Bijlage 5 - Advies CRSD over de nota buurtontmoeting
Tekst van het document
Cliëntenraad Sociaal Domein Eindhoven Onderwerp : Advies over de beleidsnota over buurtontwikkeling “Verbinding maak je samen” Datum : 4 februari 2025 --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Inleiding De sociale cohesie van Eindhoven scoort laag. Het cijfer is nu nog net een voldoende, maar de gemeente verwacht door de toename van inwoners en de ontwikkeling naar meer diversiteit in onze stad, dat de sociale cohesie onder druk komt te staan. Ook wordt verwacht dat de verschillen tussen inwoners gaan toenemen en daarmee kansengelijkheid onder druk komt te staan. Daarnaast ziet men in de inwonersenquête dat sinds 2022 er een stijging is van het aantal inwoners dat een beperkt netwerk ervaart. Je ‘sociaal kapitaal’ (wie je kent en in hoeverre je beschikt over netwerken die steun en hulp kunnen bieden) is een belangrijke hulpbron die mede bepaalt welke kansen je hebt en krijgt in het leven. Mensen kennen doet er dus toe. Het bevorderen van sociale cohesie is dan ook een belangrijke opgave, zoals beschreven in de visie 'Eindhoven Goed voor Elkaar' en de Koers Sociaal (2)040. Bij de totstandkoming van het beleid Buurtontmoeting is er gebruik gemaakt van bestaande beleidsdocumenten, zodat wordt voortgebouwd op, of richting- en uitvoering wordt gegeven aan bestaande visies en ambities.
Te denken valt aan de omgevingsvisie, het beleidsplan Inclusief Samenleven, de leidraad openbare ruimte en vastgoed en het uitvoeringsprogramma vrijwillige inzet ‘Vrijwillig voor Elkaar’. Maar het raakt ook de lopende ontwikkelingen, zoals die van de bibliotopen en met bestaande plekken, zoals de plekken waar basisdagbesteding wordt aangeboden. Een en ander wordt uiteindelijk vertaald naar stadsdeel-, buurt- en wijkniveau, omdat de ontwikkeling van de stad gevolgen heeft op verschillende niveaus en de manier waarop inwoners elkaar ontmoeten in hun leefomgeving. Inhoud van de nota Ontmoetingsplekken bieden de mogelijkheid het sociale netwerk van inwoners te vergroten en versterken. Het sociale netwerk van een persoon en de hulpbronnen die dat netwerk biedt, vormt het sociaal kapitaal van een persoon. Bonding, bridging en linking zijn vormen van sociaal kapitaal. Het zijn manieren waarop mensen hulpbronnen in hun omgeving kunnen aanboren: • • •
Bonding is de verbinding tussen mensen die elkaar herkennen, het gaat om mensen die zich tot eenzelfde groep rekenen. Bridging gaat over het contact en relaties tussen mensen die zich niet tot dezelfde groep rekenen. Linking ontstaat als mensen meedoen aan de samenleving en over de vaardigheden beschikken om hun weg te vinden binnen instituties en systemen.
Alle vormen zijn nodig om de sociale cohesie te versterken. Een stevige bonding is een voorwaarde voor bridging. Vanuit de zekerheid van het ergens bij horen en thuis voelen lukt het beter om in contact te komen met mensen buiten de eigen groep.
1
De waarde van ontmoeting en ontmoetingsplekken wordt door inwoners zelf gecreëerd, maar daar is, zo stelt de gemeente, wel ruimte voor nodig. De gemeente ziet dat er onvoldoende effectief gebruik gemaakt wordt van gebouwen met een maatschappelijke functie. Zowel functioneel gezien als sociaal. Schoolgebouwen staan vaak leeg in de avonden, kerken hebben leegstand, maar men ziet ook dat het huidige buurthuis niet voor iedereen een plek is waar men zich thuis voelt en wil zijn. In deze ruimten is het van belang om bonding, bridging en linking te stimuleren. Met name bridgingcontact tussen mensen die zichzelf niet tot dezelfde groep rekenen is een opgave. De behoeften van inwoners zijn niet allemaal hetzelfde. Het is van belang dat ieder type inwoner een plek kan vinden waar hij zich thuis voelt. Binnen clustering zijn verschillen in inkleuring, hierdoor heeft de inwoner de mogelijkheid om een passende plek te vinden. Daarom is het landschap van buurtontmoeting opgebouwd uit zes verschillende type ontmoetingsplekken: • • • • • •
Het huis van de buurt XL Het huis van de buurt Andere ontmoetingsplekken Openbare ruimte Pop-up plekken Online
Dit landschap van buurtontmoetingsplekken biedt een gevarieerd netwerk van mogelijkheden voor bewoners om elkaar te ontmoeten, te leren en zich betrokken te voelen bij de gemeenschap. De combinatie van multifunctionele accommodaties voor bridging, kleinere ruimtes voor bonding en tijdelijke ‘pop-up’initiatieven, en aanpassingen in de buitenruimte maakt het mogelijk om diverse groepen samen te brengen en sociale cohesie te bevorderen. Als beoogde effecten voor de wijk wordt door de gemeente het volgende genoemd: • • •
•
•
Bevordering van sociale cohesie: Ontmoetingen in de openbare ruimte versterken de sociale banden tussen bewoners, wat leidt tot een hechtere gemeenschap en een groter gevoel van veiligheid en betrokkenheid. Stimulering van gezond gedrag: Een goed ingerichte openbare ruimte nodigt uit tot bewegen en recreëren. Elementen zoals fiets- en wandelpaden, groenvoorzieningen en speelplekken moedigen inwoners aan om fysiek actief te zijn, wat bijdraagt aan hun algehele gezondheid. Verbetering van mentaal welzijn: Contact met de natuur en deelname aan buitenactiviteiten kunnen stress verminderen en het mentale welzijn verbeteren. Groene openbare ruimtes bieden mogelijkheden voor ontspanning en herstel, wat bijdraagt aan een betere geestelijke gezondheid. Versterking van het gemeenschapsgevoel: Openbare ruimtes fungeren als ontmoetingsplekken waar diverse groepen samenkomen, wat bijdraagt aan wederzijds begrip en inclusiviteit binnen de gemeenschap. Dit is essentieel voor het bevorderen van sociale samenhang in diverse buurten. Verhoging van het veiligheidsgevoel: Een levendige en goed gebruikte openbare ruimte kan het veiligheidsgevoel onder bewoners vergroten. De aanwezigheid van andere mensen en sociale controle dragen bij aan een vermindering van criminaliteit en overlast.
Vervolgproces De gemeenten continueert de experimenten die op dit moment gaande zijn en voegt daar nog voorgenomen experimenten aan toe: • •
2
Experimenten op drie buurthuizen in het kader van passend faciliteren op basis van dit beleid. (Aan de Meet, De Boemerang, ’t Bellefort) Eén Huis van de buurt XL inclusief Bibliotoop realiseren.
• • • •
Optimaliseren huis van de buurt in Meerhoven (De hangar) Voortzetten faciliterende rol openbare (buiten)ruimte, bijvoorbeeld door het plaatsen van extra bankjes op basis van behoefte Eenmalige impuls voor Basis op orde bij alle 35 buurthuizen minus de buurthuizen waar geëxperimenteerd wordt dus ± 29. De buurthuizen kunnen met de basis op orde kiezen uit een of meerdere punten beschreven in dit beleid waar ze op in willen zetten. Experimenteren met faciliteren minimaal twee verschillende type Pop-up in de buitenruimte (waaronder in Meerhoven)
Het beleid is ontwikkeld voor de komende 15 jaar. Tijdens de beleidsontwikkeling zijn experimenten in gang gezet om gedetailleerder beeld te krijgen van de uitvoering en wat dit van eenieder vraagt. Echter, deze experimenten zijn eind 2024 gestart en nog gaande. Om voldoende lering te trekken uit de experimenten wordt in 2025 een uitvoeringsprogramma ontwikkeld waarmee dit beleid verder tot uitvoering wordt gebracht. Raadsbesluit De raad wordt gevraagd in te stemmen met de nota met als belangrijkste besluitpunten: •
• • • •
•
Doel is: alle Eindhovenaren vinden een geschikte en toegankelijke plek om elkaar te ontmoeten en verbinding te maken binnen hun stad. Dit versterkt de sociale cohesie, o.a. doordat inwoners van diverse achtergronden en met verschillende behoeften samenkomen. Bewoners weten elkaar gemakkelijk(er) te vinden en vormen samen een gemeenschap die is gebaseerd op wederzijds respect en begrip. In samenwerking met vrijwilligers, partners, ondernemers en de gemeente geven we vorm aan een (integrale) vertrouwensvolle aanpak die de basis legt voor duurzame en inclusieve ontmoetingen. Om hieraan te werken, handelen we als gemeente steeds op basis van drie centrale uitgangspunten: maximaal benutten van wat er is, maatwerk als basis, samen realiseren we resultaten. Vijf bouwstenen van het buurthuis XL: uitnodigende en duurzame vormgeving, inclusief en toegankelijk, aantrekkelijke programmering, goed sociaal en zakelijk beheer, vrijwillige inzet en energie.
Op basis van die uitgangspunten, bouwen we de komende jaren continu aan een passend landschap van buurtontmoeting, met bijbehorende ambities: een huis van de buurt XL (per stadsdeel), vormgegeven op basis van de vijf bouwstenen, diverse huizen van de buurt (afhankelijk van behoefte): basis op orde met inachtneming van de vijf bouwstenen, andere ontmoetingsplekken: bestaande of nieuwe plekken die we (waar wenselijk) behouden en faciliteren, ontmoetingsplekken in de openbare buitenruimte faciliteren (afhankelijk van behoefte), pop-up plekken en online plekken. In lijn met de genoemde ambities en bouwstenen voor het huis van de buurt (XL) continueren en verbreden we onze aanpak. We blijven aan de slag met experimenten en geven vorm aan een uitvoeringsprogramma op basis van de geleerde lessen.
Reactie op de nota Helaas kregen we van de gemeente bijzonder weinig tijd om te adviseren. Op dinsdag 14 januari kreeg de CRSD een eerste presentatie en op 21 januari wilde de gemeente al een advies. Een slecht begin van het nieuwe jaar. Laten we hopen dat dit geen voorbode is voor de rest van het jaar. Desalniettemin hebben we toch een advies gemaakt omdat (buurt)ontmoeting nu eenmaal een cruciale functie vervult in het sociaal domein. Het hebben van betekenisvolle relaties is zeer van belang voor het psychisch, fysiek en sociaal welzijn. Op kleinschaliger buurtniveau draagt het tevens bij aan sociale cohesie, leefbaarheid en veiligheid.
3
We hebben de volgende opmerkingen bij het beleidsstuk: • •
•
•
•
•
•
• •
In de beleidsnota wordt nadrukkelijk verwezen naar wetenschappelijk onderzoek op dit beleidsterrein. Wij vinden dat goed; sociale wetenschappen kunnen keuzen die gemaakt moeten worden stevig onderbouwen en bewezen effectieve interventies aandragen. Het onderscheid dat de gemeente maakt tussen de functies bridging (Buurthuis XL) en bonding (Buurthuis of vergelijkbaar) en de overige onderscheiden functies kan nuttig zijn om op langere termijn buurtontmoeting in de stad vorm te geven. Of dat ook werkelijk zo is zal met name blijken uit de uitwerking, want dan zullen er onvermijdelijk keuzes gemaakt moeten worden. De CRSD vraagt zich af of de begrippen bonding en bridging zich simpelweg laten vertalen in voorzieningen als buurthuis en buurthuis XL. Daarvoor is eigenlijk een minutieus beeld nodig van hetgeen reeds plaatsvindt in de bestaande 35 buurthuizen. Dat beeld zou er moeten zijn c.q. moeten komen omdat de gemeente als uitgangspunt neemt dat met het nieuwe beleid zal worden aangesloten op hetgeen er al is. Door omarming van ambitieuze biotopen (die alleen op stadsdeelniveau te realiseren zijn) lijkt de tweedeling in buurthuizen een automatisch een gegeven. Verfijnd kijken zou kunnen opleveren dat in bestaande buurthuizen bonding en bridging beide al plaatsvindt (zou kunnen plaatsvinden) en dat wellicht met stimulans van buiten meer werk van bridging zou kunnen worden gemaakt.
Wat dan niet op kleinschalig buurtniveau te realiseren is moet naar een wat grotere schaal en dat zou best iets anders (kleiner of groter bijvoorbeeld stedelijk) kunnen zijn dan stadsdeelniveau. Het niveau van 3 buurthuizen is dan misschien ook prima voor een bepaalde activiteit. Mengvormen zullen vaak aanwezig zijn, zou bridging juist ook niet op buurtniveau moeten plaatsvinden, gaan mensen uit een buurt met een eigen buurthuis wel naar een XL, en zo ja wie zijn dat die dan doen en is dat ook precies de groep die beoogd wordt (wellicht de laagopgeleiden) of juist niet (alleen de hoogopgeleiden die toch al minder binding op wijkniveau hebben en vaak op stedelijk niveau hun contacten zoeken).
De discussie gaat ook over de buurthuizen XL met stevige missie die, volgens ons, alleen maar gerund kunnen worden met beroepskrachten die voor die opdracht betaald worden. Als er groepen klagen dat er "voor hun niets te doen is in het buurthuis" dan kun je moeilijk de reeds aanwezige vrijwilligers (bijvoorbeeld ouderen) verplichten om voor die afwezige groeperingen (bijvoorbeeld jeugdigen) ook activiteiten op te zetten. Die afwezige groeperingen zullen gemotiveerd moeten worden om zelf actief te worden en met hulp van opbouwwerk is dat goed te doen. Over de randvoorwaarden blijkt veel onduidelijk. Vrijwilligers willen wel activiteiten opzetten maar geen beheer doen en/of subsidie aanvragen en de penningen bijhouden. Dat kwam ook uit het onderzoek naar vrijwilligerswerk. Daar wordt in de nota niets van gezegd. De consequenties voor de keuze worden door ons (nog) niet overzien. Waar zeggen we nu ja (of nee) tegen. Het ontbreken van randvoorwaarden (financiële paragraaf) draagt daaraan bij: wordt het: wel veel ambities maar geen geld? De nota betreft een allereerste begin, want veel ontbreekt nog: financiële paragraaf, een integraal huisvestingsplan, duidelijkheid over (professioneel) beheer en bestuur, gemeentelijk organisatie/aansturing enz.
Tot slot Met in achtneming van genoemde opmerkingen luidt ons advies:
4
• • • • •
Wij vinden dat het proces dat de gemeente voorstaat in de realisatie van nieuw beleid goed, want beter stapsgewijs deze ontwikkeling vormgeven en tussentijds steeds bijsturen dan ineens alles omgooien zonder de zekerheid dat dit de goede weg is. Inhoudelijk steunen wij de gedachte dat niet alle sociale opgaves op kleinschalig buurtniveau te realiseren zijn en dat er dus onderscheid komt tussen buurthuizen. Wij zouden graag een duidelijk beeld willen hebben van wat er in de bestaande buurthuizen plaatsvindt en wat vervolgens aanvullend op ander niveau moet plaatvinden. Wij zouden graag zien dat de randvoorwaarden voor (XL-)buurthuizen goed geformuleerd worden o.a.: professioneel beheer en betaalde bestuurders (bijvoorbeeld een vrijwillgersvergoeding). We worden graag betrokken bij de verdere uitwerking van deze nota.
Wij zijn graag bereid om onze reactie nader toe te lichten. De Cliëntenraad Sociaal Domein
-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Leden van de cliëntenraad zijn: Hans Schalkwijk, Erik de Ridder, Sito Panchoe, Diane van de Mortel, Martien Asveld, Sylvia Kwarten, Thijs Arnts, Simon de Waal, Richard Witvoet, Sabine Gijzen, Loubna Bakra, Angela van de Moosdijk, Etiën Lasut en Willy Boets-Hollander Onafhankelijk voorzitter is Ab Czech en ambtelijk secretaris is Hanneke Busscher-Slob Cliëntenraad Sociaal Domein, Postbus 90.150, 5600 RB Eindhoven, secretariaat_crsd@eindhoven.nl, tel 06 2149 7612
5
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
6