CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Kadernota 2025

Raadsvergadering 28 mei 2024, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Kadernota 20255.250 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Kadernota 2025 1. Bestuurlijke hoofdlijn

2

2. Financiële kaders en intensiveringen voor 2025

5

3. Overige onderwerpen

9

a. Indicatoren b. Klimaat: 2030 doelstelling c. Risico’s d. Groei van de stad / mechanisme e. Indexering f. Spelregels (o.a. bestaande reserves)

1|

Kadernota 2025 - gemeente Eindhoven

1. Bestuurlijke hoofdlijn Bij het verschijnen van deze Kadernota zijn we halverwege deze bestuursperiode. Daarmee is dit ook een goed moment om de balans op te maken waar we staan met de uitvoering van het bestuursakkoord en tegelijkertijd om te anticiperen op actualiteiten en ontwikkelingen die we aan zien komen. Parallel met deze Kadernota bieden wij ook de Midterm Review aan. Hiermee informeren wij u hoe het staat met het realiseren van de ambities uit het bestuursakkoord Samen Morgen Mooier Maken via de geactualiseerde termijnkalender met een toelichting op hoofdlijnen. In deze Kadernota geven wij prioriteiten aan voor het komend jaar. Graag gaan we met de raad het debat aan over de opgaven voor en in de stad. Dat geeft ons namelijk de inhoudelijke bouwstenen voor het opstellen van de begroting voor 2025.

De stad verandert De opgave voor Eindhoven de komende periode is uitdagend en heeft meerdere dimensies. We hebben te maken met een aantal landelijke en wereldwijde ontwikkelingen die op ons afkomen. De klimaat- en biodiversiteitscrisis vraagt dat wij lokaal onze verantwoordelijkheid nemen en een stevige bijdrage leveren aan de energietransitie, vergroten van de biodiversiteit, een gezonde leefomgeving en het duurzaam gebruik van grondstoffen. Dit ook als opvolging van Europese en landelijke regelgeving met als doel een klimaatneutrale samenleving uiterlijk in 2050. De woningmarkt is in heel Nederland problematisch. Stijgende bouwkosten door inflatie en de noodzaak om te komen tot vernieuwende bouwconcepten om zowel betaalbaar als duurzaam te bouwen, speelt in elke gemeente. Nationaal is hier veel aandacht voor met de Woondeal en financiële impulsen om de bouw aan te jagen. Druk op onderwijs-, sport- en cultuurvoorzieningen en zorginstellingen is ook een landelijk fenomeen. Gemeenten staan tegelijkertijd financieel onder druk, omdat het Rijk een korting van €3 miljard boven het Gemeentefonds laat hangen en de financiële risico’s in het sociaal domein groot zijn. De noodzakelijke structurele investeringen worden geremd door deze financiële onzekerheid.

En dit alles tegen de maatschappelijke achtergrond dat mensen in toenemende mate onzekerheid en gebrek aan ‘grip’ ervaren, wat kan leiden tot afnemende gezondheid en geluk en daarmee tot toenemende eenzaamheid, armoede en behoefte aan jeugdzorg. Naast deze mondiale uitdagingen en nationale ontwikkelingen speelt specifiek voor Brainport Eindhoven dat het hightech ecosysteem al langer de belangrijkste aanjager is van de ontwikkeling van de stad. Er is inmiddels geen discussie meer dat Brainport Eindhoven een spilfunctie vervult in de Nederlandse economie en belangrijk is voor het toekomstig verdienvermogen van Nederland. Na het pakket van 1,6 miljard euro in 2022 voor mobiliteit en het reserveren van 20 miljoen euro door het Rijk in de vijfde ronde regiodeals, hebben we samen met het Rijk en regio afspraken gemaakt over een nieuwe investeringspakket van in totaal 2,51 miljard euro. Dit wordt uitgegeven aan mobiliteit en woningbouw in Eindhoven en omliggende gemeenten én aan een landelijk talentplan. Dit gebeurt omdat de rol van Brainport Eindhoven naast het verdienvermogen ook geopolitiek niet onderschat kan worden en daar is ook op Europees niveau oog voor. Onze bedrijven zijn speler op het wereldtoneel met technologieën op het gebied van kunstmatige intelligentie, additive manufacturing en fotonica.

Hiermee worden innovaties gerealiseerd die antwoorden bieden op maatschappelijke vraagstukken op het gebied van mobiliteit, energie, digitalisering, gezondheid en voeding. Brainport vervult een belangrijke rol in de Europese ambitie om strategisch autonomer te opereren op het gebied van geavanceerde technologie. We mogen er trots op zijn dat we deze positie hebben kunnen bereiken na de malaise van de jaren ‘90. Tegelijkertijd is het geen vanzelfsprekendheid dat we deze positie in de komende decennia vasthouden. Het succes van het Brainport-ecosysteem met banen voor denkers en doeners en de aantrekkingskracht van Eindhoven laat zich al een aantal jaren voelen in onze stad. De Eindhovense bevolking groeit en de instroom van internationals zorgt voor een toenemende diversiteit in de Eindhovense bevolking. Hoewel

2|

Kadernota 2025 - gemeente Eindhoven

het met de brede welvaart over het algemeen goed gaat zorgt een groeiende bevolking ook voor groeiende druk op de stad; op de woningmarkt, voorzieningen, sociale samenhang en sociaal-maatschappelijke vraagstukken. Zoals bijvoorbeeld een groeiend aantal dak- en thuislozen, groter wordende verschillen in gezondheid en levensverwachting en een groeiende groep mensen die zich eenzaam of onzeker voelt over hun bestaan. Binnen al deze trends vindt de stormachtige ontwikkeling en transformatie van Eindhoven plaats. De stad is fundamenteel aan het veranderen en daar moeten we stevig mee aan de bak. Het verleden leert ons dat Eindhoven eerder deze ervaring heeft gehad. In de periode 1920-1940 groeide Eindhoven van 46.000 naar 130.000 inwoners. Bijna een verdrievoudiging van de bevolking in ruim 20 jaar. En ook toen mede aangejaagd door het succes van het toenmalige bedrijfsleven. Historisch past dit bij Eindhoven, maar we moeten stevig regie voeren om de balans in de ontwikkelingen te behouden. De monitor Brede Welvaart is een hulpmiddel daarbij. Uit de meest recente cijfers van deze monitor blijkt dat we het in vergelijking met andere grote Nederlandse steden over het algemeen goed en vergelijkbaar doen.

We zien dat de trendontwikkeling voor Eindhoven zowel voor het ‘hier en nu’ als voor ‘later’ overwegend positief is en in veel opzichten lijkt op andere grote steden in het land en in Brabant. Zowel voor ‘hier en nu’ als voor ‘later’ kent Eindhoven geen negatieve trendlijnen. Wel zien we op een aantal indicatoren lichte dalingen sinds de laatste meting. Dit kunnen waarschuwingssignalen zijn voor veranderingen in de nabije toekomst. Dit geldt specifiek voor een drietal aspecten die nauw met elkaar samenhangen: sociale cohesie, voorzieningen en wonen. We herkennen dit beeld en onderschrijven dat dit onze aandacht nodig heeft, omdat dit nauw gerelateerd is aan de ontwikkeling van de stad. Daarom kiezen we ervoor ook financieel te intensiveren op deze onderwerpen. We sluiten onze ogen niet voor het effect van al deze ontwikkelingen op de huidige stad. Eindhoven verandert, wordt drukker, diverser en grootstedelijker. De stad verdicht en de bouwkranen die daarvoor zorgen domineren het stadsbeeld steeds sterker. Dat brengt nieuwe sociaal-maatschappelijke en ecologische vraagstukken met zich mee. Binnen de schaarse stedelijke ruimte moeten we meer gaan inpassen. Meer groen om klimaatbestendiger te worden. Verstedelijking en verdichting combineren met meer waterberging.

Meer (en wellicht andere) voorzieningen om een groeiend beroep op onderwijs, zorg, sport en cultuur te kunnen faciliteren en als hefboom voor leefbaarheid van wijken en buurten. Anders omgaan met mobiliteit om de schaarse ruimte beter te benutten en dit zonder dat het ten koste gaat van de verbinding tussen mensen. Dit betekent dat we keuzes maken die soms in eerste instantie moeilijk lijken, maar op de lange termijn noodzakelijk en altijd met oog voor onze inwoners. Daarnaast zetten we ook in op slimmere oplossingen en nieuwe technologieën om de uitstoot van CO2 te verminderen. Balans vinden in de inrichting van de stad is noodzakelijk om de stad aangenaam, sociaal en leefbaar, veilig en klimaatbestendig te houden. Naast de puzzel om deze ontwikkelingen ecologisch en ruimtelijk mogelijk te maken in de stad, zien we ook stevige vraagstukken op sociaal-maatschappelijk gebied. Er zijn bijvoorbeeld meer vragen op het gebied van maatschappelijke opvang, jeugd en een groeiend beroep op armoederegelingen. En we voorzien de noodzaak om in ieder geval te investeren in onderwijs om de verwachte groei van de bevolking op te vangen.

Uitvoeringskracht is een randvoorwaarde Ook al hebben we een traditie van omgaan met explosieve groei, dat betekent niet dat het vanzelf gaat. Het in goede banen leiden van de (gevolgen van) groei vraagt om een soepele samenwerking met inwoners, organisaties en bedrijven. We zoeken in gezamenlijkheid naar wat nodig is en wat kan, en proberen zo ook de kracht van bewoners en organisaties te stimuleren en te benutten. Dit versterkt het onderling vertrouwen. Met de start van Brainport voor Elkaar hebben we een stevig fundament gelegd waarop de private betrokkenheid bij onze maatschappelijke vraagstukken vorm kan krijgen. Er is de nodige energie gestoken in het maken van de sociale Brainportagenda en de bijbehorende governance.

3|

Kadernota 2025 - gemeente Eindhoven

Naast dit initiatief werken we ook aan private fondsen voor de bouw van betaalbare woningen, maatregelen die bereikbaarheid vergroten en het aantrekken, ontwikkelen en behouden van talent. Bedrijven in onze regio nemen hiermee in goede traditie een grote verantwoordelijkheid voor het succesvol samenwerken met en voor inwoners. De groei van de stad heeft ook een grote impact op de gemeentelijke organisatie. Uitvoeringskracht is nodig om bouwplannen en de energietransitie verder te brengen, om te zorgen dat de juiste voorzieningen op de juiste plaats gerealiseerd kunnen worden en om de groeiende sociaal-maatschappelijke vraagstukken het hoofd te kunnen bieden. Door goed samen te werken met inwoners en andere partners, aanwezig te zijn in buurten en wijken (zoals met het Pact), heldere afspraken te maken en verwachtingen te managen, en te luisteren naar signalen van de buitenwereld, worden beleid en plannen beter. Een krappe arbeidsmarkt voor specialistische functies en onzekere rijksfinanciering via het Gemeentefonds helpen daarbij niet. Investeren in de stad betekent ook investeren in de organisatie. Dat kan niet los van elkaar gezien worden. In de afgelopen periode hebben we via Richting Eindhoven ingezet op het toekomstbestendig maken van de gemeentelijke organisatie.

We hebben een groot deel van de ontwerpfase achter de rug en zitten midden in de verbouwing van de organisatie. We beseffen dat dit ook impact heeft op onze uitvoeringskracht, maar we zien dit als een noodzakelijke investering in de toekomst. We streven naar voortvarende afronding zodat we snel een organisatie klaar hebben staan die toegerust is op de complexiteit van de huidige samenleving en de veelheid van opgaven waar wij een rol in spelen. En tegelijkertijd zijn we er ons van bewust dat een organisatie nooit ‘af’ is. Investeren in de organisatie blijft een terugkerend punt van aandacht.

Koester de lange lijnen We zijn ons zeer bewust van de bijzondere positie waarin we nu zitten. We staan op de schouders van velen die in mindere tijden niet bij de pakken zijn gaan neerzitten en die aan de basis hebben gestaan van de succesvolle manier van triple helix samenwerken. Aan ons nu de verantwoordelijkheid om de volgende stap te zetten en Eindhoven een nieuw tijdperk in te leiden. Een tijdperk waarin Eindhoven een nog zichtbaardere speler in het internationale krachtenveld is. Een speler op nationaal niveau die een belangrijke sleutel heeft voor het toekomstig Nederlands verdienvermogen en die een bijdrage levert aan de Europese strategische autonomie. Maar ook een stad die zijn verantwoordelijkheid neemt voor de kwaliteit van leven en voor brede welvaart nu en in de toekomst. Een stad waar iedereen gelijke kansen krijgt om zijn of haar potentieel waar te maken. En ook een stad van eerlijk delen, van oog en zorg voor elkaar, in het bijzonder voor de meest kwetsbaren. Een stad van gelijke kansen, waar het succes van velen wordt gedeeld door allen. En een stad van de toekomst, waar we balans houden tussen welzijn, economie en ecologie. Dat is onze lange termijn ambitie. Tegelijkertijd hebben we de behoefte om – voorbij de opgaven van vandaag - vooruit te kijken.

Met het traject stadvisie ‘Eindhoven van de toekomst’ gaan we in gezamenlijkheid op zoek naar verbeeldingskracht en inspiratie voor de stad van de toekomst. In de huidige dynamiek is het goed om zicht te krijgen op wat we zeker willen meenemen naar de toekomst, wat we willen versterken en wat we willen vernieuwen of toevoegen. In goede Eindhovense traditie doen we het als overheid niet alleen. We werken samen met inwoners, instellingen en met bedrijven. En we zoeken in onze voorstellen en investeringen naar brede coalities, zodat het draagvlak groot is en we met brede steun werken aan stabiele lange termijn investeringen. Met elkaar kunnen we zorgen dat Eindhoven nu en in de toekomst haar potentie waar kan maken. Op zowel de mondiale schaal, als ook in het dagelijkse omzien naar elkaar waar problemen van individuele mensen reëel en acuut kunnen zijn en snel handelen vragen. We zien het als onze verantwoordelijkheid om het abstracte mondiale te verbinden aan het leven van alledag. Enkel dan zijn we in staat om Eindhoven ‘Samen morgen mooier maken’.

4|

Kadernota 2025 - gemeente Eindhoven

2. Financiële kaders en intensiveringen voor 2025 We zijn in de gelukkige omstandigheid dat we investeringsruimte hebben in 2025. Dit vloeit voort uit de middelen in de kadernota en uit de bestaande begroting. De beschikbare middelen in de kadernota zijn 59 miljoen incidenteel en 10 miljoen structureel. De incidentele middelen bestaan voornamelijk uit het gevolg van het ravijnjaar en het voorlopige rekening resultaat 2023. De structurele middelen zijn een effect van onder meer het gemeentefonds (september- / decembercirculaire 2023 en behoedzaamheidsmarge), het inzetten van de strategische stelpost 2024 (gecreëerd n.a.v. VNG oproep), het verhogen van de toeristenbelasting (in afstemming met hoteliers) en de gemeentelijke CAO impact. In de bijlage zijn deze effecten in detail beschreven. Te investeren middelen Kadernota 2025 Bestaande begroting Totaal

Incidenteel 59 8 67

Structureel 10,3 1,5 11,8

Hieronder geven we weer hoe de intensiveringen verdeeld zijn over de verschillende programma’s in de begroting. Na het in 2024 sterk inzetten op mobiliteit en woningbouw (o.a. dekking van de Brainport deal uit het BO MIRT), verleggen we in 2025 de investeringsfocus op de ‘zachte’ voorzieningen die onderdeel zijn van de programma’s sociale stad en levendige stad. De financiële effecten van het investeringspakket op talent, infrastructuur en wonen (‘project Beethoven’) zijn niet in deze kadernota opgenomen. Richting begroting 2025 werken we deze verder uit, inclusief benodigde spaarsystematiek. Programma 1. Klimaat en weer 2a. Ondernemende stad 2b. Onderwijs 2c. Sociale stad 3a. Woningbouw en fijne wijken 3b. Bereikbaarheid 4. Veilige wijken 5. Levendige stad 6. Organisatie Totaal

Incidenteel 9 4 15 9 3 2 5 21 67

5|

Structureel 1,1 0,3 1,5 3,3 0,5 1,8 3,4 11,8

Kadernota 2025 - gemeente Eindhoven

Onderstaand zijn de intensiveringen per programma nader beschreven.

Klimaat en weer

▪ Met de openstelling van de Wielewaal versterken we de natuur en creëren we ruimte voor ontspanning. Hiervoor reserveren we 4 miljoen incidenteel (oa aanleg fietspaden vanuit bovenplanse investeringen). Voor het beheer en onderhoud nemen we structureel 0,6 miljoen op. Met de ­openstelling creëren we momentum dat onze kansen vergroot cofinanciering op de overige fiches te realiseren. ▪ De luchtkwaliteit in Eindhoven is slecht en we reserveren 1,5 miljoen incidenteel voor een extra impuls om de luchtkwaliteit te verbeteren. Dit doen we door het gerichte acties uit ons bidbook door te zetten, op te schalen of nieuw te starten zoals bijvoorbeeld een sloopregeling voor bestelauto’s en -busjes en aanpak houtstook. ▪ Voor het Soorten Management Plan reserveren we 1,5 miljoen incidenteel. Dit is randvoorwaardelijk voor een stadsbrede verduurzaming en de bouwopgave van woningen en voorzieningen. ▪ In 2025 ligt de focus op bemensing en inrichting van een warmtebedrijf en een aantal warmteprojecten. We starten daarvoor met een bijdrage 2,0 miljoen incidenteel en 0,5 miljoen structureel (de zogenaamde ‘Jetten-gelden’, uit de bestaande begroting). Projecten die hiervoor in aanmerking komen zijn bijvoorbeeld het opschalen van de pilots uit proeftuin ‘t Ven, het uitfaseren van de biomassacentrale en investeringen in gasloos Stadhuisplein en Noord-Oost.

Ondernemende stad

▪ Facilitering van de schaalsprong vraagt meer van MRE en Brainport Development. Voor het versterken van MRE en o.a. de talentagenda Brainport Development trekken we 0,3 miljoen structureel uit.

Onderwijs

▪ Een portefeuilleanalyse (top-down) voor onderwijshuisvesting over de hele stad laat zien dat om op het gebied van onderwijshuisvesting te voldoen aan de nu (Klimaatakkoord Parijs) en in de toekomst (EBRD IV) geldende wet- en regelgeving er in het 16-jarig IHP circa 900-1.000k structureel gespaard moet worden per jaar tot en met 2040. ▪ Deze kadernota reserveren we daarom alvast bovenop het eerder gespaarde bedrag van 1 miljoen structureel nog eens 1,5 miljoen structureel. Richting de begroting 2025 wordt een concreet voorstel uitgewerkt, mede op basis van de bottom-up analyse die wordt gemaakt in het raadsvoorstel rondom het 16-jarig IHP, hoe er voor deze wettelijke taak kan worden gespaard. ▪ Om het designklimaat te versterken dragen we 4 miljoen incidenteel bij aan de nieuwe huisvesting van de Design Academy.

Sociale stad

▪ Het sociaal domein kent vele (financiële) uitdagingen veroorzaakt door toename in de vraag, stijging van de kosten en het risico op afname van de Rijksfinanciering bijvoorbeeld op jeugdzorg, beschermd wonen en de BUIG. Richting de begroting brengen we deze risico’s scherper in kaart. ▪ Jeugd: met de aanstelling van nieuwe jongerenwerkers (0,75 miljoen structureel) vergroten we ons bereik en de directe impact op jongeren. ▪ Opvang ○ Voor een grondige aanpak van de problematiek rond maatschappelijke opvang is het nodig te investeren in flexibele MO locaties. Richting begroting 2025 werken we deze plannen verder uit, waarbij we 0,75 miljoen structureel reserveren (bandbreedte investering is 0,75 – 1,0 miljoen structureel). ○ Met een extra impuls van 2,6 miljoen incidenteel (uit de bestaande reserve Opvang Oekraïne) in 2025 - 2026 zetten we in op preventie dakloosheid en aanpak dakloze arbeidsmigranten. Deze reserve is in de kadernota 2024 verbreed naar opvang in de brede zin van het woord. ○ Mogelijke tekorten in 2025 en 2026 op Maatschappelijke Opvang kunnen gedekt worden uit de reserve Opvang Oekraïne. ○ Mogelijke tekorten in 2025 en 2026 op beschermd wonen kunnen gedekt worden uit de bestaande reserve innovatie beschermd wonen.

6|

Kadernota 2025 - gemeente Eindhoven

▪ Onze stad zal zich in 2040 ontwikkelen tot een nog diversere gemeenschap (vergelijkbaar met de G4 steden) met naar verwachting bijna 300.000 inwoners, waarvan meer dan de helft een migratieachtergrond zal hebben. De extra investering vanuit het bestuursakkoord op het onderdeel diversiteit & inclusie is op dit moment al grotendeels bestemd. Daarom is extra inzet nodig (1,5 miljoen i­ncidenteel). ▪ Werk en Inkomen ○ Om de instroom te realiseren van het beoogd aantal mensen dat met een arbeidsbeperking aan het werk is via loonkostensubsidie, verhogen we de begroting van Ergon structureel met 0,9 miljoen. ○ Om inwoners sneller met een schone lei te laten starten schrijven we schulden deels af, te dekken uit de voorziening dubieuze debiteuren (inschatting 3 miljoen incidenteel uit bestaande begroting). Dit gaan we nog in 2024 uitvoeren. ○ Voor onze herijking minimaregelingen en het beleidsplan armoede & schulden 2025-2028 zetten we de 0,5 miljoen armoedemiddelen uit het bestuursakkoord in (bestaande begroting). ▪ Sociale basis en wijkteams ○ Om tegemoet te komen aan de financiële uitdagingen zetten we in opmaat naar de vereen­ voudiging van het sociaal domein en de strategische herijking, voor de wijkteams 4 jaar 1 miljoen serieel incidenteel in, en voor de sociale basis 2 jaar 1,1 miljoen. ○ Een krachtige sociale basis is het fundament voor een toekomstbestendig sociaal domein.

Om uitvoering te geven aan de nieuwe visie sociale basis, zetten we daarom in op: ○ Extra verbinders Buurt & Bloei om collectieve vormen van ondersteuning op te zetten, sociale netwerken/cohesie te versterken en inwonersinitiatieven die hieraan bijdragen te faciliteren: 0,35 miljoen structureel en 2 jaar 0,15 miljoen incidenteel. ○ Subsidieregeling vrijwilligers en het nieuw te ontwikkelen vrijwilligersbeleid: 2 jaar 0,35 miljoen incidenteel. ○ Innovatieve interventies en activiteiten gericht op gemeenschapsvorming en verbinding (bijv. social design): 2 jaar 0,2 miljoen incidenteel.

Woningbouw en fijne wijken

▪ We versterken het gebiedsgericht werken conform de bestuursopdracht door de integrale aanpak in de organisatie te borgen door een nieuwe sector Gebieden en wijken. We richten de sector in omdat we gericht met inwoners en stakeholders de samenwerking verder willen brengen door integrale afwegingen te maken en daarmee domein-overstijgend werken. Zo kunnen we beter ingaan op wat speelt in een buurt. Hiervoor zetten we 0,5 miljoen structureel in en 1,2 miljoen incidenteel in. ▪ Voor een versnelling van het programma Eindhoven Bouwt Door investeren we 7,5 miljoen incidenteel. ▪ We onttrekken in 2024 al 0,7 miljoen incidenteel uit de reserve strategische investeringen (in bestaande begroting) om gebiedskaders uit werken voor Vaartbroek, Hemelrijk, ‘Limbeek, Gildebuurt en Woensel West’, verbinding Strijp-S / Strijp-T, sectie-C, Krabbendampad en Welschap.

Bereikbaarheid

▪ Voor het Masterplan Mobiliteit investeren we 1,75 miljoen structureel voor pakket 2 (2027 – 2030) voor onder andere ongelijkvloerse kruisingen op de ring. Door financiële optimalisatie komt hier van 0,5 miljoen structureel uit de bestaande begroting voor pakket 1 (2024 – 2026). Voor het versneld invoeren van 30 kilometer per uur reserveren we een bedrag van 2,6 miljoen incidenteel (via een dotatie aan het fonds bovenplanse investeringen). ▪ In het masterplan mobiliteit zijn voor pakket 2 de volgende mogelijke dekkingsbronnen opgenomen: meeropbrengsten uitbreiding betaald parkeren, meeropbrengsten hogere parkeertarieven en erfpacht parkeergarages. Richting begroting 2025 werken we deze verder uit. Op basis van deze potentiële inkomsten in verhouding tot de investeringsopgave van pakket 2 wegen we de inzet opnieuw.

7|

Kadernota 2025 - gemeente Eindhoven

Veilige wijken

▪ Straatstewards dragen bij aan het verminderen van overlast en het herstellen van het veiligheidsgevoel van inwoners, ondernemers en bezoekers. We zetten dit door met een bedrag van 2 miljoen incidenteel (uit de reserve Opvang Oekraïne).

Levendige stad

▪ Door verhoging van de toeristenbelasting ontstaat ruimte voor structurele dekking van de festiviteiten tijdens de jaarwisseling en verschillende citymarketing activiteiten. De structurele investering van 1,3 miljoen betreft het O&N feest (850k), Binnenstad citydressing (200k), Eindhoven Design District (120k), Regioradar (70k), Carnaval en Stichting 18 september (50k) en evenementen niet-strategische sporten (30k). Daarnaast investeren we incidenteel in evenementen (250k) en handhaving rond O&N (140k). ▪ Voor de herinrichting van de binnenstad gaan we verder met de uitvoering van fase 1, we ronden de aanbesteding af van fase 2 en bereiden het ontwerp van fase 3 voor. ▪ We concretiseren de plannen en valideren de businesscase voor de moderne stadsbieb en stadsdeelbibliotheken (5 en 6). We reserveren daarvoor 1 miljoen structureel en 1-2 miljoen incidenteel (uit de reserve strategische investeringen). Bij het realiseren van een moderne bibliotheek (inclusief expat center) staan taalontwikkeling, mediawijsheid, en ontmoeting en verbinding tussen culturen en leefstijlen centraal. ▪ De strategische agenda creatieve industrie is in ontwikkeling. We willen daarin onder meer het tekort aan atelierruimtes/broedplaatsen aanpakken.

In opmaat naar de begroting worden de eerste mogelijke locaties onderzocht en brengen we de financiële implicaties hiervan voor onze strategische investeringen in beeld. ▪ We brengen de basisvoorzieningen voor sport op orde, onder meer door een slimmere, multifunctionele benutting. Hiervoor trekken we 1,1 miljoen structureel en 2,9 miljoen incidenteel uit. Dit bedrag besteden we o.a. aan het vervangen van voetbal natuurgrasvelden in kunstgrasvelden en de ontsluiting van onderwijs sporthallen voor verhuur in de doordeweekse avonden en in weekenden.

Organisatie

▪ Voor de hogere kosten van verkiezingen storten we 1,2 miljoen extra in de daarvoor bestemde reserve. ▪ Voor het ontwikkelen van de stadsvisie trekken we 0,75 miljoen incidenteel uit. Dit zetten we gedurende 5 jaar in voor het creëren van gezamenlijk gedragen en positieve toekomstbeelden van de stad en de bijbehorende ontwikkeldoelen. ▪ Voor het verbeteren van de span of attention voor medewerkers reserveren we 9,2 miljoen incidenteel (4 jaar 2,3 miljoen). ▪ We geven een impuls aan de aanpak Weerbare overheid (0,5 miljoen incidenteel) en privacy officers (0,9 miljoen incidenteel). ▪ Voor het met 1 jaar (2028) verlengen van de serieel-incidenteel gefinancierde medewerkers reserveren we 8 miljoen incidenteel.

8|

Kadernota 2025 - gemeente Eindhoven

3. Overige onderwerpen a.

Indicatoren

Na afstemming met de auditcommissie nemen we in de begroting voortaan alleen effectindicatoren op, de prestatie-indicatoren laten we niet meer zien. Hiermee voldoen we aan de wens van de raad en de motie ‘Laat je horen over de indicatoren’’ om een onderscheid te maken tussen de verschillende abstractieniveaus van de indicatoren. Een effectindicator gaat met name over de vraag ‘Wat willen we bereiken?’ en ligt op het niveau van de raad. Een prestatie-indicator heeft betrekking op de vraag ‘Wat gaan we daarvoor doen?’ en ligt primair op het niveau van het college en ambtelijke organisatie. Met prestatie-indicatoren volgen we de realisatie van de onderliggende processen. Deze zijn tactisch / operationeel van aard en zullen in de reguliere beleidscyclus opgenomen worden in beleidsnota’s en uitvoeringsprogramma’s.

b.

Klimaat: 2030 doelstelling

In de begroting 2024 zijn de doelstellingen met betrekking tot de reductie van broeikasgassen, zoals door de gemeenteraad vastgelegd in de Klimaatverordening 2016, voor het eerst doorgelegd naar de relevante taakvelden. De klimaatverordening schrijft voor dat in 2030 de jaarlijkse CO₂-uitstoot van Eindhoven met 55% moet zijn teruggebracht ten opzichte van het ijkjaar 1990. In 2050 moet de uitstoot met minimaal 95% zijn teruggebracht. Voor elk relevant taakveld is hiertoe een jaarlijks uitstootplafond berekend. Het startpunt is het uitstootniveau van het jaar waarin de Klimaatverordening is vastgesteld. Dit uitstootplafond neemt in de achtereenvolgende jaren steeds verder af totdat in 2030 het uitstootplafond ligt op 45% van de uitstoot van 1990 op het betreffende taakveld. De ontwikkeling van de uitstoot van CO₂ is niet binnen elk taakveld gelijk. Bij het ene taakveld nam de uitstoot tussen 1990 en 2016 al behoorlijk af, terwijl deze binnen andere taakvelden nog lange tijd is toegenomen. Daarmee is ook de doelstelling van 45% reductie ten opzichte van 1990 niet voor elk taakveld even realistisch. Waar binnen één taakveld de doelstelling van 55% reductie in 2030 niet wordt gehaald, zal dit binnen een ander taakveld gecompenseerd moeten worden door extra reductie te realiseren. Op die manier blijft de doelstelling uit de Klimaatverordening 2016 binnen bereik.

Om inzichtelijk te maken hoe de CO₂-uitstoot zich in Eindhoven ontwikkelt, is Eindhoven vorig jaar begonnen met de implementatie van ClimateOS (ClimateView). Dit platform brengt per beleidsveld in beeld wat de te verwachten autonome ontwikkelingen is en welke aanvullende transitiepaden kunnen bijdragen aan een verdere reductie. Het platform wordt nu geladen met de Eindhovense gegevens uit de verschillende sectoren. Aan het einde van het jaar zijn met ClimateOS de ontwikkelingen van de CO₂-reductie in Eindhoven inzichtelijk. Tot die tijd is deze alleen inzichtelijk voor de sectoren waarvan alle gegevens al zijn ingevoerd, te beginnen bij energie, gebouwde omgeving en mobiliteit. In 2025 wordt inzichtelijk binnen welke taakvelden de meeste klimaatwinst te halen is en welke beleidsmaatregelen daarop genomen kunnen worden om in totaliteit aan de doelstelling van de Klimaatverordening 2016 te voldoen. Periodiek kunnen o.b.v. de gegevens uit ClimateOS de uitstootplafonds worden geactualiseerd. Naast uitstoot­ plafonds o.b.v. de doelstellingen uit de Klimaatverordening, waren in de Begroting 2024 ook uitstoot­ plafonds benoemd voor de ambitie om al in 2030 zo veel mogelijk klimaatneutraal te zijn. Deze ambitie volgde uit de kandidatuur van Eindhoven, samen met Helmond, voor het Europese ­Horizon-traject ‘Honderd Klimaatneutrale, Slimme Steden’.

Nu is besloten een pas op de plaats te maken en voorlopig geen investeringsplan in te dienen in Brussel, worden de uitstootplafonds behorende bij deze ambitie uit de Begroting 2025 geschrapt. We blijven echter met de stad en Helmond werken aan de Missie klimaatneutrale stad omdat een versnelling noodzakelijk is en we de energie in de stad willen vasthouden. Het doel van Eindhoven is echter die van de klimaatverordening en dus richting klimaatneutraal in 2050.

c.

Risico’s

Landelijk wordt de positie van de gemeenten financieel steeds moeilijker, onder andere door de korting van 3 miljard op het gemeentefonds vanaf 2026 gekoppeld aan oplopende lasten door diverse redenen. De VNG heeft alle gemeenten gevraagd om een paragraaf in de kadernota op te nemen over eventuele

9|

Kadernota 2025 - gemeente Eindhoven

noodzakelijke bezuinigingen of andere consequenties. Voor Eindhoven worden momenteel vooralsnog geen ombuigingen voorzien. Tegelijkertijd zien wij wel diverse risico’s en uitdagingen. De groei van de stad en maatschappelijke problematiek brengen noodzakelijke investeringen met zich mee. Als de door het rijk uitgestelde opschalingskorting toch doorgang vindt of een nieuw kabinet besluit tot bezuinigingen die ook het gemeentefonds raken wordt noodzakelijke volumegroei voor de kosten van zorg op het gebied van jeugd en Wmo erg lastig en (sparen voor) het doen van investeringen nagenoeg onmogelijk. Onze financiële positie laat momenteel nog wel inzet van middelen toe en ons weerstandsvermogen is op orde. Wij zetten dat optimaal in, maar dat heeft wel consequenties omdat een oplopend deel van de jaarlijkse lasten daarmee serieel incidenteel gefinancierd worden (waaronder ook een groeiend deel van het personeel) en dat zal nieuwe afwegingen vragen indien daar geen mogelijkheden voor structurele borging voor komen. Onze eigen lobby in combinatie met de landelijke lobby blijft daarmee van belang in het streven naar een blijvend gezonde financiële positie van onze gemeente.

d.

Groei van de stad / mechanisme

De groei van de stad heeft consequenties voor onze gemeentelijke taken en budgetten. We willen dan ook in 2024 een vorm van objectieve methodiek uitwerken hoe we financieel omgaan met effecten aan de inkomstenkant (bijvoorbeeld gemeentefonds, OZB areaal, parkeren) en aan de kostenkant (volumegroei budgetten zoals bijvoorbeeld WMO, jeugd, onderwijshuisvesting, maar ook de organisatie). De inzet is te komen tot afspraken die we dan jaarlijks op basis van actuele data over groei kunnen toepassen.

e.

Indexering

In de begroting 2024 hebben we het systeem van indexatie aangepast. In die aangepaste systematiek sluiten we aan bij de groei van het gemeentefonds (60% loonvoet, 20% IMOC, 20% IBOI). Deze systematiek passen we ook toe voor 2025. Na ontvangst van de meicirculaire 2024 zien we of de reguliere indexering voor prijzen, lonen en volumegroei budgettair neutraal uitpakt. Voor de stelpost kapitaallasten strategische investeringen en de lopende strategische investeringskredieten hanteren we dezelfde systematiek als bij vervangingsinvesteringen (aanname: dekking uit meicirculaire 2024). Dit is bij de Brainport-deal bijvoorbeeld een randvoorwaarde voor indexering van de bijdragen van onze partners. Recapitulatie indexering 2025 Goederen en diensten Subsidies en overdrachten WIJeindhoven Personeel Kapitaallasten (kredieten / investeringen)

f.

Toelichting CPB-prijsindex: 60% loonvoet, 20% imoc, 20% iboi CPB-prijsindex: 60% loonvoet, 20% imoc, 20% iboi CPB-prijsindex: 60% loonvoet, 20% imoc, 20% iboi Verwachte CAO gemeente Systematiek vervangingsinvesteringen, o.b.v. CPB-prijsindex

Spelregels (o.a. bestaande reserves)

In deze kadernota worden er ook intensiveringen gedekt uit de bestaande begroting. Hiervoor volgen we begrotingsspelregels: wanneer er een onttrekking uit een reserve plaatsvindt, dan wordt hiervoor een separaat dossier aan de raad (bijv. > 1 miljoen) of college voorgelegd. Voor de reserve strategische investeringen willen we een minimum hoogte van 5 miljoen hanteren om daarmee voldoende ruimte te borgen om voorbereidingskosten te kunnen dekken.

10 |

Kadernota 2025 - gemeente Eindhoven

Bijlage: beschikbare middelen Zoals in hoofdstuk 2 is toegelicht bedragen de beschikbare middelen in deze kadernota, exclusief bestaande begroting, 59 miljoen incidenteel en 10,3 miljoen structureel. Te investeren middelen

Incidenteel

Structureel

Kadernota 2025

59

10,3

Bestaande begroting

8

1,5

Totaal

67

11,8

Na vaststelling van de Begroting 2024 (in november 2023) zijn de volgende ontwikkelingen verwerkt in het saldo van de beschikbare middelen (in onderstaande tabel staat de financiële vertaling). Ontwikkelingen ▪ Door onder meer het positieve rekeningresultaat kunnen we anticiperen op onzekerheden en incidenteel een aantal grote knelpunten en prioriteiten aanpakken. Richting begroting 2025 houden we - vanuit het rekeningresultaat - een incidentele buffer achter de hand van 4,3 miljoen. ▪ Door het schrappen van de behoedzaamheidsmarge in de raming van het gemeentefonds, het terugdraaien van de stelpost kapitaallasten 2027, het trapsgewijs verhogen van de toeristenbelasting (in afstemming met de hoteliers) en het financieel optimaliseren van de reserve onderzoek en ontwikkeling (O&O) is er ook structurele ruimte voor grote opgaves. ▪ Tegelijkertijd zijn er tegenvallers in de vorm van aanpassing van de verdeelmaatstaf lage inkomens, de CAO 2024 en de prijsstijgingen 2024. ▪ Als gevolg van het ravijnjaar 2026 is er in 2025 nog éénmalig een fors incidenteel bedrag in te zetten. Financiële vertaling

11 |

Kadernota 2025 - gemeente Eindhoven

12 |

Kadernota 2025 - gemeente Eindhoven

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14028268/1