Bijlage 1a - Bestemmingsplan Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 2020
Tekst van het document
Vastgesteld bestemmingsplan
Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 2020
Juli 2021
Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 2020
Inhoudsopgave Toelichting
5
Hoofdstuk 1 Inleiding
7
1.1
Aanleiding
7
1.2
Het plangebied
7
1.3
Voorgaande plannen
10
1.4
Leeswijzer
10
Hoofdstuk 2 Beschrijving plangebied
11
2.1
Historisch perspectief
11
2.2
Stedenbouwkundige structuur
14
2.3
De buurten
16
Hoofdstuk 3 Uitgangspunten, randvoorwaarden en beleidskader
23
3.1
Inleiding
23
3.2
Rijksbeleid
23
3.3
Provinciaal beleid
31
3.4
Gemeentelijk beleid
36
3.5
Volkshuisvesting
40
3.6
Archeologische en cultuurhistorische waarden
43
3.7
Verkeer en parkeren
64
3.8
Groen
68
3.9
Maatschappelijke voorzieningen
72
3.10
Sport en recreatie
72
3.11
Detailhandel
73
3.12
Horeca
80
3.13
Bedrijvigheid
82
3.14
Kantoren
83
3.15
Prostitutie
84
3.16
Kabels, leidingen en straalpaden
84
Hoofdstuk 4 Milieuparagraaf
85
4.1
Milieueffectrapportage
85
4.2
Bedrijven en milieuzonering
85
4.3
Geluid
86
4.4
Luchtkwaliteit
90
4.5
Externe veiligheid
92
4.6
Duurzaamheid
98
4.7
Bodem
101
4.8
Natuur
104
Hoofdstuk 5 Waterparagraaf
105
5.1
105
2 0
Inleiding
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 202
Gemeente Eindhoven
5.2
Beleid
105
5.3
Eindhovense klimaattoets
108
5.4
Beschrijving watersysteem plangebied
110
5.5
Toekomstige situatie van het watersysteem
113
5.6
Advies / overleg Waterschap
114
Hoofdstuk 6 Juridische vormgeving
115
6.1
Algemeen
115
6.2
Planmethodiek
115
6.3
Verbeelding
115
6.4
Planregels
115
Hoofdstuk 7 Handhaving
125
Hoofdstuk 8 Financiële aspecten
127
Hoofdstuk 9 Procedure en maatschappelijke uitvoerbaarheid
129
9.1
Bekendmaking ex artikel 1.3.1 Bro
129
9.2
Overleg ex artikel 3.1.1 Bro
129
9.3
Inspraak
133
9.4
Ambtshalve aanpassingen
147
9.5
Zienswijzen
147
9.6
Ambtshalve aanpassingen
148
9.7
Samenspraak parkeren Van Maerlantlyceum
148
Bijlagen bij de toelichting
149
Regels
151
Hoofdstuk 1 Inleidende regels
153
Artikel 1
Begrippen
153
Artikel 2
Wijze van meten
163
Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels
165
Artikel 3
Bedrijf
165
Artikel 4
Bedrijf - Nutsvoorziening
171
Artikel 5
Bedrijf - Verkooppunt motorbrandstoffen met LPG
173
Artikel 6
Bedrijf - Verkooppunt motorbrandstoffen zonder LPG
175
Artikel 7
Centrum
177
Artikel 8
Cultuur en ontspanning - Prostitutie
183
Artikel 9
Dienstverlening
187
Artikel 10
Gemengd
191
Artikel 11
Groen
197
Artikel 12
Horeca
199
Artikel 13
Kantoor
203
Artikel 14
Maatschappelijk
207
Artikel 15
Natuur
213
Artikel 16
Recreatie - Dagrecreatie
215
Artikel 17
Sport
217
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 2020 3 Gemeente Eindhoven
Artikel 18
Verkeer
219
Artikel 19
Verkeer - Verblijfsgebied
221
Artikel 20
Water
223
Artikel 21
Wonen
225
Artikel 22
Maatschappelijk - Uit te werken
231
Artikel 23
Waarde - Archeologie - 1
233
Artikel 24
Waarde - Beschermd stadsgezicht
235
Artikel 25
Waarde - Cultuurhistorie - 1
237
Artikel 26
Waarde - Cultuurhistorie - 2
239
Artikel 27
Waarde - Cultuurhistorie - 3
241
Artikel 28
Waarde - Natuur Netwerk Brabant
243
Artikel 29
Waterstaat - Waterbergingsgebied
245
Hoofdstuk 3 Algemene regels
247
Artikel 30
Anti-dubbeltelregel
247
Artikel 31
Algemene aanduidingsregels
249
Artikel 32
Algemene afwijkingsregels
253
Artikel 33
Overige regels
255
Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels
257
Artikel 34
Overgangsrecht
257
Artikel 35
Slotregel
259
Bijlagen bij de regels
261
Bijlage 1
Lijst van bedrijfsactiviteiten
262
Bijlage 2
Lijst van bedrijfsactiviteiten bij wonen
272
Bijlage 3
Lijst van horeca-activiteiten
274
Bijlage 4
Waterberging
276
Bijlage 5
Besluit externe veiligheid inrichtingen, artikel 2
278
Bijlage 6
Regeling externe veiligheid inrichtingen, artikel 1b
280
Bijlage 7
Regeling provinciale risicokaart, Bijlage I
282
4 0
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 202
Gemeente Eindhoven
Toelichting
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 2020 5 Gemeente Eindhoven
6 0
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 202
Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 1
1.1
Inleiding
Aanleiding
Naar verwachting treedt op 1 juli 2022 de Omgevingswet in werking. Eindhoven heeft ervoor gekozen om alle bestemmingsplannen op dat moment actueel te hebben. De bestemmingsplannen 'Strijp binnen de Ring 2007', 'Gestel binnen de Ring 2007', 'Stratum binnen de Ring 2007' en Bloemen-Buurt Zuid' zijn respectievelijk 11 juni 2009, 22 april 2008, 18 maart 2008 en 21 oktober 2018 vastgesteld. Om die reden is actualisatie van die bestemmingsplannen nu aan de orde. Het bestemmingsplan 'Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 2020' bestaat uit een digitale en analoge verbeelding met de daarbij behorende regels. In onderhavige toelichting wordt aangegeven waarom het bestemmingsplan is opgesteld en welke afwegingen hebben plaatsgevonden in het kader van een goede ruimtelijke ordening. Naast de juridisch bindende digitale versie is een papieren versie van het bestemmingsplan beschikbaar.
1.2
Het plangebied
Het plangebied is gelegen binnen De Ring ten zuiden van het stadscentrum en Bloemenbuurt-Zuid en wordt globaal als volgt begrensd: noordzijde: vanaf de kruising Piuslaan en Geldropseweg, via de St. Jorislaan, Dr. Schaepmanlaan, Edenstraat, Mauritsstraat tot de kruising met Vonderweg en Mathildelaan. Het Philipsstadion tot de De Jonghlaan behoort eveneens bij het plangebied, tot de kruising met de Frederiklaan. De plangrens loopt in oostelijke richting door via de Frederiklaan tot de kruising met de Johannastraat. Daarna wordt het plangebied in zuidwestelijke richting begrenst door de Strijpsestraat, St. Severiusstraat, Schouwbroekseweg, wederom Strijpsestraat en Schootsestraat tot de Cederlaan. zuid-, west- en oostzijde: de Ring vanaf de kruising met de Schootsestraat in het westen tot de kruising met de Geldropseweg in het oosten. Ook behoren enkele straten ten zuiden van de Leostraat tot het plangebied. Dit betreffen de straten Irislaan, Dahlialaan, Anjelierstraat (gedeeltelijk), Violierstraat (gedeeltelijk), Varenstraat, Seringenstraat (gedeeltelijk) en Roostenlaan (gedeeltelijk).
Toekomstige ontwikkelingen In het plangebied spelen een aantal ontwikkelingen welke op dit moment onvoldoende concreet zijn om te worden vertaald in het onderhavige bestemmingsplan of die momenteel in aanbouw zijn (en waarvoor recent een bestemmingsplan is vastgesteld) en die om die reden niet worden meegenomen in deze actualisatie. Door deze gebieden niet in het plangebied van het actualiseringsplan op te nemen, komen de procedures niet met elkaar in de knel. Daarnaast kan op die manier participatie voor de ontwikkelgebieden plaatsvinden die recht doet aan de ontwikkelingen die hier plaatsvinden. Willemstraat - Vogelzangterrein / Gagelstraat Voor deze gebieden is eind 2019 een bestemmingsplan vastgesteld ten behoeve van vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 2020 7 Gemeente Eindhoven
woningbouwontwikkeling. Deze projecten zijn momenteel in aanbouw en zijn om die reden niet meegenomen. Cederlaan Gebied tussen de Cederlaan en de Kreugelstraat, waar woningbouw ontwikkeld wordt. Hartje Eindhoven / Eurobuilding Gebied ter hoogte van het spoor aan de Gerard Philipslaan (Hartje Eindhoven), waar verschillende functies mogelijk gemaakt worden. Fatimakerk Deze kerk aan het Servaasplein woordt deels ingericht als woonfunctie. Voormalige Lidl-locatie aan de Hofdijkstraat In dit gebied wordt woningbouw ontwikkeld. Ook zijn er nog een aantal ontwikkelingen waarvoor een omgevingsvergunning wordt voorbereid. Wanneer deze vergunningen onherroepelijk zijn, worden ze in de bestemmingsplanprocedure vertaald in dit bestemmingsplan. De volgende omgevingsvergunningen met uitgebreide procedure zijn verwerkt: Doelenstraat 28 Beukenlaan 77 Maria van Bourgondiëlaan ong. Hoogstraat 138 Hessen Kasselstraat 3 Hoogstraat 39 Gestelsestraat 43 Mauritsstraat 72-76 Jonckbloetlaan 13 Aalsterweg ong. Aalsterweg 24 Heezerweg 153
8 0
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 202
Gemeente Eindhoven
Luchtfoto plangebied
Park eerterrein bij Van Maerlantlyceum Er is een zienswijze ingediend tegen het ontwerpbestemmingsplan waarin wordt verzocht om een parkeerterrein planologisch in te passen bij vaststelling van het bestemmingsplan. Door de school is hiertoe op de relevante onderdelen een onderbouwing aangeleverd. Deze is per onderdeel verwerkt in deze toelichting. Op basis van deze onderbouwing en gelet op het hierna volgende is besloten om medewerking te verlenen aan het verzoek. Een goed functionerende school is van groot belang voor het voortbestaan en het onderhoud van dit unieke gebouw. Gekozen wordt om de zo gewenste parkeervoorziening op een compacte wijze aan te vullen aan het bestaande verharde terrein rondom het gebouw. De groenwaarde van de grond wordt in de directe omgeving gecompenseerd waardoor de omgeving zijn groene karakter behoud. Naast de concrete groencompensatie wordt er in de vormgeving van de parkeerplaats rekening gehouden met de overgang naar de parkachtige omgeving. Deze overgang wordt vormgegeven door middel van groene hagen die reeds in het ontwerp aanwezig zijn om de gestalde fietsen op het voorterrein te camoufleren. Deze groene haag wordt ook aan de buitenzijde van het parkeerterrein toegepast waardoor een eenduidige concept wordt toegepast.
Ook de keuze voor het toepassen van halfverharding zorgt voor een extra bijdrage aan het vergroenen van de directe omgeving. Het verdwijnen van de noodlokalen op deze plek zorgt ervoor dat het originele gebouw helder afleesbaar wordt en de waardevolle gevel van het pand aan deze zuidzijde weer in het zicht komt vanuit de parkomgeving.
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 2020 9 Gemeente Eindhoven
1.3
Voorgaande plannen
Het bestemmingsplan 'Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 2019' vervangt de bestemmingsplannen 'Strijp binnen de Ring 2007', 'Gestel binnen de Ring 2007', 'Stratum binnen de Ring 2007' en Bloemenbuurt-Zuid'. Deze bestemmingsplannen zijn respectievelijk 11 juni 2009, 22 april 2008, 18 maart 2008 en 21 oktober 2018 vastgesteld. Binnen de plangebieden van voornoemde bestemmingsplannen heeft zich de afgelopen jaren een aantal ontwikkelingen voorgedaan die middels zogenoemde 'postzegelbestemmingsplannen' zijn gerealiseerd. De volgende postzegelbestemmingsplannen worden ook vervangen/ geactualiseerd met onderhavig bestemmingsplan: I Strijp binnen de Ring 2007 (Karolingersweg 3h) II Strijp binnen de Ring 2007 (Cederlaan 4) VI Strijp binnen de Ring 2007 (winkelcentrum Trudoplein) VII Strijp binnen de Ring 2007 (De Troubadour) 1e uitwerking Strijp binnen de Ring 2007 (Parc Gender) II Gestel binnen de Ring 2007 (Philips de Goedelaan-Hoogstraat) III Gestel binnen de Ring 2007 (Labrehuis Boutenslaan) 1e uitwerking Gestel binnen de Ring 2007 (Akkerstraat-Ploegstraat) I Stratum binnen de ring 2007 IV Stratum binnen de Ring 2007 (Leenderweg 63) V Stratum binnen de Ring 2007 (Leenderweg 143-145) VI Stratum binnen de Ring 2007 (AH Leenderweg) VII Stratum binnen de Ring 2007 (Pastoor Sickingstraat)
1.4
Leeswijzer
Deze toelichting bestaat uit 9 hoofdstukken. Na deze inleiding volgt hoofdstuk 2. Hierin is een beschrijving van het plangebied gegeven. Hoofdstuk 3 bevat de uitgangspunten bij en de randvoorwaarden en beleidskaders voor het opstellen van het bestemmingsplan. Hoofdstuk 4 geeft inzicht in en een verantwoording van alle relevante milieuaspecten. Hoofdstuk 5 bevat de waterparagraaf, waarin is beschreven op welke wijze rekening wordt gehouden met de gevolgen van het bestemmingsplan voor de waterhuishouding. De juridische vormgeving van het bestemmingsplan is verwoord in hoofdstuk 6. In hoofdstuk 7 wordt ingegaan op de handhaving van het bestemmingsplan. De financiële uitvoerbaarheid is verantwoord in hoofdstuk 8. Hoofdstuk 9 gaat ten slotte in op de gevolgde procedure, inclusief een paragraaf over de maatschappelijke uitvoerbaarheid, met name de resultaten van het gevoerde overleg en de samenspraak/inspraak.
10 0
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 202
Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 2
Beschrijving plangebied
2.1
Historisch perspectief
2.1.1
Strijp
Halverwege de achttiende eeuw was Strijp een van de vijf kleine dorpen die rondom het stadje Eindhoven lagen. Het centrum van Strijp werd gevormd door het St. Trudoplein. Het ging daarbij om een zeer oude nederzetting waarvan bodemvondsten hebben aangetoond dat de geschiedenis daarvan teruggaat tot de Bronstijd en zelfs de Midden Steentijd. Rondom het dorpje lagen een aantal gehuchten zoals Het Ven, Welschap, Schouwbroek, De Hurk en Schoot en boerenhoeven zoals de Mispelhoef, Lievendaal en Tegenbosch. In de directe nabijheid van deze nederzettingen kwamen akkers voor. Maar voor het overige bestond Strijp voornamelijk uit uitgestrekte heidevelden met vennen, kleine natuurlijke bosjes en stuifduinen. Aan het einde van de 19e eeuw was het gebied grotendeels gecultiveerd door heidebebossingen en ontginningen ten behoeve van de landbouw. Vanaf de negentiende eeuw krijgt de opkomende industrialisatie een steeds grotere invloed op de ontwikkeling van het gebied. Met name de groei van Philips gaat een steeds grotere invloed krijgen op de ontwikkeling van Strijp. In 1920 worden de omliggende dorpen, waaronder Strijp, door Eindhoven geannexeerd. Er kan vanaf dat moment verder gewerkt worden aan de kenmerkende radiale verkeersstructuur die op het centrum is gericht en de aanleg van de binnenring en de rondweg (De Ring).
Philips gaat bij de ontwikkeling van Eindhoven en Strijp in het bijzonder, een steeds grotere rol spelen. In korte tijd verrijzen in het stadsdeel Strijp langs het spoor naar 's-Hertogenbosch grote kantoor- en fabriekscomplexen. In de nabijheid van deze complexen, bouwt Philips woningen voor de werknemers. Zo worden nog voor de oorlog de voor die tijd typerende arbeiderswijken zoals Philipsdorp en Drents Dorp gebouwd. Naast bedrijfsgebouwen en woningen ontwikkelt Philips een groot aantal voorzieningen voor zijn werknemers in Strijp zoals scholen, een sportpark en een ontspanningscentrum. In de jaren dertig worden ter bestrijding van de werkeloosheid ook in Strijp grote werkverschaffingsprojecten opgezet. Zo wordt in die periode de vliegbasis Eindhoven aangelegd en het Beatrixkanaal en afwateringskanaal gegraven.
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 2020 11 Gemeente Eindhoven
2.1.2
Gestel
Op de kaart van Jacob van Deventer uit omstreeks 1560 is het dorp Gestel al duidelijk gemarkeerd. De nederzettingsstructuur van Gestel werd vooral bepaald door het beekdallandschap van de Dommel en de Gender. De bewoning was vooral geconcentreerd op de tussen de beekdalen gelegen zandrug, die gemarkeerd wordt door de Hoogstraat, die de belangrijkste verbinding vormde tussen Eindhoven en de Kempen. Tot de historische wegenstructuur behoorden ook de Gestelsestraat richting Gennep en de ten westen van de Hoogstraat lopende Laagstraat. De historische dorpskern van Gestel is momenteel nog duidelijk herkenbaar aan de St. Lambertuskerk aan de Hoogstraat, de pastorie, het klooster en de aangrenzende bebouwing (buiten de Ring). Als gevolg van de industrialisatie en de bevolkingsgroei in en rond Eindhoven ontstond in de tweede helft van de 19e eeuw langs de Hoogstraat een lintbebouwing, die zich steeds meer verdichtte. Op veel plaatsen bepalen de gevarieerde en relatief kleinschalige panden nog steeds het karakter van deze historische radiaal. Rond de eeuwwisseling breidde de bebouwing zich uit achter de Hoogstraat aan de Gestelsestraat, de Laagstraat, de Rivierstraat, de Palingstraat, de St. Lambertus- en de St. Martinusstraat. Ook langs de in 1866 aangelegde spoorlijn van Eindhoven naar Hasselt (Hagenkampweg) verschenen arbeiderswoningen.
Het grootste deel van Gestel zoals wij dat nu kennen bleef echter onbebouwd. Pas nadat Gestel en de overige vier omliggende dorpen waren samengevoegd met Eindhoven, werden grotere uitbreidingen mogelijk. Ten oosten van de Gestelsestraat ontstond na 1920 de Schrijversbuurt. De Helmerslaan zou aanvankelijk via de Dr. Schaepmanlaan met de St. Jorislaan worden verbonden, maar later werd de verbinding omgebogen naar de Edenstraat. Ten zuiden van de Mauritsstraat ontwikkelde zich in de dertiger jaren het Vonderkwartier. Na de Tweede Wereldoorlog werd in de vijftiger jaren een nieuwe ruim opgezette uitvalsweg aangelegd in de vorm van de Karel de Grotelaan geflankeerd door hogere woonbebouwing. In 1920 telde Gestel ongeveer 5.600 inwoners. In 1947 groeide het aantal inwoners in het stadsdeel Gestel tot bijna 18.000 en in 1966 woonden er ruim 31.000 mensen in Gestel. In de jaren '60 zijn relatief weinig nieuwe woningen gebouwd waardoor het bewonersaantal door gezinsverdunning geleidelijk afnam. In de jaren zeventig werd echter weer flink gebouwd waardoor het inwonersaantal weer steeg.
2.1.3
Stratum en Bloemenbuurt Zuid
Stratum wordt voor het eerst vermeld in het jaar 1325. Over het algemeen wordt aangenomen dat de naam duidt op een woonplaats aan de straat. Als we kijken op de oudste stadsplattegrond (omstreeks 1560), zien we veel bebouwing langs de Stratumsedijk en de Leenderweg. Het bebouwde deel van het oude Stratum lag vrijwel geheel binnen de huidige Ring. Afgezien van enkele landgoederen (De Burgh, Eikenburg en later Kortonjo), bestond het deel daarbuiten vrijwel alleen uit bossen en heidevelden. Door dit weidse gebied liepen enkele zandwegen naar het zuiden (Leenderweg en Heezerweg). In het eerste kwart van de 19e eeuw kwam ook de Aalsterweg gereed. De Geldropseweg was een zandweg die ophield bij de Voorterweg. Het verkeer ging toen via laatstgenoemde weg verder richting Geldrop en Tongelre. In de tweede helft van de 19e eeuw werd de Geldropseweg aangelegd als onderdeel van de nieuwe provinciale weg van Stratum naar Weert en later ook de Tongelresestraat als verbinding naar Lieshout. De Tongelresestraat was nieuw en sloot aan op het bestaande tracé bij de Kievitlaan in Tongelre. Belangrijk voor de structuur van het dorp was ook de aanleg van het Eindhovensch Kanaal, dat in 1846 gereed kwam.
12 0
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 202
Gemeente Eindhoven
De Stratumse bevolking leefde aanvankelijk hoofdzakelijk van wat het land opbracht. Toen in de 19e eeuw de industrie tot ontwikkeling kwam, had dat directe gevolgen. Rond de aanlegplaats van het Eindhovensch Kanaal en elders aan bestaande wegen in de buurt van Eindhoven vestigden zich textiel- en sigaarfabrieken en later ook andere bedrijven. De arbeidskrachten werden voor het grootste gedeelte van buiten aangetrokken. De bevolking groeide van ruim 1400 in 1850 tot ruim 7500 in 1920. Met name aan de Stratumsedijk en Aalsterweg verrezen villa's en buitens voor beter gesitueerden. Daar en elders werden aan bestaande wegen ook woningen gebouwd voor middenstanders en minder gesitueerden. In Stratum concentreerde de dorpsbebouwing zich aan de kop van de Aalsterweg, Heezerweg, Leenderweg, Gasthuisstraat, Schalmstraat en ten noorden van de St. Jorislaan. Een gevolg van de bevolkingsgroei was ook dat de oude dorpskerk plaats moest maken voor de huidige St. Joriskerk. Ook in andere randgemeenten van het oude Eindhoven vond de bebouwing hoofdzakelijk langs de oude uitvalswegen plaats, waar uiteindelijk onvoldoende ruimte was. Kort voor 1920 ontwierpen de architecten Cuypers en Kooken een uitbreidingsplan voor Eindhoven, waarbij zij aandacht schonken aan het open gebied tussen de radialen.
Onder meer door een stelsel van rondwegen tracht ten zij de verbindingen tussen de latere stadsdelen te verbeteren en de verkeersproblemen op te lossen. Ook schiepen zij ruimte voor stedelijke voorzieningen als parken en zwembaden. Latere gemeentelijke uitbreidingsplannen bouwden op hun plannen voort. Op 1 januari 1920 vond de annexatie plaats van de omliggende gemeenten Gestel en Blaarthem, Stratum, Strijp, Tongelre en Woensel met Eindhoven. Het Stratumse gemeentebestuur haakte al vóór 1920 op de plannen in, door nieuwe buurten te projecteren binnen De Ring, waarbij tegelijk ook een deel van die ringweg werd aangelegd. Dit is nog goed te zien aan de Leostraat met aan weerszijden de Bloemenbuurt. Als onderdeel van het uitbreidingsplan kwam vanaf 1920 villapark Den Elzent tot stand. Een villa aan de Stratumsedijk, op de plaats waar in 1963 de Stadsschouwburg (tegenwoordig Parktheater) verrees, werd gemeentehuis. De daarachter gelegen tuin werd Stadswandelpark. Ook de Dommeloevers kregen een parkaanleg. Eind jaren dertig kwam het Witte Dorp tot stand, maar de uitbreiding van Tuindorp tot aan de Ring werd pas na de Tweede Wereldoorlog gerealiseerd. Tegelijkertijd werd ook de Ringweg voltooid, die een goede verbinding gaf met zowel Tongelre als Gestel. Bloemenbuurt Zuid is in 1920/1921 ontworpen door Architect C. Smit als sociale woningbouw voor de Vereniging Volkshuisvesting.
Deze vereniging was in 1911 opgericht door een aantal industriële ondernemers en andere vooraanstaande figuren uit Eindhoven en omliggende gemeenten. De vereniging had als doel te komen tot een verbetering van de volkshuisvesting. Voordat de Bloemenbuurt tot stand kwam had de vereniging reeds enkele andere projecten gerealiseerd. De Bloemenbuurt was het eerste woningbouwproject na de annexatie van de randgemeenten in 1920. Omdat het financieel niet mogelijk was de geplande infrastructuur als één geheel aan te leggen, werden delen van de rondweg opgenomen in een woningbouwproject. In het ontwerp werd uitgegaan van de tuinstadgedachte, waarbij een gezond en aantrekkelijk woonmilieu werd nagestreefd door een gevarieerde architectuur en aandacht voor openbaar groen.
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 2020 13 Gemeente Eindhoven
2.2
Stedenbouwkundige structuur
2.2.1
Algemeen
Stadsdelen Strijp, Gestel en Stratum zijn drie van de vijf lobben die rond het centrum van Eindhoven zijn ontwikkeld. Deze lobben zijn te vergelijken met een bloem waarvan de blaadjes (de lobben) rondom het hart zijn geformeerd. De scheiding tussen de lobben is duidelijk waarneembaar en wordt gevormd door groengebieden of bedrijfsterreinen.
2.2.2
Strijp
Voor Strijp wordt de scheiding tussen de lobben gevormd door de spoorweg Eindhoven-'s-Hertogenbosch met aanliggend groengebied en het Beatrixkanaal - dat overigens buiten het plangebied ligt - met de aanliggende industriegebieden. Strijp was één van de gemeenten die in 1920 met Eindhoven werden samengevoegd. Oorspronkelijk bestond de nederzettingsstructuur uit gehuchten op de dekzandrug ten noorden van de Gender. Verschillende oude namen zoals 't Schoot, Schouwbroek en Engelsbergen herinneren daar nog aan. In de bebouwingsstructuur van Strijp binnen de Ring is de oude wegenstructuur en de dorpskern nog goed te zien. De ontwikkeling van Strijp is nauw verbonden geweest met de ontwikkeling van Philips. Dit is nog steeds terug te zien in beeldbepalende elementen, zoals de grote kantoren- en fabriekscomplexen langs de spoorlijn, het stadion, de karakteristieke arbeiderswoonwijken, het Evoluon en in Landelijk Strijp het landgoed De Wielewaal en het Philips de Jonghpark. Het plangebied beperkt zich tot het gedeelte van Strijp dat gelegen is binnen De Ring. Ook Philipsdorp en Strijp S zijn buiten onderhavig bestemmingsplan gelaten, omdat hiervoor een afzonderlijk bestemmingsplan is gemaakt. Strijp is een stadsdeel dat goed bereikbaar is en een directe aansluiting heeft op de stedelijke, nationale en internationale infrastructuur.
De A2 doorkruist Strijp en heeft binnen het stadsdeel drie aansluitingen. Een daarvan, de Tilburgseweg, steekt het stadsdeel in tot aan De Ring. Het stadsdeel grenst aan het stationsdistrict en heeft een eigen station ter hoogte van de Beukenlaan. Voor het autoverkeer, maar vooral voor het openbaar vervoer, is het van belang dat dwars door Strijp de Centrale Verbindingsas (CVA) wordt ontwikkeld. Deze verbindt het centrum en het centraal station met Veldhoven, Meerhoven en Vliegbasis Eindhoven. De groene zone langs de Karel Martelweg, ook wel parkstrook Genderdal genoemd, behoeft bijzondere aandacht. De zone maakt deel uit van het structureel stadsgroen dat vanaf het buitengebied tot aan het centrum loopt. Versterking van dit gebied en het verhogen van de samenhang is nodig door areaalvergroting en onderlinge verbinding via waterlopen, recreatieroutes en groenstructuren. Uitgangspunt is dat bij ontwikkeling van het gebied de groene functies voorop staan.
14 0
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 202
Gemeente Eindhoven
2.2.3
Gestel
Voor Gestel wordt de scheiding tussen de lobben gevormd door de westelijk en oostelijk gelegen groengebieden die vanuit het buitengebied tot aan De Ring lopen. De radiale structuur, zoals deze ook in het stadsdeel Stratum aanwezig is, wordt in Gestel gevormd door de Hoogstraat en de Gestelsestraat met bijbehorende achterstraten zoals bijvoorbeeld de Laagstraat. Op deze structuur kon niet eenvoudig worden doorgebouwd. Om de bouw van een nieuw stadsdeel mogelijk te maken werd een nieuwe structuur ontworpen in de vorm van een kaarsrechte centrale as, de Karel de Grotelaan, evenwijdig aan de bestaande structuur. Langs deze centrale as en haaks daarop werden nieuwe woonwijken ontworpen. De Karel de Grotelaan fungeert als uitvalsweg voor het doorgaande verkeer richting de Kempen, maar tevens ter ontsluiting van de daarachter gelegen woonbuurten. Het rechthoekige plein op de kruising van deze as met de Limburglaan was het centrale punt voor de wijk. Opvallend is de grote stedenbouwkundige 'maat' die met deze opzet werd geïntroduceerd in tegenstelling tot de voorgaande stadsuitbreidingen van Eindhoven. Voor de ontwikkeling van het stadsdeel Gestel is de wijkgedachte het uitgangspunt geweest: elke buurt heeft een eigen 'centrum' met parochiekerk, school, parochiehuis, etc. De centrale verkeersweg met het plein op de kruising met de Limburglaan vormt de hoofdstructuur van Gestel.
Langs deze weg kwamen de hogere woongebouwen die ook in de latere stadsuitbreidingen van Woensel zouden verschijnen, de zogenaamde 'uitvalswegenstructuur'. Gestel wordt voornamelijk gekarakteriseerd door de functies wonen en groen. Het meest noordoostelijk deel van Gestel ligt tegen het centrum van Eindhoven aan en kent ook meer gevarieerdere functies. De verkeersinfrastructuur is opgehangen aan De Ring, Karel de Grotelaan/Mecklenburgstraat en Edenstraat. Voorts zijn de oude historische 'linten' Hoogstraat en Gestelsestraat belangrijke elementen. Een opmerkelijke onregelmatigheid in de wegenstructuur vormt het voormalige spoortracé langs de Hagenkampweg en Spoorstraat. Dit oude spoorwegtracé loopt als een kaarsrechte lijn en onder een scherpe hoek met de andere wegen door de buurten. Voor het overige is het straten- en wegenpatroon radiaal en tangentieel georiënteerd wat inhoudt dat de radiale wegen als spaken in een wiel naar het centrum lopen en de tangentiële wegen lopen hier min of meer loodrecht op. Gestel is een groen stadsdeel vanwege het groene buitengebied, het natuur- en recreatiegebied Genneper Parken, de Dommelzone, maar ook door het vele groen dat de woonwijken dooradert. De Dommelzone fungeert als een ecologische verbindingszone en is opgenomen als beeldbepalend groen in het gemeentelijke beleid.
De Dommelzone wordt in diverse gemeentelijke maar ook in provinciale en landelijke beleidsnota's genoemd als belangrijke groenstructuur. De natuur- en landschapsfunctie zijn leidend in deze zone. Behoud en ontwikkeling van natuur staan hier centraal. De Dommel stroomt dwars door Eindhoven. In en nabij het centrum heeft de Dommel weinig ruimte. Juist ten zuiden van Eindhoven, vooral in het stadsdeel Gestel worden daarom het piekafvoeren van de Dommel omgeleid naar het Afwateringskanaal en Beatrixkanaal. De ecologische doelstellingen voor de Dommel liggen hoog met de functie 'waternatuur' en moet daarom een meer dan gemiddelde waterkwaliteit hebben. Om hieraan te voldoen moet de waterkwaliteit drastisch verbeterd worden. Dit betekent het nodige voor het watersysteem van Gestel.
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 2020 15 Gemeente Eindhoven
2.2.4
Stratum en Bloemenbuurt Zuid
Opvallend in het gedeelte van Stratum gelegen binnen de Ring' zijn de grote en hoogwaardige groengebieden die in dit stadsdeel liggen zoals: het parkgebied waarbinnen de Dommel en de Tongelreep samenkomen, het Stadswandelpark en landgoed De Burgh. De woonbuurten die tegen deze groengebieden aanliggen zoals Den Elzent, Looiakkers en Tuindorp zijn dan ook van bijzondere allure door de verwevenheid die de buurten hebben met het aanliggende groen. Ook in architectonische zin zijn de vaak vooroorlogse woningen geïnspireerd door de tuinstadgedachte. Dat past uitstekend bij de hoogwaardige groengebieden. De relatief nieuwe Bloemenbuurt Zuid vormt eigenlijk een eigentijdse transformatie van de huidige buurt. Door het feit dat de Ringweg Leostraat is uitgegroeid tot drukke weg, is de feitelijke oorspronkelijke relatie met de Bloemenbuurt Noord verloren gegaan. Als reactie daarop is ervoor gekozen om de nieuwe Bloemenbuurt Zuid vanuit functioneel, stedenbouwkundig en maatschappelijk oogpunt sterker te oriënteren op de Gerardusbuurt. De huidige eisen die gesteld worden aan het wonen en de woonomgeving, zoals ruimte voor parkeerbehoefte, ontsluiting, groenvoorzieningen etc. vragen om fysiek andere dimensies. Ook de relaties met sociaal maatschappelijke buurtvoorzieningen (waaronder school en voorzieningencentrum) zijn in dit verband relevant.
De structuur van het stadsdeel Stratum wordt bepaald door de radialen- en tangentstructuur van Eindhoven. De radialen verdelen Stratum als het ware in 'taartpunten' en worden gevormd door de toegangswegen naar het centrum van Eindhoven zoals de Geldropseweg, de Heezerweg, de Leenderweg en de Aalsterweg. Binnen de bebouwde kom van Stratum (zowel binnen als buiten de Ring) bevinden zich een aantal groengebieden die deel uitmaken van een omvangrijke groenstructuur. Zo zijn er verschillende parken die, evenals de ontsluitingswegen naar het centrum, deel uitmaken van de radiale structuur van Eindhoven en het buitengebied min of meer verbinden met groengebieden binnen De Ring zoals: Landgoed De Burgh via de Jan Eyckgracht met Riel en omgeving; Landgoed De Burgh via de groenstrook aan de Hadewychlaan, het park Sint Bonifaciuslaan en de groengebieden langs de Neushoornstraat en Puttense Dreef; het Stadswandelpark en in het verlengde daarvan de Genneper Parken waarbinnen ook het stroomgebied van de Dommel en de Tongelreep zijn gelegen. Het Stadswandelpark ligt op loopafstand van het centrum en heeft ook voor de aanliggende buurten een belangrijke functie. In deze groene oase binnen het stedelijk gebied staan ongeveer 30 sculpturen verspreid door het park. In het verlengde van het Stadswandelpark, net buiten De Ring, liggen de Genneper Parken.
Dit groene parklandschap waar natuur en recreatie een evenwichtige samenhang hebben, omvat op korte afstand van het centrum veel fiets- en wandelroutes
2.3
De buurten
2.3.1
Strijp
Het stadsdeel Strijp is onderverdeeld in drie wijken te weten Halve Maan, Meerhoven en Oud-Strijp. Oud Strijp is het gebied binnen De Ring. Onderhavig bestemmingsplan omvat een groot deel van de wijk Oud-Strijp en daarmee de buurten Eliasterrein/Vonderkwartier, Schouwbroek, Engelsbergen en gedeelten van de buurten Hagenkamp en Schoot. Schouwbroek is de naam van een gehucht tussen Eindhoven en Strijp. In 1452 wordt hier de naam Ten Broeck al genoemd. De naam Schouwbroek betekent vermoedelijk 'drassig land 16 0
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 202
Gemeente Eindhoven
met lissen'. Schoot was de naam van een oude Strijpse woonkern, onderdeel van het goed Ten Broeck. De naam komt van een 'afgeschoten' gebied en wordt al in 1452 in de archieven vermeld als 'weyvelt gheheeten dat schoet '. De buurten Schouwbroek en Schoot kenmerken zich op de eerste plaats door de historische bebouwing langs de oude wegen (Strijpsestraat, Schootsestraat en Hastelweg) en aan het St. Trudoplein. Hier bevindt zich veel particulier woningbezit, winkels en kleine bedrijvigheid. De rond 1980 door nieuwbouw vervangen Botenbuurt vormde een aanzet voor een stadsuitbreiding volgens het uitbreidingsplan van Cuijpers en Kooken dat in 1918 voor Eindhoven werd gemaakt. De kleine woonbuurten leveren een gevarieerd beeld op van arbeidersbuurten uit de eerste helft van de 20e eeuw: gerenoveerde buurten, buurten met eigen woningbezit en een aantal meer recentere woongebiedjes. Het Sint Trudoplein en omgeving is het historische en symbolische centrum van dit stadsdeel en heeft een levendige winkelvoorziening en een recreatieve functie. Duidelijk waarneembaar en nog grotendeels onveranderd is het dorpse karakter dat zich uit in een kleinschalige en gevarieerde bebouwing, verscheidenheid aan bouwstijlen en woningtypes en goede sociale contacten tussen bewoners onderling.
Ook het voorzieningenniveau is vrij volledig in de vorm van speelplekken, een speeltuin, kinderboerderij, buurthuis, kerken, winkels, apotheek, markt, terrasjes, openbaar vervoer etc. Stadsvernieuwing in het westelijk deel van Schoot heeft de leefbaarheid in de buurt aanzienlijk verbeterd. Het gebied heeft relatief weinig groen en kleinschalige sportvoorzieningen. Voor de stadsvernieuwing heeft het gebied nieuwbouwimpulsen gekregen door functiewijziging naar wonen. Meer naar het zuiden liggen de woonbuurten: Vonderkwartier- Eliasterrein en Engelsbergen. De buurtnaam Eliasterrein is ontleend aan het terrein van de voormalige linnenfabriek Elias, waar in de jaren 1985-1988 nieuwbouw werd neergezet. Het Vonderkwartier is een buurt met particuliere woningbouw uit de dertiger jaren van de 20e eeuw gebouwd tussen de Willemstraat, de Bergen, de Mecklenburgstraat, de Anna van Engelandstraat en de Gender, die toen nog open lag. De naam komt van het Vonderke, een voor het verkeer belangrijk bruggetje over de Gender, nabij het Lodewijk Napoleonplein. De buurt Eliasterrein, Vonderkwartier heeft twee gezichten. Het oostelijk deel, het Vonderkwartier, kent veel kamerbewoning. Het andere deel, Eliasterrein, is een kinderrijk gebied dat na 1985 ontwikkeld is in een mix van verschillende woningtypes. Het Vonderkwartier kent veel woningbezit en particuliere verhuur.
Het Eliasterrein is een woongebied dat na 1985 is gebouwd en voornamelijk huur- en koopwoningen uit de sociale sector omvat. Een sterk punt van beide buurten is dat het centraal in de stad ligt tegen de binnenstad aan waardoor alle stedelijke voorzieningen goed bereikbaar zijn. Ondanks de centrale ligging zijn de woongebieden vrij rustig met voldoende groenvoorzieningen in de directe nabijheid. Engelsbergen is een naam die al in 1417 wordt genoemd voor een gebied gelegen op een dekzandrug aan de noordoever van het riviertje de Gender. Waar het eerste deel van de naam vandaan komt is niet duidelijk. Het kerngebied van de buurt bestaat uit villa's. In de strook langs de Hastelweg zijn een aantal vooroorlogse woningen en bedrijven te vinden. De zuidkant van Engelsbergen grenst aan het Genderpark. Het Genderpark maakt eveneens deel uit van dit bestemmingsplan. Ook het ten zuiden van het park gelegen woonzorgcentrum en de schoolgebouwen aan de Maria van Bourgondielaan vallen nog in dit bestemmingsplan.
2.3.2
Gestel
Het stadsdeel Gestel bestaat uit 3 wijken. De wijken Oud-Gestel en Oud Kasteel liggen buiten de Ringweg en maken geen deel uit van dit bestemmingsplan. Dit plan behelst de wijk Rozenknopje die bestaat uit de buurten: Schrijversbuurt , Oude spoorbaan en Hagenkamp. De vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 2020 17 Gemeente Eindhoven
wijk Rozenknopje was vroeger een tussengebied tussen de dorpskern van Gestel en de stad Eindhoven. Dwars daardoorheen was lintbebouwing langs de Hoogstraat die als oude radiale weg de verbinding verzorgde tussen Gestel en Eindhoven. Deze weg lag op een verhoogde rug die aan weerszijde afliep, in het noordwesten naar de Gender en in het oosten naar het dal van de Dommel. De naam Rozenknopje verwijst naar de oude nog steeds bestaande herberg op de splitsing van de Hoogstraat en Gestelsestraat. Hier lag vroeger het middelpunt van het sociaal en cultureel leven van de wijk. De Schrijversbuurt ligt ingeklemd tussen de Ring, de Boutenslaan in het zuidwesten en de binnenring, de Edenstraat, in het noordoosten. De gehele zuidoost rand van de wijk is sterk gericht op het daar gelegen Dommelplantsoen dat tevens plaats biedt aan het Van Maerlantlyceum. Hoewel de Helmerslaan ooit als onderdeel van de binnenring is gedacht, is van een hoofdontsluiting nauwelijks sprake omdat de buurt vanuit alle richtingen gemakkelijk te bereiken is. Karakteristiek is de radiale opzet van het oostelijk deel van de buurt dat zijn hoogtepunt vindt in het pleintje met monumentale bomen waar Potgieterstraat, Rodenbachlaan, Helmerslaan en Jacob van Maelantlaan samenkomen. Toen de buurt vanaf eind jaren twintig van de vorige eeuw gebouwd werd sprak men van 'Nieuw Gestel'.
De meeste straatnamen zijn ontleend aan schrijvers uit de Nederlandse letterkunde uit de 19e eeuw. Het grootste deel van de wijk is gebouwd voor 1940. Pas vanaf 1950 is de wijk ten zuiden van de Da Costaweg, Jan Luikenstraat en Helmerslaan, verder afgebouwd. Het gebied ten noorden daarvan is in een gestage stroom van ongeveer 500 woningen gerealiseerd vanaf 1922 tot 1936. Na 1950 werd in 15 jaar tijd de wijk gecompleteerd door de bouw van ongeveer 375 woningen. Pas in de jaren 80 van de vorige eeuw werd de laatste lege plek, aan de Jan van Heelustraat/ hoek Da Costaweg, opgevuld met een tiental woningen. De woonbuurt bestaat uit verschillende delen. Vanwege het hoogwaardige esthetische en cultuurhistorische karakter van het stedenbouwkundige- en architectonische concept zijn delen van de buurt aangewezen als monument. Het oudste deel van de buurt is ontworpen door architect G. Geenen en in 1922 gerealiseerd als een complex van 44 woningen aan de Huygenslaan, de Gestelsestraat en de Da Costaweg. Het zijn robuuste woningen in blokjes van drie of vier bestaande uit twee lagen met een kap, opgetrokken uit rode baksteen. De woningen rond het Guido Gezelleplein zijn een ontwerp van de Hilversumse architect J.W. Hanrath die geschaard wordt in de school van Berlage en vooral bekend is geworden vanwege zijn ontwerpen van landhuizen.
Dit deel van de buurt bestaat uit forse herenhuizen met verspringende rooilijnen en voortuinen en is aangewezen als monument. Het gedeelte aan de Helmerslaan is een ontwerp van de architect van G. van den Elshout. Het bestaat geheel uit twee- en drielaagse woonblokken met langere gevelwanden onder een plat dak. Door de verspringende onderdelen van de voorgevels en het daarboven gelegen dak met overstek wordt een levendig straatbeeld verkregen. Belangrijk zijn de hier en daar aanwezige terugliggende balkons met opengewerkte baksteen balustrade. Een dergelijke vormgeving, ontworpen volgens de moderne opvattingen van die periode, is vrij bijzonder en het centrale deel van het complex is dan ook aangewezen als gemeentelijk monument. Voorts zijn er in de schrijversbuurt ook meergezinswoningen te vinden in de buurt van de Willem Kloosstraat. Het betreft hier voornamelijk huurwoningen. Het oude spoorlijntje Eindhoven-Hasselt is de naamgever van de buurt 'Oude Spoorbaan'. Het spoorlijntje werd aangelegd in 1866 en werd onder meer gebruikt voor het werkverkeer van Belgische Philips-werknemers. Later werd het alleen nog voor goederenvervoer gebruikt. In 1959 sloot de spoorlijn. Wat rest is het witte overweghuisje op de hoek van de Hoogstraat-Hagenkampweg.
De buurt ligt als een langwerpige bebouwingsstrook ingeklemd tussen de Karel de Grotelaan en de Hoogstraat en heeft een voornamelijk rechthoekig stratenpatroon. Opvallend binnen dit rechthoekige patroon is het tracé van de oude spoorbaan naar Valkenswaard die diagonaal door dit patroon loopt. Stroken bebouwing zijn evenwijdig aan dit tracé gebouwd terwijl de overige bebouwing min of meer loodrecht op de Karel de Grotelaan en Hoogstraat zijn gebouwd zodat er driehoekige restruimten ontstaan. De Hoogstraat is een oude radiaal die al van oudsher een directe verbinding vormde tussen het dorp Gestel en de stad Eindhoven als regiocentrum. Langs deze oude radiaal heeft in een vroeg stadium lintbebouwing plaatsgevonden in de vorm van woningbouw, kleinschalige 18 0
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 202
Gemeente Eindhoven
bedrijvigheid en horeca zoals bijvoorbeeld café Rozenknopje op de hoek met de Gestelsestraat. Het smalle historische profiel is nog steeds aanwezig en de Hoogstraat manifesteert zich als een drukke gezellige winkelstraat. De meeste voorzieningen in de buurt concentreren zich dan ook langs deze straat. De naam 'Hagenkamp' komt in Gestel voor het eerst voor in de 16e eeuw en betekent akker(kamp), omgeven door een met hout beplante wal. Eigenlijk lag de Hagenkamp tussen de Dommel en de Hoogstraat waar nu de schrijversbuurt ligt. De weg die vanuit het westen naar het gebied liep, kreeg de naam Hagenkampweg. Die straatnaam is de reden dat de buurt 'Hagenkamp' eigenlijk een kilometer westelijker ligt dan het oorspronkelijke gebied. In tegenstelling tot de Schrijversbuurt en Oude Spoorbaan bestaat de buurt Hagenkamp alleen uit naoorlogse bebouwing van rond de zeventiger jaren. Kenmerkend is de middelhoge strokenbebouwing met plat te daken die langs de Karel de Grotelaan en Limburglaan liggen en gebouwd zijn rondom plantsoenen. Het herkenbare beeld van hoofdwegen die ruim zijn opgezet met middelhoge- en hoogbouw in een groene setting, zoals dit in het naoorlogse Eindhoven het uitgangspunt was bij de stedelijke ontwikkeling, is goed waarneembaar.
Centraal in de buurt gelegen zijn rechthoekige bouwblokken met eengezinswoningen die de buurt een heldere en eenduidige ontsluitingsstructuur geven. Ten westen van de Maria van Bourgondiëlaan liggen relatief grootschalige voorzieningen in een groene setting aanwezig. Deze voorzieningenstrook ligt ingeklemd tussen de woonbuurt en de groene zone van de waterloop de Gender die een parkachtige inrichting heeft. In het noordwesten van de buurt, ingeklemd tussen de Karel de Grotelaan en Maria van Bourgondiëlaan, liggen de gebouwen van het kadaster en de centrale belastingdienst.
2.3.3
Stratum en Bloemenbuurt Zuid
Stratum binnen de Ring is opgebouwd uit acht woonbuurten met een geheel eigen identiteit die deel uitmaken van de wijk Oud-Stratum. De wijk is genoemd naar het oude centrum van het dorp Stratum dat bij de Sint Joriskerk lag. Enkele woonbuurten -de Irisbuurt, Rochusbuurt en Elzent -Noord- maken geen deel uit van het onderhavige bestemmingsplan. De eerste bebouwing in Den Elzent verschijnt aan het begin van de jaren twintig aan de Jan Smitzlaan, Elzentlaan, Tollenslaan en Vondellaan. Pas na 1925 komt de bouw van woningen goed op gang door de groei van de industrie in Eindhoven (Philips) en de daarmee samenhangende vestiging van hoger opgeleid personeel in Eindhoven. De buurt bestaat in feite uit twee buurten: Elzent-Noord en Elzent-Zuid. De scheiding tussen de buurten wordt gevormd door de Dr. Schaepmanstraat die een fysieke scheiding tussen de buurten vormt. Alleen Elzent-Zuid maakt deel uit van het onderhavige plan. Den Elzent is een van de vooroorlogse villabuurten in Stratum en is aangewezen als beschermd stadsgezicht, een keurmerk voor de kwaliteit van de architectuur en van de stedenbouwkundige structuur. De buurt heeft haar naam te danken aan de elzenboom of elzenstruik die in dit deel van Stratum als vanouds veel voorkwam. Ook veel andere namen met 'els' laten dat zien zoals: Elshout, d'Elschot, Elssaet en Elsende.
Door de ligging van de buurt zijn stedelijke voorzieningen van een zeer divers karakter op loopafstand aanwezig zoals: het Van Abbemuseum, het Stadswandelpark, het Parktheater, het stadscentrum en de Genneper Parken. De herontwikkeling van gebouwen in de buurt zoals bijvoorbeeld van de voormalige GGD en de voormalige Academie van Industriële Vormgeving tot hoogwaardige appartementcomplexen, heeft de woonfunctie sterk verbeterd. Ook de ontwikkeling van hoogwaardig culturele voorzieningen in de directe nabijheid van de buurt zoals de uitbreidingen van het Van Abbemuseum en het Parktheater verhogen de aantrekkelijkheid van de buurt. Wel is de toenemende verzakelijking, zoals die zich al lang manifesteert, een bedreiging. Steeds meer van de grotere villa's in Den Elzent krijgen een zakelijke bestemming. In Tuindorp ligt het landelijk bekende 'Witte Dorp' van architect Dudok. Aan het begin van de twintigste eeuw zijn er overal in Nederland zogenoemde 'tuindorpen' als uitbreidingslocaties vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 2020 19 Gemeente Eindhoven
van steden tot stand gekomen. Tuindorp bestaat niet alleen uit de woningen van Dudok maar ook uit Tuindorp De Burgh (buiten het plangebied). Dat is weer een stedenbouwkundige voortzetting van het Witte Dorp in zuidoostelijke richting. Het stedenbouwkundige plan ervan is wel door Dudok ontworpen, maar door de oorlog is het ontwerp niet tot uitvoering gekomen. De buurt maakt deel uit van het gebied dat door de Provincie is aangewezen als cultuurhistorisch waardevol. Het Witte Dorp is in 2003 aangewezen als beschermd stadsgezicht. Alle afzonderlijke woningen zijn aangewezen als Rijksmonument. Het bijzondere van het Witte Dorp is dat Dudok het gebied als een eenheid heeft ontworpen, zowel stedenbouwkundig als architectonisch. De openbare ruimte is heel zorgvuldig gecomponeerd. De stedenbouwkundige structuur is eenvoudig en helder. Door hoekhuizen te voorzien met aanbouwen, garages zo te plaatsen dat het zicht op de achtertuinen wordt afgeschermd en de zwarte plint van de huizen die voorkomt in de tuinmuren ook toe te passen bij garages en schuurtjes, wordt een aantrekkelijk samenhangend geheel gecreëerd. De Burghstraat en de Petrus Dondersstraat zijn voorzien van een lichte kromming zodat het zicht op het eind van de straat ontbreekt. Zo wordt de nieuwsgierige bezoeker naar het niet zichtbare deel van de straat gelokt.
Een vergelijkbaar effect wordt ook bereikt door het regelmatig insnoeren (versmallen) van straten, alsmede door het met een verdieping verhogen of het vooruitschuiven van woningen in het straatprofiel. Hiermee wordt elke ingang naar een straat, achterpad of cluster van garages aangekondigd. Het gaat om een evenwichtig gecomponeerde buurt. De buurt Heistraat ligt ingeklemd tussen winkels en bedrijven aan de Leenderweg en de Heezerweg. De buurt bestaat uit een mix van huur- en koopwoningen en wordt voornamelijk bewoond door gezinnen en tweepersoonshuishoudens. De naam Heistraat dateert van voor 1920 en verwijst naar Hei-eind, zoals het deel van Stratum dat destijds aan de Stratumse Heide grensde heette. Het is een kleine buurt met een eigen identiteit, geïsoleerd gelegen tussen twee radialen (Leenderweg en Heezerweg) en De Ring. De buurt Heistraat ligt gunstig ten opzichte van het centrumgebied en stedelijke voorzieningen zoals het Parktheater en het Stadswandelpark. De verkeersveiligheid in de buurt wordt met name negatief beïnvloed door de aansluiting op de radialen. Dat leidt tot relatief veel verkeersongevallen. De ligging nabij het centrum heeft niet alleen voordelen maar leidt ook tot overlast vooral in de vorm van vandalisme in het weekend.
De buurt Bloemenplein is ook bekend onder de naam Bloemenbuurt-Noord en is vernoemd naar het centrale plein in de buurt: het Bloemenplein. Architectonisch gezien en gelet op het ontbreken van veel verscheidenheid in woningtypen gaat het om een buurt met een eenzijdige uitstraling. De beperkte aanwezigheid van groen versterkt dit beeld. De buurt is voor een deel georiënteerd op de Aalsterweg en voor een deel op de Leenderweg. Deze gescheiden oriëntatie leidt voor het gevoel tot een splitsing in de buurt. Verder passen enige winkel- en horecavoorzieningen door hun verkeersaantrekkende functie en vanwege overlast niet in deze buurt. Looiakkers is een oude naam die al voorkomt in de zestiende eeuw en die duidt op een ontgonnen stuk van een op hogere grond gelegen bos (loo). Van het Stratumse Loo was al in 1447 sprake. Op kaarten uit de negentiende eeuw staat de Looiakkers voor het gebied tussen de Dommel en Aalsterweg gelegen deel van Stratum. Looiakkers is qua functies een gemêleerd gebied met relatief veel werkgelegenheid. De buurt ligt in een mooie woonomgeving langs de rand van het Stadswandelpark met stedelijke voorzieningen in de directe omgeving en heeft ook een goede mix van wonen, winkels en bedrijvigheid. De bebouwing van de nieuwe Bloemenbuurt Zuid sluit aan bij de sfeer van haar omgeving.
De bebouwing van alle straten heeft een relatie met elkaar en vormt een zorgvuldig ontworpen compositie. De woningen die langs de Leostraat zijn gebouwd zijn anders qua plattegronden vanwege de geluidsproblematiek, maar respecteren stedenbouwkundig en architectonisch, het beeld van de nieuwe buurt. Daarbij wordt in de typologie van de woonblokken een 20 0
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 202
Gemeente Eindhoven
herkenbare relatie met de Bloemenbuurt Noord gewaarborgd. Het parkeren wordt geregeld op het maaiveld, binnen privé binnenhoven of deels ondergronds, in de blokken waar appartementen aanwezig zijn. Parkeren voor de bezoekers vindt plaats langs de openbare wegen binnen het plan.
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 2020 21 Gemeente Eindhoven
22 0
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 202
Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 3 beleidskader
3.1
Uitgangspunten, randvoorwaarden en
Inleiding
In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de ruimtelijke beleidskaders op rijks-, provinciaal en gemeentelijk niveau. Verantwoord wordt dat de voorgenomen ontwikkeling past in het (toekomstig) ruimtelijk beleid. Er wordt geen complete samenvatting gegeven van alle beleidsaspecten. Uitsluitend de relevante beleidskaders voor het plangebied zijn in dit hoofdstuk weergegeven en verantwoord.
3.2
Rijksbeleid
3.2.1
Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte
In de definitieve Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) schetst het Rijk ambities van het ruimtelijk en mobiliteitsbeleid voor Nederland in 2040. Het Rijk zet twee zaken helder neer: een kader voor prioritering van investeringen om Nederland in beweging te krijgen en een selectief ruimtelijk beleid dat meer loslaat en overlaat aan provincies en gemeenten. Het is de uitdaging om Nederland in de wereldeconomie van de toekomst concurrerend te houden. Dat betekent dat onze stedelijke regio's en netwerken versterkt moeten worden door de kwaliteit voor de leefomgeving te verbeteren, hoogwaardige en klimaatbestendige woon- en werkmilieus te realiseren, de bereikbaarheid te verbeteren en de mobiliteit te verduurzamen, maatregelen te treffen ten behoeve van waterveiligheid, zoetwatervoorziening en ruimte te maken voor de noodzakelijke transitie naar duurzame energie. Het Rijk onderscheidt 13 nationale belangen in de SVIR. Daarnaast kiest ze nadrukkelijk voor een vereenvoudiging van de regelgeving en brengt de ruimtelijke ordening zo dicht mogelijk bij degenen die het aangaat: burgers en bedrijven. Zo beëindigt het Rijk zijn rol bij nationale landschappen, rijksbufferzones, binnenstedelijk bouwen, landsbrede verstedelijkingsafspraken, sport- en recreatievoorzieningen.
Het Rijk vindt de stedelijke regio's rond de Mainports (Rotterdam en Amsterdam), de Brainport, greenports en de valleys van nationaal belang (nationaal belang 1). De gebiedsontwikkeling Brainport Avenue is van nationaal belang. In de SVIR wordt Brainport Zuid-Oost Nederland beschouwd als de belangrijkste toptechnologieregio van ons land.Het centrum van deze Brainport is gelegen in Eindhoven met o.a. High-tech systemen, medische technologie en automotive als belangrijkste thema's. Daarnaast zijn Chemelot in Sittard-Geleen als belangrijk chemie-cluster, het medische cluster in Maastricht en de greenport Venlo als cluster van agro-food, tuinbouw en logistiek belangrijk. In de regio Eindhoven moeten vanwege de groei van het aantal huishoudens in de periode tot 2040 nog circa 40.000 woningen worden bijgebouwd en ook een kleine 30.000 woningen worden vervangen die niet meer voldoen aan de woonwensen. Het vestigingsklimaat voor (buitenlandse) bedrijven en kenniswerkers behoeft versterking met hoogwaardige woonmilieu's, stedelijke voorzieningen, voldoende aanbod van cultuur en sport en grensoverschrijdende verbindingen. Ook de diversiteit aan toegankelijke groengebieden rond de steden en een robuust netwerk voor natuur vormen voor deze regio een belangrijke vestigingsfactor. vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 2020 23 Gemeente Eindhoven
Realisatie Uitgangspunt bij het realiseren van de doelstellingen is een integrale, regionaal-specifieke aanpak, waarmee investeringen en ander rijksinstrumentarium zo effectief en efficiënt mogelijk ingezet kunnen worden. Dat vraagt om een gedegen afweging van alle relevante belangen en goede afstemming en samenwerking tussen regio en Rijk. Over de rijksopgaven zullen op basis van de MIRT-gebiedsagenda's afspraken worden gemaakt. De SVIR kent een realisatieparagraaf, waarin per nationaal belang de aanpak is uitgewerkt op basis van lopende en voorziene projecten. Het Rijk heeft voor de realisatie van de nationale belangen de beschikking over de volgende vier instrumenten: Kaders (gebiedsgerichte of thematische uitwerkingen van de SVIR, relevante wetgeving); Bestuurlijke prestatieafspraken (bijvoorbeeld afspraken met provincies en gemeenten, internationale afspraken met overheden in buurlanden); Financieel (bijvoorbeeld Infrastructuurfonds, Deltafonds); Kennis (bijvoorbeeld inzetten van het College van Rijksadviseurs bij ruimtelijke ontwikkelingen, verspreiden van “best practices”). Voor het juridisch borgen van de nationale belangen uit de SVIR heeft het Rijk, op basis van de Wet ruimtelijke ordening (Wro), twee besluiten waarmee dat mogelijk is. Deze twee besluiten zijn verschillend van aard (beleidsmatig versus procesmatig).
Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Dit geeft de juridische kaders die nodig zijn om het geldende ruimtelijk rijksbeleid te borgen. Het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Het Bro stelt vanuit de rijksverantwoordelijkheid voor een goed systeem van ruimtelijke ordening juridische kaders aan de processen van ruimtelijke belangenafweging en besluitvorming bij de verschillende overheden. De ladder voor duurzame verstedelijking en de proceseisen voor goed ontwerp en aandacht voor de waterhuishouding (watertoets), het milieu en het cultureel erfgoed zijn allen geborgd in het Bro. Nationaal belang 13 vraagt om een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten. Dit moet met behulp van de ladder voor duurzame verstedelijking worden onderbouwd. Bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen (bijvoorbeeld kantoorlocaties, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen) moet in het bestemmingsplan worden gemotiveerd hoe een zorgvuldige afweging is gemaakt van het ruimtegebruik. De ladder voor duurzame verstedelijking is opgenomen in artikel 3.1.6 lid 2 Bro.
Daarin staat: De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Conclusie Dit bestemmingsplan richt zich op het vastleggen van de bestaande situatie en van de functionele en ruimtelijke structuur. Er is dus geen sprake van een stedelijke ontwikkeling waarvoor een ladderonderzoek nodig is.
3.2.2
Nationale Omgevingsvisie (NOVI)
In de NOVI zijn deze maatschappelijke opgaven samengevat in vier prioriteiten: ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie duurzaam economisch groeipotentieel sterke en gezonde steden en regio’s toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. De NOVI biedt een langetermijnperspectief op de ontwikkeling van de leefomgeving in 24 0
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 202
Gemeente Eindhoven
Nederland tot 2050. Met de NOVI geeft het kabinet richting aan de grote opgaven die het aanzien van Nederland de komende dertig jaar ingrijpend zullen veranderen. Denk aan het bouwen van nieuwe woningen, ruimte voor opwekking van duurzame energie, aanpassing aan een veranderend klimaat, ontwikkeling van een circulaire economie en omschakeling naar kringlooplandbouw. Alles met zorg voor een gezonde bodem, schoon water, behoud van biodiversiteit en een aantrekkelijke leefomgeving. Met de NOVI benoemt het Rijk nationale belangen, geeft het richting op de vier prioriteiten en helpt keuzes maken waar dat moet. Want niet alles kan overal. De NOVI is vastgesteld op grond van de geldende regelgeving omdat de Omgevingswet nog niet in werking is. De NOVI voldoet tevens aan de eisen die de Omgevingswet stelt aan een omgevingsvisie. Zodra de Omgevingswet in werking is getreden, zal deze omgevingsvisie dan ook gelden als de Nationale Omgevingsvisie in de zin van deze wet. De NOVI is op 9 september 2020 vastgesteld. In dit bestemmingsplan zijn geen strijdigheden met de uitgangspunten uit de NOVI opgenomen. 3.2.3
Besluit algemene regels ruimtelijke ordening
Naast de SVIR is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro), ook wel AMvB Ruimte genoemd, van toepassing. Het besluit bevat regels ter borging van een aantal nationale belangen. Het gaat onder meer over rijksbelangen zoals rijksvaarwegen, zones buisleidingen, zones van hoogspanningsleidingen en militaire objecten. Voor Eindhoven is de 380 Kv hoogspanningsleiding van belang. Deze is gelegen in Eindhoven Noord en (deels) Oost. Verder is in het Barro opgenomen dat de provinciale begrenzing van het Nationaal NatuurNetwerk (NNN) direct doorwerkt naar het bestemmingsplan. De gebieden die het NNN vormen worden bij provinciale Interim Omgevingsverordening aangewezen (zie ook paragraaf 3.3.3) waarmee het NNN een provinciaal belang is geworden. Tot slot worden de belangen van luchthaven Eindhoven via het Barro geborgd. Op de luchthaven wordt nader ingegaan in paragraaf 3.2.3 en 3.2.4. Conclusie In het plangebied zijn geen rijksbelangen als bedoeld in het Barro in het geding. Wel ligt er een heel klein stukje Natuur Netwerk Brabant binnen het plangebied dat is beschermd conform de regels van de Interim Omgevingsverordening.
3.2.4
Regeling algemene regels ruimtelijke ordening
In de Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro) zijn de terreinen, gebieden en installaties zoals bedoeld in het Barro, aangewezen. Voor onderhavig gebied zijn de geluidszone en het obstakelbeheergebied behorende bij het luchtvaartterrein relevant. Deze gebieden zijn op onderstaande kaart aangegeven. In paragraaf 4.3 wordt nader ingegaan op geluid en in paragraaf 3.2.5 op de beperkingengebieden. Onderstaande kaart behoort bij de Rarro.
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 2020 25 Gemeente Eindhoven
kaart militair luchtvaartterrein – Vliegbasis Eindhoven (bijlage 3.4 Rarro) Bron: http://wetten.overheid.nl
3.2.5
Luchthavenbesluit
In 2009 is de Wet luchtvaart gewijzigd. Naar aanleiding hiervan is een nieuw luchthavenbesluit voor Eindhoven vastgesteld. Dit is op 26 september 2014 vastgesteld en met ingang van 1 november 2014 in werking getreden. In het luchthavenbesluit is het luchthavengebied, de gebruiksmogelijkheden en het beperkingengebied vastgelegd. Voor het bestemmingsplan is vooral het beperkingengebied van belang. Het beperkingengebied bestaat uit: 1. de geluidszone: dit is de weergave van de geluidsbelasting van het gezamenlijke 26 0
vastgesteld Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt-Zuid 202
Gemeente Eindhoven
luchtverkeer (hier wordt in paragraaf 4.2.5 op ingegaan). Binnen deze zone gelden regels voor het bouwen van woningen en andere geluidsgevoelige gebouwen. 2. de obstakelbeheergebieden: hier gelden maximaal toelaatbare hoogtes voor objecten. 3. het vogelbeheersgebied: binnen dit gebied gelden regels voor een bestemming of gebruik dat vogels aantrekt. Hieronder wordt nader ingegaan op het obstakelbeheergebied en het vogelbeheersgebied.