Bijlage 4 - Rekenkameronderzoeken
Tekst van het document
Rekenkameronderzoeken Rekenkameronderzoeken Benchmark Klachtbehandeling (2024) Aanbieding
Aangeboden februari 2024.
Stand van zaken Op 20 februari 2024 is het Rekenkamerrapport “Benchmark Klachtbehandeling” aan de gemeenteraad aangeboden. Ten aanzien van de aanbevelingen uit dit rapport stelt het College van B&W voor hier als volgt invulling aan te geven: 1) Met verbonden partijen is een gemeenschappelijke regeling overeengekomen. Hierin is opgenomen dat deze verbonden partijen een eigen klachtregeling dienen te hebben. Cure heeft op dit moment geen deugdelijke klachtregeling eerste en tweede lijn. Er is aangegeven zorg te dragen voor een deugdelijke klachtregeling op korte termijn. Hierover zijn inmiddels afspraken gemaakt tussen de gemeente en Cure. 2) Op grond van artikel 9:12a van Algemene wet bestuursrecht rapporteert de afdeling Juridische Zaken jaarlijks aan het college over de bij dit bestuursorgaan ingediende klachten. Deze rapportage wordt ook gepubliceerd op de website van de gemeente Eindhoven. Met ingang van 2025 zal in de rapportage over 2024 ook de gedraging die in het geding is worden opgenomen (conform de Behoorlijkheidswijzer van de Nationale Ombudsman) evenals de aan de betreffende afdelingen gedane aanbevelingen inclusief de uitkomst. Het commissieadvies is als hamerstuk geagendeerd in de meningsvormende vergadering van 26 maart 2024.
Fracties van VVD en PvdD vragen aandacht voor de klachtenregeling bij Cure, de gesprekken hierover met Cure en hoe en wanneer de raad geïnformeerd wordt. Wethouder Thijs heeft gereageerd op de inbreng en zegt toe de rapportages over klachtafhandeling mee te nemen in de reguliere rapportages die de raad ontvangt. Daarnaast is door de GR Cure de bestaande klachtenregeling in overleg met de gemeentelijke klachtenafhandelaars, geactualiseerd en opnieuw opgesteld. De klachtenregeling is in het AB van 9 juli 2025 vastgesteld. Daarbij is tevens besloten dat jaarlijks een klachtenoverzicht of rapportage opgesteld wordt als onderdeel van kwaliteitszorg en verantwoording aan het bestuur van de GR Cure. Woningbouw in Eindhoven: lerend tot versnelling komen (2024) Aanbieding
Aangeboden 26 november 2024
Stand van zaken Op 29 oktober 2024 is er een reactie van het college aan de Raad verzonden. Het Rekenkamerrapport is behandeld in de meningsvormende vergadering van 7 januari 2025; Uiteindelijk is besloten om de volgende aanbevelingen van het rekenkamerrapport over te nemen, en is het colllege op gedragen om de navolgende opdrachten uit te voeren: 1. blijf het percentage betaalbare woningbouw op het totaal van het woonprogramma formuleren maar laat in de vertaling naar gebiedskaders voldoende ruimte open voor flexibele programmering, passend bij de totale opgave; 2. rapporteer elk half jaar over- en breng correctie aan voor de vervolgtermijn als de planning en realisatie achterblijven bij de kwantitatieve doelstellingen voor woningbouwproductie; 3. betrek bij het versterken van de uitvoering de navolgende aspecten: a. zet de ontwikkelingen met betrekking tot Eindhoven Bouwt Door, de doorontwikkeling van de organisatie en de uitwerking in gebiedskaders krachtig door; b. overweeg om de samenwerking met woningcorporaties via het Team SamenWerken door te trekken in de samenwerking met marktpartijen. Randvoorwaardelijk is het goed vastleggen van de motivering en instellen van een controlemechanisme; 4. breng in kaart op welke terreinen aanvullende kansen liggen voor de woningbouwopgave
1
waaronder: a. het bieden van ruimte aan investeerders ingeval van kleinschalige initiatieven voor startups gebaseerd op high trust met inachtneming van wet- en regelgeving en transparantie m.b.t. eventuele cofinanciering; • de ontwikkeling en inzet van instrumentarium voor verdichting en sloop/nieuwbouw en betere benutting van de bestaande woningvoorraad; b. het meer SMART formuleren van opgave en uitvoering ten behoeve van de ‘doorstroming’; v. versterk vanaf het begin van een initiatief de in- en externe integraliteit met alle partijen (inclusief ontwikkelaars); 5. organiseer een overkoepelende visie op de ontwikkeling van de stad naar 2040 en vertaal dit in eenduidige communicatie(materialen) ten behoeve van inwoners en initiatiefnemers in relatie tot de woningbouw; 6. versterk het strategisch gesprek met de raad door de raad tijdig en actief te betrekken bij zowel het overkoepelend beleid als op deelthema’s en gebieden; 7. ontwikkel in samenspraak met de raad een strategie/kader. Er zijn diverse acties opgepakt om uitvoering te geven aan de opdrachten die volgen uit het Rekenkameronderzoek. Een herijking van het woonprogramma is in de maak, waarin ook het thema doorstroming nadrukkelijk aandacht krijgt. We rapporteren jaarlijks over de woningbouwproductie aan de raad en maken een halfjaarrapportage en hebben realtime inzicht via de woningbouwmonitor.
Er ligt een voorstel om de samenwerking met marktpartijen te intensiveren. EBD wordt voortgezet. Zowel via EBD als andere processen wordt ingezet op het grijpen van kansen en versnellen van processen. We zetten ook meer in op atelier- en inspiratiesessies om initiatieven aan de voorkant integraal te verbeteren. Daarnaast hebben we de instrumenten gebiedskader en projectkader verankerd, waarin integraliteit geborgd wordt. De raad wordt door middel van gebiedskaders en wensen en bedenkingen bij programma’s betrokken bij strategie en kaderstelling. Sport vrijwel op orde, zorgen voor morgen (2023) Aanbieding
Aangeboden in oktober 2023.
Stand van zaken De Rekenkamer heeft het Rekenkamerrapport Sport vrijwel op orde, zorgen voor morgen In de raadsvergadering van 10 oktober 2023 aangeboden aan de gemeenteraad. Het doel van het onderzoek was om inzicht te krijgen in de mate van doeltreffendheid en doelmatigheid van het Eindhovens sportbeleid en in de vraag in hoeverre de financiële impulsen leiden tot het realiseren van ambities in het licht van opgaven voor de groeiende stad. Op 28 november 2023 heeft de raad over het rapport besloten. De raad heeft besloten om de aanbevelingen van het rekenkamerrapport over te nemen en het college daarover te laten rapporteren via de P&C cyclus. In het Uitvoeringsplan Sport (2024 en 2025) zijn de aanbevelingen (5) uit het rekenkameronderzoek verwerkt. Zo zijn doelstellingen uit het uitvoeringsplan gekoppeld aan bestaande (lange termijn) effectindicatoren (aanbeveling 1). Ook is het accommodatiebeleid in het uitvoeringsplan explicieter verbonden aan andere doelstellingen uit de sport- en beweegvisie (aanbeveling 2). Aan dit laatste punt is invulling gegeven met het collegebesluit (23bst01499, 7-11-2023) om de basisregels sociale veiligheid in de sport te koppelen aan de gebruikersvoorwaarden van sportaccommodaties. De samenwerking met het sociaal domein is verbeterd (aanbeveling 3).
Zo is een subsidieregeling voor jongerenwerk en sport ingericht (collegebesluit 24bst00882, 28 juni 2024) waarbij sport als middel wordt ingezet om jongeren te activeren en betrokken te houden. In het kader van het Gezond Actief Leven Akkoord zijn in de uitvoering diverse koppelingen gemaakt waarbij sport en preventie elkaar versterken (onder andere met de Gecombineerde Leefstijlinterventie en valpreventie). Met het IHP Sport (collegebesluit 24bst00228, 16 april 2024) is invulling geven aan de aanbeveling (4, ook onderdeel van het uitvoeringsplan 2024) om te onderzoeken welke maatregelen nodig zijn om de huidige (en toekomstige) druk c.q. tekort aan fysieke ruimte voor
2
sport op te heffen. Dit onderzoek is vertaald naar een verzoek aan de raad om financiële middelen vrij te maken om te investeren in sportaccommodaties. De raad heeft hiermee ingestemd met het vaststellen van de begroting 2025. Het IHP Sport wordt op dit moment (2025 en 2026) conform planning tot uitvoering gebracht. Tot slot is met de subsidieregeling Brede Regeling Combinatiefuncties Sportprofessional (collegebesluit 23bst01691, 30 januari 2024) invulling gegeven aan de behoefte van verenigingen om zelf professionals in te kunnen zetten binnen de vrijwilligersorganisatie (aanbeveling 5). Beter sturen op Cure? (2022) Aanbieding
Maart 2023.
Stand van zaken Op 14 maart 2023 heeft de rekenkamercommissie het rekenkamerrapport ”Beter sturen op Cure” aangeboden aan de raad. Het betreft een onderzoek naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van GR Cure. Het rekenkamerrapport is op 18 april 2023 in de meningsvormende commissie geweest. Op 9 mei 2023 heeft de raad over het rapport besloten. De raad heeft ingestemd met de inhoudelijke aanbevelingen en draagt het college op met: - GR Cure binnen het lopende kalenderjaar te komen tot het Strategisch Meerjarenplan met agenda en met afspraken over bijbehorende sturing, monitoring en evaluatie; - de raad volgens de reguliere wijze te blijven informeren, met daarbij een extra moment voor het Strategisch Meerjarenplan, wanneer dit gereed is. In opdracht van de raad heeft het college het rapport ter behandeling op bestuursniveau binnen GR Cure geagendeerd. Conform raadsbesluit wordt op inhoud in de voortgangsrapportages ingegaan op de aanbevelingen van het rekenkameronderzoek. Daarnaast is opdracht gegeven aan GR Cure om z.s.m. te komen tot een Strategisch Meerjarenplan. In 2023 en 2024 is door Cure het Strategisch Meerjarenplan (SMP) ontwikkeld een verder uitgewerkt waarbij een tweetal raadsinformatieavonden zijn georganiseerd. De Raad heeft op 17 december 2024 in haar zienswijze positief ingestemd met het definitieve Strategisch Meerjarenplan GR Cure.
De definitieve vaststelling van het SMP heeft in het AB van de GR Cure van 9 juli 2025 plaatsgevonden. Conform besluit van 9 mei 2023 wordt de raad over vervolgacties van het Rekenkameronderzoek en/of projecten vanuit het Strategisch Meerjarenplan via de reguliere rapportages van de GR Cure geïnformeerd. Informatieveiligheid, Smart en Safe? (2021) Aanbieding
Aangeboden op 30 november 2021.
Stand van zaken De rekenkamer heeft in de tweede helft van 2021 onderzoek gedaan naar de informatiebeveiliging. Het rapport is eind 2021 opgeleverd en is in januari 2022 besproken in de gemeenteraad. Vanuit de constateringen in het rapport en de toezeggingen van de wethouder aan de raad, zijn de afgelopen jaren aanzienlijke inspanningen geleverd om informatiebeveiliging en privacy naar een hoger niveau te brengen. Voor informatiebeveiliging zijn in het bestuursakkoord 2022-2026 hiervoor incidentele en structurele middelen beschikbaar gekomen en voor een groot deel geïmplementeerd. In een raadsavond (7 februari 2023) zijn de raadsleden meegenomen met de uitkomsten van alle verbeteracties m.b.t. het rekenkameronderzoek. Voor informatiebeveiliging zijn een groot deel van de bevindingen uit het onderzoek opgelost. Op privacy gebied zijn de verbeteracties uit het verbeterplan AVG 2.0 (bewaartermijn, DPIA, datalekken, positie en rol FG, en governance en organisatiecultuur) door het college vastgesteld en nader toegelicht aan de Autoriteit Persoonsgegevens op 5 september 2024. Daarop is door de Autoriteit Persoonsgegevens positief gereageerd en kan deze trend worden voortgezet. Naast procesverbeteringen is ook het awareness programma inmiddels ruim een jaar effectief ingericht middels periodieke campagnes. De inrichting van de
3
strategische privacy- en informatiebeveiliging beleidsstukken zijn in 2024 verder vormgegeven en daarover wordt periodiek gerapporteerd. Luchtkwaliteit: de lucht geklaard? (2021) Aanbieding
Mei 2021.
Stand van zaken De gemeenteraad heeft in november 2020 besloten een rekenkameronderzoek te starten naar Luchtkwaliteit. Daarbij is de vraagstelling: Wat is de doelmatigheid en doeltreffendheid van de maatregelen om de luchtkwaliteit te verbeteren? Het rapport over het Rekenkameronderzoek luchtkwaliteit is in mei 2021 aangeboden aan de gemeenteraad. Op 1 juni 2021 heeft de gemeenteraad met het aangenomen raadsvoorstel de aanbevelingen van het rapport unaniem overgenomen en vastgesteld. De aanbevelingen richten zich op het verbeteren van ruimtelijke beleidsdossiers, door daarin ook de impact van de keuzes op leefbaarheid, gezondheid en luchtkwaliteit uit te werken, het uitbreiden van de monitoring van luchtkwaliteit en gezondheidseffecten, en het gezamenlijk optrekken in de regio voor verbetering van de luchtkwaliteit, gelet op de groei/ambities ten aanzien van wonen en de luchthaven. Ook is vastgesteld de raad twee maal per jaar te informeren over de voortgang en de aanpak jaarlijks te evalueren. Uitwerking van het raadsbesluit is opgepakt door de sector PG binnen het Ruimtelijk Domein.
Er wordt toegewerkt naar: • Een integrale monitor over luchtkwaliteit en gezondheid over het voorbije jaar, gebaseerd op bestaande rekenmodellen zoals de Monitoringstool van het rijk, de Regionale Verkeers Milieu Kaart (RVMK), de Milieugezondheidrisico indicator (MGR), en de luchtmeetsystemen (NO2 Palmesbuisjes Eindhoven; regionaal meetnet ILM 2.0). Jaarlijks aan te bieden in Q4 van het jaar (over het voorafgaande jaar). • Uitwerking van gezondheid en impact van luchtkwaliteit in ruimtelijke dossiers, aan de hand van te kiezen kwantitatieve tools, waarmee het mogelijk wordt de impact vooraf in te schatten en achteraf gesommeerd over alle projecten inzichtelijk te maken. Om zo te kunnen duiden hoe met de ruimtelijke projecten cumulatief wordt bijgedragen aan de doelstelling van de Omgevingsvisie "Gezonde en toekomstbestendige ontwikkeling”. De integrale monitor over luchtkwaliteit en gezondheid 2024 is in voorbereiding en wordt in Q4 2025 voorgelegd aan het college en aan de raad. Luchtkwaliteit is in de Omgevingsvisie mede bepalend geweest voor de keuze van het voorkeursalternatief. Het omgevingswetprogramma Gezonde Fysieke Leefomgeving is in voorbereiding, Luchtkwaliteit is 1 van de indicatoren waarop gestuurd wordt. MRE & SGE regionale opgaven (2021) Aanbieding
In de raadsvergadering van 30 november 2021 heeft de Rekenkamercommissie het Rekenkamerrapport MRE & SGE Regionale opgaven aangeboden aan de Raad. Het betreft een onderzoek naar de voortgang van de regionale samenwerkingsverbanden MRE en SGE, dat samen met zes andere rekenkamers uit het Stedelijk Gebied is uitgevoerd. Het rapport biedt inzicht in het functioneren en huidige stand van zaken van beide samenwerkingsverbanden en identificeert mogelijke verbeteringen in het licht van de ambities en toekomstige opgaven.
Stand van zaken De raad heeft op 25 januari 2022 het belang van regionale samenwerking onderschreven en herkende zich in belangrijke conclusies uit het rapport, met name voor wat betreft de effectiviteit, mate van concreetheid van opgaven en het eigenaarschap bij raden. In opdracht van de Raad heeft het college het rapport ter behandeling op bestuursniveau in MRE en SGE geagendeerd. De uitkomsten van de behandeling zijn door het college ingebracht in de processen voor de nieuwe samenwerkingsagenda’s. Deze inbreng was gericht op het vergroten van de effectiviteit, slagvaardigheid en uitvoeringskracht van de samenwerkingen en het vergroten van het eigenaarschap bij raadsleden. Waarbij de opgaven en het belang van de samenwerkingen centraal staan. Deze inbreng is verankerd in het inmiddels vastgestelde samenwerkingsakkoord MRE en samenwerkingsagenda SGE.
4