Bijlage 3 - Aanvraag ten behoeve van Preventie met Gezag in Eindhoven
Tekst van het document
Ministerie van Justitie en Veiligheid t.a.v. Datum: 25 april 2023
Aanvullende planvorming en inzetbeschrijving t.b.v. gecertificeerde instellingen Jeugdbescherming Brabant en William Schrikker Stichting ten behoeve van Preventie met Gezag in Eindhoven Het Rijk heeft besloten om extra te investeren in zogenaamde focuswijken. Deze wijken zijn geprioriteerd in het kader van het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid en hebben te maken met een (uiteenlopende) combinatie en opeenstapeling van problemen met betrekking tot onderwijs, werk, armoede, veiligheid, ondermijning, wonen en gezondheid. Het kabinet heeft vanaf 2022 financiële middelen beschikbaar gesteld om de aanpak in deze wijken verder te ontwikkelen en te verduurzamen. Als een van de manifestgemeenten is Eindhoven uitgenodigd een plan in te dienen voor een ‘preventieve aanpak met gezag’ in de wijken Woensel Zuid en Vaartbroek. Wijkrechtspraak maakt hiervan onderdeel uit. Eindhoven is in 2018 gestart met de pilot wijkrechtbank. Deze pilot was gericht op het strafrecht (lichte vergrijpen). In het voorjaar van 2022 is de ambitie uitgesproken om een vorm van wijkrechtspraak in te zetten als een integrale werkwijze voor het aanpakken van problemen van kwetsbare inwoners.
Wijkrechtspraak valt onder de hierboven genoemde brede integrale aanpak Preventie met Gezag en heeft als doel om effectieve integrale hulp te bieden aan de inwoners van Eindhoven, die kampen met problematiek op meerdere leefgebieden, zo nodig in combinatie met rechtshandhaving. Dat speelt vooral in de PACT-wijken van Eindhoven; Stadsdeel Woensel Zuid. Na een eerdere pilotfase bevindt de Wijkrechtspraak in Eindhoven zich nu in een implementatiefase. Daarbij zijn diverse ketenpartners zoals het OM, de Rechtspraak, 3RO, Leerplicht en anderen betrokken. De Wijkrechtspraak is onderdeel van het programma Preventie met Gezag, waardoor momenteel wordt gekeken naar de doorontwikkeling van de aanpak om deze aan te laten sluiten bij de doelstellingen en doelgroepen binnen Preventie met Gezag. Daarnaast is aandacht voor de monitoring en evaluatie van de aanpak. Voorgenomen focusgebieden: 1. Schoolverzuim; 2. Schulden en financiële problematiek; 3. Echtscheidingsperikelen (incl. omgang en gezag); 4. Veel voorkomende criminaliteit (VVC) (zoals drugs, winkeldiefstallen, internetoplichting, huiselijk geweld) van meerderjarigen waar sprake is van onderliggende multiproblematiek; 5. Veel voorkomende criminaliteit van minderjarigen; 6. Overlast door verwarde personen.
Overkoepelend kan worden vastgesteld dat we in de pilotfase bij professionals veel enthousiasme hebben gehoord om Wijkrechtspraak samen vorm te geven. Uiteraard zijn er ook zorgen geuit en kritische kanttekeningen geplaatst. Deze hebben deels te maken met zorgen over capaciteit bij alle ketenpartners, maar ook over rechtsgelijkheid. We willen aansluiten bij de staande aanpak en bijdragen aan de doorontwikkeling van de Wijkrechtspraak. We hebben hierbij nadrukkelijk oog voor de wensen van de inwoners in deze wijken. Met deze werkwijze denken we zoveel mogelijk impact te kunnen hebben, zonder dat hieraan een langdurig
Pagina 1 van 5
bureaucratisch proces vooraf gaat.
Hieronder volgt een nadere uitwerking van de inzet van mensen en middelen vanuit beide GI’s t.b.v. de wijkrechtspraak.
Inzet kansRIJK vanuit GI’s In de (jeugd)strafrechtketen wordt de jeugdreclasseringsmaatregel steeds meer als allerlaatste optie toegepast. Er wordt geen effectieve route gevolgd en er ontstaan normverschuivingen en rechtsongelijkheid. Preventie en vroege afdoening door middel van reprimande gesprekken, meerdere HALT-afdoeningen en een transactie in persoon door het Openbaar Ministerie worden ingezet om inzet van jeugdstrafrecht te voorkomen. Dit alles draagt bij aan de verschuiving die gaande is. Het resultaat is dat er een onvoldoende systemische analyse wordt gemaakt en ingezette hulpverlening onvoldoende het patroon aanpakt, maar zich vooral richt op de symptomen. Het gevaar hierbij is dat niet altijd de meest adequate hulp en begeleiding wordt ingezet en dat er onvoldoende aan de kern en bron van de problematiek wordt gewerkt, wat op zichzelf recidive verhogend kan werken. De jeugdreclassering van de Gecertificeerde Instellingen zien onder een kleine groep kwetsbare jongeren een toename van zware (eerste) delicten en jongeren met een stevig strafblad en complexere problematiek waarbij de digitale wereld een rol zou kunnen spelen. De poging om verder afglijden te voorkomen, lijkt zich nu voornamelijk te richten op symptoombestrijding en afschrikken, in plaats van het analyseren van patronen die ten grondslag liggen aan het risicovol (delict)gedrag en het doorbreken hiervan.
We zien dat vaak (meerdere) HALT-afdoeningen ingezet worden, die in meer en mindere mate slagen, om toepassing van het jeugdstrafrecht te voorkomen. Ook in de gevallen waarin veel bijkomende criminogene factoren spelen en er zorg is voor een verhoogde kans op recidive. De nadelige effecten van niet stigmatiseren worden soms als belangrijker gezien als ‘het doen wat nodig is en werkt’. Wat nodig is Het is nodig dat jongeren die risicovol (delict)gedrag vertonen en kampen met bijkomende criminogene factoren eerder preventief en meer (aan)sluitend proactief geholpen worden. De werkwijze van de jeugdreclassering is onderbouwd vanuit de wetenschap en praktijk, zodat de hulp en begeleiding aansluit bij wat de jongeren en ouders/opvoeders en direct betrokkenen daarin nodig hebben.
Dit om: - risicovol (delict)gedrag als ontwikkelingsbedreiging te voorkomen/doorbreken; - hulp en ondersteuning te bieden om de invloed van aanwezige criminogene factoren te beperken/voorkomen; - onveiligheid door overlast gevend (delict)gedrag van jongeren in wijken te verminderen/voorkomen; - gezinnen en netwerken rondom de jongere te versterken en de onveiligheid in gezinnen en ontwikkelingsbedreigingen te verminderen; - risicovolle en negatieve ingesleten patronen te doorbreken; - vroeg signalering en specialisme LVB om passende interventies naar begeleiding, ondersteuning, hulp, zorg in te zetten; - meer en betere kansen te creëren op een pro-sociale maatschappelijke positie en bestaanszekerheid waardoor criminaliteit niet meer nodig is om in onderhoud of status te voorzien; - het patroon van intergenerationele overdracht van antisociaal gedrag, normverschuivingen, criminaliteit als reguliere inkomstenbron te doorbreken voor de volgende generatie.
Pagina 2 van 5
Aanbod kansRIJK Voor jongeren Voor jongeren vanaf +/- 12 jaar die vanwege meldingen of signalen van risicovol (groeps)overlastgevend en/of risicovol (delict)gedrag in aanraking zijn gekomen met: - politie, wijkagent, melding groepsoverlast; - Veilig Thuis; - jeugdhulpverlening, maatschappelijk werk/basis hulp; - medewerkers in een basisvoorziening, onderwijs, welzijn, leerplichtambtenaar; - sociale gebiedsteams en wijkteams, sociaal werkers/jongerenwerkers. Doelen richting jongere - Het creëren van een ‘beter’ aantrekkelijk(er) alternatief/perspectief voor de jongeren. - Het voorkomen dat jongeren verdere (zwaardere) delicten gaan plegen dan wel het terugdringen van risicovol (delict)gedrag onder jongeren. - Vroegsignalering en proactief interveniëren in situaties bij jongeren met een verhoogd risico op herhaling vanuit aanwezige criminogene factoren en/of risicovol (delict)gedrag zodat tijdig doorverwezen wordt naar adequate begeleiding en hulp. - De handelingsalternatieven van jongeren vergroten. - Dat jongeren hun vrije tijd zinvol(ler) besteden en talenten meer ontwikkelen/versterken en positiever inzetten. Doelen richting ouders/opvoeders/betrokken derden - De inzichten vergroten en eigen rol en invloed versterken. - De opvoedvaardigheden versterken. - Het handelingsperspectief versterken en de handelingsalternatieven vergroten.
Doelen richting de wijk en maatschappij - Het voorkomen van overlast. - Het gevoel van veiligheid vergroten. Doelen ketenniveau - Het creëren van een meer (aan)sluitend aanbod. - Een meer deskundige en verklarende analyse vanuit criminogene factoren draagt bij aan een meer adequate aanpak/begeleiding en verwijzing naar passende (forensische) hulp en zorg. - De specifieke kennis en vaardigheden van de jeugdreclassering worden ingezet ten behoeve van het vergroten van de kennis en expertise bij de sociale gebiedsteams. - Het voorkomen van herhaling van risicovol (delict)gedrag en plegen van (zwaardere) delicten - Het minder belasten van het (jeugd)strafrecht en het voorkomen van repressieve (gedwongen) maatregelen. Variaties kansRIJK - Consultatie en advies (samen enkelvoudige taken/onderdelen uitvoeren). - Trajectbegeleiding (3 - 6 maanden)
Inzet Straatkracht vanuit GI’s Straatkracht is een intensieve variant van de jeugdreclassering, en wordt opgelegd door de (jeugd)strafrechter. De aanpak is gericht op het ondersteunen van jongeren in het wegbewegen van een (georganiseerde) criminelen gewelddadige context, naar een positief, veiliger en pro-sociaal leven. De aanpak duurt gemiddeld een jaar, en is intensief omdat er sprake is van ernstige veiligheidsrisico's voor de samenleving en/of de jongere zelf. Er wordt samengewerkt met jongere,
Pagina 3 van 5
sociaal netwerk, en met professionele partners. Voor wie is deze aanpak bedoeld? Een kleine groep jongeren begeeft zich in antisociale netwerken, waar wapens en geweld niet worden geschuwd. Deze jongeren rollen hier niet zomaar in, meestal raken zij erbij betrokken via het eigen sociale netwerk, zoals vrienden of familie of worden benaderd of gerekruteerd via onbekenden. Vaak groeiden zij onveilig op, kregen zij in hun vroege kinderjaren al te maken met verwaarlozing of mishandeling, en raakten zij in hun tienerjaren verder in problemen. Zo vallen ze uit op school, gebruiken drugs, en hebben het gevoel nergens bij te horen. Behalve op straat, daar mogen ze voor hun gevoel wel 'meedoen'. Kinderen uit achterstandswijken brengen meer tijd door op straat en zijn daardoor kwetsbaarder om in aanraking te komen met drugscriminaliteit. Toch lijkt drugscriminaliteit en jonge aanwas in alle wijken voor te komen. Sommige jongeren kiezen heel bewust voor de criminaliteit, willen snel geld verdienen, en doorgroeien in de georganiseerde criminaliteit. Voor deze groep volstaat Straatkracht niet, en is een meer repressieve aanpak nodig. “Het zijn de hoog-risicozaken, waarbij de veiligheid van de jongere, diens omgeving, en ook van ons als JR-werker moet worden bewaakt.
Er zijn banden met een gewelddadige (drillrap) groep, met een criminele vriendengroep of met de georganiseerde (drugs) criminaliteit. Zij komen verhard over, en vaak gaat het tegelijk ook om kwetsbare jongeren, waarbij bijvoorbeeld sprake is van een LVB.” Wat zijn de criteria voor deze aanpak? 1. Heeft banden met een antisociale en gewelddadige context (drillrapgroep, georganiseerde drugscriminaliteit, overlastgevende/criminele groep, criminele familie) 2. Gebruikt(e) agressie en geweld (één of meerdere ernstige geweldsdelict(en) gepleegd, (vermoeden van) mes- of wapenbezit, agressieregulatie problematiek). 3. Heeft gebrekkige vaardigheden en/of een antisociale attitude (zeer beïnvloedbaar en impulsief, (meestal i.c.m. LVB), en/of stelt zich antisociaal en berekenend op, en/of streeft een criminele carrière na.) “Je begrijp niet hoe mijn leven is!” - Jongere uit Straatkracht Doelen Het hoofddoel is het bevorderen van een positief, veilig en pro-sociaal leven, en het verminderen van geweld en recidive, door te werken aan: 1. Basis om te leven. 2. Versterken pro-sociale bindingen, verminderen antisociale bindingen. 3. Ontwikkelen en ervaren pro-sociale identiteit- en talenten. 4. Bevorderen herstel van/naar omgeving. 5. Opbouwen steunend netwerk en borging.
Aanvraag voor de jeugdreclassering: De gemeente Eindhoven ziet graag dat de forensische kennis en expertise van de Jeugdreclassering binnen het gezag plan voor de wijken in Woensel Zuid en de buurt Vaartbroek als volgt wordt ingezet: - structurele consultatie en advies ten behoeve van de wijkrechtspraak - structurele consultatie en advies ten behoeve van PGA (persoonsgebonden aanpak) - consultatie en advies ten behoeve van jongerenwerk in deze wijken - consultatie en advies ten behoeve van scholen (VIOS, veiligheid in en om scholen) - trajecten KansRIJK 3-6 mnd
Pagina 4 van 5
-
trajecten Straatkracht
Vanuit de wijkrechtspraak, waar ook schoolverzuim onderdeel van is, wil de gemeente trajecten kansRIJK kunnen inzetten met als doel om vanuit een forensische blik een analyse te kunnen maken en passende interventies naar begeleiding, ondersteuning, hulp en zorg te borgen (zie doelen op pagina 3). De gemeente ziet naast kansRIJK een toegevoegde waarde in Straatkracht voor de “hoog risico zaken” waarbij de veiligheid van de jongere en diens omgeving bewaakt moet worden (zie toelichting op pagina 4 + bijlage). Straatkracht kan ingezet worden als interventie vanuit de wijkrechtbank en/of PGA. Financiële aanvraag: De financiële vertaling van de inhoudelijke aanvraag is als volgt: -
1 FTE (JBB + WSS) ten behoeve van structurele borging consultatie, advies en doorontwikkeling PGA/wijkrechtbank/jongerenwerk en VIOS: €144.000 - Trajecten Straatkracht / kansRIJK: €150.000 Gezien het feit dat zowel PGA, wijkrechtspraak als VIOS nog verder doorontwikkeld moeten worden is het op dit moment moeilijk in te schatten hoeveel exacte aantal trajecten kansRIJK en Straatkracht er nodig gaan zijn. De gemeente wil daarom flexibel kunnen bepalen welke trajecten er vanuit JR nodig zijn en verzoekt daarom om een totaalbedrag van waaruit de benodigde trajecten bekostigd kunnen worden. Hierbij dient ook nog opgemerkt te worden dat Straatkracht zich op dit moment nog in een pilot vorm bevindt waarbij het streven is om eind 2023 enkele medewerkers vanuit JR hierin geschoold te hebben. Hieronder de trajectprijzen van kansRIJK en Straatkracht: Trajectprijs Kansrijk 3 maanden: Trajectprijs Kansrijk 6 maanden: Trajectprijs Staatkracht 12 maanden
€ 3.917,28 € 6.267,85 € 29.858,8
Pagina 5 van 5