CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1a - Bestemmingsplan Buitengebied (Achterbeekseweg 2)

Raadsvergadering 28 november 2023, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling bestemmingsplan 'Buitengebied (Achterbeekseweg 2)'27.471 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Vastgesteld bestemmingsplan

Buitengebied (Achterbeekseweg 2)

november 2023

Buitengebied (Achterbeekseweg 2)

Inhoudsopgave Toelichting

5

Hoofdstuk 1 Inleiding

7

1.1

Aanleiding

7

1.2

Het plangebied

7

1.3

Voorgaande plannen

8

1.4

Leeswijzer

9

Hoofdstuk 2 Beschrijving plangebied

11

2.1

Huidige situatie

11

2.2

Toekomstige situatie

13

Hoofdstuk 3 Uitgangspunten, randvoorwaarden en beleidskader

15

3.1

Inleiding

15

3.2

Rijksbeleid

15

3.3

Provinciaal beleid

16

3.4

Gemeentelijk beleid

21

3.5

Archeologische en cultuurhistorische waarden

25

3.6

Verkeer en parkeren

27

3.7

Groen

30

3.8

Regeling kwaliteitsverbetering van het landschap

33

3.9

Kabels en leidingen

35

Hoofdstuk 4 Milieuparagraaf

37

4.1

Milieueffectrapportage

37

4.2

Bedrijven en milieuzonering

38

4.3

Geluid

40

4.4

Luchtkwaliteit

42

4.5

Externe veiligheid

44

4.6

Duurzaamheid

45

4.7

Bodem

48

4.8

Natuur

49

Hoofdstuk 5 Waterparagraaf

53

5.1

Inleiding

53

5.2

Beleid

53

5.3

Eindhovense klimaattoets

57

5.4

Beschrijving watersysteem plangebied

59

5.5

Toekomstige situatie van het watersysteem

61

Hoofdstuk 6 Juridische vormgeving

63

6.1

Algemeen

63

6.2

Planmethodiek

63

6.3

Verbeelding

63

2

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

6.4

Planregels

63

Hoofdstuk 7 Handhaving

67

Hoofdstuk 8 Financiële aspecten

69

Hoofdstuk 9 Procedure en maatschappelijke uitvoerbaarheid

71

9.1

Bekendmaking ex artikel 1.3.1 Bro

71

9.2

Overleg ex artikel 3.1.1 Bro

71

9.3

Inspraak

72

9.4

Zienswijzen

72

Bijlagen bij de toelichting

73

Regels

75

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

77

Artikel 1

Begrippen

77

Artikel 2

Wijze van meten

85

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels

87

Artikel 3

Groen

87

Artikel 4

Wonen

89

Artikel 5

Waarde - Archeologie 6

93

Artikel 6

Waarde - Archeologie 7

95

Hoofdstuk 3 Algemene regels

97

Artikel 7

Anti-dubbeltelregel

97

Artikel 8

Algemene gebruiksregels

99

Artikel 9

Algemene aanduidingsregels

101

Artikel 10

Algemene afwijkingsregels

105

Artikel 11

Overige regels

107

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels

109

Artikel 12

Overgangsrecht

109

Artikel 13

Slotregel

111

Bijlagen bij de regels

113

Bijlage 1

Lijst van bedrijfsactiviteiten bij wonen

114

Bijlage 2

Landschappelijke inpassing

116

Bijlage 3

Besluit externe veiligheid inrichtingen, artikel 2

118

Bijlage 4

Regeling externe veiligheid inrichtingen, artikel 1b

120

Bijlage 5

Regeling provinciale risicokaart, Bijlage I

122

Bijlage 6

Beleidsregeling 'Actualisatie nota parkeernormen (2019)’

125

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

3

4

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

Toelichting

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

5

6

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

Hoofdstuk 1

1.1

Inleiding

Aanleiding

Het voornemen bestaat om de functie van de bestaande bedrijfswoning aan de Achterbeekseweg 2 te wijzigen naar een reguliere burgerwoning. Deze functiewijziging is op grond van het vigerende bestemmingsplan niet toegestaan. Om de beoogde ontwikkeling mogelijk te maken dient een juridisch-planolopgische procedure te worden doorlopen. Hierbij is gekozen voor een bestemmingsplanprocedure in het kader waarvan het voorliggende bestemmingsplan is opgesteld.

Het voorliggende bestemmingsplan "Buitengebied (Achterbeekseweg 2)" bestaat uit een digitale en analoge verbeelding met de daarbij behorende regels. Bij het bestemmingsplan is een toelichting gevoegd. In de voorliggende toelichting wordt aangegeven waarom het bestemmingsplan is opgesteld en welke afwegingen hebben plaatsgevonden in het kader van een goede ruimtelijke ordening. Naast de digitale versie is er tevens een papieren versie van het bestemmingsplan beschikbaar. De digitale versie is juridisch bindend.

1.2

Het plangebied

Het plangebied ligt in het zuidelijke deel van de gemeente in Stratum en wordt in grote lijnen begrensd door de Achterbeekseweg aan de noodzijde en sportpark de Heihoef in het oosten, westen en zuiden. Op onderstaande afbeelding is een luchtfoto opgenomen van het plangebied en de omgeving.

Luchtfoto plangebied en omgeving, met het plangebied rood omlijnd weergegeven.

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

7

1.3

Voorgaande plannen

Het bestemmingsplan "Buitengebied (Achterbeekseweg 2)" vervangt deels het bestemmingsplan "Buitengebied (Sportpark de Heihoef)", vastgesteld door de raad van de gemeente Eindhoven op 27 november 2018. In dit bestemmingsplan geldt voor het plangebied de bestemming 'Sport' met als nadere aanduiding 'bedrijfswoning'. Tevens is een bouwvlak opgenomen voor de bestaande bedrijfswoning.

Uitsnede verbeelding vigerend bestemmingsplan, met het plangebied rood omlijnd weergegeven.

De voor `Sport´ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. veld- en buitensporten; b. gebouwen en bedrijfswoningen ten behoeve van sportvoorzieningen met de daarbij behorende ondersteunende voorzieningen; c. horecavoorzieningen en detailhandel uitsluitend voor zover ondergeschikt aan en ter ondersteuning en ten dienste van de sportvoorzieningen; met de daarbij behorende: d. e. f. g. h. i. j.

parkeer-, groen-, speel- en schuilvoorzieningen; water, wegen en paden; tuinen, erven en terreinen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen; nutsvoorzieningen en voorzieningen voor duurzame energie; aan-huis-verbonden beroep met een vloeroppervlak van maximaal 50 m² behorende bij de bedrijfswoning; bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

In de bouwregels is opgenomen dat een bedrijfswoning uitsluitend is toegestaan ter plaatse van de functieaanduiding 'bedrijfswoning', waarbij de bedrijfswoning uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'bouwvlak' mag worden gebouwd.

8

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

Het bouwen van een reguliere woning is binnen de bestemming 'Sport' niet toegestaan. In het bestemmingsplan is geen afwijkingsbevoegdheid of wijzigingsbevoegdheid opgenomen op grond waarvan de functie van de bestaande bedrijfswoning kan worden gewijzigd naar reguliere woning. Op grond van het vigerende bestemmingsplan is de functiewijziging naar reguliere woning kortom niet toegestaan.

1.4

Leeswijzer

Deze toelichting bestaat uit 9 hoofdstukken. Na deze inleiding volgt hoofdstuk 2. Hierin is een beschrijving van het plangebied gegeven. Hoofdstuk 3 bevat de uitgangspunten bij, de randvoorwaarden en de beleidskaders voor het opstellen van het bestemmingsplan. Hoofdstuk 4 geeft inzicht in en een verantwoording van alle relevante milieuaspecten. Hoofdstuk 5 bevat de waterparagraaf. In deze paragraaf is beschreven op welke wijze rekening wordt gehouden met de gevolgen van het bestemmingsplan voor de waterhuishouding. De juridische vormgeving van het bestemmingsplan is verwoord in hoofdstuk 6. In hoofdstuk 7 wordt ingegaan op de handhaving van het bestemmingsplan. De financiële uitvoerbaarheid is verantwoord in hoofdstuk 8. Hoofdstuk 9 gaat ten slotte in op de gevolgde procedure, inclusief een paragraaf over de maatschappelijke uitvoerbaarheid.

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

9

10

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

Hoofdstuk 2

2.1

Beschrijving plangebied

Huidige situatie

Het plangebied is gelegen in het zuidelijk gedeelte van het stedelijk gebied, ten oosten van de Roostenlaan, in het stadsdeel Stratum, in de wijk Kortonjo en in de buurt de Roosten.

Uitsnede topografische kaart plangebied en directe omgeving.

Het plangebied is gelegen aan de noordzijde van Sportpark de Heihoef. Aan de noordzijde wordt het plangebied begrensd door de Achterbeekseweg. Aan de oost- en zuidzijde grenst het plangebied aan het sportpark en aan de westzijde ligt een parkeerplaats behorende bij het sportpark.

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

11

Luchtfoto vanuit vogelvluchtperspectief, gezien vanuit zuidelijke richting.

Luchtfoto vanuit vogelvluchtperspectief, gezien vanuit oostelijke richting. 12

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

Het plangebied is ontsloten via de Achterbeekseweg. Binnen het plangebied is geen oppervlaktewater aanwezig. Het bestaande gebouw is vrijstaand en omringd door een tuin. Het plangebied is volledig omzoomd met struweel en bomen.

2.2

Toekomstige situatie

Het voorliggende initiatief betreft enkel een functiewijziging. De functie van de bestaande bedrijfswoning wordt omgezet naar een reguliere woning. Daarnaast dient er, vanwege de ligging in het buitengebied, op grond van provinciaal beleid, bij de planvorming rekening te worden gehouden met een kwaliteitsverbetering van het landschap.

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

13

14

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

Hoofdstuk 3 beleidskader

3.1

Uitgangspunten, randvoorwaarden en

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de ruimtelijke beleidskaders op rijks-, provinciaal en gemeentelijk niveau. Verantwoord wordt dat de voorgenomen ontwikkeling past in het (toekomstig) ruimtelijk beleid. Er wordt geen complete samenvatting gegeven van alle beleidsaspecten. Uitsluitend de relevante beleidskaders voor het plangebied zijn in dit hoofdstuk weergegeven en verantwoord.

3.2

Rijksbeleid

3.2.1

Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

De NOVI biedt een langetermijnperspectief op de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland tot 2050. Met de NOVI geeft het kabinet richting aan de grote opgaven die het aanzien van Nederland de komende dertig jaar ingrijpend zullen veranderen. Denk aan het bouwen van nieuwe woningen, ruimte voor opwekking van duurzame energie, aanpassing aan een veranderend klimaat, ontwikkeling van een circulaire economie en omschakeling naar kringlooplandbouw. Alles met zorg voor een gezonde bodem, schoon water, behoud van biodiversiteit en een aantrekkelijke leefomgeving. In de NOVI zijn deze maatschappelijke opgaven samengevat in vier prioriteiten: ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; duurzaam economisch groeipotentieel; sterke en gezonde steden en regio’s; toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Met de NOVI benoemt het Rijk nationale belangen, geeft het richting op de vier prioriteiten en helpt keuzes maken waar dat moet. Want niet alles kan overal. De NOVI is op 9 september 2020 vastgesteld op grond van de geldende regelgeving omdat de Omgevingswet nog niet in werking is. De NOVI voldoet tevens aan de eisen die de Omgevingswet stelt aan een omgevingsvisie. Zodra de Omgevingswet in werking is getreden, zal deze omgevingsvisie dan ook gelden als de Nationale Omgevingsvisie in de zin van deze wet.

In dit bestemmingsplan zijn geen strijdigheden met de uitgangspunten uit de NOVI opgenomen. 3.2.2

Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro)

In de Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro) zijn de terreinen, gebieden en installaties zoals bedoeld in het Barro, aangewezen. Voor het plangebied zijn in het Rarro geen relevante aspecten opgenomen. Zo ligt het plangebied buiten de geluidszone en het obstakelbeheergebied behorende bij Vliegbasis Eindhoven. Deze gebieden zijn op onderstaande kaart aangegeven. Verdere toetsing aan het Rarro is niet aan de orde.

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

15

Kaart Ke geluidzone en obstakelbeheergebied Vliegbasis Eindhoven. 3.2.3

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening

Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro), ook wel AMvB Ruimte genoemd, bevat regels ter borging van een aantal nationale belangen. Het gaat onder meer over rijksbelangen zoals rijksvaarwegen, zones buisleidingen, zones van hoogspanningsleidingen en militaire objecten. Voor Eindhoven is de 380 Kv hoogspanningsleiding van belang. Deze is gelegen in Eindhoven Noord en (deels) Oost. Verder is in het Barro opgenomen dat de provinciale begrenzing van het Nationaal NatuurNetwerk (NNN) direct doorwerkt naar het bestemmingsplan. De gebieden die het NNN vormen worden bij provinciale Interim Omgevingsverordening aangewezen (zie ook paragraaf 3.3.3) waarmee het NNN een provinciaal belang is geworden. Tot slot worden de belangen van Vliegbasis Eindhoven via het Barro geborgd. Voorliggend initiatief is niet gelegen binnen het werkingsgebied van het Barro.Verdere toetsing aan het Barro is daarmee niet aan de orde.

3.3

Provinciaal beleid

3.3.1

Omgevingsvisie

De Brabantse Omgevingsvisie bevat de belangrijkste ambities voor de fysieke leefomgeving voor de komende jaren. Op 14 december 2018 is de omgevingsvisie vastgesteld. Daarna volgt een doorvertaling in een Omgevingsverordening en programma's. Tot die zijn vastgesteld blijven bestaande beleidsplannen voor natuur, ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer en milieu en water van kracht. Daarmee wil Brabant op tijd klaar zijn voor de Omgevingswet wanneer deze wordt ingevoerd. In de Omgevingswet staan waarden als veiligheid, gezondheid en duurzame 16

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

omgevingskwaliteit centraal. De Brabantse Omgevingsvisie voegt daar ambities aan toe voor vier hoofdopgaven: de energietransitie, een klimaatproof Brabant, Brabant als slimme netwerkstad en een concurrerende, duurzame economie. Voor ieder van deze opgaven geeft de omgevingsvisie aan wat de ambities op lange termijn zijn: wat is er nodig om Brabant in 2050 een gezonde, veilige en prettige leefomgeving te laten zijn? Maar ook een concreet tussendoel: waar moeten we in 2030 op zijn minst staan om dat langetermijndoel te halen? De omgevingsvisie geeft ook aan op welke nieuwe manieren de provincie met betrokkenen wil samenwerken aan omgevingsvraagstukken en welke waarden daarbij centraal staan. De voorgenomen functiewijziging is niet in strijd met de algemene beleidsdoelen zoals opgenomen in de Brabantse Omgevingsvisie. 3.3.2

Structuurvisie

Op 19 maart 2014 is de Structuurvisie Ruimtelijke Ordening 2014 in werking getreden. Deze structuurvisie is een actualisatie van de visie die in 2010 werd vastgesteld. De structuurvisie bestaat uit twee delen (A en B) en een uitwerking.

Deel A Deel A bevat de hoofdlijnen van het beleid. Hierin heeft de provincie haar belangen gedefinieerd en ruimtelijke keuzes gemaakt. De ruimtelijke visie van de provincie bestaat op hoofdlijnen uit een robuust en veerkrachtig natuur- en watersysteem, met aandacht voor bescherming tegen hoogwater, droogte en biodiversiteit. Een multifunctioneel landelijk gebied, waar de functies landbouw, recreatie en natuur in relatie tot elkaar ruimte krijgen en een gevarieerd en aantrekkelijk stedelijk gebied met sterke steden, groene geledingszones en uitloopgebieden (intensieve recreatie, stadslandbouw). Aandacht wordt gevraagd voor sterke regionale economische clusters, (inter)nationale bereikbaarheid en knooppuntontwikkeling (zowel in de centra als aan de randen van de steden). De provincie realiseert haar doelen door regionaal samen te werken, te ontwikkelen, te beschermen en te stimuleren.

Deel B vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

17

De ruimtelijke belangen en keuzes zijn in vier ruimtelijke structuren geordend. Deze vier ruimtelijke structuren worden in deel B beschreven en zijn: 1. de groenblauwe structuur; 2. het landelijk gebied; 3. de stedelijke structuur; 4. de infrastructuur. Het plangebied is gelegen binnen de groenblauwe structuur. De groenblauwe structuur bestaat uit bestaande natuur, watersystemen en nieuwe natuur in hiervoor kansrijke gebieden. Het behoud en de ontwikkeling van natuurwaarden is hier belangrijk. Daarnaast biedt de groenblauwe structuur ruimte aan een natuurlijk en robuust watersysteem. Dit is nodig voor een goed waterbeheer en biedt mogelijkheden om in te spelen op de effecten van klimaatverandering.

Uitwerking structuurvisie De provincie heeft geen aparte ruimtelijke visie op het landschap ontwikkeld, maar geeft haar visie op het landschap vorm in de zogenaamde 'gebiedspaspoorten'. Daarin beschrijft de provincie welke landschapskenmerken zij op regionaal niveau van belang vindt en hoe deze kunnen worden versterkt. Er zijn ook deelstructuurvisies opgesteld voor specifieke onderwerpen. Zo is voor het gebied ten oosten van Eindhoven de deelstructuurvisie Brainport Oost opgesteld. Deze bevat keuzes voor wonen, werken en bereikbaarheid ten oosten van Eindhoven. Eindhoven vormt samen met de provincie en met de steden Breda, Helmond, 's-Hertogenbosch en Tilburg het stedelijk netwerk BrabantStad. Dit samenwerkingsverband vervult een voortrekkersrol bij de ruimtelijke en economische ontwikkeling van Noord-Brabant. Sterke steden zijn een voorwaarde voor de toekomst van Noord-Brabant. Vooral in deze steden is de dynamiek van Noord-Brabant goed zichtbaar. De provincie ziet deze steden als het brandpunt van de verstedelijking. Hier wordt geïnvesteerd in de binnensteden (stationsgebieden, kanaal- en snelwegzones) en worden hoogstedelijke functies, zoals bovenregionale voorzieningen, geconcentreerd. Daardoor wordt de centrale positie van de steden versterkt en het draagvlak voor hoogwaardig openbaar vervoer en stedelijke- en culturele voorzieningen op peil gehouden.

Dat draagt bij een hoogwaardig leef- en vestigingsklimaat in Noord-Brabant. 3.3.3

Interim omgevingsverordening

De Interim omgevingsverordening is vastgesteld door Provinciale Staten op 25 oktober 2019 en vervangt een aantal provinciale verordeningen: provinciale milieuverordening verordenring natuurbescherming verordening ontgrondingen verordening ruimte verordening water verordening wegen Om straks klaar te zijn als de Omgevingswet in werking treedt, heeft de provincie eerst een Interim omgevingsverordening vastgesteld. Het is een ‘Interim’ omgevingsverordening om zo te benadrukken dat dit een tussenstap is naar de ‘definitieve’ omgevingsverordening gebaseerd op de Omgevingswet. De Interim omgevingsverordening is gebaseerd op de huidige wetgeving en moet aan de wettelijke bepalingen van die wetgeving voldoen. Dat betekent dat nieuwe mogelijkheden uit 18

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

de Omgevingswet nog niet zijn verwerkt. Er is wel zo veel als mogelijk aansluiting gezocht bij de Omgevingswet en de voorwaarden voor een omgevingsverordening (bijvoorbeeld bij de opbouw en de digitale vormgeving).Deze Interim omgevingsverordening voegt de bestaande regels over de fysieke leefomgeving zoveel mogelijk samen in één verordening en is beleidsneutraal. Alleen aanpassingen die nodig zijn vanwege de samenvoeging of vanwege al vastgesteld beleid, zoals de omgevingsvisie, worden meegenomen. In de Interim omgevingsverordening staan regels voor: Burgers en bedrijven: dit zijn zogenaamde rechtstreeks werkende regels voor activiteiten. Deze regels bevatten voorwaarden om zo’n activiteit te verrichten en geven ook aan of je bijvoorbeeld eerst een melding moet doen voordat je mag beginnen. Bestuursorganen van de overheid: dit zijn zogenaamde instructieregels. Met deze regels kan de provincie een opdracht geven aan gemeenten over onderwerpen die zij in het bestemmingsplan moeten opnemen of aan het waterschap over de manier waarop ze hun taken uitvoeren. Rechtstreeks werkende regels voor burgers en bedrijven Het gaat hier om regels die naast een eventuele vergunningplicht gelden.

Er zijn in de Interim Omgevingsverordening voor de volgende thema’s rechtsreekse regels opgenomen: grondwaterbescherming, grondwateronttrekking, bodemsanering, stortplaatsen, ontgrondingen, varend ontgassen, stiltegebied, wegen, natuur en landbouw. De meeste van deze regels waren eerst opgenomen in de Provinciale milieuverordening, de Verordening wegen, de Verordening ontgrondingen en de Verordening natuurbescherming. Binnen het plangebied zijn voor de volgende werkingsgebieden rechtstreekse regels van toepassing: Landelijk gebied; Boringsvrije zone; Waterwinning voor menselijke consumptie; grondwaterbeschermingsgebied. Landelijk gebied Dit werkingsgebied is relevant voor de rechtstreekse regels ten aanzien van wonen. Binnen het landelijk gebied is het niet toegestaan nieuwe woningen te realiseren (artikel 3.68). De functiewijziging van bedrijfswoning naar reguliere woning is daarentegen wel rechtstreeks toegestaan (artikel 3.69).

Waterwingebied Het waterwingebied is het gebied waar het drinkwater daadwerkelijk wordt gewonnen. Daarvoor is een zeer stringente bescherming nodig. Doel van de regels is om te voorkomen dat de bodem en het zich daarin bevindende grondwater verontreinigd raakt, door activiteiten en functies te verbieden die risico geven voor de kwaliteit van het grondwater. De relevante regels zijn opgenomen in artikel 2.3 tot en met 2.6 van de Interim Omgevingsverordening.

Grondwaterbeschermingsgebied Doel van de regels in grondwaterbeschermingsgebied is om te voorkomen dat: de bodem en het zich daarin bevindende grondwater verontreinigd raakt door het gebruik, het lozen en de uitspoeling van schadelijke stoffen; werkzaamheden in de bodem verstorend werken voor de kwaliteit van het grondwater. De relevante regels zijn opgenomen in artikel 2.7 tot en met 2.17 van de Interim Omgevingsverordening. vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

19

Boringsvrije zone Doel van de regels in boringsvrije zone is het beschermen van de diepere watervoerende pakketten door te voorkomen dat de beschermende kleilaag wordt doorboord. Binnen boringsvrije zone gelden geen absolute verboden. Vanuit het doel zijn wel voorwaarden gesteld aan activiteiten die een risico geven voor schade aan de beschermende kleilaag. De relevante regels zijn opgenomen in artikel 2.18 en 2.19 van de Interim Omgevingsverordening.

Instructieregels Dit zijn de regels die tot voor kort waren opgenomen in de Verordening ruimte Noord-Brabant. Voor het plangebied gaat het om de volgende thema's: waterwingebied verstedelijking afweegbaar attentiezone waterhuishouding grondwaterbeschermingsgebied boringsvrijezone groenblauwe mantel Beperkingen veehouderij Stalderingsgebied Voorliggend initiatief betreft de functiewijziging van bedrijfswoning naar een reguliere woning. Het initiatief past binnen de bovenstaande instructieregels zoals opgenomen in de Interim omgevingsverordening. 3.3.4

Ontwerp omgevingsverordening Noord-Brabant

De provincie heeft als eerste stap een Interim omgevingsverordening vastgesteld waarin de bestaande regels zijn samengevoegd. Voordat de Omgevingswet in werking treedt, wordt de definitieve omgevingsverordening vastgesteld. Deze definitieve verordening wordt tegelijk met de Omgevingswet van kracht. In de definitieve verordening worden, in tegenstelling tot de interim verordening, ook beleidswijzigingen verwerkt. De huidige regels in de Interim omgevingsverordening zijn gehanteerd als uitgangspunt. De belangrijkste wijzigingen zijn: Er is aansluiting gezocht bij de opbouw van de rijksregels. Diverse nadere regelingen zijn in de Omgevingsverordening verwerkt. Vanwege het vervallen van de Wet bodembescherming zijn nieuwe regels opgenomen om verontreiniging van het grondwater te voorkomen. Het voorstel is om daarvoor ook voorbeschermingsregels vast te stellen. De aanwijzing van voor verzuring gevoelige kwetsbare gebieden (Wav-kaarten) is vervallen. De rechtstreeks werkende regels voor de ontwikkeling van veehouderij en mestbewerking vervallen. Het voorstel is om die te vervangen door voorbeschermingsregels. Er is een attentiezone geluid opgenomen langs provinciale wegen waarbinnen aandacht wordt gevraagd voor het oprichten van geluidgevoelige bebouwing. Gedeputeerde Staten hebben op 23 maart 2021 het ontwerp van de Omgevingsverordening vastgesteld.

Deze ligt vanaf 9 april 2021 ter inzage voor de duur van zes weken. In het ontwerp van de omgevingsverordenig Noord-Brabant zijn geen wijzigingen doorgevoerd ten opzichte van de interim omgevingsverordening die relevant zijn voor het plangebied.

20

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

3.4

Gemeentelijk beleid

3.4.1

Omgevingsvisie Eindhoven

Samen met de stad heeft de gemeente Eindhoven een omgevingsvisie opgesteld. Met ons hebben meegedacht: inwoners, ondernemers, belangenorganisaties, GGD, Veiligheidsregio, Omgevingsdienst, woningcorporaties, projectontwikkelaars, investeerders en andere overheden (buurgemeentes, provincie, rijk). Op 16 juni 2020 is de omgevingsvisie vastgesteld door de gemeenteraad. De omgevingsvisie is een integraal verbindende visie voor de fysieke leefomgeving die focus aanbrengt bij het inrichten van onze stad en stimuleert om samen te werken aan de stedelijke opgaven. De omgevingsvisie is gebaseerd op bestaand beleid. Het hebben van een omgevingsvisie is onder de nieuwe Omgevingswet verplicht. Omdat een omgevingsvisie allesomvattend is, willen we die lerende wijs ontwikkelen. Dat betekent concreet dat we, eerder dan wettelijk verplicht, met een omgevingsvisie komen. Maar dan wel een 'light-variant' (versie 1.0), die we één of twee jaar later gaan aanvullen en verfijnen. Deze omgevingsvisie (versie 1.0) is gebaseerd op het bestaand beleid. Het document vervangt niet de bestaande beleidsdocumenten, maar is een aanvullend beleidsdocument. De interim structuurvisie blijft daarom nog steeds van kracht. Bij het opstellen van een omgevingsvisie versie 2.0 wordt de interim structuurvisie wel ingetrokken.

Brainportregio De Brainportregio is een technologische topregio en één van de belangrijkste pijlers van de Nederlandse economie. De sleutel tot dit succes is samenwerking. Het is een regio van contrasten en dat maakt ons uniek: een hecht netwerk van steden, stedelijke buurgemeenten, dorpen en bewoond landelijk gebied. Je bent snel in de stad of juist in het groen, er is cultuur én natuur. We zijn sterk in high tech, design en innovaties en kennen een dynamische economie en een gastvrije bourgondische levensstijl. De strategie van de regio is gericht op het sterker maken van deze kwaliteiten door aan te haken op de eigen kracht en identiteit van de deelgebieden.

Ambitie Als centrumstad vervult Eindhoven een cruciale rol bij de versterking van Brainport Eindhoven als economische wereldspeler op het gebied van kennisintensieve maakindustrie en design. Om internationaal concurrerend te blijven, streeft Eindhoven samen met de regio naar een excellent woon- en werkklimaat. Eindhoven zet daarom in op gezonde en duurzame verstedelijking met behoud van stedelijke en dorpse kwaliteiten en met bijzondere aandacht voor sociale cohesie en inclusie. Eindhoven is in staat om zich snel aan te passen aan de steeds veranderende vraag naar geschikte en betaalbare ruimte om te wonen, werken, verblijven en recreëren. Deze ambitie vertaalt zich naar vier deelambities. Eindhoven als: economische wereldspeler; gezonde en toekomstbestendige stad; een sociale, inclusieve en gastvrije stad en een authentieke stad met sterke gebieden. Van ambitie naar stedelijke opgaven Als we onze ambities leggen naast de huidige kwaliteiten en structuren van de stad en de actuele trends en ontwikkelingen, zien we een aantal stedelijke opgaven voor de stad. Brainport Eindhoven blijft groeien, mede door de sterke economische positie. De ambities en groei vragen om ruimte voor nieuwe woningen, bedrijven en voorzieningen. vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

21

Ruimte die we bieden door te verdichten in het gebied binnen de Ring en door te verdichten nabij voorzieningen als HOV en winkelcentra. Met name binnen de Ring is voldoende ruimte om te verdichten, omdat er nog relatief weinig mensen wonen. Met de keuze voor verdichten binnen de Ring gaan we duurzaam om met de (groene) ruimte die de stad heeft. We behouden hiermee de kwaliteit van de groenstedelijke woonwijken, de landschapsparken en het buitengebied. De keuze voor een compact stedelijke woonmilieu gaat gepaard met forse investeringen in o.a. bereikbaarheid, luchtkwaliteit, groen en voorzieningen.

Eindhoven wil een leefbare en een inclusieve stad zijn waar iedereen kan profiteren van het succes van de Brainport. Dat vraagt om keuzes ten aanzien van het woning- en voorzieningenaanbod. Het verschil tussen de ambitie en de huidige stand van zaken in Eindhoven leidt tot zes concrete stedelijke opgaven: Werken aan een gezonde groei van de stad Werken aan een aantrekkelijk en hoogstedelijk centrum Werken aan leefbare, sociale wijken met een sterke identiteit Werken aan een duurzame en concurrerende economie Werken aan de energietransitie van de stad Werken aan een goede stedelijke bereikbaarheid Samen werken aan de stedelijke opgaven Dit zijn de opgaven waar we als gemeente de komende jaren samen met onze partners aan werken. Wij werken zelf aan deze opgaven, maar stimuleren ook andere partijen in de stad om dit te doen. We bepalen samen met de stad en regio wat kansrijke initiatieven en locaties zijn. We geven prioriteit aan initiatieven die bijdragen aan meerdere stedelijke opgaven tegelijkertijd en kwaliteit toevoegen aan de stad. Hiernaast zetten we in op het beschermen en versterken van de stedelijke en groene hoofdstructuur van de stad. De gemeente organiseert het werken aan de stedelijke opgaven met thematische en gebiedsprogramma's en stimuleert o.a.

via regels en uitgangspunten zoals opgenomen in de omgevingsvisie dat ook andere initiatiefnemers bijdragen aan het realiseren van de opgaven.

Plangebied Dit bestemmingsplan is niet gericht op ontwikkeling van nieuwbouw maar betreft enkel de functiewijziging van een bedrijfswoning naar een reguliere woning. Het bereiken van de doelen uit de omgevingsvisie gebeurt met name door ontwikkeling. Wel ziet dit bestemmingsplan op de doelen van de omgevingsvisie die zich richten op bescherming. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het beschermen van ons natuurnetwerk, het in stand houden van ecologische verbindingszones en het beperken van risico's bij branden, rampen en crisis door het opnemen van regels vanuit het oogpunt van externe veiligheid. Ook het beschermen van erfgoed zoals historische radialen, historisch groen en historische stedenbouwkundige structuur vallen hieronder. Daarnaast draagt dit bestemmingsplan bij aan een goede gezondheid van inwoners en een veilige leefomgeving. Zo is een specifieke bestemming voor het groen in het plangebied opgenomen. Het bestemmingsplan is kortom in lijn met de uitgangspunten van de omgevingsvisie.

22

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

3.4.2

Interimstructuurvisie 2009

In december 2009 is de Interimstructuurvisie 2009 door de gemeenteraad vastgesteld. Met de Interimstructuurvisie 2009 geeft de gemeenteraad invulling aan de ambitie om Eindhoven door te ontwikkelen in zijn kwalitatief hoogwaardige combinatie van wonen, werken en groen. De nadruk ligt daarbij ook op leefbaarheid en bereikbaarheid. Als kerngemeente van Brainport Zuidoost Brabant stuurt Eindhoven aan op het bieden van ruimte aan een krachtige ontwikkeling van deze economische kernzone, een hoge kwaliteit van de leefomgeving en aandacht voor sociale betrokkenheid en ondernemend burgerschap tot op buurtniveau. Op deze wijze geeft de raad invulling aan het begrip duurzame ruimtelijke kwaliteit. Dit bestemmingsplan ligt buiten een transformatiegebied. 3.4.2.1 Ruimtelijke hoofdstructuur De Interimstructuurvisie is het resultaat van de integratie van de ruimtelijk relevante raadsprogramma's die tot medio 2009 zijn vastgesteld. Dit is onder andere verbeeld in een kaart die inzicht biedt in de ontwikkelingen ten opzichte van de ruimtelijke hoofdstructuur. Met andere woorden de kaart geeft de ontwikkelingen aan binnen de hoofdstructuur.

Figuur: Ruimtelijke hoofdstructuur Interimstructuurvisie Eindhoven Dit plangebied is op de kaart 'Ruimtelijke hoofdstructuur' uit de Interimstructuurvisie aangeduid als 'structureel groen'. Hierbij dient te worden opgemerkt dat slechts sprake is van een functiewijziging van een bestaande bedrijfswoning naar een reguliere burgerwoning, waarbij wordt voorzien in een kwaliteitsverbetering door het aanbrengen van groenvoorzieningen en het opnemen van de bestemming 'Groen' voor de randen van het plangebied, waarmee sprake is van een betere borging van het groen.

3.4.2.2 Gebruik van de ruimte De Interimstructuurvisie is het resultaat van de integratie van de ruimtelijk relevante raadsprogramma's die tot medio 2009 zijn vastgesteld. Dit is onder andere verbeeld in een kaart die inzicht biedt in de verdeling van het actuele en gewenste grondgebruik.

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

23

Figuur: Gebruik van de ruimte Interimstructuurvisie Eindhoven Dit plangebied is op de kaart 'Gebruik van de ruimte' uit de Interimstructuurvisie aangeduid als 'sport'. Sport Deze gronden zijn bedoeld voor sportconcentratiegebieden: geclusterde stedelijke voorzieningen op gebied van sport (intensief ) en ter ondersteuning van de sportvoorzieningen kleine horeca, kantoor- of medische faciliteiten. Voorliggend initiatief betreft de functiewijziging van de bedrijfswoning (welke voorheen bij het sportpark hoorde) naar één reguliere woning. Vanuit de Interimstructuurvisie 2009 bestaan hiervoor geen directe belemmeringen. 3.4.3

Volkshuisvesting

In de periode tot 2040, maar vooral op de korte termijn (tot 2025), is er in Eindhoven en in de regio nog een grote behoefte aan meer woningen. De negen gemeenten in het Stedelijk Gebied Eindhoven (SGE) stemmen onderling en met de provincie Noord-Brabant af hoe deze opgave wordt ingevuld. De gemeente Eindhoven streeft ernaar om tot 2025 gemiddeld 3.000 woningen per jaar aan de voorraad toe te voegen. Binnen de Ring ligt het zwaartepunt hierbij op de realisatie van centrum-stedelijke woonmilieus. Dit volgt uit de Woonvisie 2015. Tot 2030 wil de gemeente minstens twee derde van de extra woningbouwcapaciteit in het gebied binnen de Rondweg (Ring) realiseren. Hierbij wordt gestreefd naar een gemengde en gevarieerde woonomgeving waar mensen wonen, werken en elkaar ontmoeten. En die tegelijkertijd ook groen en gemoedelijk blijft. Bijzondere aandacht gaat uit naar passende huisvesting voor ouderen en bijzondere doelgroepen. De gemeente wil dat Eindhoven een inclusieve en solidaire samenleving is en streeft daarom naar een goede spreiding van bijzondere doelgroepen over de stad. Verder wil de gemeente innovaties in de bouw, transformatie van kantoren en zorgvastgoed en de ontwikkeling van flexwoningen stimuleren.

Tot slot wil de gemeente bereiken dat inwoners zoveel mogelijk invloed hebben op hun eigen woning en woonomgeving, waarbij zelf bouwen niet alleen bereikbaar moet zijn voor huishoudens met een hoger inkomen. In 2020 is de woonvisie 2015 uitgewerkt in een woonprogramma voor de periode 2021-2025, waarin het accent nog wat sterker wordt gelegd op versnelling van de woningbouwproductie. 24

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

Tegelijkertijd blijft de gemeente streven naar een evenwichtig woningaanbod, zodat alle inwoners (ook de kwetsbare) een betaalbare woning kunnen vinden. Met het oog hierop streeft de gemeente ernaar de nieuwbouwproductie voor minimaal 20% uit sociale huurwoningen te laten bestaan. Daarnaast zijn er in het woningbouwprogramma streefpercentages opgenomen voor middenhuur (15%), sociale koop (25%), middeldure koop (25%) en dure koop (15%). Deze percentages hoeven niet bij elk woningbouwproject gerealiseerd te worden. De exacte invulling op projectniveau is onder meer afhankelijk van het (beoogde) woonmilieu en de bestaande woningvoorraad in het betreffende gebied. In dit geval gaat betreft het een functiewijziging en geen nieuwbouw. Voldaan is aan het woonbeleid.

3.5

Archeologische en cultuurhistorische waarden

3.5.1

Archeologie

Wettelijk en beleidsmatig kader Nationaal beleid Het Verdrag van Valletta (Malta) verplicht de Europese overheden tot het beschermen van archeologisch erfgoed. Hierbij wordt als uitgangspunt gehanteerd dat archeologische waarden in situ bewaard moeten blijven. Dat wil zeggen, dat er naar gestreefd moet worden om de waarden op de locatie te behouden. Als dit niet mogelijk blijkt, bijvoorbeeld bij bouwplannen, dan moeten de waarden worden opgegraven en ex situ worden bewaard. Het Verdrag van Valletta is vertaald in de Monumentenwet 1988, zoals deze gewijzigd is in september 2007. Sinds deze wijziging van september 2007 is de gemeente bevoegd gezag op het gebied van archeologie. Per 1 juli 2016 is de Erfgoedwet van kracht. De uitgangspunten uit het Verdrag van Valletta (Malta) blijven in de Erfgoedwet de basis van de omgang met archeologie. Gemeenten houden een belangrijke rol in het archeologische stelsel. In bestemmingsplannen houden ze rekening met (te verwachten) archeologische waarden. Dit zal na de inwerkingtreding van de Omgevingswet overgaan in het omgevingsplan-van-rechtswege. Gemeentelijk beleid De gemeente Eindhoven beschikt, als invulling van haar verantwoordelijkheid volgens de Erfgoedwet, over een eigen Archeologische verwachtingen- en waardenkaart.

Met deze kaart wil de gemeente het ondergronds cultureel erfgoed van Eindhoven behouden door behoedzame ontwikkeling en beheer. De geactualiseerde Archeologische verwachtingen- en waardenkaart (vastgesteld op 21 juni 2022) wordt beschouwd als een bureauonderzoek op gemeentelijk schaalniveau en geldt vanaf het moment van vaststelling als onderlegger voor nieuwe bestemmingsplannen en - na inwerkingtreding van de Omgevingswet - het omgevingsplan. Op de archeologische verwachtingen- en waardenkaart zijn de archeologische waarden en verwachtingen binnen de gemeentegrenzen aangegeven door middel van categorieën (de categorieën 1 tot en met 8). Ter bescherming van de archeologische waarden worden deze (met uitzondering van categorie 8) op de verbeelding van dit bestemmingsplan opgenomen als dubbelbestemming Waarde - Archeologie. Hieraan zijn per categorie regels gekoppeld. Deze regels geven aan wanneer archeologisch onderzoek verplicht is. (Bouw)werkzaamheden die binnen de in de regels vermelde oppervlakten én diepte vallen worden vrijgesteld van archeologisch onderzoek. Hierdoor kunnen bij ruimtelijke ordeningsprocedures sneller beslissingen worden genomen en kan de archeologie in een vroeg stadium in het proces worden meegenomen.

Voor het plangebied geldt: Op de vastgestelde archeologische waardenkaart van de gemeente Eindhoven is het plangebied aangeduid als een archeologisch laag verwachtingsgebied en deels middelhoog verwachtingsgebied.

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

25

Figuur: Uitsnede archeologische verwachtingen- en waardenkaart (2022) Categorie

Waarde / verw achting archeologie

Wanneer onderzoeksplicht van toepassing?

Cat. 6

Middelhoge archeologische verw achting

Indien dieper dan 30 cm én groter dan 2.500 m ²

Cat. 7

Lage archeologische verw achting

Indien dieper dan 30 cm én groter dan 25.000 m ²

Tabel: Verwachting en bijbehorende oppervlakte- en dieptegrens voor de binnen het plangebied voorkomende beleidscategorieën.

Conclusie Op de vastgestelde archeologische waardenkaart van de gemeente Eindhoven is het plangebied aangeduid met een lage archeologisch verwachting en deels een middelhoge archeologische verwachting. Dat betekent dat het gebied te typeren is als een gebied van categorie 7 en deels categorie 6. Hieruit volgt dat een dubbelbestemming Waarde Archeologie met bijbehorende regels is opgenomen. Gezien het hier gaat om een functieverandering (en geen sprake is van een werkzaamheden dieper dan 30 cm én groter dan 2.500 m²/25.000 m²) is het laten uitvoeren van archeologisch (voor)onderzoek hier niet verplicht of noodzakelijk. Meldingsplicht toevalsvondsten De wettelijke meldingsplicht voor archeologische toevalsvondsten geldt altijd (art. 5.10 Erfgoedwet 2016). Mochten tijdens grondwerkzaamheden (vermoedelijke) archeologische resten (vondsten, muurwerk, grondsporen et cetera) worden aangetroffen, dan dienen deze direct gemeld te worden aan de Minister van OCW en bij de (afdeling Omgevingskwaliteit) gemeente Eindhoven. Vervolgens zal bepaald worden of, en zo ja welke, aanvullende maatregelen getroffen dienen te worden. 3.5.2

Cultuurhistorie

Op 29 november 2022 is de cultuurhistorische waardenkaart van Eindhoven geactualiseerd. De kaart dient als beleidskader om bij ruimtelijke ontwikkelingen in de stad rekening te kunnen houden met de cultuurhistorie van Eindhoven. De kaart bestaat uit twee deelwaardenkaarten, te weten de waardenkaart historisch cultuurlandschap en de waardenkaart historische stedenbouw en erfgoed. 26

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

Op de waardenkaart historisch cultuurlandschap zijn aangegeven en gewaardeerd de historische landschappelijke gebieden (incl. historische nederzettingslocaties) en elementen (landschapselementen infrastructuur, waterstaat, opgaand groen, religie en funerair erfgoed en reliëf), die belangrijk zijn voor de herkenbaarheid van de historische ontwikkeling van Eindhoven Op de waardenkaart historische stedenbouw en erfgoed zijn aangegeven de beschermde rijksen gemeentelijke monumenten, beschermde stads- en dorpsgezichten, gemeentelijke archeologische monumenten, cultuurhistorisch waardevolle objecten, historisch waardevolle kunstwerken, historische wegen en waterlopen, historisch-stedenbouwkundige structuren en waardevol aangelegd groen en bomen, die belangrijk zijn voor de herkenbaarheid van dehistorische ontwikkeling van Eindhoven. Binnen het plangebied is geen sprake van de aanwezigheid van cultuurhistorische waarden. Wel is het plangebied gelegen aan een historische wegenstructuur. Hierop wordt met de beoogde ontwikkeling geen invloed uitgeoefend. 3.5.3

Relevantie voor het plan

Voorliggend initiatief betreft enkel de interne functiewijziging en landschappelijke inpassing van een bestaande bedrijfswoning. Het initiatief heeft daarom geen effect op mogelijk aanwezige archeologische waarden of de cultuurhistorische waarden binnen of in de omgeving van het plangebied.

3.6

Verkeer en parkeren

De mobiliteitsvisie 'Eindhoven op Weg' is in 2013 door de gemeenteraad vastgesteld. Hierin is het verkeersbeleid voor de komende decennia (planhorizon 2040) vastgelegd. Deze visie vormt het bestuurlijke beleidskader voor alle verkeers- en mobiliteitsopgaven. In de volgende paragrafen zijn de essentiële elementen voor het gebied aan de Achterbeekseweg 2 beschreven. Autoverkeer De wegencategorisering is in Eindhoven op Weg geactualiseerd. Er is een nieuwe tussencategorie opgenomen ten opzichte van de vorige wegencategorisering: de zogenaamde 'wijk- en buurtontsluitingsweg'. Deze wegcategorisering in de omgeving van het plangebied is weergegeven in onderstaande afbeelding.

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

27

Overzicht wegencategorisering omgeving plangebied Het plangebied wordt ontsloten door de Achterbeekseweg. De Achterbeekseweg sluit aan op de Roostenlaan. De functiewijziging van één bedrijfswoning naar één reguliere woning heeft geen invloed op de verkeersgeneratie. Fietsverkeer De gemeente Eindhoven wil het gebruik van de fiets stimuleren. In de mobiliteitsvisie 'Eindhoven op Weg' is een fietsnetwerk opgenomen dat bestaat drie soorten fietsroutes. In volgorde van belangrijkheid; snelfietsroutes, primaire fietsroutes en secundaire fietsroutes. Deze fietsroutes zijn weergegeven in onderstaande afbeelding.

28

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

Overzicht fietsroutes omgeving plangebied Het plangebied is goed bereikbaar voor de fietsers, in de omgeving liggen goede faciliteiten voor de fietser. Autoparkeren De ruimte in de stad is beperkt en kostbaar. De gemeente moet dan ook de schaarse ruimte efficiënt gebruiken. Daarom worden bij een plan eisen aan het aantal te realiseren parkeerplaatsen gesteld. Bij besluit van 17 mei 2016 heeft het college van burgemeester en wethouders de Nota Parkeernormen 2016 vastgesteld. Hierin zijn normen vastgelegd voor parkeren. Deze nota is inmiddels geactualiseerd door de Actualisatie Nota Parkeernormen 2019. De Actualisatie Nota Parkeernormen 2019 is vanaf 4 oktober 2019 van kracht en past in de ontwikkeling naar een groenere, bereikbare en duurzame stad. We hebben te maken met een grote verdichtingsopgave in Eindhoven en tegelijk moeten we het centrum van Eindhoven goed bereikbaar houden. Er is straks minder plaats voor autoverkeer en parkeren in en om het autoluwe centrum. Daarom streven we nu naar het aanleggen van zo min mogelijk nieuwe parkeerplaatsen en we zetten zoveel mogelijk in op duurzame alternatieve vervoerswijzen: lopen, fietsen en openbaar vervoer. In de nota is dat uitgewerkt in de zogenaamde verplichte "HOV-reductie" (minder parkeerplaatsen bij stations en Hoogwaardig openbaar vervoer-haltes) en het stimuleren van gebruik van deelauto's voor bewoners.

Als tweede aanpassing willen we de bestaande (privé) parkeercapaciteit beter en efficiënter gaan benutten ten opzichte van realisatie van vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

29

parkeerplaatsen op eigen terrein. De derde belangrijke aanpassing is dat ontwikkelaars een bijdrage in het mobiliteitsfonds moeten storten, bij gebruik van reeds aanwezige openbare parkeerplaatsen. Met dat geld willen we onder andere de opbouw van een stadsbreed deelmobiliteit netwerk op weg helpen. In de Actualisatie Nota Parkeernormen 2019 hebben we eveneens de fietsparkeernormen geactualiseerd en gaan daar uitgebreider op toetsen en handhaven. Verder is van belang dat elk bestaand adres of een nieuw adres waar een omgevingsvergunning is afgegeven na 2016 in het POET-overzicht (parkeren op eigen terrein) komt. Adressen uit dit overzicht kunnen geen (nieuwe) parkeervergunning aanvragen en hebben geen recht op een bezoekersregeling binnen betaald parkeergebieden. Bestaande parkeervergunningen worden niet meer verlengd. Dat gaan we in een vroeg stadium communiceren met de nieuwe bewoners. De functiewijziging van één bedrijfswoning naar één reguliere woning heeft geen invloed op de behoefte aan parkeergelegenheid. Op eigen terrein is reeds voldoende parkeergelegenheid aanwezig, waardoor wordt voldaan aan de gemeentelijke parkeernormen.

3.7

Groen

3.7.1

Groenbeleidsplan

Begin 2017 is een actualisatie van Groenbeleidsplan door de gemeenteraad vastgesteld. Dit Groenbeleidsplan 2017 is gemaakt met de veranderende rol van de overheid in het achterhoofd. Het voorziet in vier sporen "het verhaal van de stad", wat de waarde van groen is (functies als uitgangspunt), welke ambitie de gemeente daarmee heeft en het daadwerkelijke groenbeleid. Het groenbeleidsplan heeft als doel het duurzaam veiligstellen en ontwikkelen van een kwalitatief hoogwaardige groenstructuur met daarin passende functies. Hiermee levert de toepassing van het groenbeleid een wezenlijke bijdrage aan een aantrekkelijke en gezonde woon- en werkomgeving als karakteristieke kwaliteit van Eindhoven. Een omgeving die leefbaar en klimaatadaptief is en een volwaardig vestigingsklimaat biedt voor Brainport. Het groenbeleid sluit aan op de geomorfologische structuur van de stad: de structuur van dekzandruggen en beken (Dommel en Gender) die Eindhoven hebben gevormd. Op basis van de tuinstad gedachte is bij de verdere ontwikkeling van Eindhoven sterk ingezet op het behoud van de groene ruimten tussen de voormalige dorpen. Genneper Parken (tussen Stratum en Gestel), Brainport Park (tussen Strijp en Woensel) en De Karpen (tussen Woensel en Tongelre) vormen nog altijd imposante, groene wiggen, die tot diep in de stad reiken.

Het behoud van de robuuste groenstructuur, die vanuit het buitengebied, via de wiggen tot aan de bomen bij de voordeur reikt, is een belangrijk uitgangspunt van het groenbeleidsplan. Het Groenbeleidsplan heeft in principe betrekking op al het groen van Eindhoven, dus niet alleen het groen in eigendom van de gemeente. Omdat niet al het groen bescherming krijgt door een specifieke groenbestemming en de gemeente enkel directe invloed heeft op haar eigen eigendommen, is niet al het groen automatisch beschermd. In het Groenbeleidsplan 2017 zijn onder andere procesafspraken genoemd die een relatie hebben met een ruimtelijke procedure. Het betreft een procesafspraak over groenplannen bij ontwikkeling van gebouwen of gebieden en de procesafspraak over de groenregelingen voor bomen (Verordening Bomen en Nadere regels bomen) en de Regeling Groencompensatiefonds. De genoemde groenplannen dienen een toelichting van de groene inrichting van een ontwikkeling te geven. Behoud van het bestaande groen is het uitgangspunt, evenals het (door)ontwikkelen van de groene kwaliteiten waar nodig. Het Groenbeleidsplan 2017 geeft in een kaart met zes ruimtelijke strategieën de kaders voor de ruimtelijke ontwikkeling in relatie tot groen.

30

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

Figuur: Ruimtelijke Strategieënkaart

Het plangebied is in het Groenbeleidsplan 2017 aangeduid als multifunctioneel groen. Onderstaand wordt hier nader op ingegaan.

Multifunctioneel groen Het betreft voornamelijk aan de stadsrand gelegen gebieden met uiteenlopende groenfuncties, gericht op relatief intensieve benutting van het landschap. Het beleid is gericht op het versterken van het contact tussen de stedelingen en het landschap, derhalve met een relatief intensieve benutting van het landschap. Uitgangspunt daarbij is het behouden van de aanwezige natuur- en landschapskwaliteiten en waar mogelijk deze verder te ontwikkelen. Gebruiksfuncties zijn veelal volkstuinen, golfbanen, bos, natuureducatie, kleinschalige sportgebieden, maneges, wandelen, fietsen, maar ook landbouw. Gebieden met deze aanduiding liggen voor een belangrijk deel in het Natuur Netwerk Brabant. Verdere verstedelijking (toevoeging van niet aan het groen gebonden functies of gebouwen) is in deze categorie derhalve niet aan de orde tenzij in geval van zwaarwegende maatschappelijke belangen waarvoor alternatieven ontbreken en met toepassing van compensatie. De aanleg van nieuwe sportcomplexen wordt uitgesloten (wel eventueel verplaatsing van sportterreinen naar minder kwetsbare locaties). Uitbreiding van sportcomplexen kan echter niet worden uitgesloten. Versterking van multifunctioneel groen als element van de ruimtelijke hoofdstructuur is in het bijzonder gewenst langs de Oirschotsedijk (verbinding met groengebied Groene Woud).

Conclusie Voorliggend initiatief betreft enkel de interne functiewijziging van een bedrijfswoning naar een reguliere woning. Er is daarom geen sprake van het toevoegen van verdere verstedelijking.

Beleidsregel groencompensatie vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

31

Op 13 maart 2018 is de 'Regeling Groencompensatiefonds' vastgesteld. Bij deze regeling hoort de 'Beleidsregel Groencompensatie'. Deze beleidsregel is bedoeld als afwegingskader bij aanvragen voor (ruimtelijke) ontwikkelingen die kunnen leiden tot aantasting van groen. Bij aantasting en verlies van groen is compensatie vereist, de Beleidsregel geeft hiervoor de richtlijnen. De beleidsregel geldt echter niet bij locaties buiten het bestaand stedelijk gebied, zoals aangegeven in de plankaart behorend bij de (voormalige) Verordening ruimte van de provincie Noord-Brabant. In dat gebied is de (voormalige) Verordening ruimte leidend voor natuurcompensatie. Dit is hier het geval. Deze ontwikkeling gaat gepaard met een kwaliteitsverbetering van het landschap. Hiervoor wordt verwezen naar paragraaf 3.8.

3.7.2

Beleid Bomen

Het gemeentelijk beleid ten aanzien van bomen is vastgelegd in de Verordening Bomen 2021. Deze is op 6 april 2021 door de gemeenteraad vastgesteld en de verordening met bijbehorende regels is op 23 april 2021 in werking getreden. De Verordening en (uitwerking daarvan in) nadere regels voor compensatie is van toepassing op bomen die niet vallen onder de regelgeving van de Wet natuurbescherming (Wnb). De Wet natuurbescherming is van toepassing op: - bossen die buiten de 'bebouwde kom Wnb' liggen; - alle beplantingen van bomen die groter zijn dan 10 are; - bomen in een rijbeplanting, als de rij uit meer dan 20 bomen bestaat. Voor bomen geldt dus of de Wet natuurbescherming of de Verordening Bomen 2021. Voor het vellen van bomen dient, behoudens een aantal vrijstellingen, een melding te worden gedaan bij de provincie Noord Brabant. Er is een herplantplicht van toepassing. Verordening Bomen 2021 In de Verordening Bomen 2021 is de bescherming van bomen geregeld, doordat voor het kappen van bomen een omgevingsvergunning nodig is. Daarbij kan ook nog worden gezorgd voor herplant van de te kappen bomen (compensatieplicht). De verordening bevat regels over hoe wordt omgegaan met overlast door bomen, de compensatieplicht bij kap, de indieningvereisten bij een vergunningaanvraag, de beoordeling (weigeringsgronden) van een kapaanvraag en het aanbrengen van verlichting in bomen.

Conform de verordening is een vergunning voor kappen van bomen nodig als: bomen vanaf 45 cm stamomtrek op gemeentegrond of op particuliere percelen groter dan 250 m²; een houtopstand die voor de eerste keer wordt teruggesnoeid tot op de hoofdtakken of stam; een houtopstand, ongeacht de stamomtrek, die is aangelegd op grond van een herplant-, compensatie en/of instandhoudingsplicht op grond van artikel 6 of een overeenkomst met het college. voor het voorhanden of in voorraad hebben dan wel het vervoeren van een gekapte houtopstand of delen ervan met een plantenziekte is een omgevingsvergunning vereist, voor zover deze plantenziekte zich kan verspreiden is wel een vergunning nodig. Groene kaart Er is een groene kaart waarop ter informatie het volgende is aangegeven: Groenstructuur van de gemeente Eindhoven (groene wiggen, groene dooradering en hoofgroenstructuur); Groenarme gebieden; Centrumgebied; Bebouwde komgrens Wet natuurbescherming; (Particuliere) percelen groter dan 250 m². 32

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

De informatie op de groene kaart is nodig om: Te duiden waar de waardevolle bomen staan; Te duiden waar de monumentale bomen staan; Inzicht te geven in de Bebouwde komgrens wet natuurbescherming; Inzicht te geven in de gebieden waar een compensatiefactor geldt in het geval financiële compensatie aan de orde is, het centrumgebied en de groenarme gebieden. Om de kaart actueel te houden wordt de informatie over de bomen op de kaart en de kadastrale situatie op de kaart, zeer frequent bijgewerkt. Zo blijft de kaart up-to-date en betrouwbaar voor zowel interne als externe gebruikers.

Compensatieplicht bomen Door het kappen van bomen gaat groen verloren. Het weggevallen groen moet in beginsel worden gecompenseerd. Aan een omgevingsvergunning voor het kappen van een houtopstand (bomen) kunnen voorschriften worden verbonden. Onder andere kan een compensatieplicht worden opgelegd. In de Nadere regels Verordening bomen 2021 is bepaald wanneer een compensatieplicht ontstaat en hoe die wordt bepaald.

Nadere regels voor compensatie De Verordening is uitgewerkt in nadere regels voor compensatie. Deze zijn op 21 april 2021 vastgesteld door het college en op 23 april 2021 in werking getreden. Het college mag op basis van de Verordening bomen 2021 compensatie opleggen zoals uitgewerkt in de 'Nadere Regels voor compensatie'.

Het plangebied Wanneer in het plangebied sprake is van activiteiten met betrekking tot kappen en compensatie van bomen, is de bescherming van bomen niet geregeld in het bestemmingsplan. De bomenverordening 2021 is in die gevallen van toepassing. Binnen het plangebied worden slechts enkele niet-lokale soorten gekapt en vervangen door lokale soorten. Dit in het kader van de kwaliteitsverbetering zoals beschreven in paragraaf 3.8. Het aspect bomen vormt daarom geen belemmering voor voorliggend intiatief.

3.8

Regeling kwaliteitsverbetering van het landschap

In de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant is het leveren van een kwaliteitsverbetering van het landschap opgenomen in artikel 22.5. Voor het bepalen van de benodigde investering is de categorie-indeling van ruimtelijke ontwikkelingen buiten bestaand stedelijk gebied van toepassing: categorie 1: geen ruimtelijke impact; geen tegenprestatie nodig; categorie 2: beperkte impact; landschappelijke inpassing volstaat; categorie 3: grote impact; landschappelijke inpassing én berekende kwaliteitsverbetering van het landschap, tezamen ten minste 20% van de waardevermeerdering van de grond bedragende. Voorliggend initiatief valt onder een categorie 3-ontwikkeling. 3.8.1

Benodigde investering

Ruimtelijke ontwikkelingen zijn in drie categorieën ingedeeld. Voorliggend initiatief is een zogenaamde categorie 3-ontwikkeling. De provincie eist bij een categorie 3-ontwikkeling dat sprake is van: 1. een goede landschappelijke inpassing van het perceel (basisinspanning); 2. een bijdrage aan de kwaliteitsverbetering van het landschap (extra inspanning). vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

33

De basisinspanning plus de extra inspanning moeten samen ten minste 20% van de waardevermeerdering van de grond bedragen. De benodigde kwaliteitsverbetering van het landschap is berekend. In onderstaande schema's is de waardebepaling van de grond voor de bestaande en nieuwe situatie weergegeven.

WAARDE GROND BESTAANDE SITUATIE

categorie

om vang

Maatschappelijke voorzieningen (bebouw d)

1.275 m²

eenheidsprijs

w aarde

€ 112,50 /m² € 143.437,50-

totaal

€ 143.437,50, -

WAARDE GROND NIEUWE SITUATIE

categorie

om vang

eenheidsprijs

w aarde

Wonen tot 1.000 m2

765 m²

€ 225,-/m²

€ 172.125,-

Groen/Natuur

510 m²

€ 1,-/m²

€ 510,-

totaal

€ 172.635,-

Uit de berekening volgt dat de benodigde landschappelijke kwaliteitsverbetering 20% * (172.635 - 143.437,50) = € 5.839,50,- bedraagt. 3.8.2

Feitelijke tegenprestatie

In het kader van de tegenprestatie is een landschappelijk inpassingsplan uitgewerkt, waarbij de randzone van het plangebied de bestemming 'Groen' krijgt, waarbinnen ook niet-lokale soorten zoals coniferen worden verwijderd en wordt voorzien in de aanplant van nieuwe lokale soorten zoals ruwe berk, grove denk en zwarte els (zie ook navolgende afbeelding en bijlage 2 bij deze toelichting. Op deze wijze wordt voldaan aan de vereiste kwaliteitsverbetering.

34

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

Weergave opzet kwaliteitsverbetering. 3.8.3

Zekerstelling kwaliteitsverbetering

De Interim Omgevingsverordening eist dat bij het vaststellen van een ruimtelijk besluit is aangetoond dat de kwaliteitsverbetering van het landschap financieel, juridisch en feitelijk is geborgd. Ter plaatse van de landschappelijke inpassing is de bestemming 'Groen' opgenomen op de verbeelding. Hiermee wordt voldaan aan de criteria van de Interim Omgevingsverordening.

3.9

Kabels en leidingen

In het plangebied en de directe omgeving zijn geen ruimtelijke relevante kabels, leidingen en/of straalpaden aanwezig.

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

35

36

vastgesteld Buitengebied (Achterbeekseweg 2) Gemeente Eindhoven

Hoofdstuk 4

Milieuparagraaf

4.1

Milieueffectrapportage

4.1.1

Wettelijk kader

Met een milieueffectrapportage (m.e.r.) worden de milieugevolgen van een plan in beeld gebracht. De m.e.r. is gebaseerd op Europese regelgeving. In Nederland is de m.e.r. geregeld in de Wet milieubeheer (Wm) en in het Besluit m.e.r.. De Wm gaat vooral in op de procedure en de inhoudsvereisten. In het Besluit m.e.r. is geregeld in welke gevallen een m.e.r. moet worden opgesteld. Bij het Besluit m.e.r. is een bijlage opgenomen waarin de criteria voor een m.e.r.-plicht (onderdeel C) en een m.e.r.-beoordelingsplicht (onderdeel D) staan. Een beoordelingsplicht houdt in dat moet worden nagegaan of er sprake is van (mogelijke) belangrijke milieugevolgen. Als deze niet kunnen worden uitgesloten, dan geldt een m.e.r.-plicht. De onderdelen C en D zijn onderverdeeld in 4 kolommen: Kolom 1: de activiteit zelf Kolom 2: drempelwaarden activiteit Kolom 3: de kaderstellende plannen (zoals een bestemmingsplan) Kolom 4: de besluiten De drempelwaarden van activiteiten die zijn opgenomen in onderdeel D zijn indicatief. Indien een activiteit wordt genoemd in onderdeel D, maar beneden de drempelwaarde van kolom 2 valt, moet een vormvrije m.e.r.-beoordeling plaatsvinden. Dit geldt zowel voor kaderstellende plannen, zoals een bestemmingsplan, als voor besluiten. In dit kader is met name 11.2 van onderdeel D van de bijlage van het Besluit m.e.r. van belang.

Het gaat daarbij om: D 11.2: de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen; In dit geval is het plan, gelet op de aard en omvang, geen 'stedelijke ontwikkeling' als bedoeld in kolom 1 van categorie 11.2 van onderdeel D van de bijlag van het Besluit m.e.r. (o.a. ECLI:NL:RVS :2019:1879). Daarbij is van belang dat het ruimtebeslag hetzelfde blijft. Nu de voorziene ontwikkeling geen stedelijk ontwikkelingsproject vormt, hoeft geen reguliere of vormvrije m.e.r.-beoordeling te worden uitgevoerd Hoewel geen reguliere of vormvrije m.e.r-beoordeling hoeft te worden uitgevoerd heeft in het kader van dit bestemmingsplan wel een toetsing plaatsgevonden van de gevolgen voor het milieu. De uitgevoerde onderzoeken tonen aan dat voorliggend initiatief op de locatie voldoet aan de wettelijke eisen en een verantwoorde situatie inhoudt vanuit milieuoogpunt. De verrichte onderzoeken onderstrepen de conclusie dat geen sprake is van aanzienlijke milieueffecten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13451279/2