CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Vastgestelde Kaders en randvoorwaarden VONK def - april 2021

Raadsvergadering 28 april 2021, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Uitbreiding Eindhoven Museum - VONK*2.090 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 1 - geformuleerde kaders en randvoorwaarden gemeente Eindhoven

maart 2021

Aanleiding Ten behoeve van voorliggend raadsdossier is aan Eindhoven Museum gevraagd een notitie op te stellen waarin zij aangeeft vanuit welke kaders en gedachten zij de ontwikkeling VONK* kan realiseren, uitgaande van realisatie op een gedeelte van het verkeersschoolterrein. Eindhoven Museum geeft aan aan de slag te willen gaan met de opgave om met de ontwikkeling van VONK* ook een plus op cultuurhistorisch, groen, recreatief en ecologisch vlak in Genneper Parken Noord te realiseren. Tegelijkertijd zien wij, vanuit onze integrale zorg en verantwoordelijkheid die wij als gemeente hebben, een aantal onderwerpen waaraan wij extra aandacht willen schenken in de verdere uitwerking dan wel waar wij op dit moment al een aanscherping nodig achten in de vorm van deze kaders en randvoorwaarden Algemeen • Het plan moet zorgen voor een kwalitatieve en kwantitatieve verbetering van openbaar groen, is een toegevoegde waarde voor het watersysteem en versterkt flora en fauna. Denk daarbij bijvoorbeeld aan potentiële natuurontwikkeling met landschappelijke en ecologische meerwaarde binnen cultuurhistorisch perspectief. • Het ontwerp toont aan wat de ruimtelijke meerwaarde van deze ingreep is binnen het “kleinschalig, cultuurhistorisch landschap” van de Genneper Parken.

Hierbij dient ook aandacht te worden gegeven aan het verder versterken van de ruimtelijke inpassing van het huidige preHistorisch Dorp binnen de Genneper Parken • Het is (ruimtelijk) zeer wenselijk om de ontwikkeling op te laten gaan in de versterking van het landschappelijk beeld aan de ring en de beleving van de Genneper Parken. Het is van belang dat de “parkbeleving” vanuit de ring wordt versterkt door deze nieuwe ontwikkeling, waarbij de locatie van toegevoegde bebouwing/parkeren nadrukkelijk onderwerp van gesprek is binnen dat uitgangspunt. •

•

•

Borg de ruimtelijke-, landschappelijke-, cultuurhistorische-, ecologische- en natuurkwaliteit door stakeholders te betrekken bij de vervolgstappen met betrekking tot ontwerp en een adviesrol te geven bij de beoordeling daarvan. Qua Bestemmingsplanwijziging zijn de provinciale eisen en de ladder van duurzame verstedelijking van belang. Hierbij dienen de behoefte en locatie voor de ontwikkeling onderbouwd te worden. Een ander aandachtspunt is parkeren. Middels parkeeronderzoek dient behoefte en mogelijkheden inzichtelijk te zijn. Toetsing volgt binnen de gemeentelijke kaders. Daarnaast moet natuurlijk rekening worden gehouden met de andere eisen die gelden voor een bestemmingsplan. In verdere planvorming zal bedrijfsvoering van partners in Genneper Parken niet onder druk komen te staan.

Binnen het museumterrein Binnen de ‘private grenzen’ van het museumgebied dient er ruimte geboden te worden aan natuurwaarde, landschapswaarden en groene hoofdstructuren die aansluit bij de context van het park. Daarnaast dienen storende factoren (bijvoorbeeld verkeersstromen) worden beperkt. Het museum is ook visueel onderdeel van de omgeving, er zijn doorkijkjes en zichtlijnen die het park en het museum verbinden. Eventuele noodzakelijke schutting/afrastering rondom het terrein dient visueel zo min mogelijk aanwezig te zijn. De invulling van het nieuwe museumterrein is aantoonbaar van meerwaarde (ten overstaande van het huidige gebruik) als het gaat over: • Ecologie; • Natuurwaarden; • Klimaatrobuust; • Landschapswaarden & groene hoofdstructuren; • Parkeeropgave beperken aan de ventweg. Het voorkomen van bezoekers-verkeersstromen zorgt voor een prettiger recreatief klimaat zonder (veel) autoverkeer. Het beoogde uitbreidingsgebied is bestempeld als groenblauwe mantel. Daardoor zal niet alleen gemeentelijk, maar ook provinciaal overeenstemming bereikt moeten worden over de beoogde versterking en meerwaarde. Daarnaast kan er bijvoorbeeld esthetisch en ‘verkeerstechnisch’ winst worden behaald – direct gerelateerd aan het museum.

Kaders specifiek voor de horeca • Horeca in parken moet zich verhouden met de omgeving. De exploitatie van een horeca-inrichting in een park is toegestaan, maar mag geen onevenredige afbreuk doen aan de gebruikswaarde van het park. • In een bestemmingsplanprocedure moet in het kader van de ‘goede ruimtelijke ordening’ verder gekeken worden dan alleen naar de ontwikkeling op zichzelf staand; óók de behoefte aan de toevoeging van horeca zal als onderdeel van de verplichte ‘ladder van duurzame verstedelijk’- toets onderzocht en onderbouwd moet worden. • Ondersteunende horeca dient opgezet te worden in lijn met de afspraken uit het convenant van juni 2013, waarbij ook bezoekers slechts en alleen voor een horecabezoek ontvangen mogen worden tijdens de openingstijden van VONK*. De openingstijden van VONK* worden daarbij beperkt tot uiterlijk 18.00 uur met een uitloop van 1 uur voor de horeca. Hierbij maken we een uitzondering voor educatieve activiteiten in de avond, zoals schoolkampen en lezingen. Kaders openbare ruimte • Alleen het noodzakelijk oppervlak in gebruik nemen als museum (ook gerelateerd aan ladder duurzame verstedelijking) maar met voldoende (noodzakelijke) ruimte om als museumconcept toekomstbestendig te zijn binnen deze grenzen.

• Kwaliteit inpassing waarbij recht gedaan wordt aan de groene verbinding tussen noord- en zuidkant van de Boutenslaan, en toegankelijkheid van het park. • In samenhang met het door het Eindhoven Museum uit te voeren verkeerskundig onderzoek dienen ook locatie en omvang van parkeerterreinen direct naar het museum te worden meegenomen. • Vormgeving van afsluiting dient in omgeving te passen. • Minimaliseren van verharding in combinatie met compactheid. Kaders groen • De ontwikkeling moet voldoen aan het karakter en de kwaliteiten die in het Groenbeleidsplan en Omgevingsverordening worden verlangd. • Provinciaal beleid dicteert dat bij een wijziging een kwaliteitsverbetering bewerkstelligd moet worden. Om dit te borgen dient vooraf een nul meting uitgevoerd te worden. Vervolgens kan een onafhankelijke partij toetsen of de verbetering in het plan bewerkstelligd is. Deze toetsing wordt opgenomen als onderdeel van de in het raadsvoorstel beschreven externe validatie . • Provinciaal beleid dicteert Zuinig ruimtegebruik. Onderbouwing van benodigde ruimte en de bebouwing daarop is bij de uitwerking cruciaal. • De versterking van de ruimtelijke, landschappelijke, cultuurhistorische, ecologische en natuurwaarden is een randvoorwaarde voor de totaalontwikkeling.

Voor sommige onderdelen geldt dat een nadere uitwerking nodig is voor een volwaardige toetsing en bevestiging dat het daadwerkelijk een versterking van Genneper Parken oplevert. Om dat ook onafhankelijk vast te stellen, laten wij in de vervolgfase een externe validatie daarvoor uitvoeren alvorens een bestemmingsplanwijziging in gang te zetten. • Voor de verdere inpassing dienen de huidige groenstructuren in het ontwikkelgebied samen met Trefpunt Groen Eindhoven onderzocht te worden op ecologische waarde. De groenstructuren die volgens Trefpunt Groen Eindhoven een hogere ecologische waarde hebben dienen grotendeels behouden te worden en waar natuur verdwijnt of verstoord raakt dient met Trefpunt Groen Eindhoven naar een oplossing gezocht te worden. • Wat betreft de inhoudelijke kant van een compensatie kan de volgende kwalitatieve omschrijving als leidraad dienen. Hierin is het gedeelte met houtopstanden niet meegenomen. Voor de houtopstanden is de Verordening Bomen van gemeente Eindhoven van toepassing: Genneper Parken bestaat uit een relatief compleet cultuurhistorisch landschap van waardevolle beek tot droog bos en alles wat daar tussenin zit, met tal van kleine landschapselementen en biologisch agrarisch gebruik. Ook ontwikkeling en beheer zijn gericht op het behoud én de ontwikkeling van deze kwaliteiten.

Het is het samenspel van deze situatie die het gebied als geheel tot een leefgebied maakt voor tal van soorten. Dit alles tezamen vormt de hogere natuurkwaliteit van dit gebied. Omdat dit bestaat bij de gratie van de vele verschillende waardevolle elementen is het van belang de mini-natuurgebiedjes ieder op zich te behouden en beschermen. De intensieve gebruiksfuncties in Genneper Parken zijn zo goed mogelijk ingepast in landschap en natuur en bij recente ontwikkelingen zijn steevast nieuwe stukjes natuur in het gebied toegevoegd en ingericht om het evenwicht in Genneper Parken te bewaren. Het terrein van het voormalige baggerdepot is specifiek ingericht als natuur met

deels natuurgerichte begrazing voor de kleinschalige afwisseling met intensieve functies, waardoor Genneper Parken geschikt is voor hoge natuurwaarden. Een aantoonbare meerwaarde van het museumterrein an sich zal dus qua natuurwaarden lastig zijn, maar dat laat niet onverlet dat hier stevig op ingezet dient te worden. Kaders water • Eindhovens Klimaatbeleid. • We streven naar een klimaatadaptatielabel B. Dat houdt naast genoemde waterberging in: o Minimaal 10% minder verharding en vergroenen dan de uitgangsituatie; o Rekening houden met verlagen van de hittestress: 40-50% schaduw op loopgedeelten en maximaal 300 meter afstand tot verkoelend groen en/of water; o Houdt er rekening mee dat het gebied ligt in een boringsvrije zone van een grondwaterbeschermingsgebied ligt; o Houdt rekening met de grondwaterstanden. Met name in het beekdal langs de Vleut worden hogere grondwaterstanden verwacht. Het is een verantwoordelijkheid van de initiatiefnemer om voor hier rekening mee te houden (bijvoorbeeld ophogen en/of waterdicht bouwen). Grondwaterstanden mogen niet verlaagd worden. Kaders cultuurhistorie Binnen het perceel Leeuw bevinden zich geen directe historisch landschappelijke of stedenbouwkundige waarden. Ten noorden en oosten van het perceel ligt het waardevol historisch gebied, wat het belang vergroot aanvullend onderzoek te doen.

Verder ligt ten westen van het perceel het monumentale Clarissenklooster met landschappelijke omgeving. Binnen de grenzen van de VONK* locatie geldt dat er een hoge archeologische verwachting is. (zie RAAP-rapport) • • • • • • •

Versterken historisch cultuurlandschap. Rekening houden met de hoge archeologische verwachting en derhalve met archeologisch onderzoek bij bodemingrepen. Plaats het museumgebouw niet in de historisch stedenbouwkundige structuur (Cultuurhistorische Waardenkaart van Eindhoven) die langs de Boutenslaan ligt. Voorkom te grote zichtbaarheid van het museumgebouw vanaf de Boutenslaan. Dit conflicteert met uitgangspunt van het museum, hierover dient verder overleg plaats te vinden. Het gebouw voegt zich met haar ligging naar de lijnen van het cultuurlandschap niet naar lijn van de Boutenslaan. De herkenbaarheid van het beekdallandschap moet met de nieuwe inrichting worden versterkt. De hooggewaardeerde structuur met opgaand groen aan de zuidgrens van het huidige Museumterrein in stand houden (zie RAAP-rapport).

Kaders Verkeer • Eis: er moet voldaan worden aan de nota parkeernormen 2019. • Initiatiefnemer dient parkeerbehoefte te onderzoeken in relatie tot totale parkeerbehoefte Genneper Parken en beschikbare openbare plaatsen. Hierbij kan gebruik gemaakt worden van de onderzoeken die door RHDHV gedaan zijn/ worden in het kader van het inrichtingsplan Genneper Parken. • Er moet een verkeersonderzoek plaatsvinden voor auto’s, maar ook voor langzaam verkeer. • Alternatieve mobiliteit moet onderzocht worden: bussen, deelmobiliteit, etc. • Optimaal aantal auto parkeerplaatsen nabij museum realiseren – wel meer dan voldoende fietsparkeren realiseren om juist die mobiliteit te faciliteren. Integraal af te wegen in samenspraak met de gemeente en stakeholders, waarbij groen zo min mogelijk aangetast wordt en ongewenst parkeergedrag (bijv. in de omliggende wijken) wordt voorkomen. • Het streven is dat parkeren niet midden in het te ontwikkelen gebied kan plaatsvinden. Daarom dient er samen met de gemeente verkent te worden of de parkeervoorziening aan de zuidkant van de Boutenslaan geplaatst kan worden. De omvang van de parkeervoorziening is daarbij realistisch en wordt integraal voor het gebied afgestemd. Bij voorkeur zo landschappelijk mogelijk. • Onderzoeken of het mogelijk/wenselijk is om parkeerplaatsen nabij museum openbaar toegankelijk te maken

• •

Bestaande ontsluiting zal niet gewijzigd worden op kosten van de gemeente en extra verkeer mag niet tot overlast zorgen. In de nieuwe situatie moet de parkeerdruk op verantwoorde wijze opgevangen worden, primair vanuit de initiatiefnemer en afgestemd met gemeente en andere stakeholders om tot optimale oplossingen te komen.

Kaders Stedenbouw Bebouwing: • Volg zoveel mogelijk de structuren vanuit het cultuurhistorische landschap. Het gebouw staat bij voorkeur niet aan de Boutenslaan. Daarmee wordt bedoeld dat de rooilijn niet georiënteerd ofwel parallel aan de Boutenslaan ligt. • Het gebouw mag wel zichtbaar zijn vanaf de Boutenslaan maar niet prominent aanwezig zijn. • Het gebouw heeft een schaal, korrel of samengesteld volume, dat passend is bij de bebouwing in de Genneper Parken. Inpassing terrein: • Het nieuwe museumterrein mag maximaal 3,5 ha. beslaan. Dit is dus inclusief het huidige terrein van het preHistorisch Dorp van ongeveer 1,6 ha. Binnen dit terreinoppervlak dient gestreefd te worden naar zoveel mogelijk groen en een zo klein mogelijke footprint van het museum en randvoorwaardelijke faciliteiten. • Te streven zoveel mogelijk de groene rand aan de Boutenslaan te verbinden met de andere zijde van het stadswandelpark. • Parkeren landschappelijk (en liefst zo onzichtbaar mogelijk vanaf de Boutenslaan) inpassen. Impact op het gebied • Ook in de nadere planuitwerking dient de onderbouwing overeind te blijven dat de aantrekkende werking (zoals beschreven door ZKA) geen onnodige extra druk op Genneper Parken creëert, maar juist bijdraagt aan een betere spreiding en het ontlasten van kwetsbare delen.

• Horeca dient ondersteunend aan de primaire functie (museum) te zijn om binnen de financiële randvoorwaarden (geen aanvullende culturele subsidie) de exploitatie dekkend de houden. Communicatie / proces • De intentie zoals geformuleerd in het plan is van het grootste belang om stakeholders goed te betrekken bij een kwalitatieve verbetering van Genneper Parken. Wij vragen hier nadrukkelijk aandacht voor, tevens op basis van de duidelijk uitgesproken behoefte van enkele stakeholders. Collectie De Eindhovense geschiedenis dient in Vonk mede te worden geïllustreerd door de collectie van het voormalige Eindhovense museum Kempenland. Het streefdoel moet zijn dat een deel van de opgeslagen Kempenland-collectie binnen Vonk effectief wordt tentoongesteld in een vaste als mogelijk wisselende tentoonstelling(en). Hiervoor dienen de cijfers en achterliggende data van de erfgoedmonitor qua collectie-ontsluiting te worden meegenomen als inspiratie om de collectie zo goed mogelijk te ontsluiten voor een breed publiek.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11743440/1