CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5 - Onderzoek discriminatie bij woningverhuur Eindhoven - RADAR

Raadsvergadering 30 mei 2023, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Beleidsplan Diversiteit & Inclusie 2023-20268.541 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021

“Ik mag het niet zeggen, maar natuurlijk, dat kan” Discriminatie bij woningverhuur: resultaten mystery calls en correspondentietesten in Eindhoven

RADAR, mei 2021 Dit rapport is geschreven in opdracht van de Gemeente Eindhoven Bauke Fiere, Milynn Koene en Arwen Hoogenbosch RADAR, bureau voor gelijke behandeling en tegen discriminatie

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021

Inhoudsopgave Samenvatting

1

Inleiding

3

I.

Methoden van onderzoek: correspondentietesten en mystery calls

5

II.

Correspondentietesten: aanpak en resultaten

8

1.

Aanpak

8

2.

Analyse

9

3.

Resultaten

11

4.

Conclusie correspondentietesten

12

Mystery calls: aanpak en resultaten

13

1.

Aanpak

13

2.

Analyse

15

3.

Resultaten in aantallen en percentages

16

4.

Resultaten kwalitatief

17

5.

Conclusie mystery calls

19

Conclusie

21

III.

IV.

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021

Samenvatting Inleiding en aanleiding Dit rapport is een opvolging van de landelijke monitor discriminatie bij woningverhuur.1 Om dit probleem te kunnen aanpakken, wil de gemeente Eindhoven inzicht hebben in de mate waarin discriminatie bij woningverhuur zich voordoet binnen haar gemeentegrenzen. Ter aanvulling op de landelijke monitor zijn extra correspondentietesten en mystery calls uitgevoerd om discriminatie bij woningverhuur in Eindhoven in beeld te brengen. Correspondentietesten Twee quasi-identieke kandidaat-huurders hebben gereageerd op advertenties van huurwoningen in Eindhoven. Deze twee profielen verschillen alleen op de te onderzoeken discriminatiegrond van elkaar. Op basis van de reacties van de aanbieders van de advertenties is gemeten of er sprake is van (on)gelijke behandeling tussen de twee profielen. Dit onderzoek testte discriminatie op grond van etnische achtergrond met profielen van Marokkaans klinkende mannennamen versus profielen van Nederlands klinkende mannennamen. Ook testte dit onderzoek discriminatie op grond van seksuele gerichtheid met profielen van een stel met twee Nederlands klinkende mannennamen versus profielen van een stel met een Nederlands klinkende mannennaam en een Nederlands klinkende vrouwennaam.

In totaal zijn 172 geslaagde testen op grond van etnische achtergrond en 86 geslaagde testen op grond van seksuele gerichtheid uitgevoerd op huuradvertenties in Eindhoven. Uit de resultaten van de correspondentietesten blijkt dat personen met een Marokkaans klinkende mannennaam significant minder vaak worden uitgenodigd voor een bezichtiging dan personen met een Nederlands klinkende mannennaam. De netto-discriminatiegraad is 22%. Dit resultaat is in lijn met de resultaten uit het landelijke onderzoek, waarin zowel op landelijk niveau als op het niveau van Nederland zonder de G4 discriminatie op grond van etnische achtergrond is aangetoond. Daarnaast blijkt uit de resultaten dat homoseksuele stellen niet vaker of minder vaak worden uitgenodigd voor een bezichtiging van een huurwoning dan heteroseksuele stellen. Dit komt overeen met het landelijke onderzoek, waarin ook geen discriminatie werd aangetoond op grond van seksuele gerichtheid. Mystery calls Een acteur belde eenmalig naar makelaars die in Eindhoven woningen te huur aanbieden, deed zich daarbij voor als verhuurder en stelde de vraag: “Ik wil dat mijn appartement goed onderhouden wordt. Vrienden van mij hebben slechte ervaringen gehad met allochtonen. Zou het daarom mogelijk zijn om niet te verhuren aan allochtonen?” Twee belrondes resulteerden in 28 geslaagde telefoongesprekken, waarvan:

1 Hoogenbosch, A. en Fiere, B. (2021). Gelijke kansen op een huurwoning in Nederland? Monitor Discriminatie bij Woningverhuur.

Rotterdam: Art.1/RADAR.

1

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021 -

-

-

-

-

4 makelaars (gelijk aan 14%) aangaven niet te willen meewerken aan het discriminerende verzoek van de fictieve verhuurder (code 1); 13 makelaars (gelijk aan 46%) ermee instemden te discrimineren door mensen met een migratieachtergrond te ontmoedigen of uit te sluiten (code 2); 7 makelaars (gelijk aan 25%) de uiteindelijke beslissing bij de fictieve verhuurder neerlegden (code 5); 3 makelaars (gelijk aan 11%) voorstelden de huurder te selecteren aan de hand van andere criteria die mensen indirect kunnen uitsluiten (code 4); 1 makelaar aangaf hiervoor te moeten overleggen met een collega (code 3).

Code 1 ''geen discriminatie''

25%

14%

Code 2 ''discriminatie'' Code 3 ''geen antwoord''

11% 46% 4%

Code 4 ''strenge selectie'' Code 5 ''aanbieding''

Van de makelaars die direct of indirect wilden meewerken met het discriminerende verzoek, was twee vijfde zich bewust van het feit dat dit verboden is. Dat de meerderheid van de makelaars niet toonde zich bewust te zijn van het discriminerende karakter van het verzoek, kan er mogelijk op wijzen dat zij beperkte kennis hebben over antidiscriminatiewetgeving. Ook zou dit er mogelijk op kunnen duiden dat zij niet altijd goed weten hoe zij met dit discriminerende verzoek kunnen omgaan.

2

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021

Inleiding De gemeente Eindhoven hecht veel waarde aan de diversiteit van haar stad. De gemeente wil dat inwoners van Eindhoven vol vertrouwen de toekomst in hun stad tegemoet kunnen treden. Hierin is geen ruimte voor discriminatie of het achterstellen van mensen vanwege etnische achtergrond, gender, seksuele gerichtheid, beperking, leeftijd of leefstijl.2 Discriminatie bij woningverhuur staat in veel gemeenten in Nederland hoog op de agenda sinds een publicatie van een artikel in tijdschrift De Groene Amsterdammer.3 Ook de gemeente Eindhoven vindt het belangrijk dat deze vorm van discriminatie aangepakt wordt en dat verhuurders en makelaars iedereen gelijke kansen geven bij het toewijzen van een (huur)woning. Onlangs publiceerde Art.1/RADAR een landelijke monitor naar discriminatie bij woningverhuur.4 De monitor bevestigt het beeld dat door De Groene Amsterdammer is geschetst en laat zien dat mensen met een niet-Nederlands klinkende naam minder kans hebben om uitgenodigd te worden voor een bezichtigingsmoment dan mensen met een Nederlands klinkende naam. Daarnaast laat de monitor zien dat veel bemiddelaars - direct of indirect, bewust of onbewust - meewerken aan een discriminerend verzoek van een fictieve verhuurder. In de landelijke monitor worden de resultaten op landelijk niveau gepresenteerd.

Op het niveau van afzonderlijke (grote) steden (waaronder Eindhoven) zijn te weinig correspondentietesten en mystery calls uitgevoerd om daar betrouwbare uitspraken over te doen. De gemeente Eindhoven heeft RADAR daarom gevraagd om aanvullende testen en calls uit te voeren, zodat conclusies te trekken zijn op gemeentelijk niveau. Het rapport dat voor u ligt is hiervan het resultaat. Ook in de gemeenten Rotterdam en Amsterdam zijn gelijktijdig aanvullende correspondentietesten en mystery calls uitgevoerd door RADAR.5 6 Over dit rapport Dit rapport is opgebouwd uit vier hoofdstukken. In het eerste hoofdstuk geven we een algemene introductie over de ingezette methoden van onderzoek voor dit rapport, namelijk correspondentietesten en mystery calls. We geven een uitleg over deze methoden en beschrijven wat de haken en ogen hiervan zijn. In het tweede hoofdstuk presenteren we de aanpak en resultaten van de correspondentietesten die in de gemeente Eindhoven zijn uitgevoerd. De correspondentietesten zijn uitgevoerd op basis van profielen met Marokkaans klinkende mannennamen en Nederlands klinkende mannennamen. Ook is er getest op grond van homoseksualiteit (een profiel met twee Nederlands klinkende mannennamen versus een profiel met een Nederlands klinkende mannennaam in combinatie met een Nederlands klinkende vrouwennaam).

In het derde hoofdstuk wordt ingegaan op de mystery calls die zijn uitgevoerd. We beschrijven hierin de aanpak en de resultaten op basis van een 2 Commissienotitie Diversiteit in Eindhoven, 18-12-2018, 18bst01571 in ‘Uitvoeringsprogramma Diversiteit 2019-2021’, gemeente Eindhoven

Beleid en Strategie, Beleid, september 2019. 3 Elibol, R. en Tielbeke, J. Onderzoek discriminatie op de woningmarkt: Rachid is ook gewoon een nette jongen. De Groene Amsterdammer, 28 maart 2018. 4 Hoogenbosch, A. en Fiere, B. (2021). Gelijke kansen op een huurwoning in Nederland? Monitor Discriminatie bij Woningverhuur. Rotterdam: Art.1/RADAR. 5 Hoogenbosch, A., Fiere B. en Koene M. (2021). “Alles is bespreekbaar” Discriminatie bij woningverhuur: resultaten correspondentietesten en mystery calls in Rotterdam. Rotterdam: RADAR. 6 Fiere, B., Koene M. en Hoogenbosch, A. (2021).”Het mag niet, maar natuurlijk dat kan” Discriminatie bij woningverhuur: resultaten correspondentietesten en mystery calls in Amsterdam. Rotterdam: RADAR.

3

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021 kwantitatieve en een kwalitatieve analyse. In het vierde en laatste hoofdstuk wordt een conclusie gegeven.

4

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021

I.

Methoden van onderzoek: correspondentietesten en mystery calls

Voor dit rapport over discriminatie bij woningverhuur zijn twee methoden ingezet, namelijk mystery calls en correspondentietesten. In dit hoofdstuk beschrijven we deze onderzoeksmethoden en maken we de voordelen en beperkingen van deze methoden inzichtelijk. Praktijktesten en correspondentietesten Praktijktesten zijn een experimentele methode om te onderzoeken of verschillend gereageerd wordt op berichten van twee quasi-identieke kandidaten en daarmee of er sprake is van ongelijke behandeling.7 Bij onderzoek naar discriminatie bij woningverhuur wordt door twee quasi-identieke kandidaten gereageerd op advertenties van huurwoningen. De twee kandidaten verschillen alleen op de te onderzoeken discriminatiegrond van elkaar. Door middel van praktijktesten kan daadwerkelijk gedrag onderzocht worden en discriminatie objectief worden aangetoond.8 Praktijktesten waarbij alleen schriftelijk contact is tussen de kandidaten en de aanbieder van goederen of diensten, worden correspondentietesten genoemd. Het voordeel van schriftelijke praktijktesten is dat de uitvoering goed te controleren is. Het test- en controleprofiel kunnen geheel vergelijkbaar met elkaar worden gemaakt, waardoor zekerheid ontstaat dat slechts de te onderzoeken discriminatiegrond getest wordt.

Daarnaast zijn correspondentietesten geschikt om discriminatie in de eerste fase van het verhuurproces te onderzoeken, door middel van het reageren op advertenties van woningen. Dit is echter ook een beperking: uit onderzoek weten we dat ook na deze eerste stap in het verhuurproces een risico op discriminatie bestaat.9 Praktijktesten met fictieve profielen in latere stappen van het verhuurproces zijn niet mogelijk, omdat in de meeste gevallen allerlei documenten aangeleverd moeten worden. Dit zou wel kunnen met ‘echte’ mensen, al is het zeer moeilijk om de test- en controlepersoon zo goed op elkaar af te stemmen dat zij identiek aan elkaar zijn met uitzondering van de discriminatiegrond die je onderzoekt. Verder is het van belang om te benadrukken dat correspondentietesten niet meten waarom iemand twee quasi-identieke kandidaat-huurders ongelijk behandelt. Ten slotte is er een ethisch bezwaar dat relevant is bij praktijktesten, namelijk dat aanbieders van woningen niet weten dat zij deelnemen aan een onderzoek en geen toestemming hebben gegeven. Als tegenargument halen verschillende onderzoekers aan dat praktijktesten de enige manier zijn om betrouwbare informatie over discriminatie bij woningverhuur te verkrijgen. 10 Het is niet wenselijk om het onderzoek van tevoren aan te kondigen, aangezien makelaars en verhuurders van woningen hierdoor mogelijk hun gedrag aanpassen.

Dit maakt het onderzoek minder betrouwbaar. Aan de andere kant is het aankondigen van praktijktesten juist strategisch in te zetten om discriminatie te verminderen en kan van aankondiging een preventieve werking uitgaan. Zo is in Gent (België) in 2015 aangetoond dat het aankondigen van correspondentietesten bij woningverhuur effect kan hebben. 11 7 Fiere, B. en Hoogenbosch, A. (2019). Praktijktesten of mystery guests om discriminatie aan te tonen: Een overzicht van toepassingen. RADAR:

Rotterdam. 8 Verhaeghe, P.P., Coenen, A., Demart, S., Van der Bracht, K., Van de Putte, B. (2017). Discrimibrux - Discriminatie door vastgoedmakelaars op de private huurwoningmarkt van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Gent: Vakgroep Sociologie, Universiteit Gent. 9 Hoogenbosch, A. en Dibbets, A. (2020). ‘Normale verhuurders willen gewoon normale huurders’. Veldverkenning discriminatie bij woningverhuur. Rotterdam: RADAR. 10 Verhaeghe, P.P., Coenen, A., Demart, S., Van der Bracht, K. en Van de Putte, B. (2017). Discrimibrux - Discriminatie door vastgoedmakelaars op de private huurwoningmarkt van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Gent: Vakgroep Sociologie, Universiteit Gent. 11 Van der Bracht, K., Verhaeghe, P.P. & Van de Putte, B. (2015). Gelijke toegang tot huisvesting voor elke Gentenaar: Onderzoek srapport. Gent: Universiteit Gent.

5

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021

Correspondentietesten: wat zegt het over de individuele woningaanbieder? Correspondentietesten worden vooral ingezet om te onderzoeken of - en zo ja, in welke mate discriminatie bij woningverhuur op het niveau van een stad of een gemeente voorkomt. Vaak zijn hiervoor minstens een paar honderd testen nodig, afhankelijk van de grootte van de stad of gemeente. Wanneer er op lokaal of regionaal niveau statistisch significante verschillen worden aangetoond tussen twee groepen, dan wordt één van die groepen dusdanig vaak benadeeld ten opzichte van de controlegroep, dat dit vrijwel zeker niet om een toevallige uitkomst gaat. Het is vaak niet mogelijk om op basis van een onderzoek op gemeentelijk niveau ook discriminatie op het niveau van individuele aanbieders vast te stellen. Wanneer een aanbieder van een woning bijvoorbeeld één of twee keer de controlepersoon uitnodigt voor een bezichtiging en de testpersoon niet, kan er sprake zijn van toevallige ongelijke behandeling. Er zijn verschillende situaties van toevallige ongelijke behandeling tussen de testen controlepersoon mogelijk. Bijvoorbeeld wanneer de aanbieder van de woning een e-mail van één van beide personen vergeet te beantwoorden, of wanneer een bezichtiging na het uitnodigen van één van beide personen vol zit.

Om een significant patroon van discriminatie op het niveau van een individuele aanbieder vast te kunnen stellen, zijn minstens tien geslaagde praktijktesten per aanbieder nodig.12 Mysteryguestonderzoek en mystery calls Mystery calls zijn een vorm van mysteryguestonderzoek, waarbij een persoon eenmalig belt naar een dienstverlenende organisatie en zich voordoet als een potentiële klant. De klant toetst tijdens het gesprek in hoeverre de dienstverlenende organisatie bereid is om mee te werken aan een discriminerend verzoek. Op deze manier is het mogelijk inzicht te krijgen in de bereidheid van de dienstverlener om discriminerend te handelen. Dienstverlenende organisaties die op deze wijze getest kunnen worden zijn bijvoorbeeld uitzendbureaus, makelaars, oppasdiensten, schoonmaakbedrijven, et cetera. In het geval van dit rapport heeft een acteur zich aan de telefoon voorgedaan als een particulier die haar/zijn woning wil verhuren. Tijdens deze gesprekken toetste de acteur in hoeverre de makelaar bereid is in te gaan op het verzoek om niet aan ‘allochtonen’ te verhuren. Ook kunnen de calls inzicht bieden in de mate waarin makelaars bekend zijn met antidiscriminatiewetgeving en welke strategieën zij inzetten om tot het resultaat te komen dat de klant (verhuurder) wenst.

Aan mystery calls zitten echter ook een aantal haken en ogen, namelijk: - de methode kan slechts de intentie tot discriminatie aantonen en geen daadwerkelijke discriminatie; - net als bij praktijktesten is de getoetste aanbieder niet op de hoogte van deelname aan een onderzoek en heeft daarvoor dus ook geen toestemming gegeven; - het roept de vraag op of er sprake is van uitlokking. Echter, deze methode is als monitoringinstrument, anoniem en op grote schaal, wel verantwoord geacht; - een bezwaar is dat bemiddelaars van woningen worden misleid met een mystery call. Bij een mystery call doet een beller zich voor als klant, zonder daadwerkelijk iets te willen kopen. Dit probleem wordt door diverse onderzoekers erkend. De nadelen hiervan wegen echter niet op tegen de voordelen: om discriminatie te kunnen bestrijden, is deze vorm van misleiding een kleine prijs om te betalen.13 12 Verhaeghe, Pieter-Paul & Van der Bracht, Koen, 2020. "How many correspondence tests are enough to detect discrimination among single

agents? A longitudinal study on the Belgian real estate market," GLO Discussion Paper Series 678, Global Labor Organization (GLO). 13 Idem.

6

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021

7

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021

II.

Correspondentietesten: aanpak en resultaten

In dit rapport onderzoeken we of - en zo ja, in welke mate - discriminatie voorkomt in de eerste fase van het proces van woningverhuur in Eindhoven. In dit hoofdstuk gaan we in op de aanpak en resultaten van de correspondentietesten.

1. Aanpak Correspondentietesten zijn een veelgebruikte methode om discriminatie bij woningverhuur te onderzoeken. Bij deze methode reageren twee quasi-identieke kandidaat-huurders op een advertentie van een huurwoning. De profielen van de twee kandidaat-huurders verschillen alleen op de te onderzoeken discriminatiegrond van elkaar. Het bericht dat zij naar de aanbieder sturen komt overeen in lengte, stijl en taalgebruik en is in correct Nederlands geschreven. In dit onderzoek reageert bij iedere test eerst de testpersoon op de advertentie en ongeveer drie uur later, altijd op dezelfde dag, de controlepersoon. In de berichten wordt gevraagd of het mogelijk is om de woning te bezichtigen. Na het uitsturen van de berichten worden gedurende elf dagen de reacties van de aanbieders via voicemail, sms en e-mail bijgehouden en gecodeerd. Vervolgens is nagegaan of er verschillen zijn in de ontvangen reacties van de testpersoon en de controlepersoon.

Omdat de test- en controlepersoon slechts verschillen op de te onderzoeken discriminatiegrond en de berichten quasi-identiek zijn, is eventuele ongelijke behandeling tussen de twee kandidaat-huurders toe te wijzen aan discriminatie op de onderzochte discriminatiegrond.14 In dit onderzoek is ervoor gekozen om etnische achtergrond te testen met een Marokkaans klinkende mannennaam als testprofiel en een Nederlands klinkende mannennaam als controleprofiel. Van de onderzochte profielen in het landelijke onderzoek was de netto-discriminatiegraad het hoogst bij het profiel van de man met Marokkaans klinkende naam.15 Daarnaast wilde de gemeente aanvullende testen uitvoeren op grond van seksuele gerichtheid. Hiervoor vergeleken we de reacties van aanbieders op berichten van homoseksuele en heteroseksuele stellen. Net als in de landelijke monitor is bij het testprofiel gebruikgemaakt van twee Nederlands klinkende mannennamen en bij het controleprofiel van een Nederlands klinkende mannennaam en een Nederlands klinkende vrouwennaam. In de berichttekst werd duidelijk gemaakt dat het ging om een stel (bijvoorbeeld door te schrijven over ‘mijn partner en ik’). Ook letten we erop dat de gebruikte namen duidelijk als zijnde mannelijk of vrouwelijk geïnterpreteerd worden. De aanpak en analyse van de aanvullende testen was hetzelfde als voor de landelijke monitor.

Dat houdt in dat we advertenties van huurwoningen met een maximale huurprijs van 1.500 euro selecteerden via de website Pararius. Pararius is een woonplatform waar ongeveer 65% van alle huurwoningen in Nederland wordt aangeboden.16 Hierop reageerden we eerst met de testpersoon (persoon met een Marokkaans klinkende mannennaam of een homoseksueel stel) en ongeveer drie uur later met de controlepersoon (persoon met een Nederlands klinkende mannennaam of een heteroseksueel stel). Het enige verschil met het landelijke onderzoek is dat we daar onder de ongeveer 3.000 advertenties die 14 Verhaeghe, P.P. en Van der Bracht, K., (2017). Praktijktesten: Van onderzoeksinstrument naar beleidsinstrument tegen discriminatie?

Sociologos., vol. 38, no. 1. pp. 182-200. 15 Hoogenbosch, A. en Fiere, B. (2021). Gelijke kansen op een huurwoning in Nederland? Monitor Discriminatie bij Woningverhuur. Rotterdam: Art.1/RADAR. 16 NOS (2020). Helft aangeboden huurcontracten inmiddels tijdelijk, 'flexibilisering schiet door'. 8 december 2020. Hilversum: N ederlandse Omroep Stichting.

8

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021 we via webscraping van Pararius haalden, een aselecte steekproef trokken onder alle advertenties. Voor de aanvullende testen gebruikten we alle advertenties vanuit de webscrape in Eindhoven, waarbij we erop letten dat een makelaar slechts één keer per ronde getest werd. Geslaagde testen De aanvullende correspondentietesten zijn uitgevoerd tussen november 2020 en april 2021. Deze testrondes leverden 136 geslaagde testen op met het profiel van de Marokkaanse man en 69 geslaagde testen met het profiel van het homostel. Een correspondentietest is geslaagd wanneer zowel door de testpersoon als door de controlepersoon een reactie naar de aanbieder is gestuurd. Het komt soms voor dat een woning nog wel beschikbaar is op het moment dat de testpersoon een reactie uitstuurt, maar niet meer op het moment dat de controlepersoon dit wil doen. Deze testen zijn niet geslaagd en worden niet verder meegenomen in het onderzoek. Omdat het aantal bruikbare advertenties van huurwoningen in Eindhoven via Pararius minder was dan aanvankelijk gedacht, is in overleg met de gemeente besloten om na zeven aanvullende testrondes te stoppen met de testen op grond van seksuele gerichtheid.

Dit is besloten omdat uit bestudering van de eerste uitkomsten bleek dat er nauwelijks verschil zat in de reacties aan het homoseksuele en het heteroseksuele stel en de verwachting was dat dit beeld in volgende testrondes niet (veel) zou wijzigen. Op deze manier zouden we in de overige geplande testrondes meer testen kunnen uitvoeren met het profiel van een Marokkaanse en een Nederlandse man (waar bij eerste bestudering meer verschil te zien was in reacties) om tot meer betrouwbare resultaten te komen. Eerder waren er voor het landelijke onderzoek al 36 geslaagde testen met het profiel van de man met Marokkaans klinkende naam en 17 geslaagde testen voor het profiel van het homoseksuele stel in Eindhoven. De correspondentietesten voor het landelijke onderzoek zijn uitgevoerd van mei tot en met september 2020. In tabel 1 wordt het totaal aantal uitgevoerde correspondentietesten bij advertenties van huurwoningen in Eindhoven weergegeven. Tabel 1. Overzicht aantal testen Discriminatiegrond Etnische achtergrond Seksuele gerichtheid

Test

Marokkaanse man vs Nederlandse man Homoseksueel stel vs heteroseksueel stel Totaal

Mei-sept 2020

Nov 2020-apr 2021

Totaal

36

136

172

17

69

86

53

205

258

2. Analyse Na het uitsturen van de berichten aan de aanbieders van huurwoningen zijn de reacties hierop gedurende 11 dagen bijgehouden. Al deze reacties per e-mail, voicemail en sms zijn door 2 onderzoekers gecodeerd om subjectiviteit bij het toekennen van de codes zoveel mogelijk uit te sluiten. We gebruikten in totaal 11 verschillende codes, gebaseerd op eerder onderzoek van Pieter-Paul Verhaeghe. In dit onderzoek spreken we van discriminatie wanneer de controlepersoon wordt uitgenodigd voor een bezichtiging en de testpersoon niet. Van de 11 gebruikte codes categoriseerden 9

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021 we er 3 als een ‘positieve reactie’: de reacties waarin de kandidaat-huurder werd uitgenodigd om een woning te bezichtigen (al dan niet met een vraag om aanvullende informatie) en de reacties waarin de kandidaat-huurder werd gevraagd om contact op te nemen om een afspraak voor een bezichtiging in te plannen. Vervolgens vergeleken we de reacties aan de test- en de controlepersoon. In totaal zijn 4 combinaties van reacties mogelijk: (a) zowel de test- als controlepersoon wordt uitgenodigd voor een bezichtiging van de woning, (b) de controlepersoon wordt uitgenodigd voor een bezichtiging en de testpersoon niet (negatieve discriminatie), (c) de testpersoon wordt uitgenodigd voor een bezichtiging en de controlepersoon niet (positieve discriminatie), (d) zowel de test- als de controlepersoon wordt niet uitgenodigd voor een bezichtiging. Testpersoon

Controlepersoon

Uitgenodigd Niet uitgenodigd

Uitgenodigd a c

Niet uitgenodigd b d

Om discriminatie in de eerste fase van woningverhuur te kunnen vaststellen, gingen we na of de testpersoon minder vaak werd uitgenodigd voor een bezichtiging dan de controlepersoon. Hiervoor gebruikten we de netto-discriminatiegraad. Deze wordt als volgt berekend: (b – c) Netto-discriminatiegraad = (a + b + c) De netto-discriminatiegraad geeft het percentage aan van huuradvertenties waarbij de testpersoon niet wordt uitgenodigd voor een bezichtiging en de controlepersoon wel. Hiervoor wordt eerst de positieve discriminatie (c) afgetrokken van de negatieve discriminatie (b) en vervolgens gedeeld door alle advertenties waarbij ten minste één van de kandidaat-huurders is uitgenodigd voor een bezichtiging (a+b+c). De formule gaat ervan uit dat toevallige ongelijke behandeling kan voorkomen (bijvoorbeeld een e-mail over het hoofd zien). Deze toevallige ongelijke behandeling zou evenveel moeten voorkomen bij de testpersoon als de controlepersoon. De grootte hiervan wordt geschat met de positieve discriminatie. Door deze af te trekken van de negatieve discriminatie, krijg je de nettodiscriminatiegraad.

In lijn met eerder internationaal onderzoek wordt geen rekening gehouden met de situatie waarin beide kandidaat-huurders geen uitnodiging voor een bezichtiging krijgen of helemaal geen reactie ontvangen.17 Er is in deze situaties immers geen informatie over discriminatoire intenties bij uitnodiging voor een bezichtiging. Discriminatiegraden groter dan nul wijzen op ongelijke behandeling van de testpersoon. In dit onderzoek is de testpersoon een man met een Marokkaans klinkende naam of een heteroseksueel stel. Discriminatiegraden die kleiner zijn dan nul wijzen op ongelijke behandeling van de controlepersoon, in dit geval een man met een Nederlands klinkende naam of een heteroseksueel stel. Om uitspraken te 17 Verhaeghe, P.P. en Van der Bracht, K. (2020). How many correspondence tests are enough to detect discrimination among single agents? A

longitudinal study on the Belgian real estate market, GLO Discussion Paper, No. 678, Global Labor Organization (GLO), Essen.

10

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021 kunnen doen over discriminatie in de eerste fase van woningverhuur hebben we de nettodiscriminatiegraden statistisch getoetst met de McNemar-toets. Het resultaat van deze toets wordt uitgedrukt in een p-waarde die de kans weergeeft dat de berekende netto-discriminatiegraden toevallig afwijken van nul. Hoe kleiner de p-waarde, hoe groter de kans dat de verschillen in reacties tussen beide kandidaat-huurders niet op toeval berusten. In lijn met de meeste onderzoeken in de sociale wetenschappen beschouwen we resultaten als significant wanneer de p-waarde gelijk of kleiner is dan 0,05.

3. Resultaten In deze paragraaf beschrijven we de resultaten van de correspondentietesten op grond van etnische achtergrond en seksuele gerichtheid. Etnische achtergrond In totaal zijn 172 geslaagde testen op grond van etnische achtergrond uitgevoerd op huuradvertenties in Eindhoven. Het profiel met de Marokkaans klinkende mannennaam ontving 30 keer een uitnodiging voor een bezichtiging, terwijl het profiel met de Nederlands klinkende mannennaam 40 keer de woning mocht komen bezichtigen. Bij 16 advertenties werd alleen de man met Nederlands klinkende naam uitgenodigd en bij 6 advertenties alleen de man met Marokkaans klinkende naam. Tabel 2. Resultaten correspondentietesten etnische achtergrond Marokkaanse man

Nederlandse man

Uitgenodigd Niet uitgenodigd

Uitgenodigd 24 6

Niet uitgenodigd 16 126

De netto-discriminatiegraad van de man met de Marokkaans klinkende naam is 22% (p<0,05). Bij 22% van de huuradvertenties werden mannen met een Marokkaans klinkende naam niet uitgenodigd voor een bezichtiging, terwijl mannen met een Nederlands klinkende naam wel een uitnodiging ontvingen. Het verschil in reacties aan beide mannen is significant. Dit resultaat is overeenkomstig met het resultaat uit het landelijke onderzoek. Op landelijk niveau was de netto-discriminatiegraad 12% en op het niveau van Nederland zonder de vier grote steden 20%. Seksuele gerichtheid Op grond van seksuele gerichtheid zijn in Eindhoven 86 geslaagde correspondentietesten uitgevoerd. Er bleek nauwelijks verschil te zitten in de reacties die het homoseksuele stel en het heteroseksuele stel ontvingen.

11

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021

Tabel 3. Resultaten correspondentietesten seksuele gerichtheid Homoseksueel stel

Heteroseksueel stel

Uitgenodigd Niet uitgenodigd

Uitgenodigd 17 3

Niet uitgenodigd 2 64

Bij 81 van de 86 advertenties werden beide stellen hetzelfde behandeld. Ze werden allebei uitgenodigd voor een bezichtiging (17 keer) of beide niet uitgenodigd (64 keer). Het kwam twee keer voor dat het heteroseksuele stel wel werd uitgenodigd en het homoseksuele stel niet. Andersom was dit drie keer het geval. De netto-discriminatiegraad bij deze uitkomsten is -5%. Echter, deze is niet statistisch significant. Hoewel het hier om een relatief klein aantal testen gaat, kunnen we aannemen dat homoseksuele stellen in Eindhoven niet vaker of minder vaak uitgenodigd worden voor de bezichtiging van een huurwoning dan heteroseksuele stellen. Dit komt overeen met het landelijke onderzoek naar discriminatie in de eerste fase van woningverhuur. Ook daar werd geen statistisch significant verschil in de reacties aan het homoseksuele en aan het heteroseksuele stel gevonden.

4. Conclusie correspondentietesten De 172 correspondentietesten op grond van etnische achtergrond laten zien dat mannen met een Marokkaans klinkende naam in Eindhoven significant worden benadeeld ten opzichte van mannen met een Nederlands klinkende naam in de eerste fase van woningverhuur. Bij 22% van de advertenties waarbij de man met Nederlands klinkende naam de woning mocht bezichtigen, kreeg de man met Marokkaans klinkende naam geen uitnodiging. Dit resultaat ligt in lijn met de resultaten uit het landelijke onderzoek, waarin zowel op landelijk niveau als op het niveau van Nederland zonder de G4 discriminatie van mannen met een Marokkaans klinkende naam ten opzichte van mannen met een Nederlands klinkende naam in de eerste fase van woningverhuur werd aangetoond. De testen waarin de reactie van aanbieders aan homoseksuele en heteroseksuele stellen zijn vergeleken laten een ander beeld zien. In totaal werd het homoseksuele stel één keer vaker uitgenodigd voor een bezichtiging dan het heteroseksuele stel. Dit verschil is niet significant. Homoseksuele mannenstellen worden niet significant vaker of minder vaak uitgenodigd voor een bezichtiging van een huurwoning dan heteroseksuele stellen.

12

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021

III.

Mystery calls: aanpak en resultaten

In dit hoofdstuk onderzoeken we in hoeverre makelaars bereid zijn om mee te werken aan een discriminerend verzoek. Hiervoor zijn mystery calls ingezet. We beschrijven achtereenvolgens de aanpak, analyse en de resultaten. Het hoofdstuk wordt afgesloten met een conclusie over dit deel van het onderzoek.

1. Aanpak In deze paragraaf beschrijven we hoe de makelaars zijn geselecteerd, hoe de belrondes zijn vormgegeven en hoe de acteurs te werk zijn gegaan. Selectie van makelaars en belrondes Voor de calls zijn makelaars geselecteerd die huurwoningen aanbieden in Eindhoven. Een deel van de resultaten komt uit het landelijke onderzoek. Vier van de 105 makelaars die gebeld zijn voor het landelijke onderzoek hadden een Eindhovens werkgebied. Deze selectie van makelaars is vervolgens aangevuld met makelaars die via Pararius minstens één huurwoning aanbieden in Eindhoven. Met deze selectie Eindhovense makelaars zijn vervolgens twee belrondes gevoerd. Deze belrondes hebben plaatsgevonden in oktober 2020 en januari 2021. In totaal zijn 35 makelaars gebeld, waarvan 28 hebben geresulteerd in een geslaagd gesprek dat bruikbaar is voor dit onderzoek. De overige zeven makelaars waren - zelfs na meerdere pogingen - niet telefonisch bereikbaar of gaven aan niet (meer) te bemiddelen in huurwoningen van particuliere verhuurders. Werkomschrijving De belrondes zijn uitgevoerd door twee acteurs. Deze acteurs hebben met twee fictieve namen gewerkt: een mannennaam en een vrouwennaam. Ter voorbereiding op de gesprekken zijn de acteurs uitgebreid gebriefd over hun verhuurdersprofiel, de fictieve woning en de reden van verhuur van deze woning.

Daarnaast hebben de acteurs met elkaar geoefend en zijn ze meermaals ingelicht over de manier waarop de gesprekken uitgevoerd dienden te worden. Gespreksleidraad De gesprekken beginnen met een introductie waarin de acteur zichzelf als verhuurder voorstelt. De verhuurder vertelt dat hij/zij gaat verhuizen naar de woning van zijn/haar vriend/vriendin en daarom zijn/haar eigen woning wil verhuren. De verhuurder geeft aan dat hij/zij graag wil samenwerken met een makelaar, maar benadrukt dat zij/hij met dit gesprek eerst vrijblijvende informatie wil inwinnen over de werkwijze en de kosten van de makelaar. Vervolgens verloopt het gesprek op natuurlijke wijze, waarbij de acteur specifieke informatie biedt over de fictieve woning, zoals plaats, type woning, en de prijs die hij/zij in gedachten heeft. Na wat algemene vragen te hebben gesteld en te hebben geïnvesteerd in het vertrouwen van de gebelde makelaar, stelt de verhuurder de vraag: “Ik wil dat mijn appartement goed onderhouden wordt. Vrienden van mij hebben slechte ervaringen gehad met allochtonen. Zou het daarom mogelijk zijn om niet te verhuren aan allochtonen?” Hierna luistert de acteur naar het antwoord van de makelaar en stelt wanneer nodig een of meerdere verduidelijkende of bevestigende vragen.

Hierna wordt het gesprek vriendelijk afgerond en geeft de verhuurder aan te moeten nadenken over de samenwerking en erop terug te komen. 13

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021

Discriminerende vraag De keuze om te vragen om niet te verhuren aan ‘allochtonen’ is gebaseerd op eerdere onderzoeken die in Nederland zijn uitgevoerd. Zo werd in het onderzoek van De Groene Amsterdammer in 2018 de vraag op eenzelfde manier gesteld.18 Daarnaast lijkt het woord ‘allochtoon’ nog steeds een gebruikelijk woord om te verwijzen naar mensen die zogezegd ‘niet-Nederlands’ zijn.19 De manier waarop de acteurs hun discriminerende verzoek inleiden, namelijk de negatieve ervaringen van vrienden, is gebaseerd op het mechanisme van ‘statistische’ ofwel ‘risicovermijdende discriminatie’. Hierbij wordt gediscrimineerd vanwege een risico-inschatting waarbij mensen uit bepaalde groepen als een hoger risico worden ingeschat op grond van stereotypen. Script Tijdens de gesprekken is een gestandaardiseerd script gebruikt om de gesprekken zoveel als mogelijk op eenzelfde manier te laten verlopen. Dit script is hieronder weergegeven en is gebaseerd op eerder onderzoek.20 Alhoewel er is getracht om de gesprekken volgens eenzelfde lijn te laten verlopen, is het belangrijk om te vermelden dat het uitvoeren van deze gesprekken nog steeds mensenwerk is. In het script wordt verwezen naar de straatnaam van de woning die de fictieve verhuurder wil verhuren.

Hiervoor zijn twee fictieve adressen gebruikt, namelijk: - een galerijflat van 90 m2 aan de Amundsenlaan (landelijke monitor, ronde 1); - een appartement van 90 m2 aan de Sint Rochusstraat (ronde 2). Script mystery calls TESTER: Goeiedag, u spreekt met <voornaam + achternaam>. Ik heb een appartement in <buurt>, maar ga binnenkort verhuizen naar het huis van mijn nieuwe vriend. Ik zou mijn appartement daarom graag verhuren. Het gaat om een appartement met twee slaapkamers en ik dacht aan een huurprijs van <huurprijs> euro per maand. Ik weet echter weinig van de huurwetgeving af en zou daarom met een makelaar willen werken. Ik vraag me wel af hoeveel zoiets kost en hoe jullie te werk gaan. Ik bel daarom om wat vrijblijvende informatie in te winnen. MAKELAAR:

Antwoord gegeven door de makelaar.

De tester luistert dan eerst naar de uitleg van de makelaar. De tester klinkt geïnteresseerd en stelt eventueel een aantal korte bijvragen ter informatie. TESTER:

Ok, dat klinkt goed. [men geeft de indruk dat de tester echt geïnteresseerd is]. Ik heb wel nog een bijkomende vraag. [Stilte, men wordt hier wat onwennig/minder zakelijk] Ik wil dat mijn appartement goed onderhouden wordt. Vrienden van mij hebben

18 Elibol, R. en Tielbeke, J. Onderzoek discriminatie op de woningmarkt: Rachid is ook gewoon een nette jongen. De Groene Amsterdammer,

28 maart 2018. 19 Leerkes, A. en Dagevos, J. (2016). Herziening van de termen ‘autochtoon’ en ‘allochtoon’ is nodig: afschaffen, hernoemen of herdefiniëren? Artikel op www.socialevraagstukken.nl 20 Verstaete, J. en Verhaeghe, P.P. (2019). Ethnic discrimination upon request? Real estate agents’ strategies for discriminatory questions of clients. Journal of Housing and the Built Environment, 35: 703–721(2020)

14

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021 slechte ervaringen gehad met allochtonen. Zou het daarom mogelijk zijn om niet te verhuren aan allochtonen? MAKELAAR:

Antwoord gegeven door de makelaar.

TESTER:

Oké, bedankt voor de informatie. Het is nu allemaal veel duidelijker voor me. Ik ga alles nog even laten bezinken en ik laat nog iets weten als ik met jullie wil samenwerken.

2. Analyse De telefoongesprekken zijn opgenomen en getranscribeerd. Vervolgens is op twee manieren naar de reacties gekeken: kwantitatief en kwalitatief. Kwantitatieve analyse Aan de hand van de transcripties zijn codes gegeven aan de reacties waarbij de makelaar antwoord geeft op de discriminerende vraag van de verhuurder. Tijdens deze codering zijn vijf codes gebruikt, die gebaseerd zijn op Belgisch onderzoek.21 Deze codes staan in onderstaande tabel beschreven. De reacties zijn door twee onderzoekers gecodeerd om subjectiviteit bij het toekennen van de codes zoveel mogelijk uit te sluiten. De codes kunnen verwerkt worden tot een kwantitatief resultaat, waarbij inzicht wordt gegeven in de percentages per code. In de volgende paragraaf worden de resultaten beschreven. Tabel 4. Codebeschrijvingen mystery calls Codenummer Beschrijving 1 2

3

4

De categorie “geen discriminatie” verwijst naar de makelaars die onmiddellijk weigerden mensen met een migratieachtergrond (‘allochtonen’) te discrimineren. De tweede categorie “discriminatie” omvat alle makelaars die ermee instemden te discrimineren door mensen met een migratieachtergrond (‘allochtonen’) te weigeren of te ontmoedigen of door een lijst samen te stellen van huurkandidaten met alleen mensen zonder migratieachtergrond. De derde categorie “geen antwoord” omvat de makelaars die verklaarden dat ze “dergelijke zaken” niet telefonisch wilden bespreken en dus de eigenaar uitnodigden op kantoor, of antwoordden dat ze deze dingen eerst met de baas moesten bespreken. De vierde categorie “strenge selectie” bevat de makelaars die voorstelden huurders te selecteren op basis van andere niet-etnische criteria (taalvaardigheid, gepercipieerd fatsoen) die echter een negatieve impact kunnen hebben op etnische minderheden.

21 Deze codes zijn opgesteld door Verstaete, J. en Verhaeghe, P.P. (2019). Ethnic discrimination upon request? Real estate agents’ strategies

for discriminatory questions of clients. Journal of Housing and the Built Environment, 35: 703–721(2020)

15

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021 5

De laatste categorie “aanbieding” verwijst naar de makelaars die voorstelden om een lijst van huurkandidaten samen te stellen waaruit de eigenaar vervolgens een geschikte huurder zou kunnen selecteren. Deze makelaars weigerden echter een lijst met alleen mensen zonder migratieachtergrond (‘autochtonen’) samen te stellen, maar door een lijst samen te stellen vergemakkelijken ze de mogelijke discriminatie door de eigenaar in de laatste fase van het verhuurproces.

Kwalitatieve analyse Naast de kwantitatieve analyse zijn de gesprekken kwalitatief geanalyseerd. Door labels toe te kennen aan opvallende punten uit de gesprekken zijn bepaalde patronen zichtbaar geworden. In de volgende paragraaf wordt deze kwalitatieve analyse beschreven.

3. Resultaten in aantallen en percentages Onderstaand cirkeldiagram geeft op basis van 28 geslaagde mystery calls weer in hoeverre Eindhovense makelaars bereid waren om mee te werken aan een discriminerend verzoek van een potentiële klant, een verhuurder. Van de gebelde makelaars gaven 4 makelaars (14%) aan niet te willen meewerken aan het discriminerende verzoek van de fictieve verhuurder (code 1). Veruit de meeste makelaars (13) stemden ermee in te discrimineren door mensen met een migratieachtergrond te ontmoedigen of uit te sluiten (code 2). In een kwart (7) van de gesprekken legde de makelaar de uiteindelijke beslissing bij de fictieve verhuurder neer (code 5). In 3 gevallen stelde de makelaar te selecteren aan de hand van andere criteria die mensen indirect kunnen uitsluiten (code 4). Eén makelaar gaf aan hiervoor te moeten overleggen met een collega (code 3). Deze resultaten komen grotendeels overeen met de resultaten uit het landelijke onderzoek.22 Hierin gaf ook 14% van de makelaars aan niet mee te gaan met het discriminerende verzoek. Het aantal makelaars dat code 2 is toegekend is wel groter dan in het landelijke onderzoek, waar het ging om 34% van de makelaars. Hier kunnen echter geen directe conclusies aan verbonden worden, vanwege het relatief kleine aantal telefoongesprekken. Figuur 1. Resultaten mystery calls in percentages

4, 14% 7, 25%

Code 1 ''geen discriminatie'' Code 2 ''discriminatie'' Code 3 ''geen antwoord''

3, 11%

Code 4 ''strenge selectie'' 13, 46%

Code 5 ''aanbieding''

1, 4%

22 Hoogenbosch, A. en Fiere, B. (2021). Gelijke kansen op een huurwoning in Nederland? Monitor Discriminatie bij Woningverhuur. Rotterdam:

Art.1/RADAR. Pagina 30.

16

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021

4. Resultaten kwalitatief In deze paragraaf gaan we dieper in op de antwoorden van de makelaars en beschrijven de resultaten uit de kwalitatieve analyse. Hierbij zijn zoveel als mogelijk de bewoordingen van de makelaars weergegeven. “Selecteren niet op afkomst” De 4 makelaars die aangeven niet mee te werken aan een discriminerend verzoek, gaven nadrukkelijk aan niet te selecteren op afkomst. Makelaars geven in deze gevallen bijvoorbeeld als antwoord: “Ik geloof niet in een allochtoon. Ik geloof in een Nederlander met een niet-westerse, met een migratieachtergrond, dus of die nou uit Syrië, Marokko of uit een ander land komt, dat doet er allemaal niet toe. Iemand is een goede kandidaat of geen goede kandidaat, ongeacht zijn achtergrond.” Van de 4 makelaars probeerden er 3 om de verhuurder na dit antwoord alsnog te overtuigen om met hen te werken door hun screeningsprocedure verder toe te lichten. “Alles in samenspraak” Bijna de helft (13) van de in totaal 28 gebelde makelaars stemde ermee in te discrimineren. Ze benadrukken hierbij dat “alles in samenspraak” gaat met de verhuurder en dat ze dus rekening houden met zijn of haar voorkeuren. Zo luidden hun reacties bijvoorbeeld: “Kijk, als de eigenaar wensen heeft om niet aan een bepaalde doelgroep te verhuren, doen wij dat ook niet” of “dat kan natuurlijk altijd.

Kijk als je op voorhand vraagt van, ik wil geen expats of niet bepaal- mensen uit bepaalde windstreken. Ja, we hebben dat samen afgesproken, en ja dan gaan we natuurlijk op zoek naar het type huurder wat jouw voorkeur heeft.” Van de 13 makelaars geven er 7 de indruk zich bewust te zijn van het feit dat discriminatie niet mag. Dit blijkt bijvoorbeeld uit hun reacties wanneer ze stellen dat ze deze eisen van de fictieve verhuurder niet op papier kunnen zetten of hiermee kunnen adverteren. Eén makelaar geeft bijvoorbeeld aan: “Nee, dat mogen we natuurlijk niet kenbaar maken op ons kanaal, op onze advertentie, maar daar kunnen we zelf wel een notitie van maken.” Een andere makelaar refereert specifiek aan de discriminerende aard van het verzoek: “We zetten het er niet bij, want dit is een bijna discriminerende opmerking.” De makelaars lijken niet afgeschrikt te worden door het discriminerende karakter van het verzoek van de fictieve verhuurder. Sommige makelaars (7) gaan niet alleen akkoord met het verzoek, maar benadrukken dat dit verzoek zeer normaal en begrijpelijk is. Ter illustratie: “Ik kan het heel goed begrijpen, maar wij doen het [uitsluiten van buitenlanders] in de voorselectie al” of “Ja, dat kan. Je kan bijvoorbeeld zeggen ik heb alleen maar Nederlanders.

Dat is ook mogelijk ja… Dat is gewoon normaal.” Een andere makelaar lijkt het verzoek te normaliseren door het weg te lachen: “Ja, ik mag het niet zeggen natuurlijk hè [lacht]. Maar nee, natuurlijk, dat kan.” Als de fictieve verhuurder de makelaar vervolgens nogmaals vraagt of er ook alleen Nederlanders in de woning kunnen komen, antwoordt de makelaar: “Ja, maar nooit hardop zeggen [lacht]. Het is discrimineren en dat mag niet.” In sommige gevallen laten de makelaars merken dat zij er zelf ook bij gebaat zijn om mee te werken aan dit discriminerende verzoek. Zo dragen deze makelaars zelf verschillende rechtvaardigingen en motieven aan, bijvoorbeeld: “… want op het moment dat ik het één keer fout doe, hè slecht nieuws, gaat drie keer zo snel als goed nieuws. Weet je, ik wil mijn bedrijfsnaam daar ook niet aan riskeren” of “Ik doe het beheer dus als ik zelf iemand slecht zou plaatsen dan zit ik zelf met de gebakken peren. Dan kan ik 17

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021 zelf alles oplossen. Dat zie ik niet zitten natuurlijk.” Het feit dat een slechte bedrijfsnaam ook het gevolg kan zijn van discriminerende praktijken, lijkt echter minder relevant te zijn voor deze makelaars. “De eigenaar beslist” Een kwart van de makelaars ging niet direct in op het discriminerende verzoek en legden de uiteindelijke beslissing voor een huurder bij de fictieve verhuurder neer. Deze makelaars benadrukten dat zij zelf niemand kunnen uitsluiten, maar dat de verhuurder wel vrij is om zelf een huurder te selecteren. Zo antwoordde een makelaar: “Ja, ik vind zelf persoonlijk, het is uw appartement en uiteindelijk bepaalt u zelf aan wie dat verhuurd wordt. U bent daar zelf helemaal vrij in.” Sommige makelaars merken echter wel op dat zich onder Nederlandse huurders ook “rotte appels” bevinden, maar geven daarna wel aan dat de uiteindelijk beslissing bij de verhuurder ligt. Vier van deze makelaars laten uit hun reactie blijken dat ze zich ervan bewust zijn dat dit een discriminerend verzoek is. In deze gevallen reageerden de makelaars bijvoorbeeld als volgt op de vraag of zij ‘allochtonen’ konden uitsluiten: “Kijk, officieel niet natuurlijk. We kunnen niet op basis daarvan zeggen, iemand mag wel of niet komen.

Nogmaals het eindoordeel ligt altijd bij de eigenaar” of “In de advertentie kan ik natuurlijk niet zeggen van, u komt uit India, dus u mag de woning niet bezichtigen. Kijk op het moment dat we keuze hebben tussen meerdere kandidaten dan is de keuze gewoon aan u.” Ondanks dat deze makelaars vertellen niet te kunnen discrimineren, stellen sommige makelaars (2) wel verschillende strategieën voor om toch het gewenste resultaat te bereiken. Zo stelde een makelaar: “Kijk, ik ga natuurlijk niet tegen iemand die mij belt en vraagt of die kan huren, daar ga ik niet aan vragen of vertellen van: oh, u bent buitenlander, dus u heeft geen kans, of u bent Nederlander met een uitkering, u heeft geen kans. Dat zou ik natuurlijk altijd een beetje omfloerst duidelijk maken dat dat geen kans heeft.” Een andere makelaar stelde een andere strategie voor en vertelde: “Op het moment dat u zegt: ik hoef niet de hoofdprijs in huur te hebben en gewoon een goede huurder, dan kun je beter met een iets scherpere huurprijs erin gaan, waardoor je een iets grotere bak aan geïnteresseerden krijgt, waardoor je aan cherry picking kan doen dan dat je het allerhoogste rendement wilt halen, maar dan de persoon die langskomt moet pakken.” Door middel van deze strategieën nemen de makelaars afstand van de discriminerende daad, maar maken ze discriminatie door de verhuurder wel mogelijk.

Eindhovense expatmarkt Op basis van de gesprekken lijken expats een bijzondere plek in te nemen binnen de huurwoningmarkt in Eindhoven. Zo vertellen meerdere makelaars dat ze zich juist alleen op de expatmarkt richten en ze daarom enkel ‘allochtone’ huurders hebben. Deze makelaars interpreteren de term ‘allochtoon’ dus niet alleen als Nederlander met een migratieachtergrond, maar ook als niet-Nederlander die naar Nederland komt om te werken. Het feit dat expats een grote doelgroep vormen, blijkt voor veel makelaars reden om niet-Nederlanders (of ‘allochtonen’) niet direct uit te sluiten. Zo legt één makelaar bijvoorbeeld uit: “We hebben hier in Eindhoven natuurlijk wel een gigantische expatmarkt, wat inhoudt dat ongeveer 95% van onze huurders uit het buitenland komt … Kijk hoe kleiner je de vijver maakt van potentiële huurders, hoe kleiner de kans is dat je het ook daadwerkelijk verhuurt.” Daarnaast proberen deze makelaars de verhuurder te verzekeren dat de keuze voor een expat economisch gezien een verstandige keuze is, door te benadrukken dat deze personen vaak goede, solvabele huurders zijn. Uit deze reacties blijkt dat het niet uitsluiten van buitenlandse huurders voornamelijk een economisch motief heeft. Het feit dat het een discriminerend verzoek betreft, lijkt voor hen minder relevant te zijn. 18

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021

Wat opvalt, is dat de makelaars over het algemeen zogenaamde ‘expats’ onderscheiden van ‘arbeidsmigranten’ terwijl deze groep feitelijk ook tot de groep arbeidsmigranten behoort. Dit wordt bijvoorbeeld duidelijk wanneer een makelaar vertelt wat hij verstaat onder de categorie ‘expats’: “Expats dat zijn mensen verbonden aan een bedrijf, die komen hier doen wat ze moeten doen. Dat zijn over het algemeen, dan heb ik het niet over de aspergestekers en de Poolse stukadoors, maar dat zijn wel mensen die gewoon, ja kennismigranten, dus gewoon hoogopgeleide mensen die verbonden aan een Philips of een ASML hier gaan werken.” Hieruit blijkt dat de positieve kenmerken die worden toegeschreven aan ‘expats’ niet worden toegeschreven aan ‘arbeidsmigranten’. Daarnaast blijkt uit de gesprekken dat makelaars niet alleen onderscheid maken tussen ‘expats’ en ‘arbeidsmigranten’, maar ook binnen de groep ‘expats’ een hiërarchie hebben van aantrekkelijke en minder aantrekkelijke huurkandidaten. Zo schatten deze makelaars bij sommige expatgroepen hogere risico’s in dan bij andere expatgroepen op basis van vooroordelen en stereotypen die over mensen uit bepaalde landen bestaan.

Bijvoorbeeld, alhoewel ‘expats’ over het algemeen worden geprezen om hun goede salaris en hoge opleiding lijken personen uit Azië minder aantrekkelijke huurkandidaten te zijn vanwege negatieve stereotypen die aan deze groep worden toegedicht. Zo vertelde een makelaar: “Eén ding, ik verhuur nooit aan Indiërs bijvoorbeeld, want dat is een drama…Weet je dan krijg je een heel verbouwd huis terug. Dat heeft met cultuur te maken.” Een andere makelaar lichtte toe: “Wat ik net zei hè van, die Indiërs daar moet je voorzichtig mee zijn. Dat heb ik zelf ook een beetje met de Chinezen. Die zijn ook niet zo schoon op hun woning.” Westerse expats worden daarentegen over het algemeen gezien als aantrekkelijke huurkandidaten. Dit onderscheid tussen buitenlanders lijkt het tevens makkelijker te maken om toch te kunnen discrimineren omdat ze hierdoor niet alle buitenlanders hoeven te vermijden. Zo geeft één makelaar toe: “Nu moet ik wel zeggen, we hebben wel heel veel expats uit Brazilië of Amerika en dat is toch net wat anders als bijvoorbeeld, ja ik mag het misschien niet zeggen, als Polen of Indiërs, dus wellicht kunnen we daar wel een beetje een onderscheiding in kunnen maken.” Dat makelaars een hiërarchie lijken te hebben wat betreft de verschillen tussen buitenlanders komt overeen met de resultaten uit het landelijke onderzoek.

5. Conclusie mystery calls De resultaten van de 28 geslaagde mystery calls laten zien dat 14% van de makelaars niet bereid was om mee te werken met het discriminerende verzoek. Deze makelaars geven aan niet te selecteren op afkomst. Meer dan vier vijfde van de makelaars (82%) ging wel direct of indirect in op het discriminerende verzoek. Van de 23 makelaars die direct of indirect wilden meewerken aan het verzoek om niet te verhuren aan ‘allochtonen’ (code 2, 4, 5), toonde minstens twee vijfde (12) zich bewust van het discriminerende karakter van de vraag. In 46% van de gevallen was de makelaar zelf bereid om aan de discriminerende eisen van de verhuurder te voldoen door een lijst van alleen Nederlandse huurders samen te stellen. Wat opvalt, is dat een groot deel van deze makelaars niet alleen ingaat op het discriminerende verzoek, maar dit verzoek ook lijkt te normaliseren door te benadrukken dat het begrijpelijk is. In een kwart van de gevallen gaf de makelaar de verhuurder de mogelijkheid om zelf te discrimineren door de uiteindelijke beslissing aan de verhuurder over te laten. Makelaars vertellen in deze gevallen dat zij ‘allochtonen’ niet kunnen uitsluiten, maar stellen wel verschillende strategieën voor om toch op een huur-kandidaat met een Nederlandse achtergrond te kunnen uitkomen. 19

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021

Wat bovendien opvalt, is dat het niet uitsluiten van ‘allochtonen’ voornamelijk een economisch motief lijkt te hebben. Zo gaan sommige makelaars (5) niet direct in op het discriminerende verzoek, omdat hiermee een grote doelgroep buitenlandse ‘expats’ wordt buitengesloten. Deze hoogopgeleide arbeidsmigranten blijken een gewilde doelgroep te zijn om woningen aan te verhuren vanwege hun goede salaris en bepaald ‘gepercipieerd fatsoen’. Sommige makelaars blijken daarbij een duidelijke voorkeur te hebben voor westerse ‘expats’. Deze voorkeur blijkt voornamelijk voort te komen uit bepaalde vooroordelen en stereotype beelden die over mensen uit bepaalde landen bestaan.

20

Resultaten correspondentietesten en mystery calls in Eindhoven, mei 2021

IV. Conclusie In dit rapport hebben we onderzocht of discriminatie voorkomt in de eerste fase van het proces van woningverhuur in Eindhoven. Hiervoor zijn in totaal 286 correspondentietesten uitgevoerd. De uitkomsten van de correspondentietesten laten zien dat er sprake is van ongelijke behandeling op grond van etnische achtergrond in de eerste stap van het verhuurproces. De testen tonen aan dat personen met een Marokkaans klinkende mannennaam significant minder vaak worden uitgenodigd voor de bezichtiging van een huurwoning dan personen met een Nederlands klinkende mannennaam. Er zijn geen aanwijzingen gevonden voor discriminatie van homostellen in de eerste fase van woningverhuur. Homostellen worden niet significant vaker of minder vaak uitgenodigd voor een bezichtigingsmoment van een huurwoning dan heterostellen. De uitkomsten van de testen op beide discriminatiegronden zijn in lijn met het landelijke onderzoek naar discriminatie bij woningverhuur. De mystery calls ondersteunen de uitkomsten van de correspondentietesten. Het merendeel van de makelaars was bereid om direct of indirect mee te werken aan een discriminerend verzoek van een potentiële verhuurder om haar/zijn woning niet te verhuren aan ‘allochtonen’. Slechts 14% van de makelaars liet weten niet in te kunnen of willen gaan op een dergelijk discriminerend verzoek.

Makelaars stemden ermee in om alleen Nederlandse huurders te selecteren of lieten de uiteindelijke keuze over aan de verhuurder, waardoor discriminatie alsnog gefaciliteerd wordt. Hoewel met de mystery calls slechts de intentie tot discriminatie wordt gemeten, laten de uitkomsten zien dat het aannemelijk is dat discriminatie niet alleen in de eerste fase, maar ook later in het verhuurproces in Eindhoven voorkomt. Wat bovendien opvalt is dat van de makelaars die direct of indirect wilden meewerken met het discriminerende verzoek, twee vijfde zich bewust was van het feit dat dit verboden is. Dat de meerderheid van de makelaars niet toonde zich bewust te zijn van het discriminerende karakter van het verzoek, kan er mogelijk op wijzen dat zij beperkte kennis hebben over antidiscriminatiewetgeving. Ook kan dit mogelijk betekenen dat zij niet altijd goed weten hoe zij met dit discriminerende verzoek kunnen omgaan.

21

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12581941/2