CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Financiële ondersteuning sociale woningbouw Eindhoven

Raadsvergadering 17 december 2024, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Financiële ondersteuning sociale woningbouw Eindhoven3.511 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

gemeente Eindhoven Inboeknummer 24bst01230 Dossiernummer 24.44.451 B&W beslisdatum 29 oktober 2024

Raadsvoorstel Financiële ondersteuning sociale woningbouw Eindhoven

Inleiding Eindhoven kende in de voorbije 2 decennia een gemiddelde jaarproductie van ca. 1.300 woningen. Door de enorme economische ontwikkeling die deze regio doormaakt, en de bovengemiddelde woningbouwbehoefte die dat oplevert is in het bestuursakkoord Samen Morgen Mooier Maken 2022 - 2026 (SMMM) de ambitie verwoord om in de periode van het huidig college minimaal 12.000 woningen op te leveren (de ruim 3.000 woningen van de woningcorporaties, conform de prestatieafspraken, inbegrepen). In de Woondeal 2022-2030 (maart 2023) is de ambitie voor de langere termijn opgenomen: het realiseren van ruim 40.000 woningen in Eindhoven tot 2040, waarvan er 21.000 woningen in 2030 gerealiseerd moeten zijn. Op 28 maart jl. (Beethoven) is de ambitie fors groter geworden. MRE-breed is sprake van een versnelling, door 17.000 woningen uit het 2e tijdvak (2030 – 2040) naar voren te halen. Voor Eindhoven resulteert dat in een doelstelling om t/m 2030 zo’n 31.000 woningen incl. 2.280 studenteneenheden op te leveren, dan wel minimaal in aanbouw te hebben. Zoals u weet staan veel seinen voor woningbouw echter al lange tijd op rood.

Dat komt door onzekerheid over (effecten van) renteontwikkeling, over wijzigingen in wet- en regelgeving, bouw- en ontwikkelkostenontwikkeling, geopolitieke spanningen, het nagestreefde percentage betaalbaarheid, en uiteindelijk over onvoldoende marges voor financiering en belegging. Dit geldt zeker ook voor de woningbouwcorporaties, het behalen van de afgesproken aantallen uit de prestatieafspraken staat mede door hun verduurzamingsopgave onder druk. De grote woningbouwbehoefte enerzijds, in combinatie met het onzekere/kritieke bouwklimaat, heeft in februari 2023 geleid tot een programmatische aanpak “Eindhoven Bouwt Door” (EBD), waarbij via verschillende lijnen de versnelling in de woningbouw daar waar mogelijk wordt opgepakt. Dat kan onder andere via de inzet van het

Inboeknummer 24bst01230 maatregelenpakket of door de inzet van financiële ondersteuning, door middel van maatwerk. De evaluatie van EBD, met name gericht op het maatregelenpakket en de inzet van maatwerk, loopt. Hierover wordt of bent u onlangs geïnformeerd. Voor de versnelling van de woningbouw is in het bestuursakkoord € 3.500.000,gereserveerd. Om de versnelling een extra en noodzakelijke impuls te geven, is vervolgens ook in zowel de begroting 2024 als 2025 € 7.500.000,- per jaar gereserveerd. Ook het Rijk heeft diverse financiële regelingen ontwikkeld om de opgave, die weliswaar in de Brainport-regio bovengemiddeld speelt maar voor heel Nederland geldt, vlot te trekken. En ook in het huidige regeerakkoord zijn specifiek middelen opgenomen om de woningbouw te stimuleren (onder andere de realisatiestimulans). De uitwerking daarvan moet echter nog volgen. Binnen onze gemeente zetten we actief in op deze rijksmiddelen (Woningbouwimpuls WBI, Start Bouwimpuls - SBI, Volkshuisvestingsfonds - VHVF), maar we zien ook dat deze voornamelijk naar grote woningbouwprojecten, en dan met name naar die van marktpartijen (zijn ge)gaan. Terwijl ook diverse projecten van woningcorporaties in zwaar weer verkeren en zij de businesscases moeilijk rond krijgen.

Juist deze projecten zijn ook van groot belang in onze stad, want zij dragen bij aan de gemeentebrede (sociale) woonopgave, waarbij de sociaal maatschappelijke opdracht centraal staat in plaats van winstgevendheid. Tenslotte is niet voor niets in het bestuursakkoord opgenomen om juist de corporaties meer-en-meer ‘in the lead’ van woningbouwontwikkeling te positioneren. Tegen bovengeschetste achtergrond is door het college de subsidieregeling “Financiële ondersteuning sociale woningbouw Eindhoven” (bijlage 1) vastgesteld, waarbij we specifiek financiële ondersteuning bieden aan onrendabele projecten van de corporaties waarmee we prestatieafspraken hebben gemaakt. Daarbij hanteren we € 7.500,- per woning met een huurniveau onder de 1e aftoppingsgrens, aflopend naar € 0,- vanaf 1e aftoppingsgrens naar de huurtoeslaggrens. € 7.500 komt overeen met de gemiddelde WBI-bijdragen (rijksbijdrage ter grootte van 50% van het tekort) die eerder in de MRE zijn verkregen. Vanuit een positieve grondhouding lopen met ASML de gesprekken om een soortgelijke beweging te maken.

Mocht een betreffend corporatieproject overigens in aanmerking komen voor een Beethoven-rijksbijdrage (de criteria hiervoor worden momenteel opgesteld, en naar verwachting gaat het ‘loket’ medio 2025 open), zal voorliggend voorstel (onderdeel van) de regionale 50% cofinanciering vormen (het 50%-deel van de in het convenant opgenomen € 245 miljoen). De subsidieregeling heeft de volgende criteria: - Woningen dienen een huurprijs onder de huurtoeslaggrens te hebben (sociale huur); - Er is sprake van een aanvraag omgevingsvergunning die is ingediend in de periode 01-11-2024 tot 01-01-2026 en die als ontvankelijk wordt beoordeeld voor 01-07-2026;

2

Inboeknummer 24bst01230 -

Het betreffende project heeft een onrendabele top en kan met een bijdrage van gemeente en ASML verder tot realisatie komen; Subsidie wordt uitsluitend toegekend aan een woningcorporatie waarmee wij prestatieafspraken hebben; De regeling kent een plafond van € 8,5 miljoen.

Voor de financiering van deze subsidieregeling is een begrotingswijziging nodig, om de nodige middelen vanuit de saldi reserve specifiek op de juiste kostenplaats te krijgen. Daarvoor is een besluit van u als raad nodig. Kerntaak gekoppeld aan het werkprogramma van het college Bijdrage leveren aan de versnelling van de woningbouw Doelstelling Een bijdrage te leveren aan de (versnelling van de) sociale woningbouwopgave van de corporaties. Voorstel 1. Een bedrag van € 8.500.000,- te onttrekken aan de saldireserve specifiek uit de geoormerkte middelen voor woningbouwversnelling ten behoeve van de Subsidieregeling “Financiële ondersteuning sociale woningbouw Eindhoven” en beschikbaar te stellen in 2025 met de voorwaarde dat de middelen bij onderbenutting terug zullen vloeien naar de versnellingsmiddelen Saldireserve Specifiek; 2. Bijgevoegde begrotingswijziging vast te stellen conform bijgevoegd ontwerpraadsbesluit. Argumenten 1.1 De subsidieregeling draagt bij aan de ambities uit het bestuursakkoord SMMM ten aanzien van de sociale woningbouwopgave en ten aanzien van de rol voor woningcorporaties. Met onze vier corporaties (Woonbedrijf, Trudo, ’thuis en Wooninc.) maken we prestatieafspraken. Deze corporaties leveren de belangrijkste bijdrage aan de sociale en betaalbare woningvoorraad in onze stad.

In de huidige prestatieafspraken staat de ambitie om jaarlijks 600 corporatiewoningen in aanbouw te nemen. Hierbij zit momenteel nog een opslag van 750 woningen, vanwege tegenvallende resultaten uit het recente verleden. De samenwerking met onze corporaties is goed te noemen. De gezamenlijke samenwerkdag (onderdeel van het programma EBD) begint haar vruchten af te werpen, en de inspanning voor de grote ambities wordt ook daadwerkelijk als een gezamenlijke verantwoordelijkheid beleefd. Helaas zien we dit nu nog niet terug in de resultaten, omdat planontwikkeling diverse jaren kost, én omdat de financiële haalbaarheid onder druk staat. Uit de jaarrapportage woningbouwproductie 2023 en doorkijken 2024 t/m 2027 (24bst00196) zien we dat beneden gemiddeld woningen geleverd zijn. Voor de corporaties

3

Inboeknummer 24bst01230 is de prognose dat voor de jaren 2024 – 2026 een gemiddeld aantal van ca. 500 woningen per jaar zal worden gerealiseerd, mits de businesscases financieel haalbaar zijn. 1.2 De subsidieregeling geeft de noodzakelijke juridische kaders om deze specifieke regeling voor woningcorporaties in het leven te roepen. Voor de invulling van de subsidieregeling is, naast het interne afstemmingstraject bij onze juridische collega’s, aanvullend extern juridisch advies ingewonnen bij Dirkzwager legal & taks. Juridisch blijkt dat we de voorgestelde bijdrage van maximaal € 7.500,- per woning rechtmatig en geoorloofd als gemeente kunnen verlenen door middel van de vaststelling van een subsidieregeling. 1.3 Door middel van de subsidieregeling willen we een bijdrage leveren aan het gewenste doel: duurzaam toevoegen van sociale woningen. Om het doel van de subsidie (duurzame toevoeging van sociale woningen in onze stad) maximaal te bereiken, zijn aan de subsidie enkele voorwaarden als ook uitsluitingsgronden gekoppeld. Zo komt woningtoevoeging uit nieuwbouw én transformatie of splitsing van bestaande gebouwen in aanmerking voor een subsidie, mits het sociale huur en geen tijdelijke woningen betreft. Ook sociale woningen die gebouwd worden in particuliere woningbouwprojecten, maar door een corporatie turnkey worden afgenomen, vallen daarom onder de regeling.

Sociale huurwoningen dienen aan de voorwaarde van zelfstandige woonruimte te voldoen. Tijdelijke woningen worden uitgesloten van de subsidie, omdat deze niet voldoen aan de duurzame toevoeging van woningen. Ook projecten voor studentenwoningen sluiten we uit van subsidie, omdat hier aparte en aanvullende financieringsafspraken worden gemaakt vanuit Beethoven. 1.4 Op het moment van subsidieaanvraag moet de zekerheid van doorgang van het project zo goed als mogelijk gewaarborgd zijn. Subsidie kan worden aangevraagd indien een aanvraag omgevingsvergunning is ingediend in de periode 01-11-2024 tot 01-01-2026, deze aanvraag door de gemeente als ontvankelijk is verklaard voor 01-07-2026 en de woningcorporatie een uitvoeringsbesluit voor het project heeft genomen. De uiterste aanvraagdatum van de omgevingsvergunning stellen we op 31-12-2025, enerzijds omdat we juist een versnelling in de woningbouwopgave beogen, en anderzijds na een jaar -ook budgettair- een bewust moment te hebben om de subsidieregeling te stoppen of te verlengen. Omdat er tijd zit tussen aanvraag omgevingsvergunning en afgifte onherroepelijke omgevingsvergunning is de uiterste termijn van vaststelling van de vergunning gesteld op 30-06-2026. Om die zelfde reden is de uiterste termijn van subsidieaanvraag ook op 3006-2026 gesteld.

4

Inboeknummer 24bst01230 De looptijd van de subsidieregeling is tot 01-10-2026, omdat een aanvrager van 01-012025 tot 01-07-2026 subsidie kan aanvragen en er dan nog tijd nodig is om de subsidieaanvraag te beoordelen. Aan de subsidie wordt tevens als voorwaarde gesteld dat start bouw binnen 6 maanden na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning plaats dient te vinden. 1.5 De subsidieregeling is in samenspraak met woningcorporaties tot stand gekomen, waarbij is gestreefd naar eenvoud en efficiency. Om de subsidieregeling zowel bij aanvraag als bij beoordeling zo eenvoudig mogelijk te houden, is gekozen voor een generieke berekening op basis van een eenvoudig rekenmodel. Dit model hebben wij in afstemming met de corporaties ontwikkeld (bijlagen 2 en 3). Vanzelfsprekend moet sprake zijn van een onrendabele top om voor een ondersteuning in aanmerking te komen. De onrendabele top stellen we vast door het verschil tussen de investeringskosten en de beleidswaarde te berekenen, conform het handboek modelmatig waarderen marktwaarde, de meest actuele versie zoals in opdracht van de Autoriteit woningcorporaties door Fakton is opgesteld. Dit zijn twee nauwelijks door de corporaties te beïnvloeden parameters, waardoor discussie over onrendabele businesscases komt te vervallen en de toets eenvoudig plaats kan vinden.

We hanteren bij de subsidietoekenning twee categorieën1: - Huurprijs < 1e aftoppingsgrens van € 650,43 (prijspeil 2024) → € 7.500,- subsidie per woning; - Huurprijs > 1e aftoppingsgrens € 650,43 (prijspeil 2024) maar < dan huurtoeslaggrens van € 879,66 (prijspeil 2024) → subsidie per woning vindt plaats middels een glijdende schaal van € 7.500,- naar € 0,- (een rekenmodel is als bijlage opgenomen). Een huurwoning dient voor een periode van ten minste 15 jaar na oplevering als sociale huurwoning te worden geëxploiteerd. Indien sociale woningen, afkomstig van projecten die in aanmerking zijn gekomen van deze subsidie, middels de regeling sociale verkoop onder voorwaarde (o.a. slimmer kopen Trudo) worden doorverkocht, blijft de oorspronkelijke toekenning gehandhaafd. De woningen dienen in deze gevallen voor de resterende termijn binnen de hier boven genoemde 15 jaar beschikbaar te blijven in eigendom van de corporatie waardoor ook deze woningen in het maatschappelijk gebonden eigendom blijven vallen.

1 Dezelfde grens als Regeling vermindering verhuurderheffing 2014-2022

5

Inboeknummer 24bst01230 1.6 We benutten alle financiële ondersteuningskansen van het Rijk. Van het totale budget van Operatie Beethoven is € 245 miljoen (waarvan 50% rijksgeld, en 50% publiek/privaat regio) specifiek bestemd voor de woningbouwversnelling van 17.000 woningen en 2.280 studenteneenheden. Hiervan zullen ruim 8.000 woningen en 2.000 studenteneenheden naar verwachting in Eindhoven landen. Ofschoon de uitwerkingsregels nog niet gereed zijn, lijken de projecten die reeds WBI/SBI toegewezen hebben gekregen, uitgesloten te worden van Beethoven-gelden. De eerstvolgende 17.000 woningen die een beroep (moeten) doen op subsidie om onrendabele toppen te reduceren/elimineren, kunnen zich -onder nog te ontwikkelen nadere voorwaardenmelden voor de Beethoven-middelen. Het moge duidelijk zijn dat, in geval aan een corporatie wél een rijkssubsidie wordt toegekend, een gemeentelijke/ASML-bijdrage pas van toepassing is als er daarboven nog een onrendabel restant in de business case aan de orde is. In geval van toekenning van Beethoven-middelen wordt de gemeentelijke/ASML-bijdrage in eerste instantie gezien als regionale cofinanciering Beethoven. 1.7 ASML toont zich een betrokken partner bij de grote maatschappelijke en economische opgave die het gevolg is van de schaalsprong van Eindhoven en de regio.

In het bestuursakkoord SMMM staat beschreven dat “we afspraken maken met de grote bedrijven in de regio om bij te dragen aan het oplossen van de woningbouwopgave”. Ook binnen het maatregelenpakket EBD (vastgesteld in februari 2023, 23bst00118) is bepaald om te onderzoeken op welke wijze we, met andere partijen, tot een solide financiële basis voor projecten kunnen komen, om tot start bouw te komen. ASML pakt nu al verantwoordelijkheid om individuele projecten over de drempel te helpen. Zo overweegt zij nu ook (besluitvorming dient nog plaats te vinden) om een soortgelijke regeling als de gemeente toe te passen. Beide partijen dragen zelf zorg voor de financiële afwikkeling. Indien ASML uiteindelijk besluit geen bijdrage te leveren, dan blijft de subsidieregeling gehandhaafd, voor het gemeentelijke deel van de financiële bijdrage. 2.1 Er is een begrotingswijziging nodig om de budgetten voor de subsidieregeling “Financiële ondersteuning sociale woningbouw Eindhoven” op de juiste kostenplaats te krijgen. Omdat het budget meer is dan 1 miljoen euro, is een raadsbesluit noodzakelijk. De budgetten voor het programma EBD zijn geoormerkt. In principe ligt het mandaat van de reserve SMMM en saldireserve specifiek (SRS) bij het college, tenzij het te onttrekken bedrag meer dan € 1 miljoen betreft, dan ligt het mandaat bij u als raad.

Wanneer we een subsidiebeschikking verlenen moet het budget beschikbaar zijn in de exploitatie. Dat betekent dat eerst met een begrotingswijziging het budget onttrokken dient te worden aan de reserve en beschikbaar moet komen in de exploitatie. Daar is een begrotingswijziging met raadsbesluit voor nodig.

6

Inboeknummer 24bst01230

Kanttekeningen 1.1 Naast de subsidieregeling voor onze woningbouwcorporaties blijft de gemeente ook de andere ondersteuning doorzetten. Als gemeente hebben we diverse maatregelen ingevoerd om de woningbouwcorporaties te ondersteunen in hun opgave. Naast het Samenwerkteam waarin we als gemeente en corporaties gezamenlijk aan de slag zijn met de woningbouwprojecten om versnelling te bewerkstelligen, hebben we ook met de corporaties een gezamenlijk portfolio-overleg ingericht, met directe escalatielijnen. Ook dit overleg draagt bij aan de snelheid die we beogen. Voor corporaties zijn ook andere beleidsregels vastgesteld, onder andere dat bij verkoop van gemeentegrond voor sociale woningen een sociale grondprijs geldt. Daarnaast hoeft een corporatie -in tegenstelling tot een particuliere ontwikkelaar- géén bovenwijkse bijdrage af te dragen. Ondanks al deze aanvullende inzet, blijkt er meer nodig om de woningcorporaties te ondersteunen en de daadwerkelijke versnelling van de woningbouw te realiseren. We verwachten met deze subsidieregeling een aanvullende en noodzakelijke bijdrage daaraan te kunnen bieden. 1.2 Door het opstellen van een subsidieregeling hebben we de juiste grondslag om de onrendabele toppen voor woningbouwprojecten van corporaties dermate te verkleinen dat zij tot startbouw komen. Mogelijk dat marktpartijen hier kritische vragen over stellen.

Omdat we woningen in het sociale segment willen compenseren met een bijdrage, is het mogelijk dat particuliere ontwikkelaars ook aanspraak willen maken op deze subsidieregeling, indien zij bouwen in het sociale segment. Echter, op basis van jurisprudentie in navolging op het Didam-arrest én de inhoud van de Woningwet, achten wij het goed verdedigbaar dat we als gemeente de beleidsvrijheid hebben om de subsidieregeling voor de bouw van sociale huurwoningen slechts open te stellen voor corporaties. Onder meer omdat woningcorporaties een bijzondere positie op grond van de Woningwet hebben, die hen bovendien uitdrukkelijk met de gemeente verbindt: (i) woningcorporaties zijn verplicht uitsluitend werkzaam op het gebied van volkshuisvesting, (ii) woningcorporaties zetten hun middelen slechts in ten behoeve van het algemeen belang, (iii) woningcorporaties moeten bijdragen aan de woonvisie van de gemeente en zijn verplicht prestatieafspraken na te komen over de realisatie van onder andere de sociale huurwoningen. Tot slot wijzen wij nogmaals op de overige maatregelen die we op verzoek in kunnen zetten vanuit het programma Eindhoven Bouwt Door. Daaronder valt ook financiële ondersteuning voor onze marktpartijen; dat is echter maatwerk. Personele consequenties Uitvoering van de subsidieregeling vindt binnen de beschikbare formatie van zowel EBD als reguliere afdelingen plaats.

Op dit moment voert het team Eindhoven Bouwt Door, samen met diverse specialisten uit de reguliere afdelingen, diverse activiteiten uit die bijdragen aan het vlottrekken c.q. de versnelling van woningbouwprojecten. Dat kunnen onderhandelingen zijn, maar ook werkzaamheden zoals het aanvragen van landelijke

7

Inboeknummer 24bst01230 subsidies (zoals WBI en SBI). Daar komt nu als extra instrument deze subsidiemogelijkheid bij. De regeling is zo eenvoudig mogelijk ingericht om de lasten zo minimaal mogelijk te laten zijn, bij zowel de corporaties als bij de ambtelijke organisatie. Financiële consequenties We gaan bij de berekening van het subsidieplafond uit van enkele aannames: De prognose in de jaarrapportage 2023 is dat er voor de jaren 2024 tot en met 2026 een gemiddelde van 490 woningen netto/netto per jaar worden opgeleverd door de corporaties. Voor 2027 is deze prognose 1.156 woningen. Er van uitgaande dat de geprognotiseerde woningen voor 2026 en 2027 zodanig in voorbereiding zijn dat in de periode 01-10-2024 tot 01-01-2026 een aanvraag omgevingsvergunning zal worden ingediend, hebben we het over totaal 490 + 1.156 = 1.646 woningen. Op basis van ervaringscijfers houden we rekening met bepaalde uitval op deze aantallen, en gaan we uit van 1.500 te ondersteunen toekomstige sociale corporatiewoningen, met een onrendabele top van minimaal € 15.000,-. Omdat we twee categorieën hanteren in de subsidieregeling, komt daar globaal het volgende rekenvoorbeeld uit naar voren: -

750 woningen vallend onder de 1e aftoppingsgrens: maximale subsidie van € 7.500,- per woning. 750 woningen x € 7.500,- = € 5.625.000,-

-

750 woningen tussen 1e aftoppingsgrens en huurtoeslaggrens: subsidie middels glijdende schaal tussen € 7.500,- en 0,-, waarbij we uitgaan van een gemiddelde subsidie van € 3.750,- per woning. 750 woningen x € 3.750,- = € 2.812.500,-

Op basis van bovenstaande voorbeeld verwachten we een budget van € 8,5 miljoen voor deze regeling nodig te hebben. Mocht blijken dat het budgetplafond te hoog is ingeschat, kunnen we bij een positieve evaluatie de subsidieregeling mogelijk verlengen per 01-01-2025. Indien besloten wordt de subsidieregeling niet te verlengen, dan is het wenselijk om het onderbenutte budget ten gunste te blijven houden voor de woningbouwversnelling. Dat betekent dat het restant van deze middelen, in afwijking van de gebruikelijke integrale afweging, terugvloeit in de reserve Saldi Specifiek. Beschikbare middelen In totaal is €18,5 miljoen middels SMMM en begroting 2024 en 2025 geoormerkt: Jaar Bestuursakkoord 2022-2026 Begroting 2024 Begroting 2025 Totaal

2023 € 3.500.000 € 3.500.000

Woningbouwversnelling 2024 2025 Totaal € 3.500.000 € 7.500.000 € 7.500.000 € 7.500.000 € 7.500.000 € 7.500.000 € 7.500.000 € 18.500.000

8

Locatie Res. Samen Morgen Mooier Maken Saldireserve Specifiek Saldireserve Specifiek

Inboeknummer 24bst01230

De reserve SMMM was/is tevens bedoeld voor enkel andere taken, te weten innovatie, onrendabele toppen en grond. Deze budgetten worden niet ingezet voor deze subsidieregeling. In de begroting 2025 is € 7.500.000,- opgenomen voor de versnelling woningbouw. Omdat de subsidieregeling inwerking treedt per 01-01-2025 willen we het volledig budget van 2025 hiervoor benutten. In de begroting 2024 zijn ook versnellingsmiddelen woningbouw opgenomen ter hoogte van € 7.500.000,- . Hiervan willen we € 1.000.000,- inzetten voor deze subsidieregeling. Het restant benutten we voor het vlottrekken van overige stagnerende woningbouwprojecten. Dekking voor de betreffende subsidieregeling is als volgt: Begroting 2024 Begroting 2025 Totaal

€ 1.000.000,€ 7.500.000,€ 8.500.000,-

Communicatie Na akkoord zullen we de bestuurders van de woningcorporaties informeren over de subsidieregeling en deze regeling publiceren. In de gesprekken met ASML staat de versnelling en de financiële ondersteuning standaard op de agenda. Vanzelfsprekend worden ook zij geïnformeerd na dit besluit. Planning en uitvoering De subsidieregeling is vooralsnog voor het jaar 2025. Na akkoord van de raad zullen we de corporaties informeren dat zij een subsidieaanvraag in kunnen dienen, conform de voorwaarden, voor de looptijd van deze regeling. Evaluatie Op basis van de ingediende aanvragen zullen we voor het jaar 2025 monitoren hoeveel aanvragen worden ingediend, als ook het aantal woningen waarvoor subsidie wordt aangevraagd. In de reguliere P&C-cyclus zullen we de resultaten hiervan volgen. Zo ook bij de woningbouwrapportage 2025 waar we inzicht bieden in de resultaten van de prestatieafspraken. Tot slot zullen we, afhankelijk van de resultaten en het beschikbare budget, aan het eind van 2025 overwegen of verlenging helpend kan zijn. Bijlagen Als bijlagen bij dit voorstel behoren: • Bijlage 1. Subsidieregeling “Financiële ondersteuning sociale woningbouw Eindhoven”. • Bijlage 2. Indieningsvereisten onrendabele top.

9

Inboeknummer 24bst01230 •

Bijlage 3. Format berekening subsidiebijdrage.

Een ontwerpraadsbesluit bieden wij u hierbij ter vaststelling aan. Burgemeester en wethouders van Eindhoven,

, secretaris.

10

Inboeknummer 24bst01230

Ontwerp Raadsbesluit De raad van de gemeente Eindhoven; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van ;

besluit: Een bedrag van € 8.500.000,- te onttrekken aan de saldireserve specifiek uit de geoormerkte middelen voor woningbouwversnelling ten behoeve van de Subsidieregeling “Financiële ondersteuning sociale woningbouw Eindhoven” en beschikbaar te stellen in 2025 met de voorwaarde dat de middelen bij onderbenutting terug zullen vloeien naar de versnellingsmiddelen Saldireserve Specifiek; II. Bijgevoegde begrotingswijziging dienovereenkomstig vast te stellen. I.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van

, griffier.

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14787024/5