Raadsvoorstel Financiering projectportfolio Eindhoven Energie
Tekst van het document
gemeente Eindhoven Inboeknummer 8107569_03 Dossiernummer 26.04.251 B&W beslisdatum 20 januari 2026
Raadsvoorstel Financiering projectportfolio Eindhoven Energie Inleiding De gemeenteraad heeft op 26 november 2024 besloten tot de oprichting van een publiek energiebedrijf (raadsvoorstel 24bst01138). Daarmee wil Eindhoven meer grip te krijgen op de energietransitie en de snelle groei van de stad. Eindhoven Energie heeft de opdracht meegekregen energievoorzieningen te realiseren die 1) betaalbaar en inclusief, 2) duurzaam, 3) betrouwbaar, 4) efficiënt en voortvarend en 5) maatschappelijk en financieel rendabel zijn. De ontwikkeling van collectieve warmtevoorzieningen draagt bij aan een efficiënt energiesysteem dat de groei en verduurzaming van de stad faciliteert en waarin de groeiende energievraag zo min mogelijk extra druk legt op het nu al overbelaste elektriciteitsnet. Bij de oprichting heeft de raad voor de eerste jaren een bedrag van € 8,5 miljoen gereserveerd, waarmee Eindhoven Energie kan werken aan de op- en inrichting van de organisatie en de opbouw van een startportfolio. Inmiddels wordt van Eindhoven Energie medewerking gevraagd op een groter aantal projecten dan bij het oprichtingsbesluit was voorzien. Dit hangt samen met de snelle ontwikkeling van de stad en vraagt om een aanvullend bedrag van € 6,77 miljoen voor de opbouw van een ontwikkelportfolio.
Met het voorliggende voorstel wordt de eerder toegezegde financiering voor de startportefeuille en de aanvullende financiering voor de ontwikkelportefeuille ingeregeld. Daarnaast is het college voornemens om Eindhoven Energie een financieringsarrangement te verstrekken waarmee kredieten kunnen worden verstrekt. Aanvullend voorziet dit voorstel in financiering voor het eerste concrete warmteproject dat Eindhoven Energie gaat realiseren. Op 28 november 2024 heeft de gemeenteraad van Eindhoven ingestemd met de voorbereiding van de eerste fase (23bst01230). Deze omvat de aansluiting van maximaal 1.358 huurwoningen en optioneel 675 koopwoningen. Eindhoven Energie gaat aan de slag met de bouw van het eerste Buurtwarmtecentrum (BWC) en het warmtenet ten behoeve van de Hudsonlaan. Het BWC krijgt voldoende capaciteit om in een latere fase ook woningen in Oude Toren aan te sluiten en is in samenspraak met bewoners ontworpen. Hiervoor wordt een aparte kapitaalstorting van
Inboeknummer 8107569_03 € 0,91 miljoen gevraagd en een additionele lening van € 4,5 miljoen voor deze overdimensionering van het Buurtwarmtecentrum.
Doelstelling Dit voorstel heeft als doel de financiering van Eindhoven Energie in te regelen ten behoeve van het opbouwen van een start- en ontwikkelportfolio en het realiseren van het Buurtwarmtecentrum en warmtenet Hudsonlaan.
Voorstel 1. Een gefaseerde kapitaalstorting vast te stellen ter hoogte van € 15.270.000,- in het eigen vermogen van Eindhoven Energie bv, waarvan € 8.500.000,- voor het ontwikkelen van de startportefeuille en € 6.770.000,- voor de ontwikkelportefeuille, op basis van de door Eindhoven Energie bv vastgestelde portefeuilleplanning (bijlage 3). a. De hieruit volgende kapitaallasten oplopend tot jaarlijks € 153.000,- te dekken uit de structurele stelpost kapitaallasten strategische investeringen klimaat en energie. b. Ter afdekking van het risico op afwaardering van de deelneming Eindhoven Energie een risicoreserve in te stellen met de naam ‘Reserve Afwaardering Eindhoven Energie’ c. Een bedrag van € 1.250.000,- te storten in deze reserve en dit bedrag te dekken uit de bij raadsbesluit 24bst01138 geoormerkte middelen voor Eindhoven Energie in de reserve strategische investeringen. 2. Geen wensen en bedenkingen in te brengen ten aanzien van het voornemen van het college om, passend binnen de kaders van het treasury-statuut, aan Eindhoven Energie een financieringsarrangement te verstrekken, bestaande uit twee onderdelen: i.
een rekening-courantfaciliteit aan Eindhoven Energie Warmte bv voor maximaal € 10.000.000,- met een looptijd van 10 jaar, waarbinnen na goedkeuring door het college van burgemeester en wethouders per businesscase een kortlopende kredietfaciliteit voor de aanloopkosten van elke businesscase kan worden verstrekt, af te lossen via de binnen een project te ontvangen bijdrage aansluitkosten (BAK), subsidies en btw-teruggave ii. een mantelfaciliteit ter hoogte van maximaal € 25.000.000,- waarbinnen na goedkeuring door het college van Burgemeester en Wethouders per businesscase langlopende projectfinanciering kan worden verstrekt aan de uitvoerende werkmaatschappij van Eindhoven Energie Warmte bv met een maximale looptijd van 10 jaar per lening. a. Ter afdekking van het risico een bedrag van € 1.750.000,- te storten in de reserve risico’s verstrekte garanties en geldleningen, te dekken uit de bij raadsbesluit 24bst01138 geoormerkte middelen voor Eindhoven Energie in de reserve strategische investeringen.
2
Inboeknummer 8107569_03 3. Een kapitaalstorting vast te stellen ter hoogte van € 910.000,- in het eigen vermogen van Eindhoven Energie bv ter dekking van de businesscase voor het Warmtenet Hudsonlaan. a. De kapitaalslasten hierover ad. € 9.000,- te dekken uit de structurele stelpost kapitaallasten strategische investeringen Klimaat en Weer. 4. Aan EEW Hudsonlaan bv een converteerbare, aflossingsvrije lening te verstrekken ter hoogte van € 4.500.000,- met een looptijd van vijf jaar, ter financiering van de overdimensionering van het Buurtwarmtecentrum en de WKO-installatie a. Ter afdekking van het risico een bedrag van € 4.500.000,- storten in de reserve risico’s verstrekte garanties en geldleningen en deze te dekken uit de bij raadsbesluit 24bst01138 geoormerkte middelen voor Eindhoven Energie in de reserve strategische investeringen. b. Na vijf jaar deze lening te herfinancieren binnen het financieringsarrangement dan wel deze om te zetten in een kapitaalstorting aan Eindhoven Energie; c. Het bedrag van € 4.500.000,- in de reserve risico’s verstrekte garanties en geldleningen terug te storten in de reserve strategische investeringen op het moment dat de converteerbare lening wordt afgelost of herfinanciering plaatsvindt binnen het financieringsarrangement. 5.
Een bedrag van € 1.000.000,- uit de bij raadsbesluit 24bst01138 geoormerkte middelen voor Eindhoven Energie in de reserve strategische investeringen te oormerken ter dekking van de aanvullende exploitatiekosten voor de overdimensionering van het BWC en de WKO-installatie voor het project Hudsonlaan. a. Het college van burgemeester en wethouders te mandateren tot onttrekking van dit bedrag van € 1.000.000,- uit de reserve strategische investeringen voor nadere invulling. 6. De begrotingswijziging(en) aldus vast te stellen.
Argumenten 1.1 Het verschaffen van werkkapitaal biedt Eindhoven Energie de gelegenheid een adequate organisatie op te bouwen en te werken aan de ontwikkeling van een duurzaam projectportfolio. Als beginnende onderneming moet Eindhoven Energie in de opstartfase haar bedrijfsorganisatie inrichten. Ook moet Eindhoven Energie kosten maken voor onderzoek en de ontwikkeling van mogelijke warmteprojecten. Bij de start staan hier geen exploitatie-inkomsten tegenover waarmee deze kosten gedekt kunnen worden. Het daadwerkelijk in ontwikkeling nemen van die projecten vindt immers pas later plaats. Wanneer deze kosten drukken op de eerste warmteprojecten, heeft dat consequenties voor de individuele businesscases van die warmteprojecten en de prijs die inwoners in de toekomst moeten betalen voor hun warmte. Dan zouden de afnemers van deze eerste warmtenetten de ontwikkelkosten voor een stadsbrede organisatie betalen. Dat is onwenselijk en past niet bij het uitgangspunt van een inclusieve en betaalbare energietransitie. Door voor de opbouw van de organisatie en
3
Inboeknummer 8107569_03 de voorbereiding van een projectportfolio apart kapitaal in te brengen, wordt dit ongewenste effect voorkomen. 1.2 Een kapitaalverschaffing als aandeelhouder in de vorm van een kapitaalinjectie in het eigen vermogen van Eindhoven Energie sluit aan bij het doel van de financiering, de positie van de gemeente als aandeelhouder en die van Eindhoven Energie als publiek warmtebedrijf. De onder beslispunt 1 genoemde middelen ter hoogte van € 15,77 miljoen hebben derhalve tot doel de opstartkosten en de kosten voor het onderzoek naar mogelijke warmteprojecten te dekken. Om te beantwoorden op welke wijze dit bedrag in lijn met het staatssteunrecht, het aanbestedingsrecht en de Wet Markt en Overheid beschikbaar gesteld kan worden, is extern advies ingewonnen. Conclusie is dat kapitaalverschaffing door de aandeelhouder het meest voor de hand ligt. Daarmee wordt kapitaal ter beschikking gesteld ten behoeve van (in beginsel) alle huidige en toekomstige activiteiten van de onderneming en de daarvoor te maken kosten. Een opdrachtverstrekking ligt hiervoor niet voor de hand, aangezien de inzet van dit budget op korte termijn niet leidt tot concrete diensten of werken die door Eindhoven Energie voor de gemeente Eindhoven worden verricht of gerealiseerd. Om diezelfde reden is ook een subsidie geen geëigend financieringsinstrument.
Tot slot ligt ook het verstrekken van een geldlening niet voor de hand, aangezien de rentebetaling en aflossing hiervan zouden drukken op het toekomstig bedrijfsresultaat. 1.3 Met het oprichten van een reserve wordt het risico op afwaardering ondervangen. Een kapitaalinjectie in een bedrijf geldt als een investering die de totale waarde van het bedrijf Eindhoven Energie doet toenemen. Gevolg is dat de jaarlijkse kapitaalslasten van deze investering moeten worden gedekt, maar niet de hoogte van de totale investering. Daarmee bestaat het risico van afwaardering. Wanneer in de toekomst de totale waarde van het bedrijf lager wordt getaxeerd dan het geïnvesteerde bedrag (boekwaarde), moet de boekwaarde worden afgewaardeerd. De waarde van het energiebedrijf wordt bepaald door de te ontwikkelen projecten. Rendabele kasstromen zijn noodzakelijk om de financiële zelfstandigheid van het energiebedrijf te bewerkstelligen. Het is van belang dat projecten tijdig richting een investeringsbesluit kunnen bewegen en de stap van ontwikkeling naar realisatie en exploitatie wordt gezet. Om dat te borgen, heeft Eindhoven Energie haar start- en ontwikkelportefeuille aangescherpt (bijlage 3). De prioriteit ligt bij projecten die in 20262027 haalbaar richting een investeringsbesluit kunnen komen en gaan bijdragen aan tijdige omzetontwikkeling.
Desondanks is het risico op afwaardering nooit helemaal te mitigeren. Door voor dit risico nu een reserve in het leven te roepen, wordt voorkomen dat een eventuele afwaardering wordt afgewenteld op de algemene middelen.
4
Inboeknummer 8107569_03 1.4 Het instellen van een reserve is een bevoegdheid van de raad. A. Doel en de functie van de reserve: negatieve resultaten voortvloeiend uit afwaardering van de deelneming Eindhoven Energie en dochterondernemingen van Eindhoven Energie opvangen. B. Voeding van de reserve: incidentele stortingen op basis van risico-inschatting; C. De criteria voor stortingen en onttrekkingen: wanneer de deelneming in Eindhoven Energie of dochterondernemingen van Eindhoven Energie afwaardering nodig hebben, kan deze reserve worden ingezet om de negatieve resultaten te egaliseren, voortvloeiend uit afwaardering van de deelneming Eindhoven Energie en aanverwanten opvangen; D. Gemachtigd voor het doen van onttrekkingen: het college is gemachtigd voor het doen van onttrekkingen; E. Soort Reserve: bestemmingsreserve met risicofunctie F. Maximum hoogte van de reserve: € 10.000.000,-; G. Minimum hoogte van de reserve: € 0,-; H. Looptijd van de reserve: geen einde looptijd.
2.1 Het voorstelde financieringsarrangement biedt een transparante, schaalbare en financieel verantwoorde basis voor de verdere groei van Eindhoven Energie en maakt het mogelijk om investeringen in de warmtenetten doelgericht en beheerst te financieren. Eindhoven Energie kan op basis van raadsbesluit 24bst01138 in de periode 20252032 beschikken over een kapitaalgarantie van € 18 miljoen voor het in ontwikkeling nemen van concrete projecten. Deze wordt gefaseerd en op basis van concrete investeringsvoorstellen per project beschikbaar gesteld aan Eindhoven Energie. Dit is evenwel onvoldoende voor het financieren van de totale investeringsvraag. Naast inbreng van dit eigen vermogen zal Eindhoven Energie daarom voor het totale projectportfolio ook vreemd vermogen moeten aantrekken. Dat gebeurt doorgaans op de kapitaalmarkt. Uit gesprekken met externe financiers en deskundigen blijkt echter dat financiers in de opstartfase van de onderneming niet bereid zijn financieringen te verstrekken zonder dat deze volledig wordt afgedekt door een garantie van de gemeente Eindhoven. Daarom wordt voorgesteld om als gemeente zelf een financieringsarrangement aan Eindhoven Energie te verstrekken. Het risico dat de gemeente hiermee loopt, is gelijk aan wanneer de gemeente garant zou staan.
Voor dit financieringsarrangement is een structuur opgesteld die toepasbaar is op alle toekomstige projecten en bestaat uit twee componenten. De eerste component betreft een mantelfaciliteit ter hoogte van maximaal € 25 miljoen, waarbinnen na goedkeuring door het college van burgemeester en wethouders per businesscase langlopende projectfinanciering kan worden verstrekt. Elke lening zal verstrekt worden aan de werkmaatschappij die opgericht wordt ter uitvoering van de business case. De maximale looptijd van elke lening is tien jaar, waarbij de lineaire aflossing start na twee jaar. Elke businesscase dient minimaal 20% aan eigen vermogen in te brengen. Dit is nodig om na tien jaar herfinanciering van de lening op
5
Inboeknummer 8107569_03 de kapitaalmarkt mogelijk te maken. Eindhoven Energie staat te allen tijde garant voor haar dochters. De tweede component betreft een revolverende rekening-courantfaciliteit ten behoeve van Eindhoven Energie Warmte voor het opvangen van aanloopkosten tot een maximum bedrag van € 10 miljoen, waarbinnen na goedkeuring door het college van burgemeester en wethouders per businesscase een kortlopende kredietfaciliteit voor de aanloopkosten van elke businesscase kan worden verstrekt. Een opname binnen deze rekening-courantfaciliteit is uitsluitend bedoeld ter overbrugging van de kosten die gedekt worden uit de door gebouweigenaren te betalen bijdrage aansluitkosten voor aansluiting op het warmtenet (BAK), aangevraagde maar nog niet ontvangen (rijks)subsidies en voor de financiering van btw tijdens de bouwfase. Specifiek voor het project Warmtenet Hudsonlaan zal ter afdekking van de aanloopkosten op deze faciliteit een beroep worden gedaan van maximaal € 4,28 miljoen. De overeenkomsten worden verder uitgewerkt binnen deze kaders en getoetst op de regels omtrent staatssteun. Het college heeft bij besluit van 20 januari 2026 besloten warmteactiviteiten aan te wijzen als dienst van algemeen economisch belang (DAEB) en Eindhoven Energie bv en haar dochtermaatschappijen hiermee te belasten.
Bijkomend voordeel is dat de financieringen daarmee beschikbaar kunnen worden gesteld tegen een gunstiger rentepercentage, dat vergelijkbaar is met het tarief dat de gemeente zelf betaald, aangevuld met een risico-opslag. 3.1 Met de start van het project Warmtenet Hudsonlaan zet Eindhoven een belangrijke stap in het realiseren van nieuwe, duurzame collectieve warmtesystemen in de stad. Het warmtenet Hudsonlaan is een noodzakelijke en rationele eerste stap in de warmtetransitie van de Oude Toren. Bovenal is het project technisch solide, financieel beheerst en aantoonbaar betaalbaar voor bewoners. Tevens vormt dit project een belangrijke stap in de samenwerking met de woningcorporaties in de stad en legt het de basis voor toekomstige samenwerking op het gebied van de verduurzaming en verbetering van de bestaande Eindhovense woningvoorraad. De businesscase is positief en kent een gezond effectief rendement. Er zijn wel risico’s. In het investeringsdossier zijn deze benoemd en zijn er beheersmaatregelen geïdentificeerd. Bovendien worden de risico’s ook financieel afgedekt met het oprichten van een risicoreserve Afwaardering Eindhoven Energie. Daarmee zijn voldoende maatregelen genomen om de risico’s te kunnen beheersen.
3.2 De financiering van de businesscase voor het warmtenet Hudsonlaan vraagt om een kapitaalstorting ter hoogte van € 910.000,-. Op basis van raadsbesluit 24bst01138 kan Eindhoven Energie in de periode 20252032 beschikken over een kapitaalgarantie van € 18 miljoen, die gefaseerd en op basis van concrete investeringsvoorstellen per project beschikbaar komt voor de
6
Inboeknummer 8107569_03 ontwikkeling, realisatie en exploitatie van warmtevoorzieningen uit het start- en ontwikkelportfolio. Ten tijde van de oprichting is op dit punt een uitzondering gemaakt voor het project Eindhoven Noordoost, waar de Hudsonlaan onderdeel van uitmaakt. Deze uitzondering is gemaakt, omdat ten aanzien van Eindhoven Noordoost was besloten om een extra tussenstap te maken in het schetsontwerp en op dat moment nog geen beeld was van de omvang van de businesscase. Inmiddels is de businesscase opgesteld, waarmee de omvang van de financieringsbehoefte bekend is. Op basis van het aangeleverde investeringsvoorstel van Eindhoven Energie is een storting van € 910.000,- nodig.
4.1 De overdimensionering van het Buurtwarmtecentrum maakt het mogelijk het warmtenet in Oude Toren in de toekomst verder uit te breiden tegen lagere maatschappelijke kosten. Door te kiezen voor overdimensionering van het Buurtwarmtecentrum wordt toekomstige opschaling mogelijk gemaakt tegen lagere maatschappelijke kosten. Het Buurtwarmtecentrum en de WKO zijn bewust overgedimensioneerd en geschikt voor circa 1.000 woningen. Dit maakt latere uitbreiding in de gehele buurt Oude Toren mogelijk, zonder dat een tweede BWC gebouwd hoeft te worden. Zo worden nieuwe, duurdere nieuwe investeringen in de toekomst voorkomen. De meerkosten en extra operationele lasten van deze overdimensionering kunnen echter niet gedragen worden door de businesscase voor de Hudsonlaan. Door deze kosten nu separaat te financieren en als gemeente af te dekken, drukken deze niet op de exploitatie van de eerste 366 woningen. Hiertoe wordt aan EEW Hudsonlaan bv een converteerbare, aflossingsvrije lening verstrekt ter hoogte van maximaal € 4,5 miljoen met een looptijd van vijf jaar. Dit bedrag wordt in een latere fase opgenomen in de businesscase voor de uitbreiding van het warmtenet in Oude Toren.
4.2 Met de realisatie van het Buurtwarmtecentrum Hudsonlaan wordt, naast verduurzaming van de warmtevoorziening ook invulling gegeven aan andere maatschappelijke doelen. De komst van het buurtwarmtecentrum biedt nieuwe kansen om de omgeving te verrijken met aantrekkelijke ontmoetings- en verblijfsplekken in het groen. De huidige bankjes langs de John F. Kennedylaan zijn, door het omgevingsgeluid, niet erg uitnodigend. Door op het BWC een daktuin te realiseren en ook groen aan te brengen tegen de gevels, ontstaat er een prettige nieuwe verblijfstraat en wordt het groen gecompenseerd. Hiermee levert het BWC ook een bijdrage aan de buurtcohesie. Het Buurtwarmtecentrum wordt gebouwd als houtskeletbouw, met binnenwanden van natuurlijk materiaal en een gevel die is opgemetseld met circulaire ‘WasteBasedBricks’. De uitgangspunten voor het uiterlijk van de BCW zijn ontwikkeld in samenspraak met bewoners en belanghebbenden. Zij hebben aandachtspunten
7
Inboeknummer 8107569_03 meegegeven, zoals de wens om meer verblijfsgroen en het tegenhouden van geluid van de Kennedylaan. Het document ‘Buurtwarmtecentrum Hudsonlaan, doorontwikkeling en ontwerptoelichting’ van Denkkamer architectuur & onderzoek (bijlage 5) De geeft een gedetailleerdere toelichting op het plan en de gemaakte ontwerpkeuzes.
5.1 Met een beroep op de rekening-courantfaciliteit kan Eindhoven Energie een start maken met de aanleg van het warmtenet Hudsonlaan. Om het project te kunnen realiseren, moet Eindhoven Energie kosten maken, die pas lopende het project worden terugverdiend. Het gaat bijvoorbeeld om de bijdrage van gebouweigenaren voor de aansluiting op het warmtenet (BAK), het voorfinancieren van later terug te vorderen btw en (rijks)subsidies zoals de WIS. Om te voorkomen dat projecten bij de start al vertraging oplopen, wordt een rekening-courantfaciliteit in het leven geroepen. Tegenover het te lenen bedrag, staan de inkomsten die Eindhoven Energie kan verwachten in de realisatiefase van het project.
6.1 Door bij te dragen aan de extra exploitatiekosten van het Buurtwarmtecentrum worden meerkosten in de toekomst voorkomen. Het Buurtwarmtecentrum en WKO zijn bewust overgedimensioneerd en geschikt voor circa 1.000 woningen. Dit maakt latere uitbreiding in de gehele buurt Oude Toren mogelijk, zonder dat er een tweede BWC gebouwd hoeft te worden. Daarmee worden nieuwe, duurdere nieuwe investeringen in de toekomst voorkomen. Voor de korte tijd betekent dit echter dat er ten aanzien van de installaties in het BWC operationele kosten worden gemaakt, die niet worden terugverdiend met warmtelevering. Deze hogere kosten bedragen ca. € 60.000,- per jaar. Om deze meerkosten te dekken, vraagt Eindhoven Energie hiervoor een bijdrage in de exploitatielasten, voor zolang de extra capaciteit onbenut blijft en de installaties nog niet zijn afgeschreven. Over vijftien jaar bedraagt dit maximaal € 1.000.000,-
Kanttekeningen 1.1 De raad heeft bij het oprichtingsbesluit (24bst01138) al € 8,5 miljoen beschikbaar gesteld voor de op- en inrichting van het energiebedrijf en de ontwikkeling van een startportefeuille. Na het passeren van de oprichtingsakte en het vaststellen van de begroting 2026 is juridisch en fiscaal advies uitgebracht over de wijze waarop dit bedrag beschikbaar gesteld kan worden aan Eindhoven Energie, met inachtneming van regels ten aanzien van het fiscaal recht en voorkoming van staatssteun. Daaruit volgde dat dit bedrag het
8
Inboeknummer 8107569_03 beste als kapitaalinjectie kan worden ingebracht. Een kapitaalinjectie geldt als investering, wat tot gevolg heeft dat, conform het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV), het in te brengen bedrag moet worden geactiveerd. De Reserve Strategische Investeringen is daarmee niet de geeigende dekkingsbron. In plaats daarvan moeten de kapitaallasten van de kapitaalinjectie worden gedekt uit de structurele stelpost kapitaallasten strategische investeringen. Met het voorliggende besluit wordt dit gecorrigeerd en wordt invulling gegeven aan het destijds door de raad in het vooruitzicht gestelde bedrag. Daarmee is de opbouw van een startportfolio gedekt.
1.2 Met het huidige voorstel wordt € 6,77 miljoen méér gevraagd voor het projectportfolio van Eindhoven Energie dan waar ten tijde van de oprichting toe was besloten. Eindhoven Energie kan met dit bedrag extra projecten in voorbereiding nemen die aansluiten bij de snelle ontwikkeling van de stad. Het projectportfolio is sinds het oprichtingsbesluit verder gegroeid. In 2024 heeft de raad € 8,5 miljoen beschikbaar gesteld op basis van een startportefeuille met daarin, naast de geplande overname van Mercado en het gemeentelijk warmtenet in Meerhoven, de projecten Stadhuisplein, Fellenoord en ’t Ven-Lievendaal. De groeiambitie van de stad vraagt van Eindhoven Energie ook een versnelling binnen diverse andere gebiedsontwikkelingen. Dit wordt met name gedreven door de woonagenda. Deze ontwikkelportefeuille omvat onder andere het Vredesplein, Hart van Woensel, Groot Gestel en Strijp, de ontwikkelingen rondom Waterstof en de eveneens in dit dossier voorliggende realisatie van het BWC en het Warmtenet Hudsonlaan.
1.3 Met toekenning van de middelen worden de kosten voor het opbouwen van het starten ontwikkelportfolio alleen voor 2026 en 2027 afgedekt. Na de periode 2026-2027 lopen de kosten voor Eindhoven Energie door. Voor 2028 en 2029 wordt een aanvullende financieringsbehoefte geïdentificeerd, oplopend tot maximaal € 10,0 miljoen per jaar. Dit houdt vooral verband met uitgaven voor de starten ontwikkelportefeuille. Dit tekort zal vanaf 2028 nog maar ten dele gedekt kunnen worden uit de opbrengsten van exploitatie. Een tijdige transitie van investeringsagenda naar opbrengst gedreven bedrijfsmodel is daarom noodzakelijk. De dekking voor dit budget is in de gemeentelijk begroting nog niet verwerkt. Wel is reeds rekening gehouden met de dekking van de kapitaallasten voor deze aanvullende kapitaalverschaffing.
1.4 Een kapitaalverschaffing kan gezien worden als staatssteun. Het college heeft bij besluit van 20 januari 2026 het inrichten van de organisatie van
9
Inboeknummer 8107569_03 Eindhoven Energie bv en het realiseren en exploiteren door Eindhoven Energie bv en haar dochtermaatschappijen van projecten uit de ontwikkelportefeuille op het gebied van de energietransitie binnen de gemeente Eindhoven aangewezen als dienst van algemeen economisch belang (DAEB) en Eindhoven Energie bv hiermee belast. Daarmee heeft het college een beroep gedaan op het DAEB-vrijstellingsbesluit en mag de gemeente binnen de hiervoor geldende kaders rechtmatig compensatie verstrekken aan Eindhoven Energie voor de kosten die zij maakt met de uitvoering van deze DAEB.
1.5 De gemeente loopt het risico op waardevermindering van Eindhoven Energie. Om dit risico op te kunnen vangen, wordt een bestemmingsreserve met risicofunctie in het leven geroepen. De gekozen methode van een kapitaalinjectie betekent per definitie dat het bedrijf in zijn geheel in waarde toeneemt. Of het bedrijf deze waarde behoudt, is echter afhankelijk van de waardering van de toekomstige activiteiten van het bedrijf en bestaat dus het risico op afwaardering. Om dit risico te ondervangen wordt € 1.250.000,- gestort in een nieuw op te richten ‘Reserve Afwaardering Eindhoven Energie’.
2.1 Met dit financieringsarrangement speelt de gemeente voor bank. In de opstartfase van de onderneming heeft Eindhoven Energie geen directe toegang tot de kapitaalmarkt. Uit gesprekken met externe financiers en deskundigen blijkt echter dat financiers in de opstartfase van de onderneming niet bereid zijn financieringen te verstrekken zonder dat deze volledig wordt afgedekt door een garantie van de gemeente Eindhoven. Daarom wordt voorgesteld om als gemeente zelf een financieringsarrangement aan Eindhoven Energie te verstrekken. Het risico dat de gemeente hiermee loopt, is niet hoger als wanneer de gemeente garant zou staan. Het college heeft bij besluit van 20 januari 2026 besloten warmteactiviteiten aan te wijzen als dienst van algemeen economisch belang (DAEB) en Eindhoven Energie bv en haar dochtermaatschappijen hiermee te belasten. Bijkomend voordeel is dat de financieringen daarmee beschikbaar kunnen worden gesteld tegen een gunstiger rentepercentage, dat vergelijkbaar is met het tarief dat de gemeente zelf betaald, aangevuld met een risico-opslag.
2.2 Het risico bestaat dat Eindhoven Energie of één van haar dochters op enig moment niet in staat zal zijn aan haar rente- en aflossingsverplichtingen te voldoen. Ter afdekking van dit risico wordt een bedrag van € 1,75 miljoen, zijnde 5% van het maximaal uit te lenen bedrag, gestort in de algemene risicoreserve ‘risico’s verstrekte garanties en geldleningen’. Deze storting wordt gedekt uit de bij raadsbesluit
10
Inboeknummer 8107569_03 24bst01138 geoormerkte middelen voor Eindhoven Energie in de strategische investeringen. Periodiek wordt het risico op het niet kunnen voldoen aan de betalingsplichten getoetst. Indien nodig moet de hoogte van de reserve worden aangepast aan het risico. Op deze wijze is geborgd dat het risico voldoende is afgedekt.
4.1 Met de overdimensionering van het BWC Hudsonlaan loopt de gemeente een financieel risico. Door bewuste overdimensionering wordt toekomstige opschaling mogelijk gemaakt tegen lagere maatschappelijke kosten. De meerkosten worden apart gefinancierd en in een latere fase opgenomen in de businesscase voor de uitbreiding van het warmtenet in Oude Toren. Daarmee is het terugverdienen van de meerkosten geheel afhankelijk van een toekomstig investeringsbesluit over het in ontwikkeling nemen van de volgende fase. Indien zo’n besluit niet wordt genomen, kan de extra investering niet worden terugverdiend. Vanuit prudentie wordt ter afdekking van dit risico daarom het volledige bedrag van € 4.500.000 gestort in de reserve risico’s verstrekte garanties en geldleningen. Dit wordt gedekt uit reeds bij raadsbesluit 24bst01138 ten behoeve van Eindhoven Energie in de reserve strategische investeringen geoormerkte middelen. Om het risico verder te beheersen wordt de lening in twee fases verstrekt: € 4,0 miljoen komt beschikbaar in het voorjaar voor de eerste fase en de resterende € 0,5 miljoen na het behalen van minimaal 70 procent bewonersinstemming in de tweede helft van 2026. De verschuldigde rente wordt jaarlijks bij de hoofdsom opgeteld. Na vijf jaar dient duidelijk te zijn of de uitbreiding naar de Oude Toren gerealiseerd wordt.
In dat geval kan de lening eventueel worden geherfinancierd binnen het bestaande financieringsarrangement. In dat geval wordt het resterende leenbedrag teruggestort in de reserve strategische investeringen. Wanneer het warmtenet niet verder wordt uitgebreid en de overcapaciteit van het BWC ongebruikt blijft, wordt de lening omgezet in een kapitaalstorting. Dit leidt tot een afboeking van de lening bij de gemeente Eindhoven, die wordt gedekt uit de aan de reserve verstrekte garanties en geldleningen toegevoegde middelen. Indien dit risico is gemitigeerd is en daarmee de converteerbare lening wordt afgelost of herfinanciering plaatsvindt binnen het financieringsarrangement, zal het (restant)bedrag worden teruggestort in de reserve strategische investeringen. Omdat de rente op de lening jaarlijks wordt bijgeschreven, zal het uitstaande leningenbedrag op termijn oplopen tot ruim € 5 miljoen. Het risico bestaat dat het gereserveerde bedrag van € 4.500.000 niet voldoende blijkt te zijn indien de lening uiteindelijk in zijn geheel moet worden afgeboekt. Wanneer in de nabije toekomst meer duidelijk wordt over de eventuele uitbreiding van het warmtenet in Oude Toren, dient de hoogte van de reserve hierop aangepast.
11
Inboeknummer 8107569_03
4.2 Voor het BWC wordt een aparte lening verstrekt, buiten het ten behoeve van het energiebedrijf opgerichte financieringsarrangement. Het financieringsarrangement is specifiek bedoeld voor de aanloopkosten van een businesscase en langlopende projectfinanciering. Tegenover deze leningen staan toekomstige inkomsten vanuit de bijdrage aansluitkosten (BAK), subsidies en btwteruggaven. De meerkosten van het BWC kunnen hier niet uit worden gefinancierd, omdat deze verband houden met een toekomstig project waarover nog besluitvorming moet plaatsvinden. Het gaat hier dus niet om aanloopkosten of projectfinanciering. Ook verschilt de aard van het risico van deze lening. Er wordt ter afdekking van het risico daarom ook separaat een bedrag gestort in de reserve verstrekte garanties en geldleningen.
4.3 De bouw van het Buurt Warmte Centrale gaat ten kosten van openbaar groen. De komst van het buurtwarmtecentrum biedt ook nieuwe kansen om de omgeving te verrijken met aantrekkelijke ontmoetings- en verblijfsplekken in het groen. De huidige bankjes langs de John F. Kennedylaan zijn, door het omgevingsgeluid, niet erg uitnodigend. Door op het BWC een daktuin te realiseren en ook groen aan te brengen tegen de gevels, ontstaat er een prettige nieuwe verblijfstraat en wordt het groen gecompenseerd. Om het groene karakter zo veel mogelijk te behouden, worden op strategische plekken drie nieuwe bomen geplant ter vervanging van de zeven te kappen bomen. Er wordt een daktuin aangelegd en de huidige brede trottoirs en rijbaan worden vervangen door een groenere inrichting en het aangrenzende plantsoen tussen de Hudsonlaan en de Eckartseweg-Zuid wordt heringericht.
4.4 De bouw van het BWC is relatief duur. Het Buurtwarmtecentrum is meer dan alleen een utilitair gebouw. Met de bouw van het BWC wordt ook invulling gegeven aan maatschappelijke wensen. Met de daktuin wordt een nieuwe verblijf- en ontmoetingsplek gecreëerd. Bij het ontwerp van het gebouw wordt rekening gehouden met circulair materiaalgebruik en een groene aankleding. Ook bij de inpassing wordt de groenstructuur zoveel mogelijk versterkt. De uitgangspunten voor het uiterlijk van de BCW zijn ontwikkeld in samenspraak met bewoners.
5.1 De gemeente loopt een financieel risico indien het project Hudsonlaan niet van start gaat.
12
Inboeknummer 8107569_03 Als in de zomer van 2026 niet minimaal 70% van de huurders van de woningen aan de Hudsonlaan instemt met aansluiting op het warmtenet, wordt niet gestart met fase 2 en wordt de realisatie van dit warmtenet opgeschort. Andere opschortende voorwaarden voor de start van fase 2 zijn een positieve WIS-beschikking, ondertekening van de aansluit- en transportovereenkomst met de regionale netbeheerder voor elektriciteit en gas en verlening van alle noodzakelijke vergunningen. Woonbedrijf zal naar verwachting minimaal € 1.600.000 van de reeds gemaakte kosten vergoeden door het overnemen van het gerealiseerde inpandig leidingwerk en de afleversets. Het restant van maximaal € 2.000.000 zal moeten worden afgeboekt van de converteerbare lening indien het project geen doorgang vindt. Een fors deel van benodigde liquiditeit heeft geen directe relatie met fase I. Door in deze fase de uitgaven te beperken tot investeringen die ook daadwerkelijk gerelateerd zijn aan fase I wordt het mogelijke tekort en daarmee het risico teruggebracht tot maximaal € 0,7 miljoen. Door deze afspraken nader uit te werken, is de verwachting dat het risico nog verder teruggebracht zal worden.
5.2 De overcapaciteit leidt tot een tekort in de exploitatie van het BWC. Door nu overcapaciteit te creëren in het Buurtwarmtecentrum worden nieuwe, duurdere nieuwe investeringen in de toekomst voorkomen. Het Buurtwarmtecentrum en WKO zijn bewust overgedimensioneerd en geschikt voor circa 1.000 woningen. Dit maakt latere uitbreiding in Oude Toren mogelijk, zonder een nieuwe BWC gebouwd hoeft te worden. Voor de uitbreiding is nog geen businesscase bekend.
Personele consequenties Het project Warmtenet Hudsonlaan wordt gerealiseerd onder verantwoordelijkheid van Eindhoven Energie bv en vraagt geen directe inzet van de gemeente. De werkzaamheden rondom de voorbereiding, realisatie en exploitatie vinden plaats binnen het energiebedrijf of in opdracht van het energiebedrijf door derde partijen. Buiten het reguliere accountmanagement vanuit de gemeente vraagt dit geen aanvullende gemeentelijke inzet. Inpandige werkzaamheden aan de Hudsonlaan worden afgestemd met Woonbedrijf. De warmte voor de complexen aan de Hudsonlaan wordt geproduceerd in een Buurt Warmte Centrale (BWC). Vanuit de BCW wordt de warmte vervolgens via een distributienet geleverd aan de woongebouwen. Voor de bouw van de BCW en de aanleg van het distributienet dienen, net als bij elk ander bedrijf, de gebruikelijke ruimtelijke procedures gelopen te worden. Dit vraagt om inzet vanuit de gemeentelijke organisatie. Hiervoor worden leges in rekening gebracht. Daarnaast wordt aan Eindhoven Energie erfpacht in rekening voor gebruik van de grond onder het BCW. Zowel leges als erfpacht maken onderdeel uit van de businesscase. In nieuw te ontwikkelen warmtebuurten zal daarnaast inzet van de gemeente worden gevraagd in de vorm van bewonersbetrokkenheid en participatie. Deze inzet wordt gefinancierd uit hiervoor
13
Inboeknummer 8107569_03 toegekende projectfinanciering uit de CDOKE-regeling en, in de toekomst, de opvolger hiervan. De gemeente Eindhoven heeft in relatie tot het energiebedrijf twee onderscheidende rollen. In de publieke rol van regisseur in de energietransitie wijst het college warmtekavels aan en geeft het Eindhoven Energie de opdracht een kavelplan uit te werken en een collectief energiesysteem te ontwikkelen. Als eigenaar dient de gemeente toe te zien op een gezonde, solide bedrijfsvoering en een overzienbaar projectportfolio met beheersbare financiële risico’s. Om de verschillende verantwoordelijkheden onafhankelijk in te vullen, is het van belang de taken en rollen goed te scheiden. Binnen het college wordt daar invulling aan gegeven door deze rollen apart te beleggen bij respectievelijk de portefeuillehouder energie en de portefeuillehouder financiën. Ook binnen de ambtelijke organisatie is de scheiding van verantwoordelijkheden een aandachtspunt. Op dit moment wordt de laatste hand gelegd aan een nieuw deelnemingenbeleid, waarbij de eigenaarsrol van de gemeente apart van de inhoudelijke rol wordt georganiseerd en belegd. Dit nieuwe beleid gaat, na vaststelling, gelden voor alle deelnemingen, waaronder Eindhoven Energie bv.
Financiële consequenties De gemeenteraad van Eindhoven heeft op 26 november 2024 besloten tot de oprichten van een publiek energiebedrijf (24bst01138). Bij dit raadsbesluit was voor de eerste drie jaar na oprichting een bedrag van € 8,5 miljoen gereserveerd voor de inrichting van de organisatie en de opbouw van een startportfolio. Met het voorliggende besluit wordt dit bedrag als een kapitaalinjectie ingebracht in het Energiebedrijf. Aanvullend wordt voorgesteld € 6,77 miljoen beschikbaar te stellen voor de opbouw van een ontwikkelportefeuille, ook door middel van een kapitaalinjectie. De jaarlijkse rentelasten van deze kapitaalstortingen bedragen € 153.000,- en worden gedekt uit de Structurele stelpost strategische investeringen Klimaat en Weer. Met deze financiering vallen de in het oprichtingsbesluit geclaimde middelen ter hoogte van € 8,5 miljoen uit de Reserve Strategische Investeringen vrij. Voorgesteld wordt deze middelen in te zetten om de risico’s die samenhangen met de kapitaalstortingen en het project warmtenet Hudsonlaan te ondervangen. Er wordt € 6,25 miljoen gestort in de Reserve risico’s verstrekte Garanties en Geldleningen. Hiervan valt € 4,5 miljoen vrij wanneer een rendabele businesscase voor Oude Toren wordt gestart. Daarnaast wordt € 1,25 miljoen gestort in de nieuw op te richten Reserve Afwaardering Eindhoven Energie.
Nut en gewenste hoogte van deze reserve wordt jaarlijks getoetst aan de hand van de soliditeit van het totale projectportfolio van Eindhoven Energie. Tot slot wordt een bedrag van € 1,0 miljoen gereserveerd en, indien noodzakelijk, aangewend voor de financiering van de aanvullende exploitatielasten die verband houden met de overdimensionering van het Buurtwarmtecentrum in het project Warmtenet Hudsonlaan. Deze voorgestelde inzet heeft ook tot gevolg dat ten opzichte van het oprichtingsbesluit een verschuiving plaatsvind van het moment waarop middelen uit de Reserve strategische investeringen
14
Inboeknummer 8107569_03 worden onttrokken: in 2026 wordt € 1,9 miljoen méér onttrokken, in 2027 is de onttrekking juist € 1,9 miljoen lager. De reserve biedt voldoende ruimte voor deze verschuiving. Reserve Strategische Investeringen Verloopoverzicht
2026
Stand reserve begin jaar*
€ 14.400.000
Onttrekkingen en claims
- € 8.400.000
Vrijval uit stelpost
€ 18.300.000
Onttrekking dossier
- € 7.500.000
Stand reserve einde jaar
€ 16.900.000
*In 2025 heeft er een onttrekking plaatsgevonden van € 2.600.000. Deze is niet ingezet, en is met de jaarrekening 2025 terug in de Reserve Strategische Investeringen gestort.
De aandelenstorting aan Eindhoven Energie wordt in meerdere fases overgemaakt. In 2026 wordt een bedrag van € 6,77 miljoen gestort in de agioreserve van Eindhoven Energie bv. In 2027 volgt een storting van € 8,5 miljoen. De hieruit voortvloeiende kapitaallasten bedragen vanaf 2027 € 68.000,-, oplopend tot € 153.000,- vanaf 2028. Naast een aandelenstorting voor de start- en ontwikkelportefeuille wordt er een agiostorting gedaan in Eindhoven Energie voor de investering in de Hudsonlaan. De storting van € 910.000,- wordt in 2026 gedaan. De jaarlijkse kapitaallasten die hieruit voortvloeien, bedragen vanaf 2027 € 9.000,-. De gemeente Eindhoven zal Eindhoven Energie per kwartaal financieren op basis van een liquiditeitsprognose. Overzicht geldstromen ten behoeve van Eindhoven Energie € 15.270.000,-
€ 910.000,-
€ 10.000.000,€ 25.000.000,€ 4.500.000,€ 1.000.000,-
Kapitaalstorting in Eindhoven Energie ten behoeven van de inrichting van het energiebedrijf en de opbouw van een startportfolio (€ 8,5 miljoen) en een ontwikkelportfolio (€ 6,77 miljoen). De rentelasten t.h.v. € 153.000,worden ten laste gebracht van de structurele stelpost strategische investeringen Klimaat en Weer Kapitaalstorting project Warmtenet Hudsonlaan. De rentelasten t.h.v. € 9.000,- worden ten laste gebracht van de structurele stelpost strategische investeringen Klimaat en Weer Maximale omvang leenfaciliteit ten behoeve van financiering aanloopkosten Maximale omvang leenfaciliteit ten behoeve van projectfinanciering Converteerbare, aflossingsvrije lening ten behoeve van de overdimensionering van de Hudsonlaan. Dekking aanvullende exploitatiekosten overdimensionering Buurtwarmtecentrum Hudsonlaan
Risico’s en beheersmaatregelen De voorgestelde financiering aan het energiebedrijf en het project Warmtenet Hudsonlaan zijn niet zonder risico. Om de risico’s financieel af te dekken worden daarom stortingen
15
Inboeknummer 8107569_03 gedaan in de Reserve risico’s verstrekte Garanties en Geldleningen ( € 6,25 miljoen) en de nieuw op te richten Reserve Afwaardering Eindhoven Energie (€ 1,25 miljoen). Daarmee wordt voorkomen dat risico’s worden afgewenteld op de algemene middelen. Nog beter is het uiteraard om te voorkomen dat deze risico’s zich überhaupt voordoen. In de onderstaande tabel zijn de belangrijkste risico’s geïdentificeerd en voorzien van beheersmaatregelen. Ook wordt € 1,0 miljoen gereserveerd voor het opvangen van een exploitatietekort op het BCW zolang de overcapaciteit onbenut blijft. Risico
Beheersmaatregel
Afwaardering Energiebedrijf
▪ ▪
Energiebedrijf genereert te weinig eigen cashflow
▪
▪
Leningen kunnen niet worden afbetaald.
▪
▪
▪ Overcapaciteit BWC blijft onbenut
▪ ▪
▪
Projectportfolio is gericht op snelle financiële zelfstandigheid van het energiebedrijf. Aanscherping start- en ontwikkenportefeuille: prioriteit bij projecten die snel in ontwikkeling genomen kunnen worden. Eindhoven Energie moet de stap zetten van ontwikkeling naar realisatie en exploitatie. Projecten moeten richting investeringsbesluit kunnen bewegen binnen de planjaren. De nadruk ligt in 2026 tot 2028 op overnames van bestaande collectieve warmtenetten en op grootschalige nieuwbouwprojecten met kansen voor inbreiding naar de bestaande bouw. De leningen uit het financieringsarrangement dienen als voorfinanciering en worden gedekt door toekomstige inkomsten met een hoge mate van zekerheid, zoals BAK, subsidies en btw-teruggaven. Voor de langlopende projectfinanciering geldt dat een solide businesscase het risico op het niet kunnen afbetalen van leningen moet ondervangen. De AVA en de toekomstige RvC moeten toezien op de beheersbaarheid van projecten. Periode van onderbenutting zo kort mogelijk houden. Na start van het project Warmtenet Hudsonlaan snel, binnen vijf jaar uitwerken van een businesscase voor de uitbreiding van de Oude Toren. Opstellen van een investeringsdossier met go/no gobeslissing.
Communicatie In het kader van het project Aardgasvrij Eindhoven Noordoost is regelmatig met bewoners en partners gesproken. Het ‘Participatieplan Aardgasvrije Generalenbuurt en omliggende buurten’ vormde hiervoor de basis. Zo is ook het ontwerp voor het buurtwarmtecentrum in samenspraak met bewoners tot stand gekomen. Ook in aanloop naar het gevraagde instemmingsbesluit van bewoners trekken Eindhoven Energie, gemeente en woningcorporatie samen op.
16
Inboeknummer 8107569_03
Planning en uitvoering In het eerste kwartaal van 2026 wordt het definitieve investeringsbesluit genomen. Daarna start fase 1 met het inpandig leidingwerk, afleversets en verdere uitwerking van het ontwerp. Deze fase loopt parallel aan de renovatie van de gebouwen en kent beperkte onomkeerbaarheid. In de zomer van 2026 wordt het instemmingstraject met huurders doorlopen. Na positieve bewonersinstemming start fase 2 met de bouw van het Buurtwarmtecentrum en het uitpandige distributienet. Dit is het grootste investeringsdeel en vormt de feitelijke realisatie van het warmtenet. De start van warmtelevering is voorzien eind 2028/voorjaar 2029. Evaluatie Gedurende de verschillende fases van het project wordt, zoals gebruikelijk bij de realisatie van projecten, de stand van zaken geëvalueerd en waar nodig bijgestuurd op de realisatie van het project. Ten aanzien van de bedrijfsvoering van Eindhoven Energie en haar dochters wordt de bedrijfsvoering minimaal jaarlijks in de Algemene Vergadering van Aandeelhouders besproken. Daarnaast wordt elk kwartaal een actuele liquiditeitsprognose gemaakt op basis waarvan de financiering beschikbaar wordt gesteld. Bijlagen Als bijlagen bij dit voorstel behoren: 1. Geheimhoudingsbesluit Investeringsdossier 2. Besluit DAEB Eindhoven Energie bv 3. Portefeuilleplanning Eindhoven Energie 2026-2027 4. Investeringsdossier Warmtenet Hudsonlaan (geheim) 5.
Buurtwarmtecentrum Hudsonlaan, doorontwikkeling en ontwerptoelichting 6. Begrotingswijziging 10848 7. Toelichting bij begrotingswijziging 10848 2026 Een ontwerpraadsbesluit bieden wij u hierbij ter vaststelling aan. Burgemeester en wethouders van Eindhoven,
, secretaris.
17
Inboeknummer 8107569_03
Ontwerp Raadsbesluit De raad van de gemeente Eindhoven; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 20 januari 2026;
besluit: 1. Een gefaseerde kapitaalstorting vast te stellen ter hoogte van € 15.270.000,- in het eigen vermogen van Eindhoven Energie bv, waarvan € 8.500.000,- voor het ontwikkelen van de startportefeuille en € 6.770.000,- voor de ontwikkelportefeuille, op basis van de door Eindhoven Energie bv vastgestelde portefeuilleplanning (bijlage 3). a. De hieruit volgende kapitaallasten oplopend tot jaarlijks € 153.000,- te dekken uit de structurele stelpost kapitaallasten strategische investeringen klimaat en energie. b. Ter afdekking van het risico op afwaardering van de deelneming Eindhoven Energie een risicoreserve in te stellen met de naam ‘Reserve Afwaardering Eindhoven Energie’ c. Een bedrag van € 1.250.000,- te storten in deze reserve en dit bedrag te dekken uit de bij raadsbesluit 24bst01138 geoormerkte middelen voor Eindhoven Energie in de reserve strategische investeringen. 2. Geen wensen en bedenkingen in te brengen ten aanzien van het voornemen van het college om, passend binnen de kaders van het treasury-statuut, aan Eindhoven Energie een financieringsarrangement te verstrekken, bestaande uit twee onderdelen: i.
een rekening-courantfaciliteit aan Eindhoven Energie Warmte bv voor maximaal € 10.000.000,- met een looptijd van 10 jaar, waarbinnen na goedkeuring door het college van burgemeester en wethouders per businesscase een kortlopende kredietfaciliteit voor de aanloopkosten van elke businesscase kan worden verstrekt, af te lossen via de binnen een project te ontvangen bijdrage aansluitkosten (BAK), subsidies en btw-teruggave ii. een mantelfaciliteit ter hoogte van maximaal € 25.000.000,- waarbinnen na goedkeuring door het college van Burgemeester en Wethouders per businesscase langlopende projectfinanciering kan worden verstrekt aan de uitvoerende werkmaatschappij van Eindhoven Energie Warmte bv met een maximale looptijd van 10 jaar per lening. a. Ter afdekking van het risico een bedrag van € 1.750.000,- te storten in de reserve risico’s verstrekte garanties en geldleningen, te dekken uit de bij raadsbesluit 24bst01138 geoormerkte middelen voor Eindhoven Energie in de reserve strategische investeringen. 3. Een kapitaalstorting vast te stellen ter hoogte van € 910.000,- in het eigen vermogen van Eindhoven Energie bv ter dekking van de businesscase voor het Warmtenet Hudsonlaan.
18
Inboeknummer 8107569_03 a. De kapitaalslasten hierover ad. € 9.000,- te dekken uit de structurele stelpost kapitaallasten strategische investeringen Klimaat en Weer. 4. Aan EEW Hudsonlaan bv een converteerbare, aflossingsvrije lening te verstrekken ter hoogte van € 4.500.000,- met een looptijd van vijf jaar, ter financiering van de overdimensionering van het Buurtwarmtecentrum en de WKO-installatie a. Ter afdekking van het risico een bedrag van € 4.500.000,- storten in de reserve risico’s verstrekte garanties en geldleningen en deze te dekken uit de bij raadsbesluit 24bst01138 geoormerkte middelen voor Eindhoven Energie in de reserve strategische investeringen. b. Na vijf jaar deze lening te herfinancieren binnen het financieringsarrangement dan wel deze om te zetten in een kapitaalstorting aan Eindhoven Energie; c. Het bedrag van € 4.500.000,- in de reserve risico’s verstrekte garanties en geldleningen terug te storten in de reserve strategische investeringen op het moment dat de converteerbare lening wordt afgelost of herfinanciering plaatsvindt binnen het financieringsarrangement. 5.
Een bedrag van € 1.000.000,- uit de bij raadsbesluit 24bst01138 geoormerkte middelen voor Eindhoven Energie in de reserve strategische investeringen te oormerken ter dekking van de aanvullende exploitatiekosten voor de overdimensionering van het BWC en de WKO-installatie voor het project Hudsonlaan. a. Het college van burgemeester en wethouders te mandateren tot onttrekking van dit bedrag van € 1.000.000,- uit de reserve strategische investeringen voor nadere invulling. 6. De begrotingswijziging(en) aldus vast te stellen.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 10 maart 2026
, griffier.
19