CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Behandeladvies Raadsvoorstel Zienswijze bovenregionale samenwerkingen

Raadsvergadering 4 november 2025, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Zienswijze bovenregionale samenwerkingen Metropoolregio Eindhoven (MRE)811 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Behandeladvies Raadsvoorstel Zienswijze bovenregionale samenwerkingen Metropoolregio Eindhoven (MRE) Ten behoeve van de agendacommissie Deadline besluit

31 oktober 2025

Motivatie deadline

MRE wil uiterlijk 31 oktober zienswijzen ontvangen. Besluitvorming op 4 november is afgestemd en is voor MRE werkbaar. Bespreekstuk, 1,5 uur

Behandeladvies griffie

Achtergrond Bovenregionale samenwerking De Metropoolregio Eindhoven (MRE) zoekt bovenregionale samenwerking om de omvangrijke uitdagingen op het gebied van wonen, werklocaties en bereikbaarheid niet alleen binnen de 21 MREgemeenten, maar ook daarbuiten effectief aan te pakken. De MRE zoekt deze samenwerking met de gemeenten Meijerijstad, Weert en Venlo. Het idee is dat deze gemeenten en de MRE elkaar kunnen aanvullen. Regeling zonder meer Om de samenwerking met de drie gemeenten vorm te geven wil de MRE overeenkomsten met hen aangaan. In deze overeenkomsten staat beschreven op welke gebieden de gemeenten en de MRE gaan samenwerken en wat deze samenwerking inhoudt. Dit heet in het bestuursrecht een ‘regeling zonder meer’. De ‘regeling zonder meer’ is de lichtste vorm van samenwerking tussen gemeenten, waarbij geen bevoegdheden worden overgedragen en geen aparte rechtsvorm ontstaat. Een voorbeeld van een zwaardere vorm van samenwerking met een rechtspersoon is de MRE zelf, waarbij de MRE bevoegdheden krijgt en zelf overeenkomsten kan aangaan. De MRE en de gemeenten maken deze afspraken om de economie in de regio en de gemeenten sterk te houden, door het mogelijk te maken voor bedrijven om zich in of dichtbij de Brainportregio te vestigen en voor mensen om daar een woning te vinden. Proces Het aangaan van deze samenwerking heeft impact op het werk van de MRE en de regio.

Op advies van de Raadstafel 21 legt het Algemeen Bestuur van de MRE deze samenwerking daarom voor aan de raden van de 21 gemeenten en vraagt hen om zienswijzen. Het Algemeen Bestuur zal uiteindelijk besluiten over het aangaan van de samenwerkingen en houdt daarin rekening met de zienswijzen van de raden.

Voorstel De zienswijze op a. de gemeenschappelijke regelingen “zonder meer” tussen MRE en de gemeenten Meierijstad, Venlo en Weert; en b. de concept Samenwerkingsagenda’s tussen MRE en de gemeenten Meierijstad, Venlo en Weert conform bijgevoegde zienswijzebrief, in te dienen bij het Dagelijks Bestuur van de MRE

In de bijgevoegde zienswijze brief zoals voorgesteld door het college worden geen inhoudelijke zienswijzen overgebracht. Indien de raad wel zienswijzen wil meegeven kan de brief met een amendement worden gewijzigd.

Aandachtspunten en beleidskeuzes Gevolgen van werken met een regeling zonder meer De ‘regeling zonder meer’ biedt een zo licht mogelijke vorm van samenwerking. Deze manier van samenwerking is snel te realiseren. De gemeenten richten geen externe organisatie op en hoeven geen bevoegdheden over te dragen. Dat laatste zou een langer besluitvormingsproces van de gemeentebesturen vergen. Het voordeel van deze lichte vorm van samenwerking kan ook een nadeel zijn. Zolang de samenwerking beperkt blijft tot afstemming op basis van vrijblijvendheid werkt dit. Momenteel bestaat overeenstemming over wat de MRE en de gemeenten elkaar kunnen bieden. De vraag is hoe de MRE en de gemeenten gaan handelen wanneer hier geschillen over ontstaan. Afstemming zal uiteindelijk leiden tot besluitvorming binnen de gemeenten en de MRE. Wat gaan de MRE en de gemeenten doen als het resultaat van deze afstemming politiek niet haalbaar blijkt binnen een gemeente? De ‘regeling zonder meer’ biedt, in tegenstelling tot een gemeenschappelijke regeling als de MRE, geen invloed op de besluitvorming van een gemeente. Inhoud van samenwerkingsagenda’s In de bijlage is een schematisch overzicht van de inhoud van de drie samenwerkingsagenda’s. Deze zijn onder te verdelen in de thema’s economie, wonen, mobiliteit en voorzieningen. Dit zijn thema’s die al binnen het taakveld van de MRE vallen.

De gemeenten hebben allen hun eigen economisch profiel en willen deze ook behouden. Deze profielen komen niet één op één overeen met het profiel van Brainport. Hoe beïnvloed dit de samenwerking? De gemeenten willen voornamelijk werklocaties ontwikkelen. De fysieke nabijheid van de hightech bedrijven in Brainport wordt als een groot voordeel gezien. Hoe gaan de MRE en de gemeenten in dat licht zorgen dat deze locaties aantrekkelijk worden voor ‘Brainport bedrijven’ om zich te vestigen? Op het thema wonen wordt een opsomming gegeven van de woningbouwplannen die de gemeenten als hebben gemaakt. Is in deze woningbouwplannen al rekening gehouden met aanwas vanuit de Brainportregio? Bij alle gemeenten wordt vermeld dat zij hun plannen zullen afstemmen met het MRE. Betekent dit dat de woningbouwplannen van deze gemeenten mogelijk gaan wijzigen? Op het gebied van mobiliteit spreken de MRE en de gemeenten af samen te lobbyen voor aanpassingen in het wegennet en de openbaar vervoersverbindingen. Naar de bestaande en in de toekomst benodigde voorzieningen gaan Meijerijstad en Weert, net als de MRE, een onderzoek doen. Op basis van deze onderzoeken zal in de toekomst nog afstemming plaatsvinden. Hoe zal worden bepaald welke voorzieningen waar moeten landen? Bij Venlo ontbreekt deze afstemming, waarom is dit het geval?

Bijlagen 1. Schema inhoud bovenregionale samenwerkingen

2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15979353/1