CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Bestemmingsplan 'V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat 1-3)

Gemeenteraad 19 april 2022, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoostel Vaststelling bestemmingsplan V Gestel binnen de Ring 2007 Kneppelhoutstraat 1-3)30.776 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Hiermee wordt het rioolstelsel bij piekbuien ontlast met als gevolg beperking van wateroverlast. Daarnaast wordt het oppervlaktewatersysteem gelijkmatiger belast. Als ondersteuning voor de berekening van de waterbergingsopgave op privaat terrein is een rekentool ontwikkeld, te vinden via de website rekentool.eindhovenduurzaam.nl/. Ontwerpnorm waterberging privaat terrein De waterbergingsopgave geldt voor alle nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen op privaat terrein in Eindhoven. In gebieden waar vanuit het verleden afspraken over waterberging zijn gemaakt, wordt in overleg bepaald of en hoe de waterbergingsopgave in de ontwikkeling wordt verhoogd. Klimaatverandering kan namelijk ook in deze gebieden aanvullende waterberging noodzakelijk maken en daarmee het risico op waterschade aan (nieuw)bouw verlagen. Indien nodig worden hierover maatwerkafspraken gemaakt. In het beleid 'Klimaatrobuust (her)inrichten en ruimtelijk ontwikkelen' wordt onderscheid gemaakt tussen ontwikkelingen met 150 m² of meer verharding binnen het plangebied en kleinere ontwikkelingen tot 150 m² verharding binnen het plangebied. Voor de eerste groep geldt de eis tot 75 mm waterberging per m² verharding. Dit komt overeen met 75 liter waterberging per m² of voor een bouwplan met 400 m² verhard oppervlak 30 m³ (ofwel 30.000 liter) waterberging. Voor de tweede groep is de eis tot 25 mm.

Dit komt overeen met 25 liter waterberging per m² of voor een woning met 100 m² verhard oppervlak 2,5 m³ (ofwel 2500 liter) waterberging. De ontwerpnormen ter voorkoming van wateroverlast betekenen voor particulieren, ontwikkelaars en de gemeente een opgave om klimaat adaptief te bouwen. Vanaf 1 januari 2020 geldt voor particulieren en ontwikkelaars een wateropgave om bij ruimtelijke ontwikkelingen klimaat adaptief handelen. De datum van indiening van de omgevingsvergunning is leidend. De uitzonderingsregel is geregeld in artikel 32.2.2 van de regels. Stimulans klimaatadaptatiebeleid De gemeente Eindhoven draagt met het klimaatbeleid ook bij aan het verbeteren van de kwaliteit van een gezonde leefomgeving en meer biodiversiteit door de voorkeur te geven aan vergroenen als klimaat adaptieve maatregel. Het beleid is zo opgesteld dat vergroening op privaat terrein bij nieuwbouw wordt gestimuleerd en beloond. Hoe groener een plangebied wordt ingericht hoe lager de waterbergingseis in mm wordt. Ook groene ontwikkelingen in groen arme buurten worden op deze manier gestimuleerd. De website geeft een overzicht van deze mogelijke beloningen via de 'rekentool'. De stimuleringsregeling waarbij méér groen een lagere waterbergingsopgave oplevert geldt voor 80

vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

ruimtelijke ontwikkelingen op privaat terrein. 5.3.3

Toelichting rekentool

De gemeente Eindhoven maakt bij de beoordeling van de voor een nieuwe ontwikkeling in een plangebied voorgestelde maatregelen gebruik van een rekentool. Deze rekentool klimaatopgave, beschikbaar op rekentool.eindhovenduurzaam.nl, maakt het een ontwikkeling mogelijk interactief haar plangebied en de te nemen maatregelen te beschrijven en te controleren of aan de gemeentelijke eisen wat betreft waterberging en vergroening wordt voldaan. Bovendien kan een afschrift van de beschrijving van het plangebied en de keuze van de maatregelen met voorbeelden voor de verdere uitwerking gedownload worden om bijgevoegd te worden bij de eventuele watertoets of aanvraag van de omgevingsvergunning. De werking van de rekentool kan worden aangepast aan nieuwe inzichten en de uitkomst van de laatste versie van de tool is maatgevend. Principewerking van de rekentool De rekentool klimaatopgave vraagt de klimaatrobuuste maatregelen te specificeren die zijn voorzien in het ontwerp binnen het plangebied en, waar nodig, hoe groot de oppervlakken zijn waar deze worden toegepast. Hieruit berekent de tool welk deel van het regenwater van een bui binnen het plangebied geborgen moet worden (de waterbergingsopgave, het grijze deel) en welk deel de klimaatrobuuste maatregelen zelf voor hun rekening nemen (het groene deel). Daarna kunnen nog extra maatregelen toegevoegd worden.

Het doel is dat alle maatregelen bij elkaar de totale waterbergingsopgave (berging van al het water van een bui) van het plangebied voor hun rekening nemen. De specificatie van maatregelen en oppervlakken vindt interactief plaats: de tool laat direct het effect van deze specificaties zien op de daaruit afgeleide totale waterbergingsopgave; daarnaast laat de tool op een aantal manieren visueel zien wat de individuele groene en grijze bijdrage van een maatregel is. Vóór elke maatregel staat in de tool een i-symbool; door daarop te klikken wordt meer informatie over die maatregel gegeven zoals specifieke uitvoeringseisen en links naar achtergrondinformatie. De tool doorloopt hierbij vier stappen: Wat zijn de kerngegevens van het project? Welke klimaatrobuuste maatregelen worden binnen het plangebied gerealiseerd? Hoe lost u de resterende waterbergingsopgave op? Download het resultaat. Als een omgevingsvergunning wordt aangevraagd, voeg dit resultaat dan, inclusief uitwerking, bij die aanvraag.

vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

81

5.4

Beschrijving watersysteem plangebied

5.4.1

Checklist watersysteem

5.4.2

Gebied specifieke eigenschappen m.b.t. water

In de bestaande situatie bestaat het projectgebied uit twee verschillende bestemmingen; twee woningen aan de Kneppelhoutstraat met garageboxen op achter terrein. De tuinen hebben een groenoppervlakte van 194,3 m2. Hoewel de tuinen niet geheel groen zijn (delen met terras), worden deze in het overzicht voor de eenvoud toch als geheel groen beschouwd. Het totale dakoppervlakte van woningen met aanbouwen en garageboxen/loodsen omvat 669,2 m2 verharding. De bestrating bij de garageboxen bestaat uit betonplaten. Dit komt samen neer op een groenpercentage van 18,6%. De staat van het groen en het overige verhard oppervlakte is te beoordelen als verwilderd en slecht onderhouden. Van een kwalitatieve groenvoorziening is geen sprake. De enkele bomen die in de verwilderde achtertuinen staan worden weggehaald. De maaiveldhoogte van het plangebied bedraagt +18,83 m NAP. Op basis van in het kader van bodem- en grondwateronderzoek tot stand gekomen boorprofiel 05 kan worden geconcludeerd dat de bodem tot 2 meter is opgebouwd uit zeer fijn, zwak siltig zand. Boorprofiel 06 toont aan dat de bodem tot 3 meter is opgebouwd uit matig fijn, zwak siltig zand. De overige boorprofielen laten ook een matig fijne tot zeer fijne zandlaag zien. Het grondwaterboekje (Bot, 2011) geeft voor zeer fijn tot matig fijn zand een doorlatendheid tussen 1 en 15 meter per dag.

Infiltratie is in principe mogelijk wanneer de bodem een doorlatendheid heeft van 0,8 meter per dag. Uit het bodemonderzoek is gebleken dat de bodem in principe geschikt is voor infiltratie. Derhalve wordt in de waterparagraaf ervan uitgegaan dat infiltratie van het hemelwater in de bodem mogelijk is Vastgesteld is verder dat de stroming van het freatisch grondwater globaal noordoostelijk gericht is en zich bevindt op een hoogte van 16 m+NAP. De stromingsrichting van het 1e watervoerende pakket is eveneens noordoostelijke richting. De stijghoogte is onbekend. In het plangebied is geen oppervlaktewater aanwezig. Op een afstand van circa 400 meter ten zuidoosten stroomt de Dommel. Ter plaatse is een gemengd rioolstelsel aanwezig volgens het Gemeentelijk Rioleringsplan van Eindhoven. Hierop kan de ontwikkeling worden aangesloten. 82

vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

Het plangebied is gecontroleerd op overige raakvlakken met functies die voor de waterhuishouding van belang zijn. Uit gegevens van de provincie Noord-Brabant en Waterschap de Dommel blijkt dat het plangebied niet in of nabij een keurbeschermingsgebied, waterbergingsgebied, KRW-waterlichamen, meandering, bij beekherstel: profiel van vrije ruimte, natte natuurzones, natuurvriendelijke oevers, boringvrije zone, grondwaterbeschermings- of winningsgebied ligt. Ook is geen sprake van (regionale) waterkeringen.

5.5

Toekomstige situatie van het watersysteem

De ontwikkeling in het plangebied bestaat uit de realisatie van vijf woongebouwen. In de nieuwe situatie worden extra groenvoorzieningen aangelegd middels een gezamenlijke semi openbare binnenterrein, zodat het groen weer zichtbaar wordt in de openbare ruimte. Het toegankelijke binnenterrein omvat een groen maaiveld tussen de verharde paden en halfverharde tuinen. Met een groenoppervlakte van 262 m2 en half verharde groenoppervlakte 91 m2 (50% van 182 m2) is het totaal groenpercentage ruim 50% ten opzichte van de verharde dakoppervlakte (490 m2) en looppaden (114 m2). De verdeling verhard oppervlak bestaande – en nieuwe situatie is weergeven in onderstaande weergave :

In de als bijlage 6 opgenomen rapportage van Trtium Advies BV d.d. 10-02-2021 (2009/195/JOW-04) is de waterparagraaf behorende bij de ontwikkeling inclusief bijbehorende "rekentool klimaatopgave" opgenomen, e.e.a. op basis van het voorlopig ontwerp. De klimaattool geeft een (nog) te realiseren waterbergingsopgave van 31,3 m3 weer. De gemeente Eindhoven stimuleert groene en bovengrondse oplossingen in groenarme wijken. De ontwikkeling vindt plaats in een groenarme wijk. Om te voldoen aan de (nog) te realiseren waterbergingsopgave van 31,3 m3 is het mogelijk om 24,1 m3 aan extra waterberging op het maaiveld te realiseren (wadi/sloot/verlaagd groen). Een andere oplossing is om 39,1 m3 extra waterberging in ondergrondse voorzieningen met leegloop op het gemeentelijk riool aan te leggen, middels bijvoorbeeld infiltratiekratten.

vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

83

Door het nemen van één van deze maatregelen kan de waterbergingsopgave worden teruggebracht en wordt voldaan aan de waterbergingsopgave. Er zijn voorts andere oplossingen om te voldoen aan de compensatie-eis. Zo kan worden gedacht aan groene gevels, watervasthoudende plantenbakken, etc. Verder is het mogelijk om gebruik te maken van regentonnen of een gedeelte van het dak groen in te vullen om enerzijds de compensatie-eis te verkleinen, anderzijds om het waterbewustzijn van de toekomstige bewoners te vergroten. Uiteraard kan er ook voor een combinatie van oplossingsrichtingen worden gekozen. Het hemelwater zal gescheiden van het afvalwater worden ingezameld. Geadviseerd wordt om het ontwerpen en het aanleggen van een (eventuele) infiltratievoorziening door een op dit gebied ervaren specialist uit te voeren. Het opstellen van een nader plan van aanpak (detailtekening en -berekening), het (eventueel) toepassen van grondverbetering en het realiseren van onderhoudsmogelijkheden maken in de regel onderdeel uit van deze werkzaamheden. Op deze wijze moet voorkomen worden dat de (eventuele) toekomstige infiltratievoorziening onjuist gedimensioneerd zijn, op de verkeerde diepte worden aangelegd, onvoldoende functioneert of dat de infiltratiecapaciteit na verloop van tijd te snel en te veel terugloopt. Conclusie is dat kan worden voldaan aan de wateropgave.

5.6

Advies / overleg Waterschap

Waterschap de Dommel heeft aangegeven in te kunnen stemmen met onderhavig bestemmingsplan.

84

vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

Hoofdstuk 6

6.1

Juridische vormgeving

Algemeen

Het bestemmingsplan "V Gestel binnen de Ring (Kneppelhoutstraat)" is te typeren als een gedetailleerd plan. De methodiek van het bestemmingsplan is gebaseerd op de SVBP2012. Waar dat noodzakelijk is, wordt afgeweken van de standaard en kan specifiek toegesneden worden op de feitelijke situatie in het onderhavige plangebied.

6.2

Planmethodiek

Er is, volgens de Wro, gekozen voor een analoge en digitale verbeelding van het plan. Aan de bestemmingen zijn bouw- en gebruiksregels gekoppeld die direct inzichtelijk maken welke ontwikkelingen zijn toegestaan. Verbeelding en regels bieden een directe bouwtitel voor bebouwing en gebruik.

6.3

Verbeelding

In de analoge en digitale verbeelding hebben alle gronden binnen het plangebied een bestemming gekregen. Binnen een bestemming kunnen nadere aanduidingen zijn aangegeven. Deze aanduidingen hebben slechts juridische betekenis indien en voor zover hier in de regels naar wordt verwezen. Ten behoeve van de leesbaarheid is het plan op een topografische ondergrond getekend. De bestemmingen en de aanduidingen zijn ingedeeld in de hoofdgroepen volgens de SVBP2012 en zijn op de verbeelding opgenomen in het renvooi. Opgemerkt wordt dat de analoge en digitale verbeelding qua verschijning van elkaar verschillen omdat de manier van raadplegen verschillend is. De digitale verbeelding is juridisch bindend.

6.4

Planregels

De planregels zijn ondergebracht in inleidende regels, in bestemmingsregels, in algemene regels en in overgangs- en slotregels. De Inleidende regels bestaan uit begrippen en de wijze van meten, teneinde te voorkomen dat discussie ontstaat over de interpretatie van de regels. In Artikel 1 Begrippen wordt een omschrijving gegeven van de in de regels gehanteerde begrippen. Als in de regels gebruikte begrippen niet in dit artikel voorkomen, dan geldt de uitleg/interpretatie conform het normale taalgebruik. In "Artikel 2 Wijze van meten" worden de te gebruiken meetmethodes vastgelegd. Het bestemmingsplan kent de bestemming "Wonen", zoals vervat in artikel 3, op basis waarvan de gronden bestemd zijn voor woongebouwen in de vorm van gestapelde woningen al dan niet in combinatie met ruimte voor een aan-huis-verbonden beroep of bedrijf. Hierbij behorend zijn tuinen, erven en terreinen, wegen en paden, parkeervoorzieningen, groenvoorzieningen, speelvoorzieningen, water en waterhuishoudkundige voorzieningen, voorzieningen voor het opwekken van duurzame energie, nutsvoorzieningen alsmede gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. De bouwregels en de omschrijving van strijdig gebruik completeren het betreffende artikel 3. Onder de algemene regels zijn opgenomen de anti-dubbeltelregel, de algemene aanduidingsregels, de algemene afwijkingsregels en de overige regels.

vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

85

In de overgangs- en slotregels zijn het overgangsrecht en de slotregel opgenomen.

86

vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

Hoofdstuk 7

Handhaving

In Eindhoven streven we naar een aantrekkelijke stad waar inwoners en bezoekers zich welkom, thuis en veilig voelen. Voor het behoud van een prettige leefomgeving zijn regels nodig. Het voorkomen van overtredingen en de bereidheid om regels na te leven heeft een hoge prioriteit. Hoe dit wordt vormgegeven staat in de 'nota Handhaving Leefomgeving 2018-2021'. De nota is op 27 februari 2018 door het college vastgesteld. Het is een integraal beleidsplan waarin op hoofdlijnen de keuzes voor het handhaven van de fysieke leefomgeving staan beschreven. Op basis van de nota wordt jaarlijks een uitvoeringsplan opgesteld waarin de aanpak wordt geconcretiseerd. Uitgangspunten Bij de vertaling van dit beleidskader naar een concreet, jaarlijks uitvoeringsplan worden een aantal uitgangspunten in acht genomen. De belangrijkste uitgangspunten zijn: Informatie gestuurd De gemeente Eindhoven ziet informatie gestuurde handhaving als een belangrijke pijler. Er zijn ontwikkelingen op het gebied van ICT en data analyse. Door gemeentelijke en andere informatiebronnen te ontsluiten, te analyseren en te combineren kunnen we een problematiek eerder (of preventief) en gerichter aanpakken. Gebiedsgericht Om optimaal in te kunnen spelen op vraagstukken van inwoners zet de gemeente Eindhoven binnen het ruimtelijk domein al geruime tijd in op gebiedsgericht toezicht.

Dit doen we door vanuit een actieve samenwerking met wijkteams - te kijken naar naleefgedrag, oorzaken en oplossingen gerelateerd aan geografische gebieden. Er zijn verschillende vragen, doelgroepen en belangen. Kennis wordt gedeeld en ervaringen van inwoners en bedrijven worden verzameld. Deze input is van invloed op de prioriteiten in het jaarlijkse uitvoeringsplan, waar mogelijk toegespitst op een specifieke wijk. Per wijk kunnen er dus op basis van gebiedsanalyses en bijvoorbeeld buurtcontracten verschillende bouwstenen zijn voor het uitvoeringsplan. Risico- en oplossingsgerichte benadering De gemeente Eindhoven benadert toezicht en handhaving risico- en oplossingsgericht. De prioriteiten worden in beginsel gebaseerd op een inschatting van de veiligheids- en gezondheidsrisico's voor inwoners. Ook aspecten als leefbaarheid, duurzaamheid en omgevingskwaliteit wegen in belangrijke mate mee. Daarnaast worden prioriteiten mede gebaseerd op wat inwoners en bedrijven belangrijk vinden. Eindhoven hecht eraan om vraagstukken waar mogelijk gezamenlijk op te lossen. Er zijn onderwerpen die in algemene zin aandacht vragen. Brandveilig gebruik van woongebouwen verdient (nog) meer aandacht, in de context van kwetsbare groepen die langer zelfstandig blijven wonen. Ook aanpak van jeugdoverlast, duurzaamheid en de bestaande bouw zijn voorbeelden.

Er wordt gezocht naar de beste oplossing die nodig is voor het versterken van de veiligheid in de leefomgeving van onze inwoners. Hiermee ontstaat een risicoanalyse op basis waarvan vervolgens de prioriteiten binnen het toezicht worden gesteld. Uitvoeringsplannen en jaarverslagen bevatten een overzicht van de inzet en capaciteit voor handhaving. In het verlengde van informatie gestuurde en oplossingsgerichte handhaving vergt doelmatige handhaving een analyse van resultaten. Meetbare doelen om te beoordelen of de beschikbare capaciteit zo doelmatig mogelijk wordt ingezet. We beogen in de komende jaren een ontwikkeling door te maken in de vierslag capaciteit – prioriteit – risicoanalyse nalevingsniveau. Dit moet onder andere leiden tot meer inzicht in de relatie tussen vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

87

handhavingsinspanningen en het nalevingsniveau (effect). Prioritering De gemeente Eindhoven maakt keuzes om ervoor te zorgen dat de beschikbare capaciteit zo adequaat mogelijk wordt ingezet. Om goede prioriteiten te stellen is inzicht noodzakelijk in mogelijke problemen, de risico's en negatieve effecten. Hierdoor kan beter ingespeeld worden op de grootste ergernissen en notoire overtreders en draagt handhaving bij aan een verhoogd gevoel van veiligheid. Met inachtneming van de uitgangspunten zijn in de nota prioriteiten gesteld. Aan de hand van deze prioriteiten, het budget uit de programmabegroting, incidentele bestuurlijke prioriteiten en het naleefgedrag van burgers en bedrijven, wordt jaarlijks het uitvoeringsplan voor toezicht en handhavingsprogramma opgesteld.

In het uitvoeringsplan wordt op hoofdlijnen opgenomen waar de capaciteit dat jaar wordt ingezet. Daarbij is een onderverdeling gemaakt in: Object en informatiegericht - Bouwen en Wonen - Openbare leefomgeving - Bedrijven Gebiedsgericht - Pilot Veiligheid en leefbaarheid - Actiegebieden Bij ieder onderdeel worden jaarlijks een aantal belangrijke ontwikkelingen op het gebied van toezicht en handhaving opgenomen. Dat kan bijvoorbeeld gaan om woonoverlast bij de Activiteiten Bouwen & Wonen. Of duurzaamheid en energiebesparing bij de Activiteiten Bedrijven. Bovengenoemde onderverdeling komt in elk uitvoeringsplan terug. Per jaar wordt aangegeven welke prioriteit een onderdeel heeft en hoeveel capaciteit er wordt ingezet.

Om overtredingen te voorkomen en goed te kunnen handhaven is het belangrijk dat regels duidelijk zijn. Het moet duidelijk zijn wat wel en niet mag. Regels dienen niet voor verschillende uitleg vatbaar te zijn. Bij het opstellen van bestemmingsplannen is daarom gekozen voor een zo helder mogelijke juridische methodiek. De regels zijn zo geschreven, dat deze in de praktijk goed toetsbaar zijn. De juridische toelichting op het bestemmingsplan en de begrippenlijst geven nadere uitleg over de regels en over de begrippen die gebruikt worden.

88

vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

Hoofdstuk 8

Financiële aspecten

Bij de vaststelling van een bestemmingsplan, waarin ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt, dient de gemeenteraad eveneens een exploitatieplan vast te stellen. Dit heeft te maken met de wettelijke verplichting om de kosten die de gemeente moet maken om deze ontwikkeling mogelijk te maken, te verhalen op de eigenaar/ontwikkelaar. Van deze verplichting tot het vaststellen van een exploitatieplan kan worden afgezien indien het kostenverhaal op een andere manier is geregeld. Dit kan bijvoorbeeld door middel van gemeentelijke gronduitgifte of door het afsluiten van een overeenkomst. In dit plangebied is geen sprake van gemeentelijke gronduitgifte. Er is met exploitant gekomen tot een overeenkomst waarin tevens aanvullende voor de totstandkoming van dit bestemmingsplan relevante afspraken zijn opgenomen.

vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

89

90

vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

Hoofdstuk 9 Procedure en maatschappelijke uitvoerbaarheid

9.1

Bekendmaking ex artikel 1.3.1. Bro

Op grond van artikel 1.3.1. van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) moet van het voornemen een bestemmingsplan voor te bereiden, kennis worden gegeven. De kennisgeving van de voorbereiding van onderhavig bestemmingsplan is geplaatst in Groot Eindhoven. De kennisgeving is tevens bij de officiële publicaties op de gemeentelijke website www.eindhoven.nl geplaatst. Er zijn geen stukken betreffende het voornemen ter inzage gelegd, noch de mogelijkheid opengesteld om zienswijzen tegen het voornemen in te dienen of instanties om advies te vragen.

9.2

Overleg ex artikel 3.1.1. Bro

Op grond van artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) moeten burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg plegen met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met de rijks- en provinciale diensten die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. Omdat geen Rijksbelangen in het geding zijn, heeft geen vooroverleg plaatsgevonden met het Rijk. Met de provincie heeft het vooroverleg plaatsgevonden middels het digitale vooroverlegformulier. Hieruit is gebleken dat er geen provinciale belangen in het geding zijn. Met het Waterschap heeft vooroverleg plaatsgevonden. De resultaten van dit vooroverleg is verwerkt in hoofdstuk 5 van de toelichting.

9.3

Inspraak

Per 1 oktober 2008 is de "Verordening Samenspraak en Inspraak gemeente Eindhoven 2008" in werking getreden. Het doel hiervan is het betrekken van burgers bij de besluitvorming. In dat kader op 13 november 2020 een informatiebijeenkomst plaatsgevonden. In een open dialoog is het plan met omwonenden en andere stakeholders besproken aan de hand van een presentatie door ontwikkelaar. De notulen van deze bijeenkomst zijn als bijlage 7 bij de toelichting opgenomen.

9.4

Zienswijzen

Het ontwerp van het bestemmingsplan heeft met ingang van donderdag 7 oktober 2021 tot en met woensdag 17 november 2021 op de gebruikelijke wijze ter inzage gelegen. Gedurende deze termijn is iedereen in de gelegenheid gesteld om schriftelijk of mondeling een zienswijze ten aanzien van het ontwerp van het bestemmingsplan kenbaar te maken. Kennisgeving van de ter inzage legging en de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen is in het weekblad Groot Eindhoven en in het Gemeenteblad gepubliceerd. Ook is kennis gegeven van de mogelijkheid om de digitale versie van het ontwerp bestemmingsplan via de gemeentelijke website www.eindhoven.nl/bestemmingsplannen en de landelijke website www.ruimtelijkeplannen.nl te raadplegen. Naar aanleiding van de tervisielegging zijn twee zienswijzen ontvangen. In de 'nota vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

91

zienswijzen' die onderdeel uitmaakt van het raadsbesluit en als document tevens op de landelijke website www.ruimtelijkeplannen.nl te raadplegen is, is beargumenteerd op de zienswijzen ingegaan.

92

vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

Bijlagen bij toelichting

Bijlage 1

Memo parkeren, parkeertelling, loopafstande, afspraken Amber

Bijlage 2

Memo bezonning

Bijlage 3

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

Bijlage 4

Quickscan flora en fauna

Bijlage 5

Aerius berekening

Bijlage 6

Waterparagraaf

Bijlage 7

Notulen buurtparticipatie 13-11-2020

Deze bijlagen zijn te raadplegen op de landelijke website www.ruimtelijkeplannen.nl

vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

93

94

vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

Regels

vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

95

96

vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

Hoofdstuk 1

Artikel 1

Inleidende regels

Begrippen

In deze regels wordt verstaan onder: 1.1

plan

het Chw-bestemmingsplan "V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat 1-3)" met identificatienummer NL.IMRO.0772.80410-0301 van de gemeente Eindhoven. 1.2

bestemmingsplan

de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels (en eventuele bijlagen). 1.3

aanbouw

een gebouw dat als afzonderlijke ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw waarmee het in directe verbinding staat, welk gebouw onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 1.4

aanduiding

een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.5

aanduidingsgrens

de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.6

aan-huis-verbonden-beroep

een vrij beroep, dat in of bij een woongebouw wordt uitgeoefend, waarbij het woongebouw in overwegende mate de woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitwerking of uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is. Bijvoorbeeld gastouderopvang; detailhandel via internet zonder opslag en/of verkoop aan huis; of het enkel uitoefenen van een administratie ten behoeve van een bedrijf. Onder vrije beroepen worden verstaan: (para)medische, juridische, therapeutische, ontwerp-technische, administratieve, sociaal-maatschappelijke, kunstzinnige en daarmee gelijk te stellen beroepen. 1.7

Acrualisatie nota perkeernormen 2019

parkeernormen gepubliceerd op 3 oktober 2019 en in werking getreden op 4 oktober 2019. 1.8

bebouwing

één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde. 1.9

bebouwingspercentage

een percentage, dat de grootte van het deel van het bouwvlak aangeeft dat maximaal mag worden bebouwd;

vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

97

1.10

bestaande situatie

bij bouwwerken: legale bouwwerken die aanwezig of in uitvoering zijn op het tijdstip van ter visie legging van het ontwerp van het bestemmingsplan, dan wel bouwwerken zoals die mogen worden gebouwd krachtens een vergunning; bij gebruik: legaal gebruik van grond en opstallen zoals aanwezig tijdens de inwerkingtreding van het bestemmingsplan. 1.11

bestemmingsgrens

de grens van een bestemmingsvlak. 1.12

bestemmingsvlak

een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.13

bijgebouw

een op zichzelf staand al dan niet vrijstaand gebouw, dat door de vorm onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 1.14

bouwen

het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk. 1.15

bouwgrens

de grens van een bouwvlak; 1.16

bouwperceel

een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; 1.17

bouwperceelgrens

een grens van een bouwperceel; 1.18

bouwvlak

een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. 1.19

bouwwerk

elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. 1.20

bruto vloeroppervlak (bvo)

de bruto vloeroppervlakte van de ruimte(n) van een gebouw wordt gemeten op vloerniveau langs de buitenomtrek van de (buitenste) opgaande scheidingsmuren en/of het hart van de gemeenschappelijke scheidingsconstructie, die de desbetreffende ruimte(n) omhullen over alle bouwlagen van een gebouw. 1.21

dak

iedere bovenbeëindiging van een gebouw.

98

vastgesteld V Gestel binnen de Ring 2007 (Kneppelhoutstraat1-3) Gemeente Eindhoven

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11753212/1