Bijlage 1b (openbaar) - Geheimhoudingsbesluit
Tekst van het document
gemeente Eindhoven Inboeknummer 8109176_03 Dossiernummer 26.04.153 B&W beslisdatum 20 januari 2026
Besluit Het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven besluit een verplichting tot geheimhouding op te leggen ten aanzien van de in dit besluit nader omschreven stukken1 en besluit deze stukken aan de raad en de meningsvormende vergadering te verstrekken.2
Aanleiding Bij het raadsvoorstel Rijkmuseum Eindhoven, dat voor de raadsvergadering van 10 maart 2026 staat geagendeerd, behoren documenten en passages die zich gelet op de inhoud daarvan niet lenen voor openbaarmaking.
Besluit 1. De verplichting tot geheimhouding (gedeeltelijk) op te leggen ten aanzien van een aantal stukken die horen bij het rapport ‘Verkenning Rijksmuseum Eindhoven’. Concreet gaat het dan om de volgende stukken: a) Gedeeltelijk geheimhouding voor het document ‘Locatieonderzoek’ en gedeeltelijke geheimhouding voor de bijbehorende bijlagen; I. Bijlage 1: ‘Locatiestudie gemeente Eindhoven: dependance Rijksmuseum in Eindhoven II. Bijlage 2: ‘Presentatie Locatieonderzoek, verkenning locaties – quickscan III. Bijlage 3: Studie Dommelvallei, KCAP IV. Bijlage 4: ‘Locatiestudie Dommelvallei, Locatieonderzoek’ b) Gedeeltelijke geheimhouding voor het document ‘Financiële aspecten’ en algehele geheimhouding voor de bijbehorende bijlagen; I. Bijlage 1: Globale investeringskostenraming, AJ0549 II. Bijlage 2: Globale raming exploitatiekosten (gebouwgebonden), AJ0549 2. De hierboven genoemde stukken worden aan de raad en de meningsvormende vergadering verstrekt. 3. De verplichting tot geheimhouding geldt niet voor raadsleden en leden van de meningsvormende vergadering onderling. 4. De opgelegde verplichting tot geheimhouding geldt tot de raad de geheimhouding opheft 3
Inboeknummer 8109176_03 Het is noodzakelijk om op deze wijze de verplichting tot geheimhouding op te leggen vanwege het volgende.
Motivering De stukken zijn alle bijlagen bij het rapport ‘Verkenning Rijksmuseum Eindhoven’ dat in opdracht van het Rijksmuseum en in nauwe samenwerking met de gemeente is gemaakt. De documenten hangen alle met elkaar samen en dienen ter nadere verdieping, onderbouwing of motivering van de aard en omvang van de bouwopgave, de mogelijke locatie en aspecten die zien op programmering en exploitatie, vertrouwelijke technische en financiële gegevens inbegrepen. Locatieonderzoek en bijbehorende bijlagen 1, 2, 3 en 4 Ten aanzien van het locatieonderzoek en bijlagen 1, 2, 3 en 4 wordt de verplichting tot gedeeltelijke geheimhouding opgelegd. Dit omdat het belang van openbaarmaking van de gelakte passages niet opweegt tegen het belang van de financiële of economische belangen van de gemeente (artikel 5.1, tweede lid, onder b van de Woo). Daarnaast is een naam van een medewerker van de gemeente Eindhoven gelakt, omdat openbaarmaking niet opweegt tegen het belang van eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van de betreffende medewerker (artikel 5.1, tweede lid, onder e van de Woo). Het belang van de financiële of economische belangen van de gemeente Openbaarmaking van een aantal passages in de hierboven genoemde stukken kan leiden tot prijsopdrijving of strategisch gedrag van marktpartijen.
Het locatieonderzoek, in combinatie met de bijbehorende bijlagen, bevat namelijk een uitgewerkte analyse van binnen de gemeente Eindhoven geschikte locaties voor hoogwaardige culturele voorzieningen, zoals het Rijksmuseum Eindhoven. Het openbaar maken van informatie over locaties die als geschikt worden gezien, levert marktpartijen een strategisch voordeel en is schadelijk voor de (toekomstige) onderhandelingspositie van de gemeente. De passages die op basis van deze argumentatie gelakt zijn, zijn te herkennen aan de verwijzing naar het betreffende artikel in de Woo: ‘5.1.2b’). Het belang van het goed functioneren van de gemeente Geheimhouding van het locatieonderzoek en de bijbehorende bijlagen is primair gebaseerd op het belang van de financiële of economische belangen van de gemeente, zoals hiervoor toegelicht. Subsidiair kan geheimhouding voor wat betreft een deel van de passages die betrekking hebben op de beoogde locatie voor het Rijksmuseum Eindhoven gebaseerd worden op een ander belang, namelijk: het goed functioneren van de gemeente (artikel 5.1 lid 2 onder i). Aannemelijk is dat het openbaar maken van die passages kan leiden tot een moeizamere uitvoering van het project, omdat die betreffende informatie in vertrouwen met elkaar is gedeeld. De passages zijn een weergave van de (ambtelijke) bevindingen van de aan dit project betrokken medewerkers.
Van belang is dat medewerkers de volledige vrijheid voelen om met elkaar de (on)mogelijkheden verder te kunnen onderzoeken en niet terughoudend omgaan met het delen van informatie. Het nu openbaar maken van die passages kan leiden tot die terughoudendheid, die in deze fase zeer ongewenst is. De
2
Inboeknummer 8109176_03 passages die op basis van deze argumentatie ‘subsidiair’ gelakt zijn staan op pagina 1 van bijlage 4, behorende bij het locatieonderzoek. Financiële aspecten en bijlagen 1 en 2 Ook voor de stukken bedoeld bij ‘Financiële aspecten’ wordt de verplichting tot gedeeltelijke geheimhouding opgelegd. Voor een aantal passages in deze stukken geldt eveneens dat het belang van openbaarmaking niet opweegt tegen het belang van de financiële of economische belangen van de gemeente (artikel 5.1, tweede lid, onder b, van de Woo). Voor de bijlagen 1 en 2 wordt algehele geheimhouding opgelegd. In de stukken staat informatie over de toekomstige bedrijfsvoering van Rijksmuseum Eindhoven en de kosten die gemoeid zijn met de realisatie van het Rijksmuseum Eindhoven. Uit die informatie kunnen marktpartijen voordeel halen tijdens een eventuele onderhandeling met de gemeente over het nog te realiseren Rijksmuseum Eindhoven. Het openbaar maken van deze informatie is daarmee schadelijk voor de onderhandelingspositie van de gemeente. Geheimhouding van die informatie is in deze fase daarom noodzakelijk. De passages die op basis van deze argumentatie gelakt zijn, zijn te herkennen aan de verwijzing naar het betreffende artikel in de Woo: ‘5.1.2b’).
Duur geheimhoudingsplicht Naar de mening van het college kan de duur van de verplichting tot geheimhouding verbonden worden aan de (verwachte) looptijd van de realisatie van het Rijksmuseum Eindhoven, die door gemeente en Rijksmuseum wordt ingeschat op 6 a 8 jaar. Zekerheidshalve adviseert het college een termijn van 8 jaar aan te houden. Maar het is – na verstrekking van de stukken aan de raad – uiteindelijk een bevoegdheid van de raad om de geheimhouding op te heffen. Wel kan het college t.z.t. een voorstel voor opheffing van de geheimhouding voorbereiden. In de Letter of Intent is opgenomen dat uiterlijk 1 december 2026 een go/no go moment plaats kan plaatsvinden, waarbij duidelijk wordt of stichting Rijksmuseum en gemeente Eindhoven een samenwerkingsovereenkomst aangaan tot realisatie van het Rijksmuseum Eindhoven. Dat is een natuurlijk moment om stil te staan bij de noodzaak van handhaven van de geheimhouding van de stukken.
Mededelingen algemeen Op een geheim te houden stuk wordt vermeld dat het geheim is.4 Indien ten aanzien van een stuk slechts de verplichting tot gedeeltelijke geheimhouding wordt opgelegd, wordt op het stuk vermeld op welk(e) gedeelte(n) de verplichting tot geheimhouding ziet. Een geheim te houden stuk blijft onder berusting van de griffier, die de leden van de raad inzage verleent.5 In het geval van de meningsvormende vergadering verleent de secretaris van die vergadering een lid desgevraagd inzage.6 Schending van de verplichting tot geheimhouding kan ertoe leiden dat een raadslid of lid van de meningsvormende vergadering voor een duur van drie maanden wordt uitgesloten van het ontvangen van informatie ten aanzien waarvan een verplichting tot geheimhouding geldt.7 Daarnaast is opzettelijke schending van de
3
Inboeknummer 8109176_03 opgelegde verplichting geheimhouding een misdrijf.8 De opgelegde verplichting tot geheimhouding geldt tot de raad deze opheft.9
Mededeling specifiek bij lopende onderhandelingen met externe partijen In het geval de verplichting tot geheimhouding rust op stukken met daarin informatie die van belang is voor nog lopende onderhandelingen tussen de gemeenten en derden (lees: externe partijen), is of wordt slechts die informatie met deze derden gedeeld die noodzakelijk is voor een goed verloop van die onderhandelingen. Wat onder noodzakelijk wordt verstaan, wordt schriftelijk vastgelegd voorafgaand aan het delen van deze informatie. Dit geldt ook voor de vorm waarin en de wijze waarop deze informatie wordt gedeeld. Het schriftelijk vastleggen gebeurt door het college, dan wel ambtelijk door degene die in opdracht van het college verantwoordelijk is voor het voeren van de onderhandelingen. Daarnaast worden met de betrokken derden afspraken gemaakt om te borgen dat de gedeelde informatie door hen niet op enigerlei wijze aan anderen wordt verstrekt, in ieder geval zolang de verplichting tot geheimhouding voortduurt. Ook dit gebeurt voorafgaand aan het delen van de informatie.
Rechtsmiddel Tegen dit besluit kan een belanghebbende bezwaar maken binnen zes weken na de dag waarop dit besluit bekend is gemaakt. Hiervoor dient binnen deze termijn een bezwaarschrift te worden ingediend via de website van de gemeente Eindhoven of per post: Gemeente Eindhoven, Sector Veiligheid, Juridische Zaken en Bestuur t.a.v. Bezwaar, Beroep en Klachten, Postbus 90150, 5600 RB Eindhoven. Het besluit blijft gelden tijdens de bezwaarprocedure. Een belanghebbende die de werking van het besluit wil laten schorsen, kan bij een spoedeisend belang om een voorlopige voorziening verzoeken bij de voorzieningenrechter van de rechtbank Oost-Brabant, sector Bestuursrecht, Postbus 90125, 5200 MA ’s-Hertogenbosch. Hiervoor is aan de rechtbank een bedrag aan griffierecht verschuldigd. Eindhoven, 20 januari 2025, Burgemeester en wethouders van Eindhoven,
Gemeentesecretaris.
1 Op grond van artikel 87 van de Gemeentewet in samenhang met artikel 5.1, eerste en tweede lid, van de Wet open overheid. 2 Op grond van artikel 88, tweede lid, van de Gemeentewet. 3 Dit volgt uit artikel 89, vierde lid, van de Gemeentewet. 4 Artikel 89, eerste lid, van de Gemeentewet. 5 Artikel 9, derde lid, van het Reglement van Orde van de gemeenteraad van Eindhoven 2023.
4
Inboeknummer 8109176_03
6 Artikel 12, zesde lid, van de Verordening op de voorbereidende bijeenkomst en de meningsvormende vergadering gemeente Eindhoven 2023. 7 Artikel 89, vijfde lid, van de Gemeentewet. 8 Artikel 272 van het Wetboek van Strafrecht. 9 Artikel 89, vierde lid, van de Gemeentewet.
5