Bijlage 2d - TAM-omgevingsplan BIC Noord - ASML - bijlagen bij de regels
Tekst van het document
17
heid en verblijfskwaliteit centraal staan. De contrastrijke combinatie van de witte, rationele gebouwen met een weelderige, groene omgeving versterkt de belevingswaarde van de campus en maakt deze aantrekkelijk en herkenbaar. Groene structuren verzachten de gebouwmassa’s en zorgen voor een menselijke schaal, natuurlijke schaduw en klimaatadaptiviteit.
“TUSSEN HOUTWALLEN EN BOS VORMT HET LANDSCHAP EEN LEVEND THEATER, WAAR ARCHITECTUUR EN NATUUR IN HARMONIE SAMENSPELEN.”
02
Landschap als theateropstelling ASML-gebouwen in een natuurlijk landschap
18
Landschappelijk Raamwerk
02
Landschap als theateropstelling ASML-gebouwen in een natuurlijk landschap
Landschappelijk Raamwerk Orientatie gebouwen
• Ontwerpopgave: onderzoek bij plaatsing van gebouwen of deze, indien mogelijk, zo gedraaid kunnen worden zodat ze meebewegen met de historische lijnen van het landschap.
LANDSCHAP ALS THEATER BACKDROP - SPELERS - DIEPTE ENSCENERING VANUIT MENSELIJK PERSPECTIEF BEEK ALS CENTRALE VERHAALLIJN
19
02
Landschap als theateropstelling ASML-gebouwen in een natuurlijk landschap
Landschappelijk Raamwerk
High Tech Systems Park Thales, MTD Landschapsarchitecten
Science Park Amsterdam, Karres en Brands / KCAP
ASML Run1000, Karres en Brands
20
02
Landschap als theateropstelling ASML-gebouwen in een natuurlijk landschap
Landschappelijk Raamwerk Zicht vanuit buitenaf: A2 en Beatrixkanaal
ZICHT VANAF BRAINPORT AVENUE (N2/A2) BACKDROP - SPELERS - DIEPTE ENSCENERING VANUIT MENSELIJK PERSPECTIEF BEEK ALS CENTRALE VERHAALLIJN GEBOUWEN INGEBED IN HET LANDSCHAP
21
02
Landschap als theateropstelling ASML-gebouwen in een natuurlijk landschap • Ontwerpopgave: Biodiverse look-and-feel van gevel tot gevel. Eén doorlopend campuslandschap • ASML heeft mogelijkheid om gebouwen tot aan grens van EVZ te plaatsen. Ontwerpopgave is om deze tussenruimte soms breed, soms smal te maken.
Profielen zijn indicatief 22
Grens tussen EVZ en campus ‘vervaagd’
03
EKKERSRIJT: LANDSCHAPPELIJKE RUGGENGRAAT VAN DE CAMPUS
De Ekkersrijt vormt de natuurlijke drager van het landschap en krijgt in de campusontwikkeling van ASML een centrale, structuurbepalende rol. Als beekdal met een halfopen, ruigte karakter legt het de verbinding tussen ecologie, beleving en ruimtelijke samenhang. Door aan te sluiten bij de ecologische verbindingszone (EVZ) wordt ingezet op een inrichting die zowel natuurdoelstellingen ondersteunt als de ruimtelijke identiteit van de campuslandschap versterkt. De Ekkersrijt wordt niet alleen benaderd als een functionele groenstructuur, maar als landschappelijke ruggengraat die het hele campusterrein ordent en betekenis geeft. Door het landschap leidend te maken in plaats van de bebouwing, ontstaat een campusomgeving die zowel toekomstgericht als 23
diepgeworteld in de natuurlijke en ecologische context is. De randen van het beekdal worden zorgvuldig vormgegeven, met afwisselende overgangen tussen open graslanden, natuurlijke oevers en beschutte beplantingsstructuren. Deze landschappelijke schakering maakt het mogelijk om ecologische continuïteit te waarborgen, terwijl tegelijkertijd ruimte ontstaat voor informele routes, zichtlijnen en verblijfskwaliteit. De halfopen structuur draagt bij aan een dynamisch landschap waarin mens en natuur in directe relatie staan.
“EVZ EKKERSRIJT IS DE IDENTITEIT VAN BIC NOORD, DEZE LOOPT VAN GEVEL TOT GEVEL”
03
Ekkersrijt: Landschappelijke ruggengraat van de campus
Grens tussen EVZ en campus ‘vervaagd’ Zoekgebieden plekken voor water, natuur en mens
ZOEKGEBIEDEN WATER/NATUUR EN VERBLIJFSRUIMTE
• Het Ekkersrijtdal loopt visueel van gevel tot gevel. In die zone is de EVZ van 50+10m altijd gegarandeerd. • Op verschillende plekken langs de EVZ zoeken we naar ruimte om te voldoen aan de waterbergingsopgave (in blauw gearceerd). Deze opgave kan gecombineerd worden met de ontwikkeling van natte natuur, wadi’s en natte graslanden waardoor het Ekkersrijtdal breder lijkt dan de formeel aangegeven zone. Waar het profiel het toelaat, zijn dit ook zoekgebieden voor de inpassing van poelen tbv natuurontwikkeling. • Aan de oostzijde van de EVZ bevinden zich meer kantoren en gebouwentrees. Rond de entrees zijn zoekgebieden naar verblijfsruimte voor de medewerkers.
ZOEKGEBIEDEN PLEK VOOR WATER EN NATUUR
PLEKKEN VOOR MENSEN
Voorbeelduitwerking, zoekgebieden voor verbreding/versmalling zijn indicatief weergegeven 24
03
Ekkersrijt: Landschappelijke ruggengraat van de campus VERSCHEIDENHEID IN ECOLOGISCHE CONDITIES
• Afgraven tot verschillende dieptes zorgt binnen het gehele gebied voor afwijkende ecologische condities • Iedere conditie leidt tot ander habitat ten behoeve van gidssoorten • Poelen niet in contact met overig open water, elke 300-400m opnemen, ca. 500600m2 groot
25
Ekkersrijt als Hartlijn van de Campus Gradienten in Beekzone <-> Campus
2. 3.
4. 5. 6.
7.
Kamsalamander Habitat: visvrije poelen. Ruigte, struweel, bosjes Bunzing Habitat: aaneensluitende begroeiing langs waterlopen, hagen, singels en bosjes Bont dikkopje Habitat: Heide en bosrand, overgang tussen vochtige bossen en grasland. Waterige omgeving, langs sloten, zon en beschutting door bomen of struiken. Bloemrijk gras. Kleine vuurvlinder Habitat: Open en droge graslanden, heidevelden Roodborsttapuit Habitat: Gevarieerd gebied met struwelen en riet Geelgors Habitat: Halfopen akkerbouwlandschap, greppels, houtwallen, hagen, bosschages, ruigte, grasland en bosrand Bosrietzanger Habitat: Gevarieerd gebied met struwelen en riet
8.
Steenuil Habitat: kleinschalig agrarisch landschap, houtwallen, heggen, verhogingen 9. Grondster Habitat: Open, zonnig, vochtige plekken. Voedselarme zandgrond. Pionier. Wegbermen, heideterrein, drooggevallen greppels, poelen. 10. Echtduizenguldenkruid Habitat: langs sloten, bosranden, bermen op zand- en leemgrond. Zon, vochtig, voedselarm grasland. 11. Moesrashertshooi Habitat: Vochtige heidegrond, langs poelen en beken. Open, natte voedselarme zandgronden. Periodiek droogvallende oevers. 12. Rugstreeppad Habitat: Open, zonnig, weinig vegetatie, losse zanderige bodems. Ondiep, tijdelijk water. Stenen of hout als schuilplaats.
Moerashertshooi
1.
Van gidssoorten naar habitats Gidssoorten EVZ Ekkersrijt
Roodborsttapuit Rugstreeppad
Bunzing
Kamsalamander
Bont Dikkopje
Bosrietzanger Kleine Vuurvlinder
Steenuil
Grondster 26
Echt Duizendguldenkruid
03
Ekkersrijt: Landschappelijke ruggengraat van de campus
Geelgors
03
Ekkersrijt: Landschappelijke ruggengraat van de campus
1. 2. 3. 4. 5. 6.
Wikkebij Habitat: Droge warme graslanden en dijken, bosranden Glimmende Dwergzandbij Habitat: kalkgraslanden, warme schraallanden Halfgladde Dwergzandbij Habitat: Bosranden, ruderale vegetaties, rivier uiterwaarden Kleine wolbij Habitat: Bloemrijke grzaige schraallanden Blauwe Ertsbij Habitat: Bramenstruiken, bosjes en houtwallen, bermen Vierbandsgroefbij Habitat: Kalkgraslanden, droge graslanden, parken, bermen
Stipmaskerbij Habitat: Zonnige bosranden, bloemrijke ruigte, warmte 8. Langsprietwespbij Habitat: Spoorwegbermen, uiterwaarden, steile bermen, ruigten, holle wegen 9. Dubbeldoornwespbij Habitat: Droog schraalland 10. Grote Stomptandswespbij Ruigte, bloemrijk grasland, overgang naar schraalgrasland 11. Zwartbronzen houtmetselbij Bloemrijke graslanden, bosranden, ruigte in stedelijk gebied
Van gidssoorten naar habitats Gebiedseigen bijen
7.
Halfgladde dwergzandbij
Kleine wolbij Glimmende dwergzandbij
Stipmaskerbij Langsprietwespbij
Dubbeldoorn wespbij
Blauwe ertsbij
Zwartbronzen houtmetselbij
Vierbandsgroefbij Grote Stomptands wespbij
27
Wikkebij
03
Ekkersrijt: Landschappelijke ruggengraat van de campus
Van habitats naar inrichtingsprincipes binnen het landschappelijk raamwerk
9
8 6
10 2
3
10
9
4
3
6
8
3 bosranden
hagen, singels, houtwallen
3
11 10
3
12
gevarieerd grasland
10
1 10 7
6 2 3
4
6
5 6
10
11
1
7
10
1
3
2 5
10
9
3
8 8
6
9
10
3
2
3 10
3 3
1 Vochtige bossen
ruigte,struwelen, riet, begroeiing langs water
12
2 beek, poelen en oevers
Voorbeelduitwerking, zoekgebieden voor gidssoorten zijn indicatief weergegeven 28
6
8
03
Ekkersrijt: Landschappelijke ruggengraat van de campus
Grens tussen EVZ en campus ‘vervaagd’ Natuurlijk landschap van gevel tot gevel EVZ is hier onderdeel van ONTWERPEN ALS GEHEEL
RUIGTE
POELEN
LUNCHWANDELINGEN DOOR HET LANDSCHAP 29
BEIDE ZIJDEN CAMPUSPAD ECOLOGISCH INTERESSANT
04 04
ECOLOGIE, RUIMTE EN MENS VERBONDEN OP DE CAMPUS
De toekomstige ontwikkeling van de ASML-campus op Brainport Industries Campus (BIC) biedt een unieke kans om technologische innovatie hand in hand te laten gaan met ecologische versterking. In deze visie staat een natuurinclusieve benadering centraal, waarin gebouwen, bruggen en andere infrastructuur niet als obstakels maar als kansen voor natuurontwikkeling worden beschouwd. Door natuurinclusieve principes integraal te verweven in het ontwerp van gebouwen, bruggen, paden etc. ontstaat een campus die niet alleen duurzaam functioneert, maar ook actief bijdraagt aan biodiversiteit, klimaatadaptatie en welzijn. Gebouwde voorzieningen worden waar mogelijk ontworpen als ecologische dragers. Dak- en gevelgroen worden niet als toevoeging, maar als essentieel onderdeel van het ontwerp beschouwd. Groene daktuinen fungeren als leefgebieden voor insecten, vogels en kleine zoogdieren, terwijl ze tegelijkertijd zorgen voor waterberging, verkoeling en een aange30
naam microklimaat. Daarnaast worden nestelvoorzieningen voor fauna als vogels, vleermuizen en insecten geïntegreerd in de architectuur. Ook (lucht)bruggen en looproutes worden benaderd als verbindende structuren voor zowel mens als dier. Groene overspanningen en faunapassages zorgen voor continuïteit van biotopen en voorkomen versnippering van leefgebieden. Watergangen en oevers worden zo continu mogelijk ingericht met flauwe taluds, moeraszones en beplanting die aantrekkelijk is voor insecten en vogels en geschikt is voor beheer. Deze natuurinclusieve aanpak draagt bij aan een campus die meer is dan een verzameling gebouwen: het wordt een levend ecosysteem dat onderdeel is van het grotere regionale landschap. Werknemers, bezoekers en omwonenden profiteren van een groene en gezonde werkomgeving, terwijl flora en fauna ruimte krijgen om zich te vestigen en te ontwikkelen.
“EEN LEVEND ECOSYSTEEM DAT ONDERDEEL IS VAN HET GROTERE REGIONALE LANDSCHAP”
04
Ecologie, ruimte en mens verbonden op de campus
Natuurinclusieve Campus
NETWERKEN
GROEN
LAAGTES Gradient in afstand tot grondwater WALLEN, SINGELS EN HAGEN Gradient in schaduw en zon
GROENBLAUWE STRUCTUREN Migratie mogelijkheden
HOOGTEVERSCHILLEN Gradient in type hellingen BOSRAND Gradient in beschutting en openheid
WATERLOOP Gradient in vochtigheid en type hellingen
04
Ecologie, ruimte en mens verbonden op de campus
Natuurinclusieve Campus
OBJECTEN
WATERBERGING variatie vochtigheid bodem, hoogte, afstand tot grondwater
MUURTJES nestmogelijkheden, variatie aan materialen, takkenrillen, hergebruik snoei/maai afval
VEILIGHEIDSMAATREGELEN landschappelijke inpassing maatregelen met groen, water, steilwanden, haha’s etc.
TRAPPEN, MUURTJES EN KADES variatie materialen, schaduw en afstand tot water, beschutting
WEGEN EN BERMEN variatie hellingen, schaduw, vegetatie in netwerk
BRUGGEN EN PILAREN variatie in materiaal, nestmogelijkheden, klimmers, migratie
GEBOUWEN verschillende hoogtes, nestmogelijkheden klimmers, uitzicht jachtsoorten, inheemse beplanting
04
Ecologie, ruimte en mens verbonden op de campus
Natuurinclusieve campus
WEGEN
DAKEN
GEBOUWEN
BRUGGEN
Daar waar mogelijk/nodig worden elementen ontworpen voor een gidssoorthabitat 33
MUURTJES
05
EEN GESCHEIDEN EN ADAPTIEF WATERSYSTEEM De ASML Campus vormt een onderdeel van een bredere regionale wateropgave van de Ekkersrijt. Binnen de ecologische zone (EVZ) is een waterbuffering voorzien welke ook actief bijdraagt aan de ecologische kwaliteit van de regio. Centraal hierin staat een gescheiden hemelwatersysteem tussen de EVZ en de campus van ASML. Deze scheiding van systemen voorkomt dat vervuiling van het watersysteem van de EVZ optreedt en dat het regionale systeem wordt belast met de wateropgave voortkomend vanuit de ASML-ontwikkeling. EVZ Ekkersrijt De regionale opgave binnen EVZ Ekkersrijt wordt verder beschreven in het document ‘Oppervlaktewatermodellering’ door Haskoning. ASML-campus De inrichting van het watersysteem op het eigen ASML-terrein benut de bestaande topografie optimaal. In het hogere zuidelijke deel van de campuswordt regenwater opgevangen en vastgehouden via een gelaagde reeks van voorzieningen: groene retentiedaken, infiltrerende wadi’s en zorgvuldig aangelegde laagtes in het campuslandschap fungeren als eerste opvang. Dit water stroomt vervolgens ver-
34
traagd af naar lagergelegen zones in het noorden, waar een zoekgebied ligt voor een meer robuuste opvangstructuur. Met een buffercapaciteit op gebouw en in het landschap van 75 mm per vierkante meter per etmaal kan het systeem ook bij langdurige of intense neerslag de watermassa adequaat verwerken. Tegelijk blijven de ASML-gebouwen gevrijwaard van wateroverlast, doordat de gebouwen hoger liggen (bouwpeil 19m+NAP) dan het campuslandschap. Dit is zelfs mogelijk bij een korte periode van zeer extreme neerslag, waarbij zelfs bij een bui van 167mm (herhalingstijd eens per 1000 jaar) mogelijk is. In deze extreme situatie blijft er een kleine laag water op het landschap sataan, maar staan de gebouwen hoog genoeg om schade te voorkomen, daarnaast wordt de regionale berging, zelfs in deze situatie ontzien.
“WATERBERGING EN ECOLOGIE GAAN HAND IN HAND”
05
Een gescheiden en adaptief waterysteem
Klimaatadaptief watersysteem Scheiden regionale en lokale opgave
Regionale opgave NU HUIDIGE SITUATIE: REGIONALE OPGAVE OVER GEHELE TERREIN
+19.00
opgave ASML OPGAVE: REGIONALE OPGAVE BINNEN EVZ (50+10M)
STRAKS: OPGAVE ASML OP EIGEN TERREIN 35
+18.50
+19.00
+16.50
Regionale opgave
opgave ASML
05
CAMPUSLANDSCHAP
WEGEN, PADEN EN PLEINEN
GEBOUWEN
Een gescheiden en adaptief waterysteem
36
Kansenkaart Klimaatadaptief watersysteem
GROEN ENERGIEDAK Waar mogelijk hebben gebouwen groene retentiedaken, in combinatie met PV-panelen kan dit zelfs extra rendement leveren.
GROENE DAKTUIN Waar mogelijk hebben nieuwe gebouwen groene retentiedaken, in combinatie met tuinen en terassen kan dit dienen als collectieve buitenruimtes voor bewoners.
GROENE GEVEL - LOKAAL AFKOPPELEN HEMELWATER Irrigatie van de tuinen kan via een waterbuffer of collectieve regenton.
ONDERGRONDSE WATERBUFFER Onder bv. parkeergarage wordt, waar mogelijk, water gebufferd in ondergrondse bufferkelders.
ONDERGRONDSE WATERBUFFER WATERPLEIN Onder bv.hemelwater parkeergarage wordt water gebufferd Bufferen en leveren een bijdrage aaninverkoeling ondergrondse bufferkelders. rondom ontmoetingsplekken
INFILTRATIEKRATTEN CAMPUSPLEIN/INFRASTRUCTUUR Daar waar de ruimte bovengronds beperkt is wordt het hemelwater ondergronds in infiltratiekratten verzameld.
WATERDOORLATENDE VERHARDING In de straten wordt zo mogelijk hemelwater in bodem geinfiltreerd door (delen) waterdoorlatende verharding.
WATERBERGENDE GROENSTROOK Langs paden en pleinen wordt hemelwater gebufferd in klimaatstroken en ‘ rainwatergardens’.
WADI IN CAMPUS LANDSCHAP Verdiepte waterdoorlatende verlagingen, waar hemelwater in verzameld en getransporteerd kan naar de waterberging.
INFILTRATIEVELDEN Waterdoorlatende verlagingen, waar hemelwater in verzamelt en in de bodem kan wegzakken.
RELIËF OP DE CAMPUS Een reliëfrijk landschap biedt ruimte voor water en stimuleert ontmoeting.
RETENTIEPLAS Moerasruigte aan de A2 heeft als doel om tijdens en na een grote regenbui het hemelwater langer op te vangen.
06
VEILIGHEID ALS INTEGRALE ONTWERPOPGAVE
De beveiligingsmaatregelen op de campus van ASML zijn geen toevoegingen achteraf, maar vormen een wezenlijk onderdeel van het ruimtelijk ontwerp. Ze dragen bij aan een veerkrachtige, toekomstbestendige werkomgeving waarin technologische innovatie kan floreren zonder aan veiligheid in te boeten. Door beveiliging niet te benaderen als restrictie, maar als ontwerpkans, ontstaat een campus die zowel gastvrij als beschermd is: een ruimte waar vorm en functie elkaar vinden in een landschap van veiligheid. Daarom is het essentieel om de beoogde beveiligingsdoelen al in een vroeg stadium te integreren in het ontwerpproces. Dit betekent dat dreigingen niet pas op gebouwniveau worden geadresseerd, maar al vanaf de randen van het landschap. Afstand blijkt vaak een fundamenteel principe: elke extra meter tussen een potentiële dreiging en een kwetsbaar gebouw kan het verschil maken. Hoe verder een explosief van een gevel verwijderd is, hoe kleiner de 37
impact. Hoe langzamer een voertuig een terrein kan betreden, hoe groter de reactietijd voor interventie. En hoe moeilijker het is om per auto door te dringen, hoe veiliger de voetganger en de werknemer zich uiteindelijk kunnen voelen. Door slimme landschappelijke ingrepen kan de buitenruimte bijdragen aan een subtiele maar doeltreffende beveiliging. Denk aan verhogingen in het maaiveld die de zichtlijnen verstoren, vegetatie die de snelheid van voertuigen afremt, of strategisch geplaatste waterpartijen en meanderende paden die een directe route naar het hart van de campus onmogelijk maken. Een ‘landschappelijke barrière’, bijvoorbeeld in de vorm van een heuvelrug of een verhoogd plantvak, functioneert niet alleen als fysieke buffer, maar ook als esthetisch (zit)element dat de campuskwaliteit versterkt.
‘‘BEVEILIGING IS GEEN TOEVOEGING, MAAR EEN INTEGRAAL ONDERDEEL VAN HET CAMPUS LANDSCHAP’’
06
naar de buitenruimte de schil. Toegang tot de gebouwen gaat via een hoofdingang waar in de receptie de dubbele schil intern in het gebouw is
Veiligheid als integrale opgelost. ontwerpopgave Plaatsing veiligheidsschil Het plaatsen van een fysieke barriere is geen
Open en gastvrij
doel op zich met uitzondering van de industriele De ASML Campus is beveiligd volgens het
Een principe van een dubbele schil. Ter plaatse vanzorgvuldig geïntegreerde veiligheidsschil omgevingen. Als externe omstandigheden hier de industriële functies bestaat deze schil uit een
om vragen moeten fysieke barriereshekwerk geplaatst en de gevel van de gebouwen. De schil is de scheiding kunnen worden. Deze worden zorgvuldig in hetussen het publiek toegankelijke
gebied en de ASML buitenruimte. Bij de (kantoor)
landschap geïntegreerd, zoals de afbeelding hiernaast illustreert.
bedrijfsgebouwen vormt de gevel of het hekwerk naar de buitenruimte de schil. Toegang tot de
gebouwen gaat via een hoofdingang waar in de Hieronder in het schema zijn de principes voor de
receptie de dubbele schil intern in het gebouw is
Ekkersrijt (publiek)
integratie van een veiligheidsschil weergegeven. opgelost.
Het plaatsen van een fysieke barriere is geen doel op zich met uitzondering van de industriele
Een zorgvuldig geïntegreerde veiligheidsschil
omgevingen. Als externe omstandigheden hier om vragen moeten fysieke barrieres geplaatst kunnen worden. Deze worden zorgvuldig in het
a Bedrijfsruimte
landschapIndustrieel geïntegreerd, zoals de afbeelding gebouw
hiernaast illustreert. Hieronder in het schema zijn de principes voor de
Ekkersrijt (publiek)
integratie van een veiligheidsschil weergegeven. ASML buitenruimte
Industrieel gebouw
ASML buitenruimte binnen veiligheidsschilschil
Hoofdingang bezoekers min. 15m
a Bedrijfsruimte
Industrieel gebouw
Publieke buitenruimte
ASML buitenruimte
Industrieel gebouw
c
min. 15m
ASML buitenruimte buiten Hoofdingang veiligheidsschil
Bedrijfsruimte
Bedrijfsruimte
ASML buitenruimte binnen veiligheidsschilschil
bezoekers
Publieke buitenruimte
c
ASML buitenruimte buiten veiligheidsschil
Bedrijfsruimte
(Kantoor)bedrijfsruimte
Productiegebied
(Kantoor)bedrijfsruimte
Productiegebied
Veiligheidsschil op minimaal 15m afstand van de productiegebied, buiten Ekkersrijt gebied.
38
Bedrijfsruimte
Veiligheidsschil op minimaal 15m Te alle tijden: de gebouwgevel is de beveiligde schil. afstand van de productiegebied, Te alle tijden: de gebouwgevel is de beveiligde schil. buiten Ekkersrijt gebied.
a
a
b
Optioneel: middels hekken het creëeren van beveiligde buitenruimte voor ASML medewerkers.
c
Optioneel: afscheiding op of nabij eigendomsgrens als de situatie daarom vraagt. Deze schil wordt verspringend/organisch verlopend en onder landschappelijke architectuur vormgegeven.
b
Optioneel: middels hekken het creëeren van beveiligde buitenruimte voor ASML medewerkers.
c
Optioneel: afscheiding op of nabij eigendomsgrens als de situatie daarom vraagt. Deze schil wordt verspringend/organisch verlopend en onder landschappelijke architectuur vormgegeven.
62 | ASML Campus | Nudus & Sweco Architects
Veiligheid als integrale ontwerpopgave
‘Security by design’ DE CONTEXT GEBIED DOEL
GESCREENDE PERSONEN
BEVEILIGDE KAVELGRENS
MIDDEL
DIRECTE OMGEVING
?
ONBEKENDE PERSONEN
GEBOUW
DE DIRECTE OMGEVING GEBIED DOEL MIDDEL
GESCREENDE AUTO’S
Maatregelen maken deel uit van de openbare ruimte Auto’s vertragen Afstand tot de gevel behouden Hekken, paaltjes, reliëf, groen, water, etc.
OBJECT
HET GEBOUW
?
ONBEKENDE AUTO’S
Maatregelen maken deel uit van het stedelijk weefsel Beperken van zicht van buiten naar binnen Auto’s vertragen Wegen verkorten die rechtstreeks naar het object leiden Strategisch geplaatste bomen en poorten
GEBIED DOEL MIDDEL
Maatregelen geïntegreerd in het gebouw (constructie) Barrière tegen binnendringen Auto’s en mensen buiten houden Strategische positionering van ingangen, gevelconstructie, poorten, controles, toegangsdeuren, enz.
NOOD- EN HULPDIENSTEN
HET OBJECT GEBIED DOEL MIDDEL
Maatregelen maken deel uit van het interieur Laatste poging om dreigingen te stoppen Laatste poging om afstand te bewaren Strategische positionering van object binnen gebouw Deuren, sloten, muren, enz
Veiligheid 1. Chapterals integrale Subtitle ontwerpopgave
‘Security by landscape’
STRATEGISCHE INTERVENTIES
LANDSCHAPSINRICHTING (ONZICHTBAAR/GEÏNTEGREERD)
Derum iunt et quis repro tem venditem utaescitusa psanditaque venis earum am velende porem ratas quatur? Iminctat pratem recume est, et que et pos sita turita dolenis abore vendit a volecae ni audam que preic tem aut apedic tent ut autem quam inca tem. Ut ducia nis alique corro magnistiis moluptas modi aute soluptium quundan ditius. Que et possita turita dolenis abore vendit a volecae ni audam que preic tem aut apedic tent ut autem quam inctem.
Que et possita turita dolenis abore vendit a volecae ni audam que preic tem aut apedic tent ut autem quam inctem. Ehendesto venti dolecto repelit voluptatisit offici derum iunt et quis repro tem venditem utaesci psanditaque venis earum am velende porem rat quatur? Nog een titel hier
Derum iunt et quis repro tem venditem utaescitusa psanditaque venis earum am velende porem ratas quatur? Iminctat pratem recume Titel hier est, et que et pos sita turita dolenis abore vendit a volecae ni audam que preic tem aut apedic STRATEGISCHE PLAATSING VAN BOMENquam inca tem. Ehendesto venti dolecto repelit voluptatisit offici tent ut autem zichtbaarheid verbeteren derum iunt et quis repro tem venditem utaesci psanditaque venis earum am velende porem rat Ut ducia nis alique corro magnistiis moluptas quatur? modi aute soluptium quundan ditius. Derum iunt et quis repro tem venditem utaescitusa psanditaque venis earum am velende porem ratas quatur? Iminctat pratem recume est, et que et pos sita turita dolenis abore vendit a volecae ni audam que preic tem aut apedic tent ut autem quam inca tem. Ut ducia nis alique corro magnistiis moluptas modi aute soluptium quundan ditius.
Derum iunt et quis repro tem venditem utaescitusa psanditaque venis earum am velende porem ratas quatur? Iminctat pratem recume est, et que et pos sita turita dolenis abore vendit a volecae ni audam que preic tem aut apedic tent ut autem quam inca tem.
Derum iunt et quis repro tem venditem utaescitusa psanditaque venis earum am velende porem ratas quatur? Iminctat pratem recume est, et que et pos sita turita dolenis abore vendit a volecae ni audam que preic tem aut apedic tent ut autem quam inca tem.
Ut ducia nis alique corro magnistiis moluptas modi aute soluptium quundan ditius.
Ut ducia nis alique corro magnistiis moluptas modi aute soluptium quundan ditius.
Que et possita turita dolenis abore vendit a voleQue et possita turita dolenis abore vendit a volecae ni audam que preic tem aut apedic tent ut cae ni audam que preic tem aut apedic tent ut autem quam inctem. autem quam inctem. GROENE MASSA Auto’s tegenhouden, voetgangers laten vertragen Ehendesto venti dolecto repelit voluptatisit offici Zicht belemmeren Ehendesto venti dolecto repelit voluptatisit offici derum iunt et quis repro tem venditem utaesci derum iunt et quis repro tem venditem utaesci psanditaque venis earum am velende porem rat psanditaque venis earum am velende porem rat quatur? quatur?
Que et possita turita dolenis abore vendit a volecae ni audam que preic tem aut apedic tent ut autem quam inctem. Ehendesto venti dolecto repelit voluptatisit offici derum iunt et quis repro tem venditem utaesci psanditaque venis earum am velende porem rat quatur?
PRIKKELBOSJES Voetgangers vertragen, auto’s belemmeren
STRATEGISCHE ROUTING Auto’s vertragen, geen directe route
GRACHT Creëren van afstand voor voertuigen en mensen
40
Veiligheid als integrale ontwerpopgave
‘Security by landscape’
TOPOGRAFIE (ONZICHTBAAR/GEÏNTEGREERD)
OBJECTEN (BIJ BEPERKTE RUIMTE)
HA-HA Creëren van afstand, zichtbaarheid vergroten
HEUVEL Vertragen voetgangers, zichtbaarheid vergroten
MUUR Creëren van afstand voor voertuigen en voetgangers Geen zichtbaarheid
HEKWERK Creëren van afstand voor voertuigen en voetgangers Wel zichtbaarheid, mogelijkheid tot openen
BOLLARD Creëren van afstand voor voertuigen Toegang voor voetgangers
TRAPPEN Auto’s laten vertragen/afremmen Toegang voor voetgangers
DYNAMISCHE BOLLARD Creëren van afstand voor bepaalde voertuigen Toegang voor voetgangers 41
06
Veiligheid als integrale ontwerpopgave
Kromhout Kazerne, Karres en Brands
42
Gevoel van welkom en veiligheid gaan hand in hand O.a. integratie van veiligheidsmaatregelen in groen
06
Veiligheid als integrale ontwerpopgave
afbeelding uit: Atlas of terror 43
Veiligheid als ontwerpopgave ‘Security by design’
07
EEN BELOOPBARE CAMPUS
Door haar geïsoleerde ligging, ingeklemd tussen grootschalige infrastructuur, is de campus vandaag de dag vooral goed bereikbaar met de auto en via hoogwaardige openbaarvervoersverbindingen. In de campusontwikkeling verschuift het accent van bereikbaarheid naar beleving: door mobiliteit zoveel mogelijk aan de randen van het gebied op te vangen, ontstaat in het hart van de campus een veilige, rustige en aangename ruimte die is ingericht op de voetganger. De ruimtelijke inrichting ondersteunt een logische mobiliteitshiërarchie waarin het gebruik van het openbaar vervoer actief wordt gestimuleerd boven het autogebruik, fietsen de voorkeur krijgt boven OV-gebruik, en het wandelen wordt verkozen boven fietsen. Deze bereikbaarheid vormt een solide basis voor een strategische verschuiving: wie de campus bereikt, wordt automatisch voetganger. Cruciaal in deze ontwikkeling is de kwaliteit van routing over de campus. De overgang van parkeren of halteren naar de werkplek wordt niet gezien als een 44
onderbreking, maar als een integraal onderdeel van de beleving van de campus. De routing is logisch opgebouwd, intuïtief en aangenaam. Dit wordt ondersteund door een zorgvuldig vormgegeven landschappelijke enscenering, die uitnodigt tot lopen en bijdraagt aan oriëntatie en comfort. Slimme en naadloze wayfinding sluit hierop aan: Landschap, gebouwen en ontwerp werken samen om elke stap vanzelfsprekend te maken. Fietsparkeervoorzieningen zijn meer als functionele stallingen, maar worden op logische plekken in het campuslandschap gepositioneerd. Door deze voorzieningen te combineren met kleinschalige functies zoals koffiepunten, post- of pakketservices en ontmoetingsplekken, ontstaan nieuwe sociale hubs die de campus activeren en een aanvulling zijn op de dagelijkse routine.
‘‘EEN GOED VERBONDEN COLLECTIEVE STRUCTUUR STIMULEERT ONTMOETING, KRUISBESTUIVING EN GEMEENSCHAPSZIN’’
07
Een beloopbare campus
Campuspad als serie van ontmoetingsplekken en landschapsbeleving
Voorbeelduitwerking, kaartbeeld indicatief 45
07
Een beloopbare campus
Fietsparkeren kunnen mogelijk functioneren als sociale hubs en touchpoints
Fietsparkeervoorzieningen kunnen plekken worden voor interactie: iedereen wordt voetganger. De fietsenstallingen zijn comfortabel en liggen op strategische plekken waar veel mensen samenkomen. Tegelijkertijd kunnen deze voorzieningen uitgroeien tot sociale hubs, door er functies aan toe te voegen. Denk aan een fietsenmaker, een pakketservice of een coffee & bikes, maar ook slimme combinaties met waterberging, energiewinning en ecologie behoren tot de kansen.
FIETSENMAKER ENERGY
KOFFIEBAR BIKES
OP BRANDPUNTEN
+
PAKKETSERVICE ....
LOGISCH OP DE ROUTE
ENERGIEOPWEKKING CAMPUSBATTERIJ
Campus TU Delft, Karres en Brands en Van Eig Architectuur
46
=
REPAIR WATERBUFFER
COFFEE
08
STIMULEREN VAN ONTMOETING EN KRUISBESTUIVING Op de ASML-campus komt ontmoeting niet toevallig tot stand, maar wordt deze bewust gefaciliteerd door de ruimtelijke structuur. In het bijzonder speelt de buitenruimte hierin een sleutelrol. Gebaseerd op de uitgangspunten uit het Kwaliteitsboek BIC Campus, speelt de fysieke campusinrichting, met het campuspad als levensader, een cruciale rol bij het stimuleren van ontmoeting en kruisbestuiving tussen medewerkers. Het campuspad verbindt atria, werkruimtes, voorzieningen en groenroutes, en vormt daarmee de ruggengraat van een interactief ecosysteem. Langs deze route ontstaan natuurlijke touchpoints die spontane interacties faciliteren, juist buiten de formele context van de werkvloer. Dat creëert kansen voor informele uitwisseling: van technische inzichten, creatieve oplossingen, of een simpel ‘hoe gaat het?’—contactmomenten die anders onbewaakt blijven. De buitenruimte is niet slechts een verbinding tussen gebouwen, maar vormt een levendig integraal toegankelijk interactielandschap waarin ‘Brains’ en ‘Hands’ elkaar spontaan kruisen. Uiteindelijk ondersteunt deze integrale aanpak – campuspad, employee-services, touchpoints, ruimtelijk ontwerp én cultuur – de ASMLcommunity optimaal. Het Campuslandschap biedt ruimte voor het maken van plekken zowel ontmoeting als afzonde-
47
ring, waardoor een gebalanceerd interactiemilieu ontstaat waarin duurzame samenwerking op natuurlijke wijze groeit. Deze plekken vervullen een meervoudige functie: ze ondersteunen niet alleen de dagelijkse routines, maar stimuleren ook de uitwisseling tussen verschillende disciplines. Faciliteiten zoals Eat & Meet-plekken, outdoor plaza’s, cafés en businesscenters trekken van nature levendigheid aan en bevorderen informele interactie. Tegelijkertijd groeit de behoefte aan sportieve en ontspannende voorzieningen in de buitenruimte, waar natuurbeleving en herstel een evenwichtige tegenhanger vormen van het dynamische werkritme. Niet alleen de functie, ook de vorm telt. Inrichting van de campus beoogt een afwisseling tussen levendige plekken vol reuring en rustige hoekjes waarin concentratie en reflectie mogelijk zijn. Denk aan open atria met zicht op het landschap; deelwerkplekken in de buitenruimte die ’s ochtends druk zijn maar waar je tegen het eind van de dag ook in alle rust kunt gebruiken; of groene dakterassen waar men informeel kan sparren of juist in alle stilte kan doorwerken. Door die wisselwerking ontstaat een interactiemilieu waar medewerkers bewust hun plek kiezen afhankelijk van de behoefte: denken, delen of doorschakelen.
‘‘EEN GOED VERBONDEN COLLECTIEVE STRUCTUUR STIMULEERT ONTMOETING, KRUISBESTUIVING EN GEMEENSCHAPSZIN’’
08
Stimuleren van ontmoeting en kruisbestuiving
Campuspad en touchpoints in basis binnen 10m zone (aansluitend aan EVZ). Waar dat vanuit gebruik en gebouwd programma mogelijk is, op ASML-terrein
Landschapspark Bulkenaar, Karres en Brands
Nature Park East Park Cluj-Napoca, Karres en Brands
48
Voorbeelduitwerking, kaartbeeld indicatief ASML onderzoekt of én wanneer campuspad over eigen terrein kan lopen. In de basis ligt campuspad binnen EVZ (50+10m)
08
Stimuleren van ontmoeting en kruisbestuiving
Touchpoints, Collectiviteit en employee services Interactie en afzondering
+
SOCIAL SPACE
49
QUIET SPACE
08
Stimuleren van ontmoeting en kruisbestuiving
50
Touchpoints, Collectiviteit en employee services Interactie en afzondering
08
Stimuleren van ontmoeting en kruisbestuiving
Campushart - optie 1 Behoud verkeersbrug Dirk Noordhoflaan
• Bij opstellen van inrichtingsplannen zal behoud van de huidige verkeersbrug over de Ekkersrijt ook als optie onderzocht worden.
195
+19.00
8%
Helling
51
+22.50
EVZ
+19.00
8%
Helling
08
Stimuleren van ontmoeting en kruisbestuiving
Campushart - optie 2 Incisie voormalige Dirk Noordhoflaan, met parkbrug, paviljoengebouw en ‘common green’
• Onderzoeken van mogelijkheid tot vervanging verkeersbrug Dirk Noordhoflaan • Landschap als integraal onderdeel van de campus, geen obstructies • Ruimte voor natuur en beleving EVZ vanaf ooghoogte • Menselijke maat, geen infrastructuur
• Vervanging van de brug, met als bijkomend voordeel dat een nieuw ontwerp beter ingepast kan worden met het Campuspad en de L-touchpoints, is een terugvaloptie. Het initiatief voor deze verkenning zal aanvankelijk bij ASML liggen.
195
+19.00
Voorruimte
52
+19.00
+19.00
Park
EVZ
Park
Voorruimte
08
Stimuleren van ontmoeting en kruisbestuiving
Incisie voormalige Dirk Noordhoflaan, met parkbrug, paviljoengebouw en ‘common green’
Wageningen Campus, Michael van Gessel Landschapsarchitect
Kromhout Kazerne, Karres en Brands
Voorbeelduitwerking, kaartbeeld indicatief 53
Wageningen Campus, Michael van Gessel Landschapsarchitect
54
09
Bovenop
GEZONDE, GROENE BUITENRUIMTES OP MEERDERE NIVEAUS
De campus wordt ontworpen als een gelaagd landschap waarin gezondheid, groen en sociale interactie centraal staan. Door op strategische wijze te spelen met diversiteit in bouwvolumes, porositeit en een doorwaadbare openbare ruimte, ontstaat een levendig en sociaal duurzaam geheel dat bijdraagt aan een comfortabel microklimaat. De gebouwen zijn niet enkel functionele dragers van werkplekken, maar vormen samen met hun omgeving een dynamisch ecosysteem waarin natuur en mens op natuurlijke wijze samenkomen. Op verschillende niveaus binnen het campusterrein worden kansen gecreëerd voor ontmoeting, ontspanning en samenwerking. Collectieve daktuinen op uiteenlopende hoogtes bieden plekken om te pauzeren of informeel samen te werken, met voorzieningen die uitnodigen tot verblijven. Verticale groene gevels dragen niet alleen bij aan het esthetisch beeld en de biodiversiteit, maar functioneren ook als klimaatbuffers. Daken transformeren in ac55
Gevel
tieve ontmoetingsruimtes en werken samen met groene outdoor-plaza’s op maaiveldniveau, die direct aansluiten op de gebouwen, aan een gevoel van openheid en verbondenheid. Ecologische daktuinen in verschillende groottes versterken bovendien de biodiversiteit en maken van de campus een levend systeem. Doordat deze groene buitenruimtes verspreid over en tussen de gebouwen zijn gepositioneerd, ontstaat een rijke gelaagde werkomgeving waarin groen letterlijk en figuurlijk binnen handbereik is. Op slechts enkele meters afstand van elke werkplek bevindt zich een stukje natuur, waarmee de campus in zijn totaliteit transformeert tot een verticaal groen park. Deze visie draagt niet alleen bij aan het welzijn van de gebruikers, maar versterkt ook de veerkracht en toekomstwaarde van de gebouwde omgeving.
Plint en maaiveld
09
Gezonde, groene buitenruimtes op meerdere niveaus
Plekken op gebouwen
PROTECTION FROM TRIGGERING NEW CONTACTS WIND & SHADE GREEN TO REFRESH YOUR BRAIN INFORMAL MEETING AREAS
56
09
Gezonde, groene buitenruimtes op meerdere niveaus
TRIGGERING NEW CONTACTS
INFORMAL MEETING AREAS
57
Plekken aan gebouwen
OUTDOOR PLAZA WIND & SHADE GREEN TO REFRESH YOUR BRAIN
09
Gezonde, groene buitenruimtes op meerdere niveaus
NATURAL WAYFINDING EASY ROUTING
58
Plekken rondom gebouwen
SPORTS AND ACIVITIES WELCOMING AND SHOWCASE
Campus Heijendaal Nijmegen, Karres en Brands
59
10
HERKENBAAR ASML
De buitenruimte van de ASML-campus wordt ontwikkeld als herkenbare omgeving voor de ASML-medewerker, waarin de kernwaarden Work, Meet, Learn, Share op vanzelfsprekende wijze tot leven komen. Deze waarden vormen de ruggengraat van het ontwerp en zorgen voor een campus waar medewerkers, bezoekers en partners zich kunnen verbinden, ontwikkelen en floreren. De inrichting faciliteert het samenwerken buiten de muren van het kantoor. Schaduwrijke zitplekken, geïntegreerde werktafels met stroomvoorziening en een stabiele wifi-verbinding maken het mogelijk om te werken in een inspirerende, natuurlijke omgeving. Het groen wordt strategisch ingezet om rust te creëren en stress te verminderen, waardoor concentratie en creativiteit worden gestimuleerd. De buitenruimte is ontworpen voor iedereen: toegankelijk, veilig, klimaatadaptief en toekomstbestendig. Duurzame materialen, circulaire principes en een biodiverse beplanting zorgen ervoor dat de campus niet alleen functioneel en aantrekkelijk is, maar ook ecologisch waardevol. Ontmoeting staat centraal in de inrichting. Er worden
60
zones gecreëerd waar informele gesprekken kunnen ontstaan, zoals pleinen met zitranden, paviljoens of sportvoorzieningen. De routing en positionering van deze plekken zijn zorgvuldig gekozen om kruisbestuiving tussen afdelingen en disciplines te bevorderen. Het landschap nodigt uit tot interactie, van korte overleggen tot netwerkborrels. Zo draagt de buitenruimte ook actief bij aan kennisontwikkeling. Denk aan educatieve tuinen, interactieve installaties en plekken voor reflectie en dialoog. Buitenwerkplekken en amfitheater-achtige zones bieden mogelijkheden voor trainingen, evenementen en experimenten in de open lucht. De campus wordt ingericht als een plek waar het delen van inzichten vanzelfsprekend is. Kunstwerken, lunchroutes en showrooms geven ruimte aan verhalen van medewerkers, innovaties en maatschappelijke betrokkenheid. In de gedeelde tuinen, sportvelden en ontmoetingspleinen ontstaan nieuwe verbindingen tussen mensen en ideeën – spontaan en ongedwongen. De campus wordt zo een tastbare uitdrukking van ASML’s commitment aan innovatie, welzijn en samenwerking.
‘”EEN GEDEELDE CAMPUS, EEN EIGEN KARAKTER’’
10
Herkenbaar ASML
INCLUSIVE EFFICIENT
INNOVATION
INSPIRING
SECURE FLEXIBILITY
WORK, MEET, LEARN, SHARE SUSTAINABLE
HEALTH
HIGH TECH Bedrijfsprofiel: website & communicatie 61
PERSONAL
PRODUCTIVITY ATTRACTING TALENT
10
Herkenbaar ASML
WELCOMING EFFICIENT FLOWS
SMART SOLUTIONS
REFLECTS ASML VALUES AND ACTIVITIES
CLEAR
MULTIFUNCTIONAL
WORK, MEET, LEARN, SHARE FUTURE-PROOF
ENVIRONMENT
HIGH QUALITY Bedrijfsprofiel vertaald naar ruimtelijke kwaliteit 62
ADAPTIVE
CLEAR YOUR MIND REPRESENTATIVE
10+1
HACKABLE SPACES
Op de ASML Campus zijn zogeheten ‘Hackable Spaces’ in het leven geroepen om een flexibele en open manier van ruimtegebruik te faciliteren. Ze dragen bij aan het individuele en collectieve zeggenschap op buiten de werkinteracties met elkaar af te spreken en op een andere manier gebruik te maken van de campusruimte denk aan een startpunt voor de ASML marathon-community, samen iets te bouwen, een tijdelijk evenement te maken en dergelijke. De ligging van de Hackable Spaces – vaak in de nabijheid van gebouwen – versterkt hun rol als verlengstuk van de formele werkomgeving. Ze vormen een brug tussen individuele collectieve interesses, tussen geplande interactie en spontane ontmoeting. Sommige ‘Hackable Spaces’ richten zich op ontspanning en sociale interactie, andere zijn juist ingericht als stilte en rust of modulaire zones die zich gemakkelijk laten aanpassen aan veranderend gebruik. De kracht ligt in het open en tijdelijke karakter: ze zijn niet gebonden aan vaste functies of gebruikers, maar nodigen juist uit tot informeel gebruik, experimentele vormen van samenwerking en het organiseren van kleinschalige bijeenkomsten of evenementen. 63
Om deze vorm van flexibiliteit werkelijk te laten functioneren, is een slim platform nodig dat het gebruik van de ‘Hackable spaces’ ondersteunt en organiseert. Zo’n platform maakt zichtbaar welke ruimtes beschikbaar zijn, op welke momenten en met welke voorzieningen. Tegelijkertijd faciliteert het de spontane toe-eigening van ruimte, zonder dat dit leidt tot chaos of conflicten. Door het platform als schakel tussen infrastructuur en gebruikerservaring te positioneren, ontstaat een ecosysteem waarin ruimtegebruik voortdurend kan worden gehackt, aangepast en vernieuwd — precies zoals de naam suggereert. De Hackable Spaces op de ASML Campus zijn daarmee geen vaststaande plekken, maar levende onderdelen van een adaptieve campusomgeving. Ze belichamen een visie waarin eigenaarschap, flexibiliteit en ontmoeting centraal staan — en waarin ruimte niet alleen wordt benut, maar voortdurend opnieuw wordt uitgevonden.
“EEN HACKABLE SPACE IS GEEN KANTOOR, MAAR EEN KATALYSATOR, WAAR IDEEËN, DISCIPLINES EN MENSEN BOTSEN OM IETS NIEUWS TE CREËREN.”