Raadsbesluit rekenkamerrapport Huishoudelijke Ondersteuning
Tekst van het document
gemeente Eindhoven Raadsnummer
Raadsbesluit De raad van de gemeente Eindhoven; Gezien het rapport van de Rekenkamercommissie ‘Procesanalyse huishoudelijke ondersteuning, schoon genoeg?’ betreffende de beleidswijziging huishoudelijke ondersteuning kennis nemend van het gebruik dat de griffie een raadsbesluit voorbereidt waarmee de aanbevelingen van de Rekenkamercommissie worden vastgelegd; kennis nemend van de reactie van het college van burgemeester en wethouders d.d. 5 januari 2021 op het onderzoek; gelet op de behandeling in de meningsvormende vergadering van 19 januari 2021; gelet op de Tijdelijke wet digitale beraadslaging en besluitvorming provincies, gemeenten, waterschappen en openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba; gelet op de behandeling in de raadsvergadering van 26 januari 2021 en 27 januari 2021; gelet op het aangenomen amendement A2 Evalueer ook het raadsbesluit; besluit: het college opdracht te geven de aanbevelingen uit te voeren en de leerpunten te verankeren in toekomstige, maatschappelijk impactvolle beleidswijzigingen: 1. Zorg er bij voorliggende besluiten (zowel aan college als aan gemeenteraad) voor dat – waar mogelijk en van toepassing – mogelijke alternatieven zijn opgenomen, inclusief transparante onderbouwing en afweging, waarom voor de voorgestelde optie is gekozen. 2.
Veranker een onafhankelijke toetsing van beleidsvoorstellen in het beleidsproces, waarbij de toets voorafgaand aan de beleidsbeslissing plaatsvindt en waarvan de bevindingen expliciet worden opgenomen in het beleidsvoorstel. De volgende aspecten zijn minimaal onderdeel van een dergelijke uitvoeringstoets, incl. risico’s en beheersmaatregelen: a. Juridisch b. Financieel c. Communicatie d. Stakeholder-/omgevingsanalyse en betrokkenheid van stakeholders e. Haalbaarheid in termen van planning/proces en organisatie 3. Neem in een beleids(wijzigings-)voorstel dat ter besluitvorming voorligt expliciet een evaluatiekader op. Een evaluatiekader geeft minimaal aan: a. Hoe er wordt geëvalueerd (beleidsevaluatie, kwaliteitsmeting, klachtenanalyse, etc.); b. Op welk(e) moment(en) er zal worden geëvalueerd; c. Wie opdrachtgever is voor en wie de uitvoerder is van de beleidsevaluatie; d. Welke aspecten / evaluatie-items worden meegenomen (indien mogelijk ook hoe deze gemeten worden), welke gegevens daarvoor nodig zijn en hoe deze worden verkregen; e. Hoe, wanneer en aan wie over de uitkomsten van de beleidsevaluatie wordt teruggekoppeld. 4. Zorg voor een goede inrichting van het klachtenproces, vanuit verschillende perspectieven: a. Juridisch: voldoen aan wet- en regelgeving; b. Toegankelijkheid: toegankelijk voor en passend bij de doelgroep;
c. Organisatorisch: een goed proces met heldere belegging van verantwoordelijkheden en taken bij diverse betrokkenen; d. Kwaliteit: bruikbaar als analyse-instrument voor de monitoring van kwaliteit. 5. Neem de gemeenteraad voorafgaand aan een te nemen beleidsbeslissing met een verwachte hoge maatschappelijke impact explicieter mee, ook als geen raadsbesluit is vereist. 6. Draag zorg voor een meer open houding van de gemeente naar buiten, het goed betrekken van externe stakeholders en samenwerkings-/ketenpartners bij beleidsontwikkelingen, zowel in de voorbereiding als in de uitvoering en neem daar voldoende tijd voor. 7. Toets / evalueer periodiek of de aanbevelingen en leerpunten zijn ingebed in het proces van beleidswijzigingen met maatschappelijke impact en informeer de gemeenteraad hierover. (A2)
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 27 januari 2021.
J. Verbruggen, griffier.