste instantie) zonder politie uitvoeren. In de gemeente Eindoven dient deze samenwerking nog vormgegeven te worden.
De gemeente en politie hebben elk hun eigen bevoegdheden en verantwoordelijkheden. De gemeente ziet toe op naleving van vergunningsvoorwaarden, exploitatie-eisen, APV en woningwet overtredingen, en de politie richt zich op strafbare feiten. Vanwege de verschillende bevoegdheden is het belangrijk om rollen en verantwoordelijkheden duidelijk te scheiden. 2. Benodigde capaciteit en middelen Wanneer de gemeente zowel de controles op de vergunde als de onvergunde branche gaat coördineren, wordt de rol van de gemeente uitgebreid. Hiervoor is capaciteit nodig bij toezichthouders en juristen. Daarnaast beschikken de toezichthouders bijzondere wetten op dit moment niet over een BRP-bevoegdheid. Er moet beoordeeld worden of deze
12
Inboeknummer 8106688_02 bevoegdheid noodzakelijk is voor de toezichthouders of dat hiervoor capaciteit nodig is vanuit de BRP-ambtenaar. Ook is voldoende kennis en expertise vereist om de controles goed uit te voeren, hiervoor is het volgen van de opleiding ‘Bestuurlijk Toezicht Prostitutie’ van de politie noodzakelijk voor toezichthouders. Echter zal pas na het vastleggen van de samenwerkingsafspraken, de werkinstructie en de benodigde frequentie van de controles duidelijk zijn welke capaciteit en middelen er daadwerkelijk nodig zijn. 3. Vormen van toezicht Er kunnen verschillende vormen van toezicht ingezet worden bij controles binnen de sekswerkbranche. 1. Regulier toezicht: Wanneer er een adres bekend is kan de toezichthouder, al dan niet aangekondigd, een controle uitvoeren. 2. Anoniem toezicht (mystery guests): In het stedelijk kader anoniem toezicht van de gemeente Amsterdam8 wordt dit beschreven als toezicht waarbij de toezichthouder zich (in eerste instantie) niet bekend maakt als zijnde toezichthouder, maar als bijvoorbeeld een klant. Hierbij kan via een onlineadvertentie een pseudo-afspraak gemaakt worden. Anoniem toezicht kan worden ingezet om misstanden te constateren die niet via regulier toezicht kunnen worden vastgesteld omdat de locaties waar sekswerk onvergund wordt uitgevoerd vaak niet bekend zijn.
De afweging voor de inzet van anoniem toezicht wordt toegelicht aan de hand van twee voorbeelden: - Controle op massagesalons: Het is moeilijk om met regulier toezicht vast te stellen of in massagesalons zonder exploitatievergunning voor een seksinrichting seksuele handelingen worden aangeboden of verricht. Zodra toezichthouders in uniform een controle uitvoeren worden geen seksuele handelingen aangeboden. Door het maken van een pseudo-afspraak, waarbij de toezichthouder zich voordoet als klant, kan worden vastgesteld of seksuele handelingen worden aangeboden of verricht. -
8
Controle op sekswerk Op onlineadvertentiesites voor sekswerk worden geen adressen vermeld. Om toezicht uit te voeren op sekswerk, bijvoorbeeld vanuit woningen, moet eerst een afspraak worden gemaakt. De sekswerker stuurt de klant daarbij in eerste instantie naar een locatie in de nabijheid van het daadwerkelijke adres waar het sekswerk plaatsvindt. Pas nadat de sekswerker heeft vastgesteld dat daadwerkelijk sprake is van een klant, worden de concrete locatie- of adresgegevens verstrekt waar het sekswerkplaats vindt. Wanneer een toezichthouder in uniform zich zou melden bij de initiële locatie, worden deze gegevens vaak niet gedeeld en kan het feitelijke sekswerk niet worden vastgesteld. Door het maken van een pseudo-afspraak,
Gemeente Amsterdam, Stedelijk kader anoniem toezicht, 2015.
13
Inboeknummer 8106688_02 waarbij de toezichthouder zich voordoet als klant, kan worden vastgesteld of seksuele handelingen worden aangeboden of verricht. Anoniem toezicht wordt op dit moment niet ingezet door de gemeente Eindhoven voor het controleren van de sekswerkbranche. De mogelijkheid tot inzetten van anoniem toezicht wordt nog nader uitgewerkt in een handhavingskader. Omdat de inzet van anoniem toezicht een ingrijpend middel kan zijn is het belangrijk dat er per situatie zorgvuldig beoordeeld wordt welke vorm van toezicht het beste ingezet kan worden, waarbij altijd de afweging moet worden gemaakt ten aanzien van rechtmatigheid en proportionaliteit. Hiervoor dient een werkinstructie opgesteld te worden. 2.2 De financiële consequenties en benodigde dekking zijn nog niet volledig inzichtelijk In onderliggend dossier zijn een aantal financiële consequenties opgenomen die nu niet inzichtelijk en/of volledig uitgewerkt zijn. Ook de dekking is daarmee nog niet duidelijk/ volledig. Het risico bestaat dat als er geen volledige dekking van de kosten wordt geformaliseerd dit van invloed is op de haalbaarheid/fasering van onderdelen in het nu voorgestelde beleid. 4.1 Een deel van de exploitanten is tevreden over de huidige invulling van het beheer. De exploitanten van het Baekelandplein zijn bevraagd over de huidige invulling van het beheer.
Er zijn gemengde ervaringen met de beheerderspoule. Exploitanten zien verbeterpunten zoals het uitbreiden van de aanwezigheid van de beheerders en het vergroten van de herkenbaarheid van de beheerders middels herkenbare kleding. Echter is er niet bij alle exploitanten een behoefte om de huidige beheerderspoule te wijzigen. Er wordt dan ook verwacht dat er uiteenlopende standpunten bestaan ten aanzien van dit voorstel 4.2 Zicht op de uitwerking van het aanstellen van een onafhankelijke partij voor het beheer op het Baekelandplein ontbreekt nog. Voor het aanstellen van een onafhankelijke derde partij voor het beheer op het Baekelandplein dient een aanbestedingsprocedure doorlopen te worden. De exploitanten van het Baekelandplein zullen hierbij betrokken worden. Een concrete uitwerking van dit proces en een inschatting van de kosten ontbreekt nog. De huidige beheerderspoule zal dan ook niet direct aangepast worden. Personele consequenties De voorgestelde beleidswijzigingen kennen personele consequenties. Zo dient er een aandachtfunctionaris sekswerk aangesteld te worden voor 0,44fte. Deze inzet kan worden gerealiseerd binnen de bestaande formatie van de sector veiligheid en handhaving. Deze aandachtfunctionaris draagt de verantwoordelijkheid voor de verdere coördinatie van de uit het beleidsprogramma voortkomende wijzigingen en onderhoud proactief contact met de sekswerkbranche.
14
Inboeknummer 8106688_02 Ook kunnen er personele consequenties verbonden zijn aan het nader op te stellen handhavingskader. De benodigde capaciteit binnen de afdeling handhaving zal afhangen van de uitwerking en frequentie van de controles. Dit zal in de nadere uitwerking gespecificeerd worden. Financiële consequenties De kaders voor het vernieuwde sekswerkbeleid leiden niet tot financiële consequenties. Onderstaande uitwerkingsvraag komt terug in het uitvoeringsbeleid. Naast de capaciteit voor het uitvoeren van de controles dient er een jaarlijks budget voor o.a. het opleiden van toezichthouders en diverse technische middelen beschikbaar te zijn. Dit bedrag is afhankelijk van de uitwerking en frequentie van de controles en wordt daarom gelijktijdig met het vernieuwde handhavingskader en de hiervoor benodigde capaciteit aan u voorgelegd. Communicatie Er is behoefte aan duidelijke communicatie over het sekswerkbeleid. Er is daarom in januari 2026 actief gecommuniceerd over de voorgenomen beleidswijzigingen als onderdeel van het participatieproces. Daarnaast zal er na het voorgenomen besluit van het college om de kaders voor het beleid vast te stellen inwonersparticipatie ingezet worden voor het beleidsvoorstel thuissekswerk.
Na definitieve vaststelling van het beleidsprogramma zal de sekswerkbranche opnieuw betrokken worden bij het uitwerken van de voorgestelde beleidswijzigingen. Planning en uitvoering Na vaststelling van kaders voor het sekswerkbeleid wordt er gestreefd om het beleid begin 2027 in werking te laten trede waarbij de benodigde wijzigingen in de APV, het handhavingskader en de overige beleidsregels verwerkt zijn. Evaluatie De sekswerkbranche is voortdurend in ontwikkeling. Daarom is het essentieel om het beleid regelmatig te evalueren. Een dergelijke evaluatie is nodig om te beoordelen of beleidswijzigingen zoals het toestaan van thuissekswerk zonder vergunning in de praktijk goed werken. Op basis van de uitkomsten kan worden bepaald of het beleid moet worden verruimd, aangescherpt of op andere wijze aangepast om te blijven aansluiten bij de realiteit van de branche. Het beleid wordt daarom in 2029, twee jaar na de inwerkingtreding in 2027, tussentijds te evalueren. Hierbij zal extra aandacht zijn voor de regels voor zelfstandig werkende escort. Omdat zelfstandig werkende escorts geen vaste werklocatie hebben, is het lastig om passende voorwaarden te verbinden aan deze vorm van sekswerk. Het ontbreken van een vaste locatie betekent dat toezicht houden moeilijk is, er geen sociale controle vanuit de omgeving is en daarom weinig zicht is op deze groep. Met de vergunningplicht wordt
15
Inboeknummer 8106688_02 geprobeerd grip te krijgen op deze groep sekswerkers met het doel om misstanden tegen te gaan. Wanneer er wordt gekozen om thuissekswerk zonder vergunning toe te staan, adviseren we op basis van de resultaten van de evaluatie van thuissekswerk een zorgvuldige afweging te maken over het al dan niet verruimen van het beleid voor zelfstandig werkende escorts. Bijlage(n) Als bijlage(n) bij dit voorstel behoren: - Bijlage 1. Sekswerk in Eindhoven - Bijlage 2. Participatieverslag sekswerk in Eindhoven - Bijlage 3. Raadsbrief Voortgang leefbaarheid en verdeling exploitatievergunningen Baekelandplein Een ontwerpraadsbesluit bieden wij u hierbij ter vaststelling aan. Burgemeester en wethouders van Eindhoven,
, secretaris.
16
Inboeknummer 8106688_02
Ontwerp Raadsbesluit De raad van de gemeente Eindhoven; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van ;
besluit: 1. Geen wensen en bedenkingen over te brengen ten aanzien van het voorgenomen besluit van het college tot vaststelling van de kaders voor het beleid ‘Sekswerk in Eindhoven’. De kaders voor het beleid ‘Sekswerk in Eindhoven’ gaan uit van de volgende beleidswijzigingen, waarvan punt een, drie en vier uitwerking gaat vinden in de Algemene Plaatselijke Verordening en het omgevingsplan: 1. Het vergunningsvrij, maar onder voorwaarden mogelijk maken van thuissekswerk als beroep aan huis; 2. Het nemen van gemeentelijke regie op het bestuurlijk toezicht op de sekswerkbranche; 3. Het verplicht stellen van een bedrijfsplan als onderdeel van de vergunningaanvraag voor seksinrichtingen; 4. Het voeren van gemeentelijke regie op het beheer van het Baekelandplein door een onafhankelijke derde partij aan te stellen.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van
, griffier.
17