Raadsinformatiebrief Septembercirculaire Gemeentefonds 2023
Tekst van het document
gemeente Eindhoven Inboeknummer 23bst01393 Dossiernummer 23.43.702 B&W beslisdatum 24 oktober 2023
Raadsinformatiebrief
Onderwerp: Septembercirculaire Gemeentefonds 2023 en voorlopig bijstandsbudget 2024 (BUIG) Inleiding Op 28 september hebben we u het raadsvoorstel Begroting 2024 aangeboden. Via de Septembercirculaire Gemeentefonds en de voorlopige beschikking bijstandsbudget 2024 (BUIG) heeft het Rijk nieuwe informatie gegeven met betrekking tot de financiële positie in het lopende jaar (2023) en de komende jaren (2024-2027). In het raadsvoorstel staat dat we u hierover informeren via een nadere toelichting, echter -zoals gebruikelijk- sturen we u nu deze raadsinformatiebrief. Het gezamenlijke voordeel voor 2023 uit de meicirculaire en de septembercirculaire is € 20 miljoen incidenteel. Dit voordeel wordt verwerkt in Turap-2 en zal onderdeel worden van het jaarrekeningresultaat 2023. Dit incidentele resultaat nemen we, na afsluiting boekjaar en goedkeuring accountant conform onze financiële spelregels, mee bij de Kadernota 2025. Voor de jaren 2025 en 2026 blijft het voorlopige beeld van veel incidentele middelen. Deze wegen we steeds af voor het jaar waarin ze gepland staan. Het bedrag voor jaarschijf 2025 nemen we dus mee bij de Kadernota 2025 (in voorjaar 2024). Het is belangrijk dat we ons niet rijk rekenen. Na de verkiezingen zal een nieuw kabinet aantreden dat mogelijk bezuinigt op het gemeentefonds en / of de financieringssystematiek aanpast.
Hierdoor kan het voorlopige financiële plaatje sterk wijzigen. Bij de Kadernota 2025 maken we – op basis van de dan meest recente informatie over onder meer kabinetsbeleid – een nieuwe inschatting van de financiële positie.
Actueel maatschappelijk onderwerp/probleem Coalitieafspraak Motie/amendement/toezegging Anders, namelijk inzicht in de financiële positie
Inboeknummer 93bst01393 Besluit van college van burgemeester en wethouders De raad te informeren over de uitkomsten van de Septembercirculaire Gemeentefonds 2023 en het voorlopig bijstandsbudget 2024 (BUIG) middels raadsinformatiebrief Argumenten/kanttekeningen De gevolgen van de septembercirculaire voor de begroting in het kort: In de Begroting 2024 sluiten de jaarschijven 2024, 2025 en 2026 op nul. In het laatste jaar 2027 is het begrotingssaldo -€ 5 miljoen. Binnen de jaarschijven 2025 en 2026 is nog sprake van incidenteel beschikbare middelen van respectievelijk € 45,8 miljoen en € 7,4 miljoen. Als gevolg van de septembercirculaire neemt de financiële ruimte (exclusief volumeaccres) voor de jaren 2024 tot en met 2027 toe met respectievelijk € 7,6 miljoen, € 9,2 miljoen, € 7,8 miljoen en € 4,6 miljoen. De cijfers zijn een momentopname. Volgend jaar, bij het Centraal Economisch Plan van het Centraal Planbureau worden ze weer aangepast. Ook kan een nieuw kabinet besluiten tot een andere financieringssystematiek, waardoor de financiële uitkomsten totaal anders worden. De Raad van State heeft bijvoorbeeld aan het nog te vormen kabinet na de verkiezingen geadviseerd om de bbpsystematiek al vanaf 2025 te gaan toepassen, en duidelijkheid te bieden over het wel/niet schrappen van de opschalingskorting van € 675 miljoen vanaf 2026.
Bij de Kadernota 2025 is hierover hopelijk meer duidelijk. Meer in detail is het beeld van de septembercirculaire:
a. b. c. d. d. e. f. f. g.
(x € 1 mln.) Saldo Begroting 2024 Incidenteel Meicirculaire (in Turap-1) Actualisering verdeelmaatstaven BCF-plafond 2023 LPO accressen 2024-2027 aanpassing Volume accres 2027 Niet inzetten volume accres 2027 Vrijval/aanvulling behoedzaamheidsmarge Taakmutaties Taakmutaties: één op één doorgeven Financiële ruimte Septembercirculaire Mei en Septembercirculaire (in Turap-2) Startpunt Kadernota 2025
2023 2024 2025 0,0 0,0 45,8 6,9 5,0 2,5 2,9 4,9 7,4 7,5
2026 0.0 7,4
2027 -5,0
2,7
2,8
6,4
3,2 0,9 -0,9 13,1 20,0
-2,3 2,2 -2,2 7,6
-1,3 0,9 -0,9 9,2
-1,3 0,9 -0,9 7,8
3,1 9,6 -9,6 -1,3 0,8 -0,8 4,6
7,6
55,0
15,2
-0,4
a. De verdeelmaatstaven uit het nieuwe verdeelmodel zijn door het Rijk geactualiseerd. Ten opzichte van de eerste schattingen vallen met name de verdeelmaatstaven m.b.t. de centrumfunctie hoger uit. b. Voor 2023 wordt de ruimte onder het BCF-plafond (BTW Compensatiefonds-plafond) toegevoegd aan de algemene uitkering gemeentefonds. De ruimte onder het BCF-
2
Inboeknummer 93bst01393 plafond en de algemene uitkering worden beschouwd als communicerende vaten. Voor 2024 en volgende jaren is, via een maximaal toegestane stelpost, al rekening gehouden met een ruimte onder het BCF-plafond van € 4,5 miljoen. c. Het LPO (Loon- en Prijsontwikkeling) deel van het accres voor 2024 is naar boven bijgesteld, de LPO-accressen voor 2025 en 2027 naar beneden. Het LPO-accres 2026 blijft gelijk. Vanaf 2027 zijn de accressen niet langer gebaseerd op de ‘trap op trap af’systematiek, maar op een nieuwe financieringssystematiek, die uitgaat van bbp-cijfers (bruto binnenlands product). Hiertoe heeft het kabinet besloten bij de Rijksvoorjaarsnota 2023. Tegenover de indexeringen aan de inkomstenkant worden de uitgavenstelposten voor indexeringen voor 2025 en volgende jaren aangepast aan de indexcijfers uit de Macro Economische Verkenningen van het Centraal Planbureau. De budgetten in de begroting 2024 zijn al geïndexeerd o.b.v. het indexpercentage uit de MEV. d. Het Volumeaccres 2027 is voor het eerst opgevoerd, op basis van een langjarig gemiddelde van bbp-cijfers. Hierbij benadrukken we dat het gaat om een voorlopig beeld, dat sterk kan wijzigen als gevolg van kabinetsbeleid als mogelijke bezuinigingen op het gemeentefonds en / of wijzigingen in de financieringssystematiek.
Bij de Kadernota 2025 zal meer duidelijk zijn over de financiële situatie na de verkiezingen. Daarom wordt de financiële ruimte uit het volumeaccres 2027 nu nog niet beschouwd als daadwerkelijk inzetbare financiële ruimte. e. De eigen behoedzaamheidsmarge kan voor het jaar 2023 vrijvallen. Voor de jaren 2024 en verder is de behoedzaamheidsmarge in de Begroting 2024 ingezet ter dekking van de indexeringen. Bij de septembercirculaire wordt de behoedzaamheidsmarge vooralsnog weer aangevuld tot het oude niveau. Bij de Kadernota 2025 gaan we de noodzakelijke hoogte van de behoedzaamheidsmarge opnieuw bezien. f. Voor een aantal taakmutaties worden extra middelen ontvangen of uitgenomen. In de septembercirculaire staan 11 kleinere taakmutaties en 4 taakmutaties groter dan € 0,1 miljoen. Het betreft Bijzondere bijstand en vroegsignalering, Begeleiding jongeren naar werk, Vrouwenopvang en Wsw-compensatie bijzondere verhoging Wettelijk Minimumloon. g. Het incidentele voordeel van € 20 miljoen in 2023 wordt verwerkt in Turap-2 en zal onderdeel worden van het jaarrekeningresultaat 2023. Het rekeningresultaat 2023 gaan we inzetten bij de Begroting 2025. In het huidige startpunt Kadernota 2025 is nog geen voorlopig jaarrekeningresultaat 2023 meegenomen. Het voorlopig bijstandsbudget 2024 (BUIG) Het ministerie van SZW heeft begin oktober het voorlopig BUIG-budget voor 2024 gepubliceerd.
Dit bedraagt voor Eindhoven € 1,9 miljoen meer dan werd aangenomen. Dit heeft onder meer te maken met een toename van het macrobudget. De belangrijkste oorzaak hiervan is de verwachte stijging van het bijstandsvolume als gevolg van conjunctuur (prognose CPB) en aanpassingen van het rijksbeleid (zoals instroom statushouders). In 2024 vindt er, zoals gebruikelijk, nog een tweetal aanpassingen op het BUIG-budget plaats naar aanleiding van gewijzigde inzichten in conjunctuur, realisaties uit het voorgaande jaar, rijksbeleid- en loon- en prijsbijstelling.
3
Inboeknummer 93bst01393
Conclusie en vervolgproces - De Begroting 2024 is geïndexeerd met 5,2%. Dat is hetzelfde indexpercentage als voor het gemeentefonds uit de Septembercirculaire. Uitgangspunt is een indexatie van 5,2%. Uitzonderingen hierop zijn overeenkomsten waarin een alternatieve indexatienorm is vastgelegd en samenwerkingsverbanden waarbij in overeenstemming met regionale gemeentes de indexatienorm wordt bepaald (bijvoorbeeld Samen voor Jeugd). We gaan een nieuwe – duurzame en structureel betaalbare – indexeringssystematiek voor onze uitgavenkant van de begroting ontwikkelen voor 2027 en volgende jaren. Dit in verband met de vanaf die jaren door het Rijk toegepaste indexering op basis van bbp-cijfers aan de inkomstenkant. - Als gevolg van de septembercirculaire neemt de financiële ruimte (exclusief volumeaccres) voor de jaren 2024 tot en met 2027 toe met respectievelijk € 7,6 miljoen, € 9,2 miljoen, € 7,8 miljoen en € 4,6 miljoen, maar deze cijfers zijn een momentopname en niet hard. Volgend jaar en de jaren daarna, worden de cijfers aangepast, op basis van nieuwe indexcijfers van het Centraal Planbureau. Daarnaast zijn we sterk afhankelijk van kabinetsbeleid rond mogelijke bezuinigingen op het gemeentefonds en / of een andere financieringssystematiek. - Bij de Kadernota 2025 maken we – op basis van de dan meest recente informatie – een nieuwe inschatting van de financiële positie.
Die zal het uitgangspunt worden voor de afwegingen bij de Kadernota 2025. Bijlagen Geen
Burgemeester en wethouders van Eindhoven,
secretaris
4