Bijlage 1a - Bestemmingsplan Buitengebied (Achterbeekseweg 2)
Tekst van het document
57
Daarnaast wordt het oppervlaktewatersysteem gelijkmatiger belast. Als ondersteuning voor de berekening van de waterbergingsopgave op privaat terrein is een rekentool ontwikkeld, te vinden via de website rekentool.eindhovenduurzaam.nl. 5.3.2.2 Ontwerpnorm waterberging privaat terrein De waterbergingsopgave geldt voor alle nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen op privaat terrein in Eindhoven. In gebieden waar vanuit het verleden afspraken over waterberging zijn gemaakt, wordt in overleg bepaald of en hoe de waterbergingsopgave in de ontwikkeling wordt verhoogd. Klimaatverandering kan namelijk ook in deze gebieden aanvullende waterberging noodzakelijk maken en daarmee het risico op waterschade aan (nieuw)bouw verlagen. Indien nodig worden hierover maatwerkafspraken gemaakt. In het beleid 'Klimaatrobuust (her)inrichten en ruimtelijk ontwikkelen' wordt onderscheid gemaakt tussen ontwikkelingen met 150 m² of meer verharding binnen het plangebied en kleinere ontwikkelingen tot 150 m² verharding binnen het plangebied. Voor de eerste groep geldt de eis tot 75 mm waterberging per m² verharding. Dit komt overeen met 75 liter waterberging per m² of voor een bouwplan met 400 m² verhard oppervlak 30 m³ (ofwel 30.000 liter) waterberging. Voor de tweede groep is de eis tot 25 mm.
Dit komt overeen met 25 liter waterberging per m² of voor een woning met 100 m² verhard oppervlak 2,5 m³ (ofwel 2500 liter) waterberging. De ontwerpnormen ter voorkoming van wateroverlast betekenen voor particulieren, ontwikkelaars en de gemeente een opgave om klimaat adaptief te bouwen. Vanaf 1 januari 2020 geldt voor particulieren en ontwikkelaars een wateropgave om bij ruimtelijke ontwikkelingen klimaat adaptief handelen. De datum van indiening van de omgevingsvergunning is leidend. 5.3.2.3 Stimulans klimaatadaptatiebeleid De gemeente Eindhoven draagt met het klimaatbeleid ook bij aan het verbeteren van de kwaliteit van een gezonde leefomgeving en meer biodiversiteit door de voorkeur te geven aan vergroenen als klimaat adaptieve maatregel. Het beleid is zo opgesteld dat vergroening op privaat terrein bij nieuwbouw wordt gestimuleerd en beloond. Hoe groener een plangebied wordt ingericht hoe lager de waterbergingseis in mm wordt. Ook groene ontwikkelingen in groen arme buurten worden op deze manier gestimuleerd. De website geeft een overzicht van deze mogelijke beloningen via de 'rekentool'. De stimuleringsregeling waarbij méér groen een lagere waterbergingsopgave oplevert geldt voor ruimtelijke ontwikkelingen op privaat terrein. 5.3.3
Toelichting rekentool
De gemeente Eindhoven maakt bij de beoordeling van de voor een nieuwe ontwikkeling in een plangebied voorgestelde maatregelen gebruik van een rekentool. Deze rekentool klimaatopgave, beschikbaar op rekentool.eindhovenduurzaam.nl, maakt het een ontwikkeling mogelijk interactief haar plangebied en de te nemen maatregelen te beschrijven en te controleren of aan de gemeentelijke eisen wat betreft waterberging en vergroening wordt voldaan. Bovendien kan een afschrift van de beschrijving van het plangebied en de keuze van de maatregelen met voorbeelden voor de verdere uitwerking gedownload worden om bijgevoegd te worden bij de eventuele watertoets of aanvraag van de omgevingsvergunning. De werking van de rekentool kan worden aangepast aan nieuwe inzichten en de uitkomst van de laatste versie van de tool is maatgevend.
58
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
5.3.3.1 Principewerking van de rekentool De rekentool klimaatopgave vraagt de klimaatrobuuste maatregelen te specificeren die zijn voorzien in het ontwerp binnen het plangebied en, waar nodig, hoe groot de oppervlakken zijn waar deze worden toegepast. Hieruit berekent de tool welk deel van het regenwater van een bui binnen het plangebied geborgen moet worden (de waterbergingsopgave, het grijze deel) en welk deel de klimaatrobuuste maatregelen zelf voor hun rekening nemen (het groene deel). Daarna kunnen nog extra maatregelen toegevoegd worden. Het doel is dat alle maatregelen bij elkaar de totale waterbergingsopgave (berging van al het water van een bui) van het plangebied voor hun rekening nemen. De specificatie van maatregelen en oppervlakken vindt interactief plaats: de tool laat direct het effect van deze specificaties zien op de daaruit afgeleide totale waterbergingsopgave; daarnaast laat de tool op een aantal manieren visueel zien wat de individuele groene en grijze bijdrage van een maatregel is. Vóór elke maatregel staat in de tool een i-symbool; door daarop te klikken wordt meer informatie over die maatregel gegeven zoals specifieke uitvoeringseisen en links naar achtergrondinformatie.
De tool doorloopt hierbij vier stappen: Wat zijn de kerngegevens van het project? Welke klimaatrobuuste maatregelen worden binnen het plangebied gerealiseerd? Hoe lost u de resterende waterbergingsopgave op? Download het resultaat. Als een omgevingsvergunning wordt aangevraagd, voeg dit resultaat dan, inclusief uitwerking, bij die aanvraag.
5.4
Beschrijving watersysteem plangebied
5.4.1
Checklist watersysteem
Checklist Watersysteem Hoofdw atergang c.q. open w ater
Nee
zijw atergang
Nee
Keurgebied binnen plangebied?
Nee
Binnen 25-100 jaarszone?
Nee
Binnen boringsvrije zone?
Ja
Ecologische verbindingszone?
Nee
Binnen reserveringsgebied w aterberging 2050?
Nee
Grondw aterbeschermingsgebied en Attentiezone w aterhuishouding
ja
Rioolw atertransportleiding
Nee
Waterschap gemaal
Nee
Verdachte/verontreinigde locaties?
Zie bodemparagraaf
Infiltratie praktisch mogelijk?
Ja
5.4.2
Oppervlaktewater
Binnen het plangebied en in de directe omgeving is geen oppervlaktewater aanwezig.
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
59
5.4.3
Verharding
Het plangebied is de huidige situatie voor een deel verhard en bestaat voor het overige uit tuin en groenvoorzieningen. Deze situatie blijft ongewijzigd. 5.4.4
Regenwater
Aangezien slechts sprake is van een functiewijziging van een bestaande bedrijfswoning naar een reguliere woning, vinden geen wijzigingen plaats ten aanzien van de wijze waarop met regenwater wordt omgegaan. 5.4.5
Afvalwater
Uitgangspunt is dat het vuile afvalwater en het schone hemelwater worden gescheiden. Het vuile afvalwater zal op de bestaande riolering in de Achterbeekseweg geloosd worden, overeenkomstig de bestaande situatie. 5.4.6
Boringsvrijze zone
Het plangebied is gelegen in een 'boringsvrije zone'. Een bestemmingsplan dat is gelegen in een 'boringsvrije zone' strekt mede tot het behoud van de beschermende kleilaag in de bodem. Het is niet noodzakelijk om inhoudelijke bescherming via het ruimtelijke spoor op te nemen omdat in de provinciale omgevingsverordening al is voorzien in een systeem van melding van dergelijke activiteiten. Van opname in het bestemmingsplan van de boringsvrije zone gaat dan ook vooral een signalerende functie uit. Dit zoals opgenomen in artikel 9.1 milieuzone - boringsvrije zone. 5.4.7
Grondwaterbeschermingsgebied en Attentiezone waterhuishouding
Het plangebied is gelegen binnen een 'grondwaterbeschermingsgebied'. Een bestemmingsplan dat is gelegen in een 'grondwaterbeschermingsgebied' strekt mede tot de bescherming van de kwaliteit van het grondwater ten behoeve van de drinkwatervoorziening. Het is niet noodzakelijk om inhoudelijke bescherming via het ruimtelijke spoor op te nemen omdat in de provinciale omgevingsverordening al is voorzien in een systeem van melding van dergelijke activiteiten. Van opname in het bestemmingsplan van het grondwaterbeschermingsgebied gaat dan ook vooral een signalerende functie uit.Dit zoals opgenomen in artikel 9.2 milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied. Het plangebied is ook gelegen binnen een 'Atentiezone waterhuishouding'. Een bestemmingsplan van toepassing op Attentiezone waterhuishouding strekt tot bescherming van de waterhuishouding en sluit functies en activiteiten uit die een negatief effect hebben op de hydrologische instandhoudingsdoelen van het hierbinnen gelegen Natuur Netwerk Brabant.
Dit door regels te stellen over: het verzetten van grond van meer dan 100 m³ of op een diepte van meer dan 60 centimeter beneden maaiveld, voor zover geen vergunning is vereist op grond van de Ontgrondingenwet; de aanleg van drainage ongeacht de diepte, tenzij het gaat om vervanging van een bestaande drainage; het verlagen van de grondwaterstand anders dan door middel van het graven van sloten of het toepassen van drainagemiddelen, met uitzondering van grondwateronttrekkingen; het beperken van het buiten een agrarisch bouwperceel aanbrengen van oppervlakteverhardingen of verharde oppervlakten. Dit zoals opgenomen in artikel 9.3 Overige zone - attentiezone waterhuishouding.
60
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
5.5
Toekomstige situatie van het watersysteem
Aangezien slechts sprake is van een functiewijziging van een bestaande bedrijfswoning naar een reguliere woning, vinden geen wijzigingen plaats ten aanzien van de wijze waarop met aspecten als verharding en berging van regenwater wordt omgegaan. Aangezien de situatie ten aanzien van het aspect water ongewijzigd blijft, wordt overleg met het waterschap niet noodzakelijk geacht.
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
61
62
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 6
6.1
Juridische vormgeving
Algemeen
Het bestemmingsplan "Buitengebied (Achterbeekseweg 2)" is te typeren als een gedetailleerd plan. De methodiek van het bestemmingsplan is gebaseerd op de SVBP2012. Waar dat noodzakelijk is wordt afgeweken van de standaard en is specifiek ingespeeld op de situatie binnen het plangebied.
6.2
Planmethodiek
Er is, conform de Wro, gekozen voor een analoge en digitale verbeelding van het plan. Aan de bestemmingen zijn bouw- en gebruiksregels gekoppeld die direct inzichtelijk maken welke ontwikkelingen zijn toegestaan. Verbeelding en regels bieden een directe bouwtitel voor bebouwing en gebruik. Al dan niet in combinatie met een nadere - eisen - regeling.
6.3
Verbeelding
Op de analoge en digitale verbeelding hebben alle gronden binnen het plangebied een bestemming gekregen. Binnen een bestemming kunnen nadere aanduidingen zijn aangegeven. Deze aanduidingen hebben slechts juridische betekenis indien en voor zover hier in de regels naar wordt verwezen. In verband met de leesbaarheid is het plan op een topografische ondergrond getekend. De bestemmingen en de aanduidingen zijn ingedeeld in hoofdgroepen volgens de SVBP2012 en zijn op de verbeelding opgenomen in het renvooi. Opgemerkt wordt dat de analoge en digitale verbeelding qua verschijning van elkaar verschillen. Dit heeft ermee te maken dat de manier van raadplegen anders is. De digitale verbeelding is juridisch bindend.
6.4
Planregels
De planregels zijn ondergebracht in inleidende regels, bestemmingsregels, algemene regels en overgangs- en slotregels. De Inleidende regels bestaan uit begrippen en de wijze van meten. Dit is om te voorkomen dat er discussie ontstaat over de interpretatie van de regels. In "Artikel 1 Begrippen" wordt een omschrijving gegeven van de in de regels gehanteerde begrippen. Als in de regels begrippen voorkomen die niet in dit artikel zijn opgenomen, dan geldt hiervoor de uitleg/interpretatie conform het normale taalgebruik. In "Artikel 2 Wijze van meten" zijn de te gebruiken meetmethodes opgenomen. De regels bij de bestemmingen worden hierna afzonderlijk toegelicht. In geval meerdere dubbelbestemmingen en gebiedsaanduidingen gelijktijdig van toepassing zijn op een gebied of in het geval dat er meerdere bepalingen van toepassing zijn binnen één bouwperceel, geldt dat deze bepalingen qua rangorde gelijk zijn aan elkaar. Dit betekent dat aan alle voorwaarden uit de relevante bepalingen voldaan moet worden. Logischerwijs heeft dit tot gevolg dat de meest beperkende bepaling geldt. Bestemming `Groen' (Artikel 3) De randzone van het plangebied is voorzien van de bestemming `Groen´. Bestemming `Wonen' (Artikel 4) Deze bestemming is gelegd op de in het plangebied gelegen woning en de direct omliggende gronden, voor zover hieraan niet de bestemming `Groen´ is toegekend.
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
63
In de regels is onderscheid gemaakt tussen hoofdgebouwen en bijgebouwen, aanbouwen en uitbouwen. Het gebouw dat door zijn constructie of afmetingen als belangrijkste bouwwerk valt aan te merken, wordt beschouwd als het hoofdgebouw. Bijgebouwen, aanbouwen en uitbouwen zijn in architectonisch opzicht te onderscheiden van, en ondergeschikt aan, het hoofdgebouw. Hoofdgebouwen moeten binnen het bouwvlak worden gebouwd waarbij het bouwvlak volledig mag worden bebouwd. In de regeling zijn specifieke regels opgenomen voor de bouw van een dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een woning. In onderstaande figuur is hiervan een uitwerking opgenomen:
Voor de uitbreiding van een bungalow/patiowoning is ook een regeling voor de uitbeiding hiervan opgenomen. In onderstaande figuur is hiervan een uitwerking opgenomen:
64
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
Aan huis-verbonden-beroepen Het gebruik van ruimten voor aan huis verbonden beroepen is binnen de woonbestemming toegestaan (tot maximaal 50 m2). Via een afwijking is het onder bepaalde voorwaarden mogelijk om maximaal 75 m² vloeroppervlak te benutten voor aan huis gebonden beroepen. Tevens is het onder bepaalde voorwaarden mogelijk om maximaal 30 m2 te benutten voor kleinschalige bedrijvigheid.
In hoofdstuk 3 zijn de Algemene regels opgenomen, met onder andere de algemene gebruiksrekels, de algemene aanduidingsregels (o.a. milieuzone - boringsvrije zone, milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied en 'overige zone - atentiegebied waterhuishouding'), de Algemene afwijkingsregels en de Overige regels. Onder de overige regels is o.a. opgenomen: Parkeren De regeling voor parkeren heeft betrekking op fiets- en autoparkeren. Voorwaardelijke verplichting waterberging In de overige regels is een voorwaardelijke verplichting opgenomen voor de aanleg van waterberging bij de bouw van bouwwerken. Op grond van deze verplichting mag er alleen gebouwd worden als er voldoende waterberging is aangelegd, eventueel in combinatie met andere maatregelen die bijdragen aan het klimaatbestendig maken van de stad. Deze verplichting is ontleend aan paragraaf 5.5 en de beleidsregel “Klimaat robuust (her)inrichten en ruimtelijk ontwikkelen” in bijlage 5 van het Gemeentelijk Rioleringsplan Eindhoven 2019-2022 (verder: GRP). Bij bouwwerken met een oppervlakte van 150 m² of meer moet in principe een waterberging aangelegd worden tot 75 mm per m² oppervlakte van het bouwwerk. Voor bouwwerken met een oppervlakte tussen 50 m² en 150 m² geldt een lagere bergingseis: daar moet in principe worden voorzien in een waterberging tot 25 mm per vierkante meter bouwoppervlakte.
In groenarme gebieden geldt een hogere eis, omdat daar een grotere opgave ligt. Een deel van de vereiste waterberging kan worden gecompenseerd met andere maatregelen die in lijn zijn met het beleid voor klimaatadaptatie, dat is beschreven in de beleidsregel Klimaat robuust (her)inrichten en ruimtelijk ontwikkelen. Hierbij kan worden gedacht aan bijvoorbeeld het aanplanten van nieuwe bomen (die zorgen voor vasthouden van regenwater en beschaduwing) of het aanleggen van gevelgroen. De exacte omvang van de benodigde waterberging en de omvang van andere maatregelen is sterk afhankelijk van de kenmerken van het bouwplan en de locatie. De wijze waarop de benodigde maatregelen moeten worden bepaald, is uitgewerkt in de genoemde beleidsregel. De gemeente heeft een rekentool beschikbaar gesteld waarmee initiatiefnemers eenvoudig kunnen nagaan wat de omvang van de maatregelen moet zijn, op basis van een aantal gegevens van hun initiatief en de locatie. Deze rekentool is te raadplegen op https://rekentool.eindhovenduurzaam.nl. De rekentool is dynamisch van aard, dat wil zeggen dat deze kan worden aangepast.
In hoofdstuk 4 zijn de Overgangs- en slotregels opgenomen met het Overgangsrecht en de Slotregel.
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
65
66
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 7
Handhaving
Handhavingsnota Leefomgeving 2018-2021 In Eindhoven streven we naar een aantrekkelijke stad waar inwoners en bezoekers zich welkom, thuis en veilig voelen. Voor het behoud van een prettige leefomgeving zijn regels nodig. Het voorkomen van overtredingen en de bereidheid om regels na te leven heeft een hoge prioriteit. Hoe dit wordt vormgegeven staat in de 'nota Handhaving Leefomgeving 2018-2021'. De nota is op 27 februari 2018 door het college vastgesteld. Het is een integraal beleidsplan waarin op hoofdlijnen de keuzes voor het handhaven van de fysieke leefomgeving staan beschreven. Op basis van de nota wordt jaarlijks een uitvoeringsplan opgesteld waarin de aanpak wordt geconcretiseerd. Uitgangspunten Bij de vertaling van dit beleidskader naar een concreet, jaarlijks uitvoeringsplan worden een aantal uitgangspunten in acht genomen. De belangrijkste uitgangspunten zijn: Informatie gestuurd De gemeente Eindhoven ziet informatie gestuurde handhaving als een belangrijke pijler. Er zijn ontwikkelingen op het gebied van ICT en data analyse. Door gemeentelijke en andere informatiebronnen te ontsluiten, te analyseren en te combineren kunnen we een problematiek eerder (of preventief) en gerichter aanpakken. Gebiedsgericht Om optimaal in te kunnen spelen op vraagstukken van inwoners zet de gemeente Eindhoven binnen het ruimtelijk domein al geruime tijd in op gebiedsgericht toezicht.
Dit doen we door - vanuit een actieve samenwerking met wijkteams - te kijken naar naleefgedrag, oorzaken en oplossingen gerelateerd aan geografische gebieden. Er zijn verschillende vragen, doelgroepen en belangen. Kennis wordt gedeeld en ervaringen van inwoners en bedrijven worden verzameld. Deze input is van invloed op de prioriteiten in het jaarlijkse uitvoeringsplan, waar mogelijk toegespitst op een specifieke wijk. Per wijk kunnen er dus op basis van gebiedsanalyses en bijvoorbeeld buurtcontracten verschillende bouwstenen zijn voor het uitvoeringsplan. Risico- en oplossingsgerichte benadering De gemeente Eindhoven benadert toezicht en handhaving risico- en oplossingsgericht. De prioriteiten worden in beginsel gebaseerd op een inschatting van de veiligheids- en gezondheidsrisico's voor inwoners. Ook aspecten als leefbaarheid, duurzaamheid en omgevingskwaliteit wegen in belangrijke mate mee. Daarnaast worden prioriteiten mede gebaseerd op wat inwoners en bedrijven belangrijk vinden. Eindhoven hecht eraan om vraagstukken waar mogelijk gezamenlijk op te lossen. Er zijn onderwerpen die in algemene zin aandacht vragen. Brandveilig gebruik van woongebouwen verdient (nog) meer aandacht, in de context van kwetsbare groepen die langer zelfstandig blijven wonen. Ook aanpak van jeugdoverlast, duurzaamheid en de bestaande bouw zijn voorbeelden.
Er wordt gezocht naar de beste oplossing die nodig is voor het versterken van de veiligheid in de leefomgeving van onze inwoners. Hiermee ontstaat een risicoanalyse op basis waarvan vervolgens de prioriteiten binnen het toezicht worden gesteld. Consequent en doelmatig Uitvoeringsplannen en jaarverslagen bevatten een overzicht van de inzet en capaciteit voor handhaving. In het verlengde van informatie gestuurde en oplossingsgerichte handhaving vergt doelmatige handhaving een analyse van resultaten. Meetbare doelen om te vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
67
beoordelen of de beschikbare capaciteit zo doelmatig mogelijk wordt ingezet. We beogen in de komende jaren een ontwikkeling door te maken in de vierslag capaciteit – prioriteit – risicoanalyse - nalevingsniveau. Dit moet onder andere leiden tot meer inzicht in de relatie tussen handhavingsinspanningen en het nalevingsniveau (effect). Prioritering De gemeente Eindhoven maakt keuzes om ervoor te zorgen dat de beschikbare capaciteit zo adequaat mogelijk wordt ingezet. Om goede prioriteiten te stellen is inzicht noodzakelijk in mogelijke problemen, de risico's en negatieve effecten. Hierdoor kan beter ingespeeld worden op de grootste ergernissen en notoire overtreders en draagt handhaving bij aan een verhoogd gevoel van veiligheid. Met inachtneming van de uitgangspunten zijn in de nota prioriteiten gesteld. Aan de hand van deze prioriteiten, het budget uit de programmabegroting, incidentele bestuurlijke prioriteiten en het naleefgedrag van burgers en bedrijven, wordt jaarlijks het uitvoeringsplan voor toezicht en handhavingsprogramma opgesteld. Uitvoeringsplan In het uitvoeringsplan wordt op hoofdlijnen opgenomen waar de capaciteit dat jaar wordt ingezet.
Daarbij is een onderverdeling gemaakt in: Object en informatiegericht - Bouwen en Wonen - Openbare leefomgeving - Bedrijven Gebiedsgericht - Pilot Veiligheid en leefbaarheid - Actiegebieden Themagericht Bij ieder onderdeel worden jaarlijks een aantal belangrijke ontwikkelingen op het gebied van toezicht en handhaving opgenomen. Dat kan bijvoorbeeld gaan om woonoverlast bij de Activiteiten Bouwen & Wonen. Of duurzaamheid en energiebesparing bij de Activiteiten Bedrijven. Bovengenoemde onderverdeling komt in elk uitvoeringsplan terug. Per jaar wordt aangegeven welke prioriteit een onderdeel heeft en hoeveel capaciteit er wordt ingezet. Duidelijke regels Om overtredingen te voorkomen en goed te kunnen handhaven is het belangrijk dat regels duidelijk zijn. Het moet duidelijk zijn wat wel en niet mag. Regels dienen niet voor verschillende uitleg vatbaar te zijn. Bij het opstellen van bestemmingsplannen is daarom gekozen voor een zo helder mogelijke juridische methodiek. De regels zijn zo geschreven, dat deze in de praktijk goed toetsbaar zijn. De juridische toelichting op het bestemmingsplan en de begrippenlijst geven nadere uitleg over de regels en over de begrippen die gebruikt worden.
68
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 8
Financiële aspecten
Bij de vaststelling van een bestemmingsplan, waarin ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt, dient de gemeenteraad eveneens een exploitatieplan vast te stellen. Dit heeft te maken met de wettelijke verplichting om de kosten; die de gemeente moet maken om deze ontwikkeling mogelijk te maken, te verhalen op de eigenaar/ontwikkelaar. In dit geval is de gemeente zelf de eigenaar/ontwikkelaar, waardoor van kostenverhaal als bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening niet aan de orde is.
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
69
70
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 9 Procedure en maatschappelijke uitvoerbaarheid
9.1
Bekendmaking ex artikel 1.3.1 Bro
Op grond van artikel 1.3.1. van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) moet van het voornemen een bestemmingsplan voor te bereiden, kennis worden gegeven. De kennisgeving van de voorbereiding van dit bestemmingsplan is geplaatst in Groot Eindhoven op 3 november 2021. De kennisgeving is tevens bij de officiële publicaties op de gemeentelijke website www.eindhoven.nl geplaatst. Er zijn geen stukken betreffende het voornemen ter inzage gelegd, noch de mogelijkheid open gesteld om zienswijzen tegen het voornemen in te dienen of instanties om advies te vragen.
9.2
Overleg ex artikel 3.1.1 Bro
Op grond van artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) moeten burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg plegen met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met de rijks- en provinciale diensten die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. Bij de voorbereiding is overleg geweest met de provincie Noord-Brabant en Waterschap De Dommel. Provincie Per brief van 10 juni 2022 (C2297751) heeft de provincie Noord-Brabant laten weten dat het plan in overeenstemming is met de provinciale belangen. Waterschap Op 15 augustus heeft het Waterschap De Dommel laten weten: "Het plan voorziet in een functiewijziging van een bedrijfswoning naar een burgerwoning. Er is geen sprake van toename van verhard oppervlak en van een wijziging in de waterhuishouding. Vanuit het aspect 'water' zijn geen belemmeringen te verwachten." Aanvullend is opgemerkt: 1. Graag Attentiegebied waterhuishouding opnemen, zowel op de verbeelding als de regels. In paragraaf 3.3.3. wordt deze al wel genoemd (pdf 22). 2. Tabel 5.4.1 'Checklist watersysteem' graag aanpassen. Het ligt in een grondwaterbeschermingsgebied en Attentiegebied Waterhuishouding. 3.
Paragraaf 5.4.6 het ligt niet alleen in een Boringsvrije zone maar ook grondwaterbeschermingsgebied (wel opgenomen al in de planregels; alleen nog benoemen in de toelichting). 4. het waterbeleid is geactualiseerd. Indien mogelijk deze nog benoemen Reactie gemeente: In de regels en op de verbeelding is de aanduiding 'overige zone - attentiezone waterhuishouding' opgenomen. De onder 1 t/m 4 genoemde punten zijn aangepast in de toelichting van het (ontwerp)bestemmingsplan.
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
71
9.3
Inspraak
Omwonenden zijn via een brief geïnformeerd over de functiewijziging. In het kader van het informeel vooroverleg is het bestemmingsplan ook voorgelegd aan Trefpunt Groen Eindhoven, Henri van Abbe Stichting en Stichting Bescherming Wederopbouw Erfgoed Eindhoven (SBWE). Het plan heeft geen aanleiding gegeven tot het maken van opmerkingen.
9.4
Zienswijzen
Het ontwerp van het bestemmingsplan heeft gedurende 6 weken ter inzage gelegen (met ingang van 31 augustus 2023). Gedurende deze termijn is iedereen in de gelegenheid gesteld om schriftelijk of mondeling een zienswijze ten aanzien van het ontwerp van het bestemmingsplan kenbaar te maken. Er zijn geen zienswijzen ontvangen.
72
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
Bijlagen bij de toelichting
Bijlagen bij de toelichting Bijlage 1
Vooronderzoek bodem NEN5725
Bijlage 2
Kwaliteitsverbetering
Bijlage 3
Wegverkeerslawaai onderzoek
Bijlage 4
Akoestisch onderzoek parkeerterrein
Bijlage 5
Akoestisch onderzoek sportpark
Deze bijlagen zijn te raadplegen op de landelijke website www.ruimtelijkeplannen.nl
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
73
74
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
Regels
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
75
76
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 1
Artikel 1 1.1
Inleidende regels
Begrippen
plan
het bestemmingsplan Buitengebied (Achterbeekseweg 2) met identificatienummer NL.IMRO.0772.80416-0301 van de gemeente Eindhoven. 1.2
bestemmingsplan
de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3
aan-huis-verbonden-beroep
een vrij beroep, dat in of bij een woongebouw wordt uitgeoefend, waarbij het woongebouw in overwegende mate de woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitwerking of uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is. Bijvoorbeeld gastouderopvang; detailhandel via internet zonder opslag en/of verkoop aan huis; of het enkel uitoefenen van een administratie ten behoeve van een bedrijf. Onder vrije beroepen worden verstaan: (para)medische, juridische, therapeutische, ontwerp-technische, administratieve, sociaal-maatschappelijke, kunstzinnige en daarmee gelijk te stellen beroepen. 1.4
aanbouw
een gebouw dat als afzonderlijke ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw waarmee het in directe verbinding staat, welk gebouw onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 1.5
aanduiding
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.6
aanduidingsgrens
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.7
aardkundige waarden
landschapswaarden die samenhangen met (abiotische) milieukenmerken, zoals geologie, geomorfologie, reliëf, grondwaterhuishouding, (kwelgebieden), bodemopbouw/bodemsamenstelling, afzonderlijk of in onderlinge samenhang. 1.8
abiotische waarde
geheel van waarden in verband met het abiotische milieu (=niet levende natuur), in de vorm van specifieke aardkundige verschijnselen zoals steilranden en bodemovergangen. 1.9
Actualisatie nota parkeernormen (2019)
nota gepubliceerd op 3 oktober 2019 en in werking getreden op 4 oktober 2019.
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
77
1.10
archeologisch onderzoek
onderzoek verricht door een daartoe gecertificeerde instantie en werkend volgens de geldende versie van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA). 1.11
archeologische verwachting
de aan een gebied toegekende verwachting in verband met de kans op het voorkomen van archeologische relicten (resten uit het verleden). 1.12
archeologische waarde
de aan een gebied toegekende waarde in verband met de in dat gebied voorkomende archeologische relicten (resten uit het verleden). 1.13
bebouwing
één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde. 1.14
bed & breakfast
toeristisch en kortdurend (maximaal 2 weken) nachtverblijf met het serveren van ontbijt. Overnachtingen noodzakelijk in verband met het verrichten van tijdelijke of seizoensgebonden werkzaamheden en/of arbeid zijn hieronder niet begrepen. 1.15
behoud in situ
behoud van archeologische resten op dezelfde plaats door planaanpassing (behoudsmaatregelen). 1.16
behoud ex situ
behoud van archeologische informatie door middel van een opgraving. 1.17
beeldbepalende boom
Bomen met een hoge esthetische en belevingswaarde voor de directe omgeving of voor de wijk. De bomen zijn door hun leeftijd, omvang of verschijningsvorm onvervangbaar voor het karakter van de omgeving en vormen bovendien een buitengewoon structurerend element voor de openbare ruimte. Het criterium beeldbepalend zegt tevens iets over de zichtbaarheid. Een beeldbepalende boom dient voor >50% van de omvang zichtbaar te zijn vanaf openbaar terrein. 1.18
beperkt kwetsbaar object
a. verspreid liggende woningen, woonschepen en woonwagens, voor zover zij niet behoren tot een Bevi-inrichting en met een dichtheid van maximaal twee woningen, woonschepen of woonwagens per hectare; b. bedrijfswoningen, voor zover zij niet behoren tot een Bevi-inrichting; c. kantoorgebouwen, hotels en restaurants, winkels en bedrijfsgebouwen voor zover zij niet onder het begrip kwetsbaar object vallen en voor zover zij niet behoren tot een beviinrichting; d. sporthallen, sportterreinen, zwembaden en speeltuinen; e. kampeerterreinen en andere terreinen bestemd voor recreatieve doeleinden, voor zover zij niet onder het begrip kwetsbaar object vallen; f. objecten die met het onder a. tot en met e. genoemde gelijkgesteld kunnen worden uit hoofde van de gemiddelde tijd per dag gedurende welke personen daar verblijven, het aantal personen dat daarin meestal aanwezig is en de mogelijkheden voor zelfredzaamheid bij een ongeval, voor zover die objecten geen kwetsbare objecten zijn; g. objecten met hoge infrastructurele waarde, waaronder in ieder geval telefoon- en elektriciteitscentrale of een gebouw met vluchtleidingsapparatuur, voor zover die objecten wegens de aard van de gevaarlijke stoffen die bij een ongeval kunnen vrijkomen, bescherming verdienen tegen de gevolgen van dat ongeval. 78
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
1.19
Bevi (Besluit externe veiligheid inrichtingen)
Besluit van 27 mei 2004, Stb. 250, houdende regels inzake milieukwaliteitseisen op het gebied van de externe veiligheid zoals deze luidde op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van dit bestemmingsplan. 1.20
bestaand
bij bouwwerken: legale bouwwerken die aanwezig of in uitvoering zijn op het tijdstip van ter inzage legging van het ontwerp van het bestemmingsplan, dan wel bouwwerken zoals die mogen worden gebouwd krachtens een vergunning; bij gebruik: legaal gebruik van grond en opstallen zoals aanwezig tijdens de inwerkingtreding van het bestemmingsplan. 1.21
bestemmingsgrens
de grens van een bestemmingsvlak. 1.22
bestemmingsvlak
een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.23
bijgebouw
een op zichzelf staand al dan niet vrijstaand gebouw, dat door de vorm onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 1.24
bouwen
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk. 1.25
bouwgrens
de grens van een bouwvlak. 1.26
bouwlaag
een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren (of horizontale balklagen) is begrensd en waarvan de lagen een nagenoeg gelijke omvang hebben, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw, dakopbouw en/of zolder. 1.27
bouwperceel
een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.28
bouwperceelgrens
een grens van een bouwperceel. 1.29
bouwvlak
een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. 1.30
bouwwerk
elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond.
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
79
1.31
cultuurhistorische waarde
de aan een bouwwerk of gebied toegekende waarde, gekenmerkt door het beeld dat is ontstaan door het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis heeft gemaakt van dat bouwwerk of gebied. 1.32
dak
iedere bovenbeëindiging van een gebouw. 1.33
dienstverlenend bedrijf en/of dienstverlenende instelling
bedrijf of instelling waarvan de werkzaamheden bestaan uit het verlenen van diensten aan derden, waarbij het publiek rechtstreeks (al dan niet via een balie) te woord wordt gestaan en geholpen, waaronder zijn begrepen kapperszaken, belwinkels, internetcafé, schoonheidsinstituten, fotostudio´s en naar de aard daarmee gelijk te stellen bedrijven en inrichtingen, evenwel met uitzondering van een garagebedrijf en een seksinrichting. 1.34
eengezinswoningen
als type eengezinswoning wordt beschouwd: elke woning welke tevens een geheel pand vormt. Hieronder vallen vrijstaande woningen, aaneengebouwde woningen, zoals twee onder één kap gebouwde hele huizen, boerderijen met woningen en voorts alle rijenhuizen. 1.35
gebouw
elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.36
gebruiken
het gebruiken, in gebruik geven of laten gebruiken. 1.37
geluidgevoelige functies
bewoning of andere geluidgevoelige functies zoals bedoeld in de Wet geluidhinder c.q. het Besluit geluidhinder. 1.38
geluidgevoelige gebouwen
gebouwen welke dienen ter bewoning of ten behoeve van een andere geluidgevoelige functie als bedoeld in de Wet geluidhinder c.q. het Besluit geluidhinder. 1.39
geluidzoneringsplichtige inrichting
een inrichting bij welke ingevolge de Wet geluidhinder rondom het terrein van vestiging in een bestemmingsplan een zone moet worden vastgesteld. 1.40
gemeentelijk adviseur archeologie
een door het college van burgemeester en wethouders aangewezen aantoonbaar ervaringsdeskundige op het gebied van de archeologische monumentenzorg. 1.41
gevaarlijke stoffen
gevaarlijke stoffen zijn stoffen waarvan het gebruik, het transport of de opslag (overslag e.d.), risico's met zich meebrengt. Het kan gaan om explosiegevaar, brand, giftigheid of radioactiviteit. 1.42
GR (groepsrisico)
een maat voor de kans, dat door een ramp bij een activiteit met gevaarlijke stoffen of met een vliegtuig, een (grote) groep mensen, die niet rechtstreeks bij de activiteit betrokken is, tegelijkertijd omkomt. Het GR kan toenemen door uitbreiding van risicovolle activiteiten enerzijds en door het verhogen van de personendichtheid anderzijds. 80
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
1.43
hogere grenswaarde
een maximale waarde voor de geluidbelasting, die hoger is dan de voorkeursgrenswaarde en die in een concreet geval kan worden vastgesteld op grond van de Wet geluidhinder c.q. het Besluit geluidhinder. 1.44
hoofdgebouw
een gebouw dat, op een bouwperceel door zijn constructie of afmetingen dan wel gelet op de bestemming, als het belangrijkste bouwwerk op een bouwperceel kan worden aangemerkt. 1.45
huishouden
een meerderjarige alleenstaande, dan wel twee of meer personen waarvan er ten minste één meerderjarig is, die duurzaam een gemeenschappelijke huishouding voeren. 1.46
invloedsgebied
gebied waarin, volgens de Regeling externe veiligheid inrichtingen (Revi), personen worden meegeteld voor de berekening van het groepsrisico. De grens van het invloedsgebied is gelijk aan de 1% letaliteitsgrens, bepaald bij weertype F 1.5, tenzij in de bij het Revi behorende uitvoeringsregeling voor een specifieke stof of activiteit een ander invloedsgebied is gedefinieerd. 1.47
kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten
het bedrijfsmatig verlenen van diensten c.q. het uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid, geheel of overwegend door middel van handwerk dat door zijn beperkte omvang in een woning en daarbij behorende bijgebouwen, met behoud van de woonfunctie, kan worden uitgeoefend (niet zijnde prostitutie). 1.48
kwaliteitseisen inpandige fietsenstallingen
bij collegebesluit van 20 april 2021 vastgestelde nadere regels ter uitwerking van de Actualisatie nota parkeernormen (2019). 1.49
kwetsbaar object
a. woningen, niet zijnde: 1. verspreid liggende woningen, woonschepen en woonwagens, voor zover zij niet behoren tot een Bevi-inrichting en met een dichtheid van maximaal twee woningen, woonschepen of woonwagens per hectare; 2. bedrijfswoningen; b. gebouwen bestemd voor het verblijf, al dan niet gedurende een gedeelte van de dag, van minderjarigen, ouderen, zieken of gehandicapten, waartoe in ieder geval behoren: 1. (psychiatrische) ziekenhuizen, bejaardenhuizen en verpleeghuizen; 2. scholen; 3. sociale werkplaatsen, of; 4. gebouwen of gedeelten daarvan, bestemd voor dagopvang van minderjarigen; c. gebouwen waarin meestal grote aantallen personen (> 50 pers.) gedurende een groot gedeelte van de dag aanwezig zijn, waartoe in ieder geval behoren: 1. kantoorgebouwen en hotels met een bruto vloeroppervlak van meer dan 1.500 m² per object, voor zover zij niet behoren tot een Bevi-inrichting of; 2. complexen waarin meer dan 5 winkels zijn gevestigd en waarvan het gezamenlijk bruto vloeroppervlak meer dan 1.000 m² bedraagt, voor zover zij niet behoren tot een Bevi-inrichting, en winkels met een bruto vloeroppervlak van meer dan 2.000 m² per winkel, voor zover in die complexen of in die winkels een supermarkt, hypermarkt of warenhuis is gevestigd en voor zover zij niet behoren tot een Bevi-inrichting; d.
kampeer- en andere recreatieterreinen bestemd voor het verblijf van meer dan 50 personen gedurende meerdere aaneengesloten dagen, voor zover zij niet behoren tot een Bevi-inrichting.
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
81
1.50
landschappelijke waarden
het geheel van waarden in verband met bijzondere waarneembare landschappelijke kenmerken van een gebied of object, in de zin van karakteristieke verschijningsvorm, herkenbaarheid/identiteit en diversiteit, dat bestaat uit aardkundige, archeologische, cultuurhistorische en visueel-ruimtelijke waarden die wordt bepaald door de onderliggende samenhang en beïnvloeding van levende en niet levende (abiotische) natuur. 1.51
mantelzorg
het op vrijwillige basis en buiten organisatorisch verband bieden van zorg aan eenieder die hulpbehoevend is op het fysieke, psychische en/of sociale vlak. 1.52
natuurwaarde
de aan een gebied toegekende waarde, gekenmerkt door geologisch, geomorfologische, bodemkundige en biologische elementen, zowel afzonderlijk als in onderlinge samenhang. 1.53
nevenactiviteiten
het ontplooien van activiteiten op een agrarisch bouwvlak die niet rechtstreeks de uitoefening van de agrarische bedrijfsvoering betreffen. 1.54
nutsvoorzieningen
voorzieningen ten behoeve van algemeen nut in ruime zin zoals: voorzieningen / installaties ten behoeve van gas, water en elektriciteit, signaalverdeling, telecommunicatieverkeer, waterzuivering, waterbeheersing, waterhuishouding, vuil- en afvalverwerking, compostering, wijkverwarming, milieuvoorzieningen e.d. 1.55
onzelfstandige woonruimte
woonruimte, welke geen eigen toegang heeft en welke niet door een huishouden kan worden bewoond zonder dat dit daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte. 1.56
parkeerbalans
met een parkeerbalans wordt de (on)balans berekend tussen parkeervraag en parkeeraanbod binnen een bepaald gebied. Vaak valt de parkeervraag van functies niet samen in de tijd. Gecombineerd gebruik van parkeerplaatsen is dan mogelijk (dubbelgebruik). 1.57
peil
0.30 m' boven de kruin van de weg. 1.58
PR (plaatsgebonden risico)
risico op een plaats buiten een inrichting, uitgedrukt als de kans per jaar dat een persoon die onafgebroken en onbeschermd op die plaats zou verblijven, overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval binnen die inrichting waarbij een gevaarlijke stof, gevaarlijke afvalstof of bestrijdingsmiddel is betrokken. 1.59
prostitutiebedrijf
een voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin tegen vergoeding seksuele handelingen worden verricht. 1.60
Revi (Regeling externe veiligheid inrichtingen)
regeling van de Staatssecretaris van VROM van 8 september 2004, houdende regels met betrekking tot afstanden en de wijze van berekening van het plaatsgebonden risico en het groepsrisico ter uitvoering van het Bevi zoals deze luidde op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van dit bestemmingsplan. 82
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
1.61
regeling provinciale risicokaart
Regeling van de minister van Binnenlandse zaken en koninkrijksrelaties van 20 april 2007, Stctr. 2007, nr 75. 1.62
registratiebesluit externe veiligheid
Besluit van 28 november 2006 (stb 2006, 656), houdende regels met betrekking tot de registratie van gegevens externe veiligheid inrichtingen, transportroutes en buisleidingen (Registratiebesluit externe veiligheid). 1.63
risicovolle inrichting
1. inrichtingen zoals genoemd in artikel 2 van het Bevi (Besluit externe veiligheid inrichtingen) (Bijlage 3 van de regels) respectievelijk artikel 1b van de Regeling externe veiligheid inrichtingen (Revi) (Bijlage 4 van de regels); 2. inrichtingen die zijn genoemd in bijlage I van de regeling provinciale risicokaart (Bijlage 5 van de regels) of onder het Registratiebesluit Externe Veiligheid; 3. inrichtingen met toxische gassen; 4. inrichtingen waar een brandbaar tot vloeistof verdicht gas met een inhoud van meer dan 1m3 wordt gebezigd of opgeslagen. 1.64
seksinrichting
een voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in de omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotische/pornografische aard plaatsvinden. Onder seksinrichting wordt in ieder geval verstaan: een prostitutiebedrijf, alsmede een erotische massagesalon, een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater of een parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar. 1.65
statische opslag
de opslag van goederen (niet zijnde gevaarlijke stoffen) die geen regelmatige verplaatsing behoeven en niet ter plaatse worden bewerkt, verwerkt, gerepareerd of verhandeld. Zoals stalling van auto's, caravans, campers en boten. 1.66
uitbouw
een gebouw dat als vergroting van een bestaande ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw, welk gebouw door de vorm onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 1.67
verdieping
de bouwlaag respectievelijk bouwlagen die boven de begane grondbouwlaag gelegen is/zijn. 1.68
voorgevel
de naar de weg of aan het openbaar gebied gekeerde gevel van een gebouw of, indien het een gebouw betreft van meer dan één naar de weg of het openbaar gebied gekeerde gevel, de gevel die door zijn aard, functie, constructie dan wel gelet op uitstraling ervan als belangrijkste gevel kan worden aangemerkt. 1.69
voorgevelrooilijn
De denkbeeldige lijn die strak langs de voorgevel wordt getrokken tot aan de zijdelingse perceelsgrenzen. 1.70
voorkeursgrenswaarde
de toelaatbare waarde voor de geluidbelasting, zoals deze rechtstreeks kan worden afgeleid uit de Wet geluidhinder c.q. het Besluit geluidhinder.
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
83
1.71
water
al het oppervlaktewater zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen, ook als deze incidenteel of structureel droogvallen. 1.72
waterberging
voorziening voor het tijdelijk vasthouden van regenwater dat afstroomt vanaf de oppervlakte van een bouwwerk. 1.73
waterhuishoudkundige voorzieningen
voorzieningen die nodig zijn ten behoeve van een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging, hemelwaterinfiltratie en waterkwaliteit (zoals duikers, stuwen, infiltratievoorzieningen, gemalen, inlaten, sloten, greppels en vijvers, ook als deze incidenteel of structureel droogvallen etc.). 1.74
Wet geluidhinder
Wet van 16 februari 1979 (Stb. 99) houdende regels inzake het voorkomen of beperken van geluidhinder, zoals deze luidde op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van dit bestemmingsplan. 1.75
Wet milieubeheer
Wet van 13 juni 1979 (Stb. 442) houdende regelen met betrekking tot een aantal algemene onderwerpen op het gebied van de milieuhygiëne, zoals deze luidde op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van dit bestemmingsplan. 1.76
Wet ruimtelijke ordening
Wet van 20 oktober 2006 (Stb. 2006, nr. 566) houdende nieuwe regels omtrent de ruimtelijke ordening, zoals deze luidde op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van dit bestemmingsplan. 1.77
woning
een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden, dan wel voor de huisvesting van maximaal twee personen die geen gezamenlijk huishouden voeren. Een woonwagen wordt niet tot een woning gerekend. 1.78
woongebouw
een gebouw, dat één woning omvat, dan wel twee of meer naast elkaar en/of geheel of gedeeltelijk boven elkaar gelegen woningen omvat en dat qua uiterlijke verschijningsvorm als een eenheid beschouwd kan worden.
84
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
Artikel 2
Wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1
bebouwingspercentage
een aangegeven percentage, dat de grootte van het deel van het bouwvlak aangeeft dat maximaal mag worden bebouwd. 2.2
dakhelling
langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.3
goothoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeiboord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.4
inhoud van een bouwwerk
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.5
bouwhoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, liftopbouwen, installatieruimten en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.6
oppervlakte van een bouwwerk
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.7
ondergeschikte bouwdelen
bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen wordt de overschrijding van de bouwgrens door ondergeschikte bouwdelen, zoals plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, gevel- en kroonlijsten, gevelisolatie, ventilatiekanalen, reclameaanduidingen, luifels, erkers, balkons en overstekende daken e.d. buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van de bouwgrens niet meer dan 1 meter bedraagt.
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
85
86
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 2
Artikel 3 3.1
Bestemmingsregels
Groen
Bestemmingsomschrijving
De voor `Groen´ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e.
groenvoorzieningen; bermen en beplanting; speelvoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen; nutsvoorzieningen;
met daarbij behorende: f. paden en verhardingen; g. bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
3.2
Bouwregels
3.2.1
Gebouwen
Op of in deze gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd, met uitzondering van: a. bestaande gebouwen; b. gebouwen ten behoeve van een voorziening voor het opwekken van duurzame energie met een maximum bouwhoogte van 3 meter en een maximum oppervlakte van 15 m²; 3.2.2
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de maximum bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen voor de voorgevelrooilijn is 1 m; b. de maximum bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de voorgevelrooilijn is 2 m; de maximum bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen is 2 m; c. de maximum bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, is 4 m; d. voor zover de bestaande situatie afwijkt van het bepaalde onder sub a en b gelden die maten als maximaal.
3.3
Specifieke gebruiksregels
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in lid 3.1 wordt in ieder geval gerekend: a. het opslaan, storten of bergen van materialen en producten, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is voor het op de bestemming gerichte gebruik van de grond; b. lawaaisporten; c. kamperen.
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
87
88
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
Artikel 4
Wonen
4.1
Bestemmingsomschrijving
4.1.1
Bestemming
De voor `Wonen´ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. één grondgebonden woning al dan niet in combinatie met ruimte voor een aan-huis-verbonden-beroep; b. groenvoorzieningen c. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; d. nutsvoorzieningen; met de daarbij behorende: e. f. g. h. i. j.
tuinen, erven en terreinen; wegen en paden; (ondergrondse) parkeervoorzieningen; speelvoorzieningen; voorzieningen voor het opwekken van duurzame energie; gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde;
met dien verstande dat: k. een woning en/of kamersgewijs bewoonde woning niet mag worden gesplitst in twee of meerdere woningen; l. kamerverhuur niet is toegestaan, tenzij het een bestaande situatie betreft. m. de vloeroppervlakte ten behoeve van een aan-huis-verbonden-beroep niet meer dan 50 m2 mag bedragen.
4.2
Bouwregels
4.2.1
Hoofdgebouwen
Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. indien binnen het bestemmingsvlak de aanduiding 'bouwvlak' is opgenomen, mag een hoofdgebouw uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'bouwvlak' worden gebouwd; b. per bestemmingsvlak, of ingeval het bestemmingsvlak is voorzien van de aanduiding 'bouwvlak', is maximaal één woning toegestaan; c. voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende maatvoeringseisen: goot-, bouw hoogte
maximaal 5 meter, maximaal 10 m. Indien de bestaande goot- en/of bouw hoogte meer bedraagt dan 5 m en 10 m geldt de bestaande gooten/of bouw hoogte als maximum.
inhoud
maximaal 750 m³ (inclusief de inhoud van aan- en uitbouw en). indien de bestaande inhoud meer bedraagt dan 750 m³, geldt de bestaande inhoud als maximale inhoud.
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
89
dakhelling
minimaal 12 graden maximaal 45 graden indien de bestaande dakhelling meer of minder bedraagt, geldt de bestaande dakhelling als minimale/maximale dakhelling. De dakhelling geldt niet voor aan- en uitbouw en en dakkapellen.
4.2.2
Aan- en uitbouwen en bijgebouwen
Voor het bouwen van aan- en uitbouwen en bijgebouwen gelden de volgende regels: a. aan- en uitbouwen en bijgebouwen dienen minimaal 1 m achter de voorgevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; b. in afwijking van het gestelde onder a geldt dat, wanneer de zijkant van het perceel aan openbaar toegankelijk gebied grenst (hoeksituatie), aan- en uitbouwen en bijgebouwen minimaal 3 meter achter de voorgevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan en ook minimaal 3 meter vanaf het openbaar toegankelijk gebied moeten worden gebouwd; c. de gezamenlijke vloeroppervlakte van aan-, uitbouwen en bijgebouwen per woning mag niet meer bedragen dan 80 m²; d. de goothoogte van een aan-, uitbouw en bijgebouw mag niet meer dan 3,5 m bedragen, met dien verstande dat de goothoogte van een aan- of uitbouw niet meer mag bedragen dan de goothoogte van het bijbehorende hoofdgebouw; indien het dak is/wordt uitgevoerd in de vorm van een kap mag de maxiumum bouwhoogte 4,5 meter bedragen; e. voor de voorgevel van de woning mag een aanbouw worden gerealiseerd tot een maximale diepte van 1,5 m en een goothoogte van maximaal 3,5 m, mits tenminste 1 m tuindiepte resteert. f. voor zover de bestaande situatie groter/hoger is dan het bepaalde onder c tot en met e, gelden die maten als maximum. 4.2.3
Voorzieningen voor het opwekken van duurzame energie
Voor het bouwen van gebouwen ten behoeve van voorzieningen voor het opwekken van duurzame energie gelden de volgende regels: a. gebouwen voor het opwekken van duurzame energie mogen zowel binnen als buiten de aanduiding 'bouwvlak worden gebouwd; a. de maximum bouwhoogte is 3 m; b. de maximum oppervlakte is 15 m². 4.2.4
Bouwwerken geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. b. c. d.
4.3
de maximum bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen voor de voorgevelrooilijn 1 m; de maximum bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de voorgevelrooilijn 2 m; de maximum bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, is 3 m; voor zover de bestaande situatie afwijkt van het bepaalde onder sub a tot en met c, gelden die maten als maximum.
Afwijken van de bouwregels
Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken voor wat betreft de maximum goothoogte van aan- en uitbouwen en bijgebouwen, indien dat wenselijk is uit een oogpunt van een goede constructieve en/of bouwkundige aansluiting van het bijbehorende bouwwerk bij de hoogte van de verdiepingsvloer van het hoofdgebouw. 90
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
4.4
Specifieke gebruiksregels
4.4.1
Strijdig gebruik
Tot een gebruik strijdig met deze bestemming zoals bedoeld in lid 4.1 wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van bijgebouwen voor zelfstandige bewoning; b. kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten in de bedrijfswoning en daarbij behorende bijgebouwen; c. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van statische opslag; d. het gebruiken van gronden en bouwwerken voor bed & breakfast voorzieningen; e. het al dan niet voor de verkoop opslaan, storten, bergen of lozen van bruikbare en/of onbruikbare of althans aan hun oorspronkelijk gebruik onttrokken materialen, stoffen en producten, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is voor het op de bestemming gerichte gebruik. 4.4.2
Voorwaardelijke verplichting landschappelijke inpassing
Het gebruik ten behoeve van wonen als bedoeld in lid 4.1 is uitsluitend toegestaan indien de groenvoorzieningen die ten behoeve van een zorgvuldige landschappelijk inpassing en kwaliteitsverbetering noodzakelijk zijn, binnen 2 jaar na onherroepelijk worden van dit bestemmingsplan zijn aangelegd, conform bijlage 2 bij deze regels en daarna duurzaam in stand gehouden worden.
4.5
Afwijken van de gebruiksregels
4.5.1
Afwijken landschappelijke inpassing
Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van lid 4.4.2 en het landschappelijk inpassingsplan zoals opgenomen in Bijlage 2 wijzigen, mits: a. dit noodzakelijk is voor een doelmatige uitvoering van het plan; b. de gewijzigde landschappelijke inpassing eveneens voldoet aan de vereisten omtrent een goede landschappelijke inpassing en de kwaliteitsverbetering van het landschap. 4.5.2
Aan-huis-verbonden-beroepen en Kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten
Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4.1 onder n en 4.4.1 onder b voor het toestaan van gebruik van ruimten binnen de woning en de bijgebouwen bij de woning voor de uitoefening van een aan-huis-verbonden beroep met een vloeroppervlakte van maximaal 75 m² en/of kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten tot een bedrijfsvloeroppervlakte van maximaal 30 m², mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. de gezamenlijke oppervlakte voor de uitoefening van het aan-huis-verbonden beroeps én kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten is maximaal 75 m²; b. het geen publieksaantrekkende beroeps- of bedrijfsactiviteiten betreft; c. deze activiteit(en) door ten hoogste twee personen wordt/worden uitgeoefend waarvan tenminste één persoon woonachtig is in de bedrijfswoning; voor kapsalons geldt dat deze activiteit door maximaal één persoon, die tevens woonachtig is in de bedrijfswoning, mag worden uitgeoefend; d. de verkeersaantrekkende werking niet zodanig is dat ten gevolge daarvan extra verkeersmaatregelen, waaronder extra parkeervoorzieningen op de openbare weg noodzakelijk worden; e. er mag geen detailhandel plaatsvinden; uitgezonderd verkoop als ondergeschikte nevenactiviteit van het aan-huis-verbonden beroep, of uitsluitend voor zover het ter plaatse vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
91
vervaardigde en/of bewerkte producten van de kleinschale bedrijfsmatige activiteiten betreft; f. het niet betreft vervaardiging van voedsel; g. de bedrijfsactiviteiten vallen onder de in Bijlage Bijlage Lijst van bedrijfsactiviteiten bij wonen opgesomde bedrijfsactiviteiten behorende tot categorie 1, alsmede voor zover het bedrijfsactiviteiten betreft die niet in deze lijst zijn opgenomen maar naar aard en invloed op de omgeving gelijk te stellen zijn met de bedrijfsactiviteiten behorende tot categorie 1 als genoemd in deze lijst; h. het een dienstverlenend bedrijf en/of dienstverlenende instelling betreft die niet genoemd wordt in de onder sub g genoemde lijst, maar naar aard en invloed op de omgeving gelijk te stellen is met de bedrijfsactiviteiten als bedoeld onder g. 4.5.3
Kamerbewoning
a. Burgemeester en wethouders kunnen door middel van omgevingsvergunning afwijken van het verbod op kamerbewoning, zoals opgenomen in lid 4.4.1 onder a, indien de verkamering niet leidt tot een onaanvaardbare inbreuk op het woon- en leefklimaat ter plaatse van en in de omgeving van het betreffende gebouw. b. Of sprake is van een onaanvaardbare negatieve inbreuk op het woon- en leefklimaat wordt beoordeeld aan de hand van de 'Beleidsregels kamerbewoning en woningsplitsing Eindhoven 2021', met dien verstande dat, indien deze beleidsregels worden gewijzigd, de gewijzigde beleidsregels gelden. 4.5.4
Bed & breakfast
Burgemeester en wethouders kunnen door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4.4.1 onder d voor het gebruik van ruimten binnen de woning, of de daarbij behorende bijgebouwen, ten behoeve van bed & breakfast voorzieningen, mits: a. de exploitatie van de bed & breakfast door de bewoner van de betreffende woning geschiedt; b. de bed & breakfast voorzieningen ondergeschikt van aard is; c. de voorzieningen zich beperken tot het bieden van overnachtingsmogelijkheden met ontbijt voor maximaal 4 personen tegelijk, verspreid over maximaal 2 kamers per woning; d. parkeren op eigen terrein plaatsvindt; e. de cultuurhistorische waarden niet onevenredig worden aangetast. f. er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de in het geding zijnde belangen, waaronder die van omwonenden en omliggende bedrijven.
92
vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven
Artikel 5 5.1
Waarde - Archeologie 6
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waarde - Archeologie 6' (middelhoge archeologische verwachting) aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de bescherming en veiligstelling van de op en/of in deze gronden voorkomende archeologische waarden. In geval van strijdigheid van bepalingen gaan de bepalingen van dit artikel voor de bepalingen die ingevolge andere artikelen op de desbetreffende gronden van toepassing zijn.