CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Nadere toelichting bij raadsvoorstel over Uitwerking Publiek Belang Gebiedsontwikkeling Fellenoord

Gemeenteraad 21 juli 2022, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel met twee nadere toelichtingen Uitwerking publiek belang gebiedsontwikkeling Fellenoord3.481 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

gemeente Eindhoven Inboeknummer 22bst00932 Dossiernummer 22.27.103_4.3.1. B&W beslisdatum 05 juli 2022

Nadere toelichting bij raadsvoorstel Onderwerp: Uitwerking Publiek Belang Gebiedsontwikkeling Fellenoord.

Op 28 juni is uw Raad bijgepraat over de ontwikkeling Eindhoven Internationale Knoop XL, ter voorbereiding op de behandeling van het Raadsvoorstel “Uitwerking Publiek Belang Gebiedsontwikkeling Fellenoord”. Wij hechten veel waarde aan een constructieve dialoog met de Raad op dit voor Eindhoven belangrijke dossier. We zijn blij met de opeenvolging van gesprekken, de afgelopen periode, en zien de meerwaarde in van de leidraad die op verzoek van de Rekenkamercommissie is opgesteld. Het is om die reden dat het Raadsvoorstel met bijbehorende bijlage uitgewerkt is in lijn met de stappen uit de leidraad. Tijdens de Raadsavond op 28 juni zijn verschillende vragen gesteld en door ons beantwoord. Deze nadere toelichting bestaat uit twee blokken. Als eerste een duiding van het effect van het bestuursakkoord op het woningbouwprogramma, als tweede een reactie op de door de heer Peeters benoemde aandachtspunten. A. Woningbouwprogramma In het raadsvoorstel en tijdens de raadsavond is aangegeven dat we voor het woningbouwprogramma de Ontwikkelingsvisie nog zouden spiegelen aan het nieuwe bestuursakkoord ‘Samen Morgen Mooier Maken’. In de Ontwikkelingsvisie Fellenoord is in onderstaande tabel op blz 82 de nagestreefde balans weergegeven. Deze percentages betreft bruto vloeroppervlakte, niet woningbouwaantallen.

Inboeknummer 22bst00932

In het nieuwe bestuursakkoord wordt uitgegaan van de volgende percentages in aantallen woningen::

Tevens is aangegeven dat hierbij maatwerk mogelijk is (“Exacte invulling op projectniveau is afhankelijk van de bestaande balans in een buurt, van spreiding binnen (nabij gelegen) projecten of binnen een grotere gebiedsontwikkeling.”). Wij hebben binnen de kaders van het bestuursakkoord (dus op basis van bovenstaande percentages in woningbouw aantallen) een doorrekening gemaakt. Het toepassen van deze kaders leidt tot een (beperkt) negatief effect op de grondexploitatie van circa € 6 mln. Deze mutatie zal worden meegenomen in de hieronder bij B. aangekondigde actualisatie van de gehele businesscase. B. Aanvullende informatie inzake reflectie hr Peeters Een aantal punten die naar voren kwamen in de presentatie van dhr. Peeters en die ook terug te vinden zijn in de door hem verstrekte analyse, vragen ons inziens om nadere informatie. Hierbij is het de bedoeling om zaken te verhelderen en u te helpen grip te krijgen op de stukken die geproduceerd zijn door de jaren heen en de keuzes die daarmee samenhangen. Het betreft zes aandachtspunten: 1. probleemstelling, 2. explicitering publiek belang, 3. prestatie-indicatoren, 4. kosten, baten en afdekking van projectkosten en risico’s en risicomanagement 5. burgerparticipatie 6. overige aandachtspunten 1.

Probleemstelling De probleemstelling: Eindhoven heeft een zeer urgente behoefte aan meer (betaalbare) woningen, en moet stappen zetten naar een duurzamer, meer op OV en fiets georiënteerd mobiliteitssysteem. Deze woningen worden grotendeels binnenstedelijk toegevoegd, om redenen van zowel bereikbaarheid als ruimtegebruik (het buitengebied is veelal beschermd en biedt belangrijke groen/blauwe functies). Het gebied Knoop XL is daarvoor een zeer geschikte en gewenste locatie, waarmee we het gebied Knoop XL tevens een stuk groener, aangenamer kunnen laten worden voor Eindhovenaren en bezoekers..

2

Inboeknummer 22bst00932

Aanleiding en onderbouwing probleemstelling Uw Raad heeft in de voorbije jaren in verschillende beleidsdocumenten en/of visies de probleemstelling die ten grondslag ligt aan de ontwikkeling van Eindhoven Internationale Knoop XL omarmd. Het Stationsdistrict, waar nu slechts 200 mensen wonen, biedt naar de toekomst toe ruimte voor zo’n 15.000 mensen om daar te wonen en verblijven. Het is onze overtuiging dat in dit gebied toegewerkt kan worden naar een prettige, groene, moderne en leefbare stadswijk waar wonen, werken, leefbaarheid en verblijven hand-in-hand gaan. Bovengenoemde is toegelicht op pagina 6 van de door de Raad vastgestelde ontwikkelvisie Fellenoord (zie hier). In de Eindhovense Omgevingsvisie heeft u eerder de kaders meegegeven die uitgewerkt zijn in deze Ontwikkelvisie Fellenoord en heeft u tevens aangegeven deze ontwikkeling te zien als prioritair en als onderdeel van de opgave “werken aan een aantrekkelijk en hoogstedelijk centrum”. Dit vormt de onderlegger voor de uiteenzetting van het publiek belang. Daarnaast is het MIRT-onderzoek Verstedelijking en Bereikbaarheid Brainport door Rijk (BZK, I&W) en Regio (Provincie en Eindhoven) vastgesteld. Daarin ligt de regionale verstedelijkings- en bereikbaarheidsstrategie vast.

In het onderzoek is in een aantal documenten aanleiding en probleemstelling benoemd voor opgaven voor wonen, werken en bereikbaarheid, en vervolgens grondig uitgewerkt in een aantal hoofdkeuzes. Basis vormt een feitenrelaas, vervolgens is een onderzoek naar een aantal ontwikkelperspectieven gerealiseerd, en dat is vertaald in een uitgewerkt ontwikkelpad naar 2040. Hierin is belang, noodzaak en urgentie van Eindhoven Internationale Knoop XL onderbouwd. Ook andere beleidsdocumenten hebben nadrukkelijk richting gegeven aan de opgaven Eindhoven Internationale Knoop XL, zoals de Woondeal Eindhoven (maart 2019) die een onderbouwing gaf van benodigde woningbouwaantallen. De aanleiding en probleemstelling van Eindhoven Internationale Knoop XL ligt derhalve vast in allerlei onderzoeken, beleidsdocumenten en daaraan verbonden afspraken uit het verleden. De ontwikkelvisie, maar ook andere recente uitwerkingen zoals het verstedelijkingsakkoord en de afspraken versnelling woningbouw, bouwde voort op dit fundament. In de bijlage bij het raadsvoorstel hebben we – ook omwille van de leesbaarheid – geprobeerd dit op compacte en leesbare wijze voor u samen te vatten in een tijdslijn met een toelichting, en niet door al deze documenten bij te voegen. 2.

Explicitering publiek belang In de bijlage bij het Raadsvoorstel “Uitwerking Publiek Belang Gebiedsontwikkeling Fellenoord” vindt u op pagina 16 t/m 26 een uiteenzetting van de doelstellingen die in het gebied gerealiseerd moeten worden. Hoe deze doelstellingen gerealiseerd moeten worden en uitgewerkt worden in het publiek belang opgevat als ‘activiteiten en rolneming’, maakt onderdeel uit van het Hoe en zal na het zomerreces nader aan de orde zijn.

3

Inboeknummer 22bst00932

In de bijlage bij het Raadsvoorstel maken we onderscheid tussen de doelstelling van het programma Eindhoven internationale knoop XL en de doelstelling van de gebiedsontwikkeling Fellenoord. Het programma Internationale Knoop XL is een gezamenlijk programma van het Rijk (de ministeries van Infrastructuur en Waterstaat en Binnenlandse Zaken), de provincie Noord-Brabant en de gemeente Eindhoven. Het programma kent drie doelstellingen (zie pagina 23 t/m 26 van de bijlage Toepassing ‘leidraad omgang Knoop XL’). Binnen het programma Eindhoven Internationale Knoop XL ligt de gebiedsontwikkeling Fellenoord. De doelen van de gebiedsontwikkeling zijn vastgelegd in de Ontwikkelvisie en het Ontwikkelkader Fellenoord zoals deze op 16 maart 2021 unaniem zijn vastgesteld door de gemeenteraad van Eindhoven. De Ontwikkelvisie kent zes hoofddoelen: • Gemixt gebied met een woon-, werk- en voorzieningenprogramma conform verdeling in de ontwikkelvisie en het ontwikkelkader. Bouwen voor goede mix van bewoners. Voor huidige Eindhovenaren én voor nieuwkomers. Voor jong en oud, voor arm en rijk. • Gebied met nadruk op actieve en duurzame vormen van mobiliteit en inzet op deeloplossingen voor de auto. • Klimaatadaptieve clusters en openbare ruimte met ruim aandacht voor water, groen, hittebestendigheid, circulariteit en biodiversiteit. • Energieneutraal met voeding uit duurzame bronnen en warmtenet.

• Ruimtes, routes en maatschappelijke voorzieningen voor nieuwe én bestaande stad. • TDK (Technologie, Design en Kennis) als dragende identiteit van het gebied. Deze zes hoofddoelen zijn vertaald in 24 Kritische Prestatie Indicatoren (zie ook pagina’s 34 t/m 40 van de Toepassing ‘leidraad omgang Knoop XL’). Recent is daarbij in het Bestuursakkoord Samen Morgen Mooier Maken uiteengezet dat Eindhoven een urgente woningbouwopgave heeft waarbij Eindhoven Knoop XL als meest voorname en omvangrijke gebiedsontwikkeling wordt gezien. Dat is tevens herkend in Den Haag en Den Bosch, waar onze medeoverheden substantieel willen bijdragen aan het tot ontwikkeling brengen van deze belangrijke woningbouwlocatie, getuige de recente toekenning van €75 mln. om dit mogelijk te maken (dit is de op één na hoogste bijdrage aan een gebiedsontwikkeling in Nederland). Eerder is er reeds € 23 mln aan woningbouwimpuls middelen toegekend voor dit gebied.

4

Inboeknummer 22bst00932

3. Prestatie-indicatoren Om grip te krijgen op de doelstellingen in het gebied en om hier meerjarig op te kunnen sturen, is dit door ons uitgewerkt in kritische prestatie indicatoren (KPI’s). Slides 31 t/m 43 in de bijlage “Uitwerking Publiek Belang Gebiedsontwikkeling Fellenoord” gaan hier concreet op in. Tevens zijn deze indicatoren opgenomen in het Raadsvoorstel zelf als expliciete punten voor uw besluitvorming. Al deze KPI’s en doelstellingen zijn gebaseerd op beleid dat reeds door de Raad is vastgesteld. Twee zaken zijn belangrijk om aan u mee te geven: a. Door de doelen te vertalen in indicatoren (KPI’s) kan de gemeente erop sturen dat de publieke belangen maximaal geborgd worden. Deze KPI’s worden – waar dat van toepassing is – verplichtend doorgelegd aan private partijen die het gebied tot ontwikkeling brengen. Daarbij gaat het voor een deel om zaken die we zeker weten en willen borgen zodat onze maatschappelijke belangen op een juiste manier gerealiseerd worden. Tegelijkertijd is er ook bewegingsruimte en flexibiliteit nodig. Dit gezien het meerjarige karakter, de complexiteit en de vele betrokken partijen. In onze overtuiging is in de opzet van het Raadsvoorstel een juiste balans tussen beide behoeften gevonden.

Daarbij willen wij u meegeven dat de mate waarin wij zaken ‘vastleggen’ in de beoogde gebiedsontwikkeling Fellenoord verder gaat dan wat gangbaar is in vergelijkbare gebiedsontwikkelingen in Nederland maar ook in Eindhoven (zoals bijvoorbeeld bij de ontwikkeling van Strijp S). Sommige thema’s verlangen die strakke sturing (met name het woningbouwprogramma) maar er moet ook ruimte zijn om maatschappelijke meerwaarde met partners te creëren. Simpelweg omdat we niet alles weten en gedurende de komende jaren ook tot veel nieuwe inzichten kunnen komen. b.

Tegelijkertijd is de toekomst onvoorspelbaar en volgen ontwikkelen elkaar in steeds hoger tempo op. Dat vraagt mogelijkheden tot aanpassing en flexibiliteit. Te meer omdat we te maken hebben met een ontwikkeling van 20 jaar. Dat hebben we nadrukkelijk gezien bij de recente ontwikkeling van Strijp S waar herhaaldelijk aanpassingen hebben plaatsgevonden omdat daar aanleiding toe was. Dat betekent dat de indicatoren die nu vastgesteld worden, in de toekomst gewijzigd kunnen worden, wanneer daar aanleiding, ruimte en overeenstemming over is. Zo moet er ruimte zijn om om te gaan met economische tegenslag (of voorspoed) of nieuwe inzichten ten aanzien van omgang met bijvoorbeeld het energie- of klimaatvraagstuk. In de volgende fase van de behandeling van dit dossier in het najaar – wat, conform uw leidraad, in zal gaan op het hoe – wordt dat nader geduid. Ook de wijze waarop een dergelijke wijzing van KPI’s vorm kan krijgen en hoe de Raad daar altijd bij betrokken wordt.

We denken dat de 24 KPI’s alle relevante onderdelen afdekken. Daarbij hebben we de indicatoren zo concreet mogelijk gemaakt, gegeven de twee opmerkingen die hiervoor zijn gemaakt. Bij 20 van de 24 indicatoren zijn eenduidige, toetsbare en meetbare percentages opgenomen. Daar zijn eenheden opgenomen die we meten en waarover we kunnen

5

Inboeknummer 22bst00932

verantwoorden. Zoals bijvoorbeeld de gevraagde mm waterberging op eigen terrein (hierop wordt zowel bij de aanvraag als bij de aanleg gecontroleerd), de aantallen woningen per categorie, wel of geen toename van hittestress (is modelmatig bepaald voor de huidige situatie en inzichtelijk te maken bij ontwikkelingen, gekoppeld aan vigerend beleid), aantal m2 bvo werklocaties of voorzieningen, of de aanleg van een brug. Over de voortgang van de vier overige indicatoren (dat betreft de beslispunten 2.b.2, 2.d.7, 2.e.3 en 2.e.4. uit het Raadsvoorstel) kunnen we en willen we uw Raad in de toekomst adequaat informeren, kwalitatief en zo mogelijk ook kwantitatief. We denken daarbij aan het volgende voor deze vier resterende indicatoren: • 2.b.2 Ruimte voor innovatie en nieuwe economie te creëren door in het gebied ontmoeting tussen mensen te stimuleren door de voorzieningen en hoogwaardige en groene openbare ruimte. Het plintenprogramma en de openbare ruimte krijgen zoveel als mogelijk een TDK-uitstraling. We kunnen u rapporteren over de inrichting van het plintenprogramma, getrokken vanuit de sector E&C, en de voorgenomen inrichting van de openbare ruimte (ook voor de openbare ruimte maken we, analoog aan de clusterpaspoorten een uitwerking).

• 2.d.7 Inzetten op het vergroten van het bewustzijn bij ontwikkelaars en gebruikers op dit thema en (innovatieve) oplossingen stimuleren Dit betreft aandacht voor water, groen, hittebestendigheid, circulariteit en biodiversiteit. We zijn in gesprek met deze partijen en kunnen u in voortgangsrapportages laten zien wat daar aan inspanning op is verricht en tevens wat daarvan het kwantitatieve resultaat is. • 2.e.3 Maximale opwek van duurzame energie in het gebied zelf. Dit is meetbaar, zowel in absolute zin als in percentage van de totale opwek. In de verantwoording hoort daar een toelichting bij waarom dit betreffende percentage wordt gerealiseerd • 2.e.4 Inzetten op het vergroten van het bewustzijn bij ontwikkelaars en gebruikers en (innovatieve) oplossingen stimuleren. Hier geldt hetzelfde als onder 2.d.7 4.

Kosten, baten en afdekking van projectkosten en risico’s en risicomanagement Ten aanzien van de opmerking over het ontbreken van een business case, kunnen wij u meegeven dat deze als onderdeel van de Ontwikkelvisie is opgesteld. In Hoofdstuk 4 van de Ontwikkelvisie treft u daar dan ook de uitgangspunten van aan. Op basis van die uitgangspunten (waar de KPI’s ook direct van zijn afgeleid), is destijds een projecttekort van circa € 80 mln berekend. Daarbij zijn zowel publieke als private kosten en baten verrekend en is uitgegaan van het programma (op alle onderdelen die terug te herleiden zijn tot de KPI’s, zoals wonen, werken, voorzieningen, openbare ruimte, energie, klimaat, etc) uit de Ontwikkelvisie.

6

Inboeknummer 22bst00932

Zoals ook aangeven tijdens de Raadsavond op 28 juni: er is een aantal redenen om deze business case te actualiseren. Dat heeft te maken met de recente Rijksbijdragen Woningbouwimpuls middelen en versnelling woningbouw, maar ook met de behoefte aan een generieke actualisatie (met name nadere detaillering van ontwerpen en indexering van kosten en baten). Daarnaast heeft een aangepast woningbouwprogramma naar aanleiding van het nieuwe bestuursakkoord financieel effect. Dit is op eerste hoofdlijnen toegelicht onder A. Deze geactualiseerde business case zal met u besproken worden na het zomerreces. Deze business case maakt immers onderdeel uit van het ‘hoe’ en daarvan is – op basis van uw raadsbesluit over het voorstel van de rekenkamer – verzocht om dit in een tweede voorstel, na de zomer, aan de orde te stellen. Daarbij zullen we ook ingaan op de risicoanalyse en hoe de risicobeheersing is ingericht. Bij het opstellen van de business case is door ons – samen met de Provincie – een risicoanalyse gemaakt. Deze geeft een bandbreedte aan van mogelijk optredende risico’s. Dat is een optelsom van mogelijk optredende gebeurtenissen, waarbij per gebeurtenis is gekeken naar de kans van optreden en de impact. In de bijlage is aangegeven dat bij de businesscase van 2021, deze risico’s in eerste aanleg zijn geraamd op circa € 24 mln.

Deze risicoanalyse wordt momenteel geactualiseerd en zal ook na de zomer – in combinatie met de herijkte businesscase – met u worden gedeeld. 5. Burgerparticipatie Burgerparticipatie is voor Eindhoven zeer belangrijk. Tijdens de eerste fase van de gebiedsontwikkeling – het opstellen van de Ontwikkelvisie – is inwonersparticipatie toegepast, conform de bij de gemeente gebruikelijke spelregels. Dat betekent dat gebiedsateliers zijn georganiseerd, met eigenaren, huurders, gebruikers, spoorse partijen en andere stakeholders in het gebied. Maar ook breder met geörganiseerden (erfgoedstichtingen, SCE-organisaties, onderwijsinstellingen, TGE, e.d.) buiten het gebied, en bezoekers aan events (bijv. DDW). De inbreng hieruit is gebruikt voor het opstellen van de Ontwikkelvisie. Ook hebben we tijdens al die interacties een groep ‘meedenkers’ (inmiddels ca. 100 personen groot) ‘geworven’; enthousiaste personen die graag mee blijven doen in het vervolgtraject. Als onderdeel van de brede consultatie is ook de bestuurlijke vaststelling van de Ontwikkelvisie is in twee slagen gedaan: eind 2020 is met een commissienotitie uw Raad geconsulteerd, waarna het Raadsvoorstel begin 2021 in routing is gebracht. Op 16 maart 2021 is de Ontwikkelvisie unaniem vastgesteld door uw raad.

Na vaststelling van de Ontwikkelvisie is bij de uitwerking langs twee lijnen invulling gegeven aan inwonersparticipatie: • Uitwerking Ontwikkelvisie met relevante stakeholders: Momenteel wordt met zogenaamde ‘frontrunners’ gewerkt aan de invulling van hun plot. Rond thema’s als programma, klimaat, en mobiliteit worden themagewijs gesprekken gevoerd met partners in de stad en in het gebied zoals de Green Business Club. Verder zijn en worden er gebiedsateliers georganiseerd met stakeholders. Er wordt toegewerkt naar een gebiedscoalitie en er wordt draagvlak voor een gebiedsconvenant gepeild.

7

Inboeknummer 22bst00932

Recent heeft in het kader van de MER de Notitie Reikwijdte en Detailniveau ter visie gelegen voor zienswijzen. Ook voor de op te stellen Omgevingsplannen voor de deelgebieden zullen de gebruikelijke procedures worden doorlopen. • Placemaking en participatie: Er is een omgevingsmanager aangesteld die samen met stakeholders in het gebied aan de slag gaat met de realisatie van de plannen in Fellenoord. Sinds begin dit jaar is de kiosk op het Stationsplein ingericht als bezoekerscentrum voor Knoop XL. Dit bezoekerscentrum voor Knoop XL wordt volop gebruikt als ontmoetingsplek voor bewoners en stakeholders. Ook kunnen mensen hier ideeën en suggesties kwijt voor de inrichting van het gebied. Knoop XL heeft een inspiratieboek placemaking en participatie. Dit boek biedt inspiratie en adviezen aan ontwikkelende partijen voor de inrichting en vormgeving van het gebied. De input is opgehaald tijdens verschillende evenementen en cocreatie-sessies met bezoekers, bewoners en betrokkenen zoals tijdens de jaarlijkse Dutch Design Week. Voor de clusteruitwerking staan eigenaren aan de lat om een participatieplan te maken en daar tijdens de planuitwerking uitvoering aan te geven. Tot slot wordt er gewerkt met een kalender van placemakingsactiviteiten waaronder DDW, Glow, en diverse activiteiten in het gebied. Voorgaande is ook opgenomen op pagina 32 van de bijlage van het Raadsvoorstel.

In de Ontwikkelvisie Fellenoord wordt op pagina 142 en verder ingegaan op placemaking en het gesprek met de stad voor deze gebiedsontwikkeling. Daarnaast is door uw Raad in september 2021 de Nota Inwoners- en Overheidsparticipatie vastgesteld. Deze is vanzelfsprekend ook van toepassing op de ontwikkeling Eindhoven Internationale Knoop XL en de gebiedsontwikkeling Fellenoord en wordt door ons vertaald in het ‘hoe’, waarin omgevingsmanagement, participatie en placemaking vorm krijgen. Het maakt daarmee ook deels onderdeel uit van het ‘hoe’. 6. Overige aandachtspunten Naast deze vijf aandachtspunten zijn op de bijeenkomst van 28 juni nog een paar overige zaken meegegeven. Randvoorwaarden Afsluitend werd aangegeven dat niet helder is welke randvoorwaarden bepalend zijn voor het succes van Eindhoven Internationale Knoop XL. Op pagina 52 van de bijlage van het Raadsvoorstel kunt u deze randvoorwaardelijke projecten terugvinden. De eerste vier projecten (herprofilering Fellenoord, voetgangersbrug, klimaatadaptatie en natuurontwikkeling Dommeldal) zijn onderdeel van de gebiedsontwikkeling Fellenoord (conform Raadsvoorstel en conform Ontwikkelvisie Fellenoord), de laatste twee projecten (multimodale knoop en aanpassing rondweg) zijn onderdeel van de MIRT besprekingen tussen Rijk, Provincie Noord-Brabant en Eindhoven.

U bent daarover verschillende keren geïnformeerd, het meest recent naar aanleiding van de uitkomst van het Bestuurlijk Overleg Leefomgeving op 22 juni 2022. In deze Collegebrief kunt u de actuele stand van zaken zien van de verschillende randvoorwaardelijke projecten.

8

Inboeknummer 22bst00932

Realisatie woningbouwprogramma Tijdens de avond is gemeld dat onduidelijk is of de woningbouwprogrammering, en dan vooral het aandeel sociale huurwoningen, kan worden gerealiseerd. Dat maakt onderdeel uit van het ‘hoe’, maar we kunnen dit op voorhand al aangeven. In de business case wordt gerekend met de verschillende categorieën woningbouw, ook met de gewenste aantallen sociale huurwoningen (waar uiteraard met geringere grondprijzen, en waarschijnlijk geringere afdrachten bovenwijks is en wordt gerekend). In de verdere uitwerking en realisatie heeft de gemeente bovendien (net als nu het geval is) altijd (privaat- en publiekrechtelijke) instrumenten om dit te borgen of af te dwingen bij ontwikkelende partijen (met bijvoorbeeld anterieure overeenkomsten of grondverkoopovereenkomsten) en maakt dit onderdeel uit van de afspraken met woningcorporaties. Dat is voor ons een bekend gegeven. Immers, ook nu heeft uw Raad in het Woonprogramma een handelingskader vastgelegd voor woningbouwprogrammering. We maken al lange tijd afspraken met ontwikkelende partijen over het woningbouwprogramma. Uw Raad stuurt daar vervolgens ook op. Onvoldoende helder taalgebruik We begrijpen dat het een ingewikkeld Raadsvoorstel is. We hebben geprobeerd de bijlage te voorzien van figuren en teksten in omvang te beperken, zodat uw Raad het overzicht behoudt.

Tegelijkertijd zien we ook de behoefte aan verdere, uitgebreidere toelichting. We hebben geprobeerd een balans te vinden tussen goede informatievoorziening die de volledig beschikbare informatie ontsluit versus leesbaarheid. Naast dat we vanzelfsprekend altijd bereid zijn voor een extra toelichting, biedt de in te richten Raadscommissie ook een platform om uw Raad goed mee te nemen in deze opgave. Wij bieden u aan om de informatievoorziening in het vervolgtraject tevens te versterken en te structureren met bijvoorbeeld informatie- en rondetafelgesprekken en halfjaarlijkse werkbezoeken aan het gebied. Hier zijn hele waardevolle ervaringen mee opgedaan tijdens de belangrijkste, fundament leggende, ontwikkeljaren van Strijp-S (ca. 2005-2015). Proces Tot slot willen we benadrukken dat na de raadsbehandeling van dit voorstel over het ‘waarom en wat’, het ‘hoe’ aan de orde komt. Bij behandeling van dat voorstel kan uw Raad een integrale afweging maken over het geheel. Dit, omdat het waarom en wat van dit voorstel, nauw verbonden is met de uitwerking van het ‘hoe’. Uw Raad wordt niet alleen geïnformeerd en betrokken, maar zal bovenal ook ‘aan zet’ blijven in de verdere ontwikkeling. Ook dit wordt verder geëxpliciteerd bij de uitwerking van het ‘hoe’.

Burgemeester en wethouders van Eindhoven,

secretaris

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11787779/1