Bijlage 2 - DPIA Bodycam RU.Handhaving
Tekst van het document
De training verkleint tevens het risico op oneigenlijke inzet vande bodycams voor andere doelen dan de veiligheid van de handhavers. Ook worden de rechten van betrokkenen hierdoor beschermd. In de training wordt ook benadrukt dat het niet is toegestaan zelf, bijvoorbeeld met een smartphone, een opname te maken van het beeldscherm waarop een opname wordt getoond. Veilige verstrekking opnames aan de politie Bij de verstrekking van bodycam opnames aan de politie zijn de opnames
24 tijdens het transport versleuteld. Bovendien worden die opnames fysiek door een medewerker van afdeling Handhaving naar de politie gebracht. Daarbij wordt ook altijd een schriftelijke verklaring aan de politie meegegeven waarin onder andere staat datzij nu de verwerkingsverantwoordelijkheid overnemen en dat niet langer de AVG, maar de Wpg van toepassing is. Technisch beheer De beheerder van de software en hardware krijgt een aantal taken. De autorisatiematrix met gebruikers moet up-to-date worden gehouden om te voorkomen dat onbevoegde gebruikers toegang kunnen krijgen tot de opnames. Ook moet de technisch beheerder ervoor zorgen dat bij updates van de software geen algoritmes worden toegevoegd die toepassingen mogelijk maken die niet zijn voorzien, zoals kentekenherkenning of bijvoorbeeld automatische gezichtsherkenning. Controles De teamleider handhaving krijgt een aantal controlerende taken. Ten eerste zorgt hij ervoor dat er per kwartaal een overzicht wordt gemaakt van het aantal gemaakte opnames, inclusief informatie over hoeveel opnames zijn bekeken, verstrekt en vernietigd. Dat rapport wordt besproken met de handhavers en Privacy Officer. Ten tweede is de teamleider er verantwoordelijk voor dat elke handhaver die met een bodycam de straat op gaat de training heeft gevolgd.
Ten derde laat de teamleider elk kwartaal controleren of alle opnames die niet meer nodig zijn voor afhandeling van incidenten ook daadwerkelijk zijn vernietigd. Ten vierde laat de teamleider elke drie jaar een evaluatie van deze DPIA uitvoeren. Met deze controlerende taken is tijdens de pilot begonnen welke worden voortgezet na de pilot, als de bodycams tot de reguliere uitrusting van de boa behoren.
5.3
Planning uitvoering maatregelen Maatregel
Uit te voeren door
Geplande datum realisatie
Beveiliging bodycam, Kwaliteitsmanager dockingstation en opslag Afdeling Handhaving door middel van autorisaties en logbestanden
Direct na aanschaf bodycams en voordat de bodycams voor het eerst worden gebruikt door de boa’s Dit is gebeurd.
Informatievoorziening Afdeling communicatie richting burgers: pagina op in overleg met Afdeling de website met Handhaving veelgestelde vragen, informatie over inzageverzoeken en een persbericht
Uiterlijk een week voordat de bodycams voor het eerst worden gebruikt door de boa’s. Dit is gebeurd.
Training handhavers
Extern bureau onder Uiterlijk een dag voordat de aansturing van Afdeling bodycams voor het eerst worden Handhaving gebruikt door de boa’s. Dit is gebeurd.
Aanmaken en beheren autorisatiematrix met gebruikers
Technisch beheerder
Direct na aanschaf bodycams en voordat de bodycams voor het eerst worden gebruikt door de boa’s Dit is gebeurd.
25 Controles: Teamleider handhaving Elk kwartaal vanaf de start van de kwartaalrapportage over pilot opnames,zorgen dat elke Dit is gebeurd. boa de training heeft gevolgd, controle per kwartaal ofopnames daadwerkelijkzijn vernietigd
Een mechanisme van Teamleider Handhaving 1 juni 2023 controles, toezicht en audits (naast het controlerende taken van de teamleiders Handhaving) is op het moment van schrijven van dit DPIA rapport nog niet operationeel en zal worden meegenomen in de lijst van uit te voeren acties Na de pilot als wordt gekozen Evaluatie DPIA Teamleider voor invoering en vervolgens elke handhaving drie jaar Evaluatie van de pilot geweest waarvan een verslag is opgeleverd op 11 maart 2022 en op basis waarvan deze DPIA is opgesteld.
We werken conform het generieke proces “Uitvoeren DPIA”. De monitoring van de procedurele uitvoering hiervan wordt geborgd door de Privacy Officer van de sector. Naast de uit te voeren maatregelen worden ook de adviezen en aanbevelingen uit het eindadvies van de FG, in de vorm van acties ter implementatie, overgenomen in een plan van aanpak. Het plan van aanpak wordt daarom opgesteld direct nadat het eindadvies van FG is ontvangen. Hiervoor wordt een generiek format gehanteerd. Nadat het plan van aanpak is opgesteld, wordt direct tot implementatie over gegaan. Dit plan van aanpak wordt opgesteld in de vorm van een PDCA-cyclus. Het bevat een planning van de te implementeren maatregelen uit dit rapport en de adviezen en aanbevelingen uit het eindadvies van FG. In de vorm van concrete acties met een implementatie deadline en borging. De verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van de DPIA en daarmee voor de uitvoering van het plan van aanpak ligt bij het sectorhoofd. De uitvoering van het plan van aanpak is gedelegeerd naar de proceseigenaar. De Privacy Officer checkt bij de proceseigenaar de stand van zaken en de proceseigenaar koppelt aan de Privacy Officer de stand van zaken terug. Wanneer implementatie afgerond is, is de DPIA afgerond. De Privacy Officer plant de herhaal-DPIA in, in verband met het cyclische karakter van de DPIA.
5.4
Restrisico’s Voor elk privacyrisico is minimaal één beschermingsmaatregel getroffen. Hierdoor wordt het brutorisico van de bodycams verlaagd tot een acceptabel nettorisico. Er zijn geen restrisico’s over waar geen beschermingsmaatregelen voor konden worden getroffen. Het enige mogelijke ‘risico’ waar nog geen goede mitigerende maatregel voor kon worden gevonden is de algemene grondslag art. 6.1f AVG jo. Arbowet en Burgerlijk Wetboek (de verplichting een goed werkgever te zijn). De politie baseert de inzet van de bodycams op art. 3 Politiewet waarin de taak van de
26 politiewordt gedefinieerd en begrensd. In combinatie met het Inzetkader Bodycams ende gegevensbeschermingseffectbeoordeling bodycams is de verwerking van politiegegevens met bodycams voldoende gereguleerd. Er is geen vergelijkbare wet voor de taakstelling van boa’s. Daarom wordt gekozen voor een algemene grondslag. Met dit risico worden alle Nederlandse gemeenten die bodycams willen uitreiken aan hun boa’s geconfronteerd. Het is volgens de gemeente Eindhoven een gerechtvaardigd belang om opnames met bodycams te maken voor de veiligheid van de medewerkers. Maar het blijft een juridische inschatting of de bodycams inderdaad hooguit een geringe inbreuk op grondrechten maken.
5.5
Format gemeente Eindhoven De gemeente Eindhoven hanteert een eigen format voor DPIA’s. Daarin worden tien privacyrisico’s genoemd die aandacht moeten krijgen. In deze DPIA is een opbouw gekozen die beter aansluit bij de specifieke risico’s van bodycams. Voor de volledigheid wordt in de tabel hieronder aangegeven waar elk van de tien risico’s wordt besproken.
6.
Rechtmatigheid
Zie par. 2.2
Doelbinding
Zie risico 3, par. 5.1 en 5.2
Juistheid, actualiteit en volledigheid
(Door de aard van de gegevens is dit niet van toepassing bij bodycams)
Dataminimalisatie
Zie uitgangspunten en par. 5.2
Bewaartermijnen
Zie par. 3.1 en 5.1
Locatie van verwerking
Zie risico 5 en par. 5.2
Technische en organisatorische beveiligingsmaatregelen
Zie hfstk. 5.
Training en instructie van medewerkers
Zie par. 5.2
Inschakelen van verwerkers of verwerking met meerdere partijen
Niet van toepassing: er zijn geen verwerkers
Informatieplicht
Zie par. 5.2
Verklaring Met het indien van deze herhaal DPIA voor advies bij de FG wordt verklaard dat deze actueel en volledig is.
Bijlage 1. Planning Uitvoering maatregelen