Raadsvoorstel Meerjaren Prognose Vastgoed 2022
Tekst van het document
gemeente Eindhoven Inboeknummer 21bst02013 Dossiernummer 21.51.453 B&W beslisdatum 21 december 2021
Raadsvoorstel Meerjaren Prognose Vastgoed (MPV) 2022 Inleiding In de doorontwikkeling van het gemeentelijke vastgoedbeheer, is uw raad toegezegd u meer te betrekken bij lopende ontwikkelingen, zoals het vaststellen van de meerjaren onderhoudsplanningen (MJOP’s). Dit hebben we afgelopen jaar, naar analogie van de MPG (grondexploitaties), gedaan door u de eerste Meerjaren Prognose Vastgoed (MPV) ter vaststelling voor te leggen. Naast de vaststelling van de actuele meerjaren onderhoudsplanningen, geeft de MPV inzicht in de geactualiseerde verkooplijst, de slooplijst en de stand van zaken rond leegstand en verduurzaming in het gemeentelijk vastgoed. Hierbij bieden we u ter vaststelling de geactualiseerde MPV aan. Tevens ontvangt u ter kennisname het eerste Vastgoedbericht, dat jaarlijks concreet inzicht zal geven in de stand van de gemeentelijke vastgoedportefeuille. In de MPV van 2021 hebben wij u geïnformeerd dat opdracht is gegeven om alle panden, die de verantwoordelijkheid zijn van de gemeentelijke vastgoedorganisatie, te voorzien van nieuwe meerjaren onderhoudsplanningen op basis van NEN 2767 inspecties (conditiemeting van gebouwen en installaties). Dit houdt in dat de bouwtechnische en functionele kwaliteit van alle panden op basis van deze methodiek opnieuw zijn getoetst.
Deze inspecties zijn (grotendeels) afgerond en vormen de basis van de nieuwe MJOP’s, inclusief de financiële doorvertaling hiervan.
Wettelijke taak Kerntaak gekoppeld aan het werkprogramma van het college Jaarlijks een MPV aan de raad voorleggen ter vaststelling van de meerjaren onderhoudsplanningen vastgoed.
Onvermijdelijk
Doelstelling De gemeenteraad nauwer betrekken bij gemeentelijk vastgoed(onderhoud), door jaarlijkse vaststelling van de actuele meerjaren onderhoudsplanningen vastgoed en door te informeren over verkoop, sloop, leegstand en verduurzaming.
Inboeknummer 21bst02013
Voorstel 1. De meerjaren prognose vastgoed (MPV) 2022 en daarmee de actuele meerjaren onderhoudsplanningen vast te stellen. 2. Kennis te nemen van de voorlopige verkooplijst, de voorlopige slooplijst en de stand van zaken met leegstand en verduurzaming gemeentelijk vastgoed, die ter informatie zijn opgenomen in de meerjaren prognose vastgoed 2022. 3. Kennis te nemen van het Vastgoedbericht 2021-2022, dat inzicht geeft de in de actuele stand van de vastgoedportefeuille. 4. Kennis te nemen van het proces rond de dekkingswijze van de kosten voor planmatig/groot onderhoud en dat uw raad in 2022 een separaat voorstel hierover ter besluitvorming zal worden voorgelegd. 5. In te stemmen met het beschikbaar stellen van een investeringskrediet van € 300.000 voor het verhuurklaar maken van panden en de bijbehorende kapitaallasten hiervan te dekken uit de verdisconteerde huur. 6. In te stemmen met vrijval reserve onderwijshuisvesting eigenaarsonderhoud en storting in reserve huisvesting onderwijs. 7. In te stemmen met het verwerken van de budgetten conform de nieuwe meerjaren onderhoudsplanningen in de begroting. 8. In te stemmen met de begrotingswijziging. Argumenten 1.1 Vaststelling van de meerjaren prognose vastgoed (MPV) gaat primair over onderhoud van gemeentelijk vastgoed.
Het college heeft in 2020 besloten dat met raadsvaststelling van de MPV jaarlijks de meerjaren onderhoudsplanningen vastgoed (MJOP’s) worden vastgesteld. De focus ligt daarbij op het eerste jaar en er wordt steeds een doorkijk gegeven naar drie volgende jaren. De eerste MPV is door uw raad in januari 2021 vastgesteld. In 2020 en 2021 zijn voor het opstellen van actuele MJOP’s NEN 2767 inspecties uitgevoerd door een gespecialiseerd extern bureau. Bij toepassing van de NEN 2767 brengen we naast de conditiescores van de bouwelementen ook de risicoaspecten van gebreken in kaart. Afhankelijk van het toekomstig doel van het pand vormen de conditiescore en de risico’s tezamen de basis voor het bepalen van het gewenste onderhoudsregime. Zo vormen de resultaten van de externe inspecties, aangevuld met de kennis van interne deskundigen, de basis voor de nieuwe MJOP’s. De nieuwe MJOP’s met geactualiseerde verkooplijst, slooplijst en leegstandslijst worden conform afspraak ook dit jaar aan u voorgelegd ter vaststelling, respectievelijk kennisname. 2.1 De voorlopige verkooplijst is geactualiseerd. In december 2020 heeft het college de voorlopige verkooplijst vastgesteld en is deze via het MPV-dossier ter kennisgeving aan uw raad aangeboden. Dit is een jaarlijks terugkerende actie.
Het geactualiseerd vaststellen van de voorlopige verkooplijst is géén verkoopbesluit en betekent niet dat per direct alle panden op de lijst actief in verkoop staan (vandaar de toevoeging ‘voorlopige’). Verwachte verkoopresultaten worden dan ook niet op basis van de verkooplijst in de begroting verwerkt. Met het vaststellen van de lijst geven wij een opdracht aan de vastgoedorganisatie om actief te gaan studeren op
2
Inboeknummer 21bst02013
de beste aanpak van een verkooptraject van een pand, waarbij we indien nodig ook zullen kijken naar de huidige invulling van het gebouw. Het vaststellen van de voorlopige verkooplijst is een bevoegdheid van het college. Aangezien de lijst jaarlijks wordt bijgewerkt, vermeldt deze alleen de panden waarvan het daadwerkelijk opstarten of afronden van een verkooptraject binnen twee jaar verwacht mag worden. De horizon loopt in deze versie dus tot en met 2023. 2.2 Monitoring van de voortgang op sloop en leegstand. In navolging op de voorlopige verkooplijst, wordt ook de slooplijst jaarlijks door het college geactualiseerd en vastgesteld. Deze lijst vermeldt alleen de panden waarvan het daadwerkelijk slopen binnen twee jaar verwacht mag worden. De horizon loopt in deze versie tot en met 2023. Met het actualiseren van de slooplijst, krijgen we inzichtelijk hoeveel panden er het afgelopen jaar zijn gesloopt. De dekking van de bijbehorende sloopkosten en afwaardering zit veelal in bestaande of te verwachten grondexploitaties, of komt uit de reserve huisvesting onderwijs als het een voormalige school betreft. Indien besluitvorming over de sloop formeel nog niet heeft plaatsgevonden, ontvangt het college separaat een voorstel inclusief bijbehorende dekking ter besluitvorming.
Als sloop per saldo het meest gunstig is, maar alternatieve dekkingsbronnen voor de incidentele kosten (nog) niet voorhanden zijn, kan de vastgoedorganisatie aan het college voorstellen om via de kadernota dekking aan te vragen. Voor deze periode staan er elf panden op de nominatie om te worden gesloopt. Deze zijn opgenomen in de voorlopige slooplijst (bijlage III). Vijf van deze panden stonden ook op de slooplijst van 2021. De overige panden uit de vorige lijst zijn inmiddels gesloopt. Naast sloop wordt u middels het overzicht leegstandsbeheer (Bijlage IV) geïnformeerd over de stand van zaken rond leegstandsbeheer binnen de vastgoedportefeuille van de gemeente. Dit beheer houdt in, conform het vastgoedbeleid, dat optimaal gebruik wordt gemaakt van ‘leegstaande’ panden zolang dat nog opportuun is. Bijvoorbeeld tijdelijk gebruik voor creatieve ondernemers tot het moment van sloop of eigendomsoverdracht. 3.1 Het Vastgoedbericht 2021-2022 geeft inzicht in de samenstelling van de vastgoedportefeuille en in (onder meer) de verdeling over kern-, rand- en restportefeuille. Conform het vastgoedbeleid 2020 publiceren we vanaf nu jaarlijks het Vastgoedbericht. Dit is een beknopt document dat de actuele situatie rond de gemeentelijke vastgoedportefeuille laat zien (peildatum 1 oktober jl).
Tevens geeft het een korte doorkijk naar de focus van de vastgoedorganisatie in het afgelopen en komende kalenderjaar (in casu 2021 en 2022). Per deelportefeuille wordt in het Vastgoedbericht onder meer getoond, hoe deze is verdeeld over de kernportefeuille, randportefeuille en restportefeuille. Eenvoudig gesteld bestaat de kernportefeuille uit panden die de gemeentelijke beleidsdoelen volwaardig dienen en langdurig in exploitatie zullen blijven. De restportefeuille bevat panden waar we waarschijnlijk binnen drie jaar afscheid van nemen, omdat ze geen maatschappelijk doel meer (kunnen) dienen. De randportefeuille is een tussencategorie. Ook deze panden zijn tijdelijk in portefeuille, maar vaak wel langduriger dan drie jaar. Ze dienen
3
Inboeknummer 21bst02013
hooguit indirect een beleidsdoel; bijvoorbeeld strategisch verworven panden die op termijn deel gaan uitmaken van een ruimtelijke ontwikkeling. De deelportefeuilles welzijn en cultuur bevinden zich volledig in de kernportefeuille. De deelportefeuille RO-overig heeft (logischerwijs) relatief de meeste gebouwen in de resten randportefeuilles. 4.1 We informeren u over het opheffen van de reserve vastgoed eigenaarsonderhoud en de toekomstige wijze van verwerking van onderhoudslasten in begroting en jaarrekening. Bij de jaarrekening 2018 zijn de onderhoudsvoorzieningen voor gemeentelijk vastgoed (maar ook andere onderhoudsvoorzieningen) opgeheven en zijn de bijbehorende middelen via resultaatbestemming in de Reserve Vastgoed Eigenaarsonderhoud gestort ten behoeve van (groot) onderhoud. De reden voor deze omzetting was de constatering van de accountant dat de onderbouwingen van de voorzieningen niet voldeden aan de strenge eisen die de wet daaraan stelt. Tevens is in de accountantscommissie van 21 oktober 2019 toegelicht dat bekostiging van onderhoudslasten uit reserves slechts tijdelijk is toegestaan op basis van geldende regels en dat we in overleg met onze toezichthouder, de provincie Noord-Brabant, afspraken moeten maken over deze tijdelijkheid.
Daarnaast is toegelicht dat er drie mogelijkheden zijn om onderhoudslasten financieel te verwerken in onze begroting en jaarrekening: via een egalisatievoorziening voor groot onderhoud, door in de exploitatie budgetten op te nemen voor groot onderhoud of door groot onderhoud als vervangingsinvestering te behandelen. Het college heeft vervolgens besloten om de kosten van groot onderhoud waar mogelijk weer via voorzieningen te verwerken. Hierover is uw raad middels de raadsinformatiebrief ‘sturing op onderhoudskosten’ in december 2019 geïnformeerd. In de loop van 2022 zal blijken in welke mate een terugkeer naar voorzieningen daadwerkelijk mogelijk en wenselijk is. Om te voldoen aan de strenge eisen die de regelgeving stelt aan het voeren van onderhoudsvoorzieningen moeten er een aantal stappen worden gezet, zoals het opstellen van actuele beheerplannen en deze periodiek (minimaal eens in de vier jaar) door de raad laten vaststellen. De afgelopen periode is het maatschappelijk vastgoed geïnspecteerd op basis van de NEN 2767 en het toekomstperspectief van elk pand. De uitkomsten hiervan zijn verwerkt in de beheerplannen (meerjaren onderhoudsplanningen, MJOP’s) welke middels voorliggend raadsvoorstel ter vaststelling aan uw raad worden voorgelegd.
Hiermee wordt een belangrijke stap gezet in het opheffen van de Reserve Vastgoed Eigenaarsonderhoud en de toekomstige wijze van verwerking van onderhoudslasten in begroting en jaarrekening. In overeenstemming met de gehanteerde werkwijze voor het vaststellen van het ‘wegenbeheerplan 2021-2024’, zal daarom nader worden uitgewerkt op welke wijze en voor welke taakvelden we de terugkeer van reserve naar voorzieningen voor planmatig/ groot onderhoud willen vormgeven. De accountant toetst vervolgens of we als gemeente, volgens de geldende BBV richtlijnen, voor planmatig/ groot onderhoud wel of geen onderhoudsvoorzieningen mogen voeren.
4
Inboeknummer 21bst02013
De afstemming met de accountant doen we middels backtesting1. Dit doen we omdat backtesting voor de accountant een belangrijk onderdeel is bij de controle van de jaarrekening op het onderdeel onderhoudsvoorzieningen. Hiermee stelt de accountant namelijk vast of onze beheerplannen (MJOP’s) op orde zijn, of dat deze bijgesteld moeten worden. Door de wijze van backtesting vooraf met de accountant af te stemmen, voorkomen we dat de voorgestelde wijze van backtesting door de gemeente op een later moment alsnog een struikelblok vormt bij de controle van de accountant. Het (vervolg)proces om tot een invulling te komen voor verwerking van onderhoudslasten in begroting en jaarrekening is in onderstaande tabel weergegeven. Tevens is daarbij aangegeven wat de status/ planning is van de processtappen. Processtap Uitvoeren NEN inspecties
Status/ Planning Vrijwel afgerond
Uitkomsten NEN inspecties verwerken in MJOP’s MJOP’s vaststellen door Raad
Vrijwel afgerond Voorliggend voorstel 2022
Per deelportefeuille voor planmatig/ groot onderhoud bepalen of kosten gedekt moeten worden uit exploitatie of voorziening* Uitwerken aanpak backtesting voor 2022 onderhoudsvoorzieningen Met accountant afstemmen voor welke deelportefeuilles 2022 onderhoudsvoorzieningen worden ingesteld en aanpak backtesting Indien en voor zover blijkt dat we (deels) terug moeten naar 2022 onderhoudsvoorzieningen dit middels een Raadsdossier formaliseren * Het was de wens van het college om zoveel mogelijk terug te keren naar de situatie waarbij het planmatig/ groot onderhoud geëgaliseerd wordt door middel van een onderhoudsvoorziening. Een onderhoudsvoorziening is echter alleen toegestaan indien deze daadwerkelijk een egaliserende werking heeft. Indien blijkt dat het planmatig/ groot onderhoud geen hoge fluctuaties kent en de kosten dus al geëgaliseerd zijn, mag er geen onderhoudsvoorziening worden ingesteld en moeten de kosten rechtstreeks ten laste van de exploitatie worden gebracht. 5.1 Een pand moet snel verhuurklaar kunnen worden gemaakt. De gemeentelijke vastgoedorganisatie heeft alleen onderhoudsbudgetten tot haar beschikking. Soms zijn echter functionele wijzigingen aan een pand noodzakelijk, bijvoorbeeld wanneer een nieuwe huurder een gebouw wil gaan betrekken. Daarvoor zijn nu geen middelen beschikbaar. Dit leidt in de praktijk tot vertragingen die veel ongemak geven en geld kosten.
Met het voorgestelde investeringskrediet kan snel worden ingespeeld op voor een nieuwe huurder noodzakelijke aanpassingen aan het 1 Toetsen of het geplande groot onderhoud is uitgevoerd dan wel of de planning te optimistisch of te
sober is gebleken.
5
Inboeknummer 21bst02013
pand. Dit leidt tot kortere leegstandsperioden en een hogere inzetbaarheid van onze panden. Wanneer het om een significante kwaliteitsverbetering gaat, mogen deze kosten geactiveerd worden. Hierbij wordt uitgegaan van een afschrijvingstermijn van tien jaar. Door dit te verdisconteren in de huur zijn de bijbehorende kapitaallasten gedekt. 6.1 Vrijval reserve onderwijshuisvesting eigenaarsonderhoud en storting in reserve huisvesting onderwijs. Ook voor de onderwijspanden in eigendom van de gemeente zijn nieuwe MJOP’s opgesteld. Hierbij speelt een onderscheid tussen panden die langdurig worden geëxploiteerd en panden die op bepaalde termijn worden verkocht. In de exploitatie van onderwijshuisvesting zit voldoende onderhoudsbudget voor de panden die langdurig worden geëxploiteerd. Er is echter onvoldoende onderhoudsbudget voor de verkooppanden. Het negatieve exploitatiesaldo bij deze panden wordt door het gesloten systeem van onderwijsvesting al jaren verrekend met de reserve huisvesting onderwijs. Het is daarom te verantwoorden het saldo van de reserve onderwijshuisvesting eigenaarsonderhoud, dat in het verleden is opgebouwd vanuit de begroting onderwijshuisvesting, te laten vrijvallen ten gunste van de reserve huisvesting onderwijs. Het doel van deze reserve is namelijk het opvangen van tekorten in de begroting van onderwijshuisvesting.
Wanneer we afstappen van onderhoudsreserves (naar verwachting in 2023), zal voor het planmatig onderhoud van de langdurig te exploiteren panden gekeken worden of er weer een aparte voorziening kan worden ingesteld. Per 1-1-2022 is de stand van de reserve onderwijshuisvesting eigenaarsonderhoud naar verwachting € 1.596.000. Het voorstel is dat bedrag te laten vrijvallen ten gunste van reserve huisvesting onderwijs. 7.1 Bestaande exploitatiebudgetten voor onderhoud worden conform de meerjaren onderhoudsplanningen in de begroting ingeregeld. De raad heeft door het vaststellen van de begroting de budgetten bepaald waarbinnen onderhoud gerealiseerd dient te worden. Om ervoor te zorgen dat de onderhoudsbudgetten in de begroting in lijn zijn met de MJOP’s vastgoed, dienen budgetten op een aantal onderdelen middels een begrotingswijziging aangepast te worden. Nu vrijwel alle NEN 2767-inspecties zijn uitgevoerd, blijkt de bij aanvang (september 2020) aan uw raad uitgesproken verwachting te kloppen. De verwachting was dat er wel sprake zou zijn van plussen en minnen tussen de lopende begroting en de nieuwe inzichten op grond van de inspecties, maar dat per saldo geen grote afwijking zou optreden.
Inderdaad blijkt op dit moment slechts sprake van een marginaal tekort, van minder dan een ton structureel op jaarbasis, op het exploitatie- en planmatig onderhoud van het huidige bezit van Vastgoed. Dit tekort kan worden gedekt uit de onderhoudsreserve. De MPV gaat hoofdzakelijk over zogenaamd eigenaarsonderhoud. Echter ook een deel van het gebruikersonderhoud dat gebouwgebonden is wordt vanuit efficiency,
6
Inboeknummer 21bst02013
kundigheid en logica door de vastgoedafdeling uitgevoerd en maken onderdeel uit van de MJOP’s. Op dit aspect zijn de analyses in de deelportefeuille Sport nog niet afgerond. Daar moet een verevening plaatsvinden tussen gebruikersonderhoud en eigenaarsonderhoud, welke beide aandachtsvelden overigens binnen hetzelfde taakveld en dezelfde sector belegd zijn. De deelportefeuille Sport maakt derhalve geen onderdeel uit van voornoemde begrotingswijziging. Hiervoor volgt een separaat dossier, waarmee de onderhoudsbudgetten voor het totale taakveld sport worden ingeregeld. Dit dossier zal in 2022 aan de gemeenteraad worden voorgelegd. Kanttekeningen 1.1 De actuele onderhoudsplanningen zijn nog niet allemaal geactualiseerd op basis van NEN 2767 inspecties. Nog niet alle meerjaren onderhoudsplanningen die via de MPV aan de raad ter vaststelling worden aangeboden, zijn gebaseerd op de externe inspecties (conditiemetingen) conform NEN 2767. Het gaat hier onder andere om panden waar grootschalige verbouwingen (gaan) plaatsvinden. Om deze reden is ervoor gekozen om in voorkomend geval de reeds bestaande MJOP’s op te nemen in deze MPV. Daarnaast zijn er enkele nieuwe panden in portefeuille gekomen, waarvoor de MJOP nog moet worden opgesteld, zoals het dierenopvangcentrum en het Chinees Paviljoen. Dit gebeurt in de eerste helft van 2022.
Indien er voor de resterende panden naar aanleiding van de inspecties afwijkingen worden geconstateerd en dit financiële consequenties heeft, wordt u daar in de tussenrapportage over geïnformeerd. 1.2 De MPV richt zich op het vastgoed waar de gemeentelijke vastgoedorganisatie verantwoordelijk voor is. De meerjaren prognose vastgoed neemt vrijwel alle gemeentelijke gebouwen mee, maar er bestaan in deze editie nog wat uitzonderingen. Onder de verantwoordelijkheid van bijvoorbeeld grond of verkeer is de gemeente in een aantal gevallen namelijk óók eigenaar van panden; de vastgoedorganisatie draagt daar geen verantwoordelijkheid voor. Het betreft circa 10-15 panden. In gezamenlijkheid wordt momenteel een totaalinventarisatie gemaakt, waarbij uiteindelijk besloten zal worden hoe het beheer en onderhoud van deze panden het beste kan worden geregeld en bekostigd. Deze inventarisatie zal in 2022 worden afgerond. 5.1 Vroegtijdig beëindigen van de huurovereenkomst geeft een risico. Wanneer de huurovereenkomst binnen tien jaar wordt beëindigd in een pand waar is verbouwd om het verhuurklaar te maken, zijn de kapitaallasten van de uitgevoerde aanpassingen aan het gebouw niet meer gedekt door de verdisconteerde huur. Maar “(tijdelijke) leegstand” is altijd een risico, waarmee in de verdiscontering van de huur rekening wordt gehouden.
In ieder geval zal vooraf een allonge worden opgesteld waarin een en ander wordt vastgelegd en bovendien zal de betrouwbaarheid van de huurder beoordeeld worden. Mocht toch onverhoopt de huurovereenkomst vroegtijdig beëindigd worden, dan zal geprobeerd worden de verdisconteerde huur door te leggen aan de volgende huurder indien de huidige huurder niet in staat is de resterende huur af te lossen.
7
Inboeknummer 21bst02013
Kosten Voor de panden die op de voorlopige verkoop- en slooplijst staan, wordt jaarlijks bij de jaarrekening getoetst of er sprake is van duurzame waardevermindering. Er wordt getoetst of de marktwaarde van de panden op de voorlopige verkoop- en slooplijst duurzaam lager is dan de boekwaarde. Dit kan tot een extra last in de vorm van afwaardering van boekwaarden leiden. De panden die op deze lijsten staan zijn in een eerder stadium al hierop getoetst. De onderhoudsduitgaven voor het MJOP 2022-2025 zien er als volgt uit (tabel wordt nader uitgewerkt in de MPV):
Dekkingsbron (x € 1.000)
2022
2023
2024
2025
Exploitatie
€
2.324
€
2.323
€
2.323
€
2.323
Onderhouds reserve
€
2.362
€
2.362
€
2.362
€
2.362
Vervangings investering
€
7.989
€
4.741
€
3.279
€
4.535
Eindtotaal
€
12.675
€
9.426
€
7.964
€
9.221
Nu vrijwel alle NEN 2767-inspecties zijn uitgevoerd, blijkt de in september 2020 aan uw raad uitgesproken verwachting te kloppen. De verwachting was dat er wel sprake zou zijn van plussen en minnen tussen de lopende begroting en de nieuwe inzichten op grond van de inspecties, maar dat per saldo geen grote afwijking zou optreden. Inderdaad blijkt op dit moment slechts sprake van een marginaal tekort. Op exploitatie onderhoud is een overschot van € 79.000 en op planmatig onderhoud een tekort van € 174.000, per saldo dus ca. een ton structureel tekort op jaarbasis. Het overschot op exploitatieonderhoud wordt vooralsnog niet ingezet zodat hiermee op een later moment de uitkomsten van de nog op te stellen nieuwe MJOP’s ingeregeld kunnen worden. Het jaarlijkse tekort van € 174.000 op planmatig onderhoud wordt voor een periode van 20 jaar gedekt uit de reserve planmatig eigenaarsonderhoud vastgoed. De stand van de reserve vastgoed eigenaarsonderhoud bedraagt na een periode van 20 jaar (in 2041) € 4.3 miljoen. We concluderen dan ook dat binnen de Begroting 2022-2025 voldoende middelen aanwezig zijn in de exploitatie ofwel in de reserve vastgoed eigenaarsonderhoud om al dit onderhoud te kunnen bekostigen. Er zijn wel verschuivingen op pandniveau c.q. taakveldniveau. Middels bijgaande begrotingswijziging worden de budgetten aangepast.
Uitzondering hierop is het inregelen van budgetten voor het onderhoud aan sportlocaties. Zoals bij argument 5.5 aangegeven, wordt er voor het taakveld sport een apart dossier in routing gebracht waarmee de onderhoudsbudgetten voor het totale taakveld sport worden ingeregeld.
8
Inboeknummer 21bst02013
Het investeringskrediet van € 300.000 betreft een nader in te zetten krediet voor aanpassingen aan gebouwen ten behoeve van maatschappelijke verhuur. Op basis van een afschrijvingstermijn van tien jaar bedragen de (gemiddelde) kapitaallasten van het investeringskrediet jaarlijks € 31.650. Deze kosten worden gedekt door extra huurbaten. Indien (een deel van) dit investeringskrediet wordt ingezet, zullen de daaruit voortvloeiende kapitaallasten middels een allonge in rekening worden gebracht bij de huurder en wordt de begroting middels een begrotingswijziging in het actualisatiedossier hierop aangepast. Vooralsnog is dit een incidentele maatregel om ervaring op te doen met dit krediet. In het nog op te stellen raadsvoorstel rond het opheffen van de onderhoudsreserves (2022) zal bij gebleken succes een voorstel worden gedaan om dit structureel in te regelen. De stand van de reserve onderwijshuisvesting eigenaarsonderhoud bedraagt naar verwachting eind 2021 € 1.596.000. Dit saldo zal gestort worden in de reserve huisvesting onderwijs. Wat betreft verduurzaming: vooralsnog heeft het (demissionaire) kabinet voor het dekken van uitvoeringskosten geen extra middelen ter beschikking gesteld aan de decentrale overheden, wat volgens een recent advies van de Raad voor het Openbaar Bestuur wel noodzakelijk is.
Communicatie Huurders van gebouwen op de voorlopige slooplijst en voorlopige verkooplijst zijn op de hoogte van de status van hun pand. Verdere externe communicatie over dit dossier is niet nodig, aangezien het doel primair is het nader betrekken van uw raad bij een aantal vastgoedthema’s. Planning en uitvoering Jaarlijks ontvangt uw raad de MPV ter vaststelling, opdat u elk jaar de actuele meerjaren onderhoudsplannen kunt vaststellen. Voor de vast te stellen status wordt steeds gewerkt met een vaste peildatum, namelijk 1 oktober jongstleden. Door het uitlopen van de onderhoudsinspecties (NEN 2767) is, daar waar mogelijk, nog een update doorgevoerd na 1 oktober, om uw raad toch zoveel mogelijk de nieuwste inzichten voor te leggen. Evaluatie Leerpunten van deze MPV worden verwerkt en meegenomen in de volgende versie, aangezien een jaarlijkse frequentie is afgesproken. Over enkele jaren zal de frequentie worden geëvalueerd, aangezien het BBV voor het vaststellen door een raad van de meerjaren onderhoudsplannen een vierjaarlijkse cyclus als minimum stelt. Bijlage(n) Als bijlage(n) bij dit voorstel behoren: • Meerjaren Prognose Vastgoed (MPV) 2022 • Vastgoedbericht 2021-2022 • Begrotingswijziging
9
Inboeknummer 21bst02013
De bijlagen worden meegestuurd
Een ontwerpraadsbesluit bieden wij u hierbij ter vaststelling aan. Burgemeester en wethouders van Eindhoven, , secretaris.
10
Inboeknummer 21bst02013
Raadsbesluit De raad van de gemeente Eindhoven; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 21 december 2021; gelet op de behandeling in de meningsvormende vergadering van 22 februari 2022;
besluit: 1. 2.
3. 4.
5.
6. 7. 8.
De meerjaren prognose vastgoed (MPV) 2022 en daarmee de actuele meerjaren onderhoudsplanningen vast te stellen. Kennis te nemen van de voorlopige verkooplijst, de voorlopige slooplijst en de stand van zaken met leegstand en verduurzaming gemeentelijk vastgoed, die ter informatie zijn opgenomen in de meerjaren prognose vastgoed 2022. Kennis te nemen van het Vastgoedbericht 2021-2022, dat inzicht geeft de in de actuele stand van de vastgoedportefeuille. Kennis te nemen van het proces rond de dekkingswijze van de kosten voor planmatig/groot onderhoud en dat uw raad in 2022 een separaat voorstel hierover ter besluitvorming zal worden voorgelegd. In te stemmen met het beschikbaar stellen van een investeringskrediet van € 300.000 voor het verhuurklaar maken van panden en de bijbehorende kapitaallasten hiervan te dekken uit de verdisconteerde huur. In te stemmen met vrijval reserve onderwijshuisvesting eigenaarsonderhoud en storting in reserve huisvesting onderwijs. In te stemmen met het verwerken van de budgetten conform de nieuwe meerjaren onderhoudsplanningen in de begroting. In te stemmen met de begrotingswijziging.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 8 maart 2022.
W. van der Meer, waarnemend griffier.
11