CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Nadere toelichting met herzien ontwerp raadsbesluit Oprichting publiek energie- en warmtebedrijf

Raadsvergadering 26 november 2024, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Oprichting publiek energie- en warmtebedrijf Eindhoven2.037 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

gemeente Eindhoven Inboeknummer 7819218_7.2.2. Dossiernummer 24.47.103 B&W beslisdatum 22 november 2024

Nadere toelichting bij raadsvoorstel Onderwerp: Raadsvoorstel Oprichting publiek energie- en warmtebedrijf. Tijdens de meningsvormende vergadering van dinsdag 19 november 2024 over het raadsvoorstel oprichting publiek energie- en warmtebedrijf is toegezegd een nadere toelichting te geven op de volgende onderwerpen: 1. Hoe om te gaan met de vaststelling van warmtetarieven en het bestaande delegatiebesluit 2. Hoe om te gaan met majeure wijzigingen in wet- en regelgeving of majeure onvoorziene marktomstandigheden. 3. Hoe om te gaan met een toezichthoudend orgaan op het bestuur van het energiebedrijf

Vaststelling van warmtetarieven Ieder jaar stellen warmteleveranciers hun warmtetarieven vast. Dat doen zij binnen de kaders van de wet- en regelgeving. Hierin wordt betaalbaarheid geborgd. De Autoriteit Consument & Markt (ACM) controleert onder andere de tarieven, rendementen en het functioneren van de warmteleveranciers in Nederland. Op dit moment stelt de gemeente, als warmteleverancier in Meerhoven, de warmtetarieven voor haar klanten vast. De raad heeft de bevoegdheid aan het college gedelegeerd om jaarlijks de tarieven vast te stellen en de raad wordt hierover geïnformeerd. Het college stelt de

Inboeknummer 7819218_7.2.2. tarieven vast binnen door de raad vastgestelde uitgangspunten, opgenomen in het delegatiebesluit1, te weten: 1. de warmtetarieven overschrijden de maximale warmtetarieven die zijn vastgesteld door de Autoriteit Consument en Markt niet; 2. het streven is de warmtetarieven zo laag mogelijk te houden en daarmee goedkoper en aantrekkelijker te zijn dan verwarming middels aardgas; 3. voor het vaststellen van de warmtetarieven wordt het zogeheten ‘redelijk rendement’ van de Autoriteit Consument en Markt gehanteerd als richtlijn, met inachtneming van de meest actuele inzichten rondom kostprijsontwikkelingen die de productie, distributie en levering van warmte raken; 4. bij aanwezigheid van schuifruimte voor gebruikers tussen vaste en variabele kosten voor warmtelevering wordt gekozen voor relatief hoge variabele kosten en relatief lage vaste lasten. Met de oprichting van Eindhoven Warmte BV, en het daarin onderbrengen van warmteprojecten, is zij beoogd warmteleverancier en daarmee verantwoordelijk voor het vaststellen van warmtetarieven. Bij haar aantreden verklaart de toekomstig bestuurder van het energieen warmtebedrijf, de door de raad vastgestelde uitgangspunten voor het vaststellen van warmtetarieven, van toepassing op door Eindhoven Warmte BV vast te stellen warmtetarieven, binnen het geldend wet- en regelgevend kader.

De aandeelhouder en de raad kunnen ieder vanuit hun rol toezien op de toepassing van deze uitgangspunten via onder andere: - de (financiële) Algemene Vergadering van Aandeelhouders. - het vaststellen van de jaarlijkse begroting. - het goedkeuren van investeringen en business cases voor de ontwikkeling en realisatie van warmteprojecten.

Majeure wijzigingen in wet- en regelgeving of majeure onvoorziene marktomstandigheden Met de oprichting van een eigen publiek energiebedrijf neemt de gemeente verantwoordelijkheid in het realiseren van een duurzame, betaalbare en betrouwbare energievoorziening voor inwoners en bedrijven in de gemeente.

1

Delegatiebesluit: link

2

Inboeknummer 7819218_7.2.2. Bij de start worden bedrijfsmatige activiteiten ontwikkeld ten behoeve van collectieve warmtevoorzieningen. Het raadsvoorstel, inclusief de voorgestelde inrichting van het energie- en warmtebedrijf, houdt rekening met huidige marktomstandigheden en met bestaande en aanstaande wet- en regelgeving in het publiek belang. Bekend is dat het wet- en regelgevend kader rondom energie en warmte de komende jaren in ontwikkeling is. Denk bijvoorbeeld aan de voorgenomen stapsgewijze veranderende tariefregulering rondom warmte, de ontkoppeling van de referentie met aardgas en de behoefte van de wetgever in deze om betaalbaarheid te blijven borgen. Ook is bekend, vanuit recente historie, dat onvoorziene en niet controleerbare omstandigheden (bv. de energiecrisis) een direct effect kunnen hebben op de bedrijfsvoering van energie- en warmtebedrijven, de door hen gehanteerde tarieven en daarmee op inwoners en bedrijven. Het is de verantwoordelijkheid van het energie- en warmtebedrijf om ten alle tijden te voldoen aan geldende wet- en regelgeving, veranderende marktomstandigheden te signaleren en zich daar tijdig op aan te passen. Zij heeft in deze een informatieplicht richting haar aandeelhouder en dient de impact daarvan te bepalen op haar bedrijfsvoering.

Impact kan dusdanig zijn dat het energie- en warmtebedrijf goedkeuring nodig heeft van de aandeelhouder om haar bedrijfsvoering aan te passen. Echter, de impact van veranderende wet- en regelgeving of onvoorziene marktomstandigheden kan dusdanig majeur zijn dat deze het vermogen van een van de bedrijven om hun publieke opdracht te kunnen vervullen - een duurzame, betaalbare, betrouwbare energievoorziening, die de efficiënte en voortvarendheid bevorderen en maatschappelijk en financieel rendement realiseren - op het spel zet. In dergelijke gevallen moet het mogelijk zijn dat het college (als aandeelhouder) en de raad samen passende maatregelen kunnen verkennen, vaststellen en via de aandeelhouder (het college) bij het bedrijf kan invoeren. Denk bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend, aan: • •

Het aanpassen van de governance van het energie- en/of warmtebedrijf Het vragen om nadere rapportages van het energie- of warmtebedrijf om meer frequent en gedetailleerd inzicht te krijgen over thema’s zoals leveringszekerheid, financiële risico's, impact van marktomstandigheden of wetgeving.

3

Inboeknummer 7819218_7.2.2. •

Het geven van een aanwijzing tot het geven opdrachten tot onafhankelijke evaluaties van de prestaties van het energie- en warmtebedrijf.

Om bovenstaande vast te leggen ontvangt de raad bij deze nadere toelichting een herzien ontwerp raadsbesluit waarbij het volgende beslispunt 6 is toegevoegd: 6. Wanneer als gevolg van majeure wijzigingen in wet- en regelgeving of majeure onvoorziene marktomstandigheden de uitgangspunten / raadskaders van het gemeentelijke energiebedrijf materieel en structureel in het geding komen, stelt het Energiebedrijf aan het college (als aandeelhouder) oplossingsrichtingen voor. Het college informeert de raad hierover en stelt de voorkeursoplossingen voor aan de raad als deze buiten de raadskaders vallen.

Toezichthoudend orgaan In de totstandkoming van het raadsvoorstel is juridisch advies bij AKD ingewonnen over het instellen van een toezichthoudend orgaan op het bestuur van het energiebedrijf, dat start met warmte activiteiten. Daarbij is een toelichting verzorgt, waarna in het opstellen van het raadsvoorstel gesteld is dat het instellen van een raad van commissarissen nog niet nodig is, bij huidige omvang van de activiteiten en één aandeelhouder. AKD stelt het volgende: TOEZICHTHOUDEND ORGAAN (RVC) Het is mogelijk om een toezichthoudend orgaan in te stellen bij het warmtebedrijf of bij de holding. In geval van een besloten vennootschap is dat een raad van commissarissen (RvC). De RvC heeft op grond van de wet de algemene taak om toezicht te houden op het beleid van het bestuur en op de algemene gang van zaken in de vennootschap en de met haar verbonden onderneming. Wat betreft een nadere invulling van de taken en bevoegdheden van een RvC geldt een hoge mate van flexibiliteit. Gekozen kan worden voor een RvC die een vergaande controlebevoegdheid heeft met een goedkeuringsrecht op belangrijke besluiten, maar ook een RvC met enkel een adviserende rol is mogelijk. Verder kan de RvC bijvoorbeeld een rol worden gegeven bij het doorbreken van een eventuele impasse (deadlock) die binnen het warmtebedrijf ontstaat op het niveau van het bestuur of de aandeelhoudersvergadering.

4

Inboeknummer 7819218_7.2.2.

Leden van een RvC worden doorgaans benoemd door de aandeelhouder(s). Wanneer op een later moment een andere (markt)partij in het warmtebedrijf zal participeren, dan is het bijvoorbeeld een mogelijkheid om een RvC-lid door deze minderheidsaandeelhouder te laten benoemen. Deze mogelijkheid wordt ook expliciet in de Wcw genoemd. Het is evenwel belangrijk dat de benoeming van een RvC met bepaalde (statutaire) bevoegdheden niet ertoe mag leiden dat de Gemeente meer zeggenschap weggeeft dan op grond van de Wcw is toegestaan. Kortgezegd dient de Gemeente (als aandeelhouder) namelijk doorslaggevende zeggenschap te behouden. Concreet betekent dit dat de bevoegdheden van de RvC altijd beperkt moeten blijven. De Gemeente moet als publiekrechtelijke aandeelhouder de doorslaggevende zeggenschap hebben over de beslissingen over het algemene beleid van het warmtebedrijf en operationele beslissingen van het warmtebedrijf. Die kwesties kunnen dus onder geen beding onder de invloed van de RvC worden gebracht. Ondanks dat RvC-leden in principe worden benoemd en ontslagen door (een van) de aandeelhouders, hebben de RvC-leden een eigen wettelijke taak en de plicht om deze taak naar behoren uit te voeren. Bij vervulling van die taak dient de RvC zich te richten naar het belang van de vennootschap en de met haar verbonden onderneming.

Dat staat eraan in de weg dat een “stroman” als RvC-lid wordt benoemd, die handelt overeenkomstig de instructie van een ander (bijvoorbeeld de aandeelhouder die het lid benoemde). RvC-leden hebben namelijk een eigen verantwoordelijkheid en kunnen bij een onbehoorlijke vervulling van taak daarvoor aansprakelijk zijn. Onder bepaalde voorwaarden mag de Gemeente rechtstreeks opdrachten gunnen aan een eigen BV en de daaraan verbonden ondernemingen (‘inbesteding’). Eén van de voorwaarden is dat de aanbestedende dienst (lees: de Gemeente) toezicht op de gecontroleerde rechtspersoon (lees: het warmtebedrijf) dient uit te oefenen. Het instellen van een RvC betekent niet dat er nooit meer aan dit vereiste kan worden voldaan. Een RvC mag echter niet in de weg staan aan toezicht van de Gemeente op belangrijke beslissingen in het warmtebedrijf. Er zal bekeken moeten worden hoeveel bevoegdheden er bij een RvC kunnen worden neergelegd. Daarnaast moet de RvC wel grotendeels door de Gemeente als aandeelhouder benoemd worden. Bovenstaande geeft aan dat een toezichthoudend orgaan voor een besloten vennootschap een Raad van Commissarissen betreft (RvC).

5

Inboeknummer 7819218_7.2.2. Een Raad van Toezicht (RvT) past bijvoorbeeld bij stichtingen en verenigingen. Er zijn dus belangrijke elementen waarmee rekening gehouden dient te worden bij een wens om een toezichthoudend orgaan in te stellen, namelijk: - De Wet collectieve warmte (Wcw) gaat uit van een publiek meerderheidsbelang, waarbij de publiekrechtelijke aandeelhouder doorslaggevende zeggenschap moet hebben over beslissingen over het algemene beleid van het warmtebedrijf. - In het kader van het inbesteden, van warmteprojecten aan het warmtebedrijf, moet de gemeente toezicht kunnen houden op het warmtebedrijf. Met het raadsvoorstel, waarin de gemeente 100% aandeelhouder is van het energiebedrijf en als aandeelhouder stemrecht heeft over beslissingen in het algemeen beleid van het warmtebedrijf, wordt aan deze eisen voldaan. Bevoegdheden van een RvC moeten beperkt blijven om aan de toekomstige wetgeving te voldoen. Daarnaast is het de taak van de RvC zich te richten op het belang van de vennootschap en RvC-leden hebben hierin een eigen verantwoordelijkheid. Een toezichthoudend orgaan kan als volgt ingevuld worden: - Vorm: raad van commissarissen (RvC) - Taken: alarmfunctie en/of adviserend Waarbij het advies is: - Een RvC in te stellen wanneer het energiebedrijf is opgericht, ingericht en meerdere warmteprojecten zijn overgedragen.

- Nu in de statuten (akte van oprichting) het mogelijk te maken om een RvC in te stellen met in achtneming van de Wcw, middels een ‘kan’-bepaling. Dan is statutaire aanpassing achteraf niet meer nodig. Burgemeester en wethouders van Eindhoven, secretaris

6

Inboeknummer 7819218_7.2.2.

Herzien Ontwerp Raadsbesluit

De raad van de gemeente Eindhoven; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 22 november 2024;

besluit: 1

Geen wensen en bedenkingen kenbaar te maken betreffende het voorgenomen besluit van het College om de Besloten Vennootschap (BV) "Eindhoven Energie BV" op te richten, conform de concept akte van oprichting. 2 Stelt een kapitaalstorting vast ten behoeve van het benodigde eigen vermogen van “Eindhoven Energie BV”, in de vorm van een kapitaalgarantie. De kapitaalgarantie bedraagt maximaal € 18.000.000 in de periode van 2025-2032. a. Dekt de rentelasten hierover ad. € 180.000 vanaf 2025 uit de stelpost kapitaallasten strategische investeringen Klimaat en Weer. 3 Om het warmtenet Meerhoven en haar exploitatie vóór invoering van de Wcw, tegen boekwaarde, in te brengen als eigen vermogen in de door ‘Eindhoven Energie B.V.’ op te richten Besloten Vennootschap (BV) ‘Eindhoven Warmte BV’ en hiertoe voorbereidingen te treffen. 4 Stelt een budget van € 8.500.000,- beschikbaar voor de eerste drie jaar (2025, 2026 en 2027) vanaf oprichting van “Eindhoven Energie BV” en “Eindhoven Warmte BV”, om de organisaties in te richten en te ontwikkelen. a. Onttrekt van dit budget voor 2025 € 2.600.000,- uit de reserve strategische investeringen, zoals aangekondigd in de kadernota 2025. 5 Stelt de begrotingswijziging(en) vast. 6.

Wanneer als gevolg van majeure wijzigingen in wet- en regelgeving of majeure onvoorziene marktomstandigheden de uitgangspunten / raadskaders van het gemeentelijke energiebedrijf materieel en structureel in het geding komen, stelt het Energiebedrijf aan het college (als aandeelhouder) oplossingsrichtingen voor. Het college informeert de raad hierover en stelt de voorkeursoplossingen voor aan de raad als deze buiten de raadskaders vallen. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van

7

Inboeknummer 7819218_7.2.2.

, voorzitter.

, griffier.

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14850411/2