CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Beslissing op bezwaar gericht tegen het besluit tot (bekrachtiging van de) geheimhouding van stukken betreffende de Uitkoopregeling woonboten bedri

Raadsvergadering 20 september 2023, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Beslissing op bezwaar gericht tegen het besluit tot (bekrachtiging van de) geheimhouding van stukken betreffende de “Uitkoopregeling woonboten bedrijventerrein De Hurk” & beslissing op ingebrekestelling2.563 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

gemeente Eindhoven Inboeknummer Beslisdatum B&W Dossiernummer

BLANCO

Beslissing op bezwaar gericht tegen het besluit tot (bekrachtiging van de) geheimhouding van stukken betreffende de “Uitkoopregeling woonboten Raadsvoorstel bedrijventerrein De Hurk” & beslissing op ingebrekestelling Inleiding Bij besluit van 26 november 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders geheimhouding opgelegd ten aanzien van de onderstaande stukken betreffende de “Uitkoopregeling woonboten bedrijventerrein De Hurk”: a. B&W-omslag Uitkoopregeling 2022 woonboten bedrijventerrein De Hurk d.d. 26 november 2021; b. Raadsvoorstel en ontwerpraadsbesluit uitkoopregeling 2022 woonboten bedrijventerrein De Hurk d.d. 26 november 2021; c. Commissienotitie uitkoopregeling woonboten De Hurk d.d. 11 oktober 2021; d. Analyse scenario's woonboten d.d. 15 juni 2021; e. PowerPointpresentatie uitkoopregeling woonboten De Hurk d.d. 11 oktober 2021; f. Commissieadvies uitkoopregeling woonboten De Hurk d.d. 17 november 2021. Bij besluit van 30 november 2021 heeft uw raad het besluit van 26 november 2021 van het college van burgemeester en wethouders – waarin geheimhouding is opgelegd ten aanzien van deze stukken – aangepast bekrachtigd: a. B&W-omslag Uitkoopregeling 2022 woonboten bedrijventerrein De Hurk d.d. 26 november 2021; b. Raadsvoorstel en ontwerpraadsbesluit uitkoopregeling 2022 woonboten bedrijventerrein De Hurk d.d.

26 november 2021, alsmede het herziene ontwerpraadsbesluit van 30 november 2021, inclusief nadere toelichting; c. Commissienotitie uitkoopregeling woonboten De Hurk d.d. 11 oktober 2021; d. Analyse scenario's woonboten d.d. 15 juni 2021; e. PowerPointpresentatie uitkoopregeling woonboten De Hurk d.d. 11 oktober 2021; f. Commissieadvies uitkoopregeling woonboten De Hurk d.d. 17 november 2021. Op 9 december 2021 heeft bezwaarmaker 1 een bezwaarschrift ingediend gericht tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van 26 november 2021 tot geheimhouding van stukken betreffende de “Uitkoopregeling woonboten bedrijventerrein De Hurk”. Het bezwaar is – mede gelet op de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 21 mei 2014 (ECLI:NL:RVS:2014:1809) – opgevat als zijnde gericht tegen uw besluit van 30 november 2021 waarin u de geheimhouding ten aanzien van deze stukken aangepast heeft bekrachtigd.

Inboeknummer

Bij brief van 12 december 2021, verzonden per e-mail van 13 december 2021, heeft bezwaarmaker 2 een bezwaarschrift ingediend gericht tegen uw besluit van 30 november 2021 tot bekrachtiging van het besluit van het college van burgemeester en wethouders van 26 november 2021 tot geheimhouding van stukken betreffende de “Uitkoopregeling woonboten bedrijventerrein De Hurk”. Op 13 april 2022 en 13 december 2022 heeft bezwaarmaker 2 u – door middel van het daartoe bestemde formulier ‘Ingebrekestelling bij termijnoverschrijding’ in gebreke gesteld vanwege het niet tijdig beslissen op haar bezwaarschrift / ingebrekestelling. Op 21 december 2022 heeft bezwaarmaker 2 aangegeven dat de bezwaarprocedure als afgedaan kan worden beschouwd. Bezwaarmaker 2 is vervolgens bericht dat haar bericht van 21 december 2022 zodanig is opgevat dat zij haar bezwaarschrift daarmee intrekt. Met bezwaarmaker is wel overeengekomen dat nog wel op de haar ingediende ingebrekestellingen wordt besloten.

x

Wettelijke taak

 Kerntaak gekoppeld aan het werkprogramma van het college x

Onvermijdelijk

Doelstelling Het nemen van een beslissing op bezwaar van bezwaarmaker 1. Het nemen van een beslissing op de ingebrekestellingen van bezwaarmaker 2. Voorstel 1. Het bezwaar van bezwaarmaker 2: ontvankelijk te verklaren; gedeeltelijk gegrond te verklaren voor zover niet per zelfstandig onderdeel van een document – ten aanzien waarvan geheimhouding is opgelegd – is beoordeeld of het belang van geheimhouding opweegt tegen het belang van – in dit geval – de economische of financiële belangen van de gemeente Eindhoven, de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van natuurlijke personen en het voorkomen van onevenredige benadeling van de gemeente Eindhoven (het goed functioneren van de gemeente Eindhoven) ; voor het overige ongegrond te verklaren onder aanpassing van de grondslag gelet op de inwerkingtreding van de Wet open overheid (het komen te vervallen van de Wet openbaarheid van bestuur) en de wijziging van de Gemeentewet. Dit met inachtneming van uw besluit van 29 november 2029. Op 29 november 2022 heeft u immers besloten de geheimhouding van stukken betreffende de “Uitkoopregeling woonboten bedrijventerrein De Hurk” gedeeltelijk op te heffen. Hiermee is inmiddels grotendeels aan het verzoek tot beëindiging/opheffing geheimhouding – en daarmee ook grotendeels aan het bezwaar – bezwaarmaker 1 tegemoet gekomen.

2

Inboeknummer

2.

Bezwaarmaker 2 een dwangsom van € 1.442,- te vergoeden voor het niet tijdig beslissen op haar bezwaarschrift.

Argumenten 1 Grondslag (bekrachtiging van de) geheimhouding & beoordeling per zelfstandig onderdeel i.p.v. per document Bij besluit van 30 november 2021 heeft uw raad het besluit van 26 november 2021 van het college van burgemeester en wethouders – waarin geheimhouding is opgelegd – aangepast bekrachtigd ten aanzien van de stukken: a. B&W-omslag Uitkoopregeling 2022 woonboten bedrijventerrein De Hurk d.d. 26 november 2021; b. Raadsvoorstel en ontwerpraadsbesluit uitkoopregeling 2022 woonboten bedrijventerrein De Hurk d.d. 26 november 2021, alsmede het herziene ontwerpraadsbesluit van 30 november 2021, inclusief nadere toelichting; c. Commissienotitie uitkoopregeling woonboten De Hurk d.d. 11 oktober 2021; d. Analyse scenario's woonboten d.d. 15 juni 2021; e. PowerPointpresentatie uitkoopregeling woonboten De Hurk d.d. 11 oktober 2021; f. Commissieadvies uitkoopregeling woonboten De Hurk d.d. 17 november 2021. In het betreffende besluit is artikel 25 van de Gemeentewet juncto artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur als grondslag gebruikt. Met de inwerkingtreding van de Wet open overheid op 1 mei 2022, is de Wet openbaarheid van bestuur komen te vervallen. Tevens is de Gemeentewet gewijzigd. Hierdoor dient de grondslag in de beslissing op bezwaar te worden aangepast.

De grondslag voor de (bekrachtiging van de) geheimhouding is thans gelegen in de artikelen 87, 88 en 89 van de Gemeentewet juncto artikel 5.1, tweede lid onder b, e en i van de Wet open overheid in plaats van artikel 25 van de Gemeentewet juncto artikel 10, tweede lid, onder b, e en g van de Wet openbaarheid van bestuur. In het besluit tot (bekrachtiging van de) geheimhouding van de stukken betreffende de “Uitkoopregeling woonboten bedrijventerrein De Hurk” is overigens de geheimhouding per document (a t/m f) beoordeeld, terwijl de beoordeling per zelfstandig onderdeel van de betreffende documenten moet worden beoordeeld. In de bijlage van de beslissing op bezwaar, zoals deze thans wordt voorgesteld, is dit alsnog gedaan. Daarbij dient wel opgemerkt te worden dat u 29 november 2022 heeft besloten de geheimhouding van stukken betreffende de “Uitkoopregeling woonboten bedrijventerrein De Hurk” gedeeltelijk op te heffen. Hiermee is inmiddels grotendeels aan het verzoek tot beëindiging/opheffing geheimhouding en daarmee ook grotendeels aan het bezwaar van bezwaarmaker 1 tegemoet gekomen. Dit heeft ons inziens ook gevolgen voor de heroverweging van het thans door de bezwaarmaker 1 bestreden besluit.

Om die reden is de heroverweging van het door de bezwaarmaker 1 bestreden besluit beperkt tot die onderdelen waarop de geheimhouding niet is beëindigd/opgeheven en waarop geheimhouding zodoende nog steeds aan de orde is. Voor zover daarin informatie zwart is gelakt met daarachter de letters ‘EFB’, dan blijft de informatie geheim op grond van artikel 5.1, tweede lid onder b, van de Woo. Ingevolge het betreffende artikel is het verstrekken van informatie niet mogelijk als het belang niet opweegt tegen de economische en financiële belangen van de staat, andere

3

Inboeknummer

publiekrechtelijke lichamen of bestuursorganen. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om informatie die de privaatrechtelijke verhouding met een burger negatief kan beïnvloeden, zoals bij onderhandelingen tussen de overheid en derden. In onderhavige situatie gaat het ook om informatie die de privaatrechtelijke verhouding met een burger negatief kan beïnvloeden, er is namelijk sprake van onderhandelingen tussen de gemeente Eindhoven met de woonbootbewoners over een uitkoopregeling. Daar waar in de stukken informatie zwart is gelakt met daarachter de letters ‘EFB’ gaat het dan ook om informatie die de privaatrechtelijke verhouding met een burger negatief kan beïnvloeden, daarin is namelijk sprake informatie ten behoeve van de onderhandelingen tussen de gemeente Eindhoven met de woonbootbewoners over een uitkoopregeling, zodat de geheimhouding op betreffende onderdelen terecht is opgelegd en de geheimhouding terecht niet is beëindigd/opgeheven. Voor zover informatie zonder nadere omschrijving zwart is gelakt, dan betreft dit een persoonsgegeven of persoonsgebonden contactgegeven en blijft de informatie geheim op grond van artikel 5.1, tweede lid onder e, van de Woo.

Ingevolge het betreffende artikel wordt informatie niet verstrekt als de persoonlijke levenssfeer van één of meer natuurlijke personen in het geding is en de eerbiediging daarvan zwaarder weegt dan het belang van openbaarheid, tenzij de betrokken persoon instemt met openbaarmaking. Deze uitzonderingsgrond slaat op persoonsgegevens die (indirect) te herleiden zijn tot een individu, zoals namen, e-mailadressen, telefoonnummers en functienamen. Vanuit het oogpunt van goed werkgeverschap kunnen voor het beschermen van de persoonlijke levenssfeer of voor het voorkomen van onevenredige benadeling de namen van ambtenaren op grond van deze uitzonderingsgrond niet worden verstrekt. Voor personen die niet bij de overheid werken, is per geval een afweging nodig of de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer zich verzet tegen het openbaar maken van hun persoonsgegevens. Daar waar in de stukken informatie zonder nadere omschrijving zwart is gelakt gaat het om namen en telefoonnummers van ambtenaren en functienamen of gaat het om namen van personen die geen publieke functie hebben en niet wegens hun functie in de openbaarheid treden en/of die ook niet in de Kamer van Koophandel met hun namen worden genoemd, zodat de geheimhouding op betreffende onderdelen terecht is opgelegd en de geheimhouding terecht niet is beëindigd/opgeheven.

Voor zover informatie zwart is gelakt met daarachter de letters ‘GF’, dan blijft de informatie geheim op grond van artikel 5.1, tweede lid onder i, van de Woo. Ingevolge het betreffende artikel is het verstrekken van informatie niet mogelijk als het belang daarvan niet opweegt tegen het goed functioneren van de staat, andere publiekrechtelijke lichamen of bestuursorganen. Dat is ook het geval als bij het oplossen van een probleem door het bestuursorgaan met derden of een ander bestuursorgaan de vertrouwelijkheid als voorwaarde voor het goed functioneren van het bestuursorgaan is vereist. Situaties waarvoor deze uitzonderingsgrond opgaat zijn bijvoorbeeld interne en externe onderzoeken waarbij vertrouwelijkheid is toegezegd, het goed functioneren van de raad (of een commissie), de noodzaak van vertrouwelijkheid van beraad binnen colleges en adviesinstanties en de procespositie in (te verwachten) gerechtelijke procedures. In onderhavige situatie gaat het om de situaties intern onderzoek waarbij vertrouwelijkheid is toegezegd, het goed functioneren van de raad (of een commissie), de noodzaak van vertrouwelijkheid van beraad binnen colleges en adviesinstanties en

4

Inboeknummer

de procespositie in (te verwachten) gerechtelijke procedures. Zoals reeds opgemerkt is er sprake van onderhandelingen tussen de gemeente Eindhoven met de woonbootbewoners over een uitkoopregeling. Daar waar in de stukken informatie zwart is gelakt met daarachter de letters ‘GF’ gaat het om informatie die van invloed is op het goed functioneren van de gemeente Eindhoven, daarin is namelijk sprake van onderzoek ten behoeve van een uitkoopregeling, zodat de geheimhouding op betreffende onderdelen terecht is opgelegd en de geheimhouding terecht niet is beëindigd/opgeheven. Het document ‘Analyse scenario's woonboten d.d. 15 juni 2021’ blijft overigens in het geheel geheim op grond van artikel 5.1, tweede lid onder b, e en i, van de Woo aangezien na toepassing van de uitzonderingsgronden nagenoeg niets van het betreffende document overblijft. 2

Ingebrekestelling & dwangsom i.v.m. niet tijdig beslissen op het bezwaar / de ingebrekestelling Het bestuursorgaan – in dit geval uw raad – dient binnen zes weken gerekend vanaf de dag na die waarop de termijn voor het indienen van het bezwaarschrift is verstreken op het bezwaarschrift te beslissen (artikel 7:10, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht). Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan – in dit geval uw raad – aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is (artikel 4:17, eerste lid, van de Awb). Op 13 april en 13 december 2022 heeft bezwaarmaker 2 uw raad door middel van het daartoe bestemde formulier ‘Ingebrekestelling bij termijnoverschrijding’ in gebreke gesteld vanwege het niet tijdig beslissen op haar bezwaarschrift / ingebrekestelling. Uw raad dient zodoende bezwaarmaker 2 een dwangsom van € 1.442,- te vergoeden voor het niet tijdig beslissen op haar bezwaarschrift. Kanttekeningen Indien bezwaarmaker 1 het niet eens is met de beslissing op bezwaar kan de bezwaarmaker 1 op grond van de Algemene wet bestuursrecht binnen zes weken na verzenddatum van de beslissing op bezwaar hiertegen schriftelijk beroep instellen bij de rechtbank Oost-Brabant.

Naast dit beroepschrift kan de bezwaarmaker 1, indien hij een spoedeisend belang heeft, bij de voorzieningenrechter van de rechtbank eventueel een verzoek om een voorlopige voorziening indienen. Na de uitspraak van de rechtbank kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Indien bezwaarmaker 2 het niet eens is met de beslissing op de ingebrekestelling kan bezwaarmaker 2 op grond van de Algemene wet bestuursrecht binnen zes weken na verzenddatum van de beslissing op de ingebrekestelling hiertegen bezwaar maken. Naast dit bezwaarschrift kan bezwaarmaker 2, indien zij een spoedeisend belang heeft, bij de voorzieningenrechter van de rechtbank eventueel een verzoek om een voorlopige voorziening indienen. Financiële consequenties

5

Inboeknummer

Bezwaarmaker 2 een dwangsom van € 1.442,- vergoeden voor het niet tijdig beslissen op haar bezwaarschrift. De dwangsom zal uit het budget van de afdeling Juridische Zaken worden betaald. Communicatie De beslissing op bezwaar verzenden aan de bezwaarmaker 1. De beslissing op de ingebrekestelling verzenden aan . Planning en uitvoering Dit besluit dient te worden genomen in de raadsvergadering van 20 september 2023. Evaluatie Niet van toepassing. Bijlage(n) Als bijlage(n) bij dit voorstel behoren: Bijlage 1 - besluit van het college van burgemeester en wethouders van 26 november 2021 waarin geheimhouding is opgelegd van stukken betreffende de “Uitkoopregeling woonboten bedrijventerrein De Hurk”; Bijlage 2 - besluit van 30 november 2021 waarin uw Raad het besluit van 26 november 2021 van het college van burgemeester en wethouders – waarin geheimhouding is opgelegd van stukken betreffende de “Uitkoopregeling woonboten bedrijventerrein De Hurk”– aangepast heeft bekrachtigd; Bijlage 3a en 3b - bezwaarschrift van de bezwaarmaker 1 (9 december 2021; inclusief aanvulling); Bijlage 4a en 4b - formulier ‘Ingebrekestelling bij termijnoverschrijding’ (13 april 2022 en 13 december 2022); Bijlage 5 - Raadsvoorstel met besluit 29 november 2022 (geheime stukken liggen voor de raads- en commissieleden ter inzage bij de griffie); Bijlage 6 - beslissing op bezwaar; Bijlage 7 - beslissing op

ingebrekestelling.

6

Inboeknummer

Ontwerp Raadsbesluit De raad van de gemeente Eindhoven; besluit: 1.

Het bezwaar van de bezwaarmaker 1: ontvankelijk te verklaren; gedeeltelijk gegrond te verklaren voor zover niet per zelfstandig onderdeel van een document – ten aanzien waarvan geheimhouding is opgelegd – is beoordeeld of het belang van geheimhouding opweegt tegen het belang van – in dit geval – de economische of financiële belangen van de gemeente Eindhoven, de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van natuurlijke personen en het voorkomen van onevenredige benadeling van de gemeente Eindhoven (het goed functioneren van de gemeente Eindhoven) ; voor het overige ongegrond te verklaren onder aanpassing van de grondslag gelet op de inwerkingtreding van de Wet open overheid (het komen te vervallen van de Wet openbaarheid van bestuur) en de wijziging van de Gemeentewet. Dit met inachtneming van uw besluit van 29 november 2029. Op 29 november 2022 heeft u immers besloten de geheimhouding van stukken betreffende de “Uitkoopregeling woonboten bedrijventerrein De Hurk” gedeeltelijk op te heffen. Hiermee is inmiddels grotendeels aan het verzoek tot beëindiging/opheffing geheimhouding – en daarmee ook grotendeels aan het bezwaar – van de bezwaarmaker 1 tegemoet gekomen.

2.

Bezwaarmaker 2 een dwangsom van € 1.442,- te vergoeden voor het niet tijdig beslissen op haar bezwaarschrift.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 20 september 2023.

J. Jongbloed, griffier.

7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13122577/1