CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestreden Raadsbesluit 8-3-2022 (def)

Raadsvergadering 24 januari 2023, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Beslissing op bezwaar gericht tegen het raadsbesluit waarin het verzoek om opheffing van de geheimhouding van stukken betreffende de “Uitkoopregeling woonboten bedrijventerrein De Hurk” is afgewezen & beslissing op de ingebrekestelling vanwege het niet (tijdig) beslissen op het bezwaar1.671 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

gemeente Eindhoven Inboeknummer 22bst00108 Dossiernummer 22.04.452 B&W beslisdatum 25 januari 2022

Raadsvoorstel Verzoek om opheffing geheimhouding stukken met betrekking tot Uitkoopregeling 2022 woonboten bedrijventerrein De Hurk Aanleiding Bij het raadsvoorstel ‘Uitkoopregeling 2022 woonboten bedrijventerrein De Hurk’ dat voor de raadsvergadering van 30 november 2021 stond geagendeerd, behoren een aantal stukken die zich gelet op de inhoud daarvan niet lenen voor openbaarmaking. Met het door het college genomen geheimhoudingsbesluit van 26 november 2021 is op grond van artikel 25, tweede lid, van de Gemeentewet besloten om geheimhouding aan de raad op te leggen ten aanzien van die stukken. Uw raad heeft deze opgelegde geheimhouding met het raadsbesluit van 30 november 2021 bekrachtigd, conform artikel 25, derde lid, van de Gemeentewet. Zie hiervoor het dossier met dossiernummer 6446034. Door deze bekrachtiging ligt de bevoegdheid om over deze geheimhouding te beslissen, in de zin van wel of niet (gedeeltelijk) opheffen, bij uw raad. Op 29 november 2021 is er door een woonbootbewoner, die met de bovengenoemde uitkoopregeling te maken heeft, een verzoek om informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) ingediend. Dat verzoek ziet exact op de stukken waarop geheimhouding rust.

Een dergelijk Wob-verzoek moet volgens vaste rechtspraak van de hoogste algemene bestuursrechter – de Afdeling bestuursrechtspraak van de raad van State – tevens worden aangemerkt als een verzoek om opheffing van de geheimhouding. Totdat er een besluit op dat verzoek is genomen, wordt de beslistermijn voor wat betreft het Wob-verzoek opgeschort. ◼ Wettelijke taak  Kerntaak gekoppeld aan het werkprogramma van het college ◼ Onvermijdelijk Doelstelling Het nemen van een besluit op het verzoek om opheffing van de geheimhouding. Voorstel 1. Het verzoek om opheffing van de geheimhouding met betrekking tot de stukken behorende bij het raadsvoorstel ‘Uitkoopregeling 2022 woonboten bedrijventerrein De Hurk’ af te wijzen.

Inboeknummer 22bst00108

Argumenten 1. Het nemen van een besluit op het verzoek om opheffing door de raad is geboden Een Wob-verzoek dat ziet op documenten ten aanzien waarvan geheimhouding is opgelegd, dient te worden opgevat als verzoek om opheffing van die geheimhouding. Aangezien de raad, na het bekrachtigingsbesluit (d.d. 30 november 2021), bevoegd is om over de geheimhouding te beslissen, is het aan de raad in een besluit op het verzoek om opheffing te nemen. Een besluit tot (gedeeltelijke opheffing) van de geheimhouding kan de raad slechts nemen in een vergadering die volgens de presentielijst door meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden is bezocht. Dit volgt uit artikel 25, vierde lid, van de Gemeentewet. 2.1 Geheimhouding is op dit moment nog noodzakelijk De belangen uit artikel 10 van de Wob die destijds ten grondslag zijn gelegd aan het besluit tot geheimhouding, zijn op dit moment nog altijd aan de orde. Zo lopen de onderhandelingen met de woonbootbewoners nog. Opheffing van de geheimhouding zou deze onderhandeling kunnen vertragen of anderszins frustreren en zou daarnaast de onderhandelingspositie van de gemeente nadelig kunnen beïnvloeden. Met dit laatste wordt gedoeld op de hiervoor genoemde onderhandelingen, maar ook op toekomstige onderhandelingen.

Bescherming van de financiële en economische belangen van de gemeente en het voorkomen van onevenredige benadeling van de gemeente Eindhoven, door de geheimhouding voorlopig voort te laten duren, is dus nog steeds nodig. Hetzelfde geldt voor de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van de personen, ten aanzien van hun persoonsgegevens voor zover die in de stukken zijn opgenomen. Kortom, de motivering die in het raadsbesluit tot bekrachtiging van geheimhouding van 30 november 2021 is opgenomen, geldt voor de betreffende geheime stukken dus nog onverkort. 2.2 De intermediair geeft aan dat blijvende geheimhouding voor rust kan zorgen Vanuit zijn rol bij de onderhandelingen heeft de betrokken onafhankelijke intermediair aangegeven dat het vooralsnog handhaven van de geheimhouding de onderhandelingen in rustig(er) vaarwater houdt en/of brengt. Dit sterkt de noodzakelijkheid van de geheimhouding zoals onder 2.1 is weergegeven. 2.3 Met de woonbootbewoners zal desgewenst en zo mogelijk meer informatie worden gedeeld Om de door de woonbootbewoners gestelde informatieachterstand ‘in te halen’ en ten behoeve van het onderlinge vertrouwen wordt er aan de onderhandelingstafel

2

Inboeknummer 22bst00108

desgewenst meer informatie met de woonbootbewoners gedeeld. Dit niet door het één op één verstrekken van geheime stukken, maar door de achtergrond van de door de raad vastgestelde uitgangspunten nader toe te lichten. In dat kader zal ten aanzien van alle betrokkenen (wederom) een beroep worden gedaan op het vertrouwelijke karakter van de onderhandelingen en uitdrukkelijk gevraagd worden om de besproken informatie binnenskamers te houden. 2.4 Op termijn kan de geheimhouding (gedeeltelijk) worden opgeheven Zoals door wethouder Torunoglu, namens het college, tijdens de besloten raadsvergadering van 29 november 2021 is aangegeven, kan de geheimhouding – in ieder geval gedeeltelijk – worden opgeheven, zodra de onderhandelingen zijn afgerond. Gestreefd wordt om de onderhandelingen dit kwartaal af te ronden. Dit betekent dat (gedeeltelijke) opheffing van geheimhouding kort daarna zou kunnen plaatsvinden. Kanttekeningen 1. Een deel van de informatie waar de geheimhouding op rust is zonder toestemming openbaar gemaakt De door de raad gekozen uitgangspunten zijn ten behoeve van de onderhandelingen gedeeld aan de onderhandelingstafel. Zonder toestemming zijn deze uitgangspunten op social media geplaatst en aan de pers verstrekt.

De onderbouwing van deze uitgangspunten en de financiële consequenties van de uitkoopregeling zijn vooralsnog niet aan de onderhandelingstafel gedeeld en evenmin openbaar gemaakt. Gelet op dit laatste en op het feit dat de uitgangspunten zonder toestemming op internet zijn geplaatst en aan derden zijn verstrekt, dient geheimhouding nog altijd de hierboven genoemde belangen. 2. Tegen het raadsbesluit staat voor een belanghebbende bezwaar open Mocht er bezwaar worden gemaakt tegen het raadsbesluit dan blijft het besluit zijn werking behouden. Een belanghebbende die de werking van het besluit wil laten schorsen, kan bij een spoedeisend belang om een voorlopige voorziening verzoeken bij de voorzieningenrechter van de rechtbank Oost-Brabant. Kosten Niet van toepassing. Communicatie Dit besluit wordt openbaar gemaakt en op de voorgeschreven bekendgemaakt aan de persoon die het Wob-verzoek / het verzoek om opheffing heeft ingediend. Planning en uitvoering Dit besluit dient te worden genomen in de raadsvergadering van 25 januari 2022. Evaluatie Niet van toepassing.

3

Inboeknummer 22bst00108

Bijlagen Als bijlagen bij dit voorstel behoren: - Verzoek om informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur / Verzoek om opheffing geheimhouding (d.d. 29 november 2021); - Raadsbesluit tot bekrachtiging geheimhouding stukken met betrekking tot Uitkoopregeling woonboten bedrijventerrein De Hurk 2022 (d.d. 30 november 2021, herzien). Een ontwerpraadsbesluit bieden wij u hierbij ter vaststelling aan. Eindhoven, 21 januari 2022, burgemeester en wethouders van Eindhoven,

A. Zwierstra, gemeentesecretaris.

4

Inboeknummer 22bst00108

Raadsbesluit De raad van de gemeente Eindhoven, gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 25 januari 2022, gelet op de behandeling in de meningsvormende vergadering van 22 februari 2022; gelet op artikel 25 van de Gemeentewet, overweegt: Op grond van de artikel 25, vierde lid, van de Gemeentewet is de raad bevoegd te beslissen over een door hem bekrachtigde geheimhouding. Bij het raadsbesluit van 30 november 2021 (inboeknummer: 21bst01902) heeft de raad de door het college aan de raad opgelegde algehele geheimhouding bekrachtigd ten aanzien van de volgende stukken behorend bij het raadsvoorstel ‘Uitkoopregeling 2022 woonboten bedrijventerrein De Hurk’: a. B&W-omslag Uitkoopregeling 2022 woonboten bedrijventerrein De Hurk d.d. 26 november 2021; b. Raadsvoorstel en ontwerpraadsbesluit Uitkoopregeling 2022 woonboten bedrijventerrein De Hurk d.d. 26 november 2021, alsmede het herziene ontwerpraadsbesluit van 30 november 2021, inclusief nadere toelichting; c. Commissienotitie Uitkoopregeling woonboten De Hurk d.d. 11 oktober 2021; d. Analyse scenario’s woonboten d.d. 15 juni 2021; e. PowerPointpresentatie Uitkoopregeling woonboten De Hurk d.d. 11 oktober 2021; f. Commissieadvies Uitkoopregeling woonboten De Hurk d.d. 17 november 2021.

Op 29 november 2021 is er een verzoek om informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) ingediend, dat exact ziet op de stukken genoemd onder a tot en met f. Een dergelijk verzoek dient volgens vaste rechtspraak van de hoogste algemene bestuursrechter – de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State – mede te worden opgevat als een verzoek om opheffing van de betreffende geheimhouding. Er wordt geen aanleiding gezien om de betreffende geheimhouding thans (gedeeltelijk) op te heffen. De belangen uit artikel 10 van de Wob die in het raadsbesluit van 30 november 2021 ten grondslag zijn gelegd aan het besluit tot bekrachtiging van de geheimhouding zijn op dit moment nog altijd aan de orde.

5

Inboeknummer 22bst00108

Zo lopen de onderhandelingen met de woonbootbewoners nog. Opheffing van de geheimhouding zou deze onderhandeling kunnen vertragen of anderszins frustreren en zou daarnaast de onderhandelingspositie van de gemeente nadelig kunnen beïnvloeden. Met dit laatste wordt gedoeld op de hiervoor genoemde onderhandelingen, maar ook op toekomstige onderhandelingen. Bescherming van de financiële en economische belangen van de gemeente en het voorkomen van onevenredige benadeling van de gemeente Eindhoven, door de geheimhouding voort te laten duren, is dus nog steeds nodig. Hetzelfde geldt voor de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van de personen, ten aanzien van hun persoonsgegevens voor zover die in de stukken zijn opgenomen. De motivering die in het raadsbesluit 30 november 2021 is opgenomen, geldt voor de betreffende geheime stukken dus nog onverkort.

besluit: Het verzoek om opheffing van de geheimhouding wordt afgewezen. deelt mee: Dit betekent dat de geheimhoudingsplicht die voortvloeit uit het raadsbesluit van 30 november 2021 blijft gelden. Tegen dit besluit kan een belanghebbende bezwaar maken binnen zes weken na de dag waarop dit besluit bekend is gemaakt. Hiervoor dient binnen deze termijn een bezwaarschrift te worden ingediend via de website van de gemeente Eindhoven of per post: Gemeente Eindhoven, Sector Veiligheid, Juridische Zaken en Bestuur t.a.v. Bezwaar, Beroep en Klachten, Postbus 90150, 5600 RB Eindhoven. Het besluit blijft gelden tijdens de bezwaarprocedure. Een belanghebbende die de werking van het besluit wil laten schorsen, kan bij een spoedeisend belang om een voorlopige voorziening verzoeken bij de voorzieningenrechter van de rechtbank Oost-Brabant, sector Bestuursrecht, Postbus 90125, 5200 MA ’s-Hertogenbosch. Hiervoor is aan de rechtbank een bedrag aan griffierecht verschuldigd. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 8 maart 2022.

W. van der Meer, waarnemend griffier.

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12341386/1