Collegebrief aan de raad over Invulling toezegging wethouder Verhees nav Gemeente neemt verantwoordelijkheid
Tekst van het document
gemeente Eindhoven Inboeknummer 24bst01317 Dossiernummer 24.44.103_2.4.1. B&W beslisdatum 22 oktober 2024
Collegebrief Onderwerp: Invulling toezegging wethouder Verhees m.b.t. overleg bewoners en Woonbedrijf op 1 oktober
Aan de leden van de gemeenteraad,
Tijdens de raadsvergadering van 1 oktober jongstleden is het contact tussen Woonbedrijf en de bewoners van de wijk Prinsejagt aan de orde geweest met betrekking tot de toepassing van de Wet op het overleg huurders verhuurders (WHOV, ook wel Overlegwet). Wethouder Verhees heeft daarbij benadrukt dat ze belang hecht aan een onafhankelijke uitspraak door de Huurcommissie. Om uw zorgen over de rechtsgang bij de Huurcommissie te bespreken, heeft ze aangegeven een gesprek te organiseren met de Bewonerscommissie en Woonbedrijf. Op 11 oktober heeft wethouder Verhees overleg gevoerd met twee vertegenwoordigers van de Bewonerscommissie. Op verzoek van de bewoners was dat zonder Woonbedrijf. Tijdens dit overleg zijn inhoudelijke punten besproken en heeft de wethouder voorgesteld om samen in gesprek te gaan met Woonbedrijf. Bewoners hebben echter aangegeven niet in gesprek te willen met Woonbedrijf totdat er een gerechtelijke uitspraak is. Op 14 oktober heeft er overleg plaatsgevonden tussen Woonbedrijf en de wethouder over de inhoudelijke punten van inwoners, en is medegedeeld dat bewoners niet in overleg willen totdat er een gerechtelijke uitspraak is. Het is aan de Bewonerscommissie of ze de Woonbond in dit proces willen betrekken.
Woonbedrijf heeft ons meegedeeld dat de Huurcommissie sinds 19 mei 2024 een verzoek in behandeling heeft genomen dat gaat over de toepassing van de WHOV in een deel van het project Prinsejagt. In de motie staat een opmerking over het niet-ontvankelijk verklaren. Woonbedrijf geeft aan dat hierover enkel een opmerking is gemaakt omdat de
Inboeknummer 24bst01317 indiener een privépersoon was en het bijbehorende adres van een andere commissie was dan de Bewonerscommissie. Woonbedrijf heeft de verwachting en intentie dat de Huurcommissie deze zaak inhoudelijk gaat behandelen. Er is volgens hen geen sprake van dat Woonbedrijf een rechtsgang tussen de Bewonerscommissie en Huurcommissie tegenwerkt. Daarnaast wordt in de motie verwezen naar de mogelijkheid om een gerechtelijke uitspraak te krijgen via een gang naar de rechter. Nu de Bewonerscommissie heeft gekozen voor de route via de Huurcommissie, zal de rechter deze soortgelijke zaak aanhouden of kan hij zich niet bevoegd verklaren. Een ander relevant aspect is dat de behandeling door de rechtbank 10 tot 12 maanden duurt, waarna tijd nodig is voor een vonnis. De reële verwachting is dat de uitspraak van de Huurcommissie al ruim voor die tijd is gedaan. Hiermee is dit de snelste weg om tot een objectief oordeel te komen dat duidelijkheid biedt aan alle betrokkenen. De wethouder heeft er bij Woonbedrijf verder op aangedrongen om tóch te pogen het gesprek met de Bewonerscommissie te laten plaatsvinden. Dit om de inhoudelijke punten die door de Bewonerscommissie genoemd zijn, los van de rechtsgang, met elkaar te bespreken. Woonbedrijf heeft dit toegezegd.
Met deze collegebrief en de eerdere update wordt invulling gegeven aan de toezegging naar aanleiding van de ingediende vrije motie.
Burgemeester en wethouders van Eindhoven, Secretaris
2