Doorstromen, maar toch in de buurt blijven (Motie M5)
Tekst van het document
Motie - Doorstromen, maar toch in de buurt blijven
M5
De indieners van deze motie stellen de gemeenteraad voor om in de vergadering van 20 mei 2025 een besluit te nemen. De ondergetekenden, leden van de raad van de gemeente Eindhoven; hebben de Startnotitie Herziening Woonprogramma: Zoveel mogelijk mensen onder dak gelezen , die burgemeester en wethouders op 11 maart 2025 presenteerden. Na het gesprek daarover in de meningsvormende vergadering van 13 mei 2025 en de raadsvergadering van 20 mei 2025 vragen zij extra aandacht voor de doorstroom van bewoners in de Eindhovense wijken. De indieners hoorden dat: • Dat bij ouderen de locatie moet kloppen (liefst dichtbij voorzieningen en het eigen sociaal netwerk), net als de woonvorm (Woononderzoek 2024 – 2040, pg. 10). • In Eindhoven zijn er wijken met enerzijds een hoog percentage corporatiewoningen en anderzijds wijken met een laag percentage (Woononderzoek 2024 – 2040, pg. 21). • Ongeveer 20% van de huishoudens in een corporatiewoning heeft een hoger inkomen en woont in beginsel scheef (Woononderzoek 2024 – 2040, pg. 23). • Jonge doorstromers die een gezin willen stichten en daarom iets ruimer willen wonen, hebben moeite om een grotere huurwoning te vinden.
Een deel van deze groep bestaat uit huishoudens met een middeninkomen die eigenlijk willen doorstromen naar een betaalbare koopwoning, maar wegens gebrek aan aanbod langer in de sociale huursector blijven (Woononderzoek 2024 – 2040, pg. 40). • Doorstromers laten bij verhuizing een woning achter en betrekken een andere woning. Starters en vestigers zijn doelgroepen die geen woning achterlaten op de Eindhovense woningmarkt, maar wel een woning betrekken (Woononderzoek 2024 – 2040, pg. 50). • De corporaties schetsen dat de situatie op de woningmarkt al niet rooskleurig was, maar dat de aangekondigde huurbevriezing grote problemen gaat veroorzaken. Ze maken zich daarom ernstige zorgen over de haalbaarheid van onder andere de nieuwbouwopgave in de Brainportregio.
• • •
•
De Versnellingstafel stelt dat door vast te houden aan het huidige beleid, veel projecten niet of slechts met veel moeite en subsidies haalbaar zijn. Dit spanningsveld is op projectniveau zeker niet altijd op te lossen. De gemeente ziet het belang in van betere doorstroming en ze wil daar de komende jaren mee aan de slag. Dat kan op verschillende manieren (samen morgen mooier maken, pg. 28). Als stad we pogen aan te sluiten bij de ontwikkelingen rondom het wetsvoorstel voor wijziging van de Huisvestingswet. Daarin is de mogelijkheid opgenomen om voorrang te geven aan mensen met een lokale binding met de stad. Ze gaat onderzoeken of het mogelijk is om bij koopwoningen voorrang te geven aan degenen die nu een huurwoning hebben in Eindhoven (samen morgen mooier maken, pg. 28). Huishoudens die in Eindhoven wonen en binnen de eigen gemeente verhuizen, verhuizen betrekkelijk weinig binnen de eigen wijk. Er een relatief grote migratie tussen wijken is (Woononderzoek 2024 – 2040, pg. 27)
De indieners vinden dat: • Wijkbinding een belangrijk aspect is voor een leefbaar Eindhoven en dat daarom voldoende woonaanbod, afgestemd op de vraag en noodzaak per wijk, van essentieel belang is. • Door te bouwen naar de vraag per wijk, ook goedkopere (sociale huur)woningen sneller vrijkomen. • Wanneer inwoners in hun eigen wijk kunnen blijven wonen, dit bijdraagt aan meer sociale cohesie en daarmee de inzet voor de wijk stimuleert. Buurtvoorzieningen, organisaties en netwerken kunnen hierdoor duurzaam worden versterkt. • Bewoners van wijken voorrang zouden moeten krijgen bij nieuwbouwprojecten in hun eigen wijk, om doorstroming en wijkbinding te bevorderen. • Scheefwonen moet worden tegengegaan en dat hiervoor voldoende doorstroomalternatieven beschikbaar moeten zijn, met name in wijken met veel (sociale) huurwoningen. • In projectgebieden en bouwprojecten moet worden ingespeeld op de behoeften van de wijk, met in het bijzonder aandacht voor: a. Het bevorderen van doorstroming binnen wijken door op vraag te bouwen; b. Het behouden van wijkbewoners; • De financiële haalbaarheid van plannen hierdoor kan worden verbeterd, door het aanpassen van het aandeel woningcategorieën naar gelang van de vraag in de wijk. Hierbij wordt voor iedere wijk gestreefd naar een mix van 85% betaalbare woningen in plaats van op gebiedsniveau. In wijken met een
hoog aandeel sociale huur betekent dit meer middenhuur en koop, en omgekeerd.
De raad roept daarom het college van burgemeester en wethouders op om: Voor de grotere gebiedsontwikkelingen als woningbouwprojecten in lijn met punt 3d uit het raadsvoorstel, een beleid binnen het woonprogramma op te stellen dat inspeelt op de samenstelling van en woningvraag in de wijk, met in het bijzonder te streven naar: 1. Bevordering van doorstroom in de wijken tussen woningcategorieën, waarbij men qua koop of huurprijs een stap hoger of lager kan maken. 2. Voorrang aan wijkbewoners te geven bij nieuwbouwprojecten, zowel voor koop- als huurwoningen. 3. Daarvoor een evenredige verdeling van woningtypen op wijkniveau na te streven in het licht van het woonprogramma, dat 85% betaalbare woningen bevat. Eindhoven, 20 mei 2025 De leden van de raad, Niels Groot (CDA Eindhoven), voorsteller Chris Dams (D66), voorsteller Ruud van Acquoij (50PLUS), voorsteller Dré Rennenberg (OAHvE), voorsteller Rudy Reker (LPF), voorsteller
Deze motie is ingetrokken (toezegging wethouder) in de vergadering van 20 mei 2025. J. Jongbloed, griffier.