CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Toelichting op de verordening bomen 2024

Raadsvergadering 7 mei 2024, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Verordening bomen 20243.418 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 1:

Toelichting bij Verordening bomen 2024

Inleiding De Verordening bomen 2024 vervangt de Verordening bomen 2021. De verordening bevat regels over de groene kaart, hoe wordt omgegaan met overlast door bomen, de compensatieplicht bij kap, de indieningvereisten bij een vergunningaanvraag, en de beoordeling (weigeringsgronden) van een kapaanvraag. In deze toelichting die behoort bij de Verordening bomen 2024 wordt voor zover nodig ingegaan op een aantal van de begrippen, artikelen en onderwerpen van de Verordening. Bomen zijn mooi om te zien, dragen bij aan het vastleggen van CO2 en fijnstof, leveren zuurstof, houden water vast, staan op historische plaatsen, zorgen voor sfeer, een prettige omgeving om in te recreëren, houden de stad koel, leveren economisch meerwaarde op (de waarde van een huis in de buurt van groen en bomen is hoger), zorgen voor biodiversiteit en bepalen de identiteit van Eindhoven. Deze waarden worden met het oog op het veranderende klimaat steeds belangrijker. Deze verordening draagt bij aan het behoud van bomen, boomstructuren en versterken daarvan vanwege de beschreven waarden.

Artikel 1. Begripsomschrijvingen Bebouwingscontour houtkap: Onder de Wet natuurbescherming golden de rijksregels over houtopstanden niet voor houtopstanden binnen de grenzen van de bebouwde kom (artikel 4.1, Wet natuurbescherming). Het was aan de gemeenteraad om die grenzen vast te stellen. De Omgevingswet spreekt van 'bebouwingscontour houtkap' in plaats van 'grenzen van de bebouwde kom' zoals dat in de Wet natuurbescherming stond. De Omgevingswet verplicht de gemeenteraad om een bebouwingscontour houtkap vast te stellen in het omgevingsplan. Met het aanwijzen van de bebouwingscontour houtkap bepaalt de gemeente in feite wanneer de regels Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) over het vellen van houtopstanden gelden. Die Rijksregels van het Bal gelden namelijk alleen buiten de bebouwingscontour houtkap. Echter mag de gemeente ook regels buiten de bebouwingscontour regelen mits het Rijk daar al geen regel over heeft gesteld. In deze verordening bomen 2024 wordt in artikel 3 ook een vergunningplicht geregeld voor activiteiten waarin het Rijk via het Bal niet heeft voorzien. Bomeneffectanalyse:

Een BEA is een gestandaardiseerde beoordeling die alle mogelijke effecten van bouw of aanleg op het duurzaam voorbestaan van een boom of houtopstand in beeld brengt. Hierin wordt ook omschreven hoe de nadelige effecten tot een minimum kunnen worden beperkt. Bovendien wordt onderzocht wat het meest boomvriendelijke alternatief is. Indien er sprake is van een (tijdelijke) bronnering dient de BEA door middel van een bijgevoegd bronneringsrapport inzicht te geven in de gevolgen voor de bomen binnen de invloedssfeer van de bronnering. Dit kunnen ook bomen zijn buiten de plangrens. Tevens dient te worden aangegeven hoe de (nadelige) gevolgen gecompenseerd kunnen worden. De BEA dient te worden uitgevoerd door een daartoe gekwalificeerd persoon dat minimaal in het bezit is van een ETT-certificering (European tree technician) of aantoonbaar vergelijkbaar niveau.

Bouwplaats inrichting:

Voorafgaande aan de start van de werkzaamheden dient een inrichtingstekening van het plangebied of de bouwplaats te worden overlegd. Hierop dienen locaties te zijn aangegeven van eventuele tijdelijke verblijfsruimten (keten), materiaalopslag en transportroutes. Op basis

hiervan dient een plan te worden overlegd hoe aanwezige bomen te beschermen tegen nadelige gevolgen van het tijdelijke terrein gebruik. De bomenposter “Werken rondom Bomen” van het Norminstituut bomen geeft inzicht in de mogelijkheden hoe bomen te beschermen. Hakhout:

Een boom of houtopstand, die na te zijn geveld, opnieuw op de stronk uitlopen.

Herdenkingsboom:

Een boom ter nagedachtenis aan een memorabele gebeurtenis zoals geboorte, huwelijk, overlijden, jubileum of herdenking (van bijvoorbeeld een prins of prinses). Een herdenkingsboom is een monumentale boom. Er moet echt sprake zijn van een specifieke bijzondere gebeurtenis. Bomen geplant naar aanleiding van de jaarlijkse boomplantdag zijn geen herdenkingsbomen.

Kroonprojectie:

De oppervlakte van de boomkroon op de breedste plek.

Noodkap:

De burgemeester kan op grond van artikel 172 lid 2 Gemeentewet toestemming geven tot het direct vellen van een beschermde boom of houtopstand bij acute gevaarzetting of een vergelijkbaar spoedeisend belang van de openbare orde of veiligheid. Dit geldt zowel voor bomen in particulier- als in gemeentelijk eigendom. De acute gevaarzetting dient te zijn vastgesteld door de gemeentelijk boombeheerder of een boomdeskundige. Noodkap wordt toegepast in die gevallen waarin het onverantwoord is om de reguliere procedure voor het verkrijgen en gebruiken van een omgevingsvergunning te doorlopen. Bij noodkap is achteraf compensatie vereist ter hoogte van de taxatiewaarde van de gekapte boom of houtopstand.

Onomkeerbare slechte conditie:

De vitaliteit van de boom is dermate slecht dat volledig verval van de boom, ondanks maatregelen, binnen 5 jaar te verwachten is.

Taxeren:

Taxeren van (schade aan) een boom wordt beoordeeld via de NVTB methode conform de meest recente richtlijnen. Met NVTB wordt de Nederlandse Vereniging van Taxateurs van Bomen bedoeld. Als rekenmodel om de boomwaarde of schade aan bomen te bepalen wordt de Methode NVTB gehanteerd. Deze rekenmodellen zijn op dit moment algemeen geaccepteerd als juridisch aanvaardbare methode.

Veteranenbomen:

Bomen op openbaar terrein met de potentie om de veteranenfase (verbonden aan de leeftijd van de boom) te bereiken. De Veteranenbomen krijgen toegespitste beheerplannen en grotere groeiplaatsen. Een veteranenboom is een monumentale boom.

Artikel 2. Hierin zijn de handelingen /activiteiten genoemd waarvoor, binnen de bebouwingscontour houtkap een omgevingsvergunning vereist is.

Artikel 3. Hierin zijn de handelingen /activiteiten genoemd waarvoor, buiten de bebouwingscontour houtkap een Omgevingsvergunning vereist is. a. Bij erven en tuinen gaat het om particuliere erven en tuinen die niet vallen onder de rijksregels van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). b. Het gaat om houtopstanden met een oppervlakte van minder dan 10 are, ofwel 1.000 vierkante meter. De houtopstand is een aaneengesloten gebied met bomen. Die kan ook perceelsgrenzen overschrijden. c. Rijbeplanting is een rij aan bomen die duidelijk in samenhang geplant zijn in een rij langs een structuur, bijvoorbeeld langs een weg of sloot.

Artikel 4. Het gaat hier om noodzakelijk groenbeheer in de zin van noodzakelijk onderhoud. De gemeente spant zich ertoe in om minstens 2 weken voor het noodzakelijke groenonderhoud te informeren via de gemeentelijke informatiesite.

Artikel 5. Er is een groene kaart waarop ter informatie het volgende is aangegeven: • Groenstructuur van de gemeente Eindhoven (groene wiggen, groene dooradering en hoofdgroenstructuur); • Groenarme gebieden; • Centrumgebied; • Bebouwingscontour houtkap als bedoeld in artikel 5.165b Besluit kwaliteit leefomgeving; • Gemeentelijke waardevolle bomen en monumentale bomen; Deze informatie is onder meer van belang bij het aanvragen van een omgevingsvergunning ten behoeve van vellen en in verband met de compensatieplicht. Gemeentelijke groenstructuur: De majeure structuren, die van waarde zijn voor de stad Eindhoven en haar identiteit. De groenstructuur vormt een netwerk door de stad (groene wiggen en groene dooradering, hoofd- en nevengroenstructuur, zie groenbeleidsplan 2017) en draagt onder andere bij aan de leefbaarheid, klimaatbestendigheid en groenbeleving van Eindhoven. Binnen de groenstructuren zijn veel bomen aanwezig. Het netwerk vormt een fundament voor de kwaliteit en identiteit van de groenstructuur in Eindhoven. Het zijn structuren die hoofdroutes in en uit de stad begeleiden of de verbinding vormen tussen de stadsdelen. De structuren zijn veelal ‘van oudsher’ al aanwezig in de stad en in die gevallen van cultuurhistorische waarde. Binnen deze groenstructuur zijn alle bomen op gemeentegrond waardevolle bomen met uitzondering van bomen binnen de nevengroenstructuur.

Bomen op particulier terrein zijn waardevol als ze voldoen aan de kenmerken van een waardevolle boom, conform de begrippenlijst. Hoofdgroenstructuur:

Zoals te zien op de Groene Kaart. De hoofdgroenstructuur is cultuurhistorisch waardevol, identiteit van de stad, groene longen van de stad, robuuste groenstructuur samen met de groene wiggen. Conform en aansluitend op Groenbeleidsplan 2017.

Groenarme gebieden:

Die buurten conform Groenbeleidsplan 2017, waar het groenareaal per woning beneden de landelijke norm van 75 m2 per woning ligt.

Centrumgebied:

Het centrumgebied wordt gevormd door de buurten die conform de statische wijkindeling behoren bij het stadsdeel Centrum. Het betreft de buurten: TU-terrein, Fellenoord, Witte Dame, Beren, Binnenstad en de wijk Centrum.

Bebouwingscontour houtkap

De Wet natuurbescherming beschermt op basis van paragraaf 4.1, houtopstanden buiten de bebouwingscontour houtkap. De provincie Noord-Brabant is bevoegd gezag. De situering van de bebouwingscontour houtkap wordt bepaald door de gemeenteraad en wordt bij relevante verandering van bebouwing geactualiseerd.

De informatie op de groene kaart is nodig om: • Te duiden waar de gemeentelijke waardevolle bomen staan; • Te duiden waar de gemeentelijke monumentale bomen staan; • Inzicht te geven in de Bebouwingscontour houtkap; • Inzicht te geven in de gebieden waar een compensatiefactor geldt in het geval financiële compensatie aan de orde is; het centrumgebied en de groenarme gebieden.

Update-informatie op de kaart Om de kaart actueel te houden wordt de informatie over de bomen op de kaart en de kadastrale situatie op de kaart, jaarlijks minimaal een keer bijgewerkt. Zo blijft de kaart up-to-date en betrouwbaar voor zowel interne als externe gebruikers. Beoordelingsregels (artikel 7 van de verordening)

Overlast van Bomen Eindhoven is een groene gemeente en wil dat blijven. Voor het vellen van een boom of houtopstand, is in beginsel een omgevingsvergunning nodig. Bij overmatige overlast (onrechtmatige hinder) of noodkap is dit niet het geval. Hieronder wordt beschreven hoe we doorgaans oordelen bij onrechtmatige hinder. Onrechtmatige hinder Het kapverbod geldt niet voor een boom of houtopstand die voor onrechtmatige overlast zorgt. Bedoeld is hiermee ‘onrechtmatige hinder’ zoals dit in artikel 37 van Boek 5 BW is bepaald: ‘De eigenaar van een erf mag niet in een mate of op een wijze die volgens artikel 162 van Boek 6 onrechtmatig is, aan eigenaars van andere erven hinder toebrengen zoals door het verspreiden van rumoer, trillingen, stank, rook of gassen, door het onthouden van licht of lucht of door het ontnemen van steun.’ Belangenafweging Bomen zijn belangrijk voor een gezonde stad en een goed leefklimaat in Eindhoven. Het algemeen belang van de bomen weegt daarom veelal zwaarder dan het individueel belang van bewoners. Het algemeen belang is voornamelijk groot wanneer het gaat om waardevolle bomen of monumentale bomen (zoals omschreven in de begrippenlijst), of bomen die onderdeel zijn van de hoofd groenstructuur, groene dooradering of groene wig (zoals aangegeven op de groene kaart).

Overlast door bomen is in principe geen reden om een boom te snoeien of vellen, of wortels te snoeien. Dit geldt zowel voor bomen in gemeentelijk eigendom als voor bomen in particulier eigendom. De gemeente beoordeelt bij een kapvergunningplichtige boom of houtopstand of sprake is van overmatige overlast en of het treffen van maatregelen gewenst is. Het snoeien van een boom met behoud van de natuurlijke vorm (habitus), snoeien van wortels zonder dat een boom instabiel wordt, plaatsen van een wortelscherm, en in zeer uitzonderlijke gevallen vellen van een boom, kan de overlast verminderen. Niets doen aan de overlast, en deze accepteren, is zeker ook een optie. Afval van vruchten, blad e.d. wordt in de regel niet gezien als overmatige overlast en is onder andere geen reden om een boom te vellen. Daarbij overweegt de gemeente geen snoei van bomen wiens takken reiken tot 2 meter buiten te gevel van een bouwwerk, ook niet op verzoek van bewoners. Als de situatie zich voordoet om wel te snoeien (tot 2 meter van een gevel), behouden we zelf het recht van snoei.

Afweging bij overlast van bomen. De gemeentelijke boombeheerder bepaalt normaalgesproken of er sprake is van onrechtmatige hinder van een boom, of maatregelen genomen kunnen worden, en wie de maatregelen bekostigt. De boombeheerder wordt daarin begeleid door de wettelijke kaders, en kan desgewenst bijgestaan worden door een beleidsadviseur of een juridisch adviseur. Criteria omgevingsvergunning Bij het beoordelen van de aanvraag van een omgevingsvergunning voor het vellen van een boom of houtopstand weegt de gemeente het belang van behoud van de boom of houtopstand af tegen het belang van verwijdering. Het belang van behoud wordt afgemeten aan de mate waarin een boom of houtopstand voldoet aan één of meer van onderstaande waarden: Intrinsieke waarde:

De waarden die een boom kan vertegenwoordigen, waarbij de volgende waarden worden onderscheiden: Natuurwaarde, Landschappelijke waarde, Cultuurhistorische waarde, waarde van stads- en dorpsschoon, waarde voor de leefbaarheid, beeldbepalende waarde, waarde voor waterberging, hittestress, natuurwaarde, productie. De waarden zijn nader te bepalen door een landschapsarchitecte, stedenbouwkundige, ingenieur Tuin- en Landschapsinrichting, boomdeskundige of ecoloog.

Natuurwaarde:

Een boom heeft een (bovengemiddelde) waarde voor de natuur indien deze deel uit maakt van het Natuurnetwerk Nederland (voorheen ecologische hoofdstructuur), vliegroute voor vleermuizen, huisvesting biedt aan zeldzame/ beschermde flora en fauna, het een inheemse soort betreft of de boom genetisch van waarde is als zaadgaard (streekeigen). De gebieden die onderdeel uitmaken van Natuurnetwerk Nederland zijn te vinden op de website van de Provincie Noord-Brabant. Invasieve exoten hebben in beginsel een lage natuurwaarde.

Landschappelijke waarde:

Een boom heeft landschappelijke waarde als deze onderdeel uit maakt van een kenmerkend landschappelijk element of karakteristiek is voor de omgeving en daarmee de identiteit van de stad of het landschap zichtbaar maakt.

Cultuurhistorische waarde: Bomen die kenmerkend zijn voor het historische karakter van een gebied (verhaal, structuur of gebruik) en daarbij de landschappelijke kwaliteit van het onbebouwde en bebouwde gebied verhogen. Het gaat hierbij om bomen die informatie geven over de geschiedenis van het landschap. Een voorbeeld zijn bomenrijen die tracés van historische wegen zichtbaar maken of individuele bomen die een historische locatie aangeven (voormalige boerderij of hoeve) of herinneren aan een historisch gebruik van het landschap (boomgaarden, houtwallen, grienden, ontginningen etc.). Ook karakteristieke bomen nabij historische gebouwen/ monumenten zijn cultuurhistorisch waardevol. De cultuurhistorische waarde kaart is te raadplegen op de website van de Gemeente Eindhoven. Een monumentale boom, jubileumboom, gedenkboom etc. heeft ook cultuurhistorische waarde. Typerend voor Eindhoven is het erfgoed van Frans Fontaine ofwel de unieke collectie aan bijzondere boomsoorten en variëteiten in de stad. Zeldzame exemplaren zijn om deze reden van hoge cultuurhistorische waarde. Stads en dorpsschoon:

Leefbaarheid:

Een boom heeft waarde voor stads- en dorpsschoon wanneer de boom onderdeel uitmaakt van een beschermd dorps- of stadsgezicht of onderdeel uitmaakt van een Rijks- of gemeentelijk monument. Beschermde dorps- en stadsgezichten zijn opgenomen in de bestemmingsplannen.

Bomen zijn van cruciaal belang voor de leefbaarheid in de stad omdat ze substantieel bijdragen tot het verminderen van fijnstof, hittestress etc. ofwel gunstige effecten hebben op het microklimaat of de luchtkwaliteit. Hetzelfde geldt voor een boom die van waarde is voor het welbevinden van bewoners in lichamelijk en geestelijk opzicht of voor de direct aangrenzende biotoop zoals vitaliteit en/of stabiliteit van omringende bomen. Door het verwijderen van de boom ondervinden de resterende bomen of specifieke onderbeplanting ernstige schade.

Beeldbepalende waarde:

Bomen hebben een hoge beeldbepalende waarde indien ze een grote esthetische- en belevingswaarde voor een straat, plein of wijk hebben. De bomen zijn door hun leeftijd, omvang of verschijningsvorm onvervangbaar, geven karakter aan de omgeving en vormen bovendien een buitengewoon structurerend en herkenbaar element voor de openbare ruimte. Een opvallende of aansprekende locatie van de boom speelt een rol bij de beoordeling van de beeldbepalende waarde. Een boom op een markante plek heeft een hogere esthetische waarde dan een vergelijkbare boom op een achteraf locatie. Het criterium beeldbepalend zegt tevens iets over de mate waarin de boom zichtbaar is. Een boom is beeldbepalend als >50% van de omvang vanaf openbare weg te zien is.

Dendrologische waarde:

De boom of houtopstand is dendrologisch waardevol als het een soort betreft die in Nederland zeldzaam of zeer zeldzaam is. Per variëteit wordt dit aangegeven in het boek Dendrologie van de lage landen (meest recente druk), en in het standaard werk “Atlas wilde bomen en struiken, Landschappelijk groen erfgoed in de provincies van Nederland en Vlaanderen” onder redactie van Bert Maes, en de digitale kaart die hier te vinden is.

Zonnepanelen Zonnepanelen en soortgelijke producten leveren duurzame energie en verminderen op termijn de energierekening. De ligging van een gebouw/woning ten opzichte van de zon is een belangrijk aspect. In de omgeving kunnen bomen staan die zorgen voor schaduwwerking. De duurzaamheid van de omgeving is in zo’n geval minstens zo belangrijk. Het plaatsen van zonnepanelen wordt door gemeente Eindhoven ondersteund, maar niet ten koste van het snoeien, vellen of aanplanten van bomen in de woonomgeving. Er wordt daarom geen vergunning verleend voor het vellen van bomen ten gunste van de plaatsing of bezonning van zonnepanelen. In geval van nieuwbouw of herinrichting, wordt door een ontwerper bij het ontwerpen van een boomstructuur, geprobeerd om rekening te houden met geplaatste of te plaatsen zonnepanelen. Gezien de vele andere algemene belangen, wordt er een zorgvuldige afweging gemaakt die nadelig uit kan vallen voor de opbrengst van zonnepanelen. Compensatie (artikel 2 lid 3 en artikel 7 lid 5 van de Verordening)

Door het vellen van een boom of houtopstand kan netto groene waarde verloren gaan. Het weggevallen groen moet in beginsel worden gecompenseerd. Aan een omgevingsvergunning voor het vellen van een boom of houtopstand kunnen voorschriften worden verbonden. Onder andere kan een compensatieplicht worden opgelegd. In de Nadere regels voor Compensatie, behorende bij de Verordening Bomen 2024 staat meer informatie over compensatie. Het college kan aan een omgevingsvergunning, voorschriften en voorwaarden verbinden. Voorbeelden van voorschriften zijn: Een voorschrift, dat pas geveld mag worden indien andere ontheffingen, vergunningen, toestemmingen of ruimtelijke procedures onherroepelijk geworden zijn en de feitelijke en financiële voortgang van de werken voldoende zijn gewaarborgd. Een compensatieplicht inclusief zorgplicht. Een voorschrift, dat pas geveld mag worden indien andere ontheffingen, vergunningen, toestemmingen of ruimtelijke procedures onherroepelijk geworden zijn en de feitelijke en financiële voortgang van de werken voldoende zijn gewaarborgd; Natuurbescherming in de Omgevingswet De omgevingswet, artikelen 11.111 t/m 11.131 Besluit activiteiten leefomgeving beschermt bomen buiten de bebouwingscontour houtkap. De provincie Noord-Brabant is hiervoor het bevoegd gezag. Voor situaties die het Rijk niet regelt buiten de bebouwingscontour mag de gemeente regels stellen.

Zwaarwegend maatschappelijk en maatschappelijk belang (artikel 8 van de Verordening) Zwaarwegend maatschappelijk belang: Verlening van een vergunning voor het vellen van monumentale bomen kan, bij uitzondering, plaatsvinden indien er sprake is van een zwaarwegend maatschappelijk belang en er geen alternatieven voor handen zijn om met behoud van de boom of houtopstand dit belang adequaat te dienen. Een voorbeeld van zwaarwegend maatschappelijk belang is de aanleg van een hoofd infrastructurele ontsluiting (hoofdverkeersweg, hoofdriool, hoofdgasleiding etc.) Het verschil tussen zwaarte van maatschappelijke belangen hangt samen met de omvang van het deel van de bevolking dat hierbij gebaad is. Denk aan uitbreiding van het ziekenhuis (zwaarwegend maatschappelijk belang) ten opzichte van de uitbreiding van een huisartsenpost (‘gewoon’ maatschappelijk belang). Door middel van een bomenonderzoek met bomeneffectanalyse dient als onderdeel van de vergunningsaanvraag aangetoond en beargumenteerd te worden dat de boom niet te handhaven is. De verlening van de vergunning is enkel aan de orde als alternatieven voor het duurzaam behoud van de bomen niet voorhanden zijn. Door het afdelingshoofd Groen en recreatie kan worden overwogen de verwijdering en herplant van de bomen integraal onderdeel uit te laten maken van het project.

Wanneer de kosten voor (toekomstige) boom besparende maatregelen niet (meer) in verhouding staan tot de totale projectkosten, kan een vergunning voor het vellen van een boom worden overwogen. Hoe deze verhouding ligt is per situatie verschillend en ter finale beoordeling aan het afdelingshoofd groen. Aan het verlenen van een vergunning voor het vellen van een boom of houtopstand in het kader van een (zwaarwegend) maatschappelijk belang kunnen voorschriften worden verbonden. Maatschappelijk belang Verlening van een vergunning voor waardevolle bomen kan, bij uitzondering, plaatsvinden indien er sprake is van een maatschappelijk belang en geen alternatieven voor handen zijn om met behoud van de boom of houtopstand dit belang adequaat te dienen. Maatschappelijk belang wordt daarbij gedefinieerd als de bouw van woningen, bedrijven en andere opstallen een infrastructureel werk. Door middel van een bomenonderzoek met bomeneffectanalyse dient als onderdeel van de vergunningsaanvraag aangetoond en beargumenteerd te worden dat de boom niet te handhaven is. De verlening van de vergunning is enkel aan de orde als alternatieven voor het duurzaam behoud van de bomen niet voorhanden zijn. Door het Afdelingshoofd Groen en recreatie kan worden overwogen de verwijdering en herplant van de bomen integraal onderdeel uit te laten maken van het project.

Bij een maatschappelijk belang gaat het ook over de inzet van publieke middelen. Wanneer de kosten voor (toekomstige) boom besparende maatregelen niet (meer) in verhouding staan tot de totale projectkosten, kan een vergunning voor het vellen van een boom worden overwogen. Hoe deze verhouding ligt is per situatie verschillend en ter finale beoordeling aan het afdelingshoofd groen. Aan het verlenen van een vergunning voor het vellen van een boom of houtopstand in het kader van een (zwaarwegend) maatschappelijk belang kunnen voorschriften worden verbonden. Bescherming van Bomen en Houtopstanden (artikel 10 van de Verordening) Bij beschadiging van bomen gaat het om bovengrondse beschadiging, maar ook ondergrondse beschadiging.

Handhaving (artikel 12 van de Verordening)

Hoe er met handhaving wordt omgegaan is beschreven in de beleidsregels. Strafbaarheid (artikel 13 van de Verordening) Via dit artikel zijn overtredingen van deze Verordening strafbaar gesteld, de politie of het openbaar ministerie kan hiertoe vervolging instellen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13887642/2