Raadsvoorstel Beleidsplan Een financieel zeker bestaan 2026
Tekst van het document
Gemeente Eindhoven Inboeknummer 8085107_02 Dossiernummer 25.50.651 B&W beslisdatum 09 december 2025
Raadsvoorstel Beleidsplan Een financieel zeker bestaan 2026 Inleiding Inwoners moeten kunnen rondkomen en meedoen in de stad. Dat betekent een voldoende en voorspelbaar inkomen, zodat zij in hun basisbehoeften kunnen voorzien, een buffer voor onvoorziene uitgaven hebben en zonder grote zorgen mee kunnen doen in de samenleving. Financieel zeker zijn betekent kunnen vertrouwen op en controle hebben over eigen geld. In het dagelijks leven uitgaven kunnen dekken en toch voorbereid zijn op de toekomst en levensdoelen zoals scholing, werk, gezin, huis en pensioen. Wanneer mensen in geldzorgen, armoede of schulden leven heeft dit impact. Geldzorgen kunnen leiden tot gezondheidsproblemen, chronische stress, maar ook tot een lagere levensverwachting. Daarnaast kan het sociaal isolement, schaamte en beperkte deelname aan de samenleving veroorzaken. Het zorgt voor minder kansen op een goede opleiding of woonsituatie. Armoede en schulden zijn daarmee ook grondoorzaken van problemen op andere leefgebieden. Dit is de realiteit voor een groep inwoners. Voor hen is meedoen niet vanzelfsprekend, maar een dagelijkse strijd. Achter voordeuren, in klaslokalen en onder werkende mensen, leven inwoners die moeizaam rondkomen of weinig toekomstperspectief hebben. Samen met inwoners, wijken en partners werken we hier dagelijks aan. Zodat mensen weer vooruit kunnen kijken.
In de Koers Sociaal (2)040 is ‘Een financieel zeker bestaan’ als opgave vijf en een plustaak benoemd. Dit betekent dat we bijzondere aandacht hebben voor inwoners waarbij een samenloop van problemen speelt. We sturen op integraal beleid dat aansluit bij de leefwereld van inwoners en zorgen voor toegankelijke ondersteuning. We pakken grondoorzaken aan en zetten in op preventie en vroegsignalering. Hiermee geven we een concrete invulling aan de koers in de komende jaren. We doorbreken daarbij het verkokerde denken en werken vanuit Werk & Inkomen en vanuit Armoede & Schulden,
Inboeknummer 8085107_02
omdat dit niet past bij wat de inwoner nodig heeft om een financieel zeker bestaan op te bouwen. Wettelijke taak Participatiewet in Balans, Wet gemeentelijke schulddienstverlening Kerntaak Inwoners ondersteunen in een financieel zeker bestaan. Onder andere door in samenhang in te zetten op werk, inkomen, armoede en schulden. Doelstelling In Eindhoven streven we naar een integrale benadering van een financieel zeker bestaan voor onze inwoners. Inwoners kunnen rondkomen en meedoen, ervaren stabiliteit in hun inkomen en uitgaven, en hebben waar mogelijk duurzaam werk. We zorgen voor een toegankelijke en overzichtelijke dienstverlening, samen met onze partners in de stad. Waar nodig investeren we ongelijk voor gelijke kansen. Preventie en het aanpakken van grondoorzaken staan centraal. In het ‘Beleidsplan Een financieel zeker bestaan’ is deze visie uitgewerkt in ambities. Voorstel 1. Het ‘Beleidsplan Een financieel zeker bestaan’ vast te stellen met als ambities: - Ambitie 1: Duurzaam werk en meedoen - Ambitie 2: Voorkomen van geldzorgen en beginnende betaalproblemen - Ambitie 3: Toegankelijke dienstverlening voor inkomenszekerheid - Ambitie 4: Brede armoedebestrijding - Ambitie 5: Schuldenvrij leven 2.
Uitvoering van het beleidsplan vanaf 2026 waar mogelijk te realiseren binnen de huidige financiële kaders van de begroting: - Structurele middelen huidig beleidsplan - Structurele middelen bestuursakkoord - Saldireserve specifiek onderdeel volumecomponent Armoede - Reserve SMMM bestuursakkoord - Meicirculaire vroegsignalering. 3. De eventuele potentiële middelen als gevolg van niet-bestede middelen energietoeslag en hoger bereik minimaregelingen, evenals eventueel aanvullende middelen van het Rijk voor vroegsignalering 2026-2028, eind 2026 mee te nemen in het reserveringsvoorstel voor de uitvoering van de overige ambities in het beleidsplan. Argumenten 1.1 De evaluatie geeft belangrijke inzichten en aanbevelingen voor nieuw beleid. Het participatieproces in aanloop naar het opstellen van het beleidsplan, heeft belangrijke informatie opgeleverd waarbij inwoners en maatschappelijke partners aangeven behoefte
2
Inboeknummer 8085107_02
te hebben aan onder andere: maatwerk, vereenvoudiging, makkelijke toegang tot regelingen, aanpak op preventie en grondoorzaken en een betere regievoering op en samenwerking tussen partners in de stad. Een andere belangrijke aanbeveling is de oproep naar realistischer beleid dat inzicht geeft in wat de opgaven zijn. De aanbevelingen uit de evaluatie zijn verwerkt in het beleidsplan. 1.2 De vijf ambities passen bij de brede blik op een financieel zeker bestaan. Het beleidsplan vertrekt vanuit een integrale blik op financiële bestaanszekerheid, denkend vanuit de leefwereld van inwoners. Zo worden de beleidsterreinen werk, inkomen, armoede en schulden integraal opgepakt. Daarbij versnellen we de beweging naar preventie/vroegsignalering en grondoorzaken. 1.3 De vijf ambities geven richting aan de beweging die we willen maken. De beweging die we in gang zetten in de komende jaren is: Mensgericht: de dienstverlening voor inwoners verder verbeteren, door een volgende stap in het vereenvoudigen van toegang en voor het eerst écht vervlechten van de ondersteuning van Armoede & Schulden en Werk & Inkomen in het Netwerk Werk en Geld. Voorkomen: door nóg meer in te zetten op preventie en vroegsignalering, ook voor nieuwe doelgroepen zoals financiële educatie voor volwassenen, life-events en inzetten van ervaringskennis.
Grondoorzaken: steviger inzetten op grondoorzaken, bijvoorbeeld door te ondersteunen bij meer inkomen uit werk, inzetten op basisvaardigheden, samenwerken op thema’s zoals wonen/energie/verduurzaming, aanpak generatiearmoede, etc. 1.4 Er is een wens voor nieuw beleid. Er is een toezegging aan de raad om nog in deze bestuursperiode een nieuw beleidsplan voor te leggen. Deze had echter vertraging door de amendementen uitbreiding minimaregelingen. Het vorige Beleidsplan Armoede en Schulden liep tot en met 2024. In de Wet gemeentelijke schulddienstverlening (Wgs) is opgenomen dat de gemeenteraad elke vier jaar beleid vaststelt in een plan. Ook willen we vooruit met de opgaven die we zien. Daarvoor hebben we richting in beleid nodig om te kunnen sturen in de uitvoering. 1.5 Dit is ook het uitvoeringsprogramma. Het ‘Beleidsplan Een financieel zeker bestaan’ geeft antwoord op de vraag ‘wat’ we willen bereiken en geeft inzicht ‘hoe’ we dat willen doen: door opgaven te benoemen. We kunnen hierdoor meteen starten met de uitvoering en zorgen ervoor dat we opgaven realiseren. Uw raad wordt jaarlijks geïnformeerd over de voortgang van de opgaven via de P&C cyclus. 2.1 Om uitvoering te kunnen geven aan dit beleidsplan zetten we in eerste instantie de bestaande middelen in.
3
Inboeknummer 8085107_02
Het uitgangspunt is uitvoering te geven aan het beleid binnen bestaande middelen (structurele middelen huidig beleidsplan en bestuursakkoord, de saldireserve specifiek volumecomponent Armoede, reserve SMMM bestuursakkoord en de meicirculaire vroegsignalering). Als er geen aanvulling is van potentiële middelen (zie 3.1) en er dus minder financiële ruimte overblijft dan verwacht, dan betekent dit dat we keuzes maken in ambities/opgaven/uitvoering. 3.1 Om uitvoering te kunnen geven aan alle ambities in het beleidsplan stellen we voor ook eventuele potentiële middelen in te zetten. Als er potentiële financiële ruimte is doordat middelen na 2026 overblijven (energietoeslag, hoger bereik minimaregelingen en eventueel aanvullende middelen van het Rijk voor vroegsignalering 2026-2028), is het voorstel om deze middelen voor dit beleidsplan in te zetten en eind 2026 mee te nemen in het reserveringsvoorstel voor de uitvoering van de overige ambities (zie ook financiële consequenties). Als er meer middelen overblijven, is dat aan de volgende raad. Kanttekeningen 1.1 Het sociaal domein staat als geheel onder druk. Ondersteuningsvragen nemen toe, er is financiële krapte en regeldruk, het aantal vrijwilligers neemt af en arbeidskrapte neemt toe.
Daarom is het beleidsplan geen uitputtende opsomming van opgaven, maar zijn de belangrijkste opgaven benoemd die ruimte en wendbaarheid bieden om in te spelen op maatschappelijke ontwikkelingen. Daarbij hebben we in de uitvoering oog voor inwoners die in een kwetsbare positie verkeren of meer kans hebben in geldzorgen terecht te komen. Hierdoor investeren we ongelijk voor gelijke kansen en houden we oog voor de inwoners die extra ondersteuning nodig hebben. 1.2 Reguliere taken blijven we uitvoeren en ontwikkelen. Een financieel zeker bestaan omvat veel beleidsterreinen en reguliere taken die op grond van wet- en regelgeving of via subsidies door de gemeente worden uitgevoerd. In het beleidsplan kiezen we ervoor niet alles te benoemen in onderwerpen, taken en samenwerkingen, maar vooral richting te geven aan de beweging en de nieuwe ambities. Dit betekent dat we binnen onze huidige taken blijven innoveren. Binnen de huidige randvoorwaarden van uitvoering, financiën en beleid. Personele consequenties Bij de ambities is rekening gehouden met eventuele personele consequenties. Zie verder onder de paragraaf financiële consequenties. Financiële consequenties In het beleidsplan is in het hoofdstuk Randvoorwaarden het financiële kader voor 2026 opgenomen.
Er is een doorrekening gemaakt van de opgaven per ambitie en daarmee wat er nodig is om tot uitvoering te komen, inclusief de personele consequenties.
4
Inboeknummer 8085107_02
Hieronder staan welke intensiveringen nodig zijn: Uitvoering Totaal structureel beleidsplan benodigd per jaar Ambitie 1 Ambitie 2
€ €
Ambitie 3 Ambitie 4*
€ €
Ambitie 5
€ €
Totaal incidenteel Toelichting benodigd voor 4 jaar - € - Dekking via bestaand budget, zoals P-budget, OC&W, Transformatie 200.000 € 1.820.000 Voor o.a. financiële educatie, ervaringsdeskundigheid, life-events, vroegsignalering € Dekking via bestaand budget, zoals BUIG, Transformatie, W&I 350.000 € 899.000 Voor o.a. brede stadsaanpak armoede, onderzoek Stadlab/UDC en Bouwdepot 150.000 € 3.441.000 Voor schuldhulp ondernemers, basis op orde, Jongeren Pers. Fonds 700.000 € 6.160.000 *Eerste jaar bouwdepot 2026 reeds gedekt van innovatiemiddelen
De dekking is als volgt voorzien: Dekking structureel per jaar: Structurele middelen huidig beleidsplan Structurele middelen bestuursakkoord
Potentiële dekking structureel: Ingeschatte opbrengsten MKBA Bouwdepot *1 Dekking incidenteel: Saldireserve specifiek, Volumecomponent Armoede regeling Samen Morgen Mooier Maken coalitieakkoord Meicirculaire - Vroegsignalering Potentiële dekking incidenteel: Energietoeslag *2 Hoger bereik minimaregelingen, Reserveringsdossier *3 Rijksmiddelen vroegsignalering 2026-2028 *4
€ € €
250.000 150.000 400.000
€ €
300.000 300.000
€ 2.546.000 € 1.453.000 € 309.000 € 4.308.000 € 2.387.000 € 853.000 p.m. € 3.240.000
Voor de uitvoering van dit beleidsplan is incidenteel € 6.160.000 nodig, daarvan is € 4.308.000 incidenteel gedekt. Er resteert nog incidenteel € 1.852.000, daarvoor zijn diverse potentiële dekkingsbronnen in beeld (zie daarvoor ook hieronder *2, 3 en 4). *1). We verwachten dat de dekking na 2026 structureel ingeregeld kan worden op basis van inzichten uit een maatschappelijke kosten-baten-analyse, zie raadsbrief 7 mei.
5
Inboeknummer 8085107_02
*2) *3). We stellen voor om na eind 2026 de niet-bestede middelen van de energietoeslag en de middelen hoger bereik minimaregelingen uit het reserveringsdossier in te zetten voor de ambities in dit beleidsplan. De raad heeft in 2024 besloten de overgebleven landelijke gelden voor de energietoeslag, incidenteel in te zetten om twee bestaande minimaregelingen tijdelijk aan te passen en twee nieuwe regelingen tijdelijk in te voeren (voor 2025 en 2026). Ook heeft de raad de wens uitgesproken deze middelen, mocht hiervan nog steeds een deel overblijven, beschikbaar te houden voor de doelgroep. Door de niet-bestede middelen na eind 2026 in te zetten voor brede bestrijding van armoede bij inwoners, blijft het budget voor de doelgroep beschikbaar, maar wordt deze breed ingezet. *4) Gemeenten krijgen sinds 2021 middelen voor vroegsignalering. In 2025 was dat € 18,7 miljoen voor alle gemeenten. Eindhoven ontving in 2025 € 309.000,-. Voor 2026-2028 zijn er wederom rijksmiddelen beschikbaar, maar het rijk wil daarover eerst bestuurlijke afspraken maken. Aangezien het nog niet precies duidelijk is hoeveel er beschikbaar is per gemeente nemen we deze vooralsnog als p.m. op. Communicatie De afgelopen jaren zijn er veel gesprekken gevoerd met inwoners en partners in de stad.
In het voortraject van evaluatie en voorbereiding naar nieuw beleid, zijn inwoners geïnterviewd over hun ervaringen en zijn er thematafels georganiseerd met partners. De Cliëntenraad Sociaal Domein heeft een advies uitgebracht en de aandachtspunten hierin zijn verwerkt in voorliggend beleidsplan. Het beleidsplan zal na besluitvorming breed gedeeld worden en inzichtelijk zijn via onze website. Planning en uitvoering Nadat het beleidsplan is vastgesteld door de raad, is deze richtinggevend voor gemeentelijk beleid, inzet van middelen en opdrachten aan en samenwerking met partijen in de stad. Het geeft sturing en bepaalt onze werkwijze, planning en uitvoering in de komende jaren.
Evaluatie Het participatieproces om tot dit beleidsplan te komen hebben wij als zeer waardevol ervaren. We blijven daarom in gesprek met inwoners en onze samenwerkingspartners en sturen tussentijds bij. We volgen de realisatie door deze meetbaar te maken en informeren uw raad over de voortgang via de P&C cyclus. In 2029 evalueren we dit beleidsplan.
6
Inboeknummer 8085107_02
Bijlage(n) Als bijlage(n) bij dit voorstel behoren: 1. Beleidsplan Een financieel zeker bestaan 2. Evaluatierapport Armoede en Schulden – BMC 3. Advies Cliëntenraad Sociaal Domein inzake Beleidsplan Een financieel zeker bestaan 4. Reactie op advies Cliëntenraad Sociaal Domein 5. Verslag thematafels Een ontwerpraadsbesluit bieden wij u hierbij ter vaststelling aan. Burgemeester en wethouders van Eindhoven,
, secretaris.
7
Inboeknummer 8085107_02
Ontwerp Raadsbesluit De raad van de gemeente Eindhoven; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van ; besluit: 1.
2.
3.
Het ‘Beleidsplan Een financieel zeker bestaan’ vast te stellen met als ambities: - Ambitie 1: Duurzaam werk en meedoen - Ambitie 2: Voorkomen van geldzorgen en beginnende betaalproblemen - Ambitie 3: Toegankelijke dienstverlening voor inkomenszekerheid - Ambitie 4: Brede armoedebestrijding - Ambitie 5: Schuldenvrij leven Uitvoering van het beleidsplan vanaf 2026 waar mogelijk te realiseren binnen de huidige financiële kaders van de begroting: - Structurele middelen huidig beleidsplan - Structurele middelen bestuursakkoord - Saldireserve specifiek onderdeel volumecomponent Armoede - Reserve SMMM bestuursakkoord - Meicirculaire vroegsignalering. De eventuele potentiële middelen als gevolg van niet-bestede middelen energietoeslag en hoger bereik minimaregelingen, evenals eventueel aanvullende middelen van het Rijk voor vroegsignalering 2026-2028, eind 2026 mee te nemen in het reserveringsvoorstel voor de uitvoering van de overige ambities in het beleidsplan.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van
, griffier.
8